Naar de inhoud

mijn verzinsels

seniorennet.beseniorennet.be
Hallo beste lezers. Ik ben Roger Van Goethem, uw gastheer. Vorig jaar is mijn vierde boek verschenen. Het boek heeft de veelbelovende tittel ‘Erop en erover’ Het is een verzameling van ludieke verhalen en kwajongensstreken uit mijn jeugd. Mijn vorige werken zijn: ‘De trap der wijsheid’, een jeugdroman, ‘Pinkske’ een kinderboekje, en ‘De zevende hemel’ een bikkelharde misdaadroman.

Berichten van 1 januari 2008 tot 31 december 2008

Eén god

Eén God

 

God, helpt mij uit mijn twijfel.

Nu men de wereld mijn dorp noemt,

kan Ik mijn dorpelingen niet verstaan

Herstel die toren van Babel weer.

Want spraken wij dezelfde taal

wij zouden ons begrijpen.

Geen oorlog of geen honger meer.

Geen nieuwe messen slijpen

Wat wil nu juist die Pakistaan.

En wat die Irakezen.

God, voor ’t gemak gebruik één naam.

voor mensen die geloven.

Dan zouden ze uw naam verstaan.

Niet met elkaar aan ‘t vechten gaan.

Dan waren er geen goeden meer,

dan waren er geen slechten.

Als u zo groot bent, begrijp ik wel,

is het moeilijk om te kiezen.

Want macht dat brengt ook ijdelheid.

Men zou zijn naam verliezen.

Al was het Jan al was het Piet.

Maar geen twee namen kiezen.

Het schept verwarring in ons hoofd.

Zeg, wie is er de beste nu.

Is het Mohammed, Jezus, Boeddha.

Toe Beslis nog liefst vandaag.

Anders stelt een atheïst als ik,

‘t bestaan van een God in vraag.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:11 Reageer op dit bericht

Drag queen.

 

 

“Bompa, jij droeg toen een rokje,”zei mijn kleine deugniet

Toen ik hem de foto, waarop ik pakweg zeven maanden oud was toonde.

Het pakje dat ik droeg leek wel op een jurkje, maar dat was het niet.

Mijn moeder noemde het Barbateuse maar hoe het in het Nederlands heet ik weet het niet.

Daar zat ik dan met een wit kanten kraagje, hemelsblauwe bofmouwtjes en een dito bol rokje waar onderuit amper een broekje kwam gluren.

“Bompa, waarom had jij maar één krul?” vroeg klein manneke met een vermakelijke, wat spottende lach.

Eén krul midden op mijn hoofd, de schoonheid zoals moeder ze toen zag.

Was mijn moeke bijziende of was mijn piemeltje zo klein, dat ik misschien nog een meisje zou kunnen worden?

Ik met een jurk hoe kon het toch bestaan dat vreemde pak waarvan mij de naam is van ontgaan.

En dan die krul niet aan te zien, den bompa als drag queen.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:06 Reageer op dit bericht

Kanker

Uitgemergeld zo lag zij daar.

De kanker had haar geveld.

Ik wou haar helpen maar

Zij werd te zeer door de pijn gekweld.

 

Haar weerstand brak in d’ hoogste nood

Ik bood haar troost, het leed was groot.

Tot ze tevree haar ogen sloot

en ze genoot van de zoete omhelzing van de dood

 

Voor mijn moedertje overleden november-1963

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door rovago om 11:01 Reageer op dit bericht

De tijd

 

Plots kreeg hij die rare tik.

Hij zei aanhoudend tak.

Zij had het zeker niet voor tak.

Zij zei voortdurend tik.

 

Ze hebben ’t al eeuwen aan de stok.

Zij tik en hij weer tak.

‘K Weet dat er al de tijd instak.

In ’t tikke, takke van de klok

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:58 Reageer op dit bericht

De grootste uitvinding aller tijden

De grootste uitvinding aller tijden.

 

Men zegt dat de grootste uitvinding aller tijden het wiel is.

Ik ben het daar helemaal niet met eens.

Volgens mij zijn er twee grootste uitvindingen aller tijden. De stoel en het bed.

Zeg nu zelf, waar brengen wij de meeste tijd door. Op een wiel? Maar neen, in bed en op een stoel. Denk eens hoeveel heerlijke momenten je had gemist als er geen bed was geweest. Je had liggen vrijen op de kasseien. Standje 36, 38, 44 en 70 uit de kamasutra hadden nooit bestaan, binnen de kortste keren waren je ellebogen, je knieschijven, je beide oren en je neus naar de bliksem. Met een baksteen onder je hoofd zou je nooit zachte dromen hebben gehad. De computer was nooit uitgevonden, als er geen stoelen waren geweest. Kan je het je voorstellen uren rechtstaande voor je pc-tje? Hoe zou het de ridders van de ronde tafel niet vergaan zijn en onze ministers, urenlange vergaderingen, rechtop. Wij hadden zelfs geen stoelgang wat ons leven aanzienlijk zou verkorten. Neen, volgens mij is het wiel overschat. Bovendien zonder het wiel geen industrie, geen auto’s geen pollutie! Zonder het wiel liep hier alles nog op wieltjes.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:54 Reageer op dit bericht

De regenbui

Die avond na de regen.

 

Weet je nog die avond toen je drijfnat voor mij stond

Ik toonde je de badkamer en waar je d’ badhanddoeken vond

Ik gaf je mijn gele kamerjas die te breed was en te lang

Je acteerde wat verlegen en ook een beetje bang.

 

Je slurpte van de hete thee die ik je had gebracht.

Wat vond ik je toen sensueel, dat had je wel verwacht.

De kamerjas viel bij ongeluk open of was het voorbedacht.

De onschuld die je speelde leek mij plotseling verdacht

 

Je lichaamstaal vertelde mij wat je toen verwachte.

Ik streelde zacht je eupen, je keek verlangend en je lachte.

Die avond werd het summum, een droom een liefdesfeest.

Nooit ben ik een regenbui als toen, zo dankbaar nog geweest.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:51 Reageer op dit bericht

Dan liever dood.

 

Ik mag geen dode takken uit het bos meenemen

Of zelfs geen gevallen blad

Men zegt dat ik dan de natuur zal verstoren.

Want boompje sterft en insect vreet.

Zo kan het overleven.

En ik zou mij laten cremeren?

Dat nooit, liever dood!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:42 Reageer op dit bericht

Blijvende haat.

 

Zij hadden haar baby in stukken gehakt.

Wat zij zo lief had van haar afgepakt.

Onder haar eigen smekende ogen.

Zo kil en zonder mededogen.

Ze lachten nog!

En toch.

Zijn broer.

Hij zal hem later wreken.

Heel hun dorp in vlammen steken

Hij zal die smeerlappen zeker pakken

Ze met zijn machete in stukken hakken

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:40 Reageer op dit bericht

Antwerpen

Antwerpen.
 

Van op de toren zie je haar.

De moeder van mijn lief.

De Schelde als een zilveren lint.

Antwerpens adelbrief.

 

Antwerpen ‘k werd geboren daar.

‘k Zong er mijn eerste lied.

En nu nog steeds bezing ik haar.

De stad die zoveel bied.

 

De Sinjoor is zegt men vaak.

Een arrogante chauvinist.

Die kent ons warme hart niet goed.

Die heeft de pointe gemist.

 

Ik ben er in ’t zuiden opgegroeid.

In ’t Noorden zal ik gaan.

Nog eens langs ‘t mooie Schelde lint.

