Naar de inhoud

Westendse Blik op Middelkerke

Persoonlijke Kijk op mijn Gemeente

Categorie: Erfgoed

Open Monumentendag 2014, dit jaar in Lombardsijde

Als er sprake is van ons onroerend erfgoed of van onze monumenten, dan kijk ik toe of luister ik met veel aandacht. Dat is altijd al zo geweest, vooral dan als het Westende en Lombardsijde betreft.
Het is dus niet verwonderlijk dat ik er elk jaar bij ben als ‘Open Monumentendag’ georganiseerd wordt op de tweede zondag van september. Elke keer wordt een bepaald thema gekozen en deze keer is dat ‘Erfgoed, vroeger, nu en in de toekomst’.
De ervaring heeft mij ook geleerd dat ik zelden of nooit ontgoocheld word en dat je inderdaad nooit te oud bent om te leren.

Wie neemt daartoe het initiatief?
Open Monumentendag is een Europees initiatief dat in niet minder dan 50 landen wordt georganiseerd. Het evenement startte in 1984 in Frankrijk. Het was van meet af aan een groot succes en het idee werd al snel opgepikt door andere Europese landen. Eigenaars werden aangespoord om hun gebouwen open te stellen voor het publiek en openbare besturen, partners uit de privésectoren en het verenigingsleven werden gestimuleerd om gezamenlijk actie te ondernemen.
In 1989 sprong België als vijfde lidstaat eveneens mee op de kar. België behoort dan ook tot de pioniers van dit evenement.
Op zondag 14 september 2014 waren we al aan de 26ste editie toe. Bij ons ligt het initiatief bij de Vlaamse overheid, de provincies, steden en gemeenten. Ze worden gesteund door meerdere commerciële partners.
Ziehier alle diensten en organisaties die meewerken aan het welslagen van het jaarlijks evenement.

1655331-06a8ed321fcb1be3112bab9b3817538f.jpg

Voor deze editie plaatsten 165 steden en gemeenten hun monumenten, landschappen en archeologische sites in de schijnwerpers.
De coördinatie en dagelijkse werking van Open Monumentendag Vlaanderen werden verzorgd door Herita vzw, een organisatie die iedereen met een hart voor erfgoed samenbrengt en ondersteunt. Ze willen jong en oud fan maken van erfgoed.
Op 23 juli 2014 publiceerden de coalitiepartners N-VA, CD&V en Open VLD een regeerakkoord voor de nieuwe Vlaamse Regering (2014-2019). Voor het eerst krijgt onroerend erfgoed een apart hoofdstuk. Er is aandacht voor onder meer een resultaatgericht onroerend erfgoeddecreet, een klantgerichte Vlaamse administratie onroerend erfgoed, een grotere rol voor lokale besturen en herbestemming van monumenten.
Ook Herita wordt expliciet vernoemd in het regeerakkoord. De nieuwe regering wil bekijken ‘welke initiatieven nodig zijn om Herita te doen uitgroeien tot dé onroerend erfgoedorganisatie in Vlaanderen en spreekt over de ‘uitbouw van Herita’. De rol van Herita voor de ontsluiting van erfgoed, voor het verbreden van het maatschappelijk draagvlak, het stimuleren en ondersteunen van het vrijwilligerswerk in de sector en de samenwerking in binnen- en buitenland krijgt bijzondere aandacht.
Ook Open Monumentendag blijft een belangrijk instrument, met meer betrokkenheid van roerend, varend en immaterieel erfgoed.

Met welke bedoeling doen ze dat? (overgenomen officiële tekst)
“Open Monumentendag sensibiliseert de bevolking en de overheid in Vlaanderen om collectief zorg te dragen voor het onroerend erfgoed en het roerend en immaterieel erfgoed dat er deel van uitmaakt. Zowel het bouwkundig, landschappelijk als archeologisch patrimonium maar ook varend, rijdend, rollend en vliegend erfgoed – kortweg mobiel erfgoed – maken deel uit van het programma”.

Hoe beantwoordde Middelkerke aan het thema?
Honderd jaar na het begin van de eerste wereldoorlog, organiseren alle gemeenten bijzondere activiteiten die ons daaraan herinneren. Van de Middelkerkse deelgemeente Lombardsijde, net zoals van Westende trouwens, stond geen steen meer op de andere. De moeizame wederopbouw, waarvan vandaag toch nog veel sporen overblijven, loont dan ook de moeite om op de open monumentendag de volle aandacht te krijgen. Het thema luidde dus: ‘De Wederopbouw van Lombardsijde’.
Het programma van de dag voorzag in een fototentoonstelling, een geleide wandeling langsheen merkwaardige in verschillende bouwstijlen wederopgebouwde gebouwen van de deelgemeente en een muzikaal optreden..

Fototentoonstelling
In de eetzaal van de gemeenteschool van Lombardsijde werd ons vanaf 10u30 door de dienst ‘Erfgoed’ van de gemeente een tentoonstelling aangeboden die bestond uit een slideshow van een dertigtal mooie postkaarten en een drieluik met uitvergrote foto’s. Deze herinnerden aan de beloftevolle toeristische ontwikkeling van het dorp en vooral van een eventuele badplaats waaraan helaas door WO 1 een einde gesteld werd. Ook de ruines en de wederopbouw kregen de volle aandacht.
Hoe verdienstelijk ook, maar het had wel wat meer mogen zijn.

Gegidste wandeling
Omdat te grote groepen het nadeel hebben dat het aansluiten van de toehoorders te lang duurt, had men twee groepen voorzien. Om 14u30 nam Marc Constandt, de gids bij uitstek voor deze opdracht, de eerste groep, bestaande uit 50 personen, wat te veel is volgens mij, op sleeptouw. Een tweede groep onder de leiding van Wim Boydens, vertrok om 15 uur. Wim is een aangename gids met een grote kennis van erfgoed maar vooral van de natuur. Spijtig vond ik dus dat zijn groep maar uit acht personen bestond. Of vooraf inschrijven daaraan iets had kunnen veranderen, is me niet echt duidelijk!
Maar goed, waarover kregen we uitleg?
We startten op het verzamelpunt, de gemeenteschool zelf. De straat, nu de Schoolstraat, heette vroeger de Hoogstraat, omdat die leidde naar de hoogste punten van de gemeente.
De gids startte zijn uitleg met een korte inleiding over de geschiedenis van Lombardsijde, de enige deelgemeente van Middelkerke, die ooit stadsrechten bezat en die ooit een haven had maar die constant overhoop lag met Nieuwpoort.
Hij stelde zich terecht ook de vraag wat er van Lombardsijde zou geworden zijn, mocht de eerste wereldoorlog niet bruusk een einde gesteld hebben aan de plannen van de familie Crombez die van Lombardsijde-bad en Nieuwpoort-bad samen één grote badplaats wilde maken.

De gemeenteschool, een bakstenen gebouw in neo-Vlaamse renaissancestijl uit het begin van de jaren 1920 en ontworpen door architect A. De Vreese, bestaat uit de school zelf, waarvan de gevel links op de foto hieronder, uit de directeurswoning rechts en uit een haaks ingeplante klassenvleugel met daarlangs de speelkoer.

1655331-b3678b830ff9e78890ba34fe5c205066.jpg

De bonte groep begaf zich daarna naar de Hoogstraat. Hier werd onze aandacht gevestigd op drie merkwaardige aan elkaar gebouwde bakstenen woningen uit 1920. Een dergelijke bouwwijze noemt men ‘eenheidsbebouwing in repeterend schema’. De stijl is ‘eclectisch’ omdat de architect ervoor gekozen heeft om diverse vormen, technieken, constructieprincipes, architectuurregels, verhoudingen, symbolen en sferen te laten samensmelten. Let op de voortuintjes, de gecementeerde plint, de banden en de borstweringen, de rechthoekige vensters met verzorgd houtwerk en de rondbogige deur.

1655331-60444a786b729e6cd6ca3a28f39c1853.jpg

We begaven ons daarna naar de Zeelaan, die oorspronkelijk tot aan de zee liep, de centrale as van Lombardsijde, aangelegd door de familie Crombez, die achtereenvolgende namen kreeg: Avenue de la Reine, Avenue Benoit en Zeelaan.

Hier maken we nader kennis, want we rijden er anders zomaar voorbij, met de villa ‘Rosette’, een alleenstaand modernistisch getint enkelhuis in gele baksteen uit 1935. Merkwaardig is de naam van de architect, op het gebouw af te lezen, namelijk ir Ph.Van Marcke, zowaar een Lombardsijdenaar, die nog andere huizen op zijn naam heeft staan o.a. in de Hovenierstraat nr 20 in Westende, in de Oude Nieuwpoortstraat nr 1 in Lombardsijde, in de Bamburgstraat nr 4 in Lombardsijde.
Van Marcke zou later naar De Panne getrokken zijn waar hij verschillende ‘art deco’ gebouwen op zijn actief heeft.

1655331-3404524a8d7001334beb3f538846dd32.JPG1655331-f2d51e04b03a7825ba34b35d25a8566b.jpg
 

En toen trok onze groep naar de Bassevillestraat, waar twee alleenstaande bakstenen gebouwen, de nummers 5 en 7, konden/kunnen bewonderd worden.
Het linkse, heropgebouwd in 1920 valt speciaal op door de voorgevel met witte siertegels waarin blauwe banden op groene plint aangebracht zijn.
Wie van een bouwstijl met Anglo-Normandische inslag houdt, zoals onze gids, vindt zijn gading in de rechtse villa, die in 1921 heropgebouwd werd.

1655331-f7c8509657b95c05775594c38665011e.jpg

Vóór WO1 telde Lombardsijde-dorp drie hotels, alle drie in de Lombardsijdelaan. Het eerste was ‘Hotel de l’Avenue’, zo genoemd omdat het uitzag op de ‘Avenue’. Dat werd na de wederopbouw in 1924 ‘Hotel de l’Yser’, gebouwd door de familie Hendrik Dewulf-Ramoudt.

Hieronder zien jullie twee paren foto’s: het eerste toont, links, hoe het hotel er uitzag na de wederopbouw en rechts na de uitbreiding in 1931. Op de postkaart staat dat Philibert Ramoudt de eigenaar was. Hij was gehuwd met Alida De Boodt.

1655331-b2ab4bf64297e857efc33a2388c65c95.jpg

In de officiële inventaris van het erfgoed staat bij het hotel ‘nadien Patisserie – L’Yser – Bakkerij'.
Daarmee wordt de bakkerij ‘Kemel’ bedoeld. Ik heb natuurlijk herinneringen daaraan, ook aan de kleermaker Kemel, maar ik heb nergens een foto daarvan kunnen vinden.

Het tweede paar toont hoe het gebouw er vandaag uitziet. Het heet nu ‘Zeekameel’, een Verblijfscentrum, toegankelijk voor iedereen maar in het bijzonder voor scholen (zeeklassen, bezinningsdagen, vriendschapsdagen...), groepen (jeugdverenigingen, sportclubs, wielertoeristen en motoren, andersvaliden...).

1655331-6e51f613262f6c2f6f7935479c7cd25a.jpg

Jullie zien dus dat het rechtse gedeelte van het gebouw door de jaren onveranderd gebleven is. Enkel de ingangsdeur van het hotel is er niet meer. 

Verder naar Westende toe staat nog een mooi gebouw, vroeger een brouwerij, ‘L’Avenir’ genaamd, wat nog steeds af te lezen is op de gevel.

1655331-a9fbeb23e673e5f9eaf16f3da9031fa4.jpg

De brouwer, die de ouderen onder ons zeker gekend hebben, is Albert Vandekerckhove. Het gebouw is opgetrokken in baksteen in neogotische wederopbouwstijl, een ontwerp van architect Jules Gunst (Koksijde) uit 1922.

Het hotel ‘L’Yser’ en de brouwerij, beide in de Lombardsijdelaan, bevinden zich eigenlijk op het grondgebied van Westende. De gids verwonderde er zich over dat niemand uit het publiek daarover een opmerking maakte. Het is inderdaad zo dat dit stuk van de Lombardsijdelaan, tot aan de kerkhofmuur, ‘Klein Westende’ genoemd werd. Het is juist dat het leven van de bewoners daar wel bijna volledig afgestemd was op Lombardsijde, maar… Albert Vandekerckhove (° Alveringem 17.10.1899 + Oostende 15.11.1977) is meer dan 40 jaar (9.10.1932 tot aan de fusie met Middelkerke in 1977) gemeenteraadslid of schepen, zelfs 1e schepen geweest van … Westende en daarna van de fusiegemeente Westende-Lombardsijde, dus… 

En dan trokken we naar het tweede van de nog bestaande gebouwen, ooit hotel, namelijk ‘A la Belle Vue’. Vóór 1914 was dat het hotel voor het ‘betere’ publiek.

1655331-81861b461d3051dbf667e50f946a9ab1.jpg

Het gebouw bepaalt het beeld op de Dorpsplaats. Het werd in 1922 in eclectische stijl heropgebouwd naar een ontwerp van architect E. Van Massenhove.

Het eindpunt van de wandeling, het pronkstuk eigenlijk, was de kerk. De gids wees eerst even op de grote troeven van het gebouw, dat hij ‘mooi’ noemde, ‘mooier dan de kerk van Westende’. Binnen zijn er in eerste instantie het beeld van Onze-Lieve-Vrouw maar ook de glasramen naar een ontwerp van de Oostendse kunstenaar Cor Westerduin. Ze stellen de hoofddeugden en de mirakelen voor die aan Onze-Lieve-Vrouw van Lombardsijde toegeschreven worden.

Op het kerkhof, op de rand naar Westende toe, staat een steen met de beeltenis van Joe English en vier Keltische zerkjes, door hem ontworpen. Hij was een tekenaar en kunstschilder, weliswaar geboren in Brugge, maar van Ierse afkomst. De kunst van Joe English als frontsoldaat tijdens WO I is het best bekend wegens de symboolfunctie die hij kreeg in de Vlaamse Beweging. Hij stelde zijn kunstenaarstalenten enerzijds ten dienste van de intellectuelen achter de frontlinie, en anderzijds van de gewone frontsoldaten. Hij was toen een betwist figuur maar wordt nu alom als kunstenaar geëerd.  
Rond de kerk is er de rondgang met zeven geschilderde taferelen van 'O-L-V van de zeven smarten', samen ontworpen met de kerk. Vóór iedere afreis gingen de vissers de omgang.

Toen gaf Marc Constandt, het woord aan meester ‘Eddy‘ (Viaene). Dat is een kenner van Lombardsijde, die er een boek over schreef met als titel 'Lombardsijde: zeven eeuwen historiek'.
Vooraleer binnen te gaan wees spreker op onderstaand bordje.
Heet die kerk nu ‘O.L.V. Bezoeking’ of ‘Onze-Lieve-Vrouw Bezoek’?
Natuurlijk het eerste, vind ik. In Vlaanderen zijn er namelijk 12 kerken met die naam. Waarom? Omdat‘bezoeking’ betekent: beproeving, kwelling, nood, onheil, ongeluk. Onze-Lieve-Vrouw van Lombardsijde was namelijk de toevlucht van de vissers die op IJsland vaarden die haar aanriepen om gespaard te blijven van rampen en gevaren op zee. De kerk was dus niet zo maar het onderwerp van een bezoek.

1655331-50dfe1df51b5fbe73397c0001c3336d0.JPG

Ziehier de foto’s van al het mooie dat de kerk van Lombardsijde te bieden heeft.

1655331-efd26b38d7731e2bd688df64e3beea14.jpg

1655331-cda029b4e9140f10f6751f729400ed4b.jpg

1655331-ffe6d60fea7a38a0b4903765c11cbb0c.jpg

Omdat ik ook nog wilde weten hoe de finale van het tennistornooi in Middelkerke verliep (voor mijn artikel van verleden week), heb ik de uitleg van meester ‘Eddy’ niet meegemaakt. De kerk en omgeving ken ik trouwens voldoende, want ik heb er ook een nog niet gepubliceerd artikel over geschreven.

Muzikaal optreden
Van 15 tot 17 uur was er op de speelkoer van de gemeenteschool ook nog een optreden voorzien van de Joe Mullen band uit Oostende. Ook daar moest ik dus verstek geven.

Ik weet echter dat het een goed ensemble is, want ik hoorde en zag ze aan het werk op de ‘Open Monumentendag 2012’ op 9 september 2012 in Middelkerke in de Sint-Theresiakapel,
Jullie zien ze alvast hieronder de voorbereidingen treffen voor hun optreden.

 1655331-2c442aa29ebc4b8375ab7208d8381870.jpg

Bronnen
Huys M., Kerrinckx H. & Vanneste P. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Middelkerke, Deelgemeenten Leffinge, Lombardsijde, Mannekesvere, Schore, Sint-Pieterskapelle, Slijpe, Westende en Wilskerke, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen
https://inventaris.onroerenderfgoed.be/dibe/geheel/21825

Geschreven door stammer om 10:10 1 reactie Reageer op dit bericht

De Crombez’, in Nieuwpoort, Lombardsijde en Westende (in die volgorde) veelbesproken rijke grootgrondbezitters en ook mecenassen

Daar kan geen ogenblik aan getwijfeld worden: de ouderen onder jullie hebben zeker ooit wel over de familie ‘Crombez’ horen spreken? In verband met Nieuwpoort, Lombardsijde of Westende, bedoel ik.
Ik heb ook al één en ander in verband met die familie aangehaald in één van mijn artikels, maar nu wil ik het even wat grondiger doen.

