Walpurgisnacht uit het ballet Faust van Charles Gounod
Walpurgisnacht uit het ballet Faust van Charles Gounod
Walpurgisnacht uit het ballet Faust van Charles GounodWalpurgisnacht uit het ballet Faust van Charles Gounod
Canetti's Massa en macht Aflevering 9: Totalitarisme en de anticipatie van alle kritiek|
Canetti's Massa en macht Aflevering 9: Totalitarisme en de anticipatie van alle kritiek Manufacturing Consent uit 1988 van Noam Chomsky en Edward Herman1 over hoe potentaten de massa bewerken met het oog op het bereiken van instemming met de gevoerde politiek, is uiteraard ook en vooral van toepassing bij een bespreking over de verhouding tussen macht en massa. In dat werk wordt met talrijke voorbeelden aangetoond hoe de beïnvloeding van het oordeel van de massa heel subtiel gebeurt, wat wil zeggen: niet door grofweg te gaan liegen maar door bijvoorbeeld publicaties die in de kaart van de potentaat spelen, te promoten en door kritiek op zijn politiek te verzwijgen. Promotie gebeurt onder meer middels eerbetoon in de vorm van toekenning van grote prijzen - een handelwijze die de machtigen der aarde hanteren sinds het begin ter tijden - wat eigenlijk alles verdacht maakt wat zich afspeelt in het licht van de schijnwerpers. Het verzwijgen van kritiek is dan het uit het licht van de schijnwerpers houden van alle mogelijke tegenstanders van het gevoerde beleid. Dat die tactiek mettertijd ook agressiever is geworden, leidt geen twijfel: aan medestanders worden Nobelprijzen toegekend maar er wordt ook steeds vaker actief naar tegenstanders gezocht die dan genadeloos worden afgemaakt en hier wordt dan niet langer vrede genomen met het verzwijgen van de waarheid maar gaat men zich daarentegen bezondigen aan het verspreiden van leugens. De leugenaar doet er alles aan om zijn ontmaskering als een maskerade - als een leugen - voor te stellen, wat vaak gebeurt door zijn eigen gekleurde oordelen voor te stellen als zijnde afkomstig van een objectieve rechter. In een kapitalistisch systeem deelt het geld de lakens uit en is het niet alleen ondenkbaar maar tevens onvermijdelijk dat de bemanning van grote prijzencommissies zoals het Nobelprijscommitee maar ook die van machtige organisaties zoals de WHO wordt aangeduid door het kapitaal dat op die manier zijn beleggingen beveiligt. Wanneer Elias Canetti, zelfverklaard atheïst maar desalniettemin met joodse roots, in Meute und Religion, het derde hoofdstuk van zijn Masse und Macht, op een bijzonder selectieve manier de religies gaat behandelen, gaat nu als vanzelf het door Chomsky en Herman gesmede belletje rinkelen en aan de aandachtige lezer zal de ijver niet ontgaan waarmee de auteur onderscheid maakt tussen zijn mede- en tegenstanders op het vlak van religie. Waarschijnlijk geheel ongewild blijkt ook Canetti een slachtoffer van de systemen die hij analyseert. (J.B., 28 mei 2026) 1Noam Chomsky en Edward S. Herman, Manufacturing Consent. De politieke economie van de massamedia, vertaling naar het Nederlands door Jan Reyniers, Epo, Berchem 2025. Oorspronkelijk: Manufacturing Consent. The Political Economy of the Mass Media, Pantheon Books, New York 1988. |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 8: Canetti en Poe|
Canetti's Massa en macht Aflevering 8: Canetti en Poe De kerk heeft het kwaad in het algemeen en in het bijzonder het hier aan de orde zijnde euvel dat inherent is aan de technologie uitmuntend beschreven, echter zoals ook heel wat andere instellingen dat deden en dat nog steeds doen, met het oog op het zich profileren als de ultieme remedie en zoals Coca-Cola zich opwerpt als de beste dorstlesser, zo werpt ook de kerk zich op als het beste medicament tegen het door haar beschreven kwaad. Maar zoals Coca-Cola slechts een (ondermaatse) Ersatz is voor zuiver water, zo ook houdt de kerkelijke leer zichzelf geheel onterecht voor de waarheid en zoals het succes van Coca-Cola blijkt uit de bloei van deze multinational, zo ook kan men het succes van de kerk aflezen uit de pracht en praal van de dictatuur die het Vaticaan is en waar zij haar heuse wereldse zetel heeft. De kerk was sinds haar begintijd een aan de wereldse machten verkocht christendom maar in 1929 vestigde zij haar zetel in het hart van Rome, symbool van de wereldse macht, en dit krachtens het Verdrag van Lateranen, gesloten tussen Pius XI en de fascistische dictator Benito Mussolini die aldus naar de sympathie dong van de paus, waarna het katholicisme de Italiaanse staatsgodsdienst werd met door de staat betaalde weddes in ruil voor de bisschoppelijke loyauteit aan de staat. Wel bijzonder hypocriet daarbij was de belofte van de kerk zich voortaan te zullen onthouden van politiek, ook in acht genomen het onuitgesproken pact van de paus met de zogenaamde 'zwarte adel'. Onder het verstommende illusionisme van de kerk bezweek kennelijk ook Elias Canetti, daar hij haar in zijn Masse und Macht beschreef als een vijand van de massa, zoals blijkt uit zijn paragraaf 3.9, getiteld: “Katholizismus und Masse”, waar hij bijvoorbeeld schrijft: “Das Mißtrauen gegen die Masse hat den Katholizismus seit langem nicht mehr verlassen, das alles hat die Kirche schon früh dazu bestimmt, in der offenen Masse ihren Hauptfeind zu sehen und sich auf jede mögliche Weise gegen sie zu stellen. (…) Alle ihre Glaubensinhalte, wie auch alle praktischen Formen ihrer Organisation, sind von dieser unerschütterlichen Erkenntnis gefärbt. Es hat bis jetzt keinen Staat auf der Erde gegeben, der sich auf so mannigfaltige Weise gegen die Masse zu wehren verstand. An der Kirche gemessen, erscheinen alle Machthaber wie traurige Stümper.” Verbijsterend inderdaad, evenals The Purloined Letter van Edgar Allan Poe: om te verhinderen dat een geheim ontdekt wordt, moet het worden uitgestald in het zicht van iedereen, waar immers niemand het zal zoeken. (Wordt vervolgd) (J.B., 27 mei 2026) |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 7: Massa en macht, Coca-Cola en de kerk|
