Naar de inhoud

Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : gedichten 2

akke.beakke.be

Archief

een sleutel te smeden




wat is toch de zin
als mijn armen
naar jou strekken
en zij in schaduw
vertoeven

je zag in mij
wat zonnige vlekken
die naarmate
de tijd voortschreed
jouw hoop en verwachting
in desillusie
begroeven

waarom zal ik jouw boeien
nog raken
als slechts verdriet
en wanhoop
je bestaan zo wraken

vertel maar niets
ik ontbeer de macht evenzeer
een sleutel te smeden

en vertoef voortaan verblind
op het braakliggend veld
van heden




Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

heden ten dage



heden ten dage
waar licht knokt
tegen donkerte
en blaren
dwarrelen
naar vaste bodem
lijkt het dat
ook ik ga schuilen
om mijn ziel
weer te ontwaren


niet dat ik in
de vroege mist
geheel zal opgaan
ook in mij is
een terugtrekkende
beweging
een tocht naar binnen
waar in afscherming
de dood rijpt
naar winterse termen
en mijn gedachten
doelloos zullen zwermen

een herhalende tred
van groeiend sterven
ogenschijnlijk een pas
op de plaats rust
tenware het flamboyante
voor een wijle in slaap
moet worden gesust

deze kracht
zo natuurlijk en gewoon
is sterker dan
mijn speelse geest
toch vertel ik mijzelf morgen,
met weemoed weliswaar,
hoe de zomer is geweest



Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

zij ging al (drieluik: deel 1)



een lieve meis
heeft haar jeugd verloren
zinloos en plots
eindigen haar woorden
stokt de weg naar voren


haar jong verleden
een scheppende bloem
sterft in het heden
bladeren van geluk
zuigend naar het licht
buigen troosteloos
worden machteloos
afgesneden..


de toekomst
komt haar niet meer toe
ook die liefhebben
ervaren met ongeloof
de gemiste verwachting
schreeuwende pijn
bevriest het redelijk denken
hoop daalt in de
menselijke achting


daar gaat zij nu
op een onbekende weg
heeft ons ongewild verlaten
een ding kan ik zeggen
niemand, nee niemand
zal haar uit ons hart
kunnen praten






Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

gaan en komen (drieluik: deel 3)





ver weg
maar toch helder


hoor ik engelen zingen
over het lied van Licht
zij hebben weet
van aardse tranen

telkens als iemand
naar het ongrijpbare
wordt toegedicht

met een tedere lach


heffen zij haar op
ervaren de pijn
van een onuitgesproken
gedag

toch klinken er


zachte geluiden
van duizenden harpen,
ontelbare handen
reiken naar haar,

afscheid en aankomen


raken elkaar
Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

onder-tussen (drieluik: deel 2 )





zij is niet meer
maar wel zichtbaar
dat doet zeer
was hier nog lang
niet klaar
huil ik keer op keer
 
zij praat niet
als ik het uitschreeuw
van binnen
mijn handen raken
zo dichtbij
wil haar wekken,
met mijn eigen
leven toedekken 
 
hoe kan dit nu
zo roerloos
ze is toch mooi
nog jong
was dit nu haar leven
nee, ze is er nog,
toch?
 
de tijd staat stil
onder een wazige stolp
ben er wel
maar verdwaal
in verwarring
als ik de
komende dagen tel
 
en ik met mijn tranen
de ontkennende waarheid
deel en eindeloos vertel
 
 
 
Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

witte droom

 
 
ik word op een
wit gespreid vlies
voortbewogen door
zes maagdelijke engelen
langs azuurblauwe luchten
 
zij spannen een doorzichtig veld
van geluk met een uitgestrekte
gracieuze geste
genade schenkend
met verleidelijke ogen
die mij onderwijl bedwelmende
bloemengeuren toezuchten
waarop geen enkel
aards genot kan bogen
 
 
uit hun frêle goddelijke flanken 
klinkt een kwetsbare
Mahler symfonie
mij zuigend naar
opperste verrukking,
het hart doorzeeft
met bevrijdende klanken
 
in dit verblijf van eeuwige
symbiose
wuiven de hemelse
vleugelschepsels
al het zoets rond mijn lijf
zij beminnen mij
met gedurige passie
koesteren, beschermen mij
opdat ik immer
in deze schone droom gedij
 
 
 
 
Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

de hal des volks

 




in de hal des volks
wacht men op twee armen
met staartjes achteraan
waar opgetogenen of
weemoedigen vertoeven
totdat de kunstvogel
de lucht in zal gaan
 
hij hangt over koffie
rookt uit zijn neus
in zijn bestemmingskloffie
hij heeft geen keus
 
geboekt is gaan
de ogen staren al ver
of
zie ik een verdwaalde traan
 
ik voel, zoals ik slechts voel
de leegte van wachten
de tijd tussen komen en gaan
ja, dat is wat ik bedoel
 
 
de dame van het buffet
in hoogpolig tapijt,
kort van stof
naar lengte gerekend,
is onhandig bereid
nogmaals de techniek
te laten pruttelen
en rondt het ritueel af
met een zoete lach
bij koffie hoort toch immers
een ouderwets betuttelen
 
dames en heren
uw vlucht wordt verwacht
die kan aankomen
of vertrekken
het beeldscherm
heeft dat haarfijn bedacht
 
mijn tafel wordt een eiland
tussen verlaten stoelen
de hal raakt even leeg
een gekleurde medemens
ontruimt het slagveld
met een enkele
swingende veeg...
 
 
 
Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 18:34

Meer van Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : gedichten 2

↑ Terug naar de berichten