Kijk ik mijn stad, mijn liefde aan.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:38 Reageer op dit bericht

Bevallen van een prins.

Bevallen van een prins.

 

Iedere dag bevallen is hard.

Dag na dag die barensweeën.

Het zweten, worstelen.

Zal ik ooit een prins baren.

Eén toevallig samenvallen

van klanken en woorden

die treffen in uw hart.

Kom mijn muze, mijn baker,

spreidt je prinselijke bakermat.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:32 Reageer op dit bericht

Sorm op zee

Storm op zee.

 

Een loodgrijze lucht doorspekt met okerkleurige slierten,

dreef ergerlijk traag naar het sidderende binnenland.

Op het inktzwarte water dreef een zachtjes deinde zijlboot.

Het naakte, sluimerende meisje liet niets vermoedend

haar zinnelijke lichaam strelen door de zwoele avondwind.

 

De driest oprukkende zomerstorm sleurde de laatste.

flarden gele zonnegloed uit de kobaltblauwe hemel.

Als een verslindend monster hapte de tempest om zich heen.

De eerste vette druppels spette open op ‘s meisjes welvende buik.

 

Het weerloze scheepje danste stuur en kansloos,

op de woeste witte kolkende schuimkoppen.

Het slokkende zeewater sleurde het vaartuig naar haar laveloze laagte.

Op een bed van wiegende zeeanemonen ontving Poseidon zijn nieuwe bruid.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:28 Reageer op dit bericht

Hallo beste bezoekers

Sinds juli 2008 is mijn nieuw boek

“De zevende hemel”

Verschenen.

Een misdaadroman

Het verhaal speelt zich af tijdens de turbulente jaren 20 in het Antwerpse Schipperskwartier.

De hoerenbuurt staat in rep en roer wanneer een psychopaat de ene na de andere prostituee op gruwelijke wijze vermoord.

Middenin die huiveringwekkende omgeving, groeit er een romance tussen een naïef, onschuldig meisje en een meedogenloze gangster. Het boek houdt De lezer in spanning van de eerste tot de laatste bladzijde.

Verkrijgbaar in de boekhandel vanaf 24 juli 2008 en kan ook besteld worden via dit blog.

Mijn boek is een groot succes. Ik ben nu bezig met een nieuw boek.
Het is een kinder roman. Mijn verhaal is helemaal klaar om naar de uitgeverij te zenden. Alleen ik zou nog een viertal tekeningen moeten hebben als ilustratie en van tekenen heb ik geen verstand. Misschien jij wel? Mail mij en wij zien hoe wij overeen kunnen komen. Het is redelijk dringend.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 00:00 Reageer op dit bericht

gemaakt door de goden.

Gemaakt door de goden uit het zachtste fluweel.

Met goud en met zilver tot het mooiste juweel.

Met ogen als parels zo diep als de zee.

Vlieg vlug naar Utopia dan vlieg ik met je mee.

Mijn prachtige jongen van ruw diamant.

Ik slijp jouw facetten met mijn grijze verstand.

Je bent zo verstandig en leergierig daarbij.

Heel mijn levenswijsheid die krijg je van mij.

Mijn droom melodie in sprankelend allegro.

Jij kind van mijn ziel, mijn lieve Eliano.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:49 Reageer op dit bericht

Feiloos en ervaren

Feilloos en ervaren.

 

Gisteren nacht nam ik mijn viool.

Mijn vedel streek over de snaren.

Het lied klonk dartel en frivool.

Mijn vingers dansten feilloos en ervaren.

 

Een meisje had het lied gehoord.

Zij danste wild en als betoverd.

De tonen hadden haar bekoord.

Ik had haar hart en ziel veroverd.

 

Zij was door hartstocht overmand

Haar wellust en drift, niet te bedaren.

Haar wulpse lichaam stond in brand.

Mijn vingers dansten feilloos en ervaren.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:48 Reageer op dit bericht

Een triootje

Een triootje

 

De zeden veranderen, gelukkig maar. Mijn moedertje die er nu honderdendrie zou zijn, dacht toen zij op haar zestiende voor het eerst haar maandstonden kreeg dat zij zou doodbloeden en stervende was.

Ik zelf was twaalf toen ik voor het eerst in de bosjes, twee ontluikende meisjesborstjes zag.

Nu prijken half naakte dames op affiches en weten de kinderen vanaf hun drie waar de kindjes vandaan komen. Ze zien zoveel blote madammen als ze willen in de damesbladen. Bijna elk liedje op de radio roept over fuck en seks. Dat vind ik wel overdreven, de rest kan en mag best voor mij.

Toch schrik ik soms van de artikels in gerenommeerde damesmagazines. Zo stond er deze week in de ‘Flair’, een veelgelezen blad door de Vlaamse huisvrouwen, een hoofding: ‘Hoe regel je een fijn triootje.’

 Ik wist niet dat er zoveel jonge vrouwen mee bezig waren. Hoe moet het dan? Waarschijnlijk twee mannen en één vrouw, want het is een damesblad.

Toen ik er met de bomma over zat te praten, had klein manneke een aandachtig oor.

“Een triootje, daar weet ik alles van,”orakelde Eliano overtuigend.

“O, ja!”Vroeg ik verontwaardigd, vanwege mijn door de jaren misvormde geest en met de verkeerde voorstelling voor mijn geest. Hij met Anneke en Leentje… Jezus, ik mocht er niet aan denken!

“Ja bompa, een triootje, dat zijn drie muziekanten,”zei hij simpeltjes.

Ik lachte van opluchting en schuwde mijn gedachten.

“Zeg Eliano, weet je dan ook wat een kwartet is?”

“Natuurlijk bompa, wij leren al breuken hoor. Een kwartet is als je het vierde van een borst kunt zien,”klonk het spontane antwoord.

Voor ik die kwart borst in een muziekgroepje had gegoten, ging er enige tijd over.

Klein manneke toch.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door rovago om 11:46 1 reactie Reageer op dit bericht

Jefke

Jefke.

 

Jefke is, zoals je het op een beleefde mannier zou zeggen een beetje simpel van geest. Bij heel wat caféklanten valt dat niet eens op. Want Jefke praat volwaardig mee over alle onderwerpen die in een gemiddeld cafégesprek voorkomen. Hij weet alles over koers en voetbal. Vraag mij wie er vorig jaar de tour gewonnen heeft en ik moet u het antwoord schuldig blijven, maar Jefke verkondigd met een ongekende hartstocht wie in 1970 de gele en de groene trui gedragen heeft, of wie in 2001 eerste tweede en derde waren.

Tot mijn spijt moet ik bekennen dat sport aan mij niet besteed is, noch een fietskoers noch een voetbalwedstrijd kunnen mij bekoren. Jefke is in de ban van alles wat sport is. Hij is er door begeesterd.

O wee, de toevallige cafébezoeker die Jefke niet kent en met hem een gesprek over de koers begint, die geraakt het schriele mannetje niet meer kwijt. Uren dramt Jefke door. In een notendop vertelt hij hem dan de wielrenners geschiedenis van 1960 tot 2008.

“Ik heb de grote allemaal gekend mijnheer, hier kijk maar eens,”zegt Jefke fier en toont de man zijn onafscheidelijk petje.

“Hier getekend door mijn beste vriend,”snoeft hij en houd hem zijn bezoedeld ‘klakske’ voor, waarop de klep de Handtekening van Eddy Merkx nog vaag zichtbaar is.

“Vroeger gingen wij altijd samen trainen,”liegt hij dan vol overtuiging.