Stamboom van de Crombez’ die ons in het kader van mijn artikel interesseren
Ik heb niet kunnen terugvinden hoe Benoit Crombez zijn fortuin vergaarde en wat hem ertoe bracht duinen aan de Belgische kust aan te kopen. Alle hieronder vermelde Crombez’ speelden een rol in de liberale beweging.

Opdat jullie een beter inzicht krijgen in welke Crombez wat deed, volgt hier een deel van hun stamboom.

1648062-33e2c80c4702422bc719e69434cf0e97.jpg

Benoît, Georges, Alexis CROMBEZ was de zoon van Jacques-Antoine en van Henriette-J. Jacquelart. Hij werd geboren in Leuze op 17 juli 1785 en overleed in Tournai/Doornik op 13 januari 1854. Hij verwierf op 31 mei 1826 de adelstitel en verscheen op de derde officiële lijst van de edelen. Hij kocht op 30 juli 1830 542 ha 85 a 10 ca gronden in Nieuwpoort-bad (+ Groenendijk) voor de som van 122.850 fr. In 1839 kocht hij het duinengebied van Lombardsijde, op de rechteroever van de IJzer.
Hij huwde, in Tournai, voor de tweede maal, op 18 september 1811, met Henriette-Frse-Je Lefebvre, geboren in Tournai op 31 januari 1790 en er overleden op 5 februari 1873.

Zijn zoon van Henriette Lefebvre, Benjamin CROMBEZ, werd geboren in Tournai op 14 maart 1832 en overleed in Brussel (of in Nieuwpoort volgens een tweede bron) op 23 augustus 1902. Hij was baron. Hij kreeg bij erfenisakte, verleden op 2 juni 1862 bij notaris Simon te Tournai, onder andere de gronden in Nieuwpoort-Bad in naakte eigendom (maar genoot dus niet van het vruchtgebruik), namelijk 553 ha 93 a 26 ca. Zijn moeder, weduwe van Benoit Crombez, had het vruchtgebruik krachtens het huwelijk van 16 september 1811.
Op 21 juli 1864 werd Nieuwpoort-bad officiëel gesticht, als vierde badplaats langs de Belgische kust. Het lag op dat ogen­blik nog op het grondgebied van de gemeente Oostduinkerke. In de eerste fase stond de ontwikkeling van het gebied onder leiding van Benjamin Crombez, de eigenaar van alle gronden tussen Nieuwpoort-stad en de zee. Baron Crombez wou een ‘aristocratische’ badplaats met luxueuze hotels en villa’s creëren. Belangrijk voor de toeristische ontslui­ting was de aanleg van de drie kilometer lange verbindingsweg tussen de stad Nieuwpoort en de zee in 1865.
Tijdens de zomermaanden verbond een directe spoorverbinding Nieuwpoort-bad met Brussel.
Met het doel mensen van alle geloofsbelijdenissen naar zijn kustplaats te lokken, bouwde Benjamin Crombez in 1877 een neo-romaans kerkgebouw zonder toren. De katholieken weigerden echter er gebruik van te maken en woonden de mis bij in de salon-suite van een villa. De mis werd opgedragen door de principaal van het college te Nieuwpoort. Inmiddels bleef de kerk jarenlang een bergplaats voor kruiwagens en materiaal. Na de dood van Benjamin verkocht zijn neef Henri Crombez in 1907 de kerk aan monseigneur Waffelaert, bisschop van Brugge.

In de periode 1889-1896 is er in de akten van de burgerlijke stand in Lombardsijde sprake van ‘waarnemende burgemeesters’, maar eigenlijk was Benjamin Crombez de burgemeester.
Hij nam op het einde van de 19de eeuw het initiatief tot de ontwikkeling van een badplaats in Lombardsijde. Het gemeentebestuur trok zich daar niet veel van aan omdat Crombez toch de eigenaar was van alle terreinen.
Tussen het dorp en het zogenaamde "Lombartzyde-Bains" werd de ‘Avenue Benoit’ (huidige Zeelaan) aangelegd. Bemerk de spoorlijn links, waarmee met wagonnetjes zand afgevoerd werd uit de duinen van Crombez.

1648062-cba7ff16db5086b2b957fbc8a0d8ee9f.jpg

Crombez was ook van plan Nieuwpoort-bad en Lombardsijde – bad met elkaar te verbinden via een brug om er aldus één grote badplaats van te maken.
Na de Eerste Wereldoorlog is hij niet meer teruggekeerd naar onze verwoeste gewesten. Benjamin had geen erfgenamen en werd daarom opgevolgd door de zoon van zijn broer François, Henri.

Henri-Louis-Benjamin-Ghislain CROMBEZ werd in Brussel geboren op 27 april 1856. Hij was landbouwer en eigenaar van beroep. Hij werd parlementslid en senator en schepen en burgemeester van Taintignies waar hij overleed op 23 januari 1941.
Hij stelde in 1887 een schoolgebouw te Nieuwpoort ter beschikking van de stad Brussel en schonk in 1900 een villa in Westende-Lombardsijde aan de stad Brussel. Henri Crombez werd in 1902 erfgenaam van de eigendommen van zijn oom Benjamin Crombez. Hij sloot een overeenkomst met de maatschappij van Buurtspoorwegen betreffende de aanleg van de stoomtramlijn van Nieuwpoort -stad naar -bad, later doorgetrokken naar Oostduinkerke.

Henri Benjamin CROMBEZ Jr (Lombardsijde 16 mei 1893 – Brussel 28 januari 1960), volgde zijn vader op. Hij was één van de eerste piloten van ons land. Voor de promotie voor de Wereldtentoonstelling in Gent vloog hij op een dagelijkse basis van 1 mei tot 25 augustus 1913 met een ‘Deperdussin’ ééndekker (zie foto’s) tussen Gent en verschillende Belgische steden de eerste half officiële luchtpostdienst.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij hulpluitenant-vlieger .

1648062-d731a7c6dd89172bf7c14c2d97a49d5c.jpg

Hij was één van de piloten van koning Albert I tijdens WOI en voerde in die hoedanigheid verkenningsvluchten uit langs het IJzerfront. Hij verliet de luchtmacht in 1932.
Hij ontving verschillende belangrijke onderscheidingen met volgende motivaties.

Ridder in de Leopoldsorde op 11 augustus 1915.
“Heeft met durf talrijke verkenningen uitgevoerd. Heeft blijk gegeven van permanente dapperheid bij het uitvoeren van jachtvluchten.”

Oorlogskruis met palm op 5 maart 1916
Vermelding op het korpsorder van 27 april 1916 “Eersterangspiloot die zich sinds het begin van de oorlog voortdurend doet opmerken door zijn moed, doorzettingsvermogen en professionele kennis. Heeft gedurende vele uren verkenningen uitgevoerd boven de vijandelijke linies – waaronder meerdere ver in het achtergebied van de vijand – alsook vele moeilijke en belangrijke opdrachten van luchtfotografie” in 1918.

Frans Oorlogskruis met palm op 14 november 1918
“Zeer moedig piloot. Heeft op 14 oktober 1918, terugkerend van een liaisonvlucht naar de Franse infanterie, een vijandelijk jachtvliegtuig, dat één van onze ballons kwam afschieten, neergehaald.”

Vermelding op het dagorder van het Leger op 19 januari 1919
“Elitepiloot die zich gedurende de gehele oorlog ingezet heeft met veel moed en toewijding. Heeft op 14 oktober 1918, tijdens een opdracht van luchtfotografie, dank zij zijn professionele eigenschappen en zijn koelbloedigheid, een vijandelijk vliegtuig neergeschoten.”

Decoratie ‘De Witte Arend’ van Servië 3de klas met zwaarden op 30 januari 1919.
“Buitengewoon officier-piloot, bescheiden en dapper, met een bewonderenswaardige vliegkennis. Heeft talrijke zendingen op volmaakte wijze uitgevoerd.”

De volledige genealogie van de familie kan geraadpleegd worden op
http://familiekunde-westkust.be/Pdf%20files/Nieuwsbrieven%202012.pdf

De toestand rond het jaar 1860
De topografische kaart van rond 1860 toont nog een slikken- en schorrengebied langs de rechteroever van de IJzer. Het sloot aan op het duingebied, waarin al een paar gebouwtjes opgetrokken waren.
Zo was er een ‘aubette de la douane’ een soort strandcabine of hokje dat diende voor de bescherming van de douaniers die langs de kuststrook opgesteld stonden om de bewegingen van personen en goederen in de gaten te houden.
Ook de ‘pavillon de chasse’ of  ‘jachtpaviljoen', van de familie Crombez stond er toen al. Die werd ook wel de ‘villa Crombez’ genoemd wat verwarring kan scheppen met de later opgerichte schoolkolonie, die ook een tijdje de naam ‘home Crombez’ droeg.

Rond de jaarwisseling
Rond de jaarwisseling 1899-1900 werd een begin gemaakt met de ontsluiting van het duinengebied. Er werd doorheen de duinengordel een weg aangelegd in blauwe kasseien, de voorloper van de ‘blauwe baan’ die nu het militair domein doorkruist. Deze sloot aan op de openbare overzetdienst (veer), die opgericht werd bij koninklijk bestuit van 11 oktober 1898 en moest de verbinding verzekeren tussen Nieuwpoort-bad en Lombardsijde-dorp.
Met de overzet kon men tegen betaling (5 centiemen tot 25 kg vracht en verder 5 centiemen per 25 kg) op een gemakkelijke manier van de linker- naar de rechteroever. Het was ook een attractie voor de toeristen.
De toen nog bestaande strandvlakte langsheen de rechteroever werd overbrugd door middel van een houten loopbrug (‘een passerelle’), een soort wandeldijk die liep tot aan de tramterminus van Lombardsijde.
In het duingebied werd tevens een ‘station de sauvetage’ of ‘secours maritime’ gebouwd om vissersboten in nood te redden.
Ook de vuurtoren zou uit die tijd stammen, althans volgens een kaart uit 1905.

1648062-f1699a1024b9e78eb0c03ff32f660837.jpg

1648062-b0f3a7665110b466ee645f2cd969b24d.jpg

Rond die tijd werd ook de eerste villa gebouwd in de duinen, namelijk deze van de Brusselse brouwer Alfred Madoux, aandeelhouder van het dagblad ‘Le Soir’, eigenaar van de krant ‘L’Etoile belge’ zoals Crombez afkomstig uit het Doornikse.
Crombez verkocht geen grond uit winstbejag, maar aan vrienden uit de vrijzinnige bourgeoisie. De oorlog en de ontbrekende dijkbescherming, deden de villa ‘Madoux’ letterlijk in zee verdwijnen.

1648062-575d0f27e2e7b89e2f7cd4c14910d2f6.jpg

Een golfterrein
Omstreeks 1908 werden plannen gemaakt door de familie Crombez om de attracties van Nieuwpoort-bad uit te breiden met een golfterrein, toen een extra troef tegenover de badplaatsen met een casino. De keuze viel op het grondgebied Lombardsijde, gelegen op de rechteroever van de IJzer, bij de villa Crombez. Baron Benjamin Crombez liet een golf met 18 holes aanleggen in het huidig kwartier Lombardsijde en wel ten zuiden van de Blauwe Kalsijde (“Kassie”), die hun villa gelegen aan de Zeelaan verbond met de havengeul. Deze villa werd dan ook gebruikt als clubhuis.
Na het in gebruik nemen van het golfterrein kwam het veerbootje heel goed van pas. Het meerde aan nabij het oosterstaketsel.

De plannen voor het nieuwe golfterrein werden getekend door de Britse kolonel H.C. Vetch, naar Engelse traditie.
Vruchtbare grond werd aangevoerd op het schorre- en slikkegebied met een tijdelijk Deauville-spoorlijntje. De werken werden uitgevoerd door Engelse specialisten ter zake, werklui van de Londense firma Park and Son. Het zou nog vijf jaar duren tot het golfterrein volledig klaar was, op de vooravond van de Eerste Wereldoorlog. Tijdens die oorlog werden zowel de villa als het golfterrein volledig verwoest.

Na de eerste wereldoorlog, in 1923, liet Henri Crombez het golfterrein opnieuw aanleggen. Het werd in juli 1929 heropend. Uit die periode dateert dan ook de kleine watertoren, die nog steeds in de kazerne te zien is. Die werd gebruikt om het terrein te besproeien. Een nieuw clubhuis werd gebouwd ten zuiden van de huidige blauwe baan ter hoogte van het natuurreservaat (zie foto hieronder links ). Rechts zien jullie een plan uit 1923.

1648062-c265614c512ca314a96a1606d0f1f2bd.jpg

Het clubhuis deed dienst als vestiaire, restaurant en hotel. Heel wat jongeren uit de streek verdienden in die tijd wat drinkgeld door als caddie in de golf te werken. Een caddie verdiende 18 franc per 18 holes, 9 frank voor een ‘mid-way’ - spel en 6 frank voor een oefenspel.
Koning Leopold III kwam er vaak spelen.

Ontstaan van het militair kamp
In 1939, naar aanleiding van de groeiende oorlogsdreiging, werd het golfterrein opgeëist door de Belgische regering/leger. Het werd omgebouwd tot een vliegveld op oorlogsvoet. Henri Crombez, zelf piloot, steunde de aanleg en offerde de golf van Lombardsijde op. Het clubhuis werd tijden WO II gebruikt door de Duitse bezetter en werd gedeeltelijk vernietigd op het einde van de oorlog. Er zijn geen sporen meer van overgebleven.

Waarom vakantiekolonies?
Op 21 maart 1875 werd in de ‘Université libre de Bruxelles’ de ‘Association des « Marçunvins »’ opgericht. Dat gebeurde na een stoet georganiseerd door ‘Le Denier des Ecoles’ (Schoolpenning) ter ondersteuning van het officieel onderwijs. De stoet kende een groot financieel succes en daarom besloten een veertiental jonge liberalen tot de stichting van een vereniging, die “Marcunvins” genoemd werd, zijnde de stichtingsdatum omgekeerd gelezen. (21 mars => mars un vingt en fonetisch “Marçunvins”).

1648062-b08618f3a93b28d76c4b32852b27833e.jpg

Vanaf 1875, in volle schoolstrijd, verzamelden zich in Brussel enkele mannen van goede wil, uitsluitend vrijwilligers, kleinburgers, ambachtsmannen, om te proberen te verhelpen aan de noodtoestand waarin veel kinderen zich bevonden. Zij besloten zich te verenigen en aan welzijnswerk te doen. De leden kwamen zowel uit het onderwijsmilieu als uit diverse andere milieus. Wat hen verenigde was de overtuiging dat het van primordiaal belang was dat onze schoolkinderen moesten kunnen studeren in de gunstigste voorwaarden en dat het onderwijs moest steun krijgen opdat het verder een uitstekend instrument zou kunnen blijven voor eenieders ontwikkeling, ten gunste van de hele gemeenschap.
Ze begonnen kledij en schoolmateriaal te schenken aan de kinderen die de openbare school bezochten.
Om te vermijden dat die kinderen permanent aan zichzelf zouden overgeleverd zijn terwijl hun ouders 12 uur of meer werkten, van maandag tot zaterdag en dat het ganse jaar door, beslisten de « Marçunvins » en de vrijzinnige liberale filantropische organisatie ‘Cercle Le Progrès’ in 1888 permanente villa’s op te richten, één in Hastière aan de Maas en de andere in Westende. Bij de oprichting van verscheidene badplaatsen werd immers een grote publiciteit gevoerd betreffende de curatieve eigenschappen van de zee.
Men plaatste collectebussen in handelszaken en organiseerde stoeten en feesten om geld in te zamelen voor studiebeurzen en kinderkleding.

Benjamin Crombez stelde reeds in 1887 tijdens de vakantie een schoolgebouw te Nieuwpoort ter beschikking van de Stad Brussel, namelijk de ‘Palais de l'Enfance’. Vanaf dan kon de stad Brussel ieder jaar behoeftige kinderen voor veertien dagen naar dit ‘Palais’ sturen.
Bij zijn dood in 1902, schonk Crombez het gebouw aan de stad Brussel. Het had een capaciteit van veertig bedden en telde ook nog twee onderwijzerswoningen.
Met opgehaald geld zonden Les Marçunvins reeds in 1898 kinderen naar Nieuwpoort en Lombardzijde waar ze logeerden in gebouwen die door Benjamin Crombez ter beschikking werden gesteld.

De bouw van de houten ‘Villa scolaire de la ville de Bruxelles’ midden in de duinen in Lombardsijde
Rond de jaarwisseling werd eveneens midden in de duinen een ‘villa scolaire’ gebouwd. Het was een houten constructie met een dak in golfplaten. Er was een slaapkamer met 40 bedden, een speelkamer, een eetzaal en een keuken.
Ze kreeg de naam ‘Villa scolaire Benjamin Crombez’ of ‘Villa Scolaire de la ville de Bruxelles’

1648062-f70aff3ca53ef9a32f40a9e520d1d667.jpg

Daarover werd in 1902 een jeugdboek geschreven door Ch. Mertens met de titel ‘Quinze jours à Lombartzijde’. Uiteraard werd dat boek opgedragen aan Benjamin Crombez. De juiste bouwdatum ervan is niet gekend, het werd gebouwd door en in opdracht van stad Brussel, uiteraard met steun van Crombez. Dat laatste zou er ook enkel in bestaan kunnen hebben door de grond ter beschikking te stellen.

