Sint Maarten- 11 november is de dag...


Sint Maarten- 11 november is de dag...

Goed bezig!Tijden veranderen. Vader Hein was blij toen de kunstmest zijn intrede deed die de opbrengst van zijn land deed stijgen. Ja de mest van de koeien werd ook wel op het land gebracht maar de kunstmest betekende toch vooruitgang? Net als de melkmachine en de combine werd het leven gemakkelijker als je dat vergelijkt met handmelken en maaien met de zicht, binden en opzetten van de garven tot gasten. Een knecht en een meid waren niet meer noodzakelijk. Toen tante Gerritje 80 werd hield ze een prachtige speech waarin ze de veranderingen gedurende haar leven uit de doeken deed. Ze vertelde over de paddenpoelen die in haar jeugd allemaal dichtgegooid werden en later weer uitgegraven. Over de slechte tijd in de 20- en 30er jaren. Ze ging toen eens met haar vader naar de markt met 12 biggen in de kar en kwam later met 13 weer terug, had iemand zijn biggen bij hun en anderen in de kar gedropt. Ze waren niets meer waard. Ze kosten meer aan voer dan dat ze op zouden brengen. Veertig jaar later kwamen de grote varkenstallen en werd het een tijdlang de moeite waard om varkens te houden. Ook dat is veranderd. De mest wordt op gezette tijden nog wel op het land gebracht, geïnjecteerd nu.
En tot mijn groot genoegen is de boer achter ons ook milieubewust bezig. Geen kaal land meer ’s winters maar er staat nu groenbemester, in ons geval mosterd met ook nog mooie gele bloemetjes. Hij spuit geen onkruid meer en ook de ploeg wordt niet meer gebruikt om de grond om te maken maar een cultivator die ondiep door de bovenlaag gaat. Ik mag er graag naar kijken….
Dit jaar vroegen we ons af of de boer dit jaar vergeten was te spuiten. Het zag er verwaarloosd uit vergeleken met andere jaren. Heel veel onkruid. In mijn beleving werd er elke week of 2 weken gespoten met onkruidverdelger of tegen aardappelziekte. Dat stond me nooit erg aan.
Maar nee, de boer was zijn land niet vergeten. Vorige week werd er gerooid. Er kwam enorm veel onkruid uit de afvoer van de rooimachine die regelmatig verstopt was en er waren minder aardappelen dan anders, zo leek het me. Wim maakte een praatje met de jonge boer zoals elk jaar een paar keer als hij langs komt met zijn apparatuur. Het blijkt dat hij nu helemaal biologisch dynamisch en nog wat bezig is. Hij zou een van de eersten in Europa zijn. Hij kan er 70 cent per kilo voor beuren, zo vertelde hij. Ik vermoed dat er veel Europese subsidie op zit.
Toen hij weg was en het land kaal ging ik eens kijken of er nog wat te grabbelen was, deed ik ook als er mais opgestaan had. Ik raapte zo een emmertje vol. Ze smaken uit de kunst, maar het schoonmaken neemt tijd, veel putjes die je even moet weghalen. Ach voor ons tweeën is dat te doen.
