Naar de inhoud

Het Vijvenaarke

!!!! AAN DE LEIE !!!!
seniorennet.beseniorennet.be

Emile Claus

Emile Claus

Ets van Jenny Montigny (  Gent 1875,  + Deurle 1937 )
Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De Moeder van Emile Claus

Portret van moeder, 1872.
olie op doek, 44 x 33,5 cm

Celestine Verbauwhede, ° Klein-Willebroek, 14-04-1807, huwt te St-Eloois-Vijve op 12-05-1829 met Alexander Claus en + Waregem, 17-12-1876.
Dochter van Victor Verbauwhede ( ° SEV, 24-03-1772 en + SEV, 06-04-1820 ) en Rosalie Goemare ( ° Kruishoutem, 20-04-1783 en + Zelzate, 12-06-1843 )

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door Maurice om 20:19 Reageer op dit bericht

Het Gildhuis

In Het Gildhuis : Geboortehuis van Emile Claus ( nu café \' Ter Leien\' op de hoek van de Emile Clausstraat ) Het gezin Alexander Claus en Celestine Verbauwhede vestigde zich hier op 16-02-1844 na vooraf in de \" Maison de Commerce \" gewoond te hebben. Hier is Emiel Claus geboren op 27-09-1849.
Vader Alexander is hier gestorven in 1873.
Het geboortehuis van Emile Claus werd plat geschoten in de meidagen van 1940. Het herinneringsplaatje dat vroeger werd aangebracht ging hierdoor waarschijnlijk verloren.
Het Gildhuis was vroeger het lokaal van de gilde der boogschutters. Er stond een gaaipers in de weide daar rechtover. Deze gaaipers was op de muren van het Gildhuis door Emile Claus nagetekend.
Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

Het Hanengevecht: Waregem, 1882, 275 x 200 - Verzameling Valère Devos (Kasteel van Potegem ) Waregem. In Parijs tentoongesteld in 1882. Foto-In P.Valcke.

Het decor speelt zich af in de achtertuin van de herberg << Groene Lantaarn >> in de Stormestraat te Waregem.
E.Claus schetste afzonderlijk een 36 tal figuren die hij tot één compositie herschiep. Het is percies een fotografische momentopname, een " instantné "genomen op het ogenblik waarop de winnende haan de laatste stuiptrekkingen van zijn zieltogende tegenstaander gadeslaat. De personages op de voorgrond, rond de met-jute-afgezette-arena kijken geboeid toe, terwijl de aandacht van de omstaanders hogerop wordt afgeleid.
Bemerk op de eerste rij van links naar rechts notaris Leo Dufaux, zeepzieder Missiaen, grafmaker De Coninck en meester Hoornaert, die het gevecht schijnt te cronometreren. Op de tweede rij is er de karikaturale pijlenraper van de St-Sebastiaansgilde, die luisterd naar de commentaar van de heren De Roose en Minjauw. De man met de pet en pijp is de heer Huys, uitbater van de herberg " Het Zwijn ". Jefke de Pinte, die zijn naam niet gestolen heeft, is de man met de blozende kaakjes. Misschien is de jonge man hogerop afgebeeld een Populier en de blonde krullebol tegen het venster Jefke Dufaux.
De compositie is duidelijk : een helder deel links, bekomen, door het licht dat uit een klein raam, in de rechterbovenhoek valt. De rechtse helft van het doek is donker gehouden. In het donker deel, zowel als in het lichte staan verschillende personages afgebeeld. Langs de schaduwkant echter zijn ze vager, minder nauwgezet en minder realistisch uitgebeeld dan die in het lichte deel, waar ze bovendien zo geordend zijn dat de hoofden een duidelijke S-Lijn vormen. De dienster staat midden in de bovenste cirkel : de lijn vloeit door naar beneden langs de hoofden van twee pratende mannen, en draait dan verder. In de tweede cirkel staat een personage met pet en pijp.