Bouw van de villa des Marçunvins’ in Westende
Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan in 1900 besloot de vereniging eveneens een kinderhome aan de kust in te richten. De grond, gelegen in de duinen van WESTENDE, werd kosteloos afgestaan door Benjamin Crombez, bij notariële akte op 1 mei 1900 aan het Brusselse stadsbestuur. Les Marçunvins konden zelf geen eigenaar worden omdat de vereniging geen rechtspersoonlijkheid had. Pas met de wet van 27 juni 1921 kwam er een wettig statuut voor verenigingen zonder winstbejag, waardoor die giften konden aanvaarden en eigenaar zijn. De grond moest gebruikt worden ten gunste van de Brusselse gemeentescholen. De grote villa die erop gebouwd werd in 1902 (1900 volgens opschrift boven de deur) met 95 bedden, kreeg de naam “Villa Scolaire des Marçunvins”. Ze mag niet verward worden met de houten constructie hierboven, waarvan de capaciteit heel wat lager was.
Hieronder zien jullie daarvan een foto uit 1910.

1648062-a8b6ab0ad777e6b9922c1df53eb1f360.jpg

De bouw was slechts mogelijk dank zij de vrijgevigheid van sympathiserende families zoals de Richard’s en de Crombez’. De rest werd gefinancierd met een tombola en ledenbijdragen. De stad Brussel gaf de ‘Marçunvins’ de mogelijkheid om de schoolvilla uit te baten mits betaling van de onbeduidende som van 40 frank per jaar.

Twee wereldoorlogen gooien roet in het eten
De houten ‘Ecole Scolaire’ in Lombardsijde was niet enkel dicht bij de zee gelegen maar ook (te) dicht bij het IJzerfront tijdens de eerste wereldoorlog en werd dan ook vernield in die periode.
Dat was ook het geval voor het home Benjamin Crombez in Westende.
De eerste werd helemaal niet heropgebouwd en ook voor de tweede duurde het een hele tijd. Om ondertussen aan de noden van de scholen te voldoen huurde de Stad Brussel 3 gebouwen in Mariakerke.
Omdat het particuliere huizen waren, beantwoordden die niet aan de noden. Daarom besloot men in 1923 dat de villa in Westende moest heropgebouwd worden.
Dat gebeurde uiteindelijk in 1931 naar plannen van de architecten Léon Govaerts en Alexis Van Vaerenbergh. Het gebouw met de naam ‘Home Benjamin Crombez’ was sober, modern en functioneel: in het midden lagen de hall en de gemeenschappelijke voorzieningen (sanitair, burelen, opslagruimten), met daar rond de kamers die zonlicht nodig hadden. In 1935 werden, los van het oorspronkelijk gebouw, vier klaslokalen bijgebouwd, naar een ontwerp van architect J.G. Evers (Brussel).
In 1936 werd de naam ‘Home Benjamin Crombezet Anne et Georges Brichard (of Brichart)’ op het gebouw aangebracht, omdat het sponsors waren. Die naam werd echter zelden gebruikt als er over het gebouw sprake was.

1648062-c6e8c55520a9927704c828888cfb1c69.jpg

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het home opnieuw beschadigd. Alles moest dus herbegonnen worden. Een derde home werd opgericht onmiddellijk na de oorlog, naar plannen van architect Louis Cardon. Dat kon pas op 17 december 1950 opnieuw ingehuldigd worden.
Het home in Hastière werd verlaten en het terrein werd verkocht omdat het gebouw niet meer voldeed aan de veiligheidsnormen voor kinderen opgelegd door de ONE (Office de la Naissance et de l’Enfance). De opbrengst van de verkoop werd in 1962 besteed een de bouw van een infirmerie die aan het home in Westende aangehecht werd. Het hoofdgebouw werd verbonden met de uitbreiding uit 1935. Hiervoor ontwierp architect Paul Emile Vincent (Brussel) een eenvoudig tussengebouw. In dit gedeelte kwamen onder meer bijkomende klassen en de infirmerie.
Jullie zien hieronder een recente foto met achteraan de nieuwe gebouwen verbonden met de oude.

1648062-a98269938a4ab797707b7fb60f68628f.jpg

De homes van de « Marçunvins » betrokken hun financiële middelen uit filantropische giften, uit subsidies toegestaan door de gemeenten, uit verenigingen zoals ‘la Ligue de l’Enseignement’ en uit omhalingen op vette dinsdag in de cafés.
De gemeenteadministratie gaf ooit per dag en per kind 2 frank aan de Marçunvins. Na aftrek van transportkosten en eten, werden de overblijvende 50 centimes gebruikt om meer kinderen gratis te laten deelnemen.
De tijden veranderen, de sociale noden groeiden en de eisen op het gebied van veiligheid en professionalisering van de omkadering van de jeugd verhoogden. Dat alles dwong de « Marçunvins » ertoe de wrede beslissing te nemen om het home in Westende op te geven.
In 1983 werd het gebouw verkocht aan de bvba Calidris, die het uitbouwde tot een selfservicerestaurant .
Toen gaven de nieuwe eigenaars het ook de naam ‘Calidris’, die verwijst naar een vogelsoort: de strandloper.
In 1987 kocht de gemeente Middelkerke de gebouwen om ze om te vormen tot een centrum voor socio-culturele activiteiten.

Ook de polder was eigendom van Crombez
Niet enkel de duinen maar ook de polder met zijn bloeiende hoveniersbedrijven, was eigendom van de familie Crombez. De tuinbouwers pachtten de grond aan 12.000 BFr voor 2 Ha, wat ruim onder de prijs lag van wat onze boeren betaalden. Tien jaar geleden kregen de hoveniers de kans de grond te kopen aan een schappelijke prijs, wat ze natuurlijk allemaal deden.

Extra’s
Jullie kunnen dus vaststellen dat Westende-bad niet voorkomt in bovenstaand artikel. Daar hadden de familie Otlet en de almachtige ‘societeit’‘La Westendaise’ het voor het zeggen. Aangezien het hun bedoeling was van Westende een mondaine badplaats (‘Plage de l’Elite’) te maken, die een exclusief en rijk cliënteel wilde aantrekken. paste een vakantiekolonie voor armere en soms zieke kinderen niet in hun plannen en in hun buurt.
Het home Crombez werd daarom gebouwd op zijn huidige geïsoleerde plaats.

Zodra Westende-dorp zijn eigen strand had, Sint-Laurentius, rond het midden van de twintiger jaren, zette de familie Levecque er een tentje neer, om aan de recreanten verfrissingen te kunnen verkopen. Dat tentje werd omstreeks 1927 vervangen door een houten constructie. Marc Constandt schreef dat hem verteld werd dat de grootgrondbezitter Crombez langs het strand voorbijkwam toen de Levecques hun barakje aan het schilderen waren. Hij was ontroerd door de inzet van die familie en verkocht hen een stukje bouwgrond. Dat was zeer uitzonderlijk omdat deze eigenaar normaal geen percelen daar wou afstaan.
Zo ontstond ‘De Welkom’ nu ‘Sint-Laureins’.

Bronnen gebruikt in bovenstaand artikel
Graningate jaargang 6 nummer 22 juni 1986 door Carlo Van Troostenberghe
Het toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde. Middelkerke, Marc Constandt, 1988, p. 64 Wikipedia
Lombardsijde-Bad in de Belle Epoque door Marc Constandt
100 jaar toerisme – Een eeuw vakantie in West-Vlaanderen, Marc Constandt Uitg Lannoo 1986.
http://familiekunde-westkust.be/Pdf%20files/Nieuwsbrieven%202012.pdf
Tijdschrift van de Luchtdoelartillerieschool ‘Te Wapen’ Nr 75 MAR –APR – MEI 1996, Nr 76 Jul-Aug-Sep 1996 en Nr 109 van januari 2009
http://www.zone-nieuwpoort.be/golf.html
Natuurtechnisch beheersplan voor de duinen van het militair domein te Nieuwpoort door Tine Degezelle en Maurice Hoffmann van het ‘Instituut voor Natuurbehoud’
Topografische kaart van 1860, Dépôt de la Guerre, Kaartblad XII,5
Topografische kaart uit 1905 (uit Massart)
Postkaart ‘Avenue Benoit’ uit ‘Lombardsijde graag gezien’ Uitgeverij ‘De klaproos’
http://paola.erfgoed.net/sdx/inventaris/toon.xsp?id=54881&base=objekt&qid=sdx_q4&p=2

Nog meer bronnen
Ik had de keuze tussen talloze bronnen in diverse archieven, maar ik ben ze zelfs niet ter plaatse gaan raadplegen, omdat er toch al zoveel over terug te vinden is in artikels op internet of van lokale auteurs, onder wie vooral Marc Constandt (zie hierboven).

Misschien is er ooit nog wel eens een zoeker die er nog meer over wil weten en later eens mijn artikel vervolledigt, op basis van nieuwe wetenschappelijke documentatie.
Enkele interessante bronnen wil ik hier aanhalen:
CH. MERTENS, Quinze jours à Lombartzijde. Bruxelles, J. Lebègue et Cie, 1902
Inventaris meubels Villa scolaire Westende voor WOI + waarde (kostprijs) + beschrijving lokalen, Brussel, Stadsarchief Brussel, IPII 1095.
Home des Marçunvins à Westende. Pavillon d"infirmerie. Architecte: Paul E. Vincent. In: La Maison, octobre 1964 (XX,10), p. 316-317
J. BOURGONJON, M. BREYNE, E. DE GROOTE, S. GERVOYSE, L. JANSSENS, D. VAN RENTERGEM, K.VANROBAEYS, L. VERHAMME, Het kind in 'Les Marçunvins' in Westende. Theoretische achtergrond bij kindstudies, Universiteit Gent, onuitgegeven oefening 3e licentie pedagogische wetenschappen interoptie kindstudies, 2008, p. 6-22.
Séjour à Westende (Marçunvins) en 1958-1961, Brussel, Stadsarchief Brussel, IPII 856
Bouwdossiers, Middelkerke, Gemeentearchief Middelkerke, WL(L) 596, 597, 603.
Lombartzyde: construction, ameublement, installation, Brussel, Stadsarchief Brussel, IPII 1033.

Het Brussels stadsarchief bewaart bovendien verschillende plannen van de opgerichte gebouwen - vakantiekolonies en documenten die handelen over de schenking van grond aan de stad Brussel, huurakten en rekeningen en bewijzen van betalingen, briefwisseling van het schepencollege met het departement onderwijs, met de ‘Association des Marçunvins’ en met de ‘Cercle du Progrès’

Aangezien de Crombez’ behoorden tot de Belgische adel en deel uitmaakten van het Parlement, zijn hun biografische gegevens terug te vinden in repertoria daaromtrent.
In de ‘Blauwe Wie is Wie’ (Gent, Liberaal Archief) vindt men ook bibliografische en zeer summiere biografische informatie over meer dan 3.000 personen die tussen 1830 en vandaag een rol speelden of spelen in de brede liberale beweging in België, dus ook over de Crombez’.

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Herdenking van de slachtoffers van de eerste wereldoorlog

Op 21 mei 2013 lanceerde de Belgische federale overheid zijn website www.be14-18.be voor de herdenking van de 100ste verjaardag van de Eerste Wereldoorlog.
Ons land neemt daarin uiteraard een centrale plaats in.
Er staan drie herdenkingsplechtigheden met internationale uitstraling op het programma:

  • op 4 augustus 2014 wordt in Luik de invasie van België door Duitsland en de schending van de Belgische neutraliteit herdacht met als thema: de weerstand tegen de invasie
  • op 28 oktober 2014 wordt in Ieper en Nieuwpoort de slag bij Ieper herdacht met als thema: de weigering van de onderwerping en het onder water zetten van de IJzervlakte
  • op 11 november 2018 wordt in Brussel de ondertekening van de wapenstilstand herdacht met als thema: het einde van de oorlog en de terugkeer naar de vrede en de heropbouw

Daarnaast neemt de federale overheid ook deel aan vier grote herdenkingsactiviteiten.
Met de herdenkingen wil de federale regering drie thema’s in de kijker plaatsen:

  • de collectieve herinnering en de overdracht naar de volgende generaties
  • het gezamenlijk streven naar een vreedzame toekomst
  • solidariteit en partnerschap

Organisatie van de herdenking
In het koninklijk besluit van 23 maart 2012 werden Paul Breyne, voormalig gouverneur, en Jean-Arthur Régibeau, directeur-generaal bij de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, benoemd als commissaris-generaal en adjunct-commissaris-generaal belast met de Herdenking van de Eerste Wereldoorlog.
Hun opdracht bestaat erin:

  • de werkzaamheden van de operationele werkgroepen op te volgen met het oog op de voorbereiding van de nationale herdenkingsplechtigheden en een federaal meerjarenprogramma
  • te zorgen voor overleg op federaal niveau, alsook met de deelgebieden en de lokale en provinciale overheden
  •  in dialoog te blijven met hun collega's op internationaal niveau.

Het organisatiecomité bestaat uit vertegenwoordigers van de FOD Kanselarij van de eerste minister, de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, het Ministerie van Defensie en het Instituut voor Veteranen – NIOOO.
Voor begeleiding en hulp in zijn geschiedkundige en wetenschappelijke werkzaamheden,  besliste het comité een beroep te doen op wetenschappelijk raadgevers, zijnde hedendaagse historici-onderzoekers.
Zij moeten de wetenschappelijke en historische adviezen voor het organisatiecomité voorbereiden, de historische waarheid waarborgen, een vernieuwde ‘storytelling’ definiëren voor de plechtigheden en de dossiers evalueren die ingediend worden in het kader van de federale projectenoproep.

Grote tentoonstelling in Brussel
Het ‘Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis’ in het Jubelpark in Brussel doet (uiteraard) ook zijn duit in het zakje. Van 26 februari 2014 tot 26 april 2015 kan men er de rijke en unieke collecties van het museum bekijken en daardoor beter alle facetten van het conflict die Europa beroerd en verzwakt hebben, begrijpen. Er wordt een bijzondere aandacht gegeven aan de boeiende levensverhalen van twee neven die tijdens de oorlog lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan: de Belgische koning Albert I en de Duitse keizer Willem II.
Aan de hand van authentieke objecten, decors, getuigenissen, multimedia installaties, films en sensoriële ruimtes leert de bezoeker hoe dit conflict de 20ste eeuw grotendeels vorm gaf.
Jullie kunnen er meer over lezen op de website www.expo14-18.be

Vlaamse, provinciale of gemeentelijke herdenkingen
Het zou mij verwonderen mocht er geen wedloop ontstaan tussen de gemeenten om de grootste of belangrijkste of duurste herdenking te organiseren.
Oudstrijders van 1914 – 1918 zijn er uiteraard niet meer. Om oudstrijder 40-45 te kunnen geweest zijn, moet men nu al de tachtig voorbij zijn. Ze zijn ook niet talrijk meer. Vroeger vond je geen gemeente zonder oudstrijdersvereniging waarvan de leden jaarlijks op het appel waren bij herdenkingen zoals de nationale feestdag van 21 juli of de wapenstilstand op 11 november. Zij waren het ‘geweten’ van de gemeente.
Deze 1914 – 18 herdenking is echter ‘een speciaal geval’ en we mogen er ons dus aan verwachten dat alle genoemde overheden hun steentje zullen willen bijdragen.
Hopelijk worden de Belgische gedenktekens overal eens gereinigd en opgesmukt! Bij de Britten is dat een vanzelfsprekendheid dank zij de ‘War Graves Commission’.
Worden die plechtigheden statige bedoeningen met vlaggen trompetgeschal, decoraties en militaire aanwezigheid? Sommige wel, maar ze zullen ook gepaard gaan met culturele, artistieke, historische en wetenschappelijke initiatieven.
Zo zal er waarschijnlijk een WO 1 –toerisme op gang komen.
Iemand schreef onlangs ‘Ik hoop dat het geen Vlaamse kermissen worden!
De ‘War Graves Commission’ beweert, bijvoorbeeld, dat zij reeds verscheidene aanvragen binnenkregen om ‘iets’ in te richten onder de Menenpoort in Ieper. Ze werden allemaal geweigerd. De laatste aanvraag, betrof een ‘diner’. Waar halen ze het toch?
Ik heb voor het ogenblik al weet van volgende organisaties in onze streek:

Vrijdag 17 oktober 2014 in Nieuwpoort: 8.750 toortsdragers zullen de frontlijn van destijds
         tussen Nieuwpoort en Ploegsteert verlichten
Zaterdag 18 oktober 2014 in Nieuwpoort: concert
Zaterdag 8 november 2014 in Diksmuide: talrijke activiteiten afgerond met een unieke creatie                          door de Duitse musici van ‘Einstürzende Neubauten’.

Historici willen zich onsterfelijk maken
Waarschijnlijk bestaat er geen onderwerp waarover zoveel boeken geschreven werden en waaraan de media zoveel aandacht besteed hebben.
Niet dat ik vind dat het beter niet zou gebeuren, want deze oorlog heeft al zoveel stof doen opwaaien en heeft zoveel mensenlevens gekost, dat de mensen van deze tijd er nooit genoeg aan herinnerd kunnen worden dat zoiets in onze Westelijke wereld nooit meer mag gebeuren.
We mogen in de komende maanden en jaren nog heel wat nieuwe boeken verwachten. Soms vraag ik mij af of er nog steeds nieuwe feiten of geheimen kunnen opgerakeld worden. Is die oorlog nu nog niet van uit alle oog- of standpunten bekeken? Worden nog steeds onbekende archieven ontdekt?
Hebben onze historici in hun vorige boeken vergeten sommige aspecten te belichten? Of hadden ze zich misschien vergist? Of willen ze gewoon hun collega’s overtroeven? Of is zo’n boek echt zo winstgevend?
Voor wat de media betreft: hopelijk mogen we ons aan iets beters verwachten dan ‘In Vlaamse velden’, een reeks op de VRT. Historicus, ex-geschiedenisleraar, gids en medewerker aan ‘In Flanders Fields’ Roger Verbeke, een oude vriend van me uit Wervik, is er alleszins niet over te spreken, wegens ‘te veel fouten’.
In de dagbladwinkels ligt de ‘Oorlogskrant’ in verschillende delen. Het zijn reproducties van de kranten die destijds verschenen.

