Naar de inhoud

Westendse Blik op Middelkerke

Persoonlijke Kijk op mijn Gemeente
akke.beakke.be

Archief

Middelkerke: belastingen verminderen en/ of opvrijactie in het vooruitzicht van gemeenteraadsverkiezingen in 2012?

Er wordt veel gepraat over belastingen. We betalen ze niet graag maar ‘gewone mensen’ zoals wij ontsnappen er niet aan.
Waarschijnlijk gaat jullie bijzondere interesse bij de jaarlijkse afrekening, ook vooral naar het bedrag dat jullie terugkrijgen of … moeten bijbetalen. Maar, kijken jullie dan ook eens naar het bedrag dat aangerekend werd ten voordele van de gemeente?
In ‘De Sirene’ Nr 122 van januari-februari 2011 lees ik op pagina 6 “Middelkerke verlaagt opnieuw personenbelasting. De aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting”, want daarover gaat het, “wordt vanaf 2011 verlaagd van 6 naar 5,5 %. In het begin van de legislatuur bedroeg die nog 7 %. In tegenstelling tot veel omliggende gemeenten is er hier slechts één belasting op het openbaar domein.
Dit, samen met een lage personenbelasting, maakt Middelkerke fiscaal interessant voor nieuwe inwoners en investeerders. Daarnaast wordt het tarief van de onroerende voorheffing 1.750 opcentiemen niet verhoogd. De bedoeling is om de belasting verder te verlagen naar 5% tegen 2012.”
Om beter de weerslag van deze beslissing te kunnen inschatten, is het misschien niet slecht even uit te weiden over de aard, de grootte en de geschiedenis van die gemeentebelastingen in de voorbije 10 jaar.
Ik heb ooit eens gelezen dat burgemeester Landuyt vond dat het geen zin heeft belastingstarieven te vergelijken met die van andere gemeenten met een nul – of laagtarief omdat deze dit dan compenseren met verhoogde andere belastingen.
Laten wij eens nagaan of dat eigenlijk wel klopt.

De aanvullende belasting op de personenbelasting (ABP)
Iedereen betaalt jaarlijks belastingen, in functie van de grootte van zijn inkomen en in functie van de gegevens op zijn aanslagbiljet. Stel dat iemand (iedereen kan zijn persoonlijk bedrag op zijn afrekening terugvinden) na de voorziene aftrekken (bedrijfsvoorheffing, ….) komt tot een verminderde basisbelasting van 10.000 euro. Op dat bedrag moet een aanvullende gemeentebelasting betaald worden, die verschilt van gemeente tot gemeente.
Bij hun aantreden in 2001, verhoogde de VLD – meerderheid, samen met de CD&V, de belasting van 6,5 % naar 7 %. Zo bleef het 5 jaar, daarna bleef die 2 jaar op 6,5 % staan om daarna geleidelijk aan, in het vooruitzicht van de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 zeker (?), naar 6 % en nu naar 5,5 % te gaan.
Welke weerslag heeft een vermindering met 0,5 % in mijn voorbeeld? Voor 6% betaal ik dus 600 e, voor 5, 5 % is dat 550 euro dus 50 euro minder. Altijd de moeite natuurlijk!!
We zullen echter verder zien welk tarief de andere kustgemeenten toepassen.

Onroerende voorheffing/ Opcentiemen (OV)
Ben je eigenaar van een onroerend goed, dan wordt daarop een belasting geïnd. De grootte daarvan hangt af van het kadastraal inkomen (KI) van dat eigendom.
Het KI is een fictief inkomen dat voor elk onroerend goed vastgelegd wordt door de hogere overheid. Het is het gemiddelde netto-inkomen dat dit onroerend goed (woning, appartement, perceel, …) jaarlijks zou opbrengen. Omdat men zich nog steeds baseert op de gegevens met als referentietijdstip 1 januari 1975, wordt het KI sinds 1991 geïndexeerd.
Stel dat jouw kadastraal inkomen 808 euro bedraagt. Dat bedrag wordt geïndexeerd naar het huidig aanslagjaar, door het te vermenigvuldigen met het indexcijfer op de kleinhandelsprijzen (1,5461 voor het aanslagjaar 2010). Dat geeft afgerond 1.250 euro.
Dat bedrag wordt verdeeld tussen het Vlaams gewest, de provincie en de gemeente.
Het Vlaams Gewest krijgt het basistarief, zijnde 2,5 % (1,6 % voor sociale woningen), dus 31,25 euro.
De opcentiemen van de provincie bedragen 355 en die van de gemeente Middelkerke 1750.
Het is de gemeente zelf die de opcentiemen vastlegt. De bedragen in euro worden bekomen door het basistarief te vermenigvuldigen met de grootte van de opcentiemen en daarna te delen door 100.
Dat geeft dus
Aan de provincie 31,25 euro x 355/100 = 110,94 euro
Aan de gemeente 31,25 euro x 1750/100 = 546,87 euro

Ook hier past het te vermelden dat de VLD – meerderheid in 2004 de opcentiemen van 1400 naar 1600 bracht om ze daarna nogmaals te verhogen naar 1750 vanaf het dienstjaar 2007.
De Sirene spreekt van ‘niet verhoogd’, maar vermeldt er bovenstaand gegeven niet bij.

Vergelijking van de ABP en de opcentiemen met de andere kustgemeenten (in mijn voorbeeld)

Opcentiemen ABP Totaal te betalen +- tov Middelkerke GEEN eigendom
Bredene 1775    7 1.253,80    +156,93    +150
Blankenberge 1745   6,5 1.195,31      +98,44    +100
Middelkerke 1750   5,5 1.096,87      -      -
De Haan 1400    5    937,50    -159,37      -50
Nieuwpoort 1700    5 1.039,75      -57,12      -50
Knokke 1900    0    593,75    -503,12    -550
De Panne en Koksijde 1950    0    609,37    -487,50    -550

Er zijn dus maar twee kustgemeenten waar de totale last van de belangrijkste twee vormen van gemeentebelastingen ongunstiger is dan in Middelkerke, namelijk in Blankenberge en in Bredene.
De verschillen worden natuurlijk nog aanzienlijker voor diegene die geen eigenaar zijn van een onroerend goed.

Zijn er dan misschien andere belastingen die het evenwicht herstellen in bovenstaande negatieve balans?
Ik heb eens een vergelijkende tabel gemaakt van die andere belastingen die de lokale bevolking moet betalen. Dat is niet zo eenvoudig omdat de aard van de geïnde belastingen soms verschilt van gemeente tot gemeente en omdat bovendien de criteria per soort belasting zeer vaak verschillend zijn.
Aangezien het gaat over ‘lokale bevolking’ komen de belasting ‘tweede verblijven’ en de ‘belasting kampeerterreinen’ daar niet op voor. Ook de belastingen die specifiek zijn voor één van de gemeenten, zoals bijvoorbeeld alles wat met de vissershaven in Nieuwpoort te maken heeft, werden niet opgenomen.
De invloed van de nog resterende ‘kleinere’ belastingen is wel niet verwaarloosbaar maar toch minder belangrijk dan voor de totnogtoe besproken taksen. Ze vormen trouwens ongeveer slechts 10% van de totale belastingen, waarvan de helft voor rekening van de milieubelasting.
De enige vaste belasting die de gewone sterveling jaar in jaar uit moet betalen is inderdaad die milieubelasting en daaraan gekoppeld het aankopen van vuilniszakken. Dat Middelkerks tarief mag relatief gunstig genoemd worden. Verder zijn er de ‘zeldzame’ of unieke taksen, namelijk deze op de afgifte van administratieve documenten en deze op het begraven en ontgraven. Voor wie zijn wagen niet kwijt kan op een gratis parkeerplaats, zou je daar nog het parkeren kunnen bijnemen. Interventies en preventieactiviteiten door de brandweer behoren daar ook bij.
Dan zijn er de uitschieters die wij hier niet moeten betalen: belasting op honden, op luxepaarden, op wapenvergunningen, Er zijn ook ‘boetebelastingen’, op verkrotting van woningen en op het niet- bebouwen van gronden.
In één gemeente moet men soms wat minder, in een andere wat meer betalen. Dat alles zal nochtans relatief weinig veranderen aan onze balans hierboven.
Het al dan niet heffen van een belasting en de laagte van een belasting zijn niet noodzakelijk troeven van een gemeente. Ze dienen dus niet noodzakelijk positief beoordeeld te worden. Misschien had men een taks beter wel voorzien of misschien moest het bedrag wel hoger geweest zijn om misbruiken te voorkomen of lager om te stimuleren. Misschien heeft het bestuur daarover wel een verkeerde inschatting gemaakt.
Om maar één voorbeeld te noemen: waarom is er geen taks op kermiskramen en circussen?

Slechts één belasting op het openbaar domein???
In ‘De Sirene’ wordt er ook beweerd dat er in Middelkerke slechts één belasting geheven wordt op het openbaar domein, in tegenstelling tot veel omliggende gemeenten.
Gelukkig heb ik dat naar goeie gewoonte niet zo maar aanvaard. Wat houdt die belasting eigenlijk in?
Het openbaar domein wordt vaak ingenomen voor stellingen, kranen, containers, … bij het uitvoeren van werken (nieuwbouw, afbraak, …) aan gebouwen of bij verhuizingen. De horecazaken willen er terrassen of een windscherm op plaatsen. Ook markten (inclusief de antiek- en brocantemarkten) nemen delen van de openbare weg in.
Om deze inname in tijd en ruimte zo veel mogelijk te beperken, kan hiervoor een belasting opgelegd worden.
Bij het overlopen van de lijst van de geïnde belastingen in Middelkerke, stel ik dus vast dat niet één belasting op het gebruik van het openbaar geheven wordt, maar drie.
Er is een belasting op het plaatsen van terrassen, windschermen, stoelen, banken, seizoenartikelen, fruitbakken, enz. , er wordt een belasting geheven op het innemen van een gedeelte van de openbare weg voor inlijving bij een bouwwerf en tenslotte wordt ook het gebruik van de openbare weg voor publicitaire doeleinden belast. Ik heb een twaalftal dagen geleden aan de financiële beheerder van de gemeente gevraagd wat die ‘enz’ inhoudt, maar hij zal het zeker te druk hebben om daarop te antwoorden. Ik heb eigenlijk recht op een antwoord maar ik wil deze keer niet vasthouden aan mijn recht op openbaarheid van bestuur gezien het gering belang van mijn vraag.
Waarom in ‘De Sirene’ sprake is van slechts één belasting op het openbaar domein, is mij een raadsel.
Waarom er bovendien gezegd wordt dat dit, samen met een lage personenbelasting, ervoor zorgt dat Middelkerke fiscaal interessant is voor nieuwe inwoners en investeerders, begrijp ik nog veel minder goed.
Een informatieblad is toch geen propagandablad, hé?

Een punt ter ontlasting
Met zijn negen deelgemeenten, samen een zeer uitgebreid grondgebied en wegennet, heeft Middelkerke natuurlijk wel veel kosten om dat te onderhouden. Ik bedoel hiermee natuurlijk de gewone wegen en niet de prestigeprojecten.

Besluit
Middelkerke is dus geenszins een belastingsparadijs. Daar zal de vermindering van de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting weinig aan veranderen. We mogen ons dus niet laten verblinden door die (onhandige) poging van het bestuur van de gemeente.
Aan het volume van de uitgaven gemeten, moet Middelkerke rijk zijn. Dat heeft de gemeente vooral te danken aan de enorme ontvangsten door de taks op de tweede verblijven. De besproken belastingvermindering is dus maar billijk en zou zelfs nog belangrijker moeten zijn.

Bronnen
http://www.blankenberge.be/Bestuur/Nederlands/Home/Diensten/Financieel/page.aspx/626#belastingen
http://www.bredene.be/eloket.asp?id=76
http://dehaan.liquifi.be/bestuur/belastingen-en-retributies/
http://www.depanne.be/frame.aspx?page=/bewoners/gemeentebestuur/bestuur/gemeentediensten/financi%C3%ABn/dienst_belastingen.aspx#Belastingsreglementen
http://inwoners.knokke-heist.be/thema/1575/default.aspx?_vs=0_n&id=1254
http://inwoner.koksijde.be/productgroep.aspx?pg=1268&id=1018
http://www.middelkerke.be/page3030447.aspx
http://www.nieuwpoort.be/nieuwpoort/view/nl/nieuwpoort/inwoner/bestuur/documenten/reglementen

Aanpassing op 8 maart 2011

Ik kreeg ondertussen wel antwoord van de dienstfunctionaris - kas- en debiteurenbeheer, waarvoor dank.
*Indien woonwagens (mobilhomes) op een betalende en reglementaire
     parkeerzone  geplaatst
worden, is de retributieverordening op het
     parkeren van toepassing, zo niet is dit gratis.
 
** Hier moest eigenlijk ‘vijf’ staan omdat ook moet betaald worden voor de
      markten en kermissen, die ook het openbaar domein gebruiken.
        De dagmarkten zijn in eigen beheer
         (zie
http://www.middelkerke.be/page264304655.aspx) 
        Voor de avondmarkten bestaat een concessie

 (zie http://www.middelkerke.be/page15512506.aspx)
Voor bepaalde kermissen is hier ook een vergoeding verschuldigd (zie reglement op de deelname en tarifering van gemeentelijke kermissen: http://www.middelkerke.be/page264382021.aspx)

*** De ‘enz’ slaat op alle voorwerpen die voor het handelspand op de openbare weg geplaatst worden. Dit kunnen bv. bloembakken, menuborden, fietsrekken, automatische toestellen,… zijn.
Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Nieuwe woonuitbreidingsgebieden in Westende? Bravo!! Ze zijn toch niet waterziek, hé?

Zopas las ik in ‘Het Nieuwsblad’ en in ‘De Standaard’ de artikels “Betaalbaar wonen in eigen streek”, waarin de plannen van de gemeente om meer betaalbare woningen ter beschikking van de eigen inwoners te stellen, besproken worden.
"Tussen de Badenlaan en de Duinenlaan is er ruimte voor een project van ongeveer 140 woningen” en
“In Lombardsijde zal in 2012 een gebied van 6,5 hectare tussen de Zeelaan, de Schoolstraat en de Koninklijke Baan bebouwd worden.”
Eigenlijk gaat het in Westende-bad over meer woningen. Het vermelde aantal geeft het mogelijk aantal sociale woningen (koop en huur). De rest zouden kavels en private woningen zijn.
In Lombardsijde zou het gaan over een totaal aantal van 195, waaronder een aanzienlijke hoeveelheid sociale woningen.
Jullie kunnen zien op onderstaand uittreksel uit het gewestplan Oostende-Middenkust, over welke gebieden het gaat. Ze zijn rood gearceerd, als ‘Woonuitbreidingsgebied’.

gewestplan middelkerke_2.jpg

Laat mij vooraf duidelijk stellen dat ik alle initiatieven, die erop gericht zijn dat de eigen bewoners zich een betaalbare woning kunnen aanschaffen, ten zeerste toejuich. Nochtans was ik wel verrast over het één en het ander. Als niet-specialist van deze ingewikkelde materie, heb ik dus maar liever hier en daar om informatie en verduidelijking gevraagd.
Toen ik meende het probleem van de genoemde terreinen te overzien, heb ik een aantal vragen gesteld aan schepen Verdonck. Hij maakte ze binnen de kortste termijn over aan de bevoegde ambtenaar van ordening en stedenbouw, die er al even vlug op antwoordde.
Indien er nog vragen overbleven, moest ik niet aarzelen… Toen ik op een paar ‘vervelende’ punten om verduidelijking vroeg, kwam alweer een snel antwoord. Hartelijk dank dus aan beide.

Verkaveling in Westende – bad tussen Badenlaan en Duinenlaan

De voorgeschiedenis
Het minste wat kan gezegd worden van het gemeentelijk plan om daar te voorzien in een mix van sociale woningen en private woonprojecten, is dat het misschien wat voorbarig is. Er zal inderdaad nog heel wat water naar de zee moeten vloeien, om in de terminologie te blijven, vooraleer het kan verwezenlijkt worden.
Vooreerst moet een antwoord kunnen gegeven worden op de vraag of eventuele toekomstige bewoners daar wel op beide oren zullen kunnen slapen. Zullen ze daar al dan niet moeten vrezen voor wateroverlast?
Dat terrein heeft inderdaad een voorgeschiedenis op dat gebied.
In ‘Het Nieuwsblad’ van 11.02.2003 kon ik destijds lezen dat het college de geplande verkaveling geschorst had. De bewoners van de Duinenlaan vreesden namelijk voor nieuwe overstromingen (de gemeente houdt niet van dat woord en houdt het op ‘wateroverlast’) en ondertekenden een petitie tegen de plannen van het gemeentebestuur. Volgens hen was de zone van het woonuitbreidingsgebied, dat 4 meter lager ligt dan de Duinenlaan, waterziek.
Ze maakten zich ongerust over het overwelven van de beek achter hun woning. Ze vroegen zich af of het water daarvan dan niet in hun kelder(s) zou terechtkomen.
Hieronder zien jullie dat het terrein doorkruist wordt door beken.

