Naar de inhoud

Aardewaartse poëzie

notities voor een gedicht
akke.beakke.be
Aardewaartse zinnen, een soort inkeer, het zoeken naar een zin en het woord in een zin en de zin van een woord.

Archief

De vrouwentoren

.

met haar stenen, haar
slanke lijf praalt ze hoog
boven de grijze stad
de zielen, de zinken
de rode pannen, daken
telt ze met zware slagen
telkens de lange uren
het vertragen van dagen
waar kristallen glazen
in de verte klinken

maar af en toe is zij frivool
genoeg om de tonen lief te kozen
die ik haar verlegen vroeg

dan laat ze klanken uitverkoren
boven doffe lagen stadslawaai

haar beiaard in de klokkentoren
vervaagt mijn roezemoes
dan in een handomdraai

.
Geschreven door Verdano om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De Schelde kaaien

.

midzomer avond laat
de oude kaaien lonken
traag de wandelaar

de terrassen stapelen
loom de laatste gasten
het avondrood bestijgt

hun dronken hoofd
ze praten er roestig
met gedoofde stemmen

want de hitte heeft
hun keel geschraapt
ze blazen af en toe

nog heel gewichtig
de hoofden knikken
naar de wandelaar

ze zijn als bomen
die aardig wuiven
met hun kroon

.
Geschreven door Verdano om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Nog een oudje voor de kerst (herwerkt)

Om nog een beetje stemming te scheppen, plaats ik vandaag een oud (herwerkt) kerstgedicht van mezelf:

Kerstglans

'k zie er glazen bellen in felle kleuren
een glitter glans de verse dennegeuren
en tussen groene naalden danst katoen
gepluis, sneeuwt het nu ook al in huis?

'k zie een kinderwens in flinterdun glas
flits, fliksem flonker lichten aan en uit
pinken in de donkerte totdat de nacht-
wacht galmt en als de glazen dronken

stemmen hun twaalf slagen klinken laten
dan hoor ik papier geritsel het scheuren
't gefrutsel, en verblindend flits, flits het
kiekjes monster verzamelt ogen wonder
en ah's en oh's

.
Geschreven door Verdano om 22:15 Reageer op dit bericht Stuur door

de hangende tuinen



hier kruipen de tuinen langs de wind omhoog
ze vormen lange rijen, en stapelen tevergeefs 
de bruine aarde, het gehelmde gras heeft hier
zijn wortels al ontbloot, het  maakt zich klaar
vertrekkensklaar

een storm is niet behulpzaam, verre van want
alleen een lichte regenval houdt dit alles tezamen

misschien zal een ijstijd ons met verstarring raken
en wordt het landschap nog eens vriesdroog kaal

en kruipt zelfs het water langs de wind omhoog
Geschreven door Verdano om 11:29 Reageer op dit bericht Stuur door

Een winterhart

.

Vroeger
braakte hij
de woorden als
een ware waterval
tot hij opeens begon
te haperen omdat het ijs
hier om zich heen gegrepen
had, enkele druppels druipen
nog, om het allerlaatste zuchten
weer te geven, hij is nu winterhard

toen zelfs de tijd verloren, bleek
liet men onaangedaan de korte dagen
langer lopen, want zolang het vriezen en
de vorst geen uren kennen, hij als de zon zo
laag gezonken is, blijft hij het liefst een ijzig beeld

heeft hij een winterhart

.

Geschreven door Verdano om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

De trage schelde


.

mijn haven is een pleisterplaats
voor traagheid, voor de logge
schepen en de Schelde zelf een
blinkend pad dat kronkelt langs
haar lage landerijen en de dijken
hoeven slechts het springtij t'rug

naar zee te laten streven, hier is
geen mond meer die haar brakke
water lust, enkel nog wat oudere
grachten, ze liggen talrijk onder
grond te wachten op een metro
koker, het graafwerk en de tram

wij raken hier altijd doorweekt
door regen, en de klei houdt alle
botten vast, 't slijk blijft eerloos
kleven aan mijn landerigheid met
bruine vegen, maar zelfs de zee

heeft, lang geleden dit land gekust
de walvis ooit nog vaart gekregen
hij zocht toen landinwaarts
zijn laatste rust