Over de datumgrens

Het is eigenlijk de bedoeling dat de dagelijkse belevenissen op weblog 1 geschreven worden en de herinneringen op weblog 2 van mijn website- www.hettysite.nl. Toch merk ik dat ze elkaar soms overlappen, want vertel ik iets uit het verleden merk ik dat de gebeurtenissen van toen automatisch weer verweven worden met nu! En andersom. Zou dat nou ook met leeftijd te maken hebben? Rick vertelt regelmatig over zijn collega’s. Soms is hij ongerust over iemand die even slecht in zijn vel zit. Ook als er een familielid overleden is leeft hij mee. Maakt trouwens altijd op alle collega’s diepe indruk. Ze zijn vertrouwd met elkaar. In deze coronatijd moeten zij ook afstand houden en zijn er al een paar extra keten bijgezet voor de koffietijd en tussen de middag. Iets minder gezellig lijkt me. Rick zit er niet mee. Hij kwam eens een dag niet aan warm eten toe en toen ik daarover blijkbaar mijn bezorgdheid niet kon verbergen, zei hij: ‘Ik zou dat reisje van jullie maar annuleren. Zo kun je niet eens weg!’ Dat was toen we een aantal weken op vakantie zouden gaan. Die Rick! Die redt zich echt wel. Hij heeft supermarkt en andere winkels allemaal om de hoek. Hij leefde wel met ons mee toen we voor 6 weken naar Nieuw Zeeland onze droomreis gingen maken. Hij vond dat we maar met Collect Call moesten bellen naar hem, maar dan wel ’s morgens. Dan is hij in elk geval uit z’n werk weer thuis, zo had hij berekend. Rick heeft alle wereldtijden in z’n hoofd. Hij weet precies hoe laat het bij Gera in Canada is en hoe laat in Hawaii. Zijn grootste wens is om een keer de wereld rond te vliegen en dan over de datumgrens. Voorlopig is het nog een droom, maar hij is in staat om zo naar een reisbureau te stappen! Maar dat zal in deze corona tijd nog wel even duren. Want zolang hij nog met de schoffel aangeeft hoever mensen van hem af moeten blijven zie ik hem nog niet met mondkapje naast iemand in een vliegtuig zitten.
Over schapen, een scheepsbel en ratten vangenEn zo is het volop herfst. De bladeren vliegen me buiten om de oren. Ik veeg een paadje van deur over het terras richting oprit om het blad buiten de deur te kunnen houden. Rick kan weer lekker zijn gang gaan zaterdag. Met dit weer is het buiten best uit te houden en het liefst gaan we vanzelf richting wei. Zo gauw de schapen ons zien komen ze aangesneld voor… je weet maar nooit.. het liefst brokjes, maar voor aardappelschillen en groenteafval trekken ze ook graag een sprintje.
Zonet ging de scheepsbel die met een touw aan het hek vast zit. Een mevrouw meldde dat er een schaap op de rug lag. Ik had het dit jaar nog niet meegemaakt, meestal zijn het brede schapen of schapen die bijna moeten lammeren. Ik bedankte haar voor de oplettendheid, maar meteen meldde haar man dat het schaap alweer rechtop stond. Inderdaad zijn twee van de 8 schapen van die brede Texelaars en het had zomaar gekund. Als ze zelf niet overeind kunnen komen gaan ze inderdaad dood.
Je zou denken dat de rattenpopulatie na 33 dode ratten wel uitgedund is. Toen ik de schuur weer eens schoonveegde waren er toch rattensporen, zand en keutels. En ik hoorde gekrab en geknaag achter de planken die daar tegen de muur zitten. En ik moest even terugdenken aan Berdena die bij hun logeerpartij daar boven de studio in bed lag en huiverend bij ons kwam. Ze heeft het niet op muizen en ratten . Die nacht sliep ze in ons huis in het logeerbed in het kleine kamertje. En Curtis dan? Die sliep al en heeft niks meegekregen, miste haar ’s morgens pas.
Dus toch maar weer de vallen gevuld met pindakaas en kippenvoer. Zo zat er gisteren weer een rat in een van de vallen. We geven nog niet op. Als we geen katten meer hebben moeten we ze zelf op afstand zien te houden.
Foto: Waar ze naar kijken? Onze hond Storm komt er aan...
De brede Texelaars op de voorgrond, de Schoonebekers wat schuchter meer naar achteren.
Bram, de ramDe bladeren vallen en niet zo’n klein beetje. Waar het kan laten we het liggen. Rick kwam gistermiddag en met één oogopslag zag hij het. ’Dat wordt glad als het gaat regenen’, vond hij en pakte de bladblazer om in elk geval het terras schoon te blazen. Meteen nam hij de dakgoten van de schuur mee.