“Ja, ja, ik heb vroeger nog gekoerst. De ene wedstrijd na de andere won ik. Ik was de grote belofte van Vlaanderen, zoals Tom Boone. Merkx, die reed ik zo uit mijn wiel. Helaas, ik had een slechte doktoor daarom kon ik niet meer mee met de anderen. Ik wist dat die mannen allemaal slikten of spoten. Ik sprak er met mijnen doktoor over, hij heeft mij geholpen. Hij schreef mij placebo’s voor. Mijnheer neemt dat nooit, het is geld in het water, ze helpen maar een tijdje. Nochtans sterk spul zei de dokter. Ik ben er gelukkig tijdig mee gestopt want de apotheker waarschuwde mij dat ik er aan verslaafd zou geraken.”

“Jefke, laat nog eens zien hoe je het kanaal hebt over gezwommen, dan krijg je van mij nog een pintje”zegt de waardin die ziet dat de toevallige klant erg verveeld wordt door Jefke taterwater.

Dan gaat Jefke op een schabelletje staan, werpt zich plat op zijn buik en begint een soort vlinderslag te demonstreren waarbij hij heel de cafévloer afdweilt.

Ja, want voor een pintje doet Jefke alles. Het is dan ook onmiskenbaar dat het kereltje een zwaar alcohol probleem heeft.

In het café hangt de lange naam ‘In de donkere wolk den baas is zatter dan ’t volk,”was Jefke, tot voor kort, kind aan huis. In ruil tegen wat eenvoudige klusjes kreeg Jef er zijn pilsjes gratis. Maar vorige week kwam daar een eind aan. Toen in de voormiddag Julia de uitbaatster van het toilet terug kwam, zat Jefke in een wat ongemakkelijke houding op een barkruk.

“Wel Jefke, je zit daar zo raar,”stelde Julia vast.

“Ach, maske ik krijg opeens zo’n krampen in mijn buik. Ik ga eventjes naar huis een pilletje innemen.”

“Maar bijlange niet Jefke, ik heb hier goede pilletjes staan, Immodium, ken je dat?”

“Neen, Julia ik denk dat ik zwanger ben, ik heb weeën.”

“Jef zevert niet, mannen worden niet zwanger. Bovendien je hebt niet eens een lief. Kom vent neemt zo’n pilletje.

“Neen, maar ik heb er thuis beter, voorgeschreven door mijnheer doktoor”zei Jefke.

“Jongen toch, je zit zo ineen, ga maar eens eerst naar de koer, voor dat je het in je broek doet.”

“Ik kan niet gaan op een vreemd toilet.”

“Maar enfin Jefke je gaat hier bijna elke dag. Komaan, jongen voor het te laat is. Zie, het zweet staat al op je voorhoofd.”

Inderdaad Jefke zweette, maar dat had een heel andere reden dan zijn geveinsde buikkrampen.

“Ik ga ineens naar huis Julia, ik kan niet meer.”

Met zijn handen op zijn buik zakte hij voorzichtig van zijn kruk.

“Hier Jefke je klakske nog,”zei Julia bezorgt en ze reikte hem zijn onafscheidelijke pet aan.”

Jefke pakte naar de pet, loste zijn greep en de fles jenever die hij tussen zijn broek had gestoken viel in stukken op de grond.

“Wel jij dief!”riep Julia verbouwereerd.

“Eruit, en ik wil je hier nooit meer zien!”

Met gebogen hoofd verliet Jefke de herberg met in zijn gedachten maar één ding.

“Waar kan ik mijn pintjes nu nog gratis krijgen.”

Gisteren, zag ik hem al gedreven rondzwemmen in café ‘Welkom’.

 

  

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:43 Reageer op dit bericht

zij baart het nieuwe lentekind

Zij baart het nieuwe lentekind.



EOSTRA%2520Acrylic%2520final.JPG
 

Genietend op haar bloementroon.

Veegt zij de winterschade schoon.

Zij blaast de zachte zuidenwind.

Dan baart zij ‘t nieuwe lentekind.

Dat geur en kleur en licht verspreid.

En ‘t hart van jong en oud verblijd.

Zij geeft ons weer dat nieuw begin.

                  De lieve lentekoningin.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 18:18 Reageer op dit bericht

Verloren liefde.

Verloren liefde

Zij wandelden samen arm in arm, kinderen amper vijftien jaar.
De mensen lachten cynisch spottend, toch waren zij echt een paar.
Van seks was er toen nog geen sprake, neen, daar dachten zij niet aan.
Elkaar wat kussen en wat strelen meer werd er niets gedaan.
Maar dan enkele maanden later, ver weg verborgen tussen ‘t gras.
Bevend, en na lang gestamel vond hij de hoogste hemel pas.
Zij had zich wel aan hem gegeven, doch het was voor haar te vroeg.
Ze kon het haarzelf niet vergeven, en brak met hem spijtig genoeg.
Liefde eerst zo puur en zuiver was voor haar niet langer waar, Want wat er met haar gebeurde, daarvoor was zij nog niet klaar
Hij kon het maar niet begrijpen, het ging mis, voorgoed maar waar.

Hij was lief en zo voorzichtig, God hij hield zo veel van haar.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:19 Reageer op dit bericht

Mag een Sinjoor

Mag een ‘Sinjoor’ nog één Antwerpenaar zijn?

 

Toen ik zesenzestig jaar geleden in het midden van de Julius de Geyterstraat speelde had ik mij nooit deze dag zo niet kunnen voorspellen. Een lente dag begin februari, ik besloot met mijn kleinzoontje de straat waar ik eens mijn jeugd had doorgebracht te bezoeken. Wij zouden van Ekeren de bus en daarna de tram naar het Kiel nemen. Tot op de Rooseveldplaats ging alles nog normaal. De vijf à zes allochtonen op de bus verwonderden ons niet, dat was een dagelijks beeld geworden het waren mensen zoals jij en ik met hun eigenheden. Maar dan wat later op de Antwerpse tram naar het Kiel, daar werd ik bang. Ik, mijn kleinzoontje en nog een andere verdwaalde Antwerpse oudedame, zaten op het voertuig tussen een bont zooitje gemengde landsmannen: Turken, Afrikanen, Aziaten, Marokkanen en weet ik nog welke andere volkeren die zich op deze tram genesteld hadden. Ongewild moest ik aan het liedje van de ‘Strangers’  denken, ‘De sinjorentram.’ Er was geen ene ‘sinjoor’ te merken. Durf mij geen racist te noemen. Neen, ik hou van alle rassen van de wereld, maar ze mogen niet allemaal tegelijk in mijn tuin komen zitten. Te is trop, een blijvend en gevat citaat van Van den Boeynants. Ik hou van mijn wereldburen. Ik hou ook van suiker, maar één klontje in mijn koffie is genoeg, twee, ik zal hem drinken nu ze er toch in liggen, maar een kop vol suiker met een druppel koffie erop, wie zuipt dat?

 

“Ik moest aan dat oude liedje ‘de sinjorentram’ denken,”zei ik tot de oude dame die naast mij staat. Ze keek bang opzij alsof zij mij niet verstond en bevreesd was voor de anderen.

Ik begreep al vlug dat de andere passagiers er een andere gedragscode dan ik op nahielden. Twee kerels zo uit het oerwoud van Cambodja geplukt, lagen op een bank, boven op elkaar een robbertje te worstelen. Hoe gauw een mens een vreemde taal verstaat, want ik begreep al vlug dat de jongste, die vanonder lag niet van het rijtuig wilde terwijl de andere dat met aandrang wel wou. Een reeks Afrikanen stoorden zich niet aan de vechtpartij, zij vergenoegden zich aan hun gsm’ s  en lieten de rest van het compartiment met volle teugen meegenieten van hun kleurrijk gebrabbel. Ook zonder gsm hadden zij hun correspondent waarschijnlijk wel bereikt. Ik herinnerde mij hoeveel moeite de leerkrachten hebben gehad om ons de drie eerste leerjaren van het lager onderwijs de beginselen van de welvoeglijkheid bij te brengen.