WaterlopenWoonuitbreidingsgebiedWestendeBad_2.jpg                        WoonuitbreidingsgebiedBadenlaanBeek.jpg

Is dat terrein wel degelijk waterziek? Wat werd ondertussen gedaan om daaraan te verhelpen?
Volgens mij is het antwoord op deze vragen te vinden op de website
http://www.west-vlaanderen.be/kwaliteit/Leefomgeving/milieu/water1/Documents/Gistel_Ambacht/01-03_ontwerp_DBBP_na_bekkenbestuur_naar_CIW%5B1%5D.pdf 
Volgens het daar besproken en goedgekeurd 'Deelbekkenbeheerplan Gistel–Ambacht 2008-2013’ zouden nog werken moeten uitgevoerd worden voor een totale kostprijs van 800.000 euro. Deze werken omvatten de verbreding en verdieping van de Valleijebeek afwaarts de Westendelaan (richting Middelkerke), de aanleg van een bufferbekken ter hoogte van de tijdelijke parking, de aanleg van een buffer ter hoogte van de overstort aan de overwelving van de Valleijebeek en het verhogen van de stuwen in de rioleringen.
Uit het bekkenvoortgangsrapport van maart 2010 op

http://www.bekkenwerking.be/documenten/bekkenvoortgangsrapporten-2009-1/bvr09_ijzerbekken
 moest ik dan echter weer vernemen dat de voorziene werken stil liggen.
Tussen haakjes, ze zijn nooit begonnen …
Natuurlijk wilde ik graag weten waarom.
De gemeente moest het antwoord schuldig blijven en schoof de hete aardappel door naar het bestuur van de Middenkustpolder in Gistel dat de waterloop beheert en dat de taak heeft om de waterbeheersing van de streek te onderhouden en aan te pakken daar waar nodig. Dat is de instantie waaraan ik al jaren, als eigenaar van een klein lapje grond waarop mijn huis staat, jaarlijks 11 euro belasting betaal (volgens artikel 65 van de wet van 3.6.1957) omdat zij zorgen voor een goede afwatering naar de waterlopen van de polder, hetzij langs overstorting van de riolering, hetzij langs doorsijpeling via de grond.
Ik heb dan maar de vraag gesteld aan dat bestuur en ik kreeg als antwoord dat die werken inderdaad nog niet aangevangen werden en dat dit pas zal gebeuren wanneer de eigenlijke verkaveling van het woonuitbreidingsgebied zou starten.
Dat er wel degelijk wateroverlast is op dat terrein, kan blijken uit onderstaande foto’s, drie uit 2008 en de laatste van 7 februari 2011.

WateroverlastAchterDuinenlaan_1.jpg    WateroverlastAchterDuinenlaan_2.jpg     WateroverlastAchterDuinenlaan_3.jpg    WateroverlastBadenlaan07022011.JPG

En voor de rest, is alles in kannen en kruiken?
Naast het probleem van de eventuele wateroverlast en de eventuele werken die nog moeten uitgevoerd worden, zijn er nog wel wat andere problemen op te lossen.
Er moet vooreerst nog een inrichtingsplan opgemaakt worden. Dat zou binnenkort gebeuren.
Eén derde van de zone behoort toe aan het OCMW van Nieuwpoort, de rest is in handen van private personen. Er is nog geen overdracht gebeurd aan de sociale huisvestingsmaatschappijen. De onderhandelingen worden binnenkort opgestart. Eerst wordt het resultaat van de schatter afgewacht. Deze wordt eerstdaags aangesteld.
Ook de financiering en de regeling van subsidies die gekoppeld zijn aan de bouw van sociale woningen, kunnen nog problemen opwerpen.

En, wat met het verkeer in de Duinenlaan?
De bewoners van de Duinenlaan vreesden/ vrezen destijds ook dat de wagens van de bewoners van de nieuwe woningen al te zeer het verkeer in hun straat, waar reeds een snelheidsbeperking tot 30 kilometer per uur van kracht was/ is, zouden belasten. De gemeente wijst er op dat de verkaveling waarvan sprake in 2003 een lange rij woningen betrof met een bijkomende straat evenwijdig met de Duinenlaan. Die zone lag volgens hen in een restzone van een "woongebied" volgens het gewestplan (in het rood aangeduid), dus niet in het geplande woonuitbreidingsgebied (rood gearceerd). Deze nieuwe straat kwam uit in de Duinenlaan en daarom werden de bezwaren voor dit project dan ook terecht bevonden.
Ter verduidelijking: een woongebied is bestemd voor wonen, voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf, enz… terwijl een woonuitbreidingsgebied uitsluitend bestemd is voor groepswoningbouw.
Het gemeentebestuur belooft te zullen uitkijken naar de meest ideale ontsluiting(en) van dit gebied, vermoedelijk langs de Badenlaan en/of Duinenlaan. Het is zelf geen vragende partij om dit gebied te ontsluiten langs de Duinenlaan.
Het eerste gedeelte van het antwoord van de gemeente lijkt mij onjuist. Het volstaat het gewestplan te bekijken om te zien dat de in 2003 geplande verkaveling wel degelijk in het woonuitbreidingsgebied gelegen was. Enkel de huidige rij woningen en de tuintjes daarachter, liggen volgens mij in het woongebied. Misschien verduidelijkt onderstaand plannetje één en ander.

WoonuitbreidingsgebiedWB.jpg

Wat zal er gebeuren met de twee bestaande parkings aan de Badenlaan?
Eén daarvan werd, zoals jullie hieronder zien op een foto van 07.02.2011, nooit geasfalteerd om bijkomende wateroverlast te vermijden. De gemeente antwoordt mij dat de capaciteit van de parkings zal behouden blijven. De juiste ligging (of behoud) zal blijken uit het inrichtingsplan.

BadenlaanParking2_07022011.JPG

Verzet de provincie zich dan niet meer tegen het aansnijden van het woonuitbreidingsgebied?
Op maandag 02 mei 2005 las ik dat de provincie zich verzette tegen het nieuw woongebied omdat eerst bouwgronden, verspreid over Middelkerke, aangewend moesten worden vooraleer er sprake kon zijn van het aansnijden van het uitbreidingsgebied. De burgemeester vond dat toen onlogisch omdat de percelen - samen 63 hectare groot - waar de provincie op zinspeelde, niet vrijkwamen om op te bouwen en dit om louter speculatieve redenen van de eigenaars.
Op mijn vraag waarom de provincie er nu anders over denkt, kreeg ik volgend antwoord van de gemeente: “Door de nieuwe wetgeving inzake ruimtelijke ordening (Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening) (
http://www.ruimtelijkeordening.be/Default.aspx?tabid=14764 
kunnen woonuitbreidingsgebieden onder bepaalde voorwaarden aangesneden worden ten voordele van sociale huisvesting (dus niet voor private doeleinden). Andere aspecten zoals woonbehoefte of bindende bepalingen in structuurplannen zijn hierdoor geen argumenten meer namens de provincie om het aansnijden van woonuitbreidingsgebieden tegen te houden.
http://www.ruimtelijkeordening.be/Default.aspx?tabid=13585&Search=woonuitbreidingsgebieden”
Welke die ‘bindende bepalingen in structuurplannen’ zouden mogen zijn, daar heb ik het raden naar. Als je een probleem wenst te omzeilen, dan formuleer je het maar zodat niemand het nog verstaat.

Was daar niet ook een rusthuis gepland?
Ik las ook dat op 14 oktober 2008 een vergunning verleend werd voor een rusthuis met 120 woongelegenheden in de Badenlaan. Op mijn vraag of men dat plan nu had laten varen, liet men mij weten: “er was in eerste instantie een seniorie voorzien op de plaats van de eerste parking langs de Badenlaan. Door de eventuele bouw van een rusthuis op de site van manège Vandooren kunnen de plannen van de gemeente wijzigen. De gemeente zal hier een nieuw standpunt innemen tijdens de opmaak van het inrichtingsplan.”

Staat de boerderij ‘Dieleman’ niet in de weg?
Aangezien de boerderij ‘Dieleman’, langs de Westendelaan, eveneens eigendom is van het OCMW Nieuwpoort, stelde ik mij ook de vraag of die soms geen belemmerende rol zou spelen voor het gepland woonuitbreidingsgebied.
De gemeente ontkent dat. Ze beweert namelijk dat zowel de gebouwen als de omringende grachten landschappelijke elementen zijn die kunnen bijdragen tot de kwaliteit van de omgeving . Ze zouden ook een “inspiratie zijn voor de opmaak van het inrichtingsplan en een eventuele toekomstige invulling van de landbouwgebouwen zouden een belangrijke rol spelen voor de ontwikkeling van dit gebied.”
Is dat niet mooi uitgedrukt?

Woonuitbreidingsgebied in Lombardsijde tussen Zeelaan, Koninklijke baan en Schoolstraat
Hoewel dat gebied niet in de belangstelling kwam, zoals dat aan de Badenlaan – Duinenlaan, stelde ik mij ook daarover vragen.
Meermaals reeds heb ik kunnen vaststellen dat ook op dat terrein, of delen ervan, grote waterplassen stonden. Hieronder twee foto’s genomen op 7 februari 2011, na één regendag.

GeleedLombardsijde11022011_1.JPG                        GeleedLombardsijde11022011_2.JPG

Zou dat misschien ook een waterrisicovolgebied kunnen zijn?
Ik meen mij ook te herinneren dat er ooit (wateroverlast)problemen geweest zijn bij de bouw van de huizen op het einde van de Schoolstraat. De gemeente beweert daarvan geen weet te hebben.
Ik zie dat het ruimtelijk structuurplan 19B ‘Lombardsijde-centrum’ het terrein als ‘projectzone wonen’ voorziet.
Daaromtrent las ik op http://www.mervlaanderen.be/uploads/nthnvg1627.pdf 
“Het gebied is volledig omringd door mogelijk overstromingsgevoelig gebied (vanuit zee) maar niet recent overstroomd.
Het Geleed grenst aan het plangebied………………… Bij ontwikkeling van het woonuitbreidingsgebied zal aan dit overstromingsgevoelig aspect de nodige aandacht moeten besteed worden.”
Hieronder vinden jullie nog een plannetje met de juiste ligging van het besproken gebied. (rood gearceerd deel)

LiggingWoonuitbreidingsgebiedLombardsijde.jpg

Om het standpunt van de gemeente te kennen over eventuele waterlast in de zone, stelde ik de vraag of het terrein de watertoets, sedert 24 november 2003 voorzien volgens het Decreet Integraal Waterbeheer, doorstaan heeft vooraleer het structuurplan Lombardsijde aanvaard werd?
De watertoets is een beoordeling waarbij wordt nagegaan of een initiatief schadelijke effecten veroorzaakt als gevolg van een verandering in de toestand van het oppervlaktewater, het grondwater of de waterafhankelijke natuur.
Daarop antwoordt de gemeente dat er ten tijde van de opmaak van het structuurplan nog geen sprake was van watertoets en dat ze dat wel moet doen bij de opmaak van het RUP én bij een verkavelingsvergunning én bij elke bouwaanvraag die op dit gebied aangevraagd wordt. Dat klopt volgens mij niet want de watertoets bestaat sinds 2003 en de RUP van Lombardsijde dateert van 2007 – 2009.
De gemeente beweert echter dat de BPA's van 2007 en 2008 kleine BPA’s waren (telkens maar 3 percelen), gelegen in niet-overstromingsgebied, waardoor er geen probleem was met de watertoets. Bij de lopende procedure van RUP Lombardsijde wordt de watertoets wel toegepast. Als besluit (gunstig advies van RWO Brugge en Bestendige Deputatie) werd geconcludeerd dat er bij de ontwikkeling van het woonuitbreidingsgebied de nodige aandacht moet besteed worden aan de mogelijke overstromingsgevoeligheid van het gebied.
De gemeente merkt ook op dat dit gebied slechts ‘mogelijk overstromingsgevoelig’ is en niet ‘effectief overstromingsgebied’. Volgens hen worden alle gebieden die niet in effectief woongebied zijn gelegen, aangeduid als mogelijk overstromingsgevoelig (= alle landbouwgebieden, alle recreatiegebieden, alle woonuitbreidinsgebieden, ...). Indien uit de watertoets, na advies van de beheerder (Middenkustpolder, PTD - dienst Waterlopen, VMM - afdeling Operationeel Waterbeheer), zou blijken dat er bijkomende randvoorwaarden moeten genomen worden, zoals bijvoorbeeld vertraagde afvoer, bufferbekken, verhoging van het maaiveldpeil, .. dan moeten/zouden deze werken uitgevoerd worden.

Besluit
Beide geplande woonuitbreidingsgebieden verdienen heel zeker de zeer bijzondere aandacht. Ik neem aan dat het gemeentebestuur alles in het werk zal stellen om te beletten dat toekomstige bewoners/ eigenaars of huurders slachtoffers zouden worden van wateroverlast. Dat zou niemand hen in dank afnemen.
Zelf zal ik de beide dossiers met argusogen blijven volgen.

Geschreven door stammer om 20:06 3 reacties Reageer op dit bericht

Het paarse kerkplein van Westende ! en nog meer lampenkappen

In de tijd vóór de fusie van 1977, maar eigenlijk is dat zo vóór elke fusie, hadden de kleinere gemeenten allerlei dromen en wensen, die ze om financiële redenen meestal niet konden verwezenlijken: een sportzaal, een zwembad … een prestigieus kerkplein. Ze legden zich daarbij natuurlijk neer, ze moesten wel als ze de jaarlijkse rekening wilden doen kloppen.
Dan werden die gemeenten gefusioneerd en één van de redenen daarvoor was dat ze daar financieel beter zouden van worden. Zo werd hen dat toch ingeprent.
In een huisgezin met 9 kinderen mag het ene kind niet meer hebben dan een ander, behalve dan het kernkind. Krijgt de ene gemeente een nieuw kerk- of dorpsplein, dan moet de andere dat ook hebben. Is dat misschien de drijfveer geweest om ook in Westende een nieuw (prestige)pleintje aan te leggen? Heeft de fusie zich dan toch financieel geloond? Ik betwijfel het nog steeds.
Men zal me nu verwijten dat ik zeer ondankbaar ben. Ik pleit er namelijk altijd voor dat er meer zou gedaan worden voor Westende en nu dit …
Ik ben er echter gewoon tegen dat er met ons zuurverdiend belastingsgeld ‘zotte kuren’ uitgehaald worden. Ik vind namelijk dat dit werk niet onontbeerlijk was, maar ik kan natuurlijk niet spreken in naam van al mijn dorpsgenoten.
Hoeveel de aanleg van het pleintje zelf gekost heeft, dat is moeilijk te achterhalen omdat de rekening waarschijnlijk verweven is met deze van de Henri Jasparlaan. Maar wat vinden jullie van de prijs van de sfeerverlichting op het plein? Die heeft namelijk de niet onaardige som van 36.662,06 euro gekost (Referte verslag gemeenteraad van 11 maart 2010, punt 23).
Ongehoord veel, vind ik. Onaanvaardbaar veel!
Is het pleintje dan toch tenminste een succes? Ziet het er echt mooi uit? Kregen we waar voor ons geld?

KerkpleintjeMetVerlichting210111_1.JPG                        KerkpleintjeMetVerlichting210111_2.JPG

Het is mooi geplaveid, er staan vijf zitbanken die hopelijk veel Westendenaars ertoe zullen aanzetten om er ooit (?) een gezellig praatje te gaan slaan in de schaduw van de (nog te groeien) boompjes.
Was het de bedoeling de klanten van ‘Ter Gunst’ ter wille te zijn, zodat ze hun wagen vlakbij hun café kwijt kunnen? Daar lijkt het in elk geval op. Er staat wel niet aangegeven dat men er mag parkeren, maar ook niet dat het er niet mag.
En dan is er natuurlijk de sfeerverlichting! Die slaat iedereen met verbazing. Wie heeft het in zijn hoofd gehaald om paarse lampenkappen op die palen te plaatsen?

LampenkapAchtergrondKerk08022011.JPG                        LampenkapAchtergrondJasparlaan08022011.JPG

Er wordt beweerd dat over kleuren en smaken niet te twisten valt en ik heb natuurlijk geen rondvraag gedaan in het dorp, maar ik heb minstens al drie dorpelingen iets horen mompelen over ‘gelijk in mijn slaapkamer op mijn nachttafel’. Iemand had het nog over ‘… in een wijk van Parijs, ja, maar hier ….
Ja, waarom toch die kleur?
Jullie weten natuurlijk ook wel dat paars een roodachtig blauwe kleur is, tussen violet en magenta. Of moet ik hier eerder zeggen een blauwachtig rode kleur? Heeft het misschien iets te zien met de paarse coalitie die voor het ogenblik de meerderheid uitmaakt in Middelkerke? Of is dat te veel blauw tegenover het rood?
En, wie zal er van kunnen genieten? De kerkgangers die naar een vroegmis of naar een nachtmis gaan? De bezoekers van ‘Ter Gunst’? De voorbijrijdende chauffeurs die er niet mee voor betaalden?
Vóór het publiceren van dit artikel, wilde ik eerst eens de sfeer opsnuiven die de verlichting schept. Toen ik mij op vrijdag 11 februari 2011 om 18u30 ter plaatse begaf, moest ik vaststellen dat het kerkplein in volledige duisternis gehuld was. Ook op zaterdag 12 februari om 19u45 was het er pikdonker. Werkt het (nog) niet? Wil men misschien besparen?

