De strijd om de saillant van Saint-Mihiel (1915-1918)

De strijd om de saillant van Saint-Mihiel (1915-1918)
Generaal Joffre wil met operaties van beperkte omvang het moreel van volk en leger op peil houden en gelijktijdig de Duitsers het leven zuur maken. Joffre komt begin 1915 af met het plan om de saillant van Saint-Mihiel te verkleinen. Hij wil dit doen door een snelle aanval die bij een eventuele mislukking binnen drie of vier dagen dient te worden afgebroken. Hoofddoel van de operatie is om de druk op Verdun te verlichten, dit door een aanval vanuit het noordwesten op de saillant te ondernemen. Een ondersteunend offensief uit het zuiden, richting Thiaucourt, moet de aandacht afleiden van de hoofdaanval. Vanuit het Bois-le-Prêtre begint in de nacht van 29 op 30 maart 1915 de aanval, terwijl de hoofdoperatie op 5 april in de Woëvre-vlakte van start gaat. Ook deze Franse poging, mede door het slechte weer, kan men opschrijven in de lange lijst van bloedige mislukkingen.
Als gevolg van de slag bij Verdun moeten de Fransen in 1916 een deel van de Woëvre-vlakte ontruimen en hun verdediging aan de voet van hoogvlakte van de Maas inrichten langs de lijn Eix - Ronvaux - Les Eparges. Verder is er tot september 1918 van dit front geen nieuws.
Vanaf 1915 zijn er Amerikanen aanwezig in de Meuse streek. Het zijn eenheden van vrijwillige ambulanciers die er gewonde ‘Poilus’ (benaming voor de Franse soldaten in de 1ste W.O.) vervoeren. Het volgende jaar is er een squadron van de Amerikaanse luchtmacht boven Verdun actief, inderdaad het fameuze Lafayette squadron.
Op 6 april 1917 start de Verenigde Staten haar deelname aan de oorlog. Op 1 juni begint in Saint-Nazaire de ontscheping van 20.000 mannen van de 1st U.S. Infantry Division. Deze divisie installeert zich eind juli in de sector van Gondrecourt-le-Château, in het zuiden van het departement Meuse. De Fransen leveren hen kanonnen, mitrailleurs, geweren, munitie… en ze zorgen voor de nodige fronttraining.
De Verenigde Staten hebben in de lente 1917 een slecht bewapend leger van 200.000 manschappen. Na de stemming van de dienstplichtwet, breidt de grootte van het V.S. expeditieleger zich uit van 77.000 manschappen begin november naar 335.000 vijf maanden later. Tegen de Wapenstilstand zijn er 42 Amerikaanse divisies aanwezig op Franse bodem, verdeeld over 3 legers, samen goed voor 1.894.000 manschappen. Hun deelname heeft zeker het einde van de oorlog versneld.
Eind maart 1918 zijn Amerikaanse eenheden betrokken bij de gevechten in de Meuse en ze leiden er vanzelfsprekend verliezen. In juli vertrouwt maarschalk Foch het Eerste Amerikaanse leger, onder leiding van generaal Pershing, de verovering van Le Saillant de Saint-Mihiel toe. De Saillant van Saint-Mihiel is nu al sinds september 1914 door de Duitsers bezet.
Met de steun van de Fransen begint de aanval op 12 september om 5 uur in de ochtend. De Amerikaanse divisies, gesteund door het Franse koloniale korps, vallen de voorruitstekende positie van Saint Mihiel aan. Meer dan 500.000 manschappen zijn erbij betrokken, ze beschikken over omvangrijke materiële middelen. Het wordt een snel succes, op 13 september treden generaal Pershing en generaal Pétain Saint-Mihiel binnen, de saillant is veroverd. Het succes is totaal in drie dagen nemen de Amerikanen het doelwit in. Zij maken daarbij 16.000 krijgsgevangenen en overmeesteren 440 kanonnen.
Aan de Maas heeft het jonge Amerikaanse leger van generaal Pershing briljant werk verricht. Het is in juni 1918 in de sector van Chateau Thierry in het Belleau-bos voor het eerst in de strijd getreden maar het is in Saint Mihiel en in de Argonne streek dat de Sammies, met het 550.000 man sterke eerste leger van de V.S., pas goed in actie zijn gekomen.
Op 26 september zet Pershing, die ondertussen over 1.200.000 manschappen, 2.500 kanonnen en 325 tanks beschikt, zijn troepen tussen de Maas en de Argonne in. Dat front is 24 kilometer breed. Op 7 november dringen de Amerikanen Sedan binnen.
In de Meuse hebben ze de eerste grootste strijd gestreden buiten de Amerikaanse landsgrenzen. Hun aanwezigheid in de Meuse laat een grote indruk na op de bevolking die er voor het eerst kennismaakt met jazzmuziek en baseball. Bovendien gaan de Amerikanen actief mee werken aan de heropbouw van meerdere dorpen in de Meuse. Rijke donateurs en diverse stichtingen financieren er de bouw van gemeentehuizen, scholen, feestzalen, opvanghuizen voor wezen en armen, watervoorziening enz…
Er zijn ontzettend veel plekken in de Meuse die de Amerikaanse aanvallen herdenken. De Amerikaanse begraafplaats van Saint-Mihiel (Thiaucourt, departement Meurthe-et-Moselle) omvat 4.153 graven. De Amerikanen bouwen indrukwekkende monumenten en gedenktekens op de plaatsen waar ze vochten, het monument van Montsec is een van deze. Het indrukwekkende monument van Montsec overschouwt de vroegere frontsector.
Literatuur
De gevechten om de Maasovergangen in de sector Saint Mihiel in augustus en september 1914 Door: J.H.Buitenhuis, Luitenant-kolonel b.d. der Artillerie
Deutsches Kriegsministerium: Der Weltkrieg 1914-1918
Colonel J.R.Rebold: La guerre forteresse
Heeres Artillerieschule: Deutsche Artillerie- und Minenwerfermunition
Reichsarchiv: Schlachten des Weltkrieges, Band 6: Von Nancy bis zum Camp des Romains
Otl.a.D.Herbert Jäger: German artillerie of WW 1
Marchand: Plans de concentration 1871-1914
Ian Hogg: The guns of 1914-1918
Christian Zentner; Illustrierte Geschichte des Ersten Weltkrieges.
Frossad: La fortification permanente pendant la guerre
Reichsarchiv:Die Bayern im Groszen Kriege 1914-1918
Duitse regimentsgeschiedenissen van deelnemende eenheden











































