 

De tram stopte op de hoek van mijn vroegere straat. Met mijn kleinzoontje aan de hand, moest ik even goed rondkijken om te weten waar ik juist stond. Ik herkende ze amper, de julius de Geyterstraat. Ook haar oude smoel was verbouwd, mijn overleden ouders zouden ze niet meer herkennen.

 

“Kijk,”zei ik tot mijn zoontje.”Dat was nu mijn straat, hier speelde ik dag in dag uit met mijn vriendjes.

 

Mijn kleinzoontje keek wat ongelovig naar de huidige bewoners.

 

“Was jij vroeger zo?”bompa vroeg hij.

 

“Maar neen, zotteke.”

 

Ik vertelde hem over de Pol van de ‘Strangers’, die vlak tegenover mij woonde en waarmee ik samen buskesstamp speelde en over al de andere kindjes Françoike en Simonneke en Charlotje en…

 

Ik liep even langs de belletjes met de hoop nog een bekende naam te vinden.

 

Waar kwamen zij plots vandaan? Waar hadden al die gasten gezeten toen ik nog een kind  was. Stonden zij soms over  de muur van onze tuin te loeren. Lagen zij te gluren, en hun beurt af te wachten om over de muur te springen en onze plaats in te nemen?

IK weet het niet.

Ik keek naar mijn kleinzoontje en dacht: als er te veel suiker is werp je beter de koffie weg, en ik maakte mij zorgen.

 

Rovago.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door rovago om 16:16 Reageer op dit bericht

Mijn lentepalet

Lente palet.


logo%2520Talens%2520Palet%2520RGB%2520zonder%2520onderschrift.JPG

 

‘k Mijn schildersezel klaar gezet.

‘k Smijt pastelkleuren op mijn palet.

Met mijn lieflijkste penselen

Zal ik met lentekleuren spelen.

Ik smijt ze kris kras op mijn doek.

Omdat ik mij de lente zoek.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door rovago om 16:13 Reageer op dit bericht

Er sliep een engeltje naast mij.

Er sliep een engeltje naast mij.





 

Je kwam vannacht weer aan mijn zij

Je kroop dicht en knus bij mij.

Vleide je hoofdje op mijn arm.

Je roze wangetjes zacht en warm.

Je ademde zwaar je sliep weer in.

Je had het bij mij naar je zin.

Er sliep een engeltje naast mij.

Klein manneke wat maak jij bompa blij.

 

Den bompa

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:08 Reageer op dit bericht

Doemgedachten.

Doemgedachten


handeninhethaar.jpg
 

Ik kan vannacht de slaap niet vinden.

Doemgedachten blijven steeds mijn geest verslinden.

Elke gedachte van levensgeluk verdwijnt,

terwijl alle tegenspoed als een horror film verschijnt.

Ik lig te woelen, zelfs zachte radiomuziek help mij niet.

Gek dat een mens het leven soms zo zwartgallig ziet.

En als er nu nog een enkele reden mocht zijn,

Mijn ganse dag was probleemloos mooi en fijn.

Waarom die muizenissen in mijn zware hoofd.

Voor de tiende keer opnieuw het licht gedoofd.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:59 Reageer op dit bericht

De zee lokt

De zee lokt.



get.aspx

 

Bezwete gezichten, nog werk voor de boeg.

De reus moet eruit en daarna naar de kroeg.

Nog trekken en sjouwen de job is gedaan.

Dan blaast hij zijn hoorn ‘t is weer tijd om te gaan.

Motoren die bulderen de fluit laat een schreeuw.

De haven verdwijnt hij stoomt recht naar de zee.

Een knul staat aan wal naar het zeeschip te turen.

Droomt van landen ver weg en zeeman’ s avonturen.

Het schip kruist de einder, zijn droom is voorbij.

Die knaap, dat was ik en die droom was van mij.

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:52 Reageer op dit bericht

Het boek.

Het boek.

divorce_books.gif


Hij scheurde een bladzijde uit het boek

Het dagboek van zijn leven.

Een van, verlies en liefde zoek.

’t Was beter nooit geschreven.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:45 Reageer op dit bericht

Charlotje

Charlotje.

Ik ontmoette deze morgen een vriend die ik reeds ken van in mijn jeugdjaren, de broer van Charlotte.

Tonny een buurjongen. Mijn vader vertelde mij altijd dat de knaap Tonny heette, omdat hij de vrucht was van een Engels soldaat die het met zijn moeder had gedaan tijdens de bevrijding. Maar goed dat de Chinezen ons niet hebben bevrijd anders heette Tonny misschien Ying yang.

Nu ja, na vele jaren wist ik wel dat ik mijn vader niet altijd au serieus moest nemen, pa was een geboren speelvogel, een kindertreiter.

Zo woonde er in onze straat, de deur naast ons, een meisje dat Charlotte heette, de jongere zus van Tonny.

O, wat was is als kind verliefd op haar. Al vanaf mijn vijfde adoreerde ik Charlotje. Mijn vader wist het, en hij had toen voor mij een ondeugend liedje gemaakt dat als volgt klinkt.

“Charlotje mijn zotje, geef mij de sleutel van je gotje.” (gotje is Antwerps voor gaatje)- voor de Nederlanders-

Wist ik veel wat daar verkeerd aan was en ik zong het als een Romeo voor zijn Julia, tot ik… Lotjes moeder achter mijn vodden kreeg.

De genen mijn vriend, wil het toeval toch dat er bij Eliano in de klas een meisje zit waarop hij verliefd is en dat toevallig Charlotte heet.

Neen, verkeerd geraden ik leer hem het versje niet, hoewel ik ferm op mijn tanden moet bijten.

Zo zie je maar je leert bij, van generatie tot generatie. Wij zijn meer gesofistikeerd noemt men dat. Dikke nekken, dat is het.

Wie weet leer ik het hem straks toch.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:37 Reageer op dit bericht

bedrog

Bedrog. kaas.gif

 

Beduveld worden weet je wel wat dat beduid.

Met een theelepel viste ik ze er allemaal uit.

Dan heb ik de gaten in de kaas precies gewogen.

‘t Netto gewicht is juist, de kaasboer heeft mij niet bedrogen.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:33 Reageer op dit bericht

De lente komt.

De lente komt

 

Onvervulde sneeuwdromen smelten in de nieuwe zon.

Op zijn pastelpaard verschijnt de fiere lenteprins, hij overwon.

De aarde barst voor bloemenpracht nog even toegevouwen.

De winter sterft een trage dood, wie zal er om hem rouwen.

 

Een vroege vlinder fladdert rond op zoek naar schaarse nectar.

De krantenjongen hobbelt fluitend voort op zijn gebloemde fietskar.

Zes mussen tjilpen, ruziën  fel, zij vormen ’t juiste paartje.

Ook mijn hondje voelt zich blij, hij kwispelt met zijn staartje.

 

De hele wereld is tevree en smacht, en wacht naar lentekleur

Ik adem diep, geniet voluit de zachte, frisse, voorjaarsgeur.

Een merel stijgt weer vrolijk op met in zijn bek een vette worm.