De firma, die de lampenkappen geleverd heeft in Middelkerke, heeft daarmee een mooi bestelorder weggekaapt. We vinden hetzelfde type namelijk ook terug in de Oostendelaan. Misschien had het bestuur er toen nog niet aan gedacht om zijn paarse stempel op de openbare verlichting te drukken, want die kappen zijn wit.

OostendelaanLampenkappenWit_1.JPG                        OostendelaanLampenkappenWit_2.JPG

Terwijl ik nu toch in die omgeving was, heb ik dan maar eens goed rondgekeken.
De werken aan de Oostendelaan, ter hoogte van het marktplein, zijn werkelijk een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. Wie heeft dat uitgedacht?
Waarom die knik in de weg? Voor de veiligheid? Waarom is de bushalte dan juist in die knik? Of wordt die later nog verlegd?Men zou gedacht hebben dat de bus in alle veiligheid dat soort pleintje naast de laan zou oprijden.
Maar, waartoe dient dat pleintje eigenlijk? Is het er misschien ter wille van de garage Degrave?
Is er nog niemand tegen die stenen bollen gereden? Dat komt dan wel. Vooral omdat de verlichting bij duisternis maar pover is. Dat merkte een omstaander op.
Waarom stopt het fietspad dat uit de richting Oostende komt, in die knik? Waarom is er geen fietspad in het drukst bewoond gedeelte van de laan? Waarom heeft men zo’n breed voetpad voorzien als men vindt dat er geen plaats was voor een fietspad.
Weet iemand misschien ook waarom die bijkomende kosten moesten gedaan worden, aangezien de laan nog maar pas afgewerkt was? Had men toen nog zo ver niet gedacht?
Tussendoor, ik vind die hele Oostendelaan toch maar niets. Er zijn nauwelijks winkels. Moet die, dixit Michel Landuyt, deel uitmaken van de ‘verbindingsas’ tussen de dijk en de Kerkstraat naar de ‘toeristische uitvalsbasis’ op het marktplein? Ik vrees dat de laan, die de naam onwaardig is omdat er alleen aan het pleintje bomen staan, daarvoor te weinig glans uitstraalt en met twee bakkerijen en een dagbladwinkel de wandelaar niet zal kunnen bekoren.

Misschien heeft er wel iemand van het bestuur de moed om op al mijn vragen te antwoorden?

OostendelaanStenenBollen.JPG                        OostendelaanKnikStenenBollen.JPG

Aanpassing 16.02.2011
Een Middelkerkenaar schrijft mij dat hij zich, door de lampenkappen, in 'Plopsaland' waant als hij door de Oostendelaan loopt.

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Onderwijs in Westende: Natuurlijk weet ik dat 1943 niet te vergelijken is met 2011!

Levensomstandigheden in beide periodes
De levensomstandigheden in 1943 waren natuurlijk totaal verschillend van deze die we vandaag kennen! Jullie zouden dus kunnen zeggen dat het geen zin heeft de tijd van toen te vergelijken met die van 2011. Toch heb ik gedacht dat het wel eens interessant kon zijn om het toch te doen.
Destijds zaten we volop in de tweede wereldoorlog. Het overgrote deel van de Westendenaars had moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Sommige vaders waren afwezig wegens legerverplichtingen of krijgsgevangenschap en heel wat gezinnen kregen een (minimale) steun van de openbare onderstand.
Veel kinderen moesten van kindsbeen af meehelpen om het gezin in leven te houden. Soms kwam daar hard labeur aan te pas en veel ouders wilden en konden hun kinderen niet verwennen. ‘Je best doen’, ‘hard werken’, ‘niet klagen’ waren de raadgevingen die ons met de papfles meegegeven werden.
Zo heb ik van mijn twaalfde tot mijn zeventiende gedurende twee maanden een vakantiejob uitgeoefend, achtereenvolgens bij een bakker en een beenhouwer en tenslotte in een verhuuragentschap/ immobiliënkantoor.
Mijn ouders, geboren rond de eeuwwisseling van 1901 hadden zelf als kind en tiener de eerste wereldoorlog 1914-18 meegemaakt. Mijn vader zag Westende vernielen tot de laatste steen, Hij moest op de vlucht slaan en werd daarbij door een ongelukkige omstandigheid van zijn ouders gescheiden. Na de oorlog moest gans Westende heropgebouwd worden. Zowel vader als moeder beleefden een harde jeugd en zouden er dus nooit aan gedacht hebben om hun kinderen als ‘watjes’ op te voeden.
Gelukkig stelt de grote meerderheid het vandaag veel beter. In veel gezinnen werken beide ouders en rijden ze elk met een wagen. Ze gaan jaarlijks op reis, soms in de winter gaan skiën en ’s zomers naar de zon in het zuiden.
Dat sommige een zware hypotheeklening moeten aflossen omdat iedereen zijn droomhuis wil bouwen of bezitten, dat is er meestal niet aan te zien.
Kinderen krijgen vaak wat hun ouders destijds niet kregen en toegeven is nu eenmaal gemakkelijker dan verbieden. Maar ‘Overdaad schaadt’, met andere woorden, wie teveel heeft of krijgt, is geneigd dat als vanzelfsprekend te beschouwen.

Concurrentie tussen de scholen
Die was destijds onbestaande. De kleuterschool bezoeken betekende ‘vrije school’ of ‘nonnekensschool’
Gemeenteschool betekende ‘alleen jongens’. De meisjes mochten/ moesten in de vrije school blijven. Wie absoluut zelf de keuze wou maken, moest naar Nieuwpoort, waar een rijksmiddelbare school voor jongens en voor meisjes bestond, naast een college voor jongens en ‘Stella Maris’ voor de meisjes. Maar wie zou dat gedaan hebben? Georganiseerd schoolvervoer bestond niet en de meeste ouders konden hun kinderen ook niet naar school brengen. Een schoolabonnement voor het openbaar vervoer was voor vele gezinnen onbetaalbaar. Wie in Westende school liep, kon te voet gaan en dat was voor iedereen de eenvoudigste oplossing.
Nu kunnen de ouders kiezen, voor zonen en dochters, ook voor hun kleuters, tussen één van beide dorpsscholen.
Kinderen die te voet of met de fiets naar huis gaan, worden ’s middags en ’s avonds begeleid tot aan de kerk, waar ze indien nodig veilig overgebracht worden. Ik erken natuurlijk dat het verkeer vandaag veel drukker is dan in onze tijd, maar wij konden op geen begeleiding rekenen en dat moest onze zelfstandigheid bevorderen.

De schoolinfrastructuur
Vroeger waren er drie klaslokalen, één voor het eerste en tweede studiejaar, één voor het derde en vierde studiejaar en één voor het vijfde, zesde, zevende en achtste studiejaar. Er was één onderwijzer per klaslokaal. Op 26.11.1965 besliste de gemeenteraad een vierde klas te bouwen maar door ‘veel administratief slameur’ gebeurde de aanbesteding pas op 01.08.1968. Naast het bijkomend klaslokaal voorzagen de verbeterings- en aanpassingswerken het inrichten van een stookplaats voor de centrale verwarming, het vernieuwen van buitenramen aan de westgevel met dubbele beglazing, plaatsen van centrale verwarming en sanitair plus de nodige elektriciteitswerken.
De mazoutkachels die al de kolenkachels vervangen hadden zouden nu op hun beurt verdwijnen.
De leerlingen zouden nu eindelijk kunnen beschikken over stromend water, noodzakelijk voor een hygiënisch sanitair.

GemSchWestendeVanafHenriJasparlaan01022011.JPG    GemSchMuurNieuweKlasZijdeDuinenweg270111.JPG    GemSchKoerMetBallenbakEnAfdak01022011.JPG

In het gebouwtje links woonde het schoolhoofd. Nu zijn daarin o.a. het secretariaat en de leraarskamer gevestigd, die beide niet bestonden destijds. In het midden zien jullie een aangebouwde klas. Op de scheiding tussen het oud en nieuw gedeelte stond vroeger een muurtje van een tweetal meter hoog. Soms, eigenlijk moet ik zeggen ‘vaak’, werd al eens een bal over dat muurtje geschopt en hovenier Cyriel Vanovenberghe , eigenaar van de aanpalende grond, kon er niet altijd mee lachen als we over dat muurtje klommen om onze bal terug te halen.
Er zijn nu twee speelplaatsen, één voor de basisschool en één voor kleuters. Ze kunnen beschikken over koffers met allerlei speeltuig. Hierboven rechts zien we de koer van de ‘grote’.

De schoolomgeving
Vooraleer de deuren van de school opengingen, speelden wij op straat. Met ‘deuren’ bedoel ik een klein groen poortje in de muur langs de zijde van de Duinenlaan.
Nu kunnen de kinderen vanaf 8 uur, drie kwartuur vooraleer de lessen beginnen, langs de grote poort binnen zodat ze beschermd zijn tegen het verkeer van de wagens van de ouders die hun kind zo dicht mogelijk bij de poort willen afzetten.

MuurGroenPoortje.jpg    GemSchWestendeIngangspoort270111.JPG

Leerkrachten en hun leerlingen, voorziene lessen … vroeger
De drie leerkrachten waren allemaal mannen. Het godsdienstonderricht werd gegeven door de pastoor of onderpastoor van Westende. Het totaal aantal leerlingen bedroeg ongeveer tachtig.
Lessen lichamelijke opvoeding werden niet gegeven. En toch waren wij geen stijve harken met een ongezonde bleke gelaatskleur! Zwemmen deden wij buiten de schooltijd maar enkel ’s zomers in zee of in de ‘Lac-aux-Dames’. Spelen deden wij op straat, op pleintjes of in weiden.

Aantal klassen en leerkrachten, voorziene lessen … nu
Vandaag telt de schoolbevolking ongeveer 90 leerlingen in de basisschool en 50 kleuters.
Er wordt nu wel aan lichamelijke opvoeding gedaan en er worden ook zwemlessen gegeven tijdens de schooltijd. Daarvoor zijn drie leerkrachten voorzien.
Hieronder zien jullie de turnzaal en het speelpleintje naast de school waar ook lessen in lichaamsbeweging kunnen gegeven worden.

GemSchTurnzaal01022011.JPG    GemSchSpeelpleinNaarSchoolToe270111.JPG

Er kan nu gekozen worden tussen lessen in de katholieke of protestantse godsdienst of voor zedenleer. Voor het eerste zorgen 2 leerkrachten, voor de beide andere 1 leerkracht.
Destijds waren wij allemaal ‘katholiek’.
Per klas in de lagere school (1 – 6) is er een onderwijzer(es) en het is zelfs mogelijk parttime les te geven, zodat één van de klassen een dubbele klastitularis heeft.
Elk studiejaar heeft nu zijn eigen klaslokaal. Die zien er heel wat fleuriger uit dan in onze tijd. Ziehier een voorbeeld.

GemSchKlasMetLoft01022011.JPG

De drie kleuterklassen worden op dezelfde manier geleid door 3 kleuterjuffrouwen en 1 kleutermeester.
Er zijn twee kinderverzorgsters en 1 zorgcoördinator/ GOK. Deze laatste is het aanspreekpunt voor zowel kinderen, leerkrachten, ouders, CLB en andere externe hulpverleners.
Deze uren zorgbeleid worden gegeven opdat er in de school effectief zorg zou zijn voor ieder kind dat in de school ingeschreven is met ontwikkelings- en leerproblemen en leerstoornissen.
Er is tenslotte een directrice, die echter ook de leiding heeft over de school in Leffinge en die in beide scholen bijgestaan wordt door een secretaresse.
Dat brengt het totaal in Westende op 23 leerkrachten, 19 dames en 4 heren.

’s Middags op school eten! Ondenkbaar in onze tijd!
De ouders hebben steeds de keuze uit 3 opties: ofwel neemt hun kind een warme maaltijd op school, ofwel brengt het een eigen lunchpakket mee ofwel gaat het thuis eten.
De warme maaltijden bestaan steeds uit soep, een hoofdgerecht en een dessert. Ze worden bereid door een gespecialiseerde firma. Voor een kleuter wordt 2,08 euro betaald, voor een leerling(e) uit het lager 2,48 euro. Als een kind een lunchpakket meebrengt, kan het gratis soep en water krijgen.
Hieronder zien jullie de ruime eetzaal.

GemSchEetzaal01022011.JPG

Alles is werkelijk voorzien…
De kinderen krijgen op school echt alles wat hun hartje lust. Ik heb de neiging om te zeggen dat ze te veel verwend worden. Ik weet het wel: melk drinken en fruit eten worden door gezondheidsspecialisten warm aanbevolen. Tijdens de speeltijd, in de voormiddag is er water en in de namiddag melk, chocomelk, fruitsap of water.
’s Woensdags om 10 uur, krijgt elke leerling(e) een stuk vers fruit (appel, peer, kiwi, mandarijn, …)
Om de twee weken kunnen de leerlingen met de klas naar de gemeentelijke bibliotheek.
En dan zijn er ook nog wat men vandaag de ‘Extra muros-activiteiten’ noemt.
Al naargelang het leerjaar, vanaf het tweede, kunnen dat sportklassen, ingericht door de gemeentelijke sportdienst, of plattelandsklassen of bosklassen zijn. De kinderen gaan op schoolreis, onder andere naar pretparken en brengen bezoeken aan een boerderij, een museum, een tentoonstelling, …
De enige activiteiten die wij in klasverband buiten de school meemaakten, waren de deelname aan processies en aan de bevrijdingsstoet, maar dan tijdens het weekeinde.
De school heeft nu ook een naam en een zeer mooie en duidelijke website http://www.onderwijs.middelkerke.be/duinpieper/ met veel foto’s die het leven op school schetsen.

Ook de ouders worden verwend
Drie maal per schooljaar geeft de school een krantje uit, dat het relaas brengt van de voorbije activiteiten en dat de ouders informeert over wat komende is. Daarop prijkt ook het logo van de school, zijnde een zangvogel uit de familie van de kwikstaarten.

GemSchKrantKerst2010.jpg

Vooraleer de schoolbel weerklinkt en na het sluiten van de schoolpoorten hoeven werkende ouders zich geen zorgen te maken over hun kroost. Deze wordt opgevangen in het oud gemeentehuis, dat voor een enorm reusachtig bedrag omgebouwd werd tot de kinderopvang ‘De Strandjutter’.

KinderopvangStrandjutter.JPG

‘s Morgens brengt het gemeentebusje de kinderen naar school en het haalt ze ’s avonds op school af.
In onze jeugd was het niet de gewoonte dat moeders ook uit werken gingen en dat zou ook moeilijk geweest zijn omdat zij de zorg moesten dragen over een kroostrijker gezin dan de moeders van vandaag. Kinderopvang was dus nergens voor nodig. Het bestond dus niet en wie had het zich trouwens kunnen veroorloven?

Besluit
Heb ik mij nu ‘ouderwets’ uitgedrukt? Heb ik te veel verwezen naar ‘onze tijd’? De school is in elke periode de weerspiegeling van de maatschappij.
Natuurlijk is er vandaag heel wat verbeterd en bijgewerkt, maar nemen jullie maar van mij aan dat onze schoolperiode ook veel goede kanten had … zelfs al besef je dat maar (veel)later.

Geschreven door stammer om 10:33 Reageer op dit bericht

Denken jullie dat er een behoefte bestaat aan meer en grotere hotels in Middelkerke?

Wie eens maximaal wil genieten van enkele dagen aan de kust en het zich bovendien kan veroorloven, kiest voor een verblijf in een hotel. Niet koken, noch poetsen en bovendien bediend worden, wat wil je nog meer?
Op 13 januari 2011 las ik in ‘Het Nieuwsblad’ het artikel ‘Nieuw hotel openen kan momenteel niet’, van de hand van Dany Van Loo, die vooral schepen voor lokale economie Janna Opstaele aan het woord liet. Zij beweert daarin dat de huidige ruimtelijke plannen het praktisch onmogelijk maken om hier een hotel op te starten. Nochtans beweert zij voorstander te zijn van meer en grotere hotels.
Vooraleer daarover een standpunt in te nemen , wil ik jullie eerst wat (noodzakelijke) basisinformatie meegeven over het hotelwezen in het algemeen en over de Middelkerkse hotels in het bijzonder.

Welke overnachtingsmogelijkheden mogen ‘hotel’ genoemd worden?
Een hotel beschikt over minstens vier kamers. De kamers en de sanitaire voorzieningen worden dagelijks onderhouden. Er is ontbijtmogelijkheid. Andere maaltijden dan het ontbijt worden in een afzonderlijke ruimte geserveerd. Toeristen hebben geen toegang tot de keuken. Het hotel is tijdens de openingsperiode permanent toegankelijk.
De exploitant of iemand van het management staat permanent ter beschikking van de toeristen tijdens hun verblijf.
Gastenkamers en ‘bed & breakfast’, zoals ‘The Pipers Pub’ met slechts drie kamers, worden dus niet als hotel beschouwd. Ook ‘De Wandelaar’ met kamers zonder ontbijt is geen hotel.
Dat is wel het geval voor de zogenoemde ‘Ap(p)arthotels’ (De Wielingen en Zon en Zee). In theorie zijn dat appartementen maar die het ‘hotelboekingssysteem’ gebruiken. Het komt daar op neer dat je een appartement huurt maar zonder vast contract. De huurder kan opzeggen als hij/zij dat wenst. Het verblijf is volledig uitgerust. Een aparthotel of appartementenhotel heeft alle voordelen van een hotel (schoonmaak, service en ontbijt, mogelijkheid tot lunch en/of diner) en bestaat uit appartementen in plaats van kamers.
Het zou, volgens mij, aangewezen zijn dat de gemeente op zijn website http://www.middelkerke.be/page219114047.aspx#1 de lijst van de hotels zou aanpassen en enkel diegene als hotel zou vermelden die aan de normen voldoen.

