Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
EEN BRANDHOUT UIT HET VUUR GERUKT.
Op het eiland Wight staat op een klein kerkhof een grafsteen met de naam van de overledene en daaronder staat: 'Een brandhout uit het vuur gerukt.' Een bezoeker die dit merkwaardige grafschrift las, werd nieuwsgierig naar de achtergrond van deze woorden. Hij ging naar het dorp en vroeg aan een winkelier wat dit grafschrift betekende. De winkelier vertelde hem dat er in het dorp een man gewoond had die het grootste deel van zijn leven doorbracht in de zonde, ver van God. Pas op latere leeftijd leerde hij de Heer Jezus kennen en heeft hij het heil aangenomen dat hem aangeboden werd door het offer van de Heer Jezus op het kruis van Golgotha. Vanaf die dag wist hij dat hij verlost was van de zonde en van de eeuwige dood. Dit grafschrift is een getuigenis van de genade die aan hem bewezen is toen hij al een oude man was geworden. De uitdrukking 'een brandhout uit het vuur gerukt' is een uitdrukking uit de Bijbel. Het staat in Zacharia 3 vers 2.
GOD WERD MENS..
GOD WERD MENS..
Bird, een zendeling die jarenlang in India werk-
te, vond het moeilijk om aan zijn gehoor, dat
voor het merendeel uit analfabeten bestond, de
noodzaak van de menswording van Jezus Chris-
tus duidelijk te maken. Vaak gebruikte hij het
volgende verhaal.
Een vader ging eens met zijn zoontje in het bos
wandelen. Zij kwamen langs een mierennest. De
vader kon niet nalaten zijn wandelstok een paar
keer in het nest te steken. De mieren raakten
daardoor in grote verwarring. Haastig probeer-
den ze de poppen die open en bloot lagen, weer in het nest te brengen. Ze begonnen meteen
weer het nest te herstellen. De jongen keek ver-
drietig naar de mieren en zei: 'Vader, ik vind het
heel'erg voor die diertjes. Wilt u tegen ze zeggen
hoeveel ik van hen houdt?' De vader glimlachte
en zei: 'Ik ben blij dat jij van dieren houdt, maar
jouw boodschap overbrengen kan ik niet. Dan
zou ik eerst zelf een mier moeten worden.'
God heeft de mensen lief. Om dat aan de men-
sen te kunnen vertellen, werd God mens in
Jezus Christus. De Heer Jezus heeft ons de Vader
leren kennen.
Door God begroet als
Door God begroet als
hogepriester.
Hebr. 5:10
Onze hemelse hogepriester is Gods eigen Zoon.
Hij is eeuwig hogepriester. Hij kwam volgens
Gods wil naar deze aarde en werd mens. Hier
bij ons ging Hij zijn weg, afhankelijk van en
gehoorzaam aan zijn hemelse Vader. Hij ging
naar het kruis/waar Hij voor onze zonden stierf;
Hij ondervond in al dat lijden aan den lijve wat
gehoorzaamheid betekent. We mogen dankbaar
zijn voor zo'nMIddelaar tussen God en mensen'
Jezus Christus is het absoluut waard om de titel
' hogepriester te dragen. Hij is niet uit de mensen
gekozen, maar door God Zelf aangesteld. Hij is
waarachtig Mens en heeft bewezen dat Hij het
waard is om hogepriester te zijn.
VAN MIJN GELOOF GEVALLEN..
VAN MIJN GELOOF GEVALLEN..
Het is 1960 en Sinterklaastijd. Het is overal
koud in huis: alleen in de woonkeuken brandt
de oude TEBO-kachel. Daar omheen staat een
rekje voor de natte was: Als de kachel roodgloei-
end is, zie je soms dat de damp uit de natte was
slaat. Zo heel breed hadden we het niet en onze
verlanglijstjes voor Sinterklaas bevatten dan ook
niet zulke hele dure wensen. Mijn ouders zeiden
altijd dat Sinterklaas het meest van tevreden
kinderen hield en dat we daarom maar niet te
dure dingen moesten vragen.
Maar goed, het was dus weer Sinterklaastijd. Na
het eten en de afwas kwam mijn moeder een
luier tekort voor het verschonen van de jongste
en ze vroeg mij om er eentje uit de slaapkamer
boven te halen.
