Regen.

Stamboomonderzoek Nuytkens-Boshom
Regen.
Café restaurant Argana.

Lekker toeven zowel boven als beneden.
Marrakech, dinsdag 2 februari 2010.

Vandaag flink bewolkt, maar koud is het niet, het blijft 20 graden.
Na ons ontbijtje gaan we op pad, eerst door de soek om wat souvenirs bij elkaar te sprokkelen. Prettig kopen is het niet want ik vind de Marokkanen veel te opdringerig, ze geven je niet de tijd om eens rustig te neuzen, ze staan altijd iets aan te prijzen, ergerlijk. Ook het afdingen is aan mij niet besteed…dat is werk voor Giel.
De buit bedraagt theekannetjes, theeglazen en magneten…voor meer heb ik geen puf. Jammer, want er zijn zo te zien zat leuke dingen te koop.
Na onze aankopen even op terras voor koffie, deze is hier heerlijk, Giel is tegenwoordig aan muntthee verslaafd.
Het is droog , maar het duurt niet lang, er volgt een heftige bui. Wat dan wel weer leuk is aan hun verkooptechniek is dat bij de 1ste regendruppels ineens een heel stel jongens op straat lopen die paraplu’s verkopen.
We bezoeken vandaag het Badi - Paleis. Sultan Mansoer liet het paleis bouwen, er werd in 1578 mee begonnen en duurde tot zijn dood in 1603. El-Badi, “de Onvergelijkbare” werd als een van de wonderen van de islamitische wereld beschouwd. Voor de decoratie van de muren en plafonds van de 360 vertrekken werden Italiaans marmer, Iers graniet, Indiase onyx en bladgoud gebruikt . Ismaïl Moulay sloopte het paleis echter in 1683 en gebruikte de materialen voor zijn stad Meknès. De sloop duurde 10 jaar. Wat nu overblijft zijn een grote hof,2 bassins, funderingen, 2 torens, muren en nog 2 kamers.
In 1 van die kamers is nu een prachtige bewerkte minbar (=spreekstoel, meer spreektrap, vanwaar de imam het vrijdaggebed leidt) te bewonderen.
Op de hoge ommuringen van het complex hebben tig ooievaars hun nesten gebouwd en al blijft er dan weinig van het paleis over de grootsheid is wel te voelen.
Als we eenmaal op ons favoriete terras zitten, aan een flink ijsje aan het werken, steekt er een warme zuidenwind op en verdwijnt de regen als sneeuw voor de zon. De drukte op het plein wordt weer groter en uit het niets verschijnen de mensen, de brommers, de karren met of zonder ezel…
Memoriam Yves St Laurent.
Jardin Majorelle.
Huis van Majorelle.
Marrakech, maandag 1 februari 2010.
Het weer is weer prachtig, zo’n 20 graden, na ons Marokkaans ontbijtje, yoghurt, pannenkoek, verse sinaasappelsap, geroosterd brood met jam en koffie, vertrekken we helemaal in voor een lange wandeling.
We gaan lopend naar het Musèe d’Art Islamique en Jardin Majorelle.
Eerst via de Koutoubia Moskee of de moskee van de boekhandelaren, de naam kreeg hij omdat van oudsher boekhandelaren hun markt in de nabijheid van de moskee hadden. De moskee zelf mag je niet binnen…we zijn geen moslims. De minaret is uit 1195, de toren is 68 meter hoog en heeft een grondvlak van 13 bij 13 m, is versierd met dubbele dennenappel rij en tegeltableaus, bovenop een staaf met 3 bollen.
Hierna lopen we via tuinen naar de Bab (=poort) Nkoben volgen de ommuring tot Bab Moussoufa.
Onderweg sinaasappel geplukt, de Marokkaan die het zag gebeuren trok er een zuur gezicht bij, toen op een bankje gaan opeten, erg sappig maar zuuuuuur, enfin een half uur later had je er wel nog een frisse mond van.
We komen ook langs de Gare Routière, een heel groot verschil met het station wat we zagen in de nieuwe stad, dat zag er modern uit. Dit station doet rommelig en slordig aan, op het plein ervoor zitten allemaal mannen met een verfpot en kwast aan de fiets, materiaal om verstoppingen op te lossen of andere gereedschappen om klusjes te doen, klaar om ingehuurd te worden.
Via de Boulevard Allal El fassi, waarvan het 1ste deel ook erg rommelig is naar een vrij leuk pleintje om even iets te drinken.
De Jardin Majorelle is na even zoeken gevonden, het museum wat op hetzelfde terrein ligt is jammer genoeg wegens werkzaamheden gesloten.
Jacques Majorelle was een franse schilder geboren te Nancy in 1886, nam schilderlessen in Parijs, reisde naar Spanje, Italië en Egypte, maar toen hij in 1917 TBC kreeg ging hij herstellen in Marrakech, daar werd hij verliefd op het intense licht en kreeg een grote fascinatie voor de soeks en dorpen in de Atlas, hij besloot er te blijven en schiep zijn eigen moorse felblauwe villa met er omheen een weelderige tuin.
Hij overleed hier in 1962.
Later werd het huis gekocht door Yves Saint-Laurent en Pierre Bergé. Yves is intussen ook overleden.
Er lopen 4 wandelpaden door de tuin, naast yucca’s, bougainville, hibiscussen, bamboe en cipressen zijn er zo’n 400 palmen in de tuin en 1800 cactussoorten…een klein paradijs.
Na al dat moois, geen zin meer om terug te lopen…terug met de taxi, om daarna weer te genieten van al het bijzonders op het plein.
Café restaurant Argana.