De aarde krijgt zijn nieuw gezicht … de lieve maartse vorm.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 10:36 Reageer op dit bericht

Zwarte muizen.

Zwarte muizen.

Zoals bijna iedere woensdagmorgen, ging ik vandaag ook weer, bij een lekker zonnetje, naar de markt in de Driehoekstraat. Mijn interesse gaat slechts naar een paar kramen: de viskraam, de groenten en fruit kraam (waar ik de vitaminen voor een ganse week inkoop), en tenslotte de snoepkraam, (waar ik de suiker die ik niet mag hebben vanwege mijn diabetes inkoop), omdat ik het niet laten kan.

Met zwarte muizen zondig dan overdadig omdat ik zo graag de smaak van anijs heb.

Tevergeefs zocht ik rond tussen de uigestalde lekkernijen.

“Mijnheer heeft u al van die heerlijke zwarte muizen?”vroeg ik vol verwachting aan de marktkramer.

“Ik weet het mijnheer, u hebt er al een paar weken na elkaar naar gevraagd. Eergisteren nog heb ik woedend getelefoneerd naar de leverancier, en als ik boos ben mijnheer, dan weten ze er van! Volgende week zal ik er zeker terug bij hebben.”

Diep teleur gesteld wilde ik mijn weg verder zetten.

“Mijnheer, ik heb wel zwarte pieten die hetzelfde smaken!”riep de man mij na.

Ik keerde terug op mijn stappen.

Ik had mij verwacht aan een drop in de vorm van de trouwe helper van de Sint.

“Hier proef maar een eens ze smaken het zelfde als de muizen,”verzekerde de man en hij dook onder de plank met uitgestalde snoepjes. Dan reikte hij mij een zwarte piet aan, zoals men dat in de jaren vijftig deed met seksboekjes die men vanonder de toonbank haalde. Verwonderd keek ik naar het snoepje in mijn hand. Het was een waarachtige zwarte penis, zij het dan in eerste communie formaat. Met wat twijfels stak ik de drop in mijn mond. Tot mijn verbazing smaakte hij net zo heerlijk als de door mij begeerde zwarte muizen.

“Lekker nietwaar?”vroeg de verkoper met een schalkse lach.

“Inderdaad geef mij maar een half pond,”zei ik.

“Ja, ze zijn lekker en ik heb ook nog zwarte borsten bij. Nu wij geen negerinnen tetten meer mogen verkopen, beginnen wij met zwarte pieten en zwarte tetten,”schaterde de man.

Als spoedig bleek het dat hij niet voldoende pieten meer in zijn bokaal had.”

“Ik ga even kijken of ik er nog in mijn wagen heb liggen,”zei de man.

“Weet je,” onderbrak ik hem “ vul dan maar aan met borsten.”

“O, dat is gemakkelijker mijnheer.”

“Ik zuig toch liever op een borst dan op een penis, vindt u ook niet?”lachte ik en maakte daarmee een grap die niet in goede aarde viel, want de marktkramer keek mij plots scheef aan en sloot nors af met:

“Dat is een kwestie van smaak hé mijnheer, gewoon een kwestie van smaak.”

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door rovago om 00:05 Reageer op dit bericht

Haar laatste bus

Zaterdagnacht.

 

Zachtjes streelden zijn vingers over haar doorweekte haren.

Zij keek hem lieflijk aan.

Hun lippen zochten elkaar en versmolten in een laatste innige kus.

Hij moest haar laten gaan.

Want in de natte kasseien spiegelden de lichten van haar laatste bus.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:44 Reageer op dit bericht

Verloren liefde

Verloren liefde

Zij wandelden samen arm in arm, kinderen amper vijftien jaar.
De mensen lachten cynisch spottend, toch waren zij echt een paar.
Van seks was er toen nog geen sprake, neen, daar dachten zij niet aan.
Elkaar wat kussen en wat strelen meer werd er niets gedaan.
Maar dan enkele maanden later, ver weg verborgen tussen ‘t gras.
Bevend, en na lang gestamel vond hij de hoogste hemel pas.
Zij had zich wel aan hem gegeven, doch het was voor haar te vroeg.
Ze kon het haarzelf niet vergeven, en brak met hem spijtig genoeg.
Liefde eerst zo puur en zuiver was voor haar niet langer waar, Want wat er met haar gebeurde, daarvoor was zij nog niet klaar
Hij kon het maar niet begrijpen, het ging mis, voorgoed maar waar.

Hij was lief en zo voorzichtig, God hij hield zo veel van haar.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:42 Reageer op dit bericht

Verlangen naar jou

Verlangen naar jou.

 

Het brandend verlangen jouw beeld in mijn hoofd.

Het vuur laait steeds feller ‘t wordt nimmer gedoofd.

De gloed in jouw ogen maakt mij zo verward.

Mijn bevende handen mijn bonzende hart.

Jij bent ongenaakbaar zo vreemd zo mystiek.

De vorm van je lichaam volmaakt artistiek.

Toe, leer van mij houden, kom bij mij en zwicht.

Mijn droom mijn vervoering mijn liefdesgedicht.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:40 Reageer op dit bericht

Zij hielt te veel van hem.

Zij hield van hem.

 

 

Zij hield van hem.

Zoals de bloem houdt van de zon.

Zij zou hem alles geven.

Haar liefde zelfs haar leven.

 

Zij hield van hem

Zoals het paard houdt van galop

Zij had zichzelf voorbij gedraafd

Zij was aan hem verslaafd

 

Zij hield van hem.

Zoals de bij van honing houdt.

Zijn nectar was te zoet.

Zij stierf aan de overvloed.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:36 Reageer op dit bericht

Valentijn gedichtje

 

 

Mijn allerliefste Honnypol,

Ik heb mijn pen met liefde gevuld.

En schijf de kamer vol.

Ik heb het van de daken gebruld.

 

Hoeveel ik van je hou.

 

Ik zing voor jou een liefdelied.

Een met de hoogste si.

Een lied waarvan jij vast geniet.

Dan zegt die melodie.

 

Hoeveel ik van je hou.

 

Vandaag is het weer Valentijn.

Dan kan ik niet weerstaan.

De ganse dag bij jou te zijn.

Dat geeft jou te verstaan.

 

Hoeveel ik van je hou.

 

En als je nu nog twijfels had.

Neem dan die rode rozen aan.

Ik leerde ze ook praten schat.

Hoor wat ze jou vertellen gaan.

 

Hoeveel ik van je hou.

 

Papa 14-02-2008

 

 

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:30 Reageer op dit bericht

Het fototoestel

Het fototoestel.

 

Haar zilverkast was mijn moeders trots.

Het was een smalle hoge kerselaren kast met een lang schuifraam vooraan. Zij was onderverdeeld in drie schabben. Op de onderste verdieping stond een Arabisch mokkaservies. De wijnrode kopjes, verfraaid met een gouden randje, keken op naar de koffiepot die hooghartig met zijn nek over hun heen boog. Om het geheel te vervolledigen glom er achteraan een antieke Turkse waterpijp waaraan misschien ooit nog een sjeik aan gelurkt had. 

Op het bovenste vak stond het zilverwerk in zijn opgepoetste glimmende pracht. Het middelste gedeelte was mijn afdeling, de porseleinen beeldjes de koets met het markiezinnetje en op de bok de fiere koetsier, daarachter de verliefde herder en zijn blozend herderinnetje, de hondjes en de poesjes die op hun glazuren achterpootjes dansten, ik kon ze urenlang bewonderen.

