Naar de inhoud

WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

IK BEN DE ALFA EN DE OMEGA
seniorennet.beseniorennet.be
GEBED IS DE SLEUTEL VAN DE OCHTEND EN DE GRENDEL VAN DE AVOND.

Matteüs

 Matteüs

25, 1-13

Jezus hield zijn leerlingen volgende gelijkenis voor:

'Het zal met het Koninkrijk van de hemel zijn als met tien meisjes die hun olielampen hadden gepakt en erop uittrokken, de bruidegom tegemoet. Vijf van hen waren dwaas, de andere vijf waren wijs.

De dwaze meisjes hadden wel hun lampen gepakt, maar geen extra olie. De wijze meisjes hadden behalve hun lampen ook olie in kruiken bij zich.

Omdat de bruidegom op zich liet wachten, werden ze allemaal slaperig en dommelden ze in. Midden in de nacht klonk er luid geroep: “Daar is de bruidegom! Kom, ga hem tegemoet.”

Dat wekte de meisjes en ze brachten hun olielampen in orde. De dwaze meisjes zeiden tegen de wijze: “Geef ons wat van jullie olie, want onze lampen gaan al uit.”

De wijze meisjes antwoordden: “Nee, straks is er nog te weinig voor ons en jullie samen. Zoek liever een verkoper en koop zelf olie.”

Terwijl zij op olie uit waren, arriveerde de bruidegom, en zij die klaarstonden gingen met hem naar binnen voor het bruiloftsfeest, waarna de deur gesloten werd.

Enige tijd later kwamen ook de andere meisjes. Ze riepen: “Heer, heer, laat ons binnen!”

Maar hij antwoordde: “Ik ken jullie werkelijk niet.”

Wees dus waakzaam, want jullie weten niet op welke dag en op welk tijdstip hij komt.'

Naast waakzaamheid raadt Jezus de christenen ook wijsheid en voorzichtigheid aan. De boodschap van het evangelie moet nu reeds in de praktijk worden gebracht. Anders zullen wij niet klaar zijn wanneer de bruidegom komt. De Kerk wordt hier bruid genoemd. Zij bereidt zich voor op de komst van de bruidegom, Christus haar Heer.

Christus Jezus zal komen als onze verlosser en rechter aan de grens van de tijd. Dan zullen we Hem ontmoeten, eens en voor altijd. Wie we ook zijn, waar en hoe we ook geleefd hebben... de ontmoeting zal plaatsvinden. Laten we dus waakzaam zijn.

 

De parabel handelt niet enkel over de ontmoeting met de Heer bij ons sterven. Hij handelt ook over elk moment waarop we de Heer ontmoeten of ervaren dat Hij op ons toekomt (nu dus bijvoorbeeld in zijn Woord dat je zonet gelezen hebt in de lezingen van de dag). Jezus Christus is niet alleen toekomst, Hij is ook heden en hier. Ook daarvoor moeten we waakzaam zijn.

 

Ieder moment van de dag kan een moment worden van eeuwigheid, een kans om God en de medemensen te dienen en hen te beminnen met de liefde die de Allerhoogste ons toereikt.

Soms kan Hij opeens voor ons staan, klaar en helder en heel bewust. Duidelijk klinkt dan de plotse roep "Daar is de bruidegom!"

Maar soms gebeurt het dat Hij als het ware op ons toesluipt op zachte voeten. Opeens staat Hij dan stil naast ons, stil achter ons.

Of Hij gaat met ons mee zonder spreken, zonder zichtbaar of hoorbaar teken. Maar Hij is er wel.

Het kan ook zijn dat ons geloof wankelt, dat ons bidden en zelfs beminnen dor is, dat we twijfelen, enz... ook dan is Hij midden onder ons en leidt Hij ons.

Hij is altijd tussen ons en in ons, als de aanwezige én de komende.