En maar verzamelen!
In deze eeuw van het internet kan men duizenden websites terugvinden die handelen over WO 1.
Gemeentelijke musea en private verzamelaars doen een oproep om mensen die interessante documentatie bezitten, ertoe aan te zetten om deze al dan niet definitief ter beschikking te stellen.
Naast ‘Flanders Fields’ in Ieper dat al jaren wereldreputatie geniet, werd in de zomer van 2013 het ‘Memorial Museum Passchendaele 1917’ geopend. Straks komt er nog een interessant museum bij onder het koning Albertstandbeeld in Nieuwpoort.
In Poperinge is er ‘Talbot House’ en het museum in de IJzertoren van Diksmuide is noch min noch meer merkwaardig te noemen.

Wat gebeurt er in Middelkerke?
Op een ogenblik dat alle overheden en alle gemeenten een kalender opgesteld hebben met de herdenkingen die zij plannen, was ik verbaasd nog niets over onze gemeente gehoord te hebben. Daarom vroeg ik dan maar aan onze dienst ‘Erfgoed’ wat er zo allemaal voorzien was.
Op 13 januari 2014 kreeg ik volgend antwoord: ‘de beleidsvoorbereiding is momenteel bijna afgewerkt en zal na formele goedkeuring globaal gecommuniceerd worden via de geëigende kanalen’.
Op de evenementenkalender voor 2014, uitgegeven door de provincie West-Vlaanderen, komt de naam ‘Middelkerke’ niet voor. In de gemeente wordt ook geen enkel van de 25 gesubsidieerde projecten verwezenlijkt waarmee de Provincie West-Vlaanderen een belangrijke impuls wil geven aan de ontwikkeling van culturele projecten en evenementen in de sector van de kunsten, cultuurparticipatie, creatie of cultureel erfgoed (bv. tentoonstellingen) zoals beeldende kunst, muziek, podiumkunsten, literatuur, film enz., Maar dat is nog maar een eerste reeks! Wie weet?

WO1 in de verenigingen van Westende en Lombardsijde
Veel verenigingen maken van de gelegenheid gebruik om hun leden te informeren teneinde hun kennis over WO 1 ofwel op te frissen ofwel bij te werken.
OKRA beet op 4 februari 2014 om 14 uur reeds de spits af. J.M. Barra uit Leffinge was er de gastspreker.
Op de vraag waarom deze activiteit niet vermeld werd in de nieuwsbrief van de gemeente, moet ik het antwoord schuldig blijven. Niet belangrijk genoeg, zeker?
De “Seniorenbond Lombarde’ is de volgende. Voor hen zal Kristof Jacobs op 29 maart 2014 om 14 uur, een uiteenzetting houden in ‘De Zeekameel’, Lombardsijdelaan 235. Ook niet-leden zijn er welkom.
Wensen jullie een vertelnamiddag mee te maken over de eerste wereldoorlog?
Komt dan allen op 26 april 2014 om 14u30 naar de eetzaal van de gemeenteschool in Lombardsijde.
Daar zal ikzelf op vraag van het Davidsfonds Westende-Lombardsijde een uiteenzetting verzorgen over 1914-18, niet zozeer over politiek, strategie en tactiek maar over wat de Westendenaar en de Lombardsijdenaar willen en moeten weten over WO 1, dus over wat zich hier lokaal afspeelde. Natuurlijk wordt dat ook goed ingekaderd.
Volgens de voorzitter van het Fonds is iedereen welkom, ook niet-leden.
Ik verwacht jullie talrijk!!!

Bron
Herdenking van de Eerste Wereldoorlog
http://www.toerismeieper.be/nl/pagina/157-537-303/woi-musea-in-de-westhoek.html
http://www.belgium.be/nl/nieuws/2013/news_website_eerste_wereldoorlog.jsp

 

 

 

 

Geschreven door stammer om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Erfgoeddag 2013 Middelkerke en Deelgemeenten | Stop de tijd!

1378662-c4b8f17523a8c0009c268a63fc0a5331.jpg

Trouwe lezers van deze blog, en die worden steeds talrijker, weten al lang dat ik een groot voorstander ben van Erfgoeddag, omdat ik hou van het erfgoed van mijn dorp en bij uitbreiding, maar in mindere mate, van mijn gemeente. Ik vind ook dat Middelkerke steeds moet deelnemen aan die dag.
Zelf wil ik er ook steeds op aanwezig zijn.
Het was dan ook met grote voldoening dat ik vastgesteld heb dat er in 2013 weer een interessant programma op poten gezet werd. Dat werd tevens de dertiende editie en ze had plaats op zondag 21 april.

Wat is ook weer de bedoeling van Erfgoeddag? (overgenomen tekst)
“Erfgoeddag is de jaarlijkse hoogdag voor iedereen die met cultureel erfgoed begaan is. Elk jaar mobiliseert het evenement in Vlaanderen bijna een kwart miljoen bezoekers. Erfgoeddag is in essentie een sensibiliseringsactie over cultureel erfgoed en de zorg die dat erfgoed vereist. Werken rond erfgoed gaat over omgaan met heden en verleden, over engagement, zorg, aandacht, reflectie en communicatie.
Op Erfgoeddag krijgt het publiek op vele plaatsen een exclusieve kijk achter de schermen. Bezoekers vernemen wat erfgoedinstellingen bewaren en, vooral, hoe en waarom ze dat doen. Met deze editie zoomt de cultureel-erfgoedsector met andere woorden in op het (voor het publiek) grotendeels onzichtbare, back office werk dat nodig is om ons cultureel erfgoed te behouden en te beheren.
Daarnaast wil Erfgoeddag ook een lans breken met het aanbod voor gezinnen. Erfgoededucatie, en meer bepaald op een speelse manier leren wat cultureel erfgoed betekent, tot stand komt en voorstelt, loopt ook dit jaar weer als een rode draad doorheen het aanbod.“

Erfgoeddag is een initiatief van FARO. Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoedvzw, in samenwerking met de erfgoedgemeenschappen in Vlaanderen en Brussel.

Wat voorziet het programma voor 2013 voor Vlaanderen en Brussel?
Meer dan 500 organisaties , musea, archieven, erfgoedbibliotheken, heemkundige kringen, kerkfabrieken, sociaal - culturele verenigingen, restauratoren, klokkenmakers en vele andere deelnemers presenteren die dag een veelkleurige waaier van meer dan 750 activiteiten.

1378662-e1fabbd82e1fd67f9620afcdf400ae71.jpg

Het thema voor 2013 (overgenomen tekst)
‘Stop de Tijd!’ Vanwaar nu die roepnaam? Om te beginnen zijn erfgoedwerkers voortdurend in de weer om, heel letterlijk, de destructieve effecten van de tijd te vertragen. Een doordacht behoud- en beheerswerk is hierbij essentieel.
Daarnaast is er vanzelfsprekend ook aandacht voor de ruimere invulling van het begrip ‘tijd’. Tijd kennen we allemaal, natuurlijk. Maar wàt is tijd? En hoe en waarom maten onze voorouders tijd? Bestond er in het verleden ook al vrije tijd? En wat doet de roze blik van de nostalgie met ons
?

En wat deed Middelkerke?
In Middelkerke vonden ze dat de dood de meest drastische manier is om de tijd te stoppen. Nog drastischer, vonden ze, als iemand vermoord of terechtgesteld wordt.
In het licht daarvan werd een rondrit georganiseerd met een ‘moordtrein’ langs plaatsen in de verschillende deelgemeenten waar 300 jaar geleden misdrijven werden gepleegd: moord en doodslag, overspel, pedofilie, zelfmoord en vergiftiging.

1378662-eb914a55f5111623bd804a984f7a2b5f.jpg

De illustratie hierboven is van de hand van Joris Debruyne en stelt de verbranding voor van de heks Barbele (De Cock) op de Burg in Brugge in 1634. (zie hierna ‘Halte 5’)

Michel Landuyt geeft zijn mening over het behandelde thema
Volgens schepen van cultuur Landuyt toont het moordparcours vooral dat er niet veel veranderd is sinds de zeventiende en achttiende eeuw. Natuurlijk weet ik wel wat hij bedoelt. De misdaden van toen worden inderdaad vandaag nog steeds gepleegd: moord en doodslag, overspel, pedofilie, zelfmoord, vergiftiging. “Er stonden in die tijd wel gruwelijke straffen op die feiten. Maar dat weerhield misdadigers er niet van om ze toch te plegen.”
Dat is natuurlijk wat al te ongenuanceerd. Er worden nu honderd keren meer misdrijven gepleegd, er wordt nu veel minder gestraft. In die tijd kregen misdadigers geen enkelband, sommige werden geradbraakt, levend of dood verbrand, gekookt of vreselijk verminkt!. Michel zal toch niet bedoeld hebben dat straffen niet helpen, zeker? Het vermelden waard is ook dat die straffen destijds uitgesproken werden door de schepenen, nu doen daarvoor opgeleide rechters dat.
Pedofiele priesters/ bisschoppen waren er toen misschien ook wel, maar het werd niet openbaar gemaakt.
Heksen zijn er bij mijn weten niet meer.
De levensomstandigheden waren niet te vergelijken met de huidige: op het gebied van opvoeding, financieel, sociaal, … en politiek. Wat zegt de schepen, ‘er is niet veel veranderd’?

Even de gids bij de rondrit voorstellen
“Eduard Vyvey brengt op onnavolgbare wijze de kleine kantjes van de condition humaine tot leven.”
Hij is een Leffingenaar en hij laat dat (terecht) graag blijken. Hij is een gewezen leerkracht, maar ook een genealoog met jarenlange ervaring en een begeesterd auteur.
Eén van zijn werken is ‘Criminaliteit in Camerlinckx Ambacht’, uitgegeven op 16 juni 2011. Het boek is te koop in de Standaard boekhandel en kost 28 euro.
De verhalen voor de moordtrip of erfgoeddag werden geput uit dat werk. We konden dus zeker geen betere gids treffen.

 1378662-e497c4359d9f65cee1a5770a7179d38b.jpg          1378662-7d453a3982ad6e86584ada98663c9ce7.jpg

Camerlinckx-ambacht was het gebied dat bestond uit de parochies Stene, Snaaskerke, Leffinge, Middelkerke, Slijpe/Mannekensvere, Westende en Wilskerke. (dus NIET Lombardsijde)
Hij schreef verder ook de geschiedenis van het kanaal Plassendale-Nieuwpoort onder de titel ‘De Nieuwe Riviere’ (voorgesteld op 14.2.2010). Ook de geschiedenis van Wilskerke (‘Willeckinskerke 400 jaar geleden’), gepubliceerd op 20 december 2012, is van zijn hand.
Andere werken van Eduard Vyvey: ‘De Legende van Fleris’, Leffinge vroeger en nu, Camerlinckx Ambacht – tot 1792/Middelkerke sinds 1977, Familiae Latfingae.
Hij geeft ook regelmatig voordrachten over heemkunde.
Een interessant, productief en verdienstelijk man, dus.

Aan boord van de moordtrein
Blijkbaar spreekt zoiets tot de verbeelding van de bevolking, want toen ik mij veertien dagen op voorhand inschreef voor één van de geplande ritten om 10 uur of om 14 uur, schenen beide reeds volzet te zijn. Dat betekende 2 x 60 geïnteresseerden, wat dus al een groot succes mocht genoemd worden. Gelukkig voor mij werd toen nog een derde rit voorzien om 17 uur met nog eens 60 deelnemers.
Voor de gratis rondrit in de criminele wereld in de 17e en 18e eeuw werd verzamelen geblazen aan het centrum ‘De Branding’.
Daarna werd het geelgroene tschu-tschu treintje uit Germany, met twee wagonnetjes à 30 reizigers, vooral ouderen, getrokken door een locomotiefje natuurlijk, op de sporen gezet voor een rit van twee uur.
Ik had mij wat warm aangekleed, met sjerp, omdat ik vreesde dat het niet te warm zou zijn op zo’n toeristentreintje. Verkeerd gedacht want de blakende zon op het volledig gesloten glazen treintje, deden de temperatuur zeer hoog oplopen.

Korte situering van de rondrit
Er waren zeven haltes voorzien, maar niemand mocht/moest uitstappen. De plaatsen waar de misdaden gepleegd werden, zijn inderdaad vandaag niet bezienswaardig meer, want na al die tijd maar vooral door twee wereldoorlogen in de twintigste eeuw bestaan die hoeven of huizen niet meer.

Halte 1: WILSKERKE – CENTRAAL: Jan De Cuelenaere baatte, samen met zijn vrouw Anna een hoeve uit. Zij hadden 5 kinderen waaronder drie meisjes, waarmee Jan incest pleegde. Na foltering bekende hij zijn misdaad.

Halte 2: LEFFINGE-NOORD, Torhoutsesteenweg: Landbouwer Joannes Denys had een verhouding met een andere vrouw Joanna. Na enkele mislukte andere moordpogingen, vergiftigde hij zijn nochtans veel jongere echtgenote Maria. Joannes en zijn aanhoudster werden betrapt en geradbraakt.

Halte 3 : LEFFINGE- CENTRAAL, Kerkplein: Cornelis van Bourgognie was schoolmeester, koster en hij was bijzonder vaardig in het namaken en vervalsen van handschriften en handtekeningen. Hij maakte daarvan gebruik om bedrog en fraude met documenten te plegen. Hij werd in 1722 in Gent ter dood veroordeeld en op gruwelijke wijze geëxecuteerd. (wurging en onthoofding)

Er was een pauze voorzien in het centrum ‘De Zwerver’ in Leffinge maar ook daar werd gewoon doorgereden.

Halte 4: SLIJPE-CENTRAAL, Gistelstraat: De 25- jarige Cornelis Boydens wist dat zijn heel wat oudere buurvrouw Maria Hendrickx over aardig wat centen beschikte. Hij raadde haar zelfs aan hoe ze te bewaren. Maria had hem echter door en maakte hem uit voor dief. Dat werd haar dood want Cornelius vermoordde haar. Hij werd daarvoor bedacht met stokslagen en zijn armen en benen werden verbrijzeld.

Halte 5: SLIJPE-BRUG: de zaak Barbele – hekserij. Ze werd veroordeeld wegens verboden geneeskundige handelingen (aderlatingen), wegens misbruik van God’s naam, enz …

Halte 6: LOMBARDSIJDE-TUINWIJK, Schuddebeurzeweg, de zaak Pieter Roeland, die zijn vrouw verdronk in een gracht omdat ze hem niet wou vertellen waar ze geweest was. Zijn rechterhand, waarmee hij zijn vrouw op het hoofd geslagen had, werd afgehakt en hij werd tentoongesteld op een rad.

Halte 7: MIDDELKERKE – DUINEN, Duinenweg, Middelkerke:

de zaak Wilson – diefstal met inbraak
de zaak Joachim Heindryx – zelfdoding

En het treintje reed maar door: de gids onderhield de reizigers met een interessante uitleg (met misschien iets te veel informatie). Hij beperkte zich niet tot de gevallen hierboven maar kruidde zijn uitleg met nog meer misdaden (Van Nieuwenhuyze, Van Wezemael, Pieter Boydens).

Besluit
Ik heb genoten van de uitleg van de gids en ik wil hem daarvoor nogmaals feliciteren, in de eerste plaats natuurlijk voor zijn opzoekingswerk.

Misschien hebben we wat te veel gereden naar plaatsen die ons niet konden herinneren aan de tijd van toen. Als de schepen voor cultuur wil onderzoeken in hoeverre ze van de rondrit een permanente attractie kunnen maken door ze bijvoorbeeld in een nieuwe wandel- of fietsroute te gieten” dan zal daar nog heel wat moeten aan gesleuteld worden.

Bronnen
‘De Sirene’ van maart-april 2013
Artikel van Dany Van Loo in ‘Het Nieuwsblad’ van 20 april 2013
http://www.erfgoeddag.be/erfgoeddag

Geschreven door stammer om 10:38 Reageer op dit bericht

Wat is er geworden van de openbare gebouwen in de deelgemeenten van Middelkerke vanaf de fusie van 1977 tot vandaag?

Ik herhaal …
Heeft de fusie van de huidige deelgemeenten met de kerngemeente Middelkerke veel veranderingen teweeggebracht?
Misschien herinneren jullie zich nog dat ik mij steeds een hevig tegenstander getoond heb van de fusie van Westende-Lombardsijde met Middelkerke. Ik ben daarin nog geen haar veranderd.
Mijn mening werd verwerkt in twee vroegere artikels, het eerste ‘Waarom mocht Westende in 1976 niet zelfstandig blijven?’ op 24 juli 2010 en het tweede ‘Kunnen we spreken van een gelukkig huwelijk tussen Middelkerke en Westende?’ op 22 augustus 2010. Jullie kunnen ze lezen in de map ‘Fusies’.
Ik heb het daarin uitvoerig gehad over de voor- en nadelen van een fusie. Ik val dus wel in herhaling maar dat is iets dat zwaar op mijn maag is blijven liggen. Ik denk niet dat ik mij daarin ooit zal kunnen vinden.
Maar ja, “er was eens een piot die kwaad was op de koning en die trok zich dat niet aan!”