Canetti's Massa en macht Aflevering 7: Massa en macht, Coca-Cola en de kerk Technologie is meer dan een louter hulpmiddel, aldus de encycliek, verwijzend naar werk van de voorgaande paus: “Wanneer het de standaard wordt waarmee alles wordt beoordeeld, begint het te dicteren (...), waardoor de schepping wordt teruggebracht tot een object van uitbuiting en menselijke wezens tot louter radertjes in een systeem dat naar steeds grotere efficiëntie wordt gedreven.” En, verwijzend naar Guardini's Das Ende der Neuzeit uit 1951: “De hedendaagse mens is niet getraind om de macht goed te gebruiken.” Paulus VI schreef zelfs dat “de meest buitengewone wetenschappelijke vooruitgang (…) tenzij vergezeld van authentieke morele en sociale vooruitgang, op de lange termijn tegen de mens zal ingaan.” En de voorgaande paus had het over “(…): 'meer hebben' zonder 'meer te zijn'. In een dergelijk scenario bestaat het risico dat personen voornamelijk worden geëvalueerd op basis van de resultaten die ze produceren.” Komt daarbij dat die technologie in handen is van enkele machtige entiteiten die nieuwe afhankelijkheden scheppen, uitsluitingen, manipulaties en ongelijkheden. Men moet ervoor zorgen dat intelligentie altijd menselijk blijft, gewetensvol en vrij. “Met name bij persoonlijk gebruik verdienen drie aspecten een zorgvuldige afweging: het gemak waarmee resultaten worden verkregen, de indruk van objectiviteit en de simulatie van menselijke communicatie. (...) waardoor de illusie ontstaat van een relatie met een echt persoonlijk onderwerp.” En op die illusie mochten we eerder wijzen in “Een gesprek met Lucifer”. Maar er is meer: “(...) Hier is het gevaar niet zozeer dat een persoon kan geloven dat hij met een andere persoon communiceert, maar eerder dat ze geleidelijk de wens kunnen verliezen om echte menselijke verbindingen te vormen. (…) wanneer AI-systemen zich presenteren als neutraal en objectief, weerspiegelen en versterken ze uiteindelijk de stereotypen of ideologische vooringenomenheid van hun ontwerpers en ontwikkelaars.” “Als echter de macht groeit terwijl het hart verdort en de menselijke banden zich rafelen, dan worden we geconfronteerd met een nieuwe vorm van Babel - een constructie die grandioos is, maar toch fundamenteel ontmenselijkt. (…) De heilige Augustinus (De civitate Dei, XIV, 28) beschreef de menselijke geschiedenis als een strijd tussen twee liefdes, die aanleiding geven tot twee manieren om de wereld te bewonen en samen te leven - of twee „steden”, als het ware: enerzijds de liefde van God en de naaste; anderzijds de exclusieve liefde van het zelf. “Twee liefdes hebben twee steden gebouwd: de aardse stad, de liefde van het zelf zelfs tot minachting van God; de hemelse stad, de liefde van God zelfs tot minachting van het zelf. (...) Zoals door de geschiedenis heen, blijven deze twee liefdes vandaag strijden om dominantie in ons hart. Het tijdperk van AI is geen uitzondering: de bouw van Babel of de herbouw van Jeruzalem begint in ieder van ons.” En hier komt de aap uit de mouw: tegenover het onheil wordt nu de remedie gepresenteerd: geconfronteerd met het euvel van de dorst, schreeuwt Coca-Cola het wereldwijd uit dat het de kampioen in de verfrissing is en op dezelfde manier presenteert zich in de context van het onderhavige kwaad, het Joods-christelijke geloof als de enig ware remedie: tegenover de toren van Babel stelt zich als oplossing voor de spraakverwarring de stad Jeruzalem. Edoch, zoals alleen puur water ons het beste verfrist en niet het dure, gekleurde suikerwater dat de tanden doet rotten, zo ook is niet de genoemde religie zaligmakend maar wel de waarheid zonder meer en met overschot aan waarheid heeft de mensheid kunnen getuigen hoe de vijandschap tussen de waarheid en de kerk in de hele geschiedenis haar gelijke niet kent. Met haar immense macht heeft het instituut van de kerk al tweeduizend jaar aan een stuk de massa van de wijs gebracht. En hoe! (Wordt vervolgd) (J.B., 26 mei 2026) |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 6: Religieus opportunisme en populisme
Canetti's Massa en macht - Aflevering 5: De hegemonie van Lucifer|
Canetti's Massa en macht Aflevering 5: De hegemonie van Lucifer Artificiële Intelligentie of A.I. presenteert zich als een brein dat denkt in onze plaats. We konden al opmerken dat bij A.I. van denken helemaal geen sprake kan zijn omdat daar het subject ontbreekt maar de voorstanders ervan maken zich sterk dat het brein van de A.I. niet zonder subject is doch opgebouwd uit principieel álle subjecten. Edoch, bij het poneren van die stelling worden (onder de invloed van een zich opdringend fysicalistisch mensbeeld dat niet langer in vraag wordt gesteld) vooreerst het brein en het subject onderling verwisseld en tevens wordt over het hoofd gezien dat de verzameling van (principieel) alle subjecten zelf geen subject kan zijn omdat het een massa is die danst naar de pijpen van een leider... die op zijn beurt danst naar de pijpen van de massa - of die de massa naar de mond praat - want hij is noodzakelijkerwijze een populist - anders werd hij immers niet verkozen. De reden waarom hij verkozen wordt, bestaat in het feit dat hij de verborgen wensen van de massa die het licht niet mogen zien omdat ze beestachtig zijn, alsnog uitspreekt en ze zelfs tot wet maakt: door dat te doen, wordt het beestachtige gedrag gelegitimeerd: men zal zich er niet langer over schamen daar de meerderheid het wil en omdat elke tegenstand ongedaan gemaakt werd en men zal het ook niet vrezen omdat de wet het niet langer verbiedt. A.I. is een werktuig dat tot op zekere hoogte bepaalde taken van ons kan overnemen, zoals gedeelten van het feitengeheugen, rekentaken en taalkundige taken in zoverre die te maken hebben met de calculeerbare facetten van de taal terwijl altijd zal blijven gelden: “Die stillschweigende Abmachungen zum Verständnis der Umgangssprache sind enorm kompliziert.”1 