 

Laten ons leven met een wakker hart.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:48 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Uit het evangelie volgens Matteüs 24, 42-51

Uit het evangelie volgens Matteüs
24, 42-51

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
'Wees waakzaam, want jullie weten niet op welke dag jullie Heer komt.
Besef wel: als de heer des huizes had geweten in welk deel van de nacht de dief zou komen, dan zou hij wakker gebleven zijn en niet in zijn huis hebben laten inbreken. Daarom moeten ook jullie klaarstaan, want de Mensenzoon komt op een tijdstip waarop je het niet verwacht.
Wie is die betrouwbare en verstandige dienaar die de heer heeft aangesteld over zijn huispersoneel om hun op tijd te eten te geven? Gelukkig de dienaar die daarmee bezig is wanneer zijn Heer komt. Ik verzeker jullie: Hij zal hem aanstellen over alles wat Hij bezit.
Slecht is echter de dienaar die bij zichzelf zegt: Mijn Heer blijft voorlopig nog weg, en die zijn mededienaren begint te slaan en het met dronkaards op een slempen zet. Dan zal de Heer van die dienaar komen op een dag waarop hij het niet verwacht en op een tijdstip dat hij niet kent, en Hij zal hem straffen met zijn zwaard en hem het lot van de huichelaars laten ondergaan; daar zal hij met hen jammeren en knarsetanden.'

In een toespraak over de eindtijd, spoort Jezus ons aan waakzaam te zijn en onze tijd goed te gebruiken. Wij kennen dag noch uur van de laatste komst van de Heer.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:27 Reageer op dit bericht Stuur door

- Filippenzen 2:3-4

Handel niet uit geldingsdrang of eigenwaan, maar acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf. Heb niet alleen uw eigen belangen voor ogen, maar ook die van de ander. -- Filippenzen 2:3-4
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 12:37 Reageer op dit bericht Stuur door

Uit het evangelie volgens Matteüs

Uit het evangelie volge
Matteüs
lie

Uit het evangelie volgens Matteüs
23, 13-22

ens Matteüs
Uit het evangelie volgens Matteüs23, 13-22

13-22

'Wee jullie, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, jullie versperren de mensen de toegang tot het Koninkrijk van de hemel. Jullie gaan er zelf niet binnen, maar laten ook degenen die er willen binnengaan niet toe.
Wee jullie, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, jullie bereizen landen en zeeën om één enkele proseliet te winnen, en wanneer je hem eenmaal voor je gewonnen hebt, wordt hij dankzij jullie tot een hellekind in het kwadraat.
Wee jullie, blinde leiders, jullie zeggen: “Wanneer iemand zweert bij de tempel, is dat niet geldig. Alleen wie zweert bij het goud van de tempel, is aan die eed gebonden.” Dwaas zijn jullie en blind, wat is nu van meer waarde: het goud of de tempel die het goud geheiligd heeft?
Zo zeggen jullie ook: “Wanneer iemand zweert bij het altaar, is dat niet geldig. Alleen wie zweert bij de offergave die daarop ligt, is aan die eed gebonden.” Blind zijn jullie, wat is nu van meer waarde: de offergave of het altaar dat de offergave heiligt?
Wie dus zweert bij het altaar, zweert daarbij en bij alles wat daarop ligt. En wie zweert bij de tempel, zweert daarbij en bij degene die hem bewoont. En wie zweert bij de hemel, zweert bij de troon van God en bij Hem die daarop gezeten is.

Tot driemaal toe herhaalt Jezus aan de Farizeeën: 'Wee jullie.' Want ze hebben meer aandacht voor wetten dan voor mensen. Ze stapelen belofte op belofte, onderlijnen die met krachtwoorden, maar God interesseert hen niet veel.


'Wee jullie.'

Wat Jezus ten diepste aanklaagt is de huichalarij en het formalisme als doel. De huichelarij die zegt God te dienen maar zichzelf dient, die zegt God te zoeken maar zichzelf achterna loopt. Het formalisme dat mensen slaaf maakt van praktijken zonden inhoud, een soort gewetenssusserij dat mensen in het gedacht brengt goed en vroom bezig te zijn, maar in werkelijkheid zijn ze slaaf van wat ze de wet noemen. Ze zijn als appels van buiten glanzend en mooi, maar leeg en smaakloos vanbinnen.

