nog enkele sfeerbeelden

Nog enkele sfeerbeelden van de sluier
Foto :
Needle lace class room to the trade union lace school at Zele.
Het klaslokaal van de Zeelse kantschool.

Een hobby die een obsessie werd !!
Niet alle afgebeelde kant is door mij gemaakt,
dat zou trouwens onmogelijk zijn.
Ik wil alleen
ALLE
facetten van
KANT
belichten !!

nog enkele sfeerbeelden
Nog enkele sfeerbeelden van de sluier
Foto :
Needle lace class room to the trade union lace school at Zele.
Het klaslokaal van de Zeelse kantschool.

Zeelse kant 15
Ondertussen werkte minister Rubbens ook aan een boekje met als titel :
“De Vlaamsche kantnijverheid”
Het werd in 1920 uitgegeven bij N.V. De Standaard te Brussel.
Volgens de auteur was het de bedoeling, ik citeer :
“Een poging om de algemene belangstelling voor die nationale schat, bron van roem en welvaart, gaande te maken opdat door samenwerking van regering, privaat initiatief en openbare mening een aanzienlijke macht zou tot stand komen om onze kantnijverheid te redden, te beschermen en te bevorderen in de toekomst.”
Afbeelding : de maaier
de Zeelse kant de krone spant...
Na de bevrijding werd er onder impuls van de heer Famelaer en toondichter meester Oscar Roels, een huldecantate uitgevoerd waarin het internationale succes van de kantschool werd belicht.
De Zeelse kant de krone spant
Om ’t even in welk land !!

De karnster, détail uit de sluier.
De sluier van de koningin 5
De kantschool bloeide inderdaad!!!
Er werd meegedaan aan wereldtentoonstellingen in Brussel en Parijs.
Op de wereldtentoonstelling in Rio de Janeiro, in 1920, werd wijlen mevr. Rachel Vehent afgevaardigd om er te kantklossen.
Meer dan eens behaalde de Zeelse kantschool een gouden medaille!!
De hoppe plukster, détail uit de sluier.

De sluier van de koningin 4
De sluier van de koningin 3
De liefde van het Vlaamse volk voor haar koningin werd vertolkt door kransen van rozen en de trouw door slingers van klimop.
De IJzerstreek was uitgebeeld door :
1. De wapenschilden van Ieper, Nieuwpoort, Veurne en Poperinge.
2. Beroepen eigen aan de IJzerstreek :
het kantwerk, de visserij de veeteelt en de hoppeteelt.
3. De producten van de IJzerstreek :
Hoppe, aardappelen, distels uit de duinen en boterbloemen
van de weide.
4. Schelpen en wieren stelden de zee voor.
Dit alles was verbonden door prachtige linten die
schoonheid en rijkdom symboliseerden.
De kantwerkster, détail uit de sluier.

De sluier van de koningin 2
De sluier van de koningin

De kantschool bloeide!!
De heer en mevrouw Rubbens besteedden al hun artistieke gaven om de kantschool een grote faam te geven.
De bekroning op hun werk was de verwezenlijking van een prachtige kanten sluier, volledig in “point de Bruxelles”, die in 1919 geschonken werd aan koningin Elisabeth.
Deze sluier symboliseerde de erkenteljkheid en de trouw van de Vlaamse kantwerksters aan hun koningin.
Koningin Elisabeth stond immers bekend om haar belangstelling en bescherming van de kant.
(Zie "Kant uit het koningshuis" van november 2006)
Maar deze kanten sluier was eveneens ee dankbetuiging voor het heldenwerk dat koningin Elisabeth on W.O.I aan het Ijzerfront presteerde.
Het oorspronkelijke ontwerp, van Meester De Craemer uit Gent, was onuitvoerbaar en werd gewijzigd door Rosalie Vergeylen en Min. Rubbens, die zelf de medaillons tekende.
Bij de overhandiging sprak de minister onze vorstin toe
In een tweetalige brochure, die bij de sluier in het schrijn werd gelegd, verstrekte hij bijzonderheden over techniek en de verwerkte motieven.
Zeelse kant 14
In de kantnormaalschool
Hier werden de beste werksters van de vereniging opgeleid tot lerares in de naaldkant.
Doch de kantnormaalschool bleef slechts enkele jaren bestaan. Want toen enkele jaren later de kant stilaan in verval raakte, door de mechanisatie, sociale verbeteringen, minder toepassingen in de mode, was de opleiding tot kantlerares nutteloos geworden.