Het was donker, de wind floot om het huis en
ik hoopte maar dat Sint en Piet niet op het dak
waren: mijn geweten voelde zich niet helemaal.
vrij en wie weet, moest ik mee naar Spanje. Met
een bonkend hart ging ik snel naar boven en
haalde de gevraagde spullen op. Toen ik bene-
den kwam, klopte er opeens iemand op de deur.
U raad het al, we kregen bezoek van de Sint en
zijn knecht.Wat mij opviel, was dat de jurk van Sinterklaas
veel leek op de beddensprei van mijn vader en
moeder, maar die kon het niet zijn, want ik was
zojuist nog op die kamer geweest. Ik moest dicht
bij de Sint komen, samen met mijn broer. Hem
was blijkbaar ook het één en ander opgevallen,
want hij bleef maar staren naar de schoenen
van Sint. Met een onschuldig stemmetje zei hij:
'Sinterklaas heeft buurmans schoenen aan.' Ja,
en toen wist ik het zeker. Het was waar wat ze
op school tegen mij hadden gezegd: 'Sinterklaas
bestaat niet.' Het waren echt de schoenen van
de buurman. Ik raadpleegde mijn moeder en ze
zei dat het zo was. Vanaf dat moment was ik dus
van mijn Sinterklaasgeloof gevallen. Het deed
best even pijn, dat gevoel dat zelfs je ouders je
zo voor de gek konden houden. Maar al gauw
deed ik mee met het spelletje, ik had per slot
van rekening nog vier jongere broers en zussen.
En het spelletje was best heel aardig.
Later in het leven leerde ik nog een ander geloof
kennen. Daarmee hebben mijn ouders me niet
bedrogen, ik ben nog nooit bedrogen uitgeko-
men tenminste. Ja, het liep wel eens anders dan
ik dacht, ook liet mijn geweten me wel eens niet
met rust en moest ik vaak om vergeving vragen.
Mijn geloof in Sinterklaas, die ik kon zien, ver-
dween omdat hij niet echt was gebleken. Mijn
geloof in de almachtige God, Die ik niet kon
zien, is gebleven. Hoe dat komt, weet ik niet,
maar ik ben ervan overtuigd dat Hij er Zelf voor
zorgt dat wij ons geborgen weten in het vertrou-
wen dat Hij alles eens nieuw zal maken. Per slot
van rekening is Hij de Schepper van hemel en
aarde, Die alle dingen draagt door het woord
van zijn kracht. Hij laat als het ware de aarde
draaien op de top van zijn pink.
Hij ziet volken als stofjes aan een weegschaal
... en toch heeft Hij ons lief. Van dat geloof wil
ik niet eens vallen, dat wordt me te gevaarlijk,
want wat moet ik zonder de wetenschap dat er
een Vader is die voor mij zorgt? Dan ben je toch
nergens meer?
God is Rechter.
God is Rechter.
Ps. 75:8
Het is goed om God te erkennen en Hem te
loven. Ook al zien wij dat nu nog niet, tóch
heeft God alles in zijn hand. Deze psalm laat
daar iets van zien. God heeft de grenzen van
de aarde vastgesteld. Hij, de Schepper, heeft
haar pilaren vastgezet. Het mag soms lijken dat
machthebbers heel wat te vertellen hebben,
maar God heeft alles in zijn hand. We hoeven
dus niet bang te zijn. God zal op zijn tijd het
onrecht oordelen. Het wonder voor Gods kinde-
ren is dat hun ongerechtigheden al geoordeeld
zijn in de Heer Jezus. Maar helaas is er nog veel
onrecht in deze wereld. Rechters spreken recht
wat krom is, en mensen worden onrechtvaar-
dig behandeld. Maar eens zal God rechtvaardig
recht spreken. Verlangt u daar ook zo naar?
God heeft het hoogste gezag. Van Hem is alle
macht, in hemel en op aarde. Koningen en
presidenten hebben hun gezag alleen aan God
te danken. En omdat God de overheid heeft
ingesteld, moeten we aan haar onderdanig zijn
(Rom. 13:1). God stelt koningen aan en zet hen
af. In onze democratie, de 'regering van het
volk', lijkt dat misschien Wel eens anders. Maar
Gods Woord is er duidelijk over: het verhogen
van een mens komt niet van oost of west, maar
vanuit de hemel. God vernedert de een en ver-
hoogt de ander.
Het is trouwens erg onverstandig om je tegen de
Allerhoogste te verzetten. Mensen zonder God
- zijn zichzelf tot god. Daarmee staan ze auto-
matisch de God van hemel en aarde in de weg.