Niemand behalve moeder mocht de kast openen het was haar domein, alleen zij besliste wat er in stond en wat er mocht bijkomen. Alleen de vrijdag wanneer zij alles uit het heiligdom haalde om het af te stoffen en op te poetsen mocht ik voorzichtig de beeldjes aanraken. Ik genoot dan van het vrij uitgestalde keramiek en de vrijdaggeur van zilverpoets.

Ik had er nooit aangedacht om zelf in die kast te komen tot op die bewuste dag een nieuw relikwie  in de kast kwam, iets dat er naar mijn gevoelens niet in thuis hoorde.

 Op een dag kwam vader naar huis met een fototoestelletje, dat hij aan boord had gekregen, niet groter dan een luciferdoosje. Het had de kleur van witte chocolade. Mijn ouders keken door het zoekertje naar het licht en deden nogal geheimzinnig over wat er te zien was.

Wanneer ik vroeg om ook eens te kijken, kreeg ik te horen dat het nog niet aan mij besteed was. Het toestelletje kreeg een plaatsje rechts achteraan op de middelste etage van de zilverkast, recht tegenover het ondeugende herderinnetje.

 

Wanneer mijn ooms op bezoek kwamen werd het apparaatje te voorschijn gehaald en ging het van hand tot hand terwijl er bewonderend  en wat smalend door gekeken werd. Daarna werd het weer veilig opgeborgen.

Mijn nieuwsgierigheid werd steeds feller geprikkeld, het was voor mij zowat het doosje van Pandora.

Telkens ik voorbij de zilverkast kwam werd mijn blik door het fototoestelletje aangezogen. Uiteindelijk werd het mij te machtig. Donderdagavond werkte mijn moeder drie uur als poetsvrouw. Mijn vader stond in ploegen en had die week de late shift. Ik was dus alleen thuis en had nu de kans om door het toestelletje te kijken. Ik had alles van dagen te voren uitgedokterd. Ik ging te werk als een geroutineerde dief. Niemand zou erachter komen dat ik in de kast geweest was. Met mijn maatlatje in aanslag opende ik heel voorzichtig de glazen schuifraam. Op de millimeter na mat ik  hoever het hebbedingetje van de kanten stond. Met bevende hand nam ik het begeerde apparaatje van zijn plaats. Ik ging onder de luchter staan en net op het moment dat ik door het glaasje naar het licht wilde kijken ging de deur open. Mijn vader, die vroeger met zijn werk gestopt was, stond als een bedreigend gedaante voor mij. Ik verborg het toestelletje vlug achter mijn rug maar ik kon mijn angst niet verbergen. Vader keek van mij naar de geopende kast en fronste het voorhoofd.

 

“Wel, wat heb je daar achter je rug?”vroeg hij streng.

 

“Niets pake,”beefde ik.

 

“Kom, laat mij je handen eens zien.”

 

Het fototoestelletje kwam te voorschijn.

 

“Heb je erdoor gekeken snotaap?”

 

“Neen, pa”antwoordde ik naar waarheid.

 

“Geef hier dat ding, het is niet mooi wat erin staat.”

 

“Waarom kijken jullie er dan altijd naar pa?”

 

“Omdat het alleen voor grote mensen is snotneus.”

 

Ik mocht een week niet buiten spelen.

 

Het fototoestelletje werd niet meer in de zilverkast gezet. Ik heb het nooit meer terug gezien.  Het zal voor mij altijd een raadsel blijven wat er in te zien was. Heeft er iemand een suggestie?

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:24 Reageer op dit bericht

Roger het fosiel.

Fossiel

 

Toen ik uit mijn ei kroop, kon ik het niet weten.

Ik behoor tot een ras dat heel lang is vergeten.

Ik stam naar men zegt uit de dino tijd.

En ben er de klanken van ‘t heden kwijt.

Speel ik mijn muziek wordt de jeugd pas ziek

Pat Boone zingt nu middeleeuws romantiek

Ik spin nog mijn garen aan ’t spinnewiel.

Men noemt mij Roger het vergeten fossiel.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:22 Reageer op dit bericht

De koopkracht.

Ik word toch zo melancholiek.

De hele toestand maakt mij ziek.

De koopkracht mindert zienderogen.

Dat wordt ooit staken en betogen.

Bedrijven kijken o, zolang vooruit.

De arbeider gaat steeds achteruit.

Om uw toekomst te garanderen.

Moet u het met wat minder leren.

Bedrijven moeten nog meer verdienen.

Om u later nog te kunnen dienen.

Om te kunnen concurreren.

Moeten zij automatiseren.

Want uw loonkost ligt te hoog.

Is hun eeuwige betoog.

Men spreekt van solidariteit.

Maar de rijken zijn die kwijt.

Zij willen maar steeds meer vergaren.

Maar jij loonslaaf moet besparen.

En de arbeider werk en zwijgt.

Tot hij er ooit genoeg van krijgt.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 16:08 Reageer op dit bericht

Betrapt

Betrapt.

Een keer in de maand ging mijn moeder naar haar zuster op bezoek. Toen ik nog heel jong was ging ik met haar mee, maar vanaf mijn acht jaar mocht ik die paar uurtjes alleen thuis blijven. Zeker als het vakantie was, bleef ik liever op straat spelen dan bij die twee kletsende dames te zitten. Bovendien was dat het moment om deugnietstreken uit te halen. Wat moeder mij ten strengste verbood was met lucifers spelen en vriendjes mee in ons huis te nemen. Twee dingen die ik heel graag deed. Die middag nog geen tien minuten nadat ma vertrokken was, zat ik met minstens zeven bengels van mijn leeftijd in onze woonkamer. Ik had de deur op het nachtslot gedraaid zodat men ons niet zou kunnen storen.

Wij deelden ons in twee kampen en speelden cowboy en indiaan. Het was een enorm tumult. Er werd gevochten of ons leven er vanaf hing.

Ik was cowboy en had een vel te grote gleufhoed van pa op mijn hoofd. De indianen hadden rode oorlogsstrepen met moeders lippenstift in hun gezicht getrokken. Kareltje, die altijd het kneusje was, en de bijnaam bloemkool had vanwege zijn blonde krulletjes en zijn bleke huidskleur, werd door de vijand gevangen genomen en vast gebonden. Het knevelen, daar zorgde Walter de spitsmuis voor. Wij noemden hem zo vanwege zijn smal gezicht en zijn spitse neus. Walter was al een jaar of twee bij de padvinders en was een kei in het knopen leggen. Als hij je vast bond was er geen loskomen aan. Zo werd Kareltje gebonden als een worstje en in de Yale ‘het bezemhok’ geworpen tot hij zou berecht of bevrijd worden.

Intussen ging de strijd verder. Ik zat met twee kompanen op mijn bed, dat ons fort was, de vijand te bekampen met hoofdkussens. Er werd zwaar gevochten en ik zag na een poosje zo rood als mama’s boulanaisesaus en het zweet rolde over mijn voorhoofd.

“Roger er is iemand aan de deur bezig,”zei de spitsmuis.

“Miljarde, dat is ons moeder, verstop jullie vlug.”zei ik doodsbang.

In één oogwenk hadden mijn vriendjes zich verstopt.

Bevend op mijn benen draaide ik het nachtslot los.

Woedend kwam moeder binnen gestapt.

“Wel, waarom zit gij binnen bij dit prachtige weer en waarom is die deur op het nachtslot?”vroeg mijn moeder boos.

“Voor de veiligheid ma,”zei ik.

“Hoezo, voor de veiligheid wat is dat nu weer voor onzin. Je bent zo rood als een kreeft, wat gebeurt er hier allemaal?”

Intussen had ik de tijd gekregen om een plannetje te verzinnen. Ik moest kost wat kost moeder buiten krijgen zodat de anderen konden weglopen.

Dus ik begon verschrikkelijk te wenen.

“Ik ben geslagen door een grote jongen make,”snikte ik.

“Een grote jongen?”

“Ja, hij is zeker zestien jaar en hij heeft mijn tol afgepakt. Ja, en omdat ik mij verweerde heeft hij mij hard geslagen make. Zie maar ik heb een bult vanachter op mijn hoofd.”

Die buil had ik tijdens het kussengevecht opgelopen.

Moeder voelde over mijn hoofd.

“’t Is waar, je haar is helemaal nat en je beeft als een espenblad. Waar is dat gebeurt?”

“Ginds achter het Kapelletje van de Heilige Rita. Hij is zo groot make en sterk. Ik ben weg gerend en toen heb ik van schrik de deur op slot gedraaid. Willen wij eens gaan kijken, misschien is die gast er nog make.”

Met rasse schreden liepen wij naar het kapelletje.

Schijnheilig zocht ik mee naar de grote jongen.

“Die kerel is natuurlijk al lang weg,”zei moeder met spijt.

Walter kwam ons tegemoet.

“Als je die schoelje zoekt die Roger geslagen heeft, hij is twee minuten geleden op zijn fiets weg gereden.”loog de spitsmuis tegen moeder.

“Oef, het gevaar is voorbij,”dacht ik.

Een uurtje later toen moeder in de keuken de spaghetti bereidde hoorde zij gestommel en gekreun.

“Roger, ga eens kijken in het bezemhok ik denkt dat er muizen zitten.”

Ik was Kareltje al lang vergeten en trok de deur van het hok met een zwaai open om de muizen af te schrikken.

Als of zij lood in had kin had viel moeders mond open, toen zij Kareltje gans verward, met zijn handen op de rug gebonden, uit de Yale zag komen.

Ik liet een vloek.

“Godverdomme, bloemkool wat zit jij daar nu te doen,”vroeg ik met de verbazing in mijn ogen.

“Ik zit hier op de tram te wachten. Zotteke je hebt mij hier zelf

Ingestoken. Waar is de spitsmuis om die knopen los te maken?”

“Hij liegt zenne make, ik heb hem vandaag nog niet gezien!”

Dat was het laatste dat ik te zeggen had, want even later zag deze keer mijn achterste zo rood als haar boulanaisesaus.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 15:59 Reageer op dit bericht

Tranen in een schrijn.

Tranen in een schrijn.

Ik verzamelde mijn tranen in een schrijn.
Na ‘t ploffen van de aarde op jouw kist.
Trommelvliezen barstten, hart verscheurt door pijn.
Ik bewaarde ‘t schrijn eerst naast mijn bed.
Dan in de gastenkamer voor iedereen in het zicht.
Later in vergetelheid op de zolder weggezet. Vandaag is het schrijn weer even losgeraakt.
De tranen dertig jaren oud volledig opgedroogd.
In vlaag van nostalgie heb ik het schrijn weer vol gemaakt.
Met tranen minder bitter maar met liefde even groot.
Wat mis ik je mijn moederlief.
Waarom moest jij toch dood?

19-01-2008

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 14:02 Reageer op dit bericht

Mijn goudvis zaliger

Mijn goudvis zaliger.

goudvis.jpg
Ik heb mijn goudvis opgegeten.

Het woeste beest had mij gebeten.

Wij lagen al weken in conflict.

Hij had mijn goudvink ingeslikt.

En bovendien zat hij te liegen.

Hij zei dat hij niet goed kon vliegen.

Daarna is het verkeerd gegaan.

Wij keken elkaar venijnig aan.

Wij stonden weken oog ik oog.

Zonder een woord zonder betoog.

Ik raakte toen in alle staten.

Hij wilde helemaal niet meer praten.

Hij trok naar mij dan ook nog smoelen.

Toen heb ik het hem laten voelen.

Ik nam hem stevig onder handen

Hij beet mij met zijn scherpe tanden.

Ik heb hem dan in de pan gesmeten.

En ik heb smakkend opgegeten.

17-01-2008

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door rovago om 12:27 Reageer op dit bericht

Noem ze mens

Noem ze mens.

homo_erectus2.jpg
“Wij ontdekten geschikte wezens op de blauwe planeet” zei Yaakov tot Ayyub.

“zijn ze intelligent?”

“Zo”n 54 IQ en ze lopen rechtop, mits genetische manipulatie kunnen wij ze gemiddeld op 100 brengen enkelen tot 150 IQ en zelfs iets meer”

“Dat is nog laag Yaakov.”

“Hoog genoeg om als slaaf te dienen zoals onze grote leider dit wenst.”

“Goed, stuur een paar engelen naar die planeet en laat ze de belangrijkste vrouwen bevruchten. Noem die nazaten ‘mens’ en maak ze oorlog zuchtig. Programmeer ze zodat zich binnenkort na ongeveer 20.000 jaar tegen onze galactische vijanden keren. Indien ze dit overleven roei ze dan uit want anders worden zij voor ons een bedreiging.”

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 12:25 Reageer op dit bericht

De fanfare

De fanfare in37-2.jpg

Aan gene kant stond een rij trompetten te schitteren in het gele zonlicht.

Zij braakten schetterende klanken uit hun glanzende koperen muilen.

Over de groskest heen zag zij hem stralen met trillende tot het uiterste opgeblazen wangen.

Op zijn bezwete voorhoofd klopte een blauwe ader centimeter dik telkens hij zijn longen leeg blies in het van speeksel verzadigde mondstuk, zodat een straal spuug van zijn kin afdroop.

Wat is hij knap dacht de spitse griet en zij tikte gedoseerde pings uit haar zilveren triangel.

Onder aanzwellend geroffel als bij de inleiding voor de dodensprong ontmoetten hun blikken elkaar.

Toen gebeurde het ongelooflijke, zijn testosteron schoot de hoogte in,

zijn gelaat bolde zich nog meer op, maar dat konden zijn opgezette wangen en slapen niet meer aan.

Het was verschrikkelijk, zijn kop spatte uit elkaar, evenals de stoet.

Bloed en hersenen vlogen in het rond.

De leden van de fanfare zagen met afschuw hoe een prille liefde in hun midden, vroegtijdig explodeerde.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:55 Reageer op dit bericht

Tommeke

Tommeke.

Vaak denk ik nog met weemoed terug aan mijn eerste jaren op de arbeidsmarkt.

Nadat ik de school had verlaten op mijn vijftien jaar, werkte ik 10 jaar als scheepshersteller, daarna ging ik verder studeren en stapte ik over naar het verzekeringswezen, waar ik tot mijn pensioenleeftijd werkzaam bleef.

Ik begon op mijn vijftiende als leerjongen en op mijn drieëntwintigste was ik volwaardig stielman. Men kon in die tijd enkel scheepshersteller worden als je vader, dat ook was. De job ging over van vader op zoon en was een van de best betaalde beroepen in die tijd. Er was geen enkele kennis vereist de enige norm was, je vader moest er werken en je moest recht van de school komen. Dit systeem heeft jaren gewerkt, maar het is begrijpelijk dat het niet kon blijven duren, want wie een zoon had die niet wilde of kon studeren, omdat hij te lui of te dom was, loodste hem naar de scheepsherstelling. Veel van de jongens die er werkte hoorden in feite thuis in een beschermde werkplaats.

Er werd veel met de nieuwkomers gedold.