Ook Gerhard durfde weer langs te komen. Er waren een paar collega’s gelukkig negatief getest voor corona en ook zijn buurvrouw die in de zorg werkt. Het was een gezellig uurtje. Gerhard had een dag of 10 geleden de vlonder met de hogedrukspuit schoon gespoten omdat het daar glibberig was geworden, kunnen we nu weer gewoon lopen. Rick nam het even mee met de blazer, ‘anders is het zo weer glad’.
In de wei vermaken de 8 Schoonebekers/ Texelaars zich prima. Ik heb ze nu omgeweid naar het voorste stuk. Ze waren er aan toe. Ik hoefde maar één keer te roepen en met het gele bakje met brokken te rammelen of ze trokken een sprintje naar het hek.
Mijn liefde voor schapen deel ik met buurvrouw Anja. Ze is jarig vandaag en ik had op een presenteerblaadje de kop van een Drentse ram geschilderd voor haar. Dat gingen we brengen na kerktijd want Wim had nog een beurt om met Diny Panjer de mooie dienst verder op te fleuren. Ze brachten het er goed van af, al speelde de bronchitis Wim een beetje parten.
Even later zaten we achter de koffie met kwarktaart. Hun huis is ruim en dat kan goed, zelfs in coronatijd. Zij heeft 6 Drentse heideschapen, 5 ooien èn Bram, in de wei. Dus altijd goed.
‘Hebben jullie nog wel eens zin in een spelletje Master Mind?’, deed ik een poging naar Tim en Daan, ’Wim kan ik er niet meer voor strikken..’. En warempel dat hebben ze nog. Ik ben benieuwd.



Ergens in ons gezamenlijk verleden midden jaren 70, we woonden toen in Hengelo, zagen we in de Hengelose Schouwburg een toneelstuk waarvan ik de titel niet meer weet, maar wel de namen van de hoofdrolspelers. Dat waren Henk van Ulsen en Ank van de Moer. Het was een eenakter, een stuk voor de pauze, qua onderwerp een zwaar stuk vonden we.
We zagen een stuk van een vergane wereld, een grote bult zand met van Ulsen die onder aan de bult rondkroop door de modder en helemaal treurend zijn leven overdacht dat er nu zo uitzag. Eén brok zieligheid en ellende. Ank van de Moer daarentegen zat boven op die kale berg zand maar zag er verzorgd uit en was daar mee bezig om dat in stand te houden. Ze had haar toilettasje bij de hand, maakte zich op en kamde haar haren tot een prachtig kapsel.
Maar die wereld zelf? Het einde van alles. Zo zou de wereld er uitzien na een vreselijke oorlog of inslagen van meteorieten of ander vreselijks, suggereerden ze.
Na de pauze kregen we een vrolijker stuk, ik meen van John Lanting… wie kent hem niet?
Dit laatste stuk weet ik niks meer van, alleen dat het een vrolijke boel was zoals altijd met John Lanting, maar het beeld van die beide figuren in dat desolate landschap is me altijd bijgebleven.
Dat schoot me in mijn latere leven steeds weer te binnen als er over klimaat, oorlogen en virussen bericht werd. Maar och… we leven gewoon door. We scheiden ons afval, proberen gezond te leven, zien om naar elkaar.
Nu begint het er op te lijken dat we toch wakker geschud worden. Hebben onze kleinkinderen nog toekomst op deze mooie aarde. Als ik vroeger wel eens in gedachten zat, zei opa Bijenhof : ’ Zo...bu’j an ’t prakkezeren hoe oew kindskinder an de kost mot kommen?’
Nu zag ik van morgen een artikel met foto in ons eigen Dagblad van het Noorden over Groninger studenten die bezig zijn met deze overlevingsstrategie. Met deze nieuwe generatie is er hoop!
Foto: Duncan Wijting, die ook mijn foto met Queeny op de arm ooit maakte toen mijn eerste kinderboekjes uitgegeven werden.