Hoe belangrijk is het hoteltoerisme voor onze kust?
Er wordt aangenomen dat jaarlijks 15 tot 16 miljoen overnachtingen geboekt worden in de commerciële verblijfsector. Van de daarmee geboekte omzet mag 250 miljoen euro op rekening van de hotelsector geschreven worden.
Hotelgasten worden beschouwd als toeristen die de meeste euro’s verteren: ze „doen‟ op de middag een terrasje, ze tafelen ‘s avonds uitgebreid. Ze leveren dus een ruime bijdrage aan de lokale economie/ werkgelegenheid en het lijdt dus geen twijfel dat de hotelsector de bijzondere aandacht verdient van een bestuur van een kustgemeente.

De hotelcapaciteit aan de kust gaat achteruit
Begin 2007 zei Vlaams minister voor toerisme Bourgeois reeds dat de hotelcapaciteit aan de kust in dalende lijn ging en dat hem dat zorgen baarde. Hij vroeg de kustburgemeesters toen om daar in hun ruimtelijke uitvoeringsplannen rekening mee te houden.
Stefaan Gheysen, afgevaardigd bestuurder van Westtoer, het autonoom provinciebedrijf voor toerisme, trad hem daarin bij op 28 december 2010 met zijn bewering dat die daling moet worden gestopt. “Het probleem vindt vooral zijn oorsprong in het verdwijnen van de kleinere hotels. Vaak gaat het om familiezaken waarvan de eigenaars einde loopbaan zijn. Die bedrijven houden op te bestaan, vooral onder druk van de vastgoedsector, die bereid is hoge prijzen te betalen voor de betrokken panden.”
Geert Bourgeois voegde er tenslotte aan toe dat het verschijnsel niet nieuw is. Het aantal hotels aan de kust is de voorbije jaren constant blijven afnemen. Volgens hem dreigen de hotels verdrongen te worden door bouwpromotoren en tweede verblijven. Hij stelt verder dat de kust niet zal kunnen blijven standhouden zonder overnachtingsmogelijkheden voor korte vakanties, congressen en evenementen.

Hoeveel hotels telt Middelkerke eigenlijk en hoe verhoudt dat aantal zich tot dat van andere, vergelijkbare badplaatsen? Hoe is het gesteld met de kwaliteit?
De kust biedt hotels aan van zeer uiteenlopende kwaliteit. Wens je een zwembad of een whirlpool, een fitness, een sauna, een jacuzzi, een douche of een ligbad, een zonnebank, een Turks bad of een kuur volgens hydromassage?
Is er een tennisveld? Hebben de kinderen een (liefst overdekte) speelruimte? Is er een restaurant bij het hotel? Mag het huisdier mee? Wens je TV, telefoon en een kluis? Wil je toegang tot internet? Moet het hotel op de zeedijk gelegen zijn, met of zonder zeezicht of mag het in het centrum of nog meer naar buiten? Grote of kleine kamer? Harde of zachte matras? Moet het nieuwbouw zijn, gerenoveerd of hoeft dat niet echt? Wens je een private parking/ garage?
Heb je nog meer bijzondere wensen? Alles is mogelijk! Als je het maar kunt betalen…..

Toerisme Vlaanderen wil het de toerist zo aangenaam mogelijk maken en hem/ haar een kwaliteitsvol verblijf waarborgen. De regelgevingen in de logiessector beogen de bescherming van de consument. Ze willen ook een impuls zijn voor de toeristische ondernemers, om hun bedrijf regelmatig te vernieuwen en marktgericht uit te bouwen.
Afhankelijk van de graad van comfort kent Toerisme Vlaanderen sterren of een comfortvermelding toe aan de hotels die het vergunt. Dat gebeurt op basis van normen die de overheid heeft vastgelegd. Voldoet een hotel aan de basisnormen (openings- en exploitatievoorwaarden), dan ontvangt het één ster bij de vergunning.
Download hier de basisnormen voor de categorie hotels (pdf)

De indeling in een hogere comfortclassificatie (twee tot vijf sterren) gebeurt op basis van verplichte en facultatieve normen. Per classificatie moet een hotel een verplicht pakket aanbieden. Daarnaast verzamelt het punten via allerlei facultatieve comfortnormen. Per classificatie is een minimum aantal punten opgelegd. Hoe hoger de classificatie, hoe meer comfort en service de normen opleggen en hoe kleiner het facultatieve aandeel.
Download hier de classificatienormen voor de categorie hotels (pdf)

Op www.toerismevlaanderen.be vinden jullie de lijst van de vergunde hotels, met aantal sterren/ kamers.

De 24 vergunde Middelkerkse hotels zijn gelegen in de badcentra (8 in Middelkerke en 13 in Westende) en op het platteland (Abdeshof, Meeuwenhof en Schoorbakkehoeve).

Badplaats */k **/k ***/k ****/k Tot Kamers
Bredene 1/7  3/83     -     -  90
De Haan 1/9  9/98 15/294 2/39 440
De Panne 2/56 11/228  6/134 3/81 499
Koksijde 3/39  4/40  7/153 4/40 272
Middelkerke 2/27 16/251  6/98     - 376
Nieuwpoort 3/220  1/9  3/115     - 344

We merken dus op dat Middelkerke zich in de middenmoot bevindt. Het heeft wel geen enkel viersterrenhotel. Het totaal aantal beschikbare bedden in Middelkerke bedraagt 1.250 waarvan 464 behoren tot de groep ‘Kriss Vakantieservice BVBA’, waarvan Louis Dobbelaere de zaakvoerder is.
Hieronder zien jullie de foto’s van de Westendse hotels.
Bovenaan zien jullie ‘Zeester Suitehotel’, ‘Hotel de la Poste’, ‘Isba’, ‘Splendid’ en Melrose.
In het midden worden ‘Zeeparel Budget’, ‘De Wielingen’, ‘Sint-Laureins’ en ‘La Rotonde’ afgebeeld.
Tenslotte vinden jullie onderaan ‘Westendia’, ‘The Cottage Inn’, ‘Zon en Zee’ en ‘Roi Soleil’.

ZeesterSuiteHotel.jpg  HoteldelaPoste2007.jpg  hotel_isba_03.jpg  Splendid_07a.jpg  Melrose_2.jpg
ZeeparelBudgetHotel.jpg  DeWielingen_02.jpg  SintLaureinsWebsite.jpg  DeRotondeWebsite.jpg
westendiablog.jpg  TheCottage_07d.jpg  IngangZonenZee2005.jpg  RoiSoleilBlog.jpg


Bestaat er wel degelijk een behoefte aan meer en grotere hotels in Middelkerke?
Schepen Janna Opstaele zegt “We kregen al heel wat vragen om grotere hotels te bouwen en niet alleen in onze badplaatsen zelf, maar ook in het achterland. Zo was er een aanvraag voor een hotelcomplex in de Leopoldlaan en ook de IBIS-keten wil al jaren een hotel bouwen aan de luchthaven, op grondgebied Middelkerke. Meer hotels zorgen voor meer werkgelegenheid, meer toerisme en uiteraard meer impulsen voor de lokale economie”.
Om die uitspraak beter te kunnen beoordelen moeten jullie het volgende weten.
De Europese hotelketen Ibis is een dochteronderneming van het Franse Accor.
De Ibis-hotels zijn bedoeld als doorreishotel voor korte verblijven en bevinden zich in de directe omgeving van stations en vliegvelden. De keten richt zich op zakelijke reizigers op doorreis of als overnachtingsfaciliteit bij een vliegveld.
Wat zegt Janna? De lokale economie bevorderen?
Ze heeft het over grotere hotels. Anderzijds verklaart ze “Met het initiatief komt het gemeentebestuur ook tegemoet aan de vraag van het autonoom provinciebedrijf voor toerisme Westtoer, dat volop werkt aan het project 'Hotelinnovatie, een golf van vernieuwing', waarmee het de kleinere hotels aan zee betere kansen wil geven, onder meer met investeringstoelagen en advies rond kwaliteit en professioneel beheer. Westtoer wil met de badplaatsen samenwerken om de hotelaccommodatie uit te breiden.”
Westtoer zet samen met Toerisme Vlaanderen een project op om de bestaande hotelaccommodatie nieuwe impulsen te geven. Hoteliers zullen investeringsprojecten kunnen indienen op het gebied van professioneel management, thematisering, kwaliteitsverbetering en doelgroepen. Er moet volgens hen gemikt worden op de bestaande hotels, aangezien er aan de kust weinig plaats is voor nieuwe vestigingen.
Je bent niet te best ingelicht, hé Janna?
En zullen de grote ketens de ‘lokale kleintjes’ niet ‘dooddoen’?

Hoe staat het eigenlijk met de bezetting van de kusthotels?

Als je zegt ‘grotere hotels’, dan moeten ze ook renderen of met andere woorden een hoge bezetting kennen.
Volgens de bekendgemaakte cijfers van 2009 zouden de hotels in augustus 2009 een gemiddelde netto bezettingsgraad van 82% gekend hebben, wat een stijging betekende tegenover augustus 2008. Ondanks de hogere bezettingsgraad kende de kust een status quo in volume van hotelovernachtingen in juli -augustus. Dit is vooral te wijten aan de daling van het hotelaanbod aan de Kust met 5% minder beschikbare hotelkamers tegenover vorig jaar.
Volgens één van de geraadpleegde lokale hoteliers is het nu reeds absoluut niet evident om de hotels hier vol te krijgen.
Er moeten dus inderdaad vooreerst initiatieven genomen worden ten voordele van de bestaande hotels.
Hierboven blijkt dat reeds een verhoging van de kwaliteit beoogd wordt.
Maar ook de aangeboden mogelijkheden in de hotels moeten misschien verbeterd worden.
Dat blijkt ook uit een studie van Toerisme Vlaanderen die groeikansen ziet voor congres- en wellnesshotels.
“Er is inderdaad de groeiende groep van medioren* en senioren, die gemiddeld genomen bemiddeld zijn en die “jong” oud willen worden. Ze schatten gezondheid hoog in en willen hun gezonde, vaak ook sportieve levenshouding doortrekken in hun vakantie. In die zin is de vergrijzing een opportuniteit, want uitgerekend in tijden van vergrijzing is wellness crisisbestendig.”
*modern woord voor 50 tot 60 jaar

En wat denken de lokale hoteliers daarvan?
Guido Bogaert en Sabrina Goethals, uitbaters van hotel Sint-Laureins in Westende, zien de komst van nieuwe hotels best zitten, zeggen ze in het aangehaald krantenartikel. 'Zeker en vast. Dit is geen concurrentie, integendeel. Hoe meer aanbod, hoe meer volk en dat is voor iedereen goed', luidt het. Zij vertegenwoordigen echter maar 10 kamers van de 331 en mogen dus zeker niet spreken in naam van de lokale hotelsector. Er zijn inderdaad ook andere geluiden. Eén hotelier wijst erop dat dit hier ‘maar’ Middelkerke is en niet Gent, Brugge, Oostende of Ieper.
Een andere wijst erop dat het nu reeds niet evident is om hier de hotels volzet te krijgen. Dit lukt enkel in de zomermaanden, en dan nog als de goeie weermaker voor langere tijd van de partij is. Er zijn hier aan de kust maar 3 maanden seizoen meer (en dan nog). De rest van het jaar is het pompen of verzuipen… Vaste kosten en personeelskosten lopen het hele jaar door. Er zijn met andere woorden ook risico’s aan dit beroep verbonden en kleine hotels hebben het soms moeilijk om hun rekeningen te doen kloppen …

Wat is er reeds gepland?
Vooraleer aan hotelketens te denken, moet het gemeentebestuur beseffen dat ook Middelkerkenaars in de lokale hotelsector investeren en dit al jarenlang. Zij verdienen als eerste gesteund te worden.
De gemeente moet eerst zijn eigen hotels promoten en bezoekers niet naar de ‘grote’ hotels in Oostende sturen. Er is hier plaats genoeg!!
Ook Kriss Vakantieservice BVBA is nog één en ander van plan. Zo denken zij eraan de capaciteit van ‘Zeegalm’ (nu goed voor 88 personen) met 5 kamers uit te breiden. ‘Zon en Zee’, dat nu reeds plaats biedt aan 256 personen, geeft, na enkele vergeefse aanvragen voor een zwembad, de moed niet op om zich ooit als “luxehotel met zwembad” te kunnen profileren. Zij plannen binnenkort ook nog de bouw van een nieuw hotel.

Maar nu terug naar Janna Opstaele en haar verklaringen in het reeds vermeld dagbladartikel.
Zij zegt daarin: “De stedenbouwkundige voorschriften stellen onder meer dat de hoofdbestemming wonen moet zijn, met eventueel horeca als nevenbestemming, maar dan op een zeer beperkt aantal vierkante meter. Kortom: niemand kan een hotel bouwen in Middelkerke. Zo kan het niet verder.”
Is dat wel zo?
Als ik de BPA’s of RUP’s met de nummers 16 (Westende - dorp) en 17 (Westende - bad) en 19 (Lombardsijde) bekijk, dan lees ik inderdaad overal dat de zones algemeen een woonbestemming hebben; eveneens kunnen er voor maximaal 30% van de toegelaten vloeroppervlakte ……. en horeca worden voorzien en dit met een maximum van 300 m² per handelsuitbating van de gerealiseerde vloeroppervlakten.
Opstaele vindt dat een ‘absurde situatie’, waarin dringend verandering moet komen.
Dat verrast mij natuurlijk en dan vooral de dringendheid.
Haar partij is inderdaad reeds 10 jaar aan de macht in de gemeente. Heeft er zich dan in al die tijd geen enkele VLD’er afgevraagd of er wel (grote) hotels genoeg zijn in Middelkerke? Of doet de behoefte aan hotels zich nu pas voor? Zou het misschien kunnen dat het huidig bestuur daarin tekortgeschoten is?
Toen Geert Bourgeois in 2007 verklaarde dat sommige gemeenten al maatregelen genomen hadden om hun hotelcapaciteit op peil te houden, dan had hij het over Knokke-Heist, Bredene en De Haan.
Middelkerke werd daarbij dus niet vernoemd.
Heeft de blauwe partij dan nooit aan de uitbreiding van de hotelcapaciteit gedacht toen in de voorbije drie à vier jaar al die RUP ’s met strenge beperking voor de hotels, herzien en voorlopig of definitief aanvaard werden?

En wat denkt Janna daar nu aan te doen?
De schepen heeft een ontwerper aangesteld (nog één!!!) om voor de centrumgebieden een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) Horeca op te maken. 'Daarmee kunnen we de beperkingen wegwerken, waardoor het mogelijk wordt om nieuwe en grote hotelprojecten te realiseren.”
Het opmaken van zo’n RUP duurt gemiddeld twee jaar en dat is dan al in de volgende legislatuur!
Misschien moet ze zich wat beter informeren of met andere woorden haar oren te luisteren leggen bij meer dan één lokale hotelier vooraleer stoere verklaringen af te leggen aan de pers?

Bronnen
http://www.harbourgardensresort.be/pdf/ministerbourgeoisgetuigd.pdf
http://www.toerismevlaanderen.be/showpage.asp?iPageID=958

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

'˜Verscheidene' in Westende

‘Waar de sterre bleef stillestaan …’ OF ‘Vijgen na kerstmis’
God zond de engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje ‘Maria’ dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette. Gabriël ging haar huis binnen en zei: "Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je. Hij heeft je zijn gunst geschonken. Je zult zwanger worden en een zoon baren en je moet hem Jezus noemen”. Maria vroeg aan de engel: "Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad." De engel antwoordde: "De heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig worden genoemd en Zoon van God.”

In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Jozef ging van Nazaret in Galilea naar Betlehem om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan en bracht ze een zoon ter wereld. Ze wikkelde hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad.

Niet ver daarvandaan lagen de herders ‘bij nachte’ in het veld. Ze ‘hielden vol trouwe de wachte en hadden hun schaapjes geteld’. Toen ‘hoorden zij d’engelen zingen’ en één engel zei hen "Ik kom jullie goed nieuws brengen, vandaag is voor jullie een redder geboren. Hij is de messias, de Heer”. Tegen het nieuwe jaar’ gingen de herders naar Bethlehem.

In die tijd kwamen de drie koningen, Balthazar, Caspar en Melchior, het waren eigenlijk magiërs of ‘wijzen’ uit het Oosten, in Jeruzalem aan. Ze vroegen: "Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om hem eer te bewijzen."
Toen gingen ze op weg, en de ster ging voor hen uit, totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was. Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden en boden hun geschenken aan: goud, wierook en mirre.

