Vrijdag 27 maart 09.
Deze morgen omstreeks negen uur kwam het zonnetje er wat aarzelend door de wolken piepen en dat was al veelbelovend. Anita wilde nadat we klaar waren eventjes naar de markt, want daar had ze vorige week heel lekkere druiven gekocht en aan een degelijke democratische prijs. Ik kan jullie verklappen dat ze druiven met de kilos kan verorberen, daar heeft ze geen moeite mee.
Aan het zelfde kraam als vorige week stonden de druiven nog aan de zelfde prijs, vijf euro voor twee kilo. Nadien in een visgroothandel een moot kabeljauw voor heden avond en we konden weeral feestelijk eten.
Nadien na alles op het appartement afgezet te hebben besloten we nog naar de pier te wandelen en dat was een hele opgave, de wind stond pal op kop en hij voelde ijzig koud aan. Maar ja, