21 mei 2026 - Awenne - Nassogne (GTA)

De wandeling.
Als je er allerlei commentaren bijneemt, dan lijken die 27 km die Saint-Hubert en Nassogne van elkaar scheiden een fluitje van een cent en we waren oorspronkelijk van plan om de hele afstand in één keer te lopen, bij gebrek aan OV halverwege, maar we zagen op tijd het licht en besloten de tocht toch maar in twee te splitsen. Daar moesten we wel de dorpskern van Awenne voor inschakelen, waar enig OV beschikbaar is. Dat betekende 2 keer 3 km extra, de eerste keer aan het eind van de dagtocht uit Saint-Hubert (zie 4 juli 2025) en vandaag dus bij het begin van de wandeling naar Nassogne. Breekpunt was de Fourneau Saint-Michel of het Waalse Bokrijkachtige museum van het platteland. Meegenomen was, dat het verbindingsstuk tussen Awenne en het museum niet eens tegenvalt. En het blijft verwonderen dat het museum niet over een of andere vorm van OV beschikt.
En ja, wees gerust, tijdens de lange klim langs de Diglette en later nog bij het naderen van Nassogne uit de vallei van de Ruisseau de Bérivaux hebben we ons gelukkig geprezen dat we de 27 km bijna netjes in twee hebben gedeeld. De hoogteprofielen bij de kaartjes (NGI of routeyou) spreken in dit verband boekdelen. Hoe zwaar de tocht ook was, we hebben toch intens kunnen genieten: de Chemin de la Diglette zorgt voor een schitterend klankbord van kabbelend water en prachtig vogelgezang.We quoteerden dan ook 17.5/20. Het traject is 13.220 km lang met een TWQ van 47%, als je streng bent. Als je er de ooit geasfalteerde Chemin de la Diglette bijneemt kom je wel aan 71%. Dat een auto toch de weg had gevonden naar deze weg, gaf voor ons uiteindelijk de doorslag: dit is geen trage weg pur sang.
De foto's vind je hier. Maar bekijk alvast deze:

De Chemin de Diglette lijkt wel eindeloos te stijgen.