Bij Jezus gaat het om de Gods-ontmoeting. Hij heeft het gebed niet afgeschaft maar wil dat er met het hart wordt gebeden. Niet slaafs, maar van harte, van Aangezicht tot aangezicht, in volle ontmoeting met de Vader, gericht op een liefdevol leven.
Deze weg gebeurt doorgaans in stilte, zonder al te veel op te vallen, gewoonlijk ook zonder al te luid alleluia. Dikwijls is het zelfs een weg van droogte, van dorst naar de Levende.
Het heeft niets met huichelarij of formalisme te maken. Het heeft met het hart te maken.

Het christendom is een hartelijke godsdienst, een godsdienst van het hart, van Hart tot hart, in Christus' Naam.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:39 Reageer op dit bericht Stuur door

Uit het evangelie volgens Johannes

Uit het evangelie volgens Johannes
1, 45-51

Filippus kwam Natanaël tegen en zei tegen hem: ‘We hebben de man gevonden over wie Mozes in de wet geschreven heeft en over wie ook de profeten spreken: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret!’
‘Uit Nazaret?’ zei Natanaël. ‘Kan daar iets goeds vandaan komen?’
‘Ga zelf maar kijken’, zei Filippus.
Jezus zag Natanaël aankomen en zei: ‘Dat is nu een echte Israëliet, een mens zonder bedrog.’
‘Waar kent u mij van?’ vroeg Natanaël.
Jezus antwoordde: ‘Ik had je al gezien voordat Filippus je riep, toen je onder de vijgenboom zat.’
‘Rabbi, U bent de Zoon van God, U bent de koning van Israël!’ zei Natanaël.
Jezus vroeg: ‘Geloof je omdat Ik tegen je zei dat ik je onder de vijgenboom zag zitten? Je zult nog grotere dingen zien.’
‘Waarachtig, Ik verzeker jullie’ , voegde Hij eraan toe, ‘jullie zullen de hemel geopend zien, en de engelen van God zien omhooggaan en neerdalen naar
de Mensenzoon.’

De eerste leerlingen van Jezus trokken anderen aan. Maar beslissend voor de geloofsovergave blijft, zoals bij Natanaël, de ontmoeting met Jezus zelf. Hij ervaart doorheen de menselijke gestalte van Jezus iets diepers en wordt erdoor getroffen, zodat hij anders gaat denken en leven. Wie zich bekeert tot Jezus zal de hemel open zien en Gods glorie aanschouwen.


Nathanaël zat onder de vijgenboom. Wellicht in Kana waar hij woonde.
Jezus zei: 'Ik had je al gezien vóórdat Filippus je riep, toen je onder de vijgenboom zat', zo hoorden we vandaag.

Voor de vrome Jood was het een gebruikelijke plaats om zich bezig te houden met de dingen van God. Met zijn laag neerhangende takken kon je er ongestoord en ongezien je wijden aan de studie van de Schrift. Het is een plek van vrede. Ongetwijfeld heeft Nathanaël daar onder de vijgenboom zijn verlangen naar de Komende gevoed.
Hij heeft zijn verwachting levend gehouden. Hij heeft gebeden om de komst van de Messias.
En dan wordt hij geroepen om de Messias te zien en te ontmoeten.