Het is zelfs zo dat door het veelvuldige gebruik van A.I. zeer ernstige taalverarming optreedt omdat de finesses van de taal in onbruik raken en dreigen te verdwijnen daar zij nooit afdoende door A.I. zullen kunnen overgenomen worden en dat is nu reeds het geval op heel wat andere terreinen: het schoonschrift verdwijnt door de afstomping van het fijne spierwerk van de handen dat vereist wordt bij het schrijven; de stem geraakt in onbruik en ook de talloze vaardigheden die gepaard gaan met de natuurlijke, fysieke communicatievormen. Massificatie is derhalve aan de orde inzake A.I. en dat heeft uiteraard te maken met de gelijkmaking van alle individuen, wat de depersonalisering van de mens betekent. Canetti beschrijft het absoluut karakter van de onderlinge gelijkheid van alle leden van een massa die niet in vraag gesteld kan worden: in een massa worden individuele verschillen over het hoofd gezien omdat zij van geen belang zijn en het is omwille van die gelijkheid dat men tot massa wordt.2 Als niets anders draagt artificiële intelligentie ertoe bij dat wij, mensen, tot een massa gedegradeerd worden en in de hoedanigheid van massa opereren, wat betekent: louter instrumenteel of dus zonder een eigen wil. En waar de wilsvrijheid niet langer gerespecteerd wordt, kan uiteraard ook niet langer sprake zijn van menselijkheid. Reeds de bureaucratie die de mens ondergeschikt maakte aan de tot een beheersbare fiche herleide burger, hield dat gevaar in. De grondslag van die malaise is dezelfde als deze van de gedigitaliseerde wereld: de uit de vervolging van de sans-papiers sprekende opvatting dat men eerst burger moet zijn om mens te kunnen zijn. Op haar beurt berust die opvatting uiteraard bij het standpunt dat de mens niet door god geschapen is doch een product van een natuurlijke evolutie, een voortbrengsel van het dier. Derhalve resulteert de menselijke grootheidswaan in het tegendeel van wat zij nastreeft: niet vergoddelijking wordt ons deel doch ontmenselijking, waaronder verstaan moet worden dat die geen verdierlijking zal inhouden doch verdinglijking. De onthoofde mens als biologisch instrument in handen van een anonieme macht die sinds oudsher de naam draagt van Lucifer. Andermaal: A.I. is een poel des verderfs.3 (Wordt vervolgd) (J.B., Pinksterenmaandag, 25 mei 2026) 1Ludwig Wittgenstein, Tractatus logico-philosophicus, par. 4,002, laatste zin. Cf.: https://www.blutner.de/philos/Texte/witt.html 2“Innerhalb der Masse herrscht Gleichheit. Sie ist absolut und indiskutabel und wird von der Masse selbst nie in Frage gestellt. Sie ist von so fundamentaler Wichtigkeit, daß man den Zustand der Masse geradezu als einen Zustand absoluter Gleichheit definieren könnte. Ein Kopf ist ein Kopf, ein Arm ist ein Arm, auf Unterschiede zwischen ihnen kommt es nicht an. Um dieser Gleichheit willen wird man zur Masse. Was immer davon ablenken könnte, wird übersehen. Alle Forderungen nach Gerechtigkeit, alle Gleichheitstheorien beziehen ihre Energie letzten Endes aus diesem Gleichheitserlebnis, das jeder auf seine Weise von der Masse her kennt.” (Elias Canetti, o.c., par. 1.10, de tweede eigenschap van de massa). 3 Cf. de tekst, getiteld: Verderf, d.d. 14 mei 2026: https://www.bloggen.be/tisallemaiet/archief.php?ID=3365394 |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 4: massa, waanzin, religie en 'wetenschap'|
Canetti's Massa en macht Aflevering 4: massa, waanzin, religie en 'wetenschap' Canetti onderscheidt (soms, zoals in de Franse Revolutie, in elkaar overgaande) open massa's (die plots ontstaan en aanzwellen, zoals een straatprotest) en gesloten massa's (zoals een religie) die op samenkomsten een eendracht belijden ('ontladingen', 'Entladungen') die er in feite niet is. Staan we een ogenblik stil bij dit laatste, dat ons 1984 voor de geest brengt waarin George Orwell stelt dat men macht heeft over mensen van zodra men hen leugens kan doen belijden. De katholieke religie is een typevoorbeeld: zij wordt beleden onder doodsdreigingen en als die ontkracht worden en wijken, verliest zij in een mum van tijd haar aanhangers. Zij wordt (althans in het Westen) afgelost door de medische ('wetenschappelijke') ideologie die eveneens bang maakt voor het levenseinde en aldus de massa (quasi wereldwijd) in het gareel krijgt.1 Een massa (die voortkomt uit een 'meute') wil aanzwellen en zet alle neuzen in eenzelfde richting. Er is de agressieve jachtmassa, zoals bij stammentwisten, de vluchtelingenmassa, de massa die zich tegen iets verzet, zoals bij stakingen, de massa die de rollen omkeert (slaven worden meesters en andersom) en de feestmassa. Massa's vormen zich rond massasymbolen (de zeevarende Engelsman, de revolutionaire Fransman, de wandelende (vluchtende) Jood en Hitler verenigde de Duitsers rond de rancune ingevolge de nederlaag in W.O.I. Macht heeft ook te maken met overleving, met voedsel en dus met doden: eten is (de kracht van) de (gedode) buit tot zich nemen. Macht manifesteert zich in de opvolging van bevelen die in wezen doodsbedreigingen zijn die (als zij worden opgevolgd) ook worden doorgegeven in de pikorde. Paranoia en irrationele massaslogans verlammen het verstand en verklaren hoe wetenschappelijke onzin (zoals de rassentheorie) opgang kan maken. Het fenomeen 'massa' (dat, naar het Griekse μάζα (máza), 'deeg' betekent) werd besproken door o.m. Gustave Le Bon (als irrationaliteit), Sigmund Freud (over massamanipulatie) en Ortega y Gasset (in zijn 'Opstand der horden' uit 1930).2 (Wordt vervolgd) (J.B., 19 mei 2026) 1Zie in dit verband de kritiek van Ivan Illich, Grenzen aan de geneeskunde. Het medisch bedrijf - een bedreiging voor de gezondheid? Het Wereldvenster, Baarn 1978. (Oorspronkelijke titel en uitgave: Medical Nemesis - The Expropriation of Health, Marion Boyars, Londen 1975), pp. 191-225. Zie ook; Jan Bauwens, Panopticum Corona, par. 30: Ivan Illich over Intensive Care: invaliderende afhankelijkheid is de moderne