Zeelse naaldkant 10

Werking van de vereniging
“De vereniging voor kunstkantwerk” was volledig onafhankelijk van fabrikanten en handelaars. De leden zorgden zelf voor de ontwerpen en de uitvoering. De afgewerkte stukken werden door minister Rubbens verkocht.
De werksters kregen 3 frank per week daar waar ze vroeger 1 frank verdienden. Per week moesten ze een bijdrage van 5 centiemen in de ziekenkas storten en ze werden ingeschreven in de pensioenkas.
Met nieuwjaar kregen ze een deel in de winst!!
De kantwerksters beoefenden hun kunde in een aangename en hygiënische omgeving.
Ze zaten met 6 aan een tafel, gerangschikt volgens het werk dat ze deden. Specialisatie was ver doorgedreven en ieder deed alleen datgene waar ze best in was.
Elke kantwerkster had een werkboekje. Daarin werd het aantal afgewerkte “blommen” of stukken genoteerd en elke week was het uitbetaling.
Volgens getuigenissen maakte deze werkgroep de mooiste naaldkant ooit!!























