Er was een man, ik zeg niet wie hij was, die hield van de natuur, althans dat dacht hij, want hij had gehoord dat daar zoveel te vinden was,…
Er was een man, ik zeg niet wie hij was,
die hield van de natuur, althans dat dacht hij,
want hij had gehoord dat daar zoveel te vinden was,
de stilte, vrijheid, blijheid en jezelf en zo.
Genoeg in elk geval om daar eens heen te gaan.
Hij ging en kwam behouden aan.
En toen hij zijn boterhammen op had?
Stilte. Wie stilte wil beschrijven moet zijn mond maar houden.
Wie niets hoort luistert niet en heeft niets te vertellen.
Vrijheid. Het zou een heel leuke boel worden als de vrijheid
eens een beetje doorzette, ja jezelf zijn,
eindelijk zou niemand ons begrijpen.
Maar wij begrijpen elkaar helaas uitstekend.
Ook in de meest luxueuze bittertaal van dichters spreekt alles vanzelf.
Blijheid. De blijheid waar wij naar verlangen is er gelukkig niet.
We zouden dodelijk getroffen worden door een herfstblad,
tegen de aarde gesmakt door de wiekslag van een duif,
verbrand door de zon.
Wie niet sterk is moet bedroefd zijn.
Nee, toen hij zijn boterhammen op had hoorde hij de regen
die zijn hele leven door gevallen was, rook hij het gras waar hij zijn hele leven koekhappend en zaklopend door heen gestrompeld was onder het gelach van grote mensen, hoorde de regen en de stem van moeder uil die in de olmen huilde en riep om hem.
Donderdag 4 augustus 2005
Omdat het geluk een herinnering is bestaat het geluk, omdat tevens het omgekeerde het geval is, ik bedoel dit: omdat het geluk ons herinnert…
Omdat het geluk een herinnering is
bestaat het geluk, omdat tevens
het omgekeerde het geval is,
ik bedoel dit: omdat het geluk ons
herinnert aan het geluk, achtervolgt het
ons en daarom ontvluchten wij het
en omgekeerd, ik bedoel dit: dat wij
het geluk zoeken omdat het zich
verbergt in onze herinnering en
omgekeerd: ik bedoel dit; het geluk
moet ergens en ooit zijn, omdat wij dit
ons herinneren en dit ons herinnert.
Donderdag 4 augustus 2005
Er gebeuren dingen hier en ik ben de enige die weet welke, ik zal ze noemen en ook zeggen waarom, er staat een oude tuinbank onder de appelb…
Er gebeuren dingen hier en ik ben de enige die weet welke,
ik zal ze noemen en ook zeggen waarom,
er staat een oude tuinbank onder de appelboom, er ligt een oude
voetbal in het gras, er komen oude geluiden uit het huis, er is oud licht in de lucht, dit gebeurt hier: een tuin in de avond,
en wat je niet hoort en niet ziet, de plekken waar we kuilen groeven en die huilend dichtgooiden, ik vertel dit omdat ik niet alleen wil zijn voordat ik het ben.
Donderdag 4 augustus 2005
Vandaag zou ik een brief schrijven, een brief waarin ik iets wilde begrijpen maar ik deed dat niet, het ging te langzaam ik schreef en ik ke…
Vandaag zou ik een brief schrijven,
een brief waarin ik iets wilde begrijpen
maar ik deed dat niet, het ging te langzaam
ik schreef en ik keek naar mijn hand
hoe die hand langzaam woorden tekende
er ontstond in dat handschrift iets als
een huis, ik wilde weten waarin we woonden
om dat te begrijpen zou ik een brief schrijven,
maar ik zag alleen de voorzichtige woorden
die ik tekende voor ik ze begreep.
Donderdag 4 augustus 2005
Waar komen de grote mensen vandaan en waarom hebben die geen kinderen van die eeuwige vragen het gesprek is voorbij, ik had die eeuwige verh…
Waar komen de grote mensen vandaan
en waarom hebben die geen kinderen
van die eeuwige vragen
het gesprek is voorbij, ik had die eeuwige verhalen verteld, maar die waren niet goed zei ze.
Ik zoek nog steeds naar een ander verhaal dat goed is voor ons beiden, we waren gaan zitten en ik weet nog precies hoe we daar ergens zaten, hoe dichtbij haar huid rook, hoe jong dat rook en hoe verweg, en dat ik precies dezelfde vragen moest denken als zij.
Waar komen de grote mensen vandaan
en waarom hebben die geen kinderen
ik moest weer denken
mijn verhalen zijn voorbij, ik had haar verteld van wat ik wist van die dingen, maar die konden niet, vond ze
Ik denk nog steeds: wat is het dan wat kan voor ons beiden,
zo'n lente waarin ik nooit weet hoe het voelt; oud gras en van die bloempjes, daar stonden we bij onze poppenwagen dat heel kleine vrouwtje en die man
ik dacht: ze heeft gelijk en het geeft niet dat ik niet weet waarom.
Die nachtegaal, die zo vol tederheid treurt om zijn kroost of om zijn lieve gade, vult met zijn zoet gegorgel wijd en zijd de hemel en de ve…
Die nachtegaal, die zo vol tederheid
treurt om zijn kroost of om zijn lieve gade,
vult met zijn zoet gegorgel wijd en zijd
de hemel en de velden en de paden.
En als ik in de nacht hoor hoe hij schreit,
dan word ook ik met zorgen overladen,
en ik beklaag mezelf omdat ik lijd,
want ook mijn papa is door de dood verraden.
Hoe licht wordt wie zich sterk waant overrompeld!
Want wie had ooit gedacht dat zijn gelaat
zo snel tot aarde en stof zou zijn verschrompeld!
Ik zie nu, wijsgeworden door het kwaad
dat me in een stroom van tranen onderdompelt,
hoe aards geluk vergaat vóór het bestaat!
Ik had met je door de weiden willen gaan langs de sloten de bruine pluimen van het riet maar een dunne zon daalde al over boomkruinen en boe…
Ik had met je door de weiden willen gaan
langs de sloten de bruine pluimen van het riet
maar een dunne zon daalde al over boomkruinen
en boerderijen en ik wist dat ik niet kon
verdragen dat onze schaduwen lang en eenzaam
over de weiden zouden gaan.
Ik ben bang zei je.
Ik had met je door de dorpen willen gaan
door de verlaten middag in de tuinen de straten
naast een cafe waar de zon voor ons zou spelen
in de vitrage maar ik wist dat ik niet kon
verdragen dat de stilte lang en eenzaam
tussen ons mee zou gaan.
Ik ben bang zei je.
Ik had met je willen slapen, willen gaan
met mijn ogen mijn handen mijn mond als de zon
over het vreemde landschap van je lijf
maar ik wist dat ik niet kon verdragen
dat we een leven lang eenzaam
op zouden staan.
Ik ben bang zei je.