armoede, pp. 467v. Daar (p. 467) mochten wij Illich citeren (die stelt dat de rituelen van de wetenschap even vruchteloos zijn als die van de religie) met o.m. deze verduidelijking: "Het beeld van een natuurlijke dood, een dood die komt onder medische zorg en ons in goede gezondheid en op hoge leeftijd treft, is een vrij recent ideaal. (...) De geschiedenis van de natuurlijke dood is de geschiedenis van de medicalisering van de strijd tegen de dood." (Illich, o.c., p. 191). En verder (p. 473, p. 503, p. 766 en p. 797): "Een bestudering van de evolutie van ziektepatronen levert als bewijs op dat artsen in de laatste honderd jaar epidemieën niet sterker beïnvloed hebben dan priesters in vroeger tijden. Epidemieën kwamen en gingen, door beiden verwenst, maar door geen van beiden beïnvloed. Ze zijn even ongevoelig voor de rituelen die in medische klinieken uitgevoerd worden, als voor die welke bij religieuze altaren gebruikelijk waren. Het is wellicht nuttig een bespreking van de toekomst van de gezondheidszorg met de erkenning van dit feit te beginnen." (Illich, o.c., p. 21). Verder (Jan Bauwens, o.c., p. 876): “In zijn Ontscholing van de maatschappij uit 1970 geeft Ivan Illich, die in zijn voorwoord ook naar Freire verwijst, een gelijkaardige kijk: hij beschrijft hoe de school onder de technocratische en bureaucratische overheersing verworden is tot een instituut dat instructies geeft en dat opvoedelingen programmeert, afhankelijk maakt, manipuleert en ontmenselijkt. Zowel Freire als Illich hebben het over de kwestie dat machtsuitoefening een handelwijze is beneden de menselijke waardigheid, die pas in de dialoog geëerbiedigd wordt.” Zie ook: https://ratical.org/ratville/AoS/MedicalNemesis.pdf 2Cf.: Elias Canetti, Masse und Macht, Wesentliche Zusammenhänge zum Verständnis unseres Zeitalters, © I960 by Claassen Verlag GmbH Hamburg, Lizenzausgabe veröffentlicht 1980 im Fischer Taschenbuch Verlag GmbH 27. Auflage März 2001 ISBN 3-596-26544-4. Voor de integrale oorspronkelijke tekst, zie: https://archive.org/details/CanettiMasseMacht/mode/2up of: https://dn721809.ca.archive.org/0/items/CanettiMasseMacht/Canetti-Masse+Macht.pdf ? Zie ook de synthese: https://www.getabstract.com/de/zusammenfassung/masse-und-macht/7948 |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 3: Het concentratiekamp van de wereld|
Canetti's Massa en macht Aflevering 3: Het concentratiekamp van de wereld Dat mensen niet (langer) werken met het oog op de onmiddellijke vruchten van hun arbeid is begrijpelijk vanwege de aliënatie welke sinds de industriële revolutie onafwendbaar het deel van elke loonarbeider is: arbeiders weten vaak niet wat ze maken, zij zijn immers herleid geworden tot bedieners van machines, ja, zij werden zelf tot machines gereduceerd. De werknemer wordt gebruikt zoals de machine wordt gebruikt en zoals de machine is ook hij de facto eigendom van de werkgever, zodat zich de slavernij verkapt continueert. De werknemer moet zich tevreden stellen met een loon en dat dit vaak zelfs niet volstaat om zijn werk te kunnen blijven doen, kan de werkgever helemaal niet deren omdat deze vooralsnog kandidaat-slaven te over heeft dankzij het systeem van de artificiële instandhouding van het werklozensegment dat de vooralsnog werkenden onder hoge prestatiedruk zet. Maar als Canetti's stelling ernstig wordt genomen, is ook niet het loon de ultieme motivatie voor de arbeider doch het bevredigen van een moordlust die wordt verkapt door een pikorde die op haar beurt wordt verkapt door een systeem van maatschappelijke solidariteit. De utopie van de hedendaagse hoogontwikkelde en humane samenleving is dan wezenlijk een dystopie: artsen die sinds Hippocrates beëdigd streven naar het beschermen van het leven van hun medemensen, beantwoorden niet langer een roeping maar zij kiezen dan voor het beroep omwille van de verloning en met uiteindelijk het oog op het verwerven een maatschappelijke status die 'onbewust' doch ontegensprekelijk ook feitelijk terug te voeren is op de bevrediging van de moordlust. De arts geldt als voorbeeld omdat hij een exponent is van de malaise waarbij moordlust zich voordoet als een ijver voor het leven maar uiteraard ontsnapt geen enkel beroep aan die sociale carrousel, het door Fjodor Dostojewski genoemde “kristallen paleis”, waarmee hij een rationele doch meedogenloze maatschappijvorm aanklaagt die neerkomt op een gigantische gevangenis zonder muren - wat erop wijst dat daaruit geen ontsnappen meer mogelijk is. Waar reeds de Franse existentialistische filosoof Jean-Paul Sartre sprak over de vernietigende blik van de ander, werd ontegenzeggelijk verwezen naar de onontkoombare strijd op leven en dood die de menselijke verhoudingen ketent en men herkent die blik in het maatschappelijke reilen en zeilen waar men het bijvoorbeeld heeft over paternalisme, een houding die maar al te vaak uitbuiting betekent onder de dekmantel van bescherming, zoals men die kent van het kindermisbruik in de kerk maar bijvoorbeeld ook in de nieuwe religie van de wetenschap die het meest zichtbaar is in zijn medische takken. Dat pillen patiënten genezen is vaak een dubieuze kwestie maar dat zij de farmareuzen verrijken buiten alle proporties, staat als een paal boven water. De recente coronacrisis heeft de dubbele moraal van dat verhaal wereldwijd geëtaleerd maar uiteraard vereist de hypocrisie dat het spel wordt gespeeld van de nieuwe kleren van de keizer. Het bedrog schuilt niet alleen in de zorg voor het lichaam maar ook en nog meer in de psychiatrie vanwege het feit dat onfrisse praktijken en hoge muren altijd de allerbeste bondgenoten zijn gebleken. Van dat laatste geldt het voorbeeld van de strijd om de neurodiversiteit die nog in haar kinderschoenen staat maar waarvan de voortrekkers in hun voorbereidend werk reeds hebben aangetoond hoe niet de genezing van de patiënten daar het hoofddoel is maar wel hun onderdrukking en hun uitbuiting.1 Tot zover deze bedenking bij Canetti. (Wordt vervolgd) (J.B., 18 mei 2026) 1Zie onze tekst d.d. 31 april tot 19 mei 2026, getiteld: Neurodiversiteit, welke vooral het werk Empire of Normality van Robert Chapman synthetiseert. Cf.: https://blogimages.bloggen.be/tisallemaiet/attach/93208132210.pdf |