Alle gemeentediensten zijn gecentraliseerd in Middelkerke.
Iedereen moet toch inzien en toegeven dat de deelgemeenten steeds minder belangrijk worden ten voordele van de kerngemeente, waar alles gecentraliseerd wordt. Dat geldt niet enkel voor het gemeentehuis, maar ook voor de politie, het OCMW met het nieuwe en oude rusthuis ‘De Ril’, het gemeentepark, de brandweer, de technische diensten, het containerpark. Men kan rustig stellen dat de centralisatie algemeen is. Neem nu de sport: de sportinstallaties (zwembad, sportpark ‘De Krokodiel’, zaal ‘De Branding’) en sportploegen (zoals jeugdvoetbal, volleybal, enz….).
Ook de cultuuractiviteit speelt zich vooral in de kerngemeente af: de bibliotheek (luxegebouw in Middelkerke tegenover kleine aanhangsels in de deelgemeenten) en de culturele centra (toneel, zangkoor, muziekschool, stripfestival, feestzaal, …). In Westende speelt zich enkel nog het driejaarlijkse Beaufort af.
Zelfs de nieuwjaarsreceptie, aangeboden door het gemeentebestuur aan de inwoners wordt gehouden op het ‘evenementenplein’ van de kerngemeente. Als ze er in Westende ook één willen, moeten de handelaars die dan maar aanbieden!!

De private dienstverlening is gevolgd
Ook de private dienstverlening situeert zich haast volledig in de kern: de markten (donderdagmarkt en boerenmarkt op zaterdag), kind en gezin, de postdiensten (enkel nog een kantoor in de kerngemeente), de shoppingzone en –centra, uitgezonderd voor wat Westende betreft, een kleine Okay en een Delhaize, grote firma’s, industrieterreinen, ….

Wat blijft er over na zo’n fusie in de levendige dorpen van weleer?
Wat stelt een dorp nog voor zonder gemeentehuis, zonder postkantoor, zonder politiebureau?
Die brachten tenminste leven in de brouwerij!
Het gemeentebestuur vroeg Samenlevingsopbouw om de kleinste dorpen in het ‘Hinterland’ (Sint-Pieters-Kapelle, Slijpe, Schore en Mannekensvere) nieuw leven in te blazen.
Ze doen dat ‘omdat de leefbaarheid in de dorpen onder druk staat: dienstverlening trekt weg, buurtwinkels sluiten en men ziet het sociaal contact achteruit gaan. Dit vormt vooral een probleem voor ouderen, hulpbehoevenden of mensen in armoede die weinig of niet kunnen rekenen op een sociaal netwerk. Bovendien hebben heel wat dorpsbewoners het gevoel dat het beleid weinig aandacht voor hen heeft en dat alle aandacht en middelen naar de kuststreek gaan.’
Schijnbaar vindt het bestuur dus dat Westende en Lombardsijde, vooral de dorpskernen dan, daar niet onder te lijden hebben. Ik betwijfel en betwist dat ten zeerste, hoewel de problemen in het hinterland inderdaad nog schrijnender zijn.
Hoe goed alle inspanningen ten voordele van de deelgemeenten ook mogen bedoeld zijn, ze kunnen niet opwegen tegen het feit dat men het hart van de deelgemeenten weggesneden heeft en dat zoiets niet zomaar in een handomdraai opgevuld wordt.
Waarom blijft men dan toch verder alles centraliseren in Middelkerke? Welke winst levert dat op, buiten het opblazen van het imago van enkele blauwe bestuursleden?
Daar zou eens een diepgaand debat over moeten gevoerd worden! ‘Wishful thinking’?

In mijn huidig artikel wou ik eens in de verf zetten wat er geworden is van de vroegere gebouwen voor de openbare diensten in de deelgemeenten.

De gemeentehuizen

Westende
Het zenuwcentrum van de vroegere gemeente is nu een naschoolse opvangdienst.
Je vond er vroeger nog een lokaal van de heemkring ‘Graningate’ maar nu? Dat moet een goed bewaard geheim zijn, want niemand schijnt iets te weten over de verdere bezetting. Die zal er dus wel niet zijn, want wie zal nu rondvertellen dat zo’n groot gebouw zo onderbezet is?

1337188-d01f0ec13306fc4dd6c2a61316951f9a.jpg

Lombardsijde
Werd in 1971 samengevoegd met Westende en in 1977 met Middelkerke.
Het oud gemeentehuis, dat jullie hieronder zien, werd afgebroken.

1337188-85e63d127522d4092e49a863c0ceea76.jpg

Leffinge
Werd in 1977 bij Middelkerke gevoegd.
Het laatste gemeentehuis van Leffinge werd eerst een horecazaak en in 2008 ging het niettegenstaande hevig protest tegen de vlakte om plaats te maken voor appartementen, die schijnbaar beter de zaak van het blauw gedeelte van het schepencollege dienden. Dat was inderdaad ‘Het Schippershuis’.
Hieronder zien jullie de actie en het resultaat in beeld gebracht.

1337188-0b8ebc677fb0dfa5214d37a54fe3a40e.jpg

Slijpe
In 1971 werd Slijpe de kern van een nieuwe gemeente Spermalie: Sint-Pieters-Kapelle, Schore en Mannekensvere werden erbij gevoegd.
Het gemeentehuis werd gebouwd in 1924 naar een ontwerp van architect A. Neirynck uit Uitkerke. Het staat er nog steeds in de schaduw van de kerk.
Boven de dubbele toegangsdeur staat in sierlijke letters het woord 'GEMEENTEHUIS'.
Na de fusie (toen alle gemeentelijke diensten naar Middelkerke verhuisd waren) deed dit gebouw respectievelijk dienst als postkantoor, klaslokaal en als vergaderruimte voor de kerkfabriek en plaatselijke verenigingen.
Het gemeentebestuur bereidt de renovatie van dit oude gemeentehuis voor en wenst er een horecazaak (‘De Tempelier’) en een fietsinformatiepunt in onder te brengen. Aan de gevel hangt een doek ‘Middelkerke investeert in Erfgoed’.

1337188-c9ba58321fea383e66d044d1aabb4214.jpg

Wilskerke
Fusioneerde in 1977 met Middelkerke.
Tot in 1971 stelde dit gemeentehuis niet veel voor. Het bestuur huurde een voutekamertje in de plaatselijke herberg, waar de gemeenteraadszittingen doorgingen en waar o.a. de huwelijken werden voltrokken.
In 1971 verhuisde het gemeentehuis naar een villa – in de volksmond ‘het kasteeltje’ genoemd – in de Spermaliestraat, waar nu het nieuwe politiekantoor staat. Dit gebouw bleef fungeren als gemeentehuis tot aan de fusie met Middelkerke.
Eduard Vyvey (gepensioneerd onderwijzer uit Leffinge die momenteel in Gistel woont) heeft een boek geschreven over Wilskerke met als titel ‘Willeckinskerke 100 – 200 – 300 – 400 jaar geleden’. Het was (is?) te koop in de Standaard boekhandel in Middelkerke. Het boek bevat ook een aantal foto’s van het ‘oude’ en het ‘nieuwe’ gemeentehuis, respectievelijk op de pagina’s 12 en 74.
De auteur gaf mij de toelating om ze te publiceren op mijn blog. De foto’s zouden mij opgestuurd worden, maar ik heb ze helaas nog niet ontvangen.

Hieronder zien jullie links het oud-gemeentehuis van Mannekensvere, in het midden dat van Mannekensvere en rechts dat van Schore

1337188-e0a6dcf7544dff045f5bfeec90f71004.jpg

Mannekensvere
Het nog bestaand gebouw bevindt zich in de Brugsesteenweg op nummer 85. Het is een neo -renaissancistisch ontwerp van architect Raison van tijdens het interbellum.
Volgens de website van de gemeente kan er een zaal met een toog gehuurd worden. Die schijnt gebruikt te worden door de Boerinnenbond en voor kaartersavonden. Ik heb eens in de andere lokalen binnengekeken en ze zijn gewoon verwaarloosd.
Links van het gemeentehuis voorzag de architect ook een woning, waarschijnlijk voor de veldwachter van het dorp. Het is nu een gezinswoning.

Sint-Pieterskapelle
Wie kent niet dit gebouw op nummer 30 van de ? Je kunt er niet naast kijken. Het is een ontwerp van architect T. Raison (Brugge) van 1923, gedateerd 1925. Het getuigt van de verzorgde wederopbouwarchitectuur geïnspireerd op de Vlaamse renaissancestijl met wapenschild in het boogveld.
Ik heb eens met de bewoonster gesproken die er al woont sinds de fusie met Spermalie.

Schore
De aaneengesloten dorpskern is gegroepeerd rond de parochiekerk. Hij bestaat voornamelijk uit burgerhuizen, enkele winkels (nr. 31, 39) en het volkscafé genoemd naar zijn vroegere functie, meer dan 40 jaar geleden "OUD GEMEENTEHUIS" (Schorestraat nummer 19) met houten tafeltjes en bijpassende stoelen, die nog uit de goeie oude tijd stammen.

De Postgebouwen

Westende
In Westende-bad is er meer dan 100 jaar een postgebouw geweest. Dat is helaas sinds 1 februari 2007 niet meer het geval. Besparingen heet dat officieel, grotere winsten op de kap van de burger-belastingbetaler, heet ik dat. De posttarieven rijzen nochtans de pan uit terwijl de service vermindert.
Ik beperk mij hier tot de gebouwen die velen onder ons nog gekend hebben.
Van de Distellaan verhuisde de post naar de Henri Jasparlaan. Jullie zien hieronder links en in het midden de post in de Distellaan vroeger en recenter. Rechts de benedenverdieping van het appartementsgebouw waarin het laatste postkantoor van Westende gevestigd was.

1337188-0e47e36aede4949a171489a9e68612dd.jpg

Nu is er enkel nog een postpunt in de Press Shop, Distellaan 32 sinds 3 september 2012. (voorheen in de ‘Spar’ van 15.10.2007 tot 1.12.2011)

Lombardsijde
Ook in Lombardsijde kunnen we spreken van opeenvolgende locaties voor het postgebouw.
Na het gebouw op de hoek van de Schoolstraat en de Oude Nieuwpoortlaan, verhuisde het kantoor naar het huis van brievenbesteller Marcel Ureel in de Schoolstraat. Daarna werd het ondergebracht op de hoek van de Zeelaan en de Lombardsijdelaan.

1337188-50d51cafaef3e4aca238ca0b51bf644a.jpg

Nu is er nog slechts een postpunt in de dagbladwinkel schuin daar tegenover.

Leffinge
Op 1 februari 2007 werd ook het postkantoor in de Dorpstraat in Leffinge gesloten.
Hieronder zien jullie het gebouwtje, vroeger en nu.

1337188-bd51ae700c91a464046bb109c6c0340e.jpg

Ook in deze deelgemeente is er slechts een postpunt overgebleven, namelijk in ‘De Spar’, Dorpsstraat 37.

Slijpe
Het oud gemeentehuis werd na de fusie met Middelkerke gebruikt als postkantoor.

Mannekensvere, Sint-Pieterskapelle en Wilskerke
Deze deelgemeenten hebben nooit een postkantoor noch een postpunt gekend. Ze moeten dus naar het postkantoor in Middelkerke (10 à 12 km) of naar de postpunten in Westende-bad of in Lombardsijde.

De politiekantoren

Het korps van de lokale politie Middelkerke werd na de hervormingen van het politielandschap in 2001 gevormd door de samensmeltingvan derijkswachtbrigade 'Middelkerke' en de gemeentepolitie. De Politiezone Middelkerke ging effectief van start op 01/01/2002, en is sindsdien actief op het ganse grondgebied van de gemeente en zijn 9 deelgemeenten.
Middelkerke beschikt momenteel over zes wijkinspecteurs. Elke wijkinspecteur heeft een sector toegewezen gekregen waarin hij/zij actief is. Omdat de woningen in de deelgemeenten Sint-Pieterskapelle, Schore en Mannekesvere zeer verspreid liggen, wordt de wijkdienst er verzekerd door motorrijder JohanDeschacht.

Westende
In de Westendelaan 302 in Westende-dorp is er ooit een drukbezet politiekantoor geweest.

1337188-35316d6eea3436d94aea0f19f03fbc6b.JPG

Nu opereert van daaruit de wijkagent van Westende- dorp. Alhoewel een bord naast de ingangsdeur aangeeft dat het kantoor open is van 8 tot 12 uur, zijn er geen vaste openingsuren. Enkel wanneer wijkagent Marc Desmet van dienst is én zich niet op het terrein bevindt, is het kantoor open. Maar ja Westende is toch zo veilig en men kan altijd terecht 5 kilometer en half verder in Middelkerke.
Mag ik misschien opmerken dat ook dat zeer groot gebouw fel onderbezet is? Had men misschien die bibliotheek niet kunnen onderbrengen in het oud gemeentehuis of in het oud politiebureau, mits de nodige renovatie, in plaats van er een nieuwe te bouwen tussen de twee? Maar ja, de wegen van politici zijn ondoorgrondelijk!

Bronnen
http://www.middelkerke.be/page744625134.aspx
http://www.participatiewordtgesmaakt.be/websites/52/uploads/file/Middelkerke.%20Een%20kustgemeente%20met%20aandacht%20voor%20zijn%20dorpen.pdf
Huys M., Kerrinckx H. & Vanneste P. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Middelkerke, Deelgemeenten Leffinge, Lombardsijde, Mannekesvere, Schore, Sint-Pieterskapelle, Slijpe, Westende en Wilskerke, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL10, (onuitgegeven werkdocumenten).
http://www.samenlevingsopbouwwvl.be/sowvl.php?page=watwedoenoverzicht.php&cat=project&sort=titel&pagetitle=Projecten

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Middelkerke heeft nu toch een gemeentevlag!

Telkens ik vlaggen zie wapperen in Middelkerke, word ik er helaas opnieuw mee geconfronteerd: de huisstijlvlaggen. Niet dat die in mijn weg hangen, maar ik mis een echte gemeentevlag. Ik heb daarover op 26 juli 2009 al een artikel geschreven met als titel “Huisstijlvlag maar geen gemeentevlag in Middelkerke!’ Jullie vinden het in de map ‘Gemeentediensten’.
Hebben jullie dat misschien gelezen? Dan weten jullie dat ik dat initiatief afgekeurd heb, alle mogelijke intenties van het gemeentebestuur ten spijt. Waarom? Omdat het een toeristische vlag is, geen officiële!
Met ‘huisstijl’ wordt bedoeld dat die vlag visueel de symbolische identiteit van de gemeente zou moeten uitstralen. Dat is nu reeds het tweede model. Jullie zien ze beide hieronder. Het eerste, de witte met het logo, werd later vervangen door een oranje - blauwe waarop volgens de ontwerpers de zee en het strand centraal staan. Negen blokjes zouden de negen deelgemeenten voorstellen, drie blauwe voor de badplaatsen Middelkerke, Westende en Lombardsijde en zes gele voor de deelgemeenten in het hinterland. De golvende lijn stelt de duinen, de kust, het strand en de zee voor en moet een dynamische input aan het logo geven. Samen met de blokjes vormt ze een vlieger, een ‘speels element’, wat het kindvriendelijk karakter van de gemeente zou beklemtonen. Onder de gemeentenaam ’Middelkerke’ staat het woord ‘gemeente’.
Dat zou duiden op ‘het gezellige, het vriendelijke, het sociale en het mensvriendelijke karakter (naast de grootsteden(??) in de buurt).’ Je moet het maar kunnen uitleggen!

1311109-4da80c6ccd4b2db3cb21593994b82be6.jpg 1311109-a0b48539d8a3b1b5f3cc3c68e6797bfa.jpg

Ik vind dus nog steeds dat deze huisstijlvlag onmogelijk kan doorgaan voor de officiële vlag van de gemeente. .
Er bestaat namelijk een decreet van 27 april 2007 van de Vlaamse gemeenschap, waar in artikel 2 §1 voorzien is dat elke gemeente een wapenschild en een vlag moet hebben. En die worden niet zomaar gekozen. Een gemeentelijke vlag moet verwijzen naar de kleuren van het wapenschild en moet ‘heraldisch verantwoord’ zijn. De vlag moet samen met het wapenschild een symbool zijn voor de gemeenschap van al de burgers die men ‘gemeente’ noemt. Die heeft dus niets met de toerist te zien.
De vlag moet goedgekeurd worden door de gemeenteraad en door de Vlaamse Gemeenschap.
Ziehier het wapenschild van de gemeente, dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad na de fusie van 1977.

1311109-1cd6fc689212a4f5ce58b91a8e7c9419.jpg

Het is een samenvoeging van het schild van Camerlinx Ambacht in het Brugse Vrije, links, en rechts het schild van Lombardsijde, omdat dit geen deel uitmaakte van het Camerlinx Ambacht.

Zelfs de heemkundige kring ‘Graningate’ speelde het spel van de gemeente mee
Toen de heemkring enige tijd geleden, in samenwerking met de dienst Erfgoed, een tentoonstelling * organiseerde over verenigingsvlaggen (en een aantal officiële) zouden veel mensen het een gemis gevonden hebben dat de officiële Middelkerkse vlag er niet bij was. De cultuurdienst zou er nochtans één gezocht hebben, maar zou er geen deftige gevonden hebben. Zie je wel?
De voorzitter van ‘Graningate’ had het toen in zijn toespraak over de vlag en de symboliek daarvan. “Vlaggen zijn belangrijke stukjes erfgoed voor verenigingen en voor de hele gemeenschap. Ze vertellen een kleurrijk verhaal over de geschiedenis, de waarden en de inspiratie van een vereniging.”
Hij sprak over ‘de vlag van de vereniging’ waar de leden achter staan en van ‘de vlag van de gemeente’.
Ik blijf dus bij mijn mening dat men die huisstijlvlag gewoon beschouwde als de gemeentevlag.
De pers kondigde die destijds ook als dusdanig aan. Waarom zou die anders aan het gemeentehuis gewapperd hebben, naast de Belgische driekleur en de provinciale vlag en met de Vlaamse vlag aan de kerkzijde?