Het is goed voor ieder van ons om zo'n vijgenboom te hebben. Om een plek van rust te hebben, een plek van overdenking en gebed. Een plek waar je her-innerd wordt aan de vrede met God en waar je die vrede kunt oefenen. Een plek ook waar je jezelf voorbereidt op zijn komen in jouw leven.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:17 Reageer op dit bericht Stuur door

Uit het boek Spreuken

Uit het boek Spreuken
9, 1-6

Wijsheid heeft haar huis gebouwd, zeven zuilen heeft ze uitgekapt. Ze heeft haar vee geslacht, haar wijn gemengd, haar tafel heeft ze gedekt.
Haar dienaressen heeft zij de stad in gestuurd, zelf roept zij vanaf de hoogste plaats: ‘Onnozele mensen, kom toch deze kant op.’
Wie geen verstand heeft roept ze toe: ‘Kom, eet het brood dat ik je geef,
drink de wijn die ik heb gemengd. Wees niet langer zo onnozel, leef, en betreed de weg van het inzicht.’

Toen God door de Wijsheid zijn volk bezocht, was Hij het en niet de mensen, die het eerst het voedsel van inzicht en leven schonk. Toen Hij ons bezocht door zijn Zoon, heeft deze ons eigen lichaam en zijn eigen bloed als voedsel voor het eeuwig leven gegeven.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:34 Reageer op dit bericht Stuur door

Uit het evangelie volgens Matteüs

Uit het evangelie volgens Matteüs
19, 3-12

Er kwamen enkele Farizeeën op Jezus af om Hem op de proef te stellen. Ze vroegen: ‘Mag een man zijn vrouw om willekeurig welke reden verstoten?’
Hij zei: ‘Hebt u niet gelezen dat de Schepper de mens bij het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt?’
En Hij vervolgde: ‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één worden; ze zijn dan niet langer twee, maar één. Wat God heeft verbonden, mag een mens niet scheiden.’
Toen vroegen ze hem: ‘Waarom heeft Mozes dan voorgeschreven haar een scheidingsbrief te geven en haar zo te verstoten?’
Hij antwoordde: ‘Omdat u harteloos en koppig bent, daarom heeft Mozes u toegestaan uw vrouw te verstoten. Maar dat is niet vanaf het begin zo geweest. Ik zeg u: wie zijn vrouw verstoot en met een ander trouwt, pleegt overspel, tenzij er sprake was van een ongeoorloofde verbintenis.’
Hierop zeiden zijn leerlingen: ‘Als het met de verhouding tussen man en vrouw zo gesteld is, kun je maar beter niet trouwen.’
Hij zei tegen hen: ‘Niet iedereen kan deze kwestie begrijpen, alleen degenen aan wie het gegeven is: er zijn mannen die niet trouwen omdat ze onvruchtbaar geboren werden, andere omdat ze door mensen onvruchtbaar gemaakt zijn, en er zijn mannen die niet trouwen omdat ze zichzelf onvruchtbaar gemaakt hebben met het oog op het Koninkrijk van de hemel. Laat wie bij machte is dit te begrijpen het begrijpen!’

Het huwelijk is een onverbrekelijke band tussen man en vrouw. Zo heeft God het gewild. Het is geen eenvoudig kontrakt dat kan verbroken worden. God zelf was trouw tegenover zijn volk. Die trouw vraagt Hij ook van man en vrouw tegenover elkaar

Wanneer twee mensen verliefd worden kan het ervan komen dat ze kiezen om te trouwen. 'Zij ' kiezen, maar wat er gebeurt bij het altaar is niet van hen. God is daar werkzaam. Hij maakt deze twee mensen tot één. Zij doen dat niet zelf, het is iets dat aan hen gebeurt, puur gave. Dat is de kern van het sacrament van het huwelijk.

Bedoeling is dat de twee geliefden dagelijks putten uit dit sacrament. Het is zoals een doopsel, elk sacrament is een bron van levend water die niet ophoudt genade te schenken. Vandaar

 

het belang bij deze bron te blijven, in goede en kwade dagen.
Dit laatste is niet vanzelfsprekend, een hele opdracht !

Liefde is gave, maar tevens een opgave, waar dagelijks aan gewerkt moet worden, waar veel in ver- en gedragen moet worden. Het is een weg waaraan getimmerd moet worden doorheen alle fases van het leven.