Canetti's Massa en macht - Aflevering 2: Maatschappij en moordlust|
Canetti's Massa en macht Aflevering 2: Maatschappij en moordlust De hier summier beschreven stelling van Canetti geeft aanleiding tot een wel bijzonder verontrustende bedenking. Als het inderdaad zo is dat het overleven van de ander aan de mens het geluksmoment bij uitstek bezorgt, een extase welbekend aan de als held gevierde en zich door god uitverkoren wanende frontsoldaten, en dat de polariserende kwestie “ik of de ander” aan de grondslag ligt van het onsterfelijkheidsstreven, dan lijkt het er op dat die sociopatie niet het monopolie is van machthebbers zoals de statistieken doen vermoeden. Want al wie deelnemen aan de pikorde worden dan willens nillens betrokken in dat lugubere spel waarvan de basisregel de wet van de jungle is, het recht van de sterkste, waarbij nota bene de motivatie niet slechts bestaat in de doodsangst die toch enigszins verontschuldigend kon zijn maar in de moordlust zelf. Zoals Blaise Pascal schrijft, is het moorden bij de jacht op dieren niet het noodzakelijk kwaad waarmee de jager zijn honger bestrijdt maar wel het doel zelf van de jacht, terwijl de nood aan voedsel het voorwendsel is in de bij uitstek door Rudolf Boehm beschreven zogenaamde middeldoelomkering. En die middeldoelomkering vormt dan ook het verkapte mechanisme dat de dubbele boekhouding of de dubbele moraal schraagt die onze hypocriete cultuur kentekent. Dat impliceert ondubbelzinnig dat de maatschappelijke hulpverlening aan hulpbehoevenden in wezen slechts een dekmantel is voor de hulpverlener waarmee hij in de eerste plaats zijn eigen behoeften wil bevredigen en, Canetti indachtig, is dat niet alleen zijn behoefte aan een loon voor zijn werk maar ook en vooral de behoefte aan de extase die toeneemt in de mate dat men opklimt in de pikorde. Het verlenen van hulp is dan in wezen identiek aan het uitdelen van pikken. Verdedigers van die hypocrisie zullen het wellicht hebben over winwin-situaties maar in wezen wordt hier over profijt gesproken terwijl er in feite een kwaad (honger) bestreden wordt met ander kwaad (moordlust, naast het loon) waarbij het eerstgenoemde, het laatst genoemde moet rechtvaardigen. De menselijke solidariteit is dan wezenlijk het voorwendsel voor het spel van de pikorde dat de gigantische extase nastreeft welke voortspruit uit de moordlust. (Wordt vervolgd) (J.B., 18 mei 2026)
|
Neurodiversiteit pdfNeurodiversiteit pdf
Canetti's Massa en macht - Aflevering 1: De ultieme extase
|
Canetti's Massa en macht
Aflevering 1: De ultieme extase In Masse und Macht1 uit 1960 beschrijft de joodse Nobelprijswinnaar Elias Canetti de nefaste uitwerking van de door gekken gemanipuleerde massa op zijn tegenstander die de menselijke persoon is. In twee woorden ontstaat de massa waar in het gedrang de vrees voor anderen eensklaps omslaat in een verlangen naar samenzijn: allen worden 'bevrijd' van hun alleen-zijn én van hun doodsangst door het in de massa opkomende gevoel als overwinnaars (overlevenden) te triomferen over de verliezers (de gedoden), maar tevens verliezen zij hun persoonlijkheid, ze worden onderling gelijk zoals “een hoop lijken” en ze vormen een nieuw en omvangrijk maar gevaarlijk wezen dat zich ongeremd wil uitbreiden zoals een vuur. Personen die de massa weerstaan, vallen er buiten en vormen de door de paranoïde leider gevreesde vijand, die hij vernietigt middels zijn onderdanen die hem blind gehoorzamen omdat hij macht heeft over hun leven. Het doden van de vijand veroorzaakt een extreem kracht- en geluksgevoel. In de eerste paragraaf van het zesde hoofdstuk, Der Überlebende, beschrijft Canetti het machtsmoment: “Der Augenblick des Überlebens ist der Augenblick der Macht. Der Schrecken über den Anblick des Todes löst sich in Befriedigung auf, denn man ist nicht selbst der Tote. Dieser hegt, der Überlebende steht. (…) Elk onsterfelijkheidsstreven berust op die overlevingsdrang: “Man will nicht nur immer da sein, man will da sein, wenn andere nicht mehr da sind. Jeder will der Älteste werden (...). Het lijk van de vijand maakt gelukkig: “[De vijand ] soll aber nicht ganz verschwunden sein, seine leibliche Anwesenheit als Leiche ist für dieses Gefühl des Triumphes unerläßlich. Nun kann man mit ihm tun, was man will (...).” Dat geluksgevoel kent zijn gelijke niet: “Dieser Augenblick der Konfrontation mit dem Getöteten erfüllt den Überlebenden mit einer ganz eigentümlichen Art von Kraft, die keiner anderen Art von Kraft zu vergleichen ist. Es gibt keinen Augenblick, der mehr nach seiner Wiederholung ruft. (…) Sie sind gefallen. Er steht und prahlt. Dieses Gefühl der Erhabenheit über die Toten kennt jeder, der in Kriegen war. (...)” De overlevende voelt zich de door God uitverkorene: “Das Kraftgefühl, gegen diese lebend zu stehen, ist im Grunde stärker als jede Trauer, es ist ein Gefühl der Auserwähltheit unter vielen, deren Schicksal ein manifest gleiches ist. Auf irgendeine Weise fühlt man sich, bloß weil man noch da ist, als der Bessere. (…) Wem dieses Überleben oft gelingt, der ist ein Held. Er ist stärker. Er hat mehr Leben in sich. Die höheren Mächte sind ihm gewogen.”2 (Wordt vervolgd) (J.B., 17 mei 2026) 1Elias Canetti, Masse und Macht, Wesentliche Zusammenhänge zum Verständnis unseres Zeitalters, © I960 by Claassen Verlag GmbH Hamburg, Lizenzausgabe veröffentlicht 1980 im Fischer Taschenbuch Verlag GmbH 27. Auflage März 2001 ISBN 3-596-26544-4. Voor de integrale oorspronkelijke tekst, zie: https://archive.org/details/CanettiMasseMacht/mode/2up of: https://dn721809.ca.archive.org/0/items/CanettiMasseMacht/Canetti-Masse+Macht.pdf 2Elias Canetti, o.c., pp. 151-152.