En ook na dit brugje over de Ruisseau de Bérivaux is het zo mogelijk nog steiler (maar niet zo lang) stijgen naar Nassogne.
Het weer.
Geleidelijk meer en meer cumulusbewolking, maar de zon bleef ze toch de baas. Verder 19° en zwakke wind: mooi hoor!
De stafkaarten.
59/7-8 Saint-Hubert (2021) en 59/3-4 Rochefort (2021). Zoals wel vaker worden lang niet alle boswegen op deze topografische kaarten weergegeven. Intrigerend is het bestaan van een parallelle weg met de Chemin de Crevai die wel voorkomt op de kaart op de gps en in mapy.com: blijkbaar is het een weg die speciaal gebruikt wordt voor de VTT-versie van de GTA, maar ongetwijfeld is de weg die wij volgden voor wandelaars veel interessanter.
Hoe we er geraakten.
Awenne kan bereikt worden met buslijn 162b Jemelle - Saint-Hubert - Libramont, in 1984 in het kader van IC-IR ingevoerd voor de bediening van de weggevallen treinhalten. Voor alle duidelijkheid: Awenne was er daar niet een van, maar Mirwart wel en daar kon Awenne mee van profiteren. In de voorbije 40 jaar is de dienstregeling grondig uitgedund.
Voor de terugreis maken we gebruik van buslijn 420 Nassogne - Aye. In beide gevallen is Rochefort-Jemelle het overstappunt en net zoals voor de 162b wordt van de reiziger verondersteld dat hij zich aanpast aan de niet echt overvloedige busdiensten.
Een beetje geschiedenis.
Er zijn maar weinig dorpen of gemeenten die nooit door een spoorlijn (trein of tram) werden bediend, maar vandaag kan ik herhalen wat ik enkele maanden geleden al schreef: Nassogne ligt blijkbaar te hoog en te droog en dus is de kans groot dat bussen hier al vrij vroeg als oplossing in het geweer kwamen. In 1934 vond ik zo een tabel 445 Nassogne - Ambly - Forrières terug, met 5 HT-ritten per dag, al heb ik een sterk vermoeden dat die ook al in het spoorboekje van 15 mei 1930 voorkwam onder het nummer 679. Het ging om bussen van de post die 5 keer per dag Nassogne met het station van Forrières verbonden. In 1938 was dat al tabel 426 geworden, met nu 6 HT-ritten die het trouwens tot na WO II zouden blijven uitzingen. Na WO II waren er 4 ritten uit Nassogne naar Forrières of Marche, 3 ritten in de omgekeerde richting, dus met Nassogne als eindpunt. In 1952 werd 426 1071 en later 1271, maar fundamenteel veranderde er niets. De bedoeling leek er in de eerste plaats in te bestaan Nassogne te verbinden met Forrières, waar het NMBS-station voor de aflossing moest zorgen.
Al meteen twee voetnoten: ook in 2025 is het traject Nassogne - Forrières - Jemelle cruciaal. Dat de bussen van de TEC nog altijd een ommetje maken langs het vroegere station van Forrières stamt ongetwijfeld uit deze tijd; het belang ervan is tegenwoordig beperkt.
In 1971 kwam er dan een lijn 420 Aye - Jemelle - Nassogne. Blijkens de nummering zou de lijn die oorspronkelijk door de NMVB geëxploiteerd werd, nu dus een aanvullende buslijn van de NMBS worden.
Om het zaakje te vervolledigen: een toeristische lijn 56 La Roche - Han - Nassogne - La Roche zorgde in de zomermaanden voor extra mogelijkheden - als het aantal deelnemers voldoende was, volgens het busboekje. Later werden enkele ritten van lijn 1 Marche - Bastogne langs Nassogne omgeleid en nog later kwam er ook nog de 11d Proxibus van Nassogne om de toch wel groeiende vervoersarmoede in de regio op te vangen.
Dat is dan ook de huidige toestand: 1 - 420 - 11d. Op schooldagen komt daar nog een lijn 5/2 Saint-Hubert - Nassogne - Saint-Hubert bij. Een gelijkaardige schooldienst bestond eigenlijk al in de jaren 1980, tabel 987 - lijn 5. Het gaat hier om een uitbreiding van de lijn 5 Poix - Saint-Hubert.
De verbinding.
| Halle - Brussel-Zuid | P 7572 (FSR) | 06:56 07:08 | +1 | 08177 (FSR) | mr08 | controle: J |
| Brussel-Zuid - Rochefort-Jemelle | IC 2107 (Lux) | 07:33 09:28 | stipt | 1360 (FNND) - 73165 (NK) | M7 | controle: J |
| Jemelle - Awenne * | [162b] (Libramont) | 09:41 10:08 | +4 | ab4908-10 | Iveco Crossway LE | Transports Penning |
| - | ||||||
| Nassogne** - Jemelle | [420] (Jemelle) | 13:55 14:10 | stipt | ab4901-75 | Iveco Crossway LE Hyb | Transports Penning |
| Rochefort-Jemelle - Brussel-Luxemburg | IC 2136 (FBMZ) | 14:30 16:03 | stipt | 1358 (FNND) - 73173 (NK) | M7 | controle: JJ |
| Brussel-Luxemburg - Halle | S 3587 (FGRA) | 16:16 16:46 | stipt | 920 (FSR) | mr86 | controle: J |
* Awenne Église - ** Nassogne Place Communale
En wat we beleefden.
Aangezien er na 9:41 voor ons geen bruikbare bus meer is, tenzij we alles sterk verlaatten, nemen we niet te veel risico. Met een overstap van 13 minuten in Rochefort-Jemelle zou het moeten lukken - al hebben we die ooit al gemist! - maar de spoorweggoden zijn ons vandaag welgevallig. IC 2107 heeft maar 1 keer 3 minuten vertraging (in Gembloux) en de reis verloopt ondanks de vrij grote belangstelling vrij rustig. Dat is maar best ook, want ook in Rochefort-Jemelle is ARIbus buiten dienst; de kans dat de bus wacht op een vertraagde trein is dan ook zo goed als onbestaande.
Beide busritten verlopen eigenlijk optimaal, al is de belangstelling erg klein: de 162b neemt nog 2 dames-wandelaars mee naar Mirwart, als wij uitstappen in Awenne kan de bus leeg verder, al leert de ervaring dat er wel wat reizigers zullen bijkomen voor Saint-Hubert en Libramont. In Mirwart zorgen wegenwerken ervoor dat we toch wat vertraging oplopen. De 420 zal evenmin veel succes hebben: we hebben nog één medereizigster.
Ook de treinreis huiswaarts verloopt optimaal: tussen Marloie en Haversin gaan we op tegenspoor, want daar wordt nog altijd stevig doorgewerkt aan de modernisering van lijn 162. Ook voor deze 2136 zal de vertraging maximaal 3 minuten belopen: bij vertrek in Ottignies. De aansluitende S 3587 doet het nog beter. En zo komen we in Halle aan, na een stevige wandeling en een dag zonder treinperikelen.
De treinlectuur.
Toon TELLEGEN. Dora, een liefdesgeschiedenis. Verwacht vooral geen zeemzoet romantisch liefdesverhaaltje, wel 52 variaties op een ochtendtafereel waarin Dora een eerder bescheiden rol speelt.
Nicci FRENCH, Wat te doen als iemand sterft.
![]()
Stilaan wordt duidelijk waarom steeds minder jongeren eropuit zijn om een rijbewijs te halen… Ze rijden gewoon zonder…
Uitgedrukt…
Ze is niet onder een kloek gebroe(i)d… Ze is verstandig, ze weet van aanpakken.
Waar Abraham de mosterd haalde.
Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over de Belgische spoorlijnen en een over de bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPEK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.






%















