*Te vlug een ander verhaal er tegenover zetten Mensen vergellen over de ziekte die ze hebben meegemaakt, over een operatie die ze moeten ondergaan, over de moeilijkheden met de kinderen. Zo'n gebeuren roept bij ons associaties op. We leggen willekeurig een verband met eigen ervaringen. We gaan spontaan denken aan datgene wat we zelf meegemaakt hebben. En we beginnen te vertellen dat we zo'n ziekte ook ooit gehad hebben, dat iemand uit onze eigen vriendenkring dezelfde operatie heeft ondergaan. Daardoor wordt er niet voldoende tijd genomen om het onherhaalbar unieke van het verhaal of de beleving van deze mens te beluisteren. Daarenboven heeft hij geen boodschap aan een vergelijking met wat een ander heeft meegemaakt. Hij is immers bezig met wat hem overkomen is. Wat we een gesprek - een dialoog - noemen, betekent dikwijls alleen maar dat twee monologen elkaar afwisselen. De één vertelt zijn verhaal of brengt zijn mening naar voren; de ander wacht tot zijn beurt gekomen is. Hij heeft een nog sterker verhaal in petto of hij weet nog beter hoe het eigenlijk zit of hoe het eigenlijk moet. We gaan dan niet in op wat onze gesprekspartner zegt. Hoeveel wordt er niet naast elkaar heen gepraat!