Heerlijk ijs hebben ze hier.
Stadsmuren.
Bahia paleis.
Bahia paleis.
Bahia paleis.
Kruidenwinkeltje.
Joodse wijk.
Synagoge.
Zondag, 31 januari 2010.
Vandaag willen we het Badi-paleis bezoeken, maar als we daar aankomen blijkt het dicht.Geen nood, dan gaan we naar het Bahia – paleis.
Terwijl we op onze plattegrond kijken om te zien hoe we er moeten komen worden we aangesproken door een Marokkaans mannetje, hij wil ons door de oude Joodse wijk (=Mellah) loodsen en naar de Synagoge brengen, we vragen wat dat moet kosten …niks, alleen iets geven aan de bewaker van de synagoge.Dus vooruit maar,
De voormalige Joodse wijk van Marrakech had ooit 16.000 bewoners. Tot de onafhankelijkheid was het de grootste Mellah in Marokko, vroeger tot 1936 werd de wijk omringd door een muur met 2 poorten, de ene poort leidde naar de begraafplaats en de andere naar de stad.
Marokko kent sinds de oudheid al een joodse gemeenschap, de meeste sultans boden hun een bescherming, nu kent Marokko nog steeds een kleine joodse gemeenschap.
Toch wel aardig om in zo’n islamitisch bolwerk nog een ander geloof te ontdekken.
Na het bezoek aan de synagoge willen we onze trip verder zetten naar het Bahia-paleis, maar eerst moeten we van het mannetje nog even een kruidenwinkeltje binnen…en daar draaide het hem om, de eigenaar is zijn zoon. Hebben we ons laten overhalen om thee en wat kruiden te kopen….wou Giel toch al.
Op naar Bahia (=Favoriet), dit paleis werd aan het eind van de 19de eeuw gebouwd door 2 grootviziers, vader en zoon. Het bestaat dan ook uit 2 delen. Het oudste deel heeft appartementen rond een met marmer geplaveide binnenplaats, verder is er een open binnenplaats met cipressen, sinaasappel en jasmijnbomen.
Het nieuwere deel heeft niet echt een plan, het bestaat uit luxueuze appartementen met uitzicht op lommerrijke binnenplaatsen. De ontvangstruimte is versierd met cederhout, verder veel mooie tegels en marmer, allemaal even mooi om te zien.
Ook is er een moskee en een medersa (=koranschool) maar deze zijn niet te bezoeken.
Hierna gaan we ons weer vergapen, lekker op terras, aan alles wat er op het Jemaa-El-Fna plein gebeurd.
Immo kantoor.
In de verte de Hoge Atlas.
Palmeriaie.
Luxe hotels.