Ook Wikipedia gaapt de gemeente na
Jullie moeten maar eens de volgende link aanklikken:
 
http://nl.wikipedia.org/wiki/Middelkerke
Dan zullen jullie kunnen vaststellen dat de fameuze huisstijlvlag daar als de ‘vlag van Middelkerke’ voorgesteld wordt en dat de officiële gemeentevlag hen niet bekend is.

Een nieuwe ontwikkeling
Mijn verwachting is nog nooit geweest dat één van mijn artikelen in de gemeente iets zou losmaken, dat men naar mij zou luisteren. Als dat dan toch gebeurt, zelfs al is dat toevallig, dan vind ik dat een goeie zaak.
De cultuurdienst van de gemeente heeft mij nu nieuwe informatie en foto’s bezorgd, die erop wijzen dat er wel een gemeentevlag bestaat in Middelkerke of tenminste ooit bestaan heeft.
De officiële Middelkerkse vlag zou toegekend zijn in 1987 (volgens het ministerieel besluit van 26 mei 1987). Daarin wordt, zoals het ook hoort, verwezen naar het wapenschild.
Een officiële voorstelling vinden jullie hier:
https://inventaris.onroerenderfgoed.be/dibe/geheel/20192
Het zilver van het wapen is in de vlag vervangen door wit, overeenkomstig de heraldische kleurregels.

Waarom wordt die vlag dan niet gebruikt?
In tegenstelling tot het wapen – dat vervat zit in het gemeentezegel – gebruikt Middelkerke zijn officiële vlag zelden. Maar er is een periode geweest dat het bestuur het wel intensief gedaan heeft…
Daarvan getuigen de volgende foto’s.

1311109-547c3b6f432790023237afb32d6eb8be.jpg 1311109-ba6db325e27112828491ed98ad864a26.JPG

In de periode vóór de officiële (1987) en de huisstijlvlaggen (2003) werden blauwwitte vlaggen gebruikt.

1311109-e65e12ee2862ac1cb8fdf5f7f12eabbf.jpg

Dat was eveneens het geval in Westende maar hier was de vlag diagonaal ingedeeld in een blauwe en een witte helft. Ik heb er helaas geen afbeelding van gevonden. Is iemand misschien in het bezit daarvan?
Ondertussen heeft de gemeentelijke cultuurdienst, in samenwerking met de dienst Informatie, een nieuw ontwerp gemaakt en zijn er twee exemplaren in productie: één om in de raadzaal te zetten en een andere die kan meegedragen worden bij allerhande plechtigheden.

Ik zou graag eens de mening kennen van de lezers van deze blog. Ik ben toch niet de enige verdediger van de echte gemeentevlag, zeker? In de rechtse marge onderaan vinden jullie een keuzevenstertje. Bedankt bij voorbaat voor jullie medewerking!

Aanvulling
De dienst 'Cultuurbeleid' van de gemeente, met name Stijn Van Loock, stuurde mij een foto waarop de vroegere vlag van Westende nog gebruikt werd naast de officiële vlag van de gemeente.
Onderstaande foto dateert van 2003.

VlagWestendeNaastOfficiele2003.jpg

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

Open Monumentendag 2012 op 9 september 2012 in Midelkerke, zeg maar in Westende

Op zondag 9 september 2012 vierde Vlaanderen voor de 24ste keer Open Monumentendag. Dit jaar stond de dag helemaal in het teken van cultuur met grote én kleine c. ‘Muziek, woord en beeld’ was de leidraad.

1233477-ccc63295932b39d6a2c9abdaeb14e59b.jpg

Open Monumentendag in Europa
De idee voor een Open Monumentendag ontstond op Europees niveau. De eerste dag van die aard werd in 1984 georganiseerd door Frankrijk. Het initiatief kende zo’n succes dat in 1985 op een ministerconferentie een resolutie werd goedgekeurd die aanspoorde tot sensibilisatie van de bevolking voor onroerend erfgoed. Er werd onder meer een beroep gedaan op eigenaars om hun gebouwen open te stellen voor het publiek en er werd aangestuurd op gemeenschappelijke actie door de openbare besturen, partners uit de privésectoren en het verenigingsleven.
In het tweede weekend september kom je dus nu gegarandeerd op een plek terecht waar je nog nooit eerder bent geweest.

Gintergemeenten pakken de dag gezamenlijk aan
Ginter (www.ginter.be) staat voor een cultuurregio tussen Oostende, Roeselare en Brugge.
Middelkerke, Gistel, Oudenburg, Ichtegem, Zedelgem, Kortemark, Torhout en Oostkamp werken samen rond het communiceren en beter afstemmen van hun cultuuraanbod.
Open Monumentendag maakt deel uit van die samenwerking en stond dit jaar weer in het teken van ‘Proeven’.
In elke locatie werd een gratis streekproduct uitgedeeld. Wie meerdere gemeenten bezocht, kon dus genieten van meerdere producten. Wie er drie bezocht, kreeg nog een gratis duoticket voor een voorstelling die je kunt kiezen uit diegene die vermeld staan in de brochure die op de open monumentendag uitgedeeld werd. Voor Middelkerke is dat een filmvoorstelling (7.10.12) of een comedyvoorstelling (28.10.12) in ‘De Branding’

Wat mochten we dit jaar in Middelkerke verwachten?
Middelkerke neemt traditiegetrouw deel aan de Open Monumentendag. Dit jaar werd gegraven in het thema muziek, op zoek naar de Westendse erfgoedconnectie met jazz.
In Westende - bad was de villa Sybaris het centrale punt. Daar bracht namelijk de Franse jazzmuzikant Peter Packay (artiestennaam voor Pierre Paquet) zijn vakantie door. Hij hoorde samen met David Bee, Fud Candrix en Stan Brenders bij de grote namen uit de vroege, Belgische jazzscene van de jaren ‘20 en ‘30, niet toevallig een bloeiende periode van swingend Westende.

1233477-f253e3fd3b71edfa1bf60c2e6602bac8.JPG

Villa Sybaris
Deze interbellumvilla uit 1925 is gelegen in de Distellaan nummer 70.
Enkele jaren geleden werd ze gerestaureerd. In 2002 werd het een beschermd monument. Volgens Wikipedia was ‘Sybaris’ (Grieks-) de naam van een antieke stad aan de Italiaanse zuidkust. De weelde die er heerste tijdens de zesde eeuw voor Christus was zo groot, dat de naam vermeld werd als synoniem van plezier en luxe.

Houden jullie van jazzmuziek?
De jazz wordt door sommigen beschouwd als Amerika´s belangrijkste bijdrage aan de muziekgeschiedenis. Samen met de blues, voorvader van de jazz, is het één van de eerste echte oorspronkelijk Amerikaanse muziekstijlen. Van oorsprong is de jazz, evenals de blues, een versmelting van Afrikaanse en Europese muziekstijlen die plaats vond in Amerika.
In eerste instantie is jazz een vorm van geïmproviseerd muziek maken. Ze kan echter ook gecomponeerd, gearrangeerd en opgeschreven worden. Het ritme van jazz is een samenstel van ´swingende´ maat en veelvuldige tegenritmen.

Wie was Peter Packay of Pierre Paquet?
Ik moet eerlijk bekennen dat ik voorheen nooit van een jazzmuzikant gehoord had die in Westende zou verbleven hebben.
Betekent dit dat Pierre Paquet niet echt een grote naam is? Helemaal niet! Eerst en vooral ben ik niet zo’n groot muziekliefhebber, laat staat een muziekkenner. Heel veel is er op internet ook niet over zijn persoon te vinden, wel over zijn muziek.
Ook de gemeente heeft nooit, voor zover ik weet, veel tamtam gemaakt rond zijn naam. De villa ‘Sybaris’ is wel een beschermd monument, en dat is te zien aan het specifiek kenteken dat op de gevel aangebracht is, maar een naamplaatje, dat herinnert aan de muzikant, is er niet te zien.
Hij werd geboren in Brussel op 8 augustus 1904.
Zijn latere boezemvriend, David Bee, werd geboren in Brussel in 1903 als Ernest Craps. Diens vader was beenhouwer, zijn moeder harpiste aan de Muntschouwburg.
De jonge Ernest onderging reeds zeer vroeg de invloed van de Anglo-Amerikaanse ragtimes, cake-walks. one-steps en andere nieuwsoortige dansmuziek uit die jaren.
Hij was een uitmuntend harpist, liep school in het “Institut Dupuich” en maakte er kennis met een leeftijdsgenoot die Pierre Paquet heette. Pierre had evenals zijn vriend Ernest veel aanleg voor de muziek en speelde trompet. Beiden droomden ervan om later muzikant te worden. Maar ingevolge een zwaar ongeval belandde Pierre in het ziekenhuis en verloren ze elkaar uit het oog.
Na zijn studies vervulde Ernest zijn militaire dienst en leerde saxofoon en klarinet spelen. In 1925 – hij was er 22 - werd hij lid van het bekende “Bistrouille Amateur Dance Orchestra”. Ter gelegenheid van een feest waarbij een tweede orkest nodig was, ontdekte hij opnieuw zijn vroegere vriend Pierre die trompettist was in een amateursorkest, de “Versaty Ramblers”. Nu werd Pierre ook lid van het “B.A.D.O” Het jaar daarop – in 1926 – werd onder de auspiciën van het jazzmagazine ‘Music” van uitgever Felix Faecq een eerste “Récital de Jazz” georganiseerd. En onverwacht oogstten Ernest en Pierre een overweldigend succes, niet alleen met hun optreden maar in het bijzonder met enkele nummers die ze samen componeerden onder hun “ver-Engelste” namen David Bee en Peter Packay. Ziedaar het begin van een samenwerking die in grote mate hun verdere loopbaan zou bepalen.
In 1926 vormden de twee ‘The Red Beans’. Ze creëerden aldus veel composities en arrangementen. Zij gingen op tournee naar Italië, Frankrijk, Spanje en Nederland, tot de band in 1929 ontbonden werd. Enkele van hun nummers (voor kenners): Do let me try, Thalassa, Allahabad, Avignon, Baby Lou,Charleston Daisy, Slow gee gee, China, Pearl of the East, Al Sereno, Vladivostok en Pamplona.
Maar het componistenduo Peter Packay en David Bee zou vooral bekendheid krijgen met nummers als "High tension" en "Obsession". Ook in de Verenigde Staten maakten ze opnames.
Ook voor onze Belgische jazz was 1927 een jaar van buitengewone betekenis.
Op initiatief van Felix Faecq, uitgever van het jazzmagazine “Music” en muziekpartituren , werd op 27 en 28 juni de eerste Belgische jazzplaat opgenomen in Londen met “Chas Remue and his New Stompers” voor het label “Edison Bell. Het was een jong, dynamisch, maar vrijwel nog onbekend septet dat bestond uit Remue (leider, altsax / klarinet), Alphonse Cox (trompet), Gaston Frederic (tenorsax/klarinet), Herri Leonard (trombone), Harrry Belien (slagwerk) , Stan Brenders (piano) en Remy Glorieux (sousafoon) Van de veertien nummers die werden opgenomen waren er vijf composities van het duo David Bee/Peter Packay : Vladivostok, Pamplona,The bridge of Avignon, Allahabad, en Slow Gee- Gee.
In 1928 zou Peter Packay met zijn "Red Robbins" een nieuwe plaat opnemen bij de Londense Edison Bell Studios.
Ziehier enkele covers van hun muzieknummers:

1233477-22f92743b57ae24afef96dbbfd5aa160.jpg>

Tijdens de winter 1929-1930 bracht Peter een bezoek aan zijn vriend David in Berlijn en samen componeerden zij voor die gelegenheid een wals “I wish I couldn’t forget you.’
Willen jullie een nummer horen van Packay’s ‘Swing academy’ uit 1936? Het heet “8 Bars In Search Of a Melody” http://www.youtube.com/watch?v=-tW4P0ymsaM Op http://www.youtube.com/watch?NR=1&v=YOOy8H8NOSw&feature=endscreen kan ‘Vladivostok’ beluisterd worden.
Waarom ik daarna niets meer terugvond over de loopbaan van Pierre Paquet en zijn eventuele optredens, ook in het mondaine Westende (zie verder), is mij niet duidelijk. Traden ze misschien meer op in het buitenland?

Peter Paquay overleed in Westende op 26 december 1965.

Het programma van 9 september 2012

Gidsbeurt in de Sint-Theresiakapel, gevolgd door concert
In Middelkerke bestaat een uitzonderlijk grote verering van de heilige Theresia. Er zijn namelijk twee kapellen aan haar gewijd. De eerste in Westende-bad in de Badenlaan, de tweede in de Leopoldlaan in Middelkerke.
Ziehier hoe ze er uitzien:

1233477-2334989826530a5cc31720fb08fe79d9.jpg> 1233477-da624b1ad4ee30563eb052e4629f389f.jpg>

Ik las op de website van de gemeente: “In de voormiddag, tussen 10 en 13 u., staat de Sint-Theresiakapel van Middelkerke centraal. Deze kapel werd grotendeels in beton opgetrokken in pure Art Décostijl naar een ontwerp van de Oostendse architect Albert Victor Fobert. Speciaal te vermelden zijn de glasramen en de betegelde lambrisering. Om 11.15 u. is er een optreden van ‘The Joe Mullen Band”.
Aangezien Westende-bad een deelgemeente is van Middelkerke en ik eerlijk moet toegeven dat ik niet wist dat de kapel in Middelkerke dezelfde naam draagt als deze in Westende, dacht ik dus, samen met een tiental anderen, dat ik juist zat, toen ik in Westende stond te wachten op het begin van de activiteit.
Ik had natuurlijk moeten zien aan de beschrijving dat de architect niet Victor Rubbers was en de glasramen niet van Cor Westerduin. Dat zijn immers twee kenmerken van de Westendse kapel.
De verrassing was groot toen we de affiche op de kapeldeur bekeken. Hier is ze:

1233477-65adadfaff80044807579689c756b6fd.jpg>

De organisatoren moeten zeker ook gedacht hebben dat er verwarring mogelijk was, vandaar de met hand bijgeschreven locaties. Ikzelf heb dus weer iets bijgeleerd.
Er zat dus niets anders op dan naar Middelkerke te rijden. Groot was mijn verwondering toen ik zag dat de kapel in de steigers stond, een restauratie die inderdaad hoogst noodzakelijk schijnt te zijn.
In de brochure over de kapel kon ik natuurlijk lezen dat de voornaamste troeven van de kapel de betegelde lambrisering waren en de glasramen.
Hieronder zien jullie die:

1233477-23b0878de9aba4ed4da9078585078251.jpg> 1233477-86bc2f8bd11b3ce77df2154214648998.jpg>

Maar… glasramen waren er niet te zien. Ze waren waarschijnlijk weggenomen om ze ook te restaureren.
Men kan zich dus de vraag stellen of deze locatie eigenlijk wel geschikt was om op open monumentendag mee uit te pakken.
Maar er was ook nog een concert, aangekondigd voor 11u15, geafficheerd om 11 uur.“The Joe Mullen Band”, bestaande uit twee mannen en twee vrouwen, startte om 11 uur, maar dat scheen maar een proef te zijn, want daarna gingen ze zich in het zwart omkleden en om 11u15 herbegonnen ze, onder het goedkeurend oog van cultuurschepen Carine De Jonghe en een tachtigtal luisteraars..

Dus toch 11u15!

Vrij bezoek aan villa Sybaris of niet?
Ik was tegen 14u45 naar Westende-bad gereden met de bedoeling even te kijken hoe de ‘Sybaris’ er van binnen uitziet. Ik had immers gelezen dat die vrij te bezoeken was van 14 tot 18 uur, met die beperking dat sommige delen, buiten de aangeduide, niet toegankelijk zouden zijn. Dat was echter zonder de eigenaar gerekend, een gewezen ingenieur uit Parijs (en neef van Pierre Paquet?)
Marc Constandt beweerde nochtans mordicus dat de gemeente nooit had afgesproken dat de villa mocht bezocht worden. Waarom zouden we hem niet geloven? Wie kondigt dan zoiets aan? Iemand die zich interessant wil maken?

Jazzwandeling over 3 kilometer door de badplaats
Westende was ooit een mondaine badplaats, de Parel van de kust. Die status ging later wel verloren maar in de jaren dertig was Westende gereputeerd en nauw verbonden met Brussel.
Om 15 uur startte aan de ‘Sybaris’ een wandeling, voorafgegaan door een deskundige uitleg door muziekkenner David Stuyck over jazz en van een uitleg door de architect Luc Glorieux, die de renovatie van de villa uitvoerde. Er werd daarbij halt gehouden aan plaatsen die te zien hebben met het jazzverleden van Westende: de ex-Lac-aux-Dames met zijn vroegere ondergrondse balzaal en restaurant waar men uitzicht had op het zwembad, de verdwenen ‘Trianon’, ooit kursaal-ontmoetingsplaats voor de begoeden en tenslotte het luxueuze ‘Westend-Palace’. Wie kan zoiets beter gidsen dan Marc Constandt, een topkenner van Westende - bad en van zijn geschiedenis. Hij wist op een deskundige manier te verwoorden hoe bekende jazzmuzikanten zoals Archie Lewis, Fud Candrix en Jean Omer er in de dertiger jaren optraden en Westende aldus erkenden als jazzlievend. Hij toonde ook enkele foto’s van het plein voor het Westend-Palace waaruit moest blijken dat jazz ook dansmuziek is.