Afbeelding : hooien
Het blokkenkussenDe laatste jaren ziet men meer en meer het “blokkenkussen” verschijnen!
Bij het traditionele ronde kantkussen bestaat de vulling uit zeegras of fijn hooi. Het ronde kussen is ook licht gebold.
Het onderstel van een blokkenkussen is een bak die gevuld is een stuk piepschuim. Dit piepschuim is in stukken gesneden en deze stukken zijn overtrokken met stof.
Alles past in de bak en de kantklosster kan nu, naargelang haar werk vordert, de stukken naar onder, boven, links of rechts verplaatsen zodanig dat het werk niet meer van het kussen moet om verder te kunnen werken.
Het is een ingewikkelde uitleg, ik weet het maar als je de werkwijze eens gezien hebt wordt alles duidelijk.
Alhoewel het tijdsbesparend is zijn er toch veel kantwerksters die liever op het ronde kussen werken omdat een kussen van piepschuim plat is en er toch wat ruimte is tussen de verschillende stukken zodat daar de spelden té los zitten.
Ikzelf werk altijd op een “ouderwets, rond kussen!”.
Moeten er nog kussens zijn ???
Zeelse kant 13
Naast deze werkgroep stichtte minister Rubbens in 1918 niet alleen een
“Beroepsschool voor kantwerksters”
maar tevens een
“Normaalschool voor kantwerksters”.
De beroepsschool, met Rosalie Vergeylen als bestuurster, had twee afdelingen :
een esthetische afdeling = de tekenschool
een technische afdeling = de kantschool,
ook wel de “werkschool” genoemd.
In de werkschool
werden de kinderen onderricht in alle facetten van de naaldkant en werden ze opgeleid tot bekwame kantwerksters.
In de tekenschool
werd er kunst – en tekenonderwijs gegeven aan de kinderen van de werkschool. Ook de leden van de Vereniging voor kunstkantwerk kregen hier een opleiding in tekenen en ontwerpen van nieuwe patronen.
Naast de lessen in kant en tekenen kregen de meisjes ook onderricht in rekenen, huishoudkunde, godsdienst en gezondheidsleer.
Dit alles in een ontspannen sfeer en gedurende de kantlessen werd er gezongen en voorgelezen. Dagelijks las men de rozenkrans en soms kwam een pater Jezuïet spreken.
Kantwerksters getuigden dat het
“de schoonste tijd van hun leven was!!”.

Afbeelding :
didactisch materiaal van de vroegere kantschool.Voorbeelden van gronden op een uiterst fijne manier gewerkt.
Het aards paradijs
Het aards paradijs
Naar een ontwerp van Eva Liisa Kortelahti, een Finse kantdame met een eigen stijl.
Tijdens mijn zoektocht op internet vond ik dit ludieke gedichtje over Adam en Eva geschreven door Piet Paaltjens.
Piet Paaltjens was het pseudoniem van de Nederlands dichter en predikant François HaverSchmidt (Leeuwarden, 14 februari 1835 – Schiedam, 19 januari 1894).

Adam en Eva
Adam en Eva,
Die aten samen gort.
Adam had een broekjen aan
En Eva droeg een schort.
Als ik mij niet zéér vergis,
Is dat lang geleden,
Maar het ging (of 'k heb het mis!)
Toen al net als heden.
Eva's die de broek aanhebben,
Zijn de rechte Eva's niet,
En een Adam met een schort voor
Noemde men een keukenpiet.
Wat de kroon is voor een koning,
Voor de huisvrouw is haar schort.
Draag de uwe steeds met eere,
En 't ontbreek't u nooit aan - gort.
Piet Paaltjens. 1835-1894
Postkaart :bloemenmand uit Tsjechië

Van het zelfde kantatelier als vorige afbeelding.
Bloemenmand
Ik vind het ontwerp wel mooi maar ik zou het toch anders uitgewerkt hebben en …misschien doe ik het nog wel eens.
Postkaart : kantwerkster uit Tsjechië
Bailleul, 22 juli 2007.
Postkaart
Bailleul, 22 juli 2007.
Pauw
Weest geen pauw in uw gewaad,
Geen papegaai in uwen praat,
Geen ooievaar, wanneer gij eet,
Geen gans, als gij daar henen treedt.
Vlaamse rijmspreuk

Brasilië
Bailleul 22 juli 2007.