Berichten van 1 november 2013 tot 30 november 2013
Het Museum Plantin I
Omdat Christel en ik ’s avonds in Antwerpen naar de opening willen gaan van de tentoonstelling van een collega besluiten we er een daguitstap van te maken. Onze mannen gaan mee, dat geeft de dag extra zwier. De plaats van de tentoonstelling ligt aan de rand van Antwerpen. Daar we niet zeker zijn of we er met het openbaar vervoer gemakkelijk geraken en nog terug kunnen na de festiviteiten, gaan we met de wagen. Ludo wil rijden.
We geraken makkelijk in Antwerpen: op zaterdag is er weinig drukte op de weg. Eerst rijden we naar de plaats waar het vanavond te doen is. Even verkennen waar we juist moeten zijn en in de omgeving een parkeerplaats zoeken voor de auto. We hebben geluk. Dichtbij vinden we nog een parkeerplaats richting terugweg: we moeten vanavond alleen nog instappen en wegwezen.
Een tram nemen is ook geen groot probleem: een 500 m verder is er een halte. We stappen uit dichtbij het Centraal Station. Nu naar de Groenplaats: daar bevindt zich het Platin-Moretus museum.
Het weer is schitterend. Warm, zonnig … de terrasjes zitten goed vol, en dat voor eind oktober. Veel volk ook op straat. Het verbaast me altijd weer hoe druk Antwerpen is, toch op de De Keyserlei. Een massa mensen is in beweging, een beweging die enkele keren halt houdt voor verkeerslichten. Wanneer de lichten groen worden, zet die massa zich weer in beweging. Ik laat me meedrijven met die massa: opgenomen in de zich telkens hernieuwende golf van stilstaan en verder stappen. Soms ook even benauwend: ik mag de anderen niet uit het oog verliezen. Het doet me denken aan het liedje van Piaf, waarin ze dat opgenomen en voortgedreven worden door de massa bezingt: eerst waanzinnig gelukkig omdat die massa haar in de armen van haar geliefde drukt, dan wanhopig omdat diezelfde massa hen weer uiteendrijft en ze haar geliefde nooit meer terugvindt.
Je revois la ville en fête et en délire
Suffoquant sous le soleil et sous la joie
Et j'entends dans la musique les cris, les rires
Qui éclatent et rebondissent autour de moi
Et perdue parmi ces gens qui me bousculent
Étourdie, désemparée, je reste là
Quand soudain, je me retourne, il se recule,
Et la foule vient me jeter entre ses bras...
Emportés par la foule qui nous traîne
Nous entraîne
Écrasés l'un contre l'autre
Nous ne formons qu'un seul corps
Et le flot sans effort
Nous pousse, enchaînés l'un et l'autre
Et nous laisse tous deux
Épanouis, enivrés et heureux.
Entraînés par la foule qui s'élance
Et qui danse
Une folle farandole
Nos deux mains restent soudées
Et parfois soulevés
Nos deux corps enlacés s'envolent
Et retombent tous deux
Épanouis, enivrés et heureux...
Et la joie éclaboussée par son sourire
Me transperce et rejaillit au fond de moi
Mais soudain je pousse un cri parmi les rires
Quand la foule vient l'arracher d'entre mes bras...
Emportés par la foule qui nous traîne
Nous entraîne
Nous éloigne l'un de l'autre
Je lutte et je me débats
Mais le son de ma voix
S'étouffe dans les rires des autres
Et je crie de douleur, de fureur et de rage
Et je pleure...
Étraînée par la foule qui s'élance
Et qui danse
Une folle farandole
Je suis emportée au loin
Et je crispe mes poings, maudissant la foule qui me vole
L'homme qu'elle m'avait donné
Et que je n'ai jamais retrouvé...
Ik heb Piaf altijd een grote dame gevonden heb. Nu nog kan ik kippenvel krijgen als ik haar liederen beluister.
Zo dramatisch als in haar chanson zal het nu niet verlopen. Ik neem de vele indrukken in mij op, laat er mij door raken. Niet alleen het ‘internationale’ raakt me, maar ook de gevarieerdheid: keurig geklede heren en dames naast clochards, jong en oud, fel gekleurde kledij naast sobere onopvallendheid. Ik probeer levensverhalen uit op de mensen die ik voorbij ga, ik kan dat niet laten, dat doe ik altijd. Wat een contrast met een dorp waar iedereen, iedereen kent. Ook dat heeft zijn charme, maar eens veranderen van omgeving geeft toch een ander levensgevoel. Terwijl ik me laat meenemen door de drukte probeer ik de anderen bij te houden: ik kom ogen tekort en geniet.
En snijden maar