Terug bij af!

Alles wat vroeger normaal was in ieder gezin zie je vanzelf verdwijnen. Zo hadden we op ieder bed een degelijke gestikte deken, lekker warm en zwaar. Het voelde veilig. Er zat een vulling in van katoen dat in blokken of strepen ingestikt was om dat op zijn plaats te houden. Ik wist niet beter of iedereen had dat op zijn bed. Het was ook geen overbodige luxe want er waren ook nog geen verwarmde slaapkamers. De enige luxe die er voor mij aangeschaft werd was een straalkacheltje dat ik onder de tafel zette waaraan ik op mijn met Diny gedeelde slaapkamer mijn huiswerk maakte. Het was geen succes, bijna verbrande scheenbenen en een koude rug kreeg ik er van. Dan zat ik in de winter nog liever beneden in de keuken èn de drukte van alle dag. Ik kon me overal wel concentreren gelukkig.
Er waren ook alleen tweepersoons bedden, dus flinke gestikte dekens. We wisten niet anders en je wende er aan. Broer Johan was er al helemáál aan verknocht. Toen hij later met Joke op vakantie ging naar Italië of Oostenrijk ging behalve een zakje aardappels voor 2 weken ook zijn gestikte deken mee.
Maar tijden veranderen, i.p.v. kachels kwam er verwarming met een ketel op zolder en we gingen net als iedereen van lakens en dekens over op een dekbed.
Jaren later kregen we van tante Catrien toen ze naar haar bejaardenwoning verhuisde nog weer zo’n gestikte deken, wat kleiner formaat. Onder het motto ‘Het eet geen brood’ van oom Paul hadden ze veel dekens en beddengoed op zolder bewaard en die vonden nu gretig aftrek binnen de familie. Deze is minder zwaar door een synthetisch vulling.
Nee, die ligt niet op ons bed maar lag lang als dekentje in het kleine kamertje beneden als we even een middagslaapje wilden doen en wordt nu gebruikt als dekentje in de Finse kota.
Nu is het nieuwste op gebied van beddengoed een zgn. verzwaringsdeken. Het is een deken gevuld met glazen microparels. Het zou je een veilig gevoel geven, wordt gezegd…
We zijn weer terug bij af…
Foto: Nu is het een volwassen ruim bed in het kleine kamertje, door buurman Alle getimmerd. Nog steeds gebruiken we nog een van onze eerste dekens op dit bed.
Eén, twee, drie....

Overal staat de deur op een kier. De kerk heeft op zondag precies 30 plekken en in huis mogen we niet meer dan 3 mensen per dag ontvangen. Vera waar ik eens per 2 weken schilder, belde al. Ons groepje bestaat uit 5 mensen als iedereen er is. En dan mag ze die dag ook niet nog een groepje in haar atelier herbergen. Er moet dus een nieuwe indeling komen. ‘Kunnen jij en Irma ook op een andere dag?’, vroeg ze toen ze belde. Op vrijdagmorgen komt het mij ook wel uit, Irma niet. Zij gaat op een andere dag of wacht even af.
Vanmorgen kwam neef Gerard op bezoek met dochter Rhode, heel gezellig. Gerard kwam voor de extra aansluiting op de tv in de keuken. Waar vroeger zijn vader Ben voor zorgde is naadloos overgegaan op Gerard. Het bleek nog niet helemaal een fluitje van een cent want Multifiber had ons nog op één aansluiting staan en op zaterdag zitten ze niet speciaal voor ons aan de telefoon. Maandag neemt Gerard contact met ze op.
Rhode is creatief, tekent graag en zit nu ook op een dansclubje. Ze beloofde me om eens een tekening te laten zien. Storm was ook heel blij met haar want zo kreeg hij extra aandacht en zijn balletje terug die onder de kast lag.
