* De zee * van John Banville

De zee -2005
Oorspronkelijke titel :
" The Sea "Uitgeverij ; ATLAS
Paperback : 223 blz.
ISBN 90-450-1375-4
Poëzie kun je zowel in verzen als in proza hebben. Ik streef er naar mijn proza zo te maken dat het poëzie wordt.
***
De Ier John Banville won in 2005 de Man Booker Prize met deze roman
In De zee maken we kennis met de mislukte kunsthistoricus Max Morden die , na het overlijden van zijn vrouw terugkeert naar het vakantiehuis De Ceders in Ballyminder.
De oude man probeert het verlies van zijn vrouw te verwerken en tegelijk een trauma uit zijn jeugd onder ogen te zien.
Tijdens die zomervakantie lang geleden maakte Max kennis met de familie Grace. Ze leken uit een andere wereld te komen. Meneer en mevrouw Grace, met hun wereldwijze zelfverzekerdheid en directheid, waren anders dan alle volwassenen die Max kende.Vooral de tweeling in het gezin is opvallend: Myles de doofstomme jongen en Chloe, het eigenwijze meisje.
Maar de liefde van de jonge Max richt zich in eerste instantie niet op Chloe, maar op mevrouw Grace en hij denkt dat zij hem ook uitdaagt.
Je hebt pas laat door dat Max wel vaker zaken verkeerd interpreteert, dat hij wel iets ziet, maar daar de verkeerde uitleg aan geeft.Dat maakt zijn waarnemingen onbetrouwbaar en juist voor een kunstcriticus zou goed kijken toch een voorwaarde moeten zijn
Pas later in het verhaal blijkt dat zich een drama heeft afgespeeld tijdens die zomer waar Max' gedachten telkens naar afdwalen.
Max blikt tijdens zijn verblijf daar niet alleen terug naar de zomer met de familie Grace, maar ook naar zijn leven met Anna en de laatste fase voor haar dood.
Zijn blik kenmerkt zich door droefheid, die Banville dankzij vaardig vakmanschap weet te laten overslaan op de lezer. Tegelijkertijd brengt Banville een ode aan de liefde. Hij brengt op minutieuze, indringende wijze de verwerking van Max' verlies onder woorden.
Banville switcht heel makkelijk van de jeugdherinneringen over naar de periode waarop Max’ vrouw Anna te horen kreeg dat ze kanker heeft. Ingetogen en subtiel beschreven is de machteloosheid en onhandigheid van Max .
Zo staan er prachtige bladzijden in waar Max vertelt dat hij als jongen in het veld een nest vond. Dat nest laat hij zien aan een andere jongen. De dag erna zijn de eieren weg en is er een vertrapt. De broosheid kapot gemaakt. En dan komt er nog maar één zin achteraan: ‘Anna die op de vloer braakt, zijwaarts uit haar ziekenhuisbed hangend; haar gloeiend hete voorhoofd drukt in mijn handpalm, vol en fragiel als een struisvogelei.
Op het moment dat Anna sterft, staat Max op het bordes van het verpleeghuis en denkt terug aan het moment, tijdens de zomervakantie met de familie Grace, dat hij tot zijn middel in het heldere water van de zee staat:
"Terwijl ik daar stond zwol de zee plotseling op, nee, niet plotseling, maar in een soort machtige deining, het was geen golf, maar een soepel voortglijdende watervloed die afkomstig leek uit de diepten, alsof daar beneden iets enorms bewogen had, en ik werd eventjes opgetild, een klein stukje meegevoerd in de richting van de kust en toen weer op mijn voeten gezet, alsof er niets gebeurd was. En er was niets gebeurd, een gedenkwaardig niets, de grote wereld had alleen weer eens zijn onverschillige schouders opgehaald".
Als een verpleegster hem vervolgens komt halen, loopt hij achter haar aan terwijl hij ondertussen het gevoel heeft dat hij de zee in loopt. De zee die hem omarmt en tegelijkertijd doet beseffen dat de cyclus van het leven onherroepelijk is, dat de wereld niet verandert door een golfslag, of het heengaan van Anna.
De zee bevat meerdere geheimen, die veelal voortkomen uit het onvermogen om met elkaar te communiceren. Zo mag Max van Anna niemand iets vertellen over haar kanker, omdat zij het onsmakelijk vindt. Het kindermeisje van de familie Grace, Rose, heeft haar eigen geheim: de jonge Max denkt ontdekt te hebben dat zij verliefd is op vader Grace, maar later begrijpt hij dat haar verliefdheid op een ander was gericht. Voor zijn dochter Claire houdt Max ook veel zaken achter, mede dankzij de slechte verstandhouding die ze hebben. En de identiteit van miss Vavasour, van het pension waar Max verblijft, wordt pas op de laatste pagina's aan de lezer onthuld
Banville schrijft over grote thema's als liefde, dood, rouw en identiteit. Hij doet dat met een onderkoelde toon, in een rijke taal.
Banville ziet het dan ook als zijn taak om mensen te verrukken met zijn boeken, om ze te laten zien hoe prachtig de dingen kunnen zijn. Je moet zijn boeken dan ook niet lezen om meegesleept te worden in een spannend verhaal. Je moet bereid zijn om, wooorden te proeven.

De Ierse romanschrijver, John Banville , is geboren in 1945 in het plaatsje Wexford, waar hij ook schoolliep aan the Christian Brother's school en aan het St.Peters College. Hij werkte voor Air Lingus in Dublin en dat gaf hem de gelegenheid om verre reizen te maken.
Van 1988 tot 1999 was hij letterkundig editor van Irish Times.
In 1970 publiceerde hij een reeks korte verhalen : " Long Lankin ".
Zijn fictief portret van de 15e eeuwse Poolse astronoom: " Dr.Copernicu s" won de James Tait Black Memorial Prize voor fictie in 1976, en was de eerste van een reeks boeken over eminente wetenschappers als - Kepler en Newton.
Met zijn boek : The Book of Evidence , belandde hij op de shortlist voor de Booker Prize voor fictie in 1989.
Met zijn boek : " The Sea " wordt hij in 2005 ,de eerste Ierse winnaar na Roddy Doyle in 1993 with Paddy Clarke Ha Ha Ha.van de Booker Prize.
Romans :
Nightspawn (1971)
Birchwood (1973)
Doctor Copernicus (1976)
Kepler (1981)
The Newton Letter: An Interlude (1982)- Newtons brief- een intermezzo
Mefisto (1986)
The Book of Evidence (1989)- Het boek der getuigenis
Ghosts (1993)
The Broken Jug: After Kleist (1994)
Athena (1995)
The Untouchable (1997)- De onraakbare
Eclipse (2000)- Eclips
Shroud (2002)- Schijn gestalte
The Sea (2005)- De zee












