De neocortex en het limbisch systeem
|
De neocortex en het limbisch systeem Meer dan alle andere zoogdieren beschikt de mens over een neocortex, een aanwas van de hersenen waarin de zogenaamde rede zetelt en die zich ontwikkeld heeft door socialisatie, communicatie en taalvaardigheid. In zijn concept van de 'scheppende evolutie' ('évolution créatrice') heeft hij het darwinisme met het creationisme verzoend alsook heeft hij de mens een plaats gegeven als medeschepper in de evolutie: de om die reden vandaag onterecht ietwat verguisde paleontoloog Pierre Teilhard de Chardin heeft aan de neocortex of de nieuwe hersenen een zeer bijzondere plaats gegeven in een wetenschappelijk mensbeeld dat weliswaar ook een beetje religieuze fantasie bevat maar Teilhard was dan ook een jezuïet. Deze geleerde die de wetenschap koppelt aan een fantastisch soort van christelijke theologie, ziet uit de ontwikkeling van het leven (de biosfeer) uit de dode stof op aarde de mens voortkomen met aanvankelijk een kleiner hoofdje dan het onze en gelijkend op de aap, een hoofd dat echter mettertijd in volume toeneemt onder druk van de groeiende hersenen van de homo sapiens. Maar op een gegeven ogenblik kan het hoofd niet verder groeien en ter compensatie - en dus om verdere groei alsnog te faciliteren - gaat de mens socialiseren: hij vormt een gemeenschap met individuen die zich steeds verder gaan specialiseren waarbij dan de vruchten van elk specialisme aan iedereen ten goede (kunnen) komen (de sociosfeer). In feite ziet Teilhard in de evolutie een uiteindelijk totale vergeestelijking van de stoffelijke wereld: uit dode materie komt de biosfeer voort, het leven dat bewustzijn ontwikkelt (reflectie) en dat zich van zichzelf bewust wordt (co-reflectie) in de zogenaamde noösfeer om dan uiteindelijk zijn bestemming te vinden in het punt Omega, bij God. Teilhard's magistrale visioen, zijn 'hyper-fysica', wordt beschreven in Le Phénomène Humain (1955) en in Le Milieu Divin (1957). Het gaat om een toename van complexiteit die dan de geboorte geeft aan iets nieuw, wat 'emergentie' heet, uitmondend in de zelfbevrijding van de mens. Teilhard's voorstelling van die evolutie doet denken aan Spinoza's semi-identificatie van God met de Natuur en aan Hegel's 'zelfontwikkeling van de Geest' maar hij gaat nog een hele een stap verder. Voor Teilhard de Chardin is geloven niet irrationeel maar wel transrationeel. In dat geloof arbeiden wij mee aan een evolutie naar het ultra-menselijke, dat hij omschrijft als de hogere collectiviteit waar de bewustzijns elkaar wederzijds verlichten door hun convergentie naar het Mystiek Lichaam (van Christus) toe. Het heelal is een goddelijke onderneming waarin God de mens wil laten deelnemen. In een brief uit 1923 schrijft Teilhard: "Er is op de wereld één enkele operatie aan de gang, die alleen ons handelen kan wettigen: de ontsluiting van een of andere geestelijke realiteit, dwars door alle inspanningen van het leven heen". En bijzonder belangrijk nu is wel dat Teilhard bevestigt dat deze geestelijke realiteit een Persoon moet zijn, want "het Centrum van de vergeestelijkte materie, van dit geestelijke Al, moet (bijgevolg) in de hoogste graad bewust en persoonlijk zijn. De Oceaan die alle geestelijke stromen van het heelal in zich verzamelt, is niet Iets maar Iemand. Ook Hij bezit een gelaat en een hart (…) Deze tegenwoordigheid verlicht de diepten van de verborgen zones van elk ding en elke mens om ons heen. We kunnen haar bereiken in de volle verwerkelijking (en niet in het genieten zonder meer!) van elk ding en elke mens" - aldus een geschrift d.d. 28 september 1933. In Teilhard heeft zich de liefde tot God verenigd met het geloof aan de wereld.1 Deze erudiete Franse jezuïet was met die ideeën in zijn tijd dermate revolutionair dat in 1950 zijn leer door de kerk veroordeeld werd.2 Weliswaar stopte het visioen van Teilhard niet bij de verheerlijking van de rede, hij had het ook nog over wat de rede overstijgt en over een 'hyperfysica'. Het punt van Teilhard was dat de rede niet in strijd kan zijn met het geloof, of tenminste niet met het door de kerk veroordeelde Spinozistisch-Hegeliaans geloof dat hij zelf voorstond. Want uiteraard is het vasthouden aan de zogenaamde heilige geschiften die duizenden jaren geleden vanuit allerlei volkswijsheden en verhalen door zogenaamde zieners of profeten werden opgesteld, in het licht van de hedendaagse wetenschappelijk inzichten redelijk onmogelijk. Toch blijkt die irrationaliteit hardnekkig voortbestaan en stelt men zich de vraag