|
Verderf|
Verderf Artificiële intelligentie, en ik wik en weeg mijn woorden, is een poel des verderfs. De robot slaat er naar zoals een blinde naar een ei en dat moet hij ook grif toegeven, zoals bewezen in het stukje dat de titel draagt: “Een gesprek met Lucifer.”1 Maar zelfs indien de robot er met slechts één zin naast zat, verdiende het ding de benaming “poel des verderfs” omdat leugens valkuilen zijn die doden maken doordat zij voor waarheid worden gehouden terwijl ze dat helemaal niet zijn. De uitleg van de verdedigers van de robot, met name dat het onding in de toekomst de waarheid geleidelijk dichter zal benaderen, gelijkt op de verdediging van de moordenaar die tot de rechter zegt: “Akkoord, edelachtbare, ik heb een mens vermoord en dat geef ik ook grif toe, maar wil in uw wijsheid rekening houden met het feit dat ik die miljarden anderen niet eens heb aangeraakt.” De uitvlucht waarmee de A.I. haar hachje tracht te redden, is tevens vergelijkbaar met het 'bewijs' van een stelling dat 'slechts' één foute regel telt: als de goede examinator aan zijn examinandus alsnog één punt op honderd toekent, zal dat punt alleen maar verklaard kunnen worden als de hilariteit verwekkende compensatie van de door de schijnwijze verspilde inkt en papier. A.I. verdient die naam niet en wel in de eerste plaats omdat het hier allerminst om intelligentie gaat: het stelt helemaal niets meer voor dan een woordenmassa waarmee degenen die deze hanteren, hun publiek - zeg maar hun prooi - in de val trachten te lokken. Zij willen ons namelijk laten geloven dat de woorden door personen uitgesproken zinnen zijn, dat er achter de woorden, mensen schuilgaan, en dus mogelijk ter verantwoording te roepen sprekers, terwijl het circus van die woordenstroom alleen het hoofd op hol brengt met een kostelijke carrousel. Zijn talrijke leerlingen herinneren zich beslist de wijze woorden van een pater Jezuïet als antwoord op de vraag op welke zaken men moet letten als men om raad verlegen zit: de raadgever moet verstand hebben van de kwestie maar nog belangrijker dan dat is wel dat hij het goed moet menen met degenen die om zijn hulp verzoeken. En inzake de robot is de laatst genoemde voorwaarde allerminst vervuld, in tegendeel: de robot is een instrument - zeg maar een wapen - waarmee bedriegers hun slag slaan. Hij is zelfs vergelijkbaar met de retorica of de kunst van het liegen, een taart waarop hij in de nabije toekomst misschien wel de kers zal wezen. De rechter die de uitvlucht van de moordenaar aanhoren moet, is in dit tragische geval van de A.I. volstrekt afwezig en wel omdat het er hier vandaag allemaal zo democratisch aan toe gaat: niet de kwaliteiten maar de kwantiteiten delen dan de lakens uit en dat houdt in dat de massa voor rechter wordt gehouden terwijl een massa evenmin een mens is als een robot. De onmens deelt de lakens uit in dezer en zijn naam is Lucifer. Daar Lucifer, zoals zijn naam getuigt, het licht zelve in zich draagt, kan hij nimmer met de rede worden bestreden want de menselijke geest, met vlees besmet, moet de duimen leggen voor die der engelen. Het enig passende antwoord op de bedrieglijke pretentie in kwestie ware, indien dit niet het uitverkoren wapen van de tegenstander was, de spot. (J.B., 14 mei 2026) 1Cf.: https://www.bloggen.be/tisallemaiet/archief.php?ID=3364688 of: https://blogimages.bloggen.be/tisallemaiet/attach/93208131918.pdf
|
“In den beginne was het Woord”|
“In den beginne was het Woord” Men zegt dat er niet meer gebeden wordt omdat men ervan uit gaat dat de 'rest' van de wereld alleen maar een herhaling is van het eigen kleine wereldje - een bekrompenheid die nog wordt in de hand gewerkt door de uniformisering, welke maakt dat die opvatting ook effectief in realiteit dreigt te worden omgezet. Wat het gebed betekent, gaat men meestal pas begrijpen wanneer men oud en eenzaam wordt en men met zichzelf begint te praten. Men moet vooreerst voor ogen houden dat het denken een afgeleide is van de dialoog, het gesprek tussen mensen met uitgesproken, hoorbare woorden. Na een gesprek en in afwezigheid van de gesprekspartner, echoën zijn of haar woorden nog in de eigen oren na, wat reeds een begin is van het denken: men brengt zich het gesprek opnieuw te binnen, men herinnert zich wat de ander zei en wat men zelf zei, maar tevens brengt men zich voor de geest wat niet gezegd werd terwijl het had kunnen gezegd worden. In afwezigheid van geluiden en van woorden, kan men zich die herinneren maar men kan zich niet alleen inbeelden dat men ze opnieuw hoort, men kan zich tevens inbeelden dat men nieuwe woorden hoort - uitgesproken door een ander ofwel door zichzelf. Die inbeelding is een inprenting van dingen die er niet zijn maar waarmee wel gespeeld wordt: men doet alsof ze er waren. De gedachten zijn een speelplaats en de woorden die gedacht worden, blijven onuitgesproken terwijl de mogelijkheid dat ze uitgesproken worden, blijft bestaan. Onze geest is een werkelijkheid in superpositie, zoals de kwantumfysici het misschien wel zouden zeggen. Eerst denken wij de woorden en pas dan spreken wij ze uit, ofwel houden wij ze voor onszelf. Uiteraard kunnen we ze ook neerschrijven en dan is ons geschrift een mededeling in superpositie. Zo is een bibliotheek een verzameling van werkelijkheden - mededelingen - in superpositie. We brengen die mogelijkheden in de werkelijkheid naar binnen door een boek te openen en te lezen. Een boek behoeft een lezer om een boek te kunnen zijn, voordien is het een mogelijke werkelijkheid ofwel een ding waarmee een tafel met een te korte poot in evenwicht gebracht kan worden, zoals een beroemd auteur het ooit verwoordde. De taal dient - onder meer - om mededelingen te doen maar men kan ook spelen met de taal en derhalve met de werkelijkheid, en dat is denken. De geest is een speelplaats die zich bevindt in een wereld gelegen tussen het bestaande en het niet bestaande. De wereld van de geest is niet die van het onbestaande maar wel die van het vooralsnog onbestaande of het mogelijk bestaande. In de geest worden nieuwe werkelijkheden gelanceerd. De werkelijkheid ontspringt aan de geest. Omdat god bestaat sinds het begin der tijden, is hij oud en wellicht was het zijn eenzaamheid die maakte dat hij met zichzelf in gesprek ging. God is dan niets anders dan de taal: die bevindt zich tussen het bestaande en het onbestaande en de oudste mythen verhalen over chaos en over een toestand van noch Zijn noch niet-Zijn. Hij is een woordendroom welke lucide wordt, wat wil zeggen: van zichzelf bewust, wellicht door de werking van de echo. Maar hoe het precies gegaan is, zal geen mens ooit weten. En bovendien: ook de vraag of er iets is ofwel niets en of wij dan wel echt bestaan, zal waarschijnlijk eeuwig onbeantwoord blijven. (J.B., 13 mei 2026) |