Zo beroven ze God van de plaats waar Hij recht
op heeft. Dat is hoogmoed ten voeten uit. God
heeft een hekel aan mensen die zichzelf heel
wat vinden. De Bijbel belooft juist dat God de
nederige zijn gunst en genade geeft.
Onderwerping aan God is niet populair, maar
wel gezegend. God zegt dat de nederige, die
niet gediend wil worden, maar zelf dient, in zijn
koninkrijk de grootste is. Pas dan krijgt God de
plaats in ons leven die Hem toekomt. Dan ont-
vangt God onze lof. Als we ons aan Hem en zijn
wil onderwerpen, mogen wij God en zijn wegen
beter leren kennen.
WEDERKERIGE LOYALITEIT..
WEDERKERIGE LOYALITEIT..
Koningin Elizabeth van Engeland moest eens
een ambassadeur ver weg sturen voor een
belangrijke en moeilijke zaak. Hij maakte bezwa-
ren en zei tegen de koningin: 'Wat zal er terecht
komen van mijn bedrijf en van mijn gezin?' De
koningin antwoordde hem: 'Jij zorgt voor mijn
zaken en ik zal zorgen voor jouw zaken.' Hij ver-
trouwde zijn koningin en hij ging.
Hij toonde hierin meer geloof dan wij soms heb-
ben. Als de Heer ons roept, dan zal Hij voor ons
zorgen: voor onze zaken en zeker ook voor ons
gezin. Als Hij ons roept, kunnen we ons hele-
maal aan zijn zorg toevertrouwen.
Mieke Mantel

Mieke Mantel

Om hem rust te verlenen van de
Om hem rust te verlenen van de
dagen des onheils.
Ps. 94:13
Vandaag een les over de Israëlieten op weg naar
het beloofde land. 'Nooit zullen zij in mijn rust
ingaan', moest God over velen van hen zeggen.
Waarom? Omdat ze hun hart op slot zetten voor
de liefdevolle waarschuwingen van God. De
ongemakken tijdens de reis maakten hen verbit-
terd. Ze gaven God de schuld. Ze twijfelden aan
Gods aanwezigheid. En dat terwijl God veertig
jaar lang elke dag voor hen zorgde, hen bewaarde
en leidde door Mozes en Aaron. Voor hen geen
rust. Vandaag zitten wij christenen vaak net zo
in elkaar. Zonder geloof is het onmogelijk om de
Heer te behagen. De christen die naar de Heer en
zijn Woord luistert en zijn wegen aanvaardt, mag
nu al rust vinden in Hem. En aan het einde van
de reis mogen we gaan in de hemelse rust.
FACADE..
FACADE..
Bij ons in de buurt staan een paar drugspanden. Gebruikers en dealers lopen al jaren in en uit. Van tijd tot tijd zijn er ruzies, knokpartijen of invallen van de politie. De eigenaar maakt zich er niet druk over, als hij zijn geld maar krijgt. Krijgt hij dat niet op tijd, dan schaamt hij zich er niet voor de betrokken persoon zonder pardon op straat te zetten.
Omdat de panden kennelijk niet aan de wettelijke eisen voldoen, kreeg de eigenaar enkele jaren geleden de opdracht daar snel iets aan te doen. De panden werden in de steigers gezet, de voorste rij stenen werd weggekapt, er verrees een nieuwe pui met kunststof ramen en dito voordeuren. Het lijkt allemaal prachtig, maar wij merkten al gauw dat achter die facade niets veranderd is. Deze week werd een van de bezoekers vermoord gevonden tegenover de panden, enkele bewoners werden geboeid weggevoerd. Een trieste zaak!
Helaas lijken christenen soms ook op zulke panden. Aan de buitenkant mankeert niets, maar daarachter? God wil waarheid in het verborgene ( Ps. 51:8 ) en als wij van onszelf weten dat dingen achter ons vrome uiterlijk niet in orde zijn, moeten we die vandaag nog in orde maken, voordat het van kwaad tot erger gaat.
DE KRACHT VAN ZEGENEN
DE KRACHT VAN ZEGENEN
Als je luistert naar de stemmen om je heen, hoor je ontzettend veel kritische stemmen. Geen opbouwende kritiek, maar kille kritiek. Soms verpakt in mooie woorden, maar als je de tijd neemt om beter te luisteren, merk je dat de kritiek bedoeld is om de ander te kleineren. Als je je echter laat leiden door de Geest van God, zul je veel liever willen zegenen. Goede woorden spreken tegen de ander. Goede woorden bidden over de ander. Je krijgt oog voor de positieve zaken om je heen, zodat je mensen kunt zegenen. Jezus zegende de kinderen om ze te bevestigen in wie ze voor Hem waren. Als je net als jezus zegent, zullen kleine kwetsbare planten uitgroeien tot grote sterke bomen waarin veel vogels een veilig onderkomen kunnen vinden.