naar het waarom daarvan, dan blijken de achterliggende drijfveren van puur opportunistische aard. Er zijn voorbeelden bij de vleet maar een actuele kwestie is deze die wordt aangekaart door de aanhangers van het veganisme, een beweging die afziet van het gebruik van dierlijke producten wegens de achterliggende menselijke wreedheid tegenover anderssoortigen. Er bestaat een ethiek die de barmhartigheid jegens medemensen uitbreidt naar ook andere (hogere dier)soorten omdat zij zekere vormen van bewustzijn zouden hebben en dus ook de pijngewaarwording. Maar nog een stap verder bestaat er ook een hele filosofie die de objectieve waardering van het niet-menselijke ondersteunt zodat bijvoorbeeld ook het nuttigen van bijenhonig moreel verwerpelijk wordt of het innemen van natuurgebieden zoals broedplaatsen voor vogels. Hoe ver men daar in meegaat, is dikwijls een heel persoonlijke afweging maar geen mens kan nog ontkennen dat arbeiders die hun leven gesleten hebben in een slachthuis, met gewezen frontsoldaten het euvel delen dat zij meestal zwaar en ongeneeslijk getraumatiseerd met pensioen gaan en voor de met de rede begaafde mens is dat toch wel een serieuze domper op de praktijk van de vleesconsumptie: hoe kunnen wij met smaak het weliswaar fijn gekruide en op heerlijk versierde schotels opgediende lijk opvreten van een doodgemarteld varken of de melk drinken van een koe die tot een melkproducente werd herleid door haar eerst te doen kalveren waarna zij weliswaar melk blijft geven die echter niet voor ons bestemd was maar voor haar kinderen die zij mist en waaruit weliswaar overheerlijke kalfsfricassee wordt bereid? Sommigen beweren dat uitgerekend de rede dit mogelijk maakt daar zij het gevoel weet te rationaliseren en aldus onderdrukt maar uitgerekend het gevoel is aan de orde waar het de gastronomie betreft, wat het aangehaalde argument in kwestie tot een uitvlucht reduceert, een verzinsel dat kant noch wal raakt. Het is dus wel degelijk het redelijk inzicht dat mensen ervan weerhoudt om onnodig dieren te gaan slachten en nu komt de kat op de koord met de toepassing van het hele verhaal: de rede weerhoudt ons ervan om nog langer vlees te consumeren maar menigeen gaat dan plots verwijzen naar de bijbel. Jahweh immers heeft gezegd dat vleesconsumptie aan de mensen toegestaan is: vlees eten is geen zonde want god zelf heeft het gezegd. En meteen legitimeert de bijbel de jacht, de moordlust. De consumptie van de rampzalige harddrug en het vergif dat alcohol heet, wordt door gelovigen goedgepraat met eenzelfde argument en op die manier zuivert het geloof het geweten van mogelijke natuurlijk opwellende wroeging over een hele reeks misdaden die hem genot blijken te kunnen verschaffen. De bijbel staat wandaden toe of zet ertoe aan en veroordeelt tegelijk allerlei natuurlijke menselijke gedragingen als tegennatuurlijk. Het geloof wordt aangewend als argument dat weliswaar in strijd is met de rede maar dat wonder genoeg vaak veel meer inbreng heeft dan de ratio bij het vellen van oordelen en bij het nemen van beslissingen. In de logica gelden gezagsargumenten als principieel vals en toch blijkt hun irrationaliteit het te halen op de rede en het is ook duidelijk waarom dit het geval is: het gaat om deviezen uit 'heilige geschriften' omgeven door het taboe en bovendien komen die deviezen de legitimatie van het botvieren van verborgen lusten goed van pas. Het antwoord op de vraag waarom de religies zo hardnekkig blijven voortbestaan, is hiermee gauw gegeven: vrijwel elke potentaat ziet in de religie, indien handig gemanipuleerd, een uitstekend instrument waarmee het limbisch systeem van de massa kan worden bespeeld, zodat die het denken laat varen en klakkeloos in alles en nog wat zijn waanzin volgt. (J.B., 4 oktober 2026) 1De citaten zijn afkomstig uit: C. Cuénot, Teilhard de Chardin. Leven, werk, visie, Het Spectrum, Antwerpen 1967;Voor een meer volledige uiteenzetting omtrent de leer van Teilhard de Chardin, zie: Jan Bauwens, Het goede zoeken. Inleiding tot een christelijk 'zin-denken', Serskamp 2003, pp. 39v. Voor de integrale tekst, zie de PDF: https://blogimages.bloggen.be/hetgoedezoeken/attach/552.pdf 2 Met name in de anti-modernistische encyckliek Humani Generis van paus Pius XII en zijn boeken werden uit de seminariebibliotheken verwijderd. Hij werd verbannen naar Amerika maar alsnog schreef de (eveneens naar een instelling ver van de universiteiten verbannen) dappere Vlaamse kapucijn Max Wildiers een inleiding voor de uitgave van zijn dertiendelig werk.
|