Eerst maak ik een nieuw ontwerp: iets met bloemen, zie afbeelding hiernaast. Wanneer ik het overbreng op het stuk lino, gebruik ik stift. Jammer genoeg blijft dat niet zo duidelijk aftekenen: het minste dat ik er met mijn hand over ga, komt er inkt mee. Dus in het vervolg uitkijken naar een andere tekenstift.
En dan begint het snijwerk. Het is wel spannend, toch leuk om doen. Het vraagt alle aandacht. Ik merk dat die fijnere strepen niet zo makkelijk zijn en daarom laat ik die maar weg. Wellicht zal ik later wel genoeg geoefend zijn om zo’n fijn werk uit te voeren.
Het vraagt meer kracht dan ik vermoedde. Na een tijd staan mijn vingers krom en voel ik mijn armspieren pijnlijk verzuren. Het zijn bewegingen die je niet dagelijks doet.
Dan komt Karel aandraven met een mini-boor met allerlei hulpstukken, ook mini. Het is een pakket dat hij ooit kocht om er ‘later’ houtsnijwerk mee te doen. Voor mij is het een waar cadeau. Niet alles kan ik er mee doen, maar voor sommige dingen helpt het wel en het vraagt nauwelijks inspanning.
‘k Ben benieuwd naar het resultaat als ik de linosnede ga afdrukken op de academie.
Vissen IX


Omdat ik het zo leuk vind, nog een laatste tekening met vissen. Ik denk nu aan een gekleurde achtergrond waartegen die vissen zwemmen. Het drukken met linosnede biedt veel mogelijkheden. Ik droom al van collages maken met daarop een druksel, of drukken in verschillende kleuren, of een aquarel als achtergrond.
Het is net of ik dit jaar alleen al zal vol krijgen met ontwerpen tekenen, lino uit snijden en drukken.
In de academie staat er een drukpers. Ik hoop dat die drukpers niet noodzakelijk is. Ik wil thuis experimenteren zonder drukpers.
Ondertussen beslist om van start te gaan met het lino snijden. Ik blijk dat steeds voor me uit te schuiven. Omdat ik het nog nooit gedaan heb voel ik me een beetje aarzelen: drempelvrees, faalangst, noem maar op. Ik ga flink zijn en dat allemaal terzijde schuiven. Wellicht beleef ik er evenveel plezier aan als het ontwerpen.
Vissen VIII


Ik blijf nog even bij de grote vis als achtergrond. Ik maak hem zwart maar laat enkele lijnen wit. Achter die grote vis, als achtergrond van die vis, is het vlak zwart ingevuld met enkele witte lijnen. Het doet wat rustiger aan. In lino is dit allemaal uit te snijden. Op de voorgrond laat ik weer een school kleinere vissen zwemmen. Die visjes zouden wat meer structuur mogen krijgen, met zichtbare vinnen. Dat zou die kleine vissen meer expressie geven. Goed om weten als ik het zou uitwerken in lino.
Vissen VII


Ik laat de sjablonen voor wat ze zijn, maar blijf bij het vissenmotief. De achtergrond wordt een grote vis. Ik probeer door dikkere en dunnere lijnen te gebruiken de vis uit de achtergrond te halen, en toch als achtergrond te behouden. Dit lukt niet al te best: uiteindelijk zal ik de vis omlijnen om hem wat duidelijker aanwezig te stellen.
De kleine visjes liet ik aanvankelijk wit, zo zouden ze duidelijk afsteken tegen de gestreepte donkere achtergrond. Maar ook dat lukte niet zo prima, ook rond de kleine visjes heb ik dan maar een lijn getrokken en om de visjes wat levendiger te maken, een oogje gegeven. Het was leuk om tekenen, maar als ontwerp voor een linosnede ongeschikt.
Vissen VI


Ik gebruik mijn eerste sjabloon en teken de vissen heel gedisciplineerd: een rij aan elke kant. Ik verbind de vissen met een lijn: het doet me denken aan een schoen die met een veter dicht gehouden wordt. De ene kant is het tegenbeeld van de andere: wat wit is wordt aan de andere kant zwart.
Toch moet ik wat meer richting linosnede gaan denken en ontwerpen. Maar er is iets dat me er van weerhoudt om aan het snijwerk te beginnen. Ik wil nog meer ontwerpen maken om te kunnen kiezen ..en het geconcentreerd bezig zijn met Oost-Indische inkt is al een soort verslaving voor mij: lijn na lijn ga ik mijn hemel in.