                                              Tekst : Walter Verschuere

Uit het:         9de jaarboek
                           van de
         Geshied- en Heemkundige
                           Kring
              << De Gaverstreke >>

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

Hortensia's in de tuin, 1908
olie op doek, 73,5 x 60 cm
Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

Villa \" Zonneschijn \" in Astene
Emiel Claus vestigde zich hier definitief in 1886, het jaar van zijn huwelijk met Charlotte Dufaux.
De schilder werkte hier echter sinds 1883 in het  oud jachtpaviljoen, dat later door Henri Vandevelde tot landhuis \" Zonneschijn \" verbouwd werd.
Hoe vind je dit bericht? 13 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Portret van Cyriel Buysse 1924: olie op doek 55,5 x 46,5 cm.              


Book_opens%5B1%5D.gif\"Louis\' Thuispagina  - VLAAMSE SCHRIJVERS

CYRIEL BUYSSE

image1SJ.JPG\"Cyriel Buysse werd geboren te Nevele op 20 september 1859. Zijn vader had te Nevele een chicoreifabriekje. Hij behoorde tot een welgestelde en ontwikkelde familie in de Leiestreek. Na zijn middelbare studies te Gent moest Cyriel er op het kantoor gaan werken met de bedoeling later de zaak over te nemen. Voor zijn zesentwintigste schreef hij niet. Op aanraden van zijn tante, de schrijfster Virginie Loveling, begon hij te schrijven. Toen vader Buysse op een dag vernam dat hij omgang had met een dochter uit een plaatselijk café werd hij thuis buitengezet. Opnieuw zijn tante raadde hem aan te emigreren naar Amerika. Tussen 1886 en 1893 stak hij verschillende malen de plas over maar kwam telkens weer met heel wat onaangename ervaringen die hij later beschreef in \"Twee werelden\". Tot de eerste wereldoorlog vond Cyriel Buysse zijn trouwste lezerskring in Nederland met o.a. het naturalistische (1) \"De Biezenstekker\". In die periode vond de schrijver bij de overwegend katholieke Vlaamse opinie alsook bij de faminganten weinig genade. Dit had als oorzaak zijn ontraditionele voorstelling van het Vlaamse volksleven en de Vlaamse idealen. Zijn eerste echte roman verscheen in 1893 : \"Het recht van de sterkste\". Bij de oprichting in datzelfde jaar van het tijdschrift \"Van Nu en Sraks\" zat Cyriel Buysse in de redactie, samen met Prosper Van Langendonck, August Vermeylen en Emmanuel De Bom. In 1896 huwde hij te Haarlem met jonkvrouwe Nelly Dyserinck. Van dan af woonde hij in de winter in Den Haag terwijl hij tijdens de zomer op zijn landgoed te Afsnee verbleef. Van zijn tweede vaderland Nederland is in zijn werken nauwelijks sprake tenzij in zijn oorlogsverhalen over uitgeweken Belgen tijdens de eerste wereldoorlog. Samen met o.a. Couperus richtte hij het maandschrift \"Groot Nederland\" op, waarvan hij redacteur bleef tot zijn dood. Tijdens de eerste wereldoorlog verbleef hij permanent in Nederland waar hij medewerkte aan het krantje \"De Vlaamsche Stem\". Na de oorlog keert hij terug naar Vlaanderen waar hij thans meer aandacht vindt dan in Nederland. In 1921 ontvangt hij de staatsprijs voor letterkunde. In 1930 wordt hij academielid. In 1932 wordt hij door koning Albert I verheven in de adelstand. Hij wordt baron, een opmerkelijk feit voor een Vlaams auteur, en dan nog wel de schrijver van \"Het Gezin van Paemel\" en verschillende andere werken waarin de draak wordt gestoken met \"mijnheer de baron\". Cyriel Buysse is onze bekendste naturalistische romancier (2) die met werken als \"Het Buysse-gedenksteen.jpg\"recht van de sterkste\", \"Het ezelken\", \"Tantes\", \"Te lande\", \"Van arme mensen\", enz... realistisch en soms ironisch (3) de wereld en het leven beschrijft zoals hij het ziet en meer sympathie en begrip vertoont voor de lagere sociale klasse dan de hogere. Zijn werk sloot aan bij het oudere Vlaamse realisme van o.a. Streuvels, maar was tevens beïnvloed door het Franse naturalisme van o.a. Zola en De Maupassant. Zijn schrijftrant was echter zeker niet overladen zoals die van vele naturalistische auteurs en werd met de jaren soberder, zodat zijn werk nog steeds niet verouderd aandoet en nog vlot leesbaar is.
Als pittig detail kan misschien nog vermeld worden dat Buysse één van de eersten was in Vlaanderen die zich een \"automobiel\" aanschafte.
Cyriel Buysse overleed te Afsnee op 25 juli 1932.