“Fonske, ga eens naar het magazijn om een linkse ladder.”werd er vaak gecommandeerd aan een nieuwe leerjongen.

De argeloze knaap werd dan van het kastje naar de muur gestuurd.

“Spijtig Fons, ik heb de laatste linkse ladder uitgeleend maar ga eens kijken naar het magazijn aan kaai 271 misschien hebben ze daar nog linkse ladders.”

Na een kwartier stappen was de sukkelaar dan eindelijk ter plaatse maar daar werd hij opnieuw voor de gek gehouden.

“Neen, Fonske ik heb alleen nog rechtse ladders maar ga eens naar schele Frans die heeft een zwengelsjars daarmee kan je dan die rechtse ladder links trekken.”

Zo werd dan het kneusje bezig gehouden tot hij de zolen van onder zijn schoenen had gelopen.

Ja, er waren echte sukkelaars bij, met een IQ zo groot als hun schoenmaat.

Je kon je aan alles verwachten het domste het eerst.

Een van die gasten zal ik nooit vergeten, Tommeke. Ik was nog niet lang tot stielman gepromoveerd, mijn vaste helper was ziek geworden en ik kreeg een jongen bij mij die net van school kwam, Tommeke.

Het bleek al vlug dat hij geen groot licht was en hij beging de ene stommiteit na de andere. De beschaving was nog niet tot hem doorgedrongen en zelfs met meest essentiële vorm van hygiëne werd door de jongen verwaarloost. Ik kan je verzekeren dat het werk aan boord smerig is. Zeker als je aan de motor of op de ketel werkte hingen je handen vol vet of roet. Voor het eten waste dan ook iedereen grondig zijn handen, behalve Tommeke hij deed dat nooit.

“Komaan, Tom ga je handen wassen vetzak.”zei ik dikwijls

Lachend beet hij dan in zijn zwarte, van vuiligheid doordrongen boterham, en met een smile tot achter zijn oren zei hij:

“Dat glijdt goed naar binnen Roger.”

Ik zie hem nog zitten met een heerlijke peer. Het sap liep over zijn handen en vermengd met olie en roet likte hij het van zijn polsen op. Dat hij er nooit ziek van werd heb ik nooit begrepen.

Dikwijls moest ik tegen hem opspelen als hij weer eens wat verkeerd had gedaan.

Op een keer stuurde ik hem naar het magazijn om een boor van 30mm.

Een half uur later kwam hij terug.

Op zijn gezicht stond te lezen dat hij zo fier was aan een koetspaard.

Hij reikte mij twee boren aan.

“Roger, deze keer heb ik mijn verstand gebruikt hoor.”

“O Ja?”vroeg ik terwijl ik met verbazing van de twee boren keek.

“Kijk maar eens, er was geen boor van 30mm in voorraad, maar ik heb er twee van 15mm meegebracht. Koppie koppie hé” zei hij glunderend van trots.

17-01-2008

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 11:44 Reageer op dit bericht

Utopia

Utopia

Werden al mijn wensen waar man, dat zou wat wezen.
Nergens was er honger meer en iedereen zou genezen.

Men zou niet doden voor een God die waarlijk niet bestaat.
En iedereen had er evenveel geen mens kende nog kwaad.

Alle kinderen waren blij, bruin blank geel of rood.
De aarde groeide als maar aan en niemand ging nog dood.

Het woordje oorlog werd geschrapt uit ieder woordenboek.
Want haat en hebzucht en venijn waren voor immer zoek.

Ik noem het maar Utopia want het zal nooit
bestaan.
Een wereld zoals in mijn wens, dat kan de mens niet aan.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 13:27 Reageer op dit bericht

Pc verslaafde

Pc verslaafde

Ik weet nog goed, toen ik ongeveer twintig jaar geleden een comedor 64 voor mijn kinderen kocht, ik tegen de verkoper, die het systeem begon uit te leggen zei: “Mijnheer doe vooral geen moeite, zo’n ‘ding’ is niet aan mij besteed, dit is voor een nieuwe generatie.” De man lachte en hij beweerde dat ik binnen de kortste keren met dat ‘ding’ vertrouwd zou raken.

De man kreeg gelijk, al spoedig ontdekte ik dat er een tekstverwerker in het ‘ding’ zat en ik het als een gesofisticeerd schrijfmachine kon gebruiken. Ik herinner mij nog het geratel van de matrixprinter en de slordige lettertypes op de kettingformulieren.

Een paar jaar later begon men op de maatschappij waar ik werkte de computer te veralgemenen. Om niet achterop te geraken volgde ik enkele cursussen, kocht voor mijzelf een pc en van zodra het kon sloot ik mij aan op het net. Het werd voor mij een geweldige ervaring, niet meer weg te denken uit mijn leven.

De meeste mensen van mijn leeftijd waren in die tijd nog niet vertrouwd met de pc en er werden de gekste vragen rond gesteld. Zo was er die vriendin van mijn echtgenote die in de voormiddag altijd op de koffie kwam. Ik zat die dag aan de computer.

“O, het ruikt hier lekker”zei ze terwijl zij een piepklein stukje van haar koekje muisde.

“Ja, Roger is brood aan het bakken.”verklaarde mijn vrouw de heerlijke geur.

“Mijn God, kan je dat ook al, brood bakken met een computer?”vroeg ze gemeend.

Intussen is mijn pc’tje onmisbaar geworden.

Neem nu dat het rotding, maar één jaar oud, op drie januari de geest geeft. Dat is toch om in je buik te bijten, geen computer onvoorstelbaar. Garantie vervallen, want hij was open geweest om er geheugen bij in te stoppen. Gelukkig was de schurk weer snel hersteld en kan ik vanaf nu weer gedichten en verhalen schrijven en lezen.

Hier zit voor zijn flatscreen de man die nooit op een computer zou werken, ik ben eraan verslaafd.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 13:25 Reageer op dit bericht

Nieuwjaarssnoetjes

Nieuwjaars snoetjes
‘k Zit met een houten kop voor ’t raam,
naar het nieuwe jaar te turen.
‘k Vind er vandaag geen ballen aan.

Ik dronk te veel dat moet ik nu bezuren.
Ik kijk vermoeid de kamer rond.
De slingers en de hoedjes.
Er komt een glimlach om mijn mond.

Ik zie blije kindersnoetjes.
Met vuurwerk stokjes in hun hand.
Met sterretjes in hun ogen.
Zij vinden alles zo plezant.
Omdat ze alles mogen.

Dan vlucht ik naar mijn tijdmachine.
Ga ver terug in ’t verleden.
Ik kan zus en mezelf weer zien
Toen wij hetzelfde deden.

1 januari 2008

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 13:23 Reageer op dit bericht

My last.

My last farewell

My Last farewell.

Je kent het wel

Goed om het af te sluiten.

Ook jij hebt het O zo gekend.

Van binnen en van buiten.

Het was een slecht of toch een goed.

Een uit die eindeloze lange stoet.

Die stoet van al vele jaren.

Een jaar van vreugde en verdriet

Kom laat het nu maar varen.

Want deze nacht om twaalf uur.

Met vreugdezang en vuur.

Dan kunnen wij weer hopen

Dat 2008 met nieuwe kracht.

In crescendo zal verlopen.

Drink mee op onze Poëzie.

Gedichten vol van harmonie.

Met woorden als juwelen

Met verzen als een symfonie.

Die op emoties spelen.

Den bompa.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rovago om 13:19 Reageer op dit bericht

Meer van mijn verzinsels

↑ Terug naar de berichten