In het huwelijk kan een koppel getuigen van Gods trouw aan de mens. Zij zijn als het ware beeld van deze trouw.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:06 Reageer op dit bericht Stuur door

2 Corinthiër 7:1 HTB

 

“Vrienden, omdat God ons zulke geweldige beloften heeft gedaan, moeten wij ons afkeren van alles wat ons lichamelijk en geestelijk bevuilt. Wij moeten onszelf reinigen door ontzag voor God te hebben en ons volkomen aan Hem te geven.” 2 Corinthiër 7:1 HTB

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:41 Reageer op dit bericht Stuur door

eerste brief van Paulus aan de Korintiërs

eerste brief van Paulus aan de Korintiërs
15, 20-26

Broeders en zusters,
Christus is werkelijk uit de dood opgewekt, als de eerste van de gestorvenen.
Zoals de dood er is gekomen door een mens, zo is ook de opstanding uit de dood er gekomen door een mens. Zoals wij door Adam allen sterven, zo zullen wij door Christus allen levend worden gemaakt.
Maar ieder op de voor hem bepaalde tijd: Christus als eerste en daarna, wanneer Hij komt, zij die Hem toebehoren.
En dan komt het einde en draagt Hij het koningschap over aan God, de Vader, nadat Hij alle heerschappij en elke macht en kracht vernietigd heeft.
Want Hij moet koning zijn totdat ‘God alle vijanden aan zijn voeten heeft gelegd’. De laatste vijand die vernietigd wordt is de dood

Als eerste en voornaamste Christus, vervolgens zij die Christus toebehoren.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:58 Reageer op dit bericht Stuur door

-- Hebreeen 13:5

Laat uw leven niet beheersen door geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd: ‘Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten,’ zodat we vol vertrouwen kunnen zeggen: ‘De Heer is mijn helper, ik heb niets te vrezen. Wat zouden mensen mij kunnen doen?’ -- Hebreeen 13:5
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 14:41 Reageer op dit bericht Stuur door

Galaten 5.13-14

Galaten 5.13-14

Het Boek

 Broeders, God heeft u niet de vrijheid gegeven om te misbruiken en uw eigen zin te doen, maar om elkaar te dienen in een geest van liefde.

De hele wet is immers samengevat in dit ene gebod: "Houd net zoveel van uw medemens als van uzelf."

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:32 Reageer op dit bericht Stuur door

Johannes 6.41-51

Johannes 6.41-51

De Joden begonnen te protesteren omdat Jezus zei dat Hij het brood was dat uit de hemel was neergedaald.
‘Dat is toch Jezus, de zoon van Jozef? We weten toch wie zijn vader en moeder zijn? Hoe kan Hij dan zeggen dat Hij uit de hemel is neergedaald?’
Jezus zei: ‘Ik hoor u bezwaren maken. Toch kan niemand bij mij komen, tenzij de Vader die mij gezonden heeft hem bij me brengt, en Ik zal hem op de laatste dag tot leven wekken. Het staat geschreven in de Profeten: “Zij zullen allemaal door God onderricht worden.” Iedereen die naar de Vader luistert en van Hem leert komt bij mij. Niet dat iemand ooit de Vader gezien heeft – alleen hij die van God komt, heeft Hem gezien. Waarachtig, Ik verzeker u: wie gelooft, heeft eeuwig leven. Ik ben het brood dat leven geeft. Uw voorouders hebben in de woestijn manna gegeten en toch zijn zij gestorven. Maar dit is het brood dat uit de hemel is neergedaald; wie dit eet sterft niet. Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald; wanneer iemand dit brood eet zal hij eeuwig leven. En het brood dat Ik zal geven voor het leven van de wereld, is mijn lichaam.