Als de sfeer bovendien aangenaam is en het weer uitzonderlijk goed (eerder iets naar de te warme kant), wat kan men nog meer wensen?

Jazzoptreden
Om 17 uur greep op het pleintje voor de ‘Sybaris” een optreden plaats door het Oostendse Ensemble Bas Bulteel, volgens de inleider David Stuyck een gerenommeerd jazztrio. De belangstelling was zeker tevredenstellend. Opvallend was het aantal oudjes, dat rond het podium plaatsgenomen had en dat met voeten of handen de muzikanten begeleidde.

Moet je voor cultuur echt altijd in Westende zijn?
Het is misschien een samenloop van omstandigheden, maar stilaan mag ik schrijven dat alles wat zich afspeelt in de culturele sector in Middelkerke, plaatsgrijpt in Westende.
De voormiddag van deze open monumentendag speelde zich wel af in een kapel van Middelkerke, maar de hoofdbrok viel alweer te beleven in Westende.
Dat was nu het geval en dat was ook zo voor Beaufort (alle kunstwerken in 2012 staan of liggen in Westende). Hetzelfde kan gezegd worden van Open Monumentendag 2011 en van Erfgoeddag 2011.

Bronnen
http://www.cultkanaal.nl/Muziek/Geschiedenis/Blues%20en%20Jazz/Jazz.html
http://www.jazzinbelgium.com/ldh/misc/pdf/articles/jazzbands20.pdf
Beknopte geschiedenis en beschrijving van de Sint-Theresiakapel door de heemkring ‘Graningate’
Brochure ‘Programma Gintergemeenten’ uitgegeven ter gelegenheid van Open Monumentendag 2012

Geschreven door stammer om 16:17 Reageer op dit bericht

Erfgoeddag 2012: Middelkerke doet wel mee deze keer … en hoe!!

Op 22 april 2012 werd voor de twaalfde keer een ‘Erfgoeddag’ ingericht. Naar goede traditie is dat steeds op de eerste zondag na de paasvakantie.

Welke is de betekenis van die dag?
Op die dag wil men publiek, pers en beleid in Vlaanderen en Brussel sensibiliseren rond cultureel erfgoed opdat iedereen op een eigentijdse, kwalitatieve en zinvolle manier zou omgaan met het cultureel erfgoed in zijn dagelijkse omgeving.
Erfgoeddag is een initiatief van FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw, in samenwerking met de erfgoedgemeenschappen in Vlaanderen en Brussel, met volle steun van de Vlaamse overheid.
Elk jaar wordt rond een welbepaald thema gewerkt. In 2012 was dat ‘Helden’.
Erfgoed is een zeer ruim begrip en het thema kan/mag ook ruim geïnterpreteerd worden. Erfgoeddag mag niet verward worden met ‘Open monumentendag’ waarop het publiek kennis kan maken met het bouwkundig, landschappelijk en archeologisch erfgoed. Op erfgoeddag wordt eerder het cultureel, dus roerend of niet-materieel erfgoed in de kijker geplaatst.

Vanwaar die titel van mijn artikel?
Misschien herinneren sommige onder jullie zich misschien nog dat ik in 2011 een artikel schreef met als titel “Heeft Middelkerke misschien geen cultureel erfgoed?”. Ik verwonderde me er toen namelijk over dat de gemeente niet deelnam aan de erfgoeddag met als thema ‘Armoe troef’. Ze lagen daar natuurlijk wel mee in de lijn van dat thema. De toen opgegeven redenen ‘Het thema lag ons niet te best’ en ‘Vrees dat de prestaties van vorige jaren niet zouden geëvenaard/ verbeterd kunnen worden’ en ‘Zowel deelnemen aan monumentendag EN aan erfgoeddag is te veel voor Middelkerke’ konden mij niet overtuigen.
Ik keek dus vol verwachting uit naar de editie 2012 en ik werd absoluut niet teleurgesteld.

Wat deed de gemeente in het verleden?
Dergelijke organisaties interesseren mij namelijk geweldig en Middelkerke kan ook bogen op enkele merkwaardige organisaties ter gelegenheid van ‘Erfgoeddag’ in het verleden. Laten we ze even overlopen.
Ik herinner mij vooral twee edities. De eerste is deze van 2008 waarbij onderzocht werd hoe men in het verleden tegen de toekomst aankeek, met de slogan 'Wordt verwacht'. Dat werd hier ‘Een halve eeuw kamperen’, een unieke tentoonstelling in de camping ‘Westende’.
De tweede, van 2010, ging over vervalsingen, constructies, kopieën en imitaties, met de roepnaam FAKE?’
In De Branding stelden toen 7 privé personen hun verzameling ten toon met uiteenlopende thema’s zoals o.a. schommelpaardjes, vlinders, ricard-attributen, oorlogsmaterialen en .... Fernand Feys met een klein deel van zijn verzameling over Freddy Maertens.

Aan de eerste editie in 2002 schijnt Middelkerke niet deelgenomen te hebben. De reeds bestaande Museum- en Archievendag werden toen samengevoegd tot een Erfgoedweekend, onder de slogan Ontdek mijn verleden. Het eerste thema werd ‘Verzamelen, verzamelaars, verzamelingen’.
De volgende editie van 2003 stond in het teken van Op reis. In de ‘Oude Post’, nu ‘Het Strandhuis’ genoemd, organiseerde de heemkring Graningate, in samenwerking met het gemeentebestuur, de eerste dag een tentoonstelling over 200 jaar pastoors te Middelkerke ‘Van Soutane tot burgerpak’. In de inkomhal van het gemeentehuis kon men de tweede dag een selectie bekijken uit de verzameling van het historisch project over het kusttoerisme. Tevens werden de boeken over Dokter Casse en ‘Massaal naar Middelkerke’ voorgesteld.
Vanaf 2004 werd het ‘weekend’ een ‘dag’. Het thema dat jaar was 't Zit in de familie. In ‘De Zwerver’ in Leffinge werd toen een tentoonstelling gehouden gebaseerd op Middelkerkse archieven over misdaden. In de namiddag vertelde Roland Desnerck pittige Middelkerkse volksverhalen.
Verschillende expo’s in 2005 stonden in het teken van Gevaar!: ‘Toeristen in gevaar’ in Ter Duinen, ‘Vissers in gevaar’ in de kerk van Lombardsijde, ‘Gevaren op zee’ in de mess voor officieren verteld door Julien Desseyn en reddersactiviteiten in het gemeentelijk zwembad.
Op 23 april 2006 kon het publiek terecht bij honderden erfgoedorganisaties voor een editie In kleur. Volgens ‘De Sirene’ nummer 92 van januari-februari 2006 zou Middelkerke daaraan deelgenomen hebben, maar ik heb daar verder niets over gevonden. Volgens de dienst ‘Erfgoed’ van de gemeente werd toen een kleine tentoonstelling gehouden in de lokalen van de heemkring met alle mogelijke vormen van gekleurd drukwerk.
In 2007 werden de vele waarden (financieel, emotioneel, enzovoort) van cultureel erfgoed aangehaald.
Er werden doorlopend originele archiefdocumenten en foto’s uit het boek ‘Middelkerke: ‘Van duindorp tot badplaats 1800-1914’ door Julien Desseyn tentoongesteld in De Branding.
De negende editie in 2009 behandelde de vriendschap. In de Branding werd een filmmontage getoond met unieke beelden uit privé-bezit, over het toeristisch gebeuren, over de Ezelstoet in Lombardsijde, over de O-L-V processie in Leffinge, over de viering van het honderdjarig bestaan van de badplaats Westende, over 1000 jaar Leffinge en over 800 jaar Schore.
Een bakker aan het werk in Westende en de boer op het land waren eveneens op de beelden te zien.

Zoals jullie ook kunnen vaststellen hebben de meeste activiteiten plaats in Middelkerke. Is dat enkel en alleen omdat zij een cultureel centrum hebben?
De verdiensten van de heemkring ‘Graningate’, daarbij volop ondersteund door het gemeentebestuur, wens ik hier dik te onderstrepen.

En nu naar onze Brandweer in 2012
De brandweerkazerne is gelegen in de Klein Kasteelstraat, naast het containerpark. Ze werd ingehuldigd op 30 augustus 1997. Het is een zeer ruim gebouw dat alle mogelijke faciliteiten biedt aan garages en pleinen. Multimediamateriaal is er in al zijn vormen aanwezig. Voor zover ik dat kan beoordelen is het modernste en meest gesofistikeerd materiaal aanwezig.
Het korps telt vier officieren en een vrouwelijke dokter en 39 manschappen, alle vrijwilligers.

Affiche
Bij mijn aankomst kon ik het onderstaand programma raadplegen.

AfficheErfgoeddag2012Helden.jpg

Boekje
De heemkring Graningate maakte een themanummer van 60 pagina’s over de Middelkerkse brandweer, met een historische reconstructie van alle korpsen, ook die van Leffinge en Westende. Men kon die ter plaatse aanschaffen voor de prijs van 8 euro. Ik kan jullie dit nummer 125 van het tijdschrift van de heemkring enkel maar aanbevelen. Voor de Westendenaars die niet wisten dat er in Westende-bad ooit (1927 – 1937) een vrijwillig pompierkorps bestaan heeft, staat er een interessant artikel in van de hand van Els Bloes. Hieronder zien jullie de opengevouwen kaft rond het tijdschrift.

Erfgoeddag2012FotoBrandweerkorps.jpg

Wat was er allemaal te zien?
Vooreerst was er een tentoonstelling over de brandweerman en zijn gevecht met de grote en kleine ongelukken die mensen in doordeweekse situaties tegenkomen, uit onhandigheid, vergetelheid, dommigheid, maar ook door toeval, tegenslag en andere wetten van Murphy.
Aan de hand van uniek film- en fotomateriaal en persoonlijke verhalen leren we onze brandweer kennen: soms kleine helden, soms grote helden. Doorlopend.
In de voormiddag waren er ook demonstraties door de jeugdbrandweer. ’s Namiddags kon men oefeningen blusbehendigheid voor de ganse familie bijwonen. Twee voorbeelden: geblinddoekt en uitgerust met een persluchttoestel een rokerige ruimte binnengaan of op de correcte wijze een brandende frietpot blussen.
De brandweer stelde natuurlijk ook zijn uitrusting tentoon, o.a. met een duikersstand en twee oldtimers! De eerste was een tankwagen, gebouwd in 1944, in leen gekregen van de garage Lamerant in Middelkerke en de tweede een jeep.
Er was ook een expo van uniek brandweermateriaal en een schitterende collectie miniatuurbrandweerwagentjes, door de jaren heen verzameld door mensen van de brandweer zelf.

Besluit
Graningate, de brandweer en de gemeentediensten die erbij betrokken waren, verdienen een hartelijk applaus voor deze organisatie. Marc De Jonghe, die korpschef is sinds 1987 (25 jaar op 20 oktober 2012!), mag fier zijn op zijn korps van idealisten, die een zeer gewaardeerde bijdrage leveren aan onze veiligheid.

Geschreven door stammer om 00:00 Reageer op dit bericht

‘Onder één Vlag’: Heemkring Graningate viert 30 jarig bestaan met vlaggententoonstelling in Middelkerke

“Tijdens het weekend van 23 tot 25 september 2011 vindt in Centrum De Branding een tentoonstelling plaats over en met Middelkerkse verenigingsvlaggen. Meer dan 80 vlaggen werden toegezegd. De oudste stammen uit de tweede helft van de 19de eeuw, de recentste zijn pas een jaar oud. Aan elk van deze vlaggen hangt een verhaal vast. Samen vormen ze de kleurrijke historie van meer dan 150 jaar Middelkerks verenigingsleven.
Deze unieke tentoonstelling loopt slechts één weekend. Kort en krachtig dus. Vrijdag 23 september om 19.30 uur is de officiële opening gepland in de foyer van De Branding. Zaterdag en zondag zijn de deuren telkens open van 14 tot 18 uur. Een entreekaartje kost 2 euro per persoon.”

Aangezien de cultuurdienst van de gemeente mij per email een uitnodiging stuurde voor de officiële opening, hield ik eraan daarop aanwezig te zijn.
Ik ben namelijk een ‘stichtend lid’ van ‘Graningate’. Ik heb mij door beroepsverplichtingen in het buitenland nooit verdienstelijk kunnen maken voor de kring in de beginjaren en ik ben ook niet meer geabonneerd op het tijdschrift. Ik verdiende dus geen uitnodiging van ‘Graningate’. Of is dat hetzelfde omdat de heemkundige kring zich daar zelf niet mee bezig hield?

Het steekt schijnbaar op geen half uurtje…
Zoals ik al meermaals zei op deze blog kom ik graag op tijd op feesten, recepties, plechtigheden, enz… Niet ik daar nog veel naartoe ga, maar die zeldzame keren zal men mij zelden of nooit betrappen op te laat komen. De officiële opening van de tentoonstelling was gepland om 19u30. Om nog eens te zien hoe het ‘succesverhaal’ van de drie verdiepingen ondergrondse parking verder verloopt, zette ik mijn wagen daar maar de leegte was pijnlijk om aan te zien. Ik was de derde klant. Ik zag daarna dat mijn collega’s genodigden de Populierenlaan verkozen hadden … niet ten onrechte natuurlijk want daar is het gratis.
Om 19u25 betrad ik dus de zaal in het cultureel centrum ‘De Branding’. Ik was daar nooit voorheen geweest en ik stond dus in bewondering voor de grootte en de inrichting. Ik had het niet anders verwacht.
Niet dat Middelkerke de enige gemeente is die over zo’n centrum beschikt, maar hier wordt alles zeer groots gezien.
Nu ken ik wel het ‘academisch kwartiertje’ maar van een ‘academisch halfuurtje’ heb ik nog nooit gehoord. Moest er misschien gewacht worden op de burgemeester en de vrouwelijke schepenen?
Ik maakte dus van de gelegenheid gebruik om even rond te kijken in de rest van het centrum: de sportzaal, de polyvalente kelderzaal waar het tweede deel van de vlaggententoonstelling ondergebracht was, de receptie, de bars, een vergaderzaal…
In een half uur kan je heel wat bekijken want inderdaad … het duurde tot acht uur vooraleer voorzitter Ronny Van Troostenberghe, voorzitter van ‘Graningate’ van bij de start in 1981, het woord nam om vooreerst de aanwezigen te verwelkomen en de verenigingen die één of meerdere vlaggen ter beschikking gesteld hadden, te bedanken. Het was een goed woordje. Schepen van cultuur De Jonghe wees daarna op het belang van dergelijke initiatieven voor de plaatselijke geschiedenis. Ze heeft gelijk!

Wat zei de voorzitter?
Hij somde tien ‘trends’ op waarom het verenigingsleven minder bloeiend is dan vroeger: TV, internet, mobiliteit, grotere keuzemogelijkheden, moeilijker om bestuursleden te vinden, professionalisering, …
Hij had het natuurlijk ook over de vlag en de symboliek daarvan. Vlaggen zijn belangrijke stukjes erfgoed voor verenigingen en voor de hele gemeenschap. Ze vertellen een kleurrijk verhaal over de geschiedenis, de waarden en de inspiratie van een vereniging.
De voorzitter sprak over ‘de vlag van de vereniging’ waar de leden achter staan en van ‘de vlag van de gemeente’. In een vroeger blogartikel heb ik er al eens op gewezen dat Middelkerke geen gemeentelijke vlag heeft.
In de kerngemeente en in alle deelgemeenten wappert wel een ‘huisstijlvlag’, een recente zelfs. Die zou visueel de symbolische identiteit van de gemeente moeten uitstralen, wat dat ook mag betekenen. Het is eigenlijk een toeristische vlag. Het vorige model, de witte met het logo, werd vervangen door een oranje - blauwe waarop volgens de ontwerpers de zee en het strand centraal staan. Negen blokjes zouden de negen deelgemeenten voorstellen, drie blauwe voor de badplaatsen Middelkerke, Westende en Lombardsijde en zes gele voor de deelgemeenten in het hinterland. De golvende lijn stelt de duinen, de kust, het strand en de zee voor en moet een dynamische input aan het logo geven. Samen met de blokjes vormt ze een vlieger, een ‘speels element’, wat het kindvriendelijk karakter van de gemeente zou beklemtonen. Onder de gemeentenaam ’Middelkerke’ staat het woord ‘gemeente’, zoals hieronder te zien is.

HuisstijlvlagNieuwEnkelVlag.jpg            OudeHuisstijlvlagAnderhalf.jpg

Middelkerke heeft dus geen officiële vlag, waar de inwoners moeten achter staan. Nochtans schrijft een decreet van 27 april 2007 van de Vlaamse gemeenschap voor dat elke gemeente een wapenschild en een vlag moet hebben. En die worden niet zomaar gekozen. Een gemeentelijke vlag moet verwijzen naar de kleuren van het wapenschild en moet ‘heraldisch verantwoord’ zijn.
Ziehier het wapenschild van de gemeente, dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad na de fusie van 1977

WapenschildMiddelkerke.jpg

Het is een samenvoeging van het schild van Camerlinx Ambacht in het Brugse Vrije, links, en rechts het schild van Lombardsijde, omdat dit geen deel uitmaakte van het Camerlinx Ambacht.

De vlag moet samen met het wapenschild een symbool zijn voor de gemeenschap van al de burgers die men ‘gemeente’ noemt. Die heeft dus niets met de toerist te zien.
De vlag moet goedgekeurd worden door de gemeenteraad en door de Vlaamse Gemeenschap.
Dat schreef ik ook reeds twee jaar geleden. Er wappert nog steeds geen gemeentelijke vlag bij ons.