'Laat de kinderen toch bij Mij komen,' zei Hij.
'Houd ze niet tegen, want juist voor kinderen is liet
Koninkrijk van God. Het is zelfs zo dat wie niet als
een kind in het Koninkrijk van God gelooft, er nooit
kan komen.'
Markus 10:14-15 (HB)
Uw troon, o God, is tot in alle
Uw troon, o God, is tot in alle
eeuwigheid.
Hebr. 1:8
Jezus Christus is als Enige waardig om te heer-
sen en op de troon te zitten. In het gedeelte van
vandaag spreekt God zijn Zoon aan met 'God';
ook de engelen aanbidden Hem. Hij is ook ónze
aanbidding waard. Aardse machthebbers regeren
tijdelijk; maar zijn heerschappij - nu nog achter
de schermen - duurt voor altijd, ondanks alle
pogingen dit te ondermijnen. Zijn troon zal er
zijn tot in alle eeuwigheid. De groten der aarde
komen vaak op onrechtmatige wijze aan de
macht en misbruiken hun positie, maar Jezus
Christus heeft als Enige recht op de Konings-
scepter. Hij is de met vreugdeolie Gezalfde van
God. Om de vreugde die voor Hem lag, heeft Hij
voor ons het kruis verdragen. Daarom heeft Hij
nu al het volste recht op de troon van ons leven.
VRUCHT DRAGEN..
VRUCHT DRAGEN..
Een boer liet zijn boomgaard aan een vriend
zien. Deze bewonderde de mooie tuin. Alles zag
er netjes uit. De bomen waren goed gesnoeid en
stonden keurig op rij. Opeens viel zijn aandacht
op een boom die een heel eigenaardige vorm
had, helemaal anders dan de andere bomen. Hij
zei: 'Als ik jou was, zou ik deze boom laten weg-
halen. Hij valt helemaal uit de toon.' De boer
glimlachte en zei dat hij meer belangstelling had
voor de vrucht dan voor de vorm van de boom.
'Deze boom heeft meer vrucht opgeleverd dan al
die andere bomen die er zo keurig bij staan.'
Christenen kunnen zo gewend zijn om dingen
te doen als de traditie het wil, dat ze wel eens
vergeten zich af te vragen of hun manier van
doen eigenlijk wel de meeste vrucht draagt voor
de Heer.
WEES ER HELEMAAL!
WEES ER HELEMAAL!
Een vriend van me heeft een levensopvatting die samengevat kan worden in één van zijn geliefde gezegden: 'Waar je ook bent, wees er helemaal' - dat wil zeggen, hoe je situatie ook is, doe je uiterste best.
Tijdens zijn collegejaren kreeg mijn vriend in de zomervakantie een baantje bij een vakantiecentrum. Hij dacht dat het heel leuk zou zijn, maar toen hij aankwam, kreeg hij te horen dat het zijn taak was af te wassen. Hij zag maar twee mogelijkheden: 'Weggaan en je happy voelen, of blijven en miserabel zijn.' Maar een vriend moedigde hem aan tot een derde mogelijkheid: 'Blijf en neem een positieve houding aan, dan zul je ook positieve resultaten zien.' Hij besloot te blijven en zijn werk zo goed mogelijk te doen, omdat hij wist dat hij het kon doen 'als voor de Here' (Kol. 3:22,23).
Het resultaat was dat hij, zelfs bij het afwassen, er 'helemaal' was.
We hebben de omstandigheden in ons leven niet altijd voor het kiezen, maar we kunnen er wel 'helemaal' zijn.
DE SPIEGEL LAAT DE WERKELIJKHEID ZIEN..
DE SPIEGEL LAAT DE WERKELIJKHEID ZIEN..