        

\"\"

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

De Groene bomen, 1918 ( de Theems )
olie op doek, 79 x 81 cm
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

De Theems onder de sneeuw, 1916
olie op doek, 43 x 48 cm
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Claus

Terugkeer van de Markt, 1894
olie op doek, 80 x 115 cm
Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 Reageer op dit bericht

ERNEST BREGIER

ERNEST BRENGIER
---------------------------
1873-1940
-------------

Ernest Brengier werd te Vjve geboren op 1 maart 1873 in de A. Beibuyckstraat, ( meer over Aloise Biebuyck iets verder op mijn blog) waar momenteel de appartementen ' Leiegalm ' gebouwd zijn. Vader Pieter Brengier, geboren te Ingelmunster op 27 maart 1841 en moeder Pharailde Dewulf, geboren te Izegem op 22 augustus 1831, vestigden zich in 1863 te Vijve. Vader was er meester-bakker en had gemeentelijk stemrecht. Het gezin verliet Vijve in 1890 om zich in Oostrozebeke te vestigen.

Cyrille Ernest kreeg zijn eerste muzieklessen van zijn oudere zuster Fanny ( geboren te Vijve op 28 januari 1864 ). Op Vijftienjarige leeftijd kreeg hij dan muziekonderricht van prof . Leo Moermans te Waregem. Het volgend jaar reeds trok de muziekaal uitzonderlijk begaafde Ernest naar het muziekconservatorium, te Gent.

In 1896 ontmoette Ernest Brengier de directeur van het Antwerps muziekconservatorium, Peter Benoit. Brengier was gedurende vijf jaar vriend en leerling van Peter Benoit maar de dood van Benoit in 1901 verhinderde Brengier muziekleraar te worden aan het Antwerps conservatorium waar hij zich als tapijtenfabrikant vestigde.

Aangemoedigd door Peter Benoit had Brengier talrijke liederen gecomponeerd. Zijn meesterwerk werd ' Gudrun ', een muziekdrama waarvoor Oostrozebekenaar Jozef Lootens de tekst van Albrecht Rodenbach in libretto-vorm schreef. Voltooid in 1909 moest hij wachten tot 1934 om de creatie ervan mee te maken in de ' Franschen Schouwburg ' te Gent. Paul Gilson schreef bij die gelegenheid: ' Brengiers schepping is een grandioos en somber epos. het is als een tweede standbeeld voor Albrecht Rodenbach, en wel 't schoonste en 't liefste dat de dichter voor zichzelf had gewenst '.

In 1918 had Ernest Brengier, met een geknakte gezondheid, Oostrozebeke verlaten. Ontgoocheld leefde hij achtereenvolgens te Peutie, Ingelmunster en Gent waar hij totaal vereenzaamd stierf op 25 juli 1940

                           
Tekst Marcel Delmotte
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Maurice om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van Het Vijvenaarke

↑ Terug naar de berichten