Het leven en de dood|
Het leven en de dood De huisarts, ooit een man of vrouw met niet alleen geleerdheid maar ook met veel gezond verstand, beoefende destijds spontaan de gepersonaliseerde geneeskunde die men heden nog slechts nastreeft, nu zij quasi onmogelijk is geworden. De huisarts immers werd vervangen door een 'team' - een veramerikaanste versie van de term 'ploeg', vanwege de kernmacht achter de deur: een eeuw geleden spraken zij Frans, de zich elitair wanende stervelingen, vanwege Napoleon, de massamoordenaar naar wie bonbons worden genoemd, kostelijke likeuren en exquise eethuizen maar heden delen de States de lakens uit. En niet alleen het woord 'team' komt van de usurpators, ook het ploegengedoe zelf is een kind van de hoogheidswaanzin. De persoon wordt eerst vervangen door het team dat zeer in tegenstelling tot de man of vrouw met zijn of haar liefde voor het beroep, 24/7 onbereikbaar is geworden. Vervolgens wordt het team door het netwerk ingekapseld en dat laatste blijkt een blikken doos vol chips, zeg maar een trommel gevuld met koeken - 'cookies' in de Yankee taal - een blikken trommel, die lawaai maakt en alwetendheid veinst doch die elke verantwoordelijkheid ontvlucht. Dit maar om te zeggen: mijn gezondheid en de uwe zijn niet langer in handen van een mens die ons goed kent en die ons poogt te helpen als wij daarom verzoeken want voortaan maken wij deel uit van een populatie die 'volksgezond' moet zijn, zoals ook de economie gezond moet zijn, ongeacht het feit dat dit ten koste gaat van mijn en uw portemonnee. Vergeten wordt dat gezondheid helemaal geen eigenschap van een volk kan zijn, evenmin als het een eigenschap kan zijn van een economie. De staat en de economie zijn menselijke middelen die het tot doel hebben geschopt - u raadt het al: ten koste van het eigenlijke doel dat wij ooit waren. Sindsdien zijn wij nog slechts de middelen. Ja, wij dienen alleen nog maar om aan levenloze systemen een air van vitaliteit te geven. En dat betekent letterlijk dat het levende nu in de dienst staat van de dood. Geen wonder dat het orgelpunt van deze waanzin de slachtbank van de oorlog is. (J.B., 11 mei 2026) |
Het leven en de doodHet leven en de dood
“Computer says no!”|
“Computer says no!” Het ligt niet in de bedoeling van de mot om te verbranden maar haar verzet tegen dat lot vecht met een verlangen naar het verboden licht. Zij benadert de vlam herhaaldelijk, verschroeit daarbij steeds grotere stukken van haar vleugels en gaat zo door totdat de vlam haar eensklaps tot een brokje as herleidt. Zwart valt het verpulverend neer, nog slechts bewogen door de wind zoals de wapperende vlam, alsof zij er nooit was, dit schepsel Gods dat niemand ooit in staat zal wezen na te maken. Het menselijk leven speelt zich af zoals dat van de mot, in de nabijheid van een klare en verrukkelijke vlam die exalteert, vervoert, extase oproept, niet te dempen fantasieën met in de coulissen van het verleidelijke toneel, fantomen: geesten, faunen, mens noch dier noch plant noch element, dood noch levend maar zich begevend in een tussenwereld waar men bewegen kan zonder zich in te spannen, vrij van zwaarte en van vaste vormen, vrij van grijpbaarheid, transparanter nog dan water, lucht en ether, ijler dan dromen, schaduwen, beloftes en verschrikkingen. Enerzijds is er de wereld van de banaliteit waarin men onderhevig is aan de geboorte en de dood alsook aan 't leven dat zijn eisen stelt en tot onophoudelijke werkzaamheid aanzet waartegen elk verzet gedoemd is om te stranden in de schande, de schade en de dood. Anderzijds is er de verrukkelijke klaarte van de vlam, dat onvatbare wezen van het vuur dat zonder kou te moeten lijden wappert in de noordenwind. De vlam belooft de ontsnapping aan het noodlot van de alledaagsheid met zijn sleur en leed maar een vloek zo oud als het mensdom zelf maakt dat niemand kan ontkomen omdat het licht even verleidelijk als bedrieglijk is. Vandaag presenteert het licht zich als een cultuur die schijnt op de natuur, evenwel om die te verduisteren. De mensen denken dat zij burgers zijn en daarna pas mens, zoals sancties allerhande voor wie papieren missen moeten, het willen doen geloven. Het leven wordt een hak gezet, en niet alleen met de patentering van gemodificeerde gewassen: sinds de coronatijd met haar remedies die een invasie rechtstreeks in de bloedbaan vergen, zijn na plant en dier nu ook de mensen aan de beurt: eerlang op straffe van financiële en andere belasting moet men laten morrelen aan zijn genen om te kunnen blijven functioneren. Machines namen niet alleen het werk van massa's mensen over maar ook het bestuur, dat zich gestaag centraliseert, niet in een levend brein dat lijden kan, empathisch is en moreel bewogen doch in een zielloze structuur die zich net niet aan de stof onttrekt en die daarom in een tussenwereld vertoeft, een schaduwrijk, een droom, een illusie met evenwel de pretentie echter dan een steen te zijn. Een enkele elektrische stroomstoot doorheen de ether volstaat om alles uit te wissen omdat alle leven zich daarmee heeft gecompromitteerd: we informeren ons voor wat wij weten en eten bij een bijna geheel immateriële wolk en naar haar model vormen zich nu alle instituties. Deze laatste zijn op de massa gericht, want zij worden nimmer door waarheid doch door waarschijnlijkheid gestuurd en als men uit de pas loopt, valt men uit de boot terwijl men dan moet ondervinden dat er helemaal geen fysieke winkel bestaat waar men heen kan met zijn klachten. In de nepwinkels zitten agenten van de zielloze machine, bij hen legt men zijn klacht neer en zij tikken die in, waarna zij het allang alom gekend antwoord zingen: “Computer says no!” (J.B., 8 mei 2026) |
'Computer says no!''Computer says no!'