Jullie kennen natuurlijk allemaal het kerstverhaal wel. Gelukkig zijn Jozef en Maria en de herders en de wijzen toen naar Bethlehem getrokken. Het was in elk geval niet naar Westende. Tenminste, daar zijn ze nooit aangekomen. Er stond wel een kerststal tegen de kerkmuur, maar die bleef de hele kersttijd leeg: geen voederbak met stro, geen os noch ezel. Weet iemand waarom?

LeegKerststalletje09012011.JPG

Overigens, aan iedereen, maar vooral aan de lezers van deze blog, een voorspoedig en gezond 2011.

Bron
http://www.beleven.org/verhaal/het_kerstverhaal_uit_de_nieuwe_bijbelvertaling

Kan dat ook bij ons?
Als ik al die overstromingen zie op TV, te wijten aan het aanhoudend slecht weer met sneeuw en ijzel en als ik tonnen zout zie strooien dat invreet op asfaltwegen met gevaarlijke putten tot gevolg, dan vraag ik mij vaak af of zoiets ook bij ons mogelijk is.
Kunnen hier ook overstromingen plaatsgrijpen? Door de golven van de zee die de dijken overspoelen of door vaarten of beken die buiten hun oevers treden?
Ik heb daarover een specialist geraadpleegd en ik zal het onderwerp eens uitgebreider behandelen in één van mijn volgende artikels.
Vandaag wil ik het enkel hebben over die scheuren of kraters of putten in de wegen, die een gevaar vormen voor de autobanden. Je moet zowaar slalommen tussen de kraters!
Wegspringende steentjes durven ook wel eens een autoruit doen barsten.
Jullie weten toch wel dat jullie de eventueel geleden schade vergoed kunnen krijgen?
Zijn die putten er bij ons ook? Natuurlijk! Hieronder zien jullie enkele voorbeelden. Er zijn er nog meer, hoewel het al bij al nog meevalt. De hoofdwegen (Henri Jasparlaan, Grossettilaan, Koninklijke Baan) werden immers recent vernieuwd. Sommige secundaire wegen moeten echter dringend hersteld worden.

SteenstraatPuttenInWeg180111.JPG      PuttenInStrandjutterslaan210111_1.JPG      PuttenInSintLaurentiusdijk210111_1.JPG     
PuttenInOoststraat210111_1.JPG   PuttenWestendelaanOpritVanafParkeerplaatsje210111_1.JPG      PuttenWestendelaanOpritVanafParkeersplaatsje210111_2.JPG  

We weten natuurlijk wel dat onze bewindvoerders, op welk niveau dan ook, liever nieuwe wegen aanleggen dan kapotte te herstellen, omdat ze daarvoor met meer eer beladen worden.
Maar, is de herstelling op dit ogenblik wel mogelijk?
Putjes vullen met koude asfalt? Dat wordt afgewimpeld met “De auto’s zouden dat direct weer losrijden”. De wegen grondig herstellen met warm asfalt? Dat kan pas in de lente. Andere beweren over een te laag budget te beschikken voor al dat oplapwerk.
Maar, in het ‘schatrijke’ Middelkerke zal dat wel geen probleem zijn!!

Had ik het niet voorspeld?
Maanden geleden heb ik eens een artikel gewijd aan het slalomverkeer in de Heidestraat. Geen enkele bewoner aldaar vindt dat de werken die zijn/haar straat veiliger moesten maken, geslaagd zijn.
Bijna niemand kent immers de regel, dat wie eerst in de vernauwing komt, voorrang heeft.
Bijna iedereen ontwijkt de tegenligger, niet door te stoppen, maar door het voetpad op te rijden.
Ik wil nu geen victorie kraaien, noch mij gedragen als helderziende maar iemand (?) heeft ervoor gezorgd dat ik het destijds bij het rechte eind had, door één van de haagjes die de slalomhindernissen vormen, plat te rijden. Misschien had de ‘dader’ wel wat te diep in het glas gekeken, ik weet het niet, misschien heeft een vandaal gewoon de haag platgetrapt, dat kan ook, maar het blijft alleszins een feit dat er geen bord staat bij de afgebeelde ‘platte’ haag en dat deze hindernis ’s avonds slecht zichtbaar is.

HeidestraatOmgeredenHaagje180111.JPG

Ja, wie niet horen wil …

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

De meest onlogische, minst toegepaste maar zeer gevaarlijke verkeerssituaties voor fietsers

Het ligt geenszins in mijn bedoeling mij op deze blog het etiket van leermeester in de wegcode op te kleven, noch dat van zedenpreker. Als regelmatig fietser, wijs ik nochtans graag op de gevaren die een fietser bedreigen, zelfs als ik daarmee in herhaling val. Ik heb nu wel niet de bedoeling het volledig reglement voor fietsers hier te bespreken. Ik wilde er slechts een paar bijzondere of eigenaardige punten uit lichten.

De fietsinfrastructuur
Laat ons vooraf even overlopen hoe de wegenstructuur bij ons rekening houdt met de fietser: waar moet die rijden, hoe moet die een straat oversteken en welke plaats krijgt hij/ zij toegewezen aan verkeerslichten.

Het fietspad
Fietsers en bromfietsers klasse A rijden uiteraard op fietspaden. Ze moeten dat altijd doen als het pad rechts in hun rijrichting ligt. Een fietspad langs de linkerkant van de weg mag niet gevolgd worden, tenzij het een tweerichtingsfietspad is. Een fietspad maakt geen deel uit van de rijbaan en wordt aangegeven door twee evenwijdige witte onderbroken strepen, zoals we hieronder kunnen zien. Auto’s mogen dus niet op het fietspad rijden, stilstaan of parkeren.
Soms is de strook gevormd door de onderbroken strepen ingekleurd voor een betere zichtbaarheid, meestal rood-roze. De kleur heeft echter geen betekenis. Bij ingekleurde fietspaden is het soms zo dat de inkleuring onderbroken is op een kruispunt, maar dit heeft dus geen invloed op de voorrangsregels.

Fietspaden in Vlaanderen_1.jpg      RedHetFietspad.jpg      OverlangsemarkeringFietspad.jpg  

Een fietspad kan ook aangeduid worden met een D7 of D9 bord, die jullie hieronder zien.

D7VerplichtFietspad.gif>            D9FietsersVoetgangers.jpg> 

Zoals jullie hieronder zien, signaleren wegmarkeringen op de grond een tweerichtingsfietspad.

RotondeFietspadDubbeleRichting.JPG

Zijn er genoeg fietspaden in onze gemeente?
Ik heb reeds meermaals mijn beklag gemaakt omdat er te weinig fietspaden zijn in onze gemeente. “Het bestuur heeft gewoon geen hart voor de fietsers” heb ik onlangs nog geschreven. Waarom?
Telkens een weg vernieuwd wordt, “vergeet” men er ook een fietspad aan toe te voegen.
Bedoel ik daarmee dat er in elke straat een fietspad moet voorzien worden? Natuurlijk niet!
De overheid moet zich afvragen welke wegen een scheiding tussen auto’s en fietsen noodzakelijk maken.
Waar is het meeste verkeer? Waar rijden veel fietsers, als ontspanning of op weg naar het werk, winkel of school? Laat de totale breedte van de weg het wel toe?
Hoe breed moet een weg dan wel zijn?
Auto’s die in beide richtingen rijden, moeten elkaar natuurlijk kunnen kruisen. Vaak blijft er dan nog wel plaats over voor een fietspad … als de voetpaden maar niet zo breed waren!!
Wegen met enkele richtingverkeer laten meestal ruimte genoeg voor een fietspad.
Om een idee te hebben van de huidige toestand in Westende, heb ik eens de inventaris opgemaakt van de Westendse straten die wel een fietspad hebben en van diegene die er geen hebben. Ziehier het resultaat.
De gewestwegen N318 (Westendelaan - Lombardsijdelaan - Nieuwpoortlaan) en de N034 (Parklaan - Paul Grossettilaan - Koninklijke Baan) hebben een fietspad.
Dat is eveneens het geval voor de volgende Westendse gemeentewegen: Henri Jasparlaan, Essex Scottishlaan, Strandlaan, het stuk Duinenlaan vanaf de Westendelaan naar de Essex Scottishlaan en naar de Henri Jasparlaan.
Ik heb niet in detail nagezien in welke andere straten er een fietspad zou kunnen aangelegd worden.
Eén van de vele ambtenaren van de gemeeente zou dat misschien eens kunnen doen?
Op het eerste gezicht zou ik zeggen dat de Badenlaan, de Langestraat (vanaf de Westendelaan tot aan de Noordstraat) en de Zeelaan alvast in aanmerking komen. Er zijn er zeker nog meer.

De fietssuggestiestrook
Soms wordt op de weg een (meestal) gekleurde strook, gelijkend op een fietspad, aangebracht om een plaats voor de fietser op de rijbaan te suggereren en om de automobilist attent te maken op de aanwezigheid van de fietser op de rijbaan. De strook kan ook uitgevoerd zijn in een ander materiaal, zoals hieronder te zien is.
Zo’n strook wordt logischerwijze een fietssuggestiestrook genoemd. De reden waarom er geen fietspad aangelegd wordt in plaats van zo’n strook, is meestal de te geringe breedte van de weg.

FietssuggestiestrookRood.jpg      FietssuggestiestrookGrijs.jpg  

Het fietsopstelvak
Het is een zone, aansluitend op een fietspad, afgebakend door twee stopstrepen met een wit fietssymbool. Het duidt de plaats aan die voorbehouden wordt aan de fietsers en bromfietsers klasse A. Automobilisten moeten vóór deze zone stoppen.

FietsOpstelvak.jpg

Fietsoversteekplaats
Een oversteekplaats geeft aan waar je de rijbaan moet oversteken om een fietspad aan de overkant van de straat te bereiken. Ze wordt aangeduid door middel van twee onderbroken strepen gevormd door witte vierkanten of parallellogrammen. Je bent als fietser bij het oversteken verplicht deze oversteekplaats te gebruiken. Je hebt als fietser geen voorrang op deze wegmarkering. Je moet dus wachten totdat het verkeer is gepasseerd voordat je oversteekt.
Dat wordt trouwens aangegeven door haaientanden.

OversteekplaatsFietsers.jpg

Hieronder zien jullie, links het bord A25 dat een oversteekplaats voor fietsers en tweewielige bromfietsers aankondigt en rechts het bord F50 dat naast de oversteekplaats voor fietsers staat.

A25OversteekplaatsFietsers.gif F50Oversteekplaatsfietsers.gif

Enkele bijzondere of eigenaardige regels voor fietsers
Hoewel het naar het schijnt slecht is voor het hart, erger ik me vaak omdat er voor fietsers enkele verkeersregels bestaan die me totaal onlogisch lijken. Misschien kan iemand me er de diepere onder- of achtergrond van verklaren.
De eerste wordt duidelijk gemaakt op onderstaande foto.
Aan een voetganger die op het punt staat de oversteekplaats voor voetgangers te betreden, moet de autobestuurder voorrang verlenen op plaatsen waar het verkeer niet geregeld wordt door een bevoegd persoon of door verkeerslichten.
Dat geldt nochtans niet aan de fietsoversteekplaats. De autobestuurder moet deze weliswaar met matige snelheid naderen teneinde de weggebruikers die er zich op bevinden, niet in gevaar te brengen en ze niet te hinderen wanneer zij het oversteken van de rijbaan met normale snelheid beëindigen.

HenriJasparlaanWegbewijzering17102010_2.JPG


Stellen jullie zich dus voor dat op de plaats van bovenstaande foto, aan de gemeenteschool van Westende, een voetganger en een fietser klaarstaan om de weg over te steken. Er komt een auto afgereden en de voetganger neemt dood gemodereerd zijn voorrang maar de fietser moet wachten tot de auto voorbij is. Die fietser doet dat wel niet, want enerzijds weten vele fietsers niet dat ze geen voorrang hebben en anderzijds profiteren ze mee van de voetganger.
Er zijn trouwens heel wat autobestuurders die teken doen van ‘Doe maar!’ omdat ze ook niet weten dat de fietser geen voorrang heeft. Ik raad iedereen aan daar niet op in te gaan. Een misverstand gevolgd door een ongeval zijn vlug gebeurd. De schuldige zal dan de fietser zijn, die de regels niet gevolgd heeft.
Een goede oplossing voor de fietser bestaat erin te voet via het zebrapad over te steken.
Deze regel is dus zeer verwarrend en dus gevaarlijk. 

Voorrang van rechts
Op een fietspad heeft de fietser voorrang. Als deze wegmarkering doorloopt op een kruispunt waar de normale voorrangsregel van rechts geldt, heb je voorrang op alle bestuurders die van rechts komen.

VoorrangFietser.jpg

De groene auto die van rechts komt moet over een FIETSPAD rijden. De bestuurder van de auto moet stoppen en de fietsers en/of bestuurders van bromfietsen die zich op het fietspad bevinden voor laten gaan
De fietser die in dezelfde situatie rijdt maar op een fietssuggestiestrook, heeft GEEN voorrang op de groene auto. Als dat allemaal niet verwarrend is!!!

Gezond verstand!
Regels kennen is één. Je verkeersvaardig gedragen is nog iets anders. Tracht oogcontact te maken met de andere weggebruiker als je een manoeuvre uitvoert. Neem nooit zomaar blind je voorrang,

Meer info
Wie graag de verkeerswetgeving volgt of raadpleegt, kan hiervoor terecht op www.wegcode.be.
De wegbeheerder die fietsinfrastructuur met correcte en ondubbelzinnige signalisatie wil aanleggen, volgt de aanbevelingen van het
Vademecum voor Fietsvoorzieningen.

Mijn suggestie aan het gemeentebestuur
Doe eens een ernstige inspanning op het gebied van fietsinfrastructuur. Staan er borden D7 waar het moet? Wordt de voorgeschreven breedte van de fietspaden gerespecteerd? Voldoen de fietsoversteekplaatsen aan de normen? Maak eens een wegenplan met meer fietspaden om aldus te bewijzen dat jullie wel een hart hebben voor de fietsers.

Bronnen
http://www.vlaamseprovincies.be/paginas/publicaties/praktisch-handboek/documents/Provinciaalfietsbeleid.pdf
http://mobielvlaanderen.be/convenants/artikel.php?nav=10&mbnr=110&id=932
http://www.mobielvlaanderen.be/docs/convenants/Mobiliteitsbrief110.pdf
http://www.mobielvlaanderen.be/pdf/fiets/frn-westvlaanderen.pdf
http://www.mobielvlaanderen.be/pdf/vademecum/hfdst41.pdf

Geschreven door stammer om 10:50 Reageer op dit bericht

Bedankt Monique en Eddy,

Het zal even wennen worden …
Voor iedereen! Natuurlijk in de eerste plaats voor Eddy Clarysse en Monique Landschoot, die op 31 december 2010, na 40 jaar dagbladhandel in de Essex Scottishlaan, gekozen hebben voor een rustiger leven. Zo noemt men immers het pensioen, maar is dat wel terecht? Jullie kennen toch ook de uitspraak ‘Ik heb weinig tijd, want ik ben gepensioneerd!’ Zij zelf hebben het over ‘stoom afblazen’, over ‘eindelijk ’s morgens eens kunnen uitslapen’, over ‘gezellig samen ontbijten’, over ‘het is welletjes geweest’, over ‘aan alle mooie sprookjes en liedjes komt een einde’ en over ‘de fakkel overgeven’.

Maar zij zullen ook een grote leemte achterlaten voor hun klanten. Natuurlijk zullen wij Monique en Eddy missen achter hun toog als wij en stuk speelgoed, een geschenk, sigaretten, wenskaartjes of één en ander tijdschrift of dagblad willen kopen of met de lotto of met euromillions willen spelen!
Persoonlijk heb ik het er bovendien ook moeilijk mee dat alweer twee monumenten uit het Westends handelsleven verdwijnen. Maar natuurlijk is het hen van ganser harte gegund.

Toen begon het allemaal…
Waar is de tijd dat Marcel Vandebroucke en Winnie Arnoys een souvenirwinkel stichtten in de Essex Scottishlaan?
Waar is de tijd dat Willy Roose en Rachel Bloes hun dagbladwinkeltje in de Westendelaan ruilden voor één in de Essex Scottishlaan?
Maar toen, in 1970, rukten twee jonge dynamische krachten aan, die nieuw leven in de brouwerij brachten en de zaak van Willy en Rachel overnamen. De jonge Eddy, opgeleid als schrijnwerker, was werkzaam in de bouwsector, maar hij liet de bouw voor wat het was om al zijn krachten te wijden aan een nieuwe toekomst.
Een vastberaden Monique, die steeds goed wist/ weet wat ze wil, bouwde de winkel meteen uit.
Het was toenmalig burgemeester van Westende en bijna-buur Julien Soetaert die de plechtige opening leidde. We zien hieronder hoe hij het lint doorknipt onder het goedkeurend oog van het ‘jonge paar’, terwijl dochter Ann Clarysse het kussentje aanreikt. Het lint wordt gedragen door Filip en Jan Devey, zonen van zus Thérèse Clarysse. (Foto GKM)

GK543Clarysse2_28102010.JPG

Wat brengt een dagbladhandel allemaal mee?
De klant vindt het vanzelfsprekend dat zijn krant of tijdschrift elke dag stipt op tijd in de bus gedeponeerd wordt, maar daar gaat heel wat aan vooraf: elke ochtend om 5 uur opstaan, onder hun beidjes kranten en weekbladen sorteren volgens adres en dat bij een stevige kop koffie. En dan trok Eddy de weg op, elke dag maar liefst 25 kilometer fietsen, weer of geen weer, bij regen, storm of sneeuw of ijzel, ook als het geen weer was om een hond door te jagen. De bijna 200 klanten verwachtten immers dat hun dag- en/of weekblad er bij het ontbijt lag. En dat veertig jaar lang! Je moet het maar doen!
‘Vroege vogels’ noemt men dat dan…
En ondertussen, vanaf 07u30, hield Monique alleen de drukbeklante winkel open tot Eddy rond 8.30 uur of 9 uur, al naar gelang de weersomstandigheden, terug was van zijn ronde en zijn eega bijsprong. “We hebben er dan al zowat vier uur werk opzitten, daar waar de meesten nog moeten starten. Maar ja, je hoort ons niet klagen want het is fijn elke dag tussen de mensen te zijn en hen te kunnen voorzien van hun geliefde lectuur.”