Een zendeling had de koningin van een stam in Afrika een spiegel gegeven. Zij had nog nooit een spiegel gezien en de zendeling vertelde haar dat zij daarin zichzelf kon zien. Toen zij in de spiegel keek, was zij eerst heel verbaasd, daarna werd zij woedend. Zij was namelijk heel lelijk, maar haar dienaren hadden haar altijd verteld dat ze heel knap was. Ze zei tegen de blanke man: 'U bent onbeschoft en u liegt. Deze afschuwelijke vrouw kan ik niet zijn.' In haar woede gooide ze de spiegel in stukken en de zendeling moest onmiddellijk haar land verlaten. Dit voorbeeld kunnen we op onszelf toepassen. We kunnen de Bijbel vergelijken met een spiegel. De Bijbel laat ons zien wie we in werkelijkheid zijn. Misschien hebben we nog een vrij goede indruk van onszelf en zijn we best wel met onszelf ingenomen. De Bijbel liegt niet en vleit ons niet. De Bijbel laat ons zien wie we zijn in het oog van God. Namelijk zondaars, die het oordeel verdiend hebben. Willen we Hem aannemen, die ons zijn vrede en heil wil geven? Of willen we liever verder leven met de illusie dat we niet slechter zijn dan andere mensen?
De God nu van de vrede zij met
De God nu van de vrede zij met
u allen!
Rom. 15:33
Hebt u het goed gelezen? 'Met u allen7: dus ook
met u! Kent u de God van de vrede? De God die
ons hart zo rustig maakt dat wij alle omstandig-
heden van het leven aankunnen? Soms kunnen
we zo naar die vrede verlangen. De Heer wil ons
die vrede ook graag geven. Paulus schrijft aan de
Filippenzen dat de vrede van God onze harten
en gedachten zal bewaren, als wij met alle din-
gen in het gebed tot God gaan (Fil. 4: 6,7). Die
vrede, die je hart en je gedachten kan bewaren,
is Gods antwoord op je wanhoop; als je Hem
aanroept (in welke omstandigheid dan ook) wil
Hij je die vrede geven, als gift van zijn genade.
EEN GRIJS KONIJNTJE .
EEN GRIJS KONIJNTJE .
Toen ik tien jaar was, hadden we een grote hond
die Sam heette. Sam joeg graag op wilde konijn-
tjes. Het was heel spannend om de hond achter
een groot konijn aan te zien rennen. Het konijn
legde dan zijn oren naar achteren en vluchtte
om-zijn leven. Het was opvallend dat de grote
konijnen nooit naar een vluchtplek zochten,
hoewel er veel plekjes waren waar zij zich zou-
den kunnen verschuilen. Maar dat deden ze
niet. Kennelijk waren ze te trots om zich te ver-
bergen en te zelfbewust om in een rotsspleet of
in een gat in de grond te vluchten. Ze vertrouw-
den op hun sterke en snelle poten - en ze ver-
loren! Hoewel ze geoefende hardlopers waren,
konden ze niet tegen onze hond op.
Op een dag ontdekte Sam een klein grijs konijn-
tje, dichtbij de rivier. Onmiddellijk zette hij de
jacht op het diertje in. Het diertje had maar
ongeveer het derde van het formaat van een
volwassen konijn.
Het konijntje holde zo hard hij kon en Sam hol-
de er achteraan. Ik dacht bij mezelf: 'Dat loopt
slecht met je af, beestje! Je hebt geen schijn van
kans!' Plotseling kreeg het geblaf van Sam een
andere toon. Eerst dacht ik dat hij zich mis-
schien verwond had. Maar toen ik me een weg
baande door de struiken, vond ik hem voor een
grote rots, waar hij op de grond stond te krab-
ben. In een gat onder de overhangende rots,
even boven de grond, was het konijntje verdwe-
nen. Het kleine dier was daar volkomen veilig.
Het kon niet op zijn eigen pootjes vertrouwen,
maar het was zo slim geweest om te vluchten
naar een veilige schuilplaats in de rots.
Jaren zijn voorbijgegaan. Ik ben ondertussen een
volwassen man geworden en heb de Heer Jezus
leren kennen als mijn Heer en Heiland. Vaak
heb ik nog teruggedacht aan de konijnen. Aan
het grote, trotse konijn met zijn lange poten,
dat er niet over piekerde om een toevluchtsoord
te zoeken. En aan het hulpeloze grijze konijntje
dat, toen het in gevaar kwam, zo vlug mogelijk
een veilige schuilplaats vond.
Je kunt de konijntjes waarop onze hond jacht
maakte vergelijken met twee soorten zondaren.