Vanmiddag komt Rick zoals gewoonlijk, mag hij blad gaan blazen. Maar ik denk dat hij eerst de dakgoten even controleert. Rick is dan nr 3. Misschien komt Gerhard ook nog, dat zou een teveel worden volgens de normen. Tja…. Je denkt toch niet dat we hem buiten laten staan …
Foto: Rhode, 5 jaar geleden tijdens hun vakantie bij ons op het erf.
Geert

We spraken elkaar niet zo vaak, maar we hadden veel raakvlakken. We komen beiden uit een boerenfamilie en zijn allebei het onderwijs in gegaan. Een tijdje terug sprak ik haar weer en we hadden het natuurlijk over die goede oude tijd. Zij had er niet alleen mooie herinneringen aan. Op school voelde ze zich een buitenbeentje omdat ze een boerendochter was. Ik kon me er niets bij voorstellen. Een boerendochter…? Is daar wat mis mee dan? Ze hadden er haar op de Mulo om uitgelachen. Een boerentrien vonden ze haar.
Ik heb overal bij in de klas gezeten van directeurs-, dokters-, advocaat- en domineeskinderen. En ik heb daar nooit zoveel van gemerkt. Er zaten ook middenstanders- en arbeiders-, chauffeurs- en onderwijzerskinderen in onze klas op het Baudartius. Er waren wel groepjes die met elkaar optrokken. Met Anneke van Zeyts klikte het bij mij helemaal en …inderdaad… zij kwam ook van een boerderij. Ik heb nooit iets negatiefs gehoord. Hadden ze ook niet moeten doen.
Een aantal jaren geleden nam Geert afscheid. Geert was een collega van het toen nog KDC, docent geschiedenis. Het werd een feest met zang en spel, maar ook met toespraken.
Die van hem is me altijd bijgebleven. Hij vertelde dat hij de zoon van een veenarbeider is. Zijn ouders werkten beiden in het veen en hadden botje bij botje gelegd om hem te laten doorleren, want het veen was armoe en ellende. Wat je verdiende kon je weer uitgeven in het winkeltje van de veenbaas. De kinderen gingen meestal gewoon mee naar het veen.
Het was een zwaar leven. Maar Geert leerde door en daar is hij zijn ouders altijd dankbaar voor gebleven. Zijn vader, hoewel hoogbejaard, leefde nog en zat vooraan op een ereplaats.
Ik meen dat ik verschillende een traantje heb zien wegpinken.
Illustratie: De plaggenhut voor jong gehuwden is nu in het museum van Ellert en Brammert in Schoonoord te zien.
Herdwick, Wensley's of Schoonebekers?Ooit zagen we ze in de Yorkshire Dales, deze Wensleydale schapen. Er is daar een Longwoolshop die we altijd even bezoeken als we in de buurt zijn. Onze vakantie begint of eindigt vaak in dit mooie gebied. We rijden altijd door het Swaledale, dan naar beneden over de Buttertups, heel hoog, waar we een stop maken om even bij te komen en daarna door het Wensleydale terug en eindigen in de aardige Longwoolshop. Daar liepen altijd een heel stel Wensleys, meestal geschoren, want onze vakanties zijn meestal in de zomer of september. Maar in volle glorie hebben ze een hele lange gekrulde vacht. We komen er niet weg zonder iets mee te nemen. Vaak is er een vacht om op een kruk of in een stoel te leggen. Wie ons huis kent weet dat er in elke stoel of bank wel een schapenvacht ligt met een herinnering.
Toen Rob ook zijn kudde uitbreidde met Engels rassen hebben we ook Wensleydales in de wei gehad net als Gotland Pelsschapen en Herdwicks, allemaal even mooi. De Herdwicks nieuwsgierig en de Wensleydales brutaal, frech noemen ze het hier wel in navolging van onze oosterburen. Uitbrekers! Maar hun lammeren zijn zo prachtig, om te knuffelen zo mooi. Nu hebben we Schoonebekers of een kruising ervan in de wei, ook van Rob. Ze zijn krachten aan het verzamelen voor een nieuw seizoen.