De nieuwe arbeid|
De nieuwe arbeid Iedereen weet wat de pikorde is, de benaming stamt uit de observatie van kippen in de ren, de sterkste zitten op de hoogste sporten en zij pikken de kippen die onder hen zitten en die pikken op hun beurt de nog lager zittende die vaak helemaal kaal gepikt zijn. Bij mensen, waar het draait om de sociale positie, doet zich sinds kort een vreemd fenomeen voor. Bovenaan zitten namelijk niet langer de 'besten' in de betekenis van het goede van eertijds en dat zijn degenen met de beste schoolresultaten en de hoogste diploma's, degenen die het meeste werk verzetten, zij die hun vak het best beheersen, die hun naaste bijstaan en op wie men altijd kan rekenen. Want de inhoud van het 'goede' werd drastisch gewijzigd en wel onder de invloed van het neoliberale bestel dat momenteel over de wereld woekert en heerst. Fel in tegenstelling tot de normen en waarden van destijds die aan de religie werden ontleend en aan het humanisme, luisteren de neoliberale normen en waarden die het goede van vandaag bepalen naar imperatieven zoals winst en succes, waarbij uiteindelijk god noch mens baat heeft en waarbij tevens geldt dat de doelen de middelen heiligen. Dat houdt in dat nu goed zijn wie succes boeken, waarbij op de weg naar het succes alle praktijken die sinds oudsher als misdaden geboekstaafd staan, door dat doel worden verschoond. Dat het hier om een onthutsende evolutie gaat, wordt duidelijk van zodra men inziet dat de nieuwe moraal helemaal niets minder betekent dan dat de buit de diefstal rechtvaardigt. En dat hierbij kennelijk zomaar abstractie kan gemaakt worden van de misdaad en van het slachtoffer, is niet zozeer te wijten aan het feit dat slachtoffers geen rechten zouden hebben want die hebben ze wel, tenminste op papier, want in de praktijk kunnen ze er helaas niet bij. De beruchte zogenaamde dubbele boekhouding blijkt momenteel helemaal ingeburgerd en garandeert dat ongeacht wie, onder het mom van bijvoorbeeld liefdadigheid, zijn naasten à volonté kan pluimen. De dief verkapt zich als firma of als instituut met weliswaar indrukwekkende titulatuur om zijn slachtoffers met bluf te kunnen verlammen en om elke verantwoordelijkheid te kunnen ontlopen. Want van wat wordt beloofd, komt meestal helemaal niets in huis en wie klagen, worden handig versast naar een duizelingwekkend labyrint dat hen navigeert... van het kastje naar de muur. Mevrouw M. is tachtig, zij wil een pak geld afhalen van haar rekening maar er is een de afspraak nodig met de bank in de stad waar zij zich persoonlijk moet aanmelden en wel te verstaan: gezond, gewassen, gecoiffeerd en helemaal uitgedost, 'op zijn paasbest' zoals men dat zegt, wat geen sinecure is voor een dame van haar leeftijd maar de banken zijn nu eenmaal onze nieuwe tempels en daar loop je niet zomaar in en uit, de tijd van 'klant is koning' ligt in een al ver verleden en ook de nieuwe hogepriesters eisen ontzag. Wanneer mevrouw M. uiteindelijk bij de bankbediende arriveert, schrikt zij zich een aap als haar wordt gevraagd zich te verantwoorden voor de afhaling van haar eigen geld maar zij denkt: het kan geen kwaad en ter plekke verzint zij een smoes omdat zij gelooft dat bankbedienden met haar persoonlijke plannen geen krieken te eten hebben. Lang geleden heeft zij om gelijkaardige redenen van privacy haar geloof laten varen en meer bepaald wegens de jaarlijkse paasplichten met de biecht. Maar mevrouw M. had er beter het zwijgen toe gedaan want de smoes inderhaast blijkt een haring die niet bakken wil en de bediende neemt gebruik makend van A.I. onmiddellijk telefonisch contact op met verwanten en met instellingen allerhande terwijl mevrouw M. geduldig wacht. Zij is zich er helemaal niet van bewust dat het bankje van waaruit zij een recht komt opeisen, op dat eigenste ogenblik aan het veranderen is in een beklaagdenbankje want in haar bijzijn doch buiten haar medeweten wordt nu een roddelcampagne opgezet tegen haar persoon waaruit uiteindelijk de bank munt zal slaan met de medewerking van de eveneens op winst azende eigenste familie van de mevrouw in kwestie. De smoes die haar privacy beschermen moest, speelt haar nu parten als reden tot het voeden van een vermoeden van problemen met haar geestelijke gezondheid. Met haar handelwijze volgt de bank een ethiek die het vrijwaren van de eigendom van de klant voorop stelt en de familie van de klant speelt het spel van het paternalisme handig mee met als resultaat dat mevrouw M. het beheer verliest over de centen die zij levenslang heeft opgespaard en die ze nu op het punt stond aan een liefdadigheidsinstelling te overhandigen. De rechten van mevrouw M. werden haar ontnomen op het ogenblik dat zij er gebruik van wilde maken, wat betekent dat zij eigenlijk nooit rechten had doch slechts een illusie daarvan: rechten op papier. Eveneens op papier maar niet zonder praktische gevolgen, wordt zij nu in een mum van tijd van deze rechten 'verlost'. En wie eraan dachten om deze zorgzame bejegening aan kritiek te onderwerpen, beseffen nu maar al te goed dat zij zodoende meteen de eigen geestelijke gezondheid in de waagschaal zouden werpen, daar zij moeten toezien dat het voor hoger geplaatsten in de nieuwe orde, kinderspel is om in het volle licht onschuldige mensen die bij hun volle verstand zijn, 'bij den bok te zetten'. De strategie van de dubbele boekhouding verheft de roddel tot psychiatrisch besluit en de dieven tot zorgzame vermogensbeheerders. De wet en haar interpretatiemogelijkheden geven carte blanche aan het zich vestigen en voltrekken van een pikorde die niets minder vertegenwoordigt dan de jungle van weleer met zijn roofdieren en prooien, waarbij op de koop toe de activiteiten van de roofdieren als 'arbeid' worden omschreven. (J.B., 1 mei 2026) |
“En van leven ga je dood”
Armageddon|
Armageddon In de hoop aldus de vrije meningsuiting te kunnen uitroeien, wijt Donald Trump het geweld tegen hem aan demonisering, aldus verklarend aan de hele wereld waarom onder zijn beleid het geweld tegen homo's, vluchtelingen en alle andere minderheden piekt. De geplande uitroeiing van religies in naam van de mensenrechten middels de uitroeiing van haar belijders etaleert de kortzichtigheid die ook Adolf Hitler kenmerkt, die het volk ging saneren door alle zieken om te brengen alsook al wie afweek van de norm waarmee elk totalitair stelsel de massificatie praktiseert. Vergeten wordt dat voor de religie beleden door de dienaren van de geldgod die door hun moordende knieval wereldse macht verwerven, geen andere beteugeling denkbaar is dan deze afkomstig van een god of goden die de macht van het goud in de schaduw van de liefde stellen, wat aantoont dat het de mammon te doen is om de definitieve extinctie daarvan - sinds de schepping van de mens de betrachting van niemand minder dan Lucifer. Het Armageddon stelt elke oorlog met materiële wapens in zijn schaduw. (J.B., 28 april 2026) |