Allereerst moeten we vaststellen dat alle mensen
zondaren zijn. Sommige mensen zijn net als die
grote konijnen. Ze proberen het er zelf zo goed
mogelijk vanaf te brengen. Ze vertrouwen op
hun goede daden en hun trots weerhoudt hen
ervan de toevlucht te nemen tot een veilige
schuilplaats, namelijk bij de Heer Jezus. Andere
mensen lijken op het kleine grijze konijntje.
Ze hebben leren inzien dat ze het oordeel van
God niet zullen ontgaan. En ze hebben in hun
nood de toevlucht genomen tot Jezus Christus.
Zo is Hij hun Heiland geworden. Op hen is van
toepassing wat staat in Jes. 32:2 in de Statenver-
taling: 'En die Man (Christus) zal zijn als een
verberging tegen de wind, als een schuilplaats
tegen de vloed, als waterbeken in een dorre
plaats, als de schaduw van een machtige rots in
een dorstig land.'
WAT DE WERELD NODIG HEEFT..
WAT DE WERELD NODIG HEEFT..
Een aalmoezenier in de Burgeroorlog in Amerika vroeg aan een gewonde soldaat op het slagveld: "Wil je dat ik je iets voorlees uit de Bijbel?" De soldaat antwoordde: "Ik heb zo'n dorst, ik heb liever iets te drinken." Nadat hij gedronken had, zei hij: "Kunt u misschien iets onder mijn hoofd leggen?" De voorganger trok zijn overjas uit, rolde hem op en legde hem onder het hoofd van de man. "Nu wil ik graag iets over me heen hebben", zei de gewonde soldaat, "want ik ben zo koud." De voorganger trok zijn jas uit en legde die over de man. Toen zei de soldaat: "Als er iets in dat Boek staat dat maakt dat een man doet voor een ander wat u voor mij gedaan hebt, dan wil ik graag horen wat erin staat." Dit is wat de mensen nodig hebben in deze tijd. Christenen die op Christus lijken en die zijn voorbeeld navolgen.
WAT ZIEN DE MENSEN AAN ONS!
WAT ZIEN DE MENSEN AAN ONS…
Als christenen zijn wij getuigen van Christus. Wij kunnen getuigen door onze woorden, maar ook door onze daden. Een ongelovige luistert meestal niet naar onze woorden, maar des te meer kijkt hij naar onze daden. Als onze omstandigheden moeilijk zijn, als wij reden hebben om te treuren, bijvoorbeeld bij het verlies van een geliefde, of bij ziekte, hoe reageren we dan? Wat zien de mensen dan aan ons? Als wij onze omstandigheden kunnen aanvaarden uit de hand van de Heer, als wij onze blijdschap en ons vertrouwen in de Heer niet kwijtraken, dan maakt dit diepe indruk op ongelovigen. Onze houding in zulke omstandigheden maakt meer indruk op hen dan onze woorden in tijden van voorspoed. Een christen kan altijd gelukkig zijn in de Heer, ook in moeilijke omstandigheden. Dat zien we bijvoorbeeld bij de apostel Paulus. Als hij gevangengenomen is, verliest hij zijn blijdschap in de Heer niet. Zijn brief aan de Filippiërs heeft hij geschreven in de gevangenis. Juist in deze brief spreekt hij vaak over 'blijdschap in de Heer'.
ER IS GEEN VERSCHIL..
ER IS GEEN VERSCHIL..
Door de grote armoede die er was in Ierland zijn veel mensen uit dit land geëmigreerd naar Amerika. Tienduizenden zijn, aangetrokken door de geweldige verhalen die zij over het nieuwe land hoorden, vol hoop en verwachting de oceaan overgestoken. Eén van deze leren werd op zekere dag door vrienden meegenomen naar de Niagara-watervallen. Men zou deze man van het kleine Europese eiland wel eens de grote wonderen van het grote land Amerika laten zien. Tot stomme verbazing van de gastheer was zijn Ierse gast helemaal niet onder de indruk. Hij vroeg: 'Man, ben je niet onder de indruk? Is dit niet geweldig'? Waarop de Ier, heel nuchter, antwoordde: 'Waarom zou ik onder de indruk zijn? In mijn vaderland loopt het water naar beneden. Als het hier nu eens naar boven liep, dan zou ik een reden hebben me te verbazen.' We maken verschil tussen grote dingen en kleine dingen. We maken verschil tussen grote zondaars en kleine zondaars. Maar grote zondaars en kleine zondaars, allemaal lopen ze 'naar beneden', namelijk op 'de brede weg die naar het verderf leidt'.