De klanten ….
De krantenverkoop heeft natuurlijk in de loop van die veertig jaar grondige wijzigingen ondergaan.
Ook de klant onderging een hele gedaanteverwisseling. Eddy vertelt: “Waar vroeger éénzelfde krant van vader op zoon werd verder gezet, kiest men vandaag eerder sporadisch voor de ouderlijke krant. De jeugd heeft het vandaag meer begrepen op magazines en weekbladen. En de dames kiezen resoluut voor de roddelbladen waar het liefdesleven van prinsen en prinsessen en de BV’s in het lang en breed uitgesmeerd wordt. Jongeren lezen duidelijk minder kranten en wisselen nogal vaak. Het zaterdagaanbod met de interessante bijlagen bepaalt meestal welke krant men lezen zal. Politieke strekking van een krant – als die er nog zijn – speelt hier geen rol.
De lezer is een flink stuk gemakzuchtiger geworden. Het gebeurt dat we er soms een weekje tussen uit zijn, Dan is er dus geen dagbladronde en dan moeten onze trouwe klanten hun krant elders kopen. Sommige lezen dan eenvoudig een week lang geen gazet. Men is duidelijk op zijn gewoontes gesteld. Wat primeert is het streeknieuws. De verkoop van losse nummers van De Zeewacht en Het Wekelijks Nieuws stijgt naarmate er lokaal nieuws te lezen valt. Dat gaat als een lopend vuurtje. ’t Staat in De Zeewacht is nog steeds een slogan die het doet als vooral Westende aan bod komt. Jammer dat Het Wekelijks Nieuws niet regelmatig het nieuws voor Westende en Middelkerke meeneemt. Het wordt hier soms kiezen tussen De Zeewacht en Het Wekelijks Nieuws.”
En Monique voegt daar aan toe: “leuk is vooral dat je veel mensen leert kennen. Voor velen is het komen afhalen van hun krant of weekblad de enige uitstap en mogelijkheid voor een praatje. Veel van onze klanten zijn goede vrienden geworden.”

Wat betekende sport voor hen?
In 1970 richtten zij de volleybalclub ‘Blue White’ op. Ik herinner me nog goed de tijd dat mijn dochter in de sportzaal van het ter ziele gegaan complex van ‘Zon en Zee’ goesting kreeg om een balletje op te slaan, onder de strenge leiding van Monique en Eddy.
Naast deze zaalsport speelt ook voetbal een dominerende rol in Eddy ’s leven. Hij is een fervent supporter (en sponsor) van Davo Westende, supporter van SC Lombardsijde en soms zelfs van SV Nieuwpoort. Hij pikte ook elke match op TV mee, als zijn drukke bezigheden het toelieten, natuurlijk. Nu zal niets hem daarvoor nog in de weg staan. Tenzij Monique …
Fysisch actief is Eddy zijn hele leven gebleven. Die dagelijkse ronde van 25 kilometer zorgde daarvoor. En zo blijft hij vandaag een jonge en fitte 65 ‘er.

En toen viel er een bom in hun omgeving…
Johan Vande Lanotte liet die op 14 december 2000 vallen. Dertig jaar lang draaide de winkel voor 30 percent op de vakantiegangers die verbleven in het centrum ‘Zon en Zee’. En toen werden die vervangen door asielzoekers. Zes honderd extra potentiële klanten werden hen plots ontnomen. Dat zette veel kwaad bloed. Samen met de drie omliggende getroffen handelaars en met al wie zich op de één of andere manier geraakt voelde door die maatregel, verenigden ze zich in een actiecomité om hun geschade belangen te verdedigen. Het duurde lang, regelmatig werd verkregen hoop weer de kop ingeslagen maar uiteindelijk kwam de sluiting van het asielcentrum er toch. Er kwam wel een aparthotel in het hoofdgebouw, maar de grote verwachtingen over de verdere uitbouw blijven nog steeds uit. Monique en Eddy zullen het nu met andere ogen van op een paar honderd meter afstand moeten volgen.
De foto hieronder toont hoe de zaak er twintig jaar geleden uitzag. Toen werd het gebouw opgetrokken tot wat het nu is. Door het wegvallen van Zon en Zee worden natuurlijk minder strand- en badartikelen verkocht.

moniquex.jpg

Het verhaal van de gestolen fiets…
Eddy moest op een morgen vaststellen dat zijn fiets verdwenen was, zijn geliefkoosde werkfiets dan nog!! En dat op klaarlichte dag! En voor zijn eigen deur! Een grap was het niet, de fiets bleef weg, tot op vandaag nooit teruggevonden. “Eddy bleef er dan ook weken lang over zagen, maar geraakte tenslotte toch over het verlies heen hé”, beweert Monique, die pas heel wat later met het feit kon/ durfde lachen. Eddy moest echter evengoed zijn dagelijkse ronde afleggen. Op een nieuwe fiets, dan maar. “Niet direct een ramp, maar wel ongemakkelijk”.
We zien Eddy op onderstaande foto met zijn beide ‘geliefkoosde’.

EddyMonique2005.jpg

En wat nu ?
Laten we Monique en Eddy zelf aan het woord: “We nemen een sabbatjaar dat we gaan invullen met reizen en genieten van elke dag. Wij zullen geen probleem hebben om een totaal ander leven te gaan leiden. We verhuizen naar de overkant van de straat in ons nieuwbouw appartement, hebben dan tijd om het in te richten. Het zal raar doen, maar het feit dat we naast de inrichting van ons appartement ook al oog hebben op de organisatie van een paar leuke reisjes, zal onze zinnen verzetten. We zullen – denken we – de knop makkelijk kunnen omdraaien. We gaan heus niet elke dag in onze winkel gaan staan om te kijken of alles goed gaat of om een babbeltje te slaan met de klanten. Onze tijd is er voorbij.”

De nieuwe uitbaters …
Dat zijn Sofie en Rudy uit Turnhout, actieve 40-ers uit Turnhout. Hun ouders hebben een flat in Westende-Bad en zo kwamen zo er achter dat er een potentiële koper voor de dagbladwinkel gezocht werd. Na een paar gesprekken kwam het tot een akkoord. Sedert maandag 3 januari 2011 zorgen zij voor de verdere uitbouw van de winkel die “Dagbladhandel Clarysse” zal blijven. Half november kwamen Sofie en Rudy al wat oefenen om dan de zaak volledig naar hun hand te zetten na de overname van de inventaris, eind 2010.
Wij zullen nog gewoon moeten worden aan Sofie en Rudy maar dat komt wel. Ik hoop dat Eddie en Monique hen reeds een mondje ‘West-Vlaams’ leerden. Zij gaven hen alvast een stevige duw in de rug bij de start en dus zal dat wel lukken. Volgens Monique en Eddy geloven de nieuwkomers er in en dat maakt de vertrekkers blij.

RudySofieDagbladen.JPG

Afscheid in schoonheid
Op zaterdag 8 januari 2011 wachtte in de winkel voor alle klanten een hapje en een drankje, aangeboden als toost op de nieuwelingen en als afscheid aan al de vrienden-klanten.
Het werd een drukke bedoening met veel volk dat door beide koppels verwend werd.

GK5_43Clarysse_28102010.JPG

Monique Landschoot en Eddy Clarysse prijzen op de foto nog een laatste keer ‘De Zeewacht’ aan en sluiten daarmee, in de eerste plaats voor henzelf maar ook voor talloze Westendenaars en andere klanten, definitief een hoofdstuk van hun leven af. (Foto GKM)

Bron
Met dank aan Georges Keters voor het gebruik van drie foto’s en aangehaalde teksten
Artikel uit ‘De Zeewacht’ van 4 november 2005 door Georges Keters
Artikel in ‘De Zeewacht’ van 28.10.2010 door Georges Keters.

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Als de burgemeester van Middelkerke zich blootgeeft!

Politici schreeuwen moord en brand als hun privéleven (vooral hun misstappen) in de openbaarheid gebracht wordt.

Tenzij het hen goed uitkomt, dan is er plots geen vuiltje meer aan de lucht. Dat is bijvoorbeeld het geval als er verkiezingen in aantocht zijn. Plots moet iedereen weten met wie ze (gelukkig) gehuwd zijn of samenwonen en hoeveel kinderen ze met hun ‘partner’ op de wereld gezet hebben.

Vele kunnen gewoon niet weerstaan aan de lokroep van de pers. Als ze maar in de belangstelling staan.

 

Micro zonder zout

Begin september 2005 stelde de Middelkerkse burgemeester Michel Landuyt zich, (“na lang aandringen”, zegt hij) beschikbaar voor  ‘Micro zonder zout’, een programma op de regionale zenders WTV en Focus.

Elke week werd een West-Vlaamse burgemeester gevolgd en dat was dagelijks te zien na het weerbericht, gedurende vier à vijf minuten en dat vier avonden per week. Aangezien met iedere burgemeester doorgaans een 10 à 12 uren opgetrokken werd, leverde dat verschillende uren beelden op.

Wat toen niet getoond werd, kunnen jullie nu nog steeds vinden op de blog

http://microzonderzout.skynetblogs.be/.

Ik kan maar niet begrijpen hoe men zich zo kan/ wil blootgeven en zulke flauwekul kan vertellen aan iemand die beweert journalist te zijn.

Zeven burgemeesters weigerden mee te doen. Volgens de makers “omdat ze het programma te licht, te luchtig of gewoon belachelijk vonden, of omdat ze bang waren om af te gaan als een gieter. Anderen deden het wel, maar waren niet op hun gemak. Ze spraken heel gereserveerd en waren uiterst behoedzaam. Maar ze waren te veel politicus om neen te zeggen. Vier keer jezelf laten zien, vier minuten aan een stuk, op WTV en FOCUS, daar zeg je niet zomaar neen tegen. Vooral ook omdat ze merkten dat het programma druk bekeken werd.”

Op de vermelde blog, wordt de tekst in dialoogvorm weergegeven, maar ik heb daarvan een doorlopende tekst gemaakt, waarin ik zo getrouw mogelijk de woorden en zinnen uit de dialogen overgenomen heb.

Omdat ik vaststel dat Michel ook graag wat over zichzelf vertelt in andere bronnen, heb ik die informatie dan ook maar in mijn tekst verwerkt. Al wat ik hier schrijf, is dus weinig origineel, want het is allemaal op internet te vinden.

Ik neem ook geen verantwoordelijkheid op voor de gebruikte taal en de zinsconstructies.

Maar, ik laat maar liever Michel zelf aan het woord.

Mijn jeugd
Dat zal bij jullie ook wel het geval zijn, zeker, maar ik denk graag terug aan mijn jeugd.
Ik vertel er ook graag over, ook al zullen weinige daarin geïnteresseerd zijn.
Ik werd geboren in Middelkerke op 8 mei 1959, als zoon en enig kind van Robert Landuyt en Magda Dejonghe. Ik ben dus een stier.
Mijn grootvader langs moederszijde was August Dejonghe, broer van Charles die de grootvader was van Carine Dejonghe, schepen van cultuur in onze gemeente, van Marc Dejonghe, brandweercommandant, en van Edwin Van Troostenberghe, bibliothecaris in Middelkerke. Mijn volle nicht Ann is gehuwd met Roland Rommel, die afstamt van Louis Rommel, ook voorvader van Willy Rommel, man van eerste schepen Janna Opstaele. Allemaal familie van elkaar dus!
Mijn moeder had een klein sigarettenwinkeltje, mijn vader was taxichauffeur.
Op de gemeenteschool in Middelkerke, in het eerste leerjaar, schreef ik met de linkse hand. Maar dat werd me rap afgeleerd. Hoe? Door slagen van de meester met de regel op de ‘knokels’! Mijn rechtse politieke strekking stamt uit die tijd. Alhoewel, ik schreef toen wel rechts, maar al de rest bleef ik links doen. Ik was dus een beetje tegendraads en ik begon mij al vragen te stellen over het leven. Ik begon mij ook af te vragen wat ik kon doen om de dingen wat beter te regelen, al was het maar op de speelplaats. Ik weet niet of men mij daarom een ‘haantje de voorste’ kon noemen, maar ik organiseerde graag. Ik was een leiderstype: clubjes maken, groepjes maken, kampjes maken, bijeenkomsten van kinderen organiseren, samen gaan spelen in de put van Middelkerke, het huidige Epernay-plein.
Toen ik zeven, acht jaar was, in de tijd dat de zomers nog beter, ja zelfs veel beter waren, zat ik van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat op het strand. Met eten en alles. En bruin dat ik toen was!
Pas op mijn negende leerde ik zwemmen. Waarom zo laat? Wel, een zwembad, dat is nu geen grote luxe meer, dat bestaat nu overal, maar vroeger was dat het geval niet. Ik herinner mij nog als wij gingen gaan zwemmen met school, dan was dat in feite dat we onder de douche gingen.  En de leraar toonde hoe dat we moesten leren zwemmen onder de douche.  Echt waar.  Dat is verleden tijd, maar vroeger was dat dus zo.  Er was dus geen zwembad. Er was de zee, natuurlijk. En ik heb leren zwemmen in de zee.
Ik ben ook niet echt een atletisch type, moet ik eerlijk zeggen. 
Ik werd ook groepsleider bij de scouts.
In Middelkerke bestond er in mijn jeugd, grote rivaliteit tussen twee benden, die van de dijk en die van rond de kerk. Aan beide zijden zaten er die tot het ‘schorremorrie’ van Middelkerke behoorden, maar ook leden van de ‘upperclass’. Omdat ik op de Leopoldlaan woonde, behoorde ik tot de dijk-bende. Elke bende maakte een kamp in de duinen en iedere woensdag was er een gevecht, een soort minioorlog waarbij wij meestal aan het kortste eind trokken. Waarom er gevochten werd? De kinderen van rond de kerk, wat wij ‘het blok’ noemden, wilden op de dijk komen spelen, maar dat was ons territorium. Dat konden wij natuurlijk niet dulden en dus zat het er bovenarms op.
Tijdens de vakanties oefende ik een job uit: ik heb altijd billenkarren verhuurd.  Mijn nonkel was eigenlijk een billenkarrenverhuurder, en ik heb van mijn veertien altijd hetzelfde gedaan: billenkarren verhuurd en fietsen verhuurd.  Geholpen met alles buiten en binnen te zetten ’s avonds, en allemaal.  Ik verdiende toen drieduizend frank per maand. De eerste keer dat ik 3000 frank kreeg, voor mij was dat een berg geld hé.
Na een zware storm gingen wij altijd dan gaan zoeken achter geld op het strand. En achter leeggoed.  Colaflesjes en zo.  En dat konden wij dan inwisselen, voor een halve frank of zo, en dan was onze dag goed, want we konden,… met een paar colaflesjes konden we een crèmetje eten.  Nostalgie.  Hé.  Ze doen dat nu niet meer hé.  Ze gaan nu een grote crème gaan eten van honderd frank. De tijden zijn veranderd hé. 
Ik had het al over de put van Middelkerke: die was legendarisch. Omdat hij een beetje verloederd was (omdat wij er te veel in speelden?) werd het plein later in het nieuw gestoken.
Wij hebben er ook veel beleefd. Toen we wat ouder waren, hebben we er grote optredens meegemaakt. In de jaren ’70-80 was er een verschijnsel van catchen, een soort boksmatchen, dat was dus, dat noemde dus de catch. Ja, dat was worstelen, hé.
Dat waren topavonden, hé voor mij, ik moest daar bij zijn hé.   Ik was daar gek van hé, van zulke spektakels. Dat is ook allemaal verdwenen tegenwoordig, meestal vervangen door muziekspektakels.  

