* Suezkade * van Jan Siebelink

SUEZKADE
van Jan Siebelink
Uitgever :
De Bezige BijPublicatiedatum 09-2008
ISBN/ISBN13 9789023428800
*****Een allesomvattend boek over een verlopen docentschap en een fatale liefde
"Onder mijn pen zit mijn schuldgevoel " - Jan Siebelink.
***
Onlangs verscheen de nieuwe roman van Jan Siebelink, Suezkade. In de periode dat Jan Siebelink avond aan avond op pad was om over Knielen op een bed violen te spreken, ontstond er in de vroegste uren van de ochtend een ander boek. Een boek even noodzakelijk als de roman over de kwekerij, en dat het andere deel van zijn autobiografie bestrijkt
Deze nieuwe roman heet Suezkade en speelt zich vrijwel geheel in Den Haag. af.
Het Gymnasium Haganum vervult een belangrijke rol. Siebelink situeerde eerder een aantal van zijn romans in Den Haag.
Zo spelen "Vera" er en grote delen van "Engelen van het duister."
Suezkade gaat over ‘een schatrijke jongen die geheel alleen op de wereld staat’. „Waarschijnlijk is hij wees, maar dat weet hij niet eens zeker. Hij heeft een oudtante die aan de Suezkade woont.
"Ik zou het huis zo aan kunnen wijzen, het ligt in de bocht waar de Suezkade de Laan van Meerdervoort kruist," zegt de schrijver.
De hoofdpersoon uit Suezkade heeft ondanks zijn rijkdom de behoefte om ‘iets te doen’. In Parijs leest hij in een Nederlandse krant een advertentie voor herintreders in het onderwijs. Zo wordt hij ten slotte leraar Frans aan het Descartesgymnasium in Den Haag.
Siebelink: ,,Dat gymnasium is in werkelijkheid Gymnasium Haganum aan de Laan van Meerdervoort. Maar er lopen ook herinneringen aan mijn eigen school uit Ede, waar ik voor de klas heb gestaan, doorheen.’’
De kersverse leraar Frans valt aanvankelijk nogal op. Hij doet het goed in zijn nieuwe omgeving, maar langzamerhand raakt hij geheel vervreemd. Hij komt in een geïsoleerde positie terecht en moet op den duur het onderspit delven. Ook ontwikkelt er zich een romance tussen de leraar en een jong Marokkaans meisje dat hij als brugklasser ziet binnenkomen en dan door de jaren heen volgt. Het is een liefde, haast Siebelink zich eraan toe te voegen, ‘die overigens niet geconsumeerd zal worden’.
Siebelinks band met Den Haag gaat terug tot de jeugd van zijn vrouw. Siebelink groeide zelf op in Velp. Maar Gerda Hoogstraten, zijn vrouw, is afkomstig uit de familie van de gelijknamige boekhandel aan het Noordeinde.
Vera wordt beschouwd als een echte Haagse roman. Die was voor een groot deel gesitueerd in het Valkenboskwartier, Engelen van het duister in de Stationsbuurt.
Siebelink schreef Suezkade tijdens de drukte die het succes van Knielen op een bed violen met zich meebracht. Het motief van de eenling die in afzondering wordt gedwongen, zoals de vader in zijn jongste roman, is er ook sterk aanwezig.
Hoofdpersoon in Suezkade is de drieëntwintigjarige Marc Cordesius, werkzaam aan het Haagse gymnasium Descartes, waar hij al vanaf de eerste dag een hartstochtelijke liefde voor de jonge leerlinge Najoua voelt. Cordesius is een innemende, dandyeske verschijning, die direct het vertrouwen van de rector weet te winnen en naar verloop van tijd verwerft hij een eigen lokaal. Het is een haast paradijselijke enclave waar, tegen de moderne onderwijsontwikkelingen in, nog plaats is voor grammatica en literatuur. Suezkade is een allesomvattend boek over een verlopen docentschap en een fatale liefde.
De pers over Suezkade:
"Suezkade kan onmiddellijk worden gecanoniseerd als een van de schitterendste schoolromans in het Nederlands taalgebied." - De Groene
"Een verfijnde en meeslepende roman.(..) Een echte ‘Siebelink’, vanwege de elegante en gevoelige stijl waarin hij het inferno van de school en de romantische neergang van zijn held beschrijft." - Trouw
Jan Siebelink : -1938
***
Jan Siebelink, die in 1975 debuteerde en sindsdien dertig boeken publiceerde, heeft in één klap de status van publiekslieveling verworven.
Jan Siebelink. -Voor velen is hij vooral de auteur van Knielen op een bed violen (2005), zijn roman over de godsdienstwaanzinnige vader die zijn jeugd overschaduwt. Het verhaal bereikte een ongekend groot en divers publiek, en leverde hem de AKO Literatuurprijs op
Op 13 februari 1938 geboren te Velp, in de Hertogstraat 15.verhuisde na een jaar naar de Bergstraat waar zijn vader een kleine bloemisterij begon.