.
Geschreven door Verdano om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Antwerpen by night (herwerking)

.
ik hou van 't stad en zijn te lange leien
de tram die stapvoets door te korte
bochten giert en schreeuwt, met zand
de stalen staven schuurt

de koperen nagels tussen de kasseien
't Sint-Anna strand, we zochten haar
altijd op een linkse oever, want we
houden van een overkant

het gras is daar gewoon, ook groener

de blauwe zak met zijn te lange tenen
ik vroeg hem of zijn broek die zware
gordel wel verdragen kon, en zonder
de bretellen

de oliestank, de beerputlucht, de Schelde
de vreemde zucht, die 's avonds laat met
zijn viool de wandelaar op de Meir wel
wil, ontroeren

is een dronkenman, een rode zon schijnt naar
zijn hoofd gestegen, de zwerver heeft intussen
al de bank bekleed, het houten bed de koude
en 'n blik later was hij uit het licht verdwenen

.
Geschreven door Verdano om 10:13 Reageer op dit bericht Stuur door

een stad aan de stroom (herwerking)


men zegge, dat mijn stad aan de stroom
'n haven is, waar een huizenboom groot
groeit zonder groen aan de lage takken 

men neme deze stad en oeverloos klinkt
er het gezever over mijn straat, mijn huis
mijn stenen achtertuin, er is geen boom

het benoemen waard, ze worden altijd
onherkenbaar gesnoeid, ze teren al jaar
in jaar uit langs betonnen straten, leien

noemen we ze, we denken daarbij aan
vroeger, toen het goed toeven was en
de zon slenterde er groen over 't glas

hier worden de oude loodsen overvol
gestouwd met vreemde eenden en de
regen maakt het wegen drempelloos

ik hou liever van laveloos denken en
stilstaand van het water, 'k ben geen
prater en erger me soms mateloos

aan verbetenheid, de tanden, en een
onachtzaamheid van handen die
wegwuiven, het schelden

de trage Schelde
schuift alles weer in mijn plooi

Geschreven door Verdano om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

een nieuw stadsgedicht

.

men zegge dat mijn stad aan de stroom
'n haven is, waar een huizenboom groot
groeit zonder groen aan de dode takken 

men neme een stad en oeverloos klinkt
er het gezever over mijn straat, mijn huis
mijn stenen achtertuin, er is geen boom

het benoemen waard, ze worden altijd
onherkenbaar gesnoeid, ze teren al jaar
in jaar uit langs betonnen straten, lanen

noemen we ze, we denken daarbij aan
vroeger, toen het goed toeven was en
de zon slenterde er over 't groen gras

nu worden zelfs oude loodsen overvol
gestouwd met vreemde eenden en de
de regen maakt er wegen drempelloos

ik hou eerder van het eendekroos en
stilstaand van het water, ik ben geen
prater, en erger me soms mateloos aan 

verbetenheid, de tanden, en een
onachtzaamheid van handen die
wegwuiven

het schelden, de trage Schelde
maakt het weer altijd goed

.

Geschreven door Verdano om 18:41 Reageer op dit bericht Stuur door

Een warmentaal gedicht

warmentaal

Men roept frontaal een hulpkreet om, vanuit een 
zondig land waar 's winters lappendekens drijven 
op een rode modderstroom, de diepe scheuren
dragen er het water verder, de regens zijn er over-
vloedig, ze komen uit het westen en smaken zuur
ze vullen plassen in de karresporen, ze maken zo
de waterweg waar enkel nog de hoop kan varen

---

ik antwoord in mijn warmetaal uit een afgezonderd
land waar landerijen ook als lappendekens drijven
de trage stroom afboorden, diepe grachten dragen
er het water weg, de regens zijn hier overvloedig
ze komen uit het westen en smaken zoet, ze vullen
plassen in de karresporen langs een waterwerk

hier zijn de wegen hard, opgehoogd het razen van
metalen of de stank van rubber en verkoolde lucht

Geschreven door Verdano om 13:06 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Aardewaartse poëzie

↑ Terug naar de berichten