Toen werd ik volwassen
Na mijn humaniora in het Koninklijk Atheneum van Oostende, economische afdeling, tot 1977, vatte ik mijn universitaire studies in de rechten aan in de VUB. Ik was een behoorlijk student en zo werd ik advocaat in 1982 aan de balie van Brugge. Waarom ik die richting koos? Omdat ik totaal geen jota begrijp van alles wat te maken heeft met wiskunde, fysica, biologie, scheikunde, techniek, enzovoort.  Ik was daar altijd voor gebuisd trouwens. Het enige dat ik eigenlijk kan is iets vlug assimileren en het uitleggen, maar voor de rest, vraag aan mij…
Ik ben gehuwd met Rita Ramoudt. Zij is burgerlijk ingenieur  en als dusdanig medewerker op het architectenkantoor van Ronny Van Troostenberghe, baas van A+RO+MI.
Samen met  Dierckx Invest BVBA uit Oud- Turnhout richtte zij de  LARAMI INVEST BVBA op. Zij is beherend vennoot in de gewone commanditaire vennootschap ‘Immo Landuyt-Ramoudt Middelkerke’ (LARA+MI). Ik ben daarin de stille vennoot.
Ik heb twee kinderen, Stijn en Griet. Ik heb echt bewust gekozen voor kinderen.  Omdat ik graag kinderen zie.  En het is goed uitgevallen: een jongen en een meisje.

Toen werd ik politicus

Het eerste jaar nadat ik afgestudeerd was, werd mij gevraagd of ik soms niet geïnteresseerd was in de politiek. De betreurde Willy Declerck, de liberale voorman destijds, dacht dat het misschien iets voor mij kon zijn. Het eerste contact is mij bevallen en ik zit er nu nog steeds in.

Ik ben eerst een aantal jaren actief geweest in het bestuur van de toenmalige PVV, gemeentelijk en kantonnaal, vooraleer ik mij kandidaat stelde voor de gemeenteraad.

In 1989 ben ik dan verkozen en dat hoewel ik als voorlaatste op de kieslijst stond.

Dat is eigenlijk een onverkiesbare plaats maar ik gebruik dat nog altijd als argument naar nieuwelingen in de politiek. Iedereen wil een plaats in de top vijf van een lijst, maar van op elke plaats kun je verkozen worden. Het ging inderdaad allemaal erg snel voor me. Na het overlijden van Willy Declerck werd ik, tegen heug en meug, in 1992 fractieleider.

Ik kijk toch met gemengde gevoelens terug op die tijd. Je kan weliswaar alles zeggen en kritiek geven, maar je kan vanuit de oppositie weinig realiseren.

 

En toen werd ik burgemeester

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 9 oktober 1994. stond ik als tweede op de lijst, achter Raoul Bouve. Ik haalde weliswaar meer naamstemmen dan mijn lijsttrekker, maar door de lijststemmen bleef ik toch tweede. De VLD haalde toen 8 zetels, tegen 6 voor de CVP, 5 voor de SP-OVB en 6 voor de SVHV.

Wij konden dus, cijfermatig, met elke partij een meerderheid vormen.

Op 5 april 1995 werden de verkiezingen nietig verklaard, zodat we op 30 april 1995 opnieuw naar de stembus moesten. Deze keer trok ik de lijst van mijn partij en we behaalden 9 zetels tegenover 7 voor de SVHV, 5 voor de CVP, 3 voor de SP en 1 voor SAMEN van Vermander. De SVHV, CVP en SAMEN (op de wip) vormden een meerderheid waardoor wij van het bestuur uitgesloten werden en ik dus geen burgemeester werd. Maar uitgesteld is niet verloren. In 2001 werd ik het dan wel.

De verkiezingsoverwinning was fantastisch, maar al gauw kwam inderdaad een koude douche. Ik kwam uit de oppositie en moest meteen de teugels in handen nemen. Ik had geen ervaring als schepen en vooral het eerste jaar is daardoor een leerschool geweest. We lieten ons toen helemaal leiden door de gemeentelijke administratie met lange vergaderingen en vooral veel plannen. Inmiddels heb ik begrepen dat je beter vooraf keuzes maakt en prioriteiten stelt.

Het beroep van burgemeester is, net zoals advocaat, op mijn lijf geschreven maar als ik moet kiezen dan zou ik daar geen moment over twijfelen: het zou burgemeester zijn.

Het is enorm verrijkend om burgemeester te zijn, zeker van een kustgemeente.

Als ge mij vraagt of ik dat zou willen doorgeven aan mijn kinderen, dan vind ik dat eigenlijk niet echt aangewezen.  Ik vind dat het geen automatisme mag zijn dat als de vader burgemeester is dat de kinderen dat ook worden.  Integendeel, ik ga daar eigenlijk niet mee akkoord.

Ze mogen dat zelf… ze mogen dat worden als ze dat zelf verdienen.  Maar ik zal dat dus nooit doorgeven.

Als burgemeester word je alle dagen geconfronteerd met andere toestanden, met nieuwe uitdagingen. Middelkerke is een tamelijk complexe gemeente: landbouwgemeenten in het hinterland, dan de toeristische gemeenten, dus om dat allemaal te combineren en op elke vraag een juist antwoord te geven, en iedereen een klein beetje tevreden te stellen, dat is een ganse opgave.

Negen deelgemeenten is wel veel. 

Er zijn al pogingen geweest om een gedeelte van Middelkerke te annexeren, maar wij gaan ons daar met hand en tand tegen verzetten, als het zich nog eens voordoet. Ze zullen van ver moeten komen.

Op 1 december 2009 publiceerde ‘Het Nieuwsblad’ het ‘Rapport van de burgemeester’. Ik sloeg daarmee geen goed figuur en werd net niet gebuisd (5,9 op 10)

De mensen zien mij blijkbaar vooral als een burgervader (6,3 op 10), en daar kan ik inkomen. Ik ben weliswaar geen caféganger, maar ik heb een goede voeling met de bevolking. Het valt mij trouwens op dat veel mensen heel vlug en rechtstreeks bij mij terecht komen met hun vragen. Soms is luisteren naar hun probleem zelfs nog belangrijker dan het oplossen ervan. Wat het netwerken (4,9 op 10) betreft: ik heb er destijds bewust voor gekozen om mij te beperken tot gemeentepolitiek, maar we slagen er toch in om heel wat subsidies voor grote projecten naar Middelkerke te krijgen. Men ziet in mij ook geen bemiddelaar (4,7 op 10).

Sinds jaren zijn er in de zomer iedere zondag aperitiefconcerten in Middelkerke. Daar ga ik ‘telkens’ naartoe, dat is een ideale gelegenheid om eens met de mensen te kunnen spreken en een keer het één en het ander op te vangen in een ongedwongen sfeer.  Dus, zeer interessante formule. En ook een zeer succesrijke.  De mensen appreciëren dat enorm dat er in hun deelgemeente iets te doen is. 

Sedert 2007 ben ik ook voorzitter van de gemeenteraad en in die functie probeer ik zo neutraal mogelijk te zijn en het evenwicht te behouden. Er is wel een duidelijke evolutie in het functioneren van de gemeenteraad. Men wil de burger zoveel mogelijk laten participeren, maar ik ben niet overtuigd dat de democratie moet blijven evolueren naar meer participatie. Het vragenkwartiertje is daar een voorbeeld van. Het idee is niet slecht, maar vaak wordt het toch gebruikt om vooral de ik-problemen van burgers aan te kaarten. Ik vind ook dat gemeenteraadsleden best wel wat meer moeite mogen doen in de voorbereiding van de gemeenteraad. Hun vragen laten soms te wensen over en getuigen dat ze het dossier niet gelezen hebben. De begrotingsbesprekingen tonen ook aan dat er vroeger betere interventies waren.

 

Mijn ontgoochelingen?

Mijn eerste burgemeesterschap in 2001 kende een valse start. Ik werd al onmiddellijk geconfronteerd met een asielcentrum in ‘Zon en Zee’. Ik maakte toen, volgens een groot aantal Westendenaars, een totaal verkeerde inschatting. Ik heb er echter geen spijt van. Mocht het te herdoen zijn, dan zou ik net op dezelfde manier handelen.

De ijspiste, die destijds in het centrum geïnstalleerd werd, leverde me wel een wrange nasmaak op. Ik werd er namelijk van beticht notulen van het schepencollege vervalst te hebben om alzo een leverancier bevoordeeld te hebben. Daarvoor werd ik in eerste aanleg zwaar veroordeeld. Gelukkig waren daarvan onvoldoende bewijzen voorhanden, zodat ik vrijgesproken werd in beroep en in cassatie. 

Enkele van mijn vooruitstrevende ideeën liepen op een sisser uit.  

Ik vind het nog altijd jammer dat de gemeenteraad de VLD niet is willen volgen om, naar mijn groot voorbeeld Bredene, ter hoogte van de voormalige camping Cosmos, een naaktstrand toe te laten. Dat is een gemiste kans voor het toerisme. De tijd was niet rijp en ik leg me neer bij de meerderheid.
Ook een jongensdroom, een pier in Middelkerke, kon ik (nog) niet in vervulling laten gaan.

De Bestendige Deputatie van de provincie was de idee niet genegen. Een pier zorgt er nochtans voor dat het rechtstreekse contact tussen de zee en de dijk niet verloren gaat. Ook de natuur zou ermee gediend zijn en het zou tevens een meerwaarde betekenen op ecologisch vlak.

 

Ik ben ook nog advocaat

Ik ben in feite ook een soort middenstander, als ge dat zo kunt noemen, vrij beroep, advocaat, dat is in feite ook een middenstander, moet ook met de mensen werken, veel luisteren naar de mensen, in feite juist hetzelfde als in een winkel.  Ge moet dus de mensen in vertrouwen nemen.  En automatisch komen de verhalen dan boven.  En dat is eigenlijk de beste stof, de beste materie als advocaat om dan te gebruiken voor de rechtbank.  Gewoon vertellen hoe dat het in mekaar zit, op een eenvoudige manier, op een menselijke manier.  En dat lukt meestal het best. Advocatentaal is misschien meestal wel hoogdravend en onbegrijpelijk, maar je hebt dus rechtbanken en rechtbanken natuurlijk hé.  De vredegerechten en zo.  Daar kun je nog op een eenvoudige manier je zaak uitleggen in feite.  Het komt er op neer om in korte maar goeie bewoordingen te zeggen waarover dat het gaat op een menselijke manier.  En dat is nog altijd de beste methode, in mijn ogen. Ge moet natuurlijk altijd dossiers goed voorbereiden hé, en altijd de dossiers kennen.

Als advocaat werk ik in het advocatenkantoor Boutens-Landuyt met kantoren in Oostende en in Middelkerke, dat geleid wordt door Philippe Boutens, gemeenteraadslid voor de VLD in Oostende.

Ik kon mijn advocatenpraktijk in een associatie reorganiseren en hou me nu bijna voltijds bezig met Middelkerke.

 

Mijn hobbies

Ik houd van de zee! Ik mis die al zodra ik met vakantie vertrek. Als ik op reis geweest ben, het eerste wat ik doe, is een keer gaan kijken naar de dijk, of dat de zee er nog altijd ligt. De zee, dat is toch, dat heeft toch iets speciaals. Vooral ’s winters dan, wandelen langs de vloedlijn, de eblijn, dat is machtig. 

Ik ben vooral een wereldburger. een fervent reiziger en ik heb een brede interesse in vreemde culturen. In de zomer van 2009 trok ik naar Roemenië, Tsjechië en de Noorse fjorden. In die geest verbleef er trouwens ooit een volledig schooljaar een Braziliaanse gaststudente bij ons thuis. Na al die reizen in binnen- en buitenland trof mij bij mijn terugkeer echter telkens de schoonheid van mijn kustdorp. De ongerepte pracht van ons zandstrand en ook het speciale licht dat ook zoveel kunstenaars inspireerde is iets dat je alleen hier vindt.
Mijn andere hobby’s zijn politiek, Franse wijnen en tuinieren. Ja, ik pruts graag in mijn tuin.

Ik mijn schaarse vrije tijd pik ik graag een optreden mee van een ‘stand up comedian’. Elk jaar neem ik ook met volle teugen deel aan het champagneweekend in Middelkerke.

Ik eet ook graag, vooral dan niertjes in de mosterdsaus, andouillettes de Troyes, gegrilde gerechten of Italiaanse specialiteiten, overgoten met Chablis of met een rode Bourgogne.

Ik drink ook graag een Picon, vooral die van Schore, want die is zeer lekker, maar straf. 

Ik heb vroeger gerookt, maar ik heb dat afgeleerd.  Ik moet eerlijk zeggen: ik stak dus de ene sigaar aan met de andere.  Van ’s morgens tot ’s avonds.  Dus iemand die in mijn bureau kwam, dat was gelijk in de mist. Gelukkig ben ik daar van af.  Ik heb een keer op een nieuwjaar gezegd: kijk voilà, we gaan daar mee stoppen, en dan gewed met iemand en dat is gelukt.  Ik ben er op die manier van af geraakt. Gelukkig, want… Wedden en beginnen met nieuwjaar!  Dat is een ideaal moment. Ge moet zo een datum uitkiezen dat je zegt: voilà, dat is de startdatum, en dan lukt dat…

Iedere zomer ga ik een paar keer de zee in. Jajaja. Er zijn mensen die daar vies van zijn en zo.  Ik ben daar dus niet vies van. Voor mij is dat een totaal moment van ontspanning.  Eerst een keer een goeie fietstocht in het hinterland, goed zweten, goed warm, en dan het sop in, perfect. 

Vanaf dat er nog maar iets mis is met dat zeewater, wordt er nu grote paniek gemaakt en zo.  Ik heb daar mijn twijfels over, eerlijk gezegd.  Moesten we in Turkije en zo eens de metingen doen, waar dat iedereen in de zee gaat, euh… ik denk dat dat een klein beetje overdreven is.  Uiteindelijk, niet iedereen die gaat zwemmen, gaat ook van dat zeewater gaan drinken hé.  Allez, het is maar pootje baden hé, voor de meeste mensen.

Plassen ja, iedereen moet dat wel een keer doen hé.  En ik moet eerlijk toegeven: als kleine jongen heb ik dat ook nog een keer gedaan.  Dat hoort erbij hé, een keer de broek afsteken in de zee.  Waarom niet?  Als kleine jongen hé.

 

Ik kan genieten van rustige muziek, maar helemaal niet van de muziek van vandaag.

 

Toen mijn dochter zestien jaar jong was, vond ze mijn kledingsstijl ouderwets.

Ze zag die liever een beetje trendy, bijvoorbeeld niet altijd het hemd in de broek en geen witte sokken in sandalen.

Ja, ik ben er ook een beetje fier op dat ik een beetje ouderwets ben.  Dat mag wel een keer nu en dan.


In augustus 2009 heb ik een boek uitgegeven: Middelkerke, op de grens van Vlaanderen en de Noordzee.
Het is geen historisch werk, maar een
 originele kijk op het Middelkerke van de laatste jaren.
De meeste boeken over Middelkerke handelen over het verleden. Ik vond dat het dan ook hoog tijd was voor een actueel tijdsbeeld. Als burgemeester was ik een bevoorrecht getuige van de intrede van mijn gemeente in het derde millennium. In de loop der jaren heb ik daarover een zeer groot fotoarchief verzameld. Ik wens dan ook het publiek daarvan te laten meegenieten.

Tenslotte moet ik nog zeggen dat ik ook actief ben in de toneelvereniging.

Tijd maken voor het gezin
Natuurlijk heb ik als burgemeester en tevens advocaat te weinig tijd voor mijn gezin.
Ik denk echter dat het niet de hoeveelheid tijd is die je moet vrijmaken…
Kwaliteit!  De kwaliteit van de tijd dat je besteedt aan je kinderen. De intensiteit, dat is van groot belang.
Het is soms niet nodig om veel te zeggen als ge thuis zijt of aan tafel zijt.  Het feit dat je er zijt, dat men voelt dat ge er zijt, dat je thuiskomt, dat is van groot belang, vind ik.  Ook voor mezelf.  Het is niet altijd nodig om ellenlange discussies en woordenwisselingen te voeren.  Het feit dat je er gewoon zijt, dat is al van groot belang. 
Ik probeer, als ik er ben, ook echt aanwezig te zijn, maar ja, dat is niet simpel. Wij proberen toch om drie keren daags samen te eten, minstens. 
Mijn familie gunt het mij ook wel dat ik zo vaak weg ben.

Bronnen
Micro zonder zout 06.09.05 http://microzonderzout.skynetblogs.be/index-1.html
Persoonlijke website van Michel Landuyt
‘Den Athenee’ jun-jul-aug 2009
Artikel in ‘De Standaard’ van 03.08.2004 van Annelies Loosfeldt
Artikel in ‘Het Nieuwsblad’ van 31.01.09 'Van oppositieleider naar burgemeester was moeilijkste stap'

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Voor welke toekomst kiest schepen Maesen?

Zopas las ik in “Het Nieuwsblad” dat schepen Lode Maesen van het Progressief Kartel besprekingen heeft aangeknoopt met het NV-A met het oog op een overstap.
Reden genoeg dus om daarover enkele vragen te stellen en enkele bedenkingen te formuleren.

Klopt het eigenlijk wel dat hij gaat overstappen naar NV-A?
Ik vroeg het hem zelf. Ziehier zijn antwoord: “Eerst en vooral vind ik het spijtig dat het nieuws voortijdig uitgelekt is. De tijd was daarvoor nog niet rijp. Blijkbaar had iemand aan tafel andere bedoelingen om dit te lekken.
De NV-A is ook niet de enige partij die in mij geïnteresseerd is. Er waren er meerdere die eens wilden praten of een verkennend gesprek voeren over politiek, over mijn politieke toekomst, over mijn idealisme.
Achter mij staat trouwens nog een groep gemotiveerde mensen, die ook de politieke interesse van anderen opwekken. Wij stonden bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen met 6 SLP’ers op de lijst van het Progressief Kartel.” Hieronder zien jullie daarvan een groepsfoto.