Zijn vader had zich aangesloten bij een streng orthodoxe groepering.
Jan werd onderwijzer en studeerde in zijn vrije tijd Franse taal-en letterkunde.
De hoofdpersonen in Siebelinks boeken zijn neurotische figuren die voortdurend op zoek zijn naar verlossing. De sfeer in de boeken van Siebelink is meestal beklemmend en heeft sterke verwantschap met de Franse
decadente literatuur.De kwekerij van Siebelinks vader wordt in veel werk o.a. De herfst zal schitterend zijn en En joeg de vossen door het staande koren als een soort Arcadië voorgesteld - en zijn vader als 'de tuinman van dit aardse paradijs'.
Siebelink volgde de MULO en daarna de Rijkskweekschool.
Hij moest zijn militaire dienstplicht vervullen en tekende twee jaar bij. Tijdens de opleiding in Breda
In 1972 sluit hij zijn studie met goed gevolg af en is dan inmiddels werkzaam aan het Marnix-college te Ede.Tijdens zijn studie komt hij in aanraking met J.K. Huysmans, een decadente negentiende-eeuwse schrijver die tot de kringen van Zola behoorde. Siebelink is zo gegrepen door het boek A rebours, dat hij besluit het te vertalen. Het verschijnt in 1977 onder de titel Tegen de keer en krijgt daarna een cultstatus.
Hij huwde met de lerares - en later vertaalster – Gerda van der Haas. Siebelink werd leraar frans eerst in Dieren en daarna in 1969 aan het Marnix College in Ede Herinneringen aan zijn docentschap aan het gymnasium in Ede zijn verbeeld in de verhalenbundel :Laatste schooldag , dat inmiddels 12 drukken beleefde.
In 1975
debuteerde Jan Siebelink met de verhalenbundel "Nachtschade", waarin het veelgeprezen 'Witte chrysanten' en het belangrijkste thema angst is.Geïnspireerd door de Franse letteren publiceert hij vervolgens zijn eerste roman: "'Een lust voor het oog"' (1977). Het boek werd een sleutelroman Het speelt zich af in de onderwijswereld en bevat surrealistische elementen. Thema's als verval, dood en religie domineren in deze roman. Daarnaast levert Siebelinks onderwijskundige ervaring ook de nodige romanstof op.
In 1980 brak Siebelink definitief door met : "De herfst zal schitterend zijn"
Siebelink schreef naast romans
en verhalen ook essays over Franse schrijvers voor de Haagse Post en Vrij Nederland. Deze artikelen zijn gebundeld in De reptielse geest (1981) en De prins van nachtelijke Parijs(1985).Voor De overkant van de rivier (
1990) kreeg hij de F. Bordewijkprijs.Naast romans
schreef Siebelink ook non-fictie: Pijn is genot (1992), waarin wielrenners als Erik Breukink en Johan van der Velde als devote avonturiers worden neergezet. Siebelink beschouwt deze bundel bijna als een reeks zelfportretten.In Mijn leven met Tikker beschrijft Siebelink het leven van zijn geliefde windhond Tikker, die hem en zijn gezin meer dan veertien jaar vergezelde (1999).
Bibliografie :
Nachtschade (1975)
Een lust voor het oog (1977)
J.K. Huysmans, Tegen de keer (1977)
Weerloos (1978)
Oponthoud (1979)
De herfst zal schitterend zijn (1980)
De reptielse geest (1981)
En joeg de vossen door het staande koren (1982)
Arnhem. Beeld en verbeelding (1983)
Koning Cophetua en het bedelmeisje (1983)
De hof van onrust (1984)
De prins van nachtelijk Parijs (1985)
Ereprijs (1986)
Met afgewend hoofd (1986)
Schaduwen in de middag (1987)
De overkant van de rivier (1990)
Hartje zomer en andere verhalen (1991)
Pijn is genot (1992)
Met een half oog (1992)
Verdwaald gezin (1993)
Laatste schooldag (1994)
Dorpsstraat Ons Dorp (1995)
Vera (1997)
Daar gaat de zon nooit onder (1998)
Schuldige hond (1998)
De bloemen van Oscar Kristelijn (1998)
Bergweg 17, Bosweg 19 (1999)
Mijn leven met Tikker (1999)
Engelen van het duister (2001)
Margaretha (2002)
Knielen op een bed violen (2005)
Eerlijke mannen op de fiets(2005)
Suezkade (2008)






































1 reactie op dit bericht
literaire neergang
http://relirel.wordpress.com/2008/09/28/de-literaire-neergang/