Ik hoorde de voorzitter ook zeggen dat er 85 vlaggen tentoongesteld waren. Aangezien ik mijn interesse vooral richtte op Westende- Lombardsijde vond ik er daarvan 18: 4 van de oudstrijders, 2 van BGJ (Bond Grote en Jonge Gezinnen), 2 van OKRA (vroegere Christelijke Bond Gepensioneerden, 1 van de Wandelclub ‘Duintrappers’, 1 van de Palingvissers, 1 van de Chiro, 1 van de Campingschutters, 1 van ACV, 1 van KVLV (Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen – vroegere ‘Boerinnenbond’), 1 van de ‘Parel van de Kust’, 1 van de ‘Verbruikersclub’ en 2 van de ‘Ezelcavalcade’) .
Hieronder vinden jullie een mozaïek van de genoemde vlaggen, met mijn verontschuldigingen voor de slechte kwaliteit van een paar van mijn foto’s.

Mozaiek18Fotos.jpg

Ik vroeg me toen wel af ‘Zijn er dat nu veel of niet?’ Let wel, ik wil ‘Graningate’ feliciteren met het initiatief en met de inspanningen die met zo’n tentoonstelling gepaard gaan, maar ik had eigenlijk verwacht dat het er iets meer zouden zijn. Hebben ‘Ons Rustoord’, ‘Zon en Zee’, het ‘Kamp van Lombardsijde’, de ‘Boerinnenbond’, de voetbal- en andere sportverenigingen, de scholen, de ‘Pijpenrokersclub’, de fusiegemeenten, …. dan geen vlag (gehad)?
Of wilden ze die niet uitlenen? Een paar daarvan bevinden zich waarschijnlijk in het ACW in Oostende.
Ik heb eens de recente ‘Verenigingsgids van Middelkerke’ doorlopen. Zitten er daar echt geen meer bij die zich ook achter een vlag scharen?
En mocht die van het Essex Scottish Regiment hier ook niet eens getoond worden?

Eén van de opmerkelijkste vlaggen
Niet alle tentoongestelde vlaggen hebben natuurlijk dezelfde waarde, noch materieel noch symbolisch noch geschiedkundig gezien. Onderstaande is wel één van de opvallendste, deze van het ‘Vos’ met als leuze ‘Voor God en Taal en Haard’.

VoorGodEnTaalEnHaard.jpg

De basis voor VOS, "Vlaamse Oud-Strijders", werd gelegd in de Frontbeweging aan de IJzer waar Vlaamse soldaten zich verzetten tegen het Franstalig taalbeleid van het Belgisch leger en de achterstelling van de Vlamingen. Ze toonden hun ongenoegen vooral door grafstenen met de lettersAVV-VVK(Alles voor Vlaanderen - Vlaanderen voor Kristus) bij graven van honderden gesneuvelde Vlaamse soldaten te plaatsen. Die letters vinden we dus ook terug op de vlag.
De naam was aanvankelijk ‘Vlaamschen Oudstrijdersbond’ en werd later veranderd in ‘Verbond der Vlaamsche Oudstrijders’. Na de eerste wereldoorlog richtten zij het ‘Verbond VOS’ op, met als doelstellingen de verdediging van de ‘Vlaamse Zaak’, antimilitarisme en de behartiging van oudstrijdersbelangen.

Het blijft niet bij dat initiatief
Gelukkig maar!
De heemkring ‘Graningate’ heeft een verdienstelijke brochure opgesteld, die vóór 30 december 2011 voor 25 euro kan besteld worden. Hieronder een proevertje van het werk met de te vervullen formaliteiten.

VlaggententoonstellingBrochure.jpg

De brochure bevat informatie over de geschiedenis van de vlag maar ook over de vereniging.
Ik lees op internet dat de erfgoedcel Ieper in 2007 in samenwerking met de stedelijke musea en het stadsarchief een nieuwe webstek opgestart heeft rond Ieperse verenigingsvlaggen, Het project voorziet in het opmaken van een inventaris, de verzameling van informatie, het opstellen van een conservatiedossier van de vlaggen bewaard bij mensen thuis en in de stedelijke musea van Ieper.
Misschien een na te volgen voorbeeld als men er nog niet mee bezig zou zijn.

Bron
http://nl.wikipedia.org/wiki/VOS_-_Vlaamse_Vredesvereniging#Ontstaan_als_Vlaamse_Oud-Strijders
http://www.erfgoedblog.be/archives/328-Grote-belangstelling-voor-vlaggententoonstelling.html

Geschreven door stammer om 10:45 Reageer op dit bericht

‘Open Monumentendag’ in Middelkerke ….. euh …. Westende

Eerst even terug naar ‘Erfgoeddag 2011’
Op 1 mei 2011 werd voor de elfde keer een ‘Erfgoeddag’ ingericht.
Op die dag wil men “publiek, pers en beleid in Vlaanderen en Brussel sensibiliseren rond cultureel erfgoed opdat iedereen op een eigentijdse, kwalitatieve en zinvolle manier zou omgaan met het cultureel erfgoed in zijn dagelijkse omgeving”.
Ik schreef daarover toen een blogartikel met de titel ‘Heeft Middelkerke misschien geen erfgoed’, omdat ik tot mijn grote verbazing moest vaststellen dat onze gemeente daar niet aan deelnam.
Eén van de door de gemeentelijke archivaris aangehaalde redenen was toen dat deelnemen aan monumentendag EN aan erfgoeddag te veel van het goede zou zijn.
Middelkerke zou er al jaren voor pleiten om afwisselend een ‘Open Monumentendag’ en een ‘Erfgoeddag’ te organiseren. Men vindt dat het voor eerder kleine gemeenten niet altijd evident is om tijdens hetzelfde kalenderjaar een programma te maken over beide onderwerpen.
Op 1 mei 2011 vierde de ‘’Belle Vue’ zijn honderdjarig bestaan. Bij die gelegenheid zou het organiseren van een binnen- en een buitententoonstelling de erfgoedplannen doorkruist hebben.

Er werd mij wel verzekerd dat de gemeente zeker zou deelnemen aan Open Monumentendag. Deze werd in Vlaanderen voor de 23ste keer georganiseerd op 11 september. Ik ben eens een kijkje gaan nemen.
Maar eerst iets over de betekenis van die dag, in Vlaanderen en in Europa.

Waarom een open monumentendag?
Open Monumentendag Vlaanderen is het grootste cultureel eendagsevenement van Vlaanderen. Elk jaar op de tweede zondag van september, staat het onroerend erfgoed in de kijker, telkens rond een specifiek thema. In 2011 was dat ‘conflict’.
“Open Monumentendag wil de bevolking in Vlaanderen en ook de overheid sensibiliseren om collectief zorg te dragen voor het onroerend erfgoed en het roerend en immaterieel erfgoed dat er deel van uitmaakt. Zowel het bouwkundig, landschappelijk en archeologisch patrimonium maar ook varend, rijdend, rollend en vliegend erfgoed kan deel uitmaken van het programma.”
De verantwoordelijke Vlaamse diensten, voor dit doel gegroepeerd in ‘ Open Monumentendag Vlaanderen’, worden hierbij ondersteund door verschillende (commerciële) partners en overheden: het Vlaams gewest, de provincies en de steden en gemeenten.

OpenMonumentendag11092011Affiche.jpg     

Open Monumentendag in Europa
De idee voor een Open Monumentendag ontstond op Europees niveau. De eerste dag van die aard werd in 1984 georganiseerd door Frankrijk. Het initiatief kende zo’n succes dat in 1985 op een ministerconferentie een resolutie werd goedgekeurd die aanspoorde tot sensibilisatie van de bevolking voor onroerend erfgoed. Er werd onder meer een beroep gedaan op eigenaars om hun gebouwen open te stellen voor het publiek en er werd aangestuurd op gemeenschappelijke actie door de openbare besturen, partners uit de privésectoren en het verenigingsleven.
Als platform dat het initiatief op Europees niveau kon ondersteunen, werden de ‘European Heritage Days’ (EHD) in 1991 officieel door de Raad van Europa geïnstalleerd. In navolging van Frankrijk organiseerden een aantal landen al een Open Monumentendag vóór 1991: Nederland in 1987; België, Luxemburg, Malta, Groot-Brittannië (Schotland) en Zweden in 1989.
Het aantal deelnemende landen stijgt elk jaar. In 2010 namen 50 landen deel.

Het thema ‘conflict’
Dit jaar werd dus “conflict” als thema gekozen. Ik keek nogal raar op toen ik dat las. Vooral volgende tekst verwonderde mij: “Conflicten zijn bijzonder geschikt als thema voor een Open Monumentendag. Vooreerst omdat mensen en groepen in zowat alle mogelijke gebouwen en landschappen ruzie hebben gemaakt, met woorden of gewapenderhand. Het gaat dus om meer dan bunkers, burchten, forten en kazernes, al zijn die prominent aanwezig. Neen, we hebben ook sociale, gerechtelijke, culturele en religieuze conflicten, de schoolstrijd, communautaire heibel.“
In eerste instantie denkt men dus aan burchten, kastelen en versterkte hoeves. Maar later werden ook fortengordels (19de eeuw) en antitankgrachten, bunkerlinies en atoomschuilkelders (20ste eeuw) aangelegd. Nog andere gebouwen hebben tijdens de oorlogen vaak een rol gespeeld: molens en kerken als uitkijktoren, hotels en huizen als verblijfplaats voor de soldaten…Ook de grote militaire begraafplaatsen of de monumenten voor gesneuvelde burgers en soldaten sluiten daarbij aan.
Niet alleen militaire maar ook maatschappelijke twisten komen aan bod. Om het samenleven van mensen in goede banen te leiden en conflicten – tussen burgers onderling of tussen burgers en de samenleving – te vermijden of op een geweldloze manier te regelen, beschikken we over gerechtsgebouwen, politiekantoren, rijkswachtkazernes en gevangenissen.
Ook door ideologische en sociale conflicten zijn monumenten bewaard gebleven: standbeelden, gebouwen met specifieke identiteitsstijl (neogothiek voor katholieke scholen en modernisme voor de officiële).
Ik weet niet of het ingegeven werd door ‘9.11 of nine eleven’ op dezelfde dag, maar ik vind dat wel goed gevonden. Ik kan mij namelijk voorstellen dat het niet eenvoudig is telkens een thema te kiezen dat toepasselijk kan zijn op monumenten. Moet dat eigenlijk wel? Kan men niet beter gewoon zeggen: de monumenten worden (gratis) opengesteld voor het publiek. Niet alle gemeenten zullen trouwens monumenten op hun grondgebied hebben die iets te zien hebben met een ‘conflict’.
In Nederland, waar dit jaar al voor de 25ste keer een open monumenten dag/weekend gehouden werd, was het thema voor 2011 “Nieuw gebruik – oud gebouw’. Dat lijkt mij eenvoudiger. Daar beweren ze: “herbestemming van monumenten sluit nauw aan bij de missie van Open Monumentendag, behoud, betekenis en herbestemming van monumenten. Oude gebouwen krijgen ongeacht hun leeftijd een nieuw leven, een nieuwe betekenis en kunnen daarmee een verbetering betekenen voor hun omgeving.”

Programma in Middelkerke
Vooraleer met mijn bezoek aan de activiteiten te starten wou ik natuurlijk weten op welke tijdstippen ze plaats hadden.
Omdat ik nogal veel gebruik maak van de mogelijkheden van internet raadpleegde ik dus eerst de evenementenkalender van de gemeente. Daar vond ik wel dat men op 11 september 2011 een tentoonstelling kon bewonderen over 50 jaar fotografie op en rond het strand en dat men zich kon inwijden in de geheimen van de golfsport, maar dat was het dan!!
Het cultuurprogramma van de gemeentelijke website vermeldt voor september enkel een (uitverkocht) optreden van An Nelissen.
Dan maar de agenda in ‘De Sirene’ van september - oktober geraadpleegd. Ook tevergeefs!
Gelukkig wijdde het infoblad twee extra bladzijden aan het gebeuren.
Het programma zag er als volgt uit.

‘Villa Zéphyrs’ moest nog maar eens zijn status van paradepaardje bewijzen. Men kon er om 10 uur terecht voor een bezoek onder de leiding van een gids. Inschrijven was noodzakelijk wegens de beperkte ruimte.
Ik had dat dus niet gedaan omdat ik de villa vroeger al enkele keren bezocht en bewonderd had.
Ziehier een foto uit 1955 om het eens niet bij de klassieke kleurenfoto te houden.

LesZephyrs1955.jpg     

Het ‘Grand Hotel Bellevue’ (of moet ik zeggen ‘Belle Vue’ of ‘La Rotonde’ of ‘Zeedijk 300’) viert nog steeds zijn 100ste verjaardag. Om 14 uur was er een gidsbeurt.
Omdat ik graag op tijd kom was ik daar om 13u50… maar men had op mij niet gewacht om te beginnen.
Er waren een 80 à 100 geïnteresseerden, veel te veel voor slechts twee gidsen.
Ik zeg ‘gidsen’ maar mijn groep werd rondgeleid door iemand die volgens een aanwezige, een vrijwilliger- bewoner van het gebouw is. De man deed zijn best maar de groep was te groot en het moest schijnbaar ook rap gaan want er werd nooit gewacht om de uitleg te beginnen tot iedereen aangeschoven was. Dat veroorzaakte grote ontevredenheid omdat de meeste luisteraars meer dan de helft van de uitleg moesten missen. Waarom geen inschrijving zoals voor ‘Les Zéphyrs’?
Op zeker ogenblik ‘mocht’ de groep op de eerste verdieping staan drummen om een appartement te betreden. Ik hoop voor de andere bewoners dat die woonst niet representatief is voor de rest. We doorkruisten ook nog wat gangen, die in een schamele staat verkeren: verouderde elektrische leidingen, half geschilderde muren, halfafgewerkte vloerbekleding, niet de minste versiering. Ik twijfel er niet aan dat er nog restauratiewerken bezig zijn of zullen uitgevoerd worden, maar men had de bezoekers die aanblik moeten besparen. Iedereen is fel onder de indruk van de buitenaanblik en van het verleden van het gebouw en dan zoiets dat een smet werpt op het geheel.
Mijn beoordeling (en die van veel andere bezoekers) luidde dan ook: zeer slechte organisatie!!!!

RotondePaneelAanIngangImmoLAtelier01052011.JPG     

Om 11 en om 15 uur kon men deelnemen aan een wederopbouwwandeling. Ik koos voor het tweede. Er werd stipt begonnen om 15 uur en … dat was wel een groot succes. Wim Boydens leidde onze groep van circa 25 oudere personen langs de bezienswaardigheden van onze badplaats, om te eindigen met de meest bekende, ‘Grand Hotel Belle-Vue’. Hieronder zien jullie links de cottage ‘Sous le Vent’, in de Cottagelaan, gebouwd volgens een nieuw ontwerp na de eerste wereldoorlog. Rechts de heropgebouwde cottage, op de hoek van Henri Jasparlaan en Arendlaan, exact zoals ze er ook uitzag vóór die oorlog.
De gids presenteerde ons alles op een deskundige en zeer aangename manier. Ik heb heel wat bijgeleerd. Dat was zeker het meemaken waard, ook voor iemand die toch al wat over Westende- bad weet.
Proficiat Wim en bedankt.

CottagelaanSousLeVentVanRechts.JPG            HenriJasparlaan171HoekArendlaanVanMidden.JPG

Van 10 tot 16 uur kon men doorlopend genieten van een ritje met de retrotram tussen Westende en Middelkerke. Ik ken dat gevoel nog wel van het denderen over de sporen of de felgele kleur, zonder reclame, die het gevaarte beter herkenbaar en dus minder gevaarlijk maakten. Toch maakte de aanblik menige herinnering los aan onze jeugd en onze schooltijd toen we dagelijks het voorrecht genoten om, als haringen in een ton, te pendelen tussen Westende en Oostende.
Toen de wachttijd mijn geduld begon te overschrijden, ben ik maar huiswaarts gekeerd. Ik kan jullie dus enkel de volgende foto uit mijn archief aanbieden, die oud en nieuw tegenover elkaar stelt.

CroisementALaSortieDeLaBoucleKleur.jpg     

Slotbeschouwingen
De open monumentendag 2011 kon mij dus slechts voor twee derden behagen, omwille van de ervaring in de ‘Belle Vue’.
Verder, misschien het overwegen waard: waarom wordt de informatie over de betekenis van de open monumentendag zo schaars verspreid op internet? In België vond ik daarover geen enkele website tegen 23 in Nederland.
De Open Monumentendag die ik meemaakte, bereikte enkel de ouderen. Om de jongeren te overtuigen ‘om collectief zorg te dragen voor ons erfgoed’ zal er wat meer nodig zijn.
Het opgegeven thema is dus schijnbaar moeilijk op te volgen. Kijk maar naar de Middelkerkse voorbeelden: ‘Les Zéphyrs’ als maatschappelijk conflict tussen rijk en arm? ‘Belle Vue’ en de wederopbouwwandeling als (kwalijke) gevolgen van een conflict waarin ze niet echt een rol speelden? De tramritten stonden toch niet model voor conflicten?
Waarom dan nog een thema? Maar ja, dat ligt niet aan de gemeente!!

Bronnen
http://eropuit.blog.nl/kunst-cultuur/2011/09/10/open-monumentendag-2011 http://sector.openmonumenten.be/over-open-monumentendag

Geschreven door stammer om 10:24 Reageer op dit bericht

Meer van Westendse Blik op Middelkerke

↑ Terug naar de berichten