SLPMiddelkerke.jpg

Van links naar rechts Ann Vandekerckhove, Jan Gebbert, Wim Dewulf, Doris Ducheyne, Lode Maesen, Geert Lambert, Stijn Desplenter.

Vooruitzien is regeren
Dat is inderdaad een bekende uitspraak in politieke middens.
Natuurlijk weten de lezers van deze blog ook dat we in 2012 alweer naar de stembus moeten/ mogen om een nieuwe gemeenteraad te kiezen.
Wie succesvol en vernieuwend leiding wil geven, moet naar de toekomst durven kijken.
De kunst bestaat erin zijn kanonnen vroeg genoeg in stelling te brengen om tijdig te kunnen reageren als de vijand aanvalt.
Van een andere wijze man hebben wij geleerd dat men het ijzer moet smeden als het heet is.

De NV-A is vandaag een partij die in de gunst staat van de kiezer
Het ‘ijzer’ is hier de grote populariteit van de partij op dit ogenblik, het ‘smeden’ betekent dat sommige uiteraard geneigd (zullen) zijn om zich op die gunstige stroom te laten meevoeren.
Of kan/mag men dat misschien ook opportunisme noemen?
De partij wil in 2013 – 2018 natuurlijk overal vertegenwoordigd zijn in de gemeenteraden en het is dus niet meer dan normaal dat gezocht wordt naar valabele kandidaten om die droom of dat plan, (wie zal het zeggen ?) waar te maken.

Wie is Lode Maesen?
Ik laat hem zichzelf voorstellen.
“Op 19 juli 1972 werd ik geboren als zoon van Herman Maesen, een echte Westendenaar die op 14 september 2010 overleed, en van Irène Deschieter. Ik ben de jongste telg van zes kinderen en stam uit een flamingant nest.
Ik woon samen met Ann Pille, hoofd van het IBO (Initiatief Buitenschoolse Opvang) aan de gemeente Middelkerke. Wij hebben twee dochters, Lise 16 en Kato 10.
Jarenlang was ik actief bij Chiro Ter Streep Westende. Als voorzitter van de jeugdraad was ik mee de stuwende kracht achter de oprichting van het jeugdhuis ‘De Paravang’. Ik nam jarenlang actief deel aan diverse besturen van de Volksunie en na de splitsing bij Spirit . Diezelfde verantwoordelijkheid neem ik nog op in tal van verenigingen.
Als schepen heb ik volgende bevoegdheden: jeugd en senioren, preventie en straathoekwerk, toegankelijkheidsbeleid en sociale zaken, ontwikkelingssamenwerking en markten en foren.”
Volgens mij is Lode inderdaad een valabele kandidaat die niet zou misstaan op veel lijsten.
Hij is een idealist, initiatiefrijk, sociaal geëngageerd en niet bang om de handen uit de mouwen te steken.
Nu zijn eigen partij opgehouden heeft te bestaan, kan ik maar al te best verstaan dat hij loslopend wild geworden is.

Aan politiek doen in het spoor van Geert Lambert
Lode heeft in de voorbije jaren de politieke lijnen, uitgezet door Geert Lambert, uit Oostende, gevolgd. Lambert startte zijn loopbaan in de Volksunie in 1991. Die partij viel in 2001 uiteen, wegens onenigheid over het al dan niet goedkeuren van het Lambermontakkoord over de verdere staatshervorming. Enerzijds waren er Bert Anciaux en Els Van Weert, die samen met Geert Lambert de links-liberale partij ‘Spirit’ (Sociaal, Progressief, Internationaal, Regionalistisch, Integraal-democratisch en Toekomstgericht) oprichtten. Anderzijds was er Geert Bourgeois die een nieuwe partij stichtte, de N-VA of Nieuw-Vlaamse Alliantie. Na een referendum mocht de NV-A zich de erfgenaam van de Volksunie noemen, zonder echter de naam te mogen overnemen.
‘Spirit’ werd later nog omgedoopt tot ‘Vlaams Progressieven’ en nog later tot SLP of Sociaal-Liberale Partij. Dat werd geen succesverhaal. Het vervolg al evenmin want Lambert stapte over naar ‘Groen’, stond daar tweede op de senaatslijst in 2010 maar werd niet verkozen.

Welke principes huldigt Lode? Welke idealen koestert hij?
Ik neem redelijkerwijze aan dat Lode Maesen, als gewezen parlementair medewerker van en propagandist voor spirit-voorzitter Geert Lambert, ook steeds een aanhanger geweest is van diens ideologische opvattingen. Ziehier wat hij daar zelf over zegt of enkele jaren geleden (in 2007) gezegd heeft. Misschien denkt hij daar nu wel anders over.
“Ik blijf trouw aan mijn idealen, namelijk een sociaal en progressief Vlaanderen. Dat beschouw ik trouwens als de enige constante in mijn leven.
Ik blijf ijveren voor een Vlaanderen met veel bevoegdheden maar ik ijver niet voor de onafhankelijkheid. Ik wil een Europa van regio’s waardoor België sowieso verdwijnt. Ik heb geen Belgisch gevoel, nog nooit gehad en ik zal het nooit krijgen. Maar ik steek geen energie in een conflict. Ik ben Vlaming en dan Europeaan. België komt bij mij niet op.
Verder wil ik mensen overtuigen van de rijkdom van diversiteit in onze samenleving. Ik streef naar gelijke kansen voor iedereen, voor vrijheid maar ook voor verantwoordelijkheid.
Ik doe niet aan politiek voor de postjes anders was ik al lang ingegaan op voorstellen van veel grotere partijen dan spirit.
Ik ben een republikein. Het koningshuis is nog altijd ondemocratisch en familieleden ervan vertoeven regelmatig in de schandaalsfeer. Zonder te spreken van de schandalen in Kongo. De koning heef trouwens altijd al gekozen voor de katholieken en voor de Franstalige en dat vanaf 1830.
Verder vind ik dat ‘stilstaan’ eigenlijk ‘achteruitgaan’ betekent. Ik kijk naar de wereld en naar de nieuwe evoluties. Alleen op die manier blijf je, volgens mij, wakker en blijf je voeling hebben met de samenleving.”

Lode in de gemeentelijke politiek als aanhanger van de SVHV
Hij was in 1993 medeoprichter van de Volksuniejongeren Groot-Middelkerke (VUJO).
De Volksunie was hier als partij ook wel actief. Maesen behoorde daarin tot de linkervleugel, in het zog van Oostendenaar Jaak Vandemeulebroucke, die later koos voor het NV-A.
Eigenlijk kon Lode zijn partijpolitieke voorkeur niet voluit demonstreren.
De Volksunie nam namelijk niet deel aan de verkiezingen onder die naam maar wel als SVHV (Stem van het Volk). Waarom? Was niet iedereen misschien Vlaamsgezind genoeg?
Feit is dat die partij in Middelkerke jaren ongenaakbaar was. Met als achtereenvolgende leiders André Inghelram (1971-1982+), Julien Desseyn (1983 - 1988) en Frank Verlinde (1989-2000) leverde ze 30 jaar de burgemeester waarvan 23 in de fusiegemeente. Ze behaalde nooit de absolute meerderheid maar was toch zeer succesvol in het aantal zetels. (8 in 1982, 10 in 1988). In 1995, na de herverkiezingen behaalde ze nog ‘slechts’ 7 zetels maar door een overeenkomst met CVP en SAMEN (op de wip) bleven ze toch aan de macht, tot ze in 2000 de klop van de hamer kregen en terugvielen naar 4 zetels.
Net in die verkiezingen stond Lode Maesen voor de eerste keer op de lijst, als negende. Hij werd wel zevende in de ranglijst van de behaalde stemmen, maar dat volstond deze keer dus niet meer.

Kiezen tussen Spirit en NV-A
In 2001 moest hij kiezen tussen Spirit en NV-A. De SVHV in Middelkerke werd alsmaar onbelangrijker omdat Frank Verlinde fel ontgoocheld was over zijn verkiezingsresultaat en zijn partij in de steek liet. Was hij ook niet eerder liberaal dan Vlaamsgezind?
Toen Verlinde dan definitief afhaakte, werd Lode dan toch gemeenteraadslid.
Zijn partijgenoten konden maar geen keuze maken. Lode werd dus ‘politiek dakloos’ (zijn eigen woorden). Ging het over een ‘verscheurende’ keuze voor hem? Ik neem aan van niet, gezien zijn voorkeur voor links, die we ook vermoeden bij Anciaux, Lambert en Van Weert.
Het volstaat, volgens mij, daarvoor te vermelden dat Anciaux nu socialist is en dat Lambert later de sociaal- liberale partij (SLP) oprichtte, ook wel eens links-liberalen of progressieve liberalen genoemd.
Spirit nam in 2003 ook met zeer groot succes deel aan de federale verkiezingen in een kartel met de socialisten (met stemmentrekker Stevaert).
Lode koos voor Spirit en niet voor NV-A. Was dat misschien omdat Bourgeois eerder tot het rechtse kamp behoort? De volledige NV-A zou ik toch minimum een centrum-rechtse partij noemen.

Gemeenteraadsverkiezingen in 2006
In 2006 kwamen er dus weer verkiezingen aan. Lode streed toen nog onder de SPIRIT – vlag. Een valabele lijst opstellen voor die partij zou niet eenvoudig geweest zijn en zou hem weinig kansen op succes geboden hebben. Dan maar gegrepen naar de kartelformule. Met wie anders dan met de socialisten van Geert Verdonck, hoewel die wel onthoofd waren door het wegvallen van de familie ‘Desseyn’.
Om het linkse kamp volledig te maken, werden de groenen er ook maar bij genomen, de partij die ooit beweerde geen kartels te willen/ mogen sluiten maar die deze keer een kans zag om de eerste verkozene ooit in Middelkerke een mandaat te zien bekleden. De drie samen noemden zich ‘het progressief kartel’. Die oplossing vond Lode ‘de beste garantie voor de toekomst van Middelkerke’. Hij vindt ook dat de drie partijen veel gemeen hebben want dat een kartel anders niet werkbaar is.
Hij kreeg de verkiesbare tweede plaats.
De kartelformule heeft blijkbaar niet gewerkt op het gebied van het aantal stemmen, want de partij behaalde slechts twee zetels, maar de groene Erika Blomme kreeg een zitje in de OCMW – raad. Om de meerderheid in de gemeenteraad te behalen had de VLD met zijn 12 zetels op 25 niet genoeg en dus waren ze verplicht een coalitie aan te gaan. Maar met wie?
Met de CD&V? In de vorige legislatuur was hen dat zuur opgebroken! Met het Vlaams Belang mocht niet wegens het ‘cordon sanitaire’, dus… kiezen dan maar voor de onnatuurlijke coalitie met de progressieve partij, die logischerwijze standpunten zou moeten verdedigen die tegengesteld zijn aan de blauwe.

Waarom deed Lode daar eigenlijk aan mee?
Ziehier wat hij daar in 2007 over zei:
“Waarom ik meeheul met de VLD? Om hen misschien te overtuigen het enigszins anders te doen. Natuurlijk moet ik wel toegeven dat de kiezer het niet echt anders wil. Temeer besef ik ook dat je vanuit de oppositie echt niets kan doen, behalve ‘ambetant’ zijn en je negatief gedragen en dat ligt niet in mijn aard.”

Hoe is de verstandhouding binnen het kartel?
“Ik voel mij goed in het kartel. Elk doet z’n ding in volle respect voor de ander. Ik krijg steun van sp-a wanneer ik ijver voor het zingen van de Vlaamse Leeuw op 11 juli in Middelkerke of wanneer ik eis dat de burgemeester op 11 juli zelf nog initiatief neemt om de gemeente te bevlaggen met leeuwenvlaggen in plaats van Tour de France - vlaggen, …”

En de hogere politiek?
Lode stond als eerste opvolger van Geert Lambert op de lijst SLP voor de verkiezingen van de Vlaamse raad in 2009 en haalde als dusdanig 722 voorkeurstemmen, een degelijk resultaat in een partij die slechts 1,09 % van de stemmen haalde en die er dus niet in slaagde een mandaat binnen te halen.

MaesenLode.jpg

Waarom hij Geert Lambert niet volgde naar ‘Groen’?
“Ik maakte na de stopzetting van SPIRIT/SLP niet de keuze voor Groen!. Ik koos ervoor om eerst voor mezelf uit te maken wat mijn toekomst kon zijn en ondertussen van op afstand de nationale politiek te volgen. Ik was dus toch geen socialist zoals sommigen dachten en ook geen groene. Neen, ik koos voor mijn sociaal Vlaams engagement.
Dat betekende echter geen breuk met Geert Lambert, die ik nog steeds als een goeie vriend beschouw.
Ik zie daarin het bewijs dat aan politiek doen met visie en idealisme dan toch geen vijanden oplevert. Of misschien toch wel... de tegenstanders.”

Waarom nu wel de NV-A?
“Gezien mijn verleden kan die partij op mijn sympathie rekenen. Zeker door de manier waarop ze momenteel trouw blijven aan hun idealen, die deels de mijne zijn”.
Het zal er natuurlijk op aankomen of ze dat ook zullen blijven doen, met andere woorden of de zo gezegde compromissen die men in de politiek moet sluiten, geen afbreuk zullen doen aan die mooie principes.

Hoe is ‘progressief’ te verzoenen met ‘NV-A’?
We weten allemaal dat conservatisme en progressief denken, volgens de definities in woordenboeken, tegengestelde begrippen zijn. In de werkelijkheid schijnt dat anders te zijn.
Het eerste betekent ‘behoudsgezind’, het tweede 'geavanceerd, links, radicaal, vooruitstrevend', de samenleving op een vernieuwende manier willen verbeteren.’
Politici zijn zeer inventief als ze hun denkwijze uiteenzetten en ze voegen daarom bijwoorden toe aan ‘conservatief ‘en ‘progressief’.
Bart De Wever beweert conservatief te zijn. Hij ergert zich aan de vervuiling van het begrip.
Op 16 mei 2009 verklaart hij aan ‘Het Nieuwsblad’.
“Ik betreur dat iedereen hip progressief wil zijn. Conservatief is tegenwoordig een scheldwoord. Ik ben niet tegen emancipatie, moderne kunst of vreemdelingen. Ik ben mensvriendelijk conservatief. Ik geloof namelijk niet in het individualisme, in de vrijheid -blijheidfilosofie, maar in gemeenschapsvorming. Het progressieve denken op ethisch en economisch vlak heeft ons veel miserie opgeleverd. Er zijn nog nooit zoveel depressies, zelfmoorden, vulgariteiten en seksuele immoraliteiten in de samenleving geweest, en de gevolgen van de liberale hebzucht kennen we ondertussen. Sorry, maar we zijn aan een correctie toe. Die correctie is inderdaad een pak conservatisme aan de dag leggen door de huidige waarden en de normen tegen het licht te houden en opnieuw verbanden te leggen tussen mensen. Het sociale weefsel is weg.”
Op zijn blog beweert NV-A volksvertegenwoordiger Paul Dedecker dat hij denkt (ethisch gezien!) in het progressieve kamp thuis te horen. Adoptierecht door holebi’s lijkt hem vanzelfsprekend, terwijl het zelfbeschikkingsrecht over het eigen leven hem een grondrecht lijkt, ook voor minderjarigen en dementerende. In verband met abortus vindt hij dat de wetenschap moet uitmaken vanaf wanneer het om een gezond en levensvatbaar kind gaat, of om een onvolgroeide vrucht, en daar desgewenst een zekere marge bij te nemen.
De vraag is hoever dat allemaal kan en mag gaan.

Besluit
Je kunt dus ethisch progressief, Vlaams progressief, economisch progressief maar ook economisch en mensvriendelijk conservatief zijn.
De vakbond ABVV roept op om een progressief front te vormen tegen het NV-A.
Kunnen jullie nog volgen? Het is allemaal natuurlijk heel complex en niet te vatten in een aantal zinnen.
Hoe verzoen je ‘diversiteit’ en ‘ik heb geen schrik van vreemdelingen’?
Hoe voldoe je tegelijk aan ‘vrijheid’ en ‘verhoogde veiligheid’?
En zo zou ik nog een tijdje kunnen doorgaan.
Moeten we de eventuele overstap van de progressieve Lode Maesen naar het conservatief -progressieve NV-A misschien ook in dat licht bekijken? Of wordt dat opgelost door ‘deels’ dezelfde meningen en idealen te hebben?

Bronnen
http://www.verkiezingssite.be/verkiezingen2009/lijsten/Vlaams+Parlement/SLP/West-Vlaanderen/Lode+Maesen/
http://sites.spirit.be/spirit1/faces/web/index.jsp?group=middelkerke
http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=G7C2ACTAD
http://peterdedecker.eu/category/tags/bart-de-wever

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Westendse Blik op Middelkerke

↑ Terug naar de berichten