De eeuwige vraag omtrent Jezus luidt: staat Hij niet te dicht bij ons om van elders te komen? Is Hij niet te goed ingeburgerd op onze aarde om van God te komen? Nochtans door Christus trekt de Vader de mensen tot zich. Door Christus, gegeven als brood, schenkt de Vader aan de mensen het eeuwig leven.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:38 Reageer op dit bericht Stuur door

Uit het evangelie volgens Matteüs17.14-20

Toen Jezus en de leerlingen zich weer bij de mensenmassa voegden, kwam er iemand naar Hem toe die voor Hem op zijn knieën viel en zei: ‘Heer, heb medelijden met mijn zoon, want hij is maanziek en lijdt daar erg onder; hij valt dikwijls in het vuur of in het water. Ik heb hem bij uw leerlingen gebracht, maar zij konden hem niet genezen.’
Jezus antwoordde: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig en dwars volk, hoe lang moet Ik nog bij jullie blijven? Hoe lang moet Ik jullie nog verdragen? Breng hem bij me.’
Daarop sprak Jezus de demon op strenge toon toe. Deze ging uit de jongen weg, en vanaf dat moment was hij genezen.
Later kwamen de leerlingen naar Jezus toe.
Eenmaal met Hem alleen vroegen ze: ‘Waarom konden wij die geest niet uitdrijven?’
Hij antwoordde: ‘Vanwege jullie gebrek aan geloof. Ik verzeker jullie: als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, dan zullen jullie tegen die berg zeggen: “Verplaats je van hier naar daar!” en dan zal hij zich verplaatsen. Niets zal voor jullie onmogelijk zijn.’

Gebrek aan geloof maakt het de leerlingen onmogelijk om de zin te ontdekken van de wonderen in Christus' zending. Zijn werken zijn niet enkel gebaseerd op wonderen, maar vooral op de aanwezigheid van zijn Geest. Deze bewerkt het geloof en doet alles zien met de ogen van God.

Twijfel is niet het tegendeel van geloof, maar een wezenlijk bestanddeel ervan. Moest het geloof een zomaar vanzelfsprekende zaak zijn zou de mens niet groeien. Juist doorheen twijfel maakt God ons sterk en volwassen, leert Hij ons geloven, los van gevoelens, maar enkel gericht op Hem, vanuit zijn aanwezigheid in ons.

Geloof is tegelijk een gave én een act van de mens.
Het is gave omdat de mens niet zou kunnen geloven zonder dat God zijn Geest in ons hart heeft gelegd. Het is de Geest die ons naar God zal wenden, Hij zal ons leren bidden, Hij zal dat in ons doen.
Maar geloof is ook een act van de mens. De mens moet kiezen om te geloven, hij moet het willen, hij moet willen meewerken met de Geest. De mens kan namelijk ook 'nee' zeggen, en dan zal God zich in de meeste gevallen ook nederig afzijdig houden. Hij respecteert de vrijheid van de mens. Dat afzijdig houden is echter geen passief gebeuren van God. In alle deemoed zal Hij in al zijn liefde blijven aankloppen aan de deur van ons hart, tot we opendoen en Hem welkom heten. Hij dorst naar ons.

Geloof is een houding van overgave. Ik 'geloof'  is een beweging van de mens naar God toe, nadat God een beweging heeft gedaan naar de mens toe. Het is op zijn uitnodiging, zeg maar door de inwoning van de Geest, dat wij kunnen zeggen: 'Ik geef mijn hart aan U'.
Wie dit nederig kan, in een diepe stille overgave, in een werkelijk bewustzijn dat God hem in zich wilt opnemen, zal de genade van groei ontvangen. Het kan gepaard gaan met een stille ervaring van 'alleluja', maar het kan evengoed gepaard gaan met woestijn, met een zwijgen van de Heer, wat ons kan doen twijfelen. Hier is God de liefdevolle opvoeder. Trouw en discipline zijn hier de sleutelwoorden om deze tijd van woestijn in liefde te kunnen aanvaarden, gelovend dat God met ons, de Kerk, de wereld, bezig is.

Laat ons niet ophouden dagelijks te bidden, ook al zegt het ons bij momenten misschien weinig.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:14 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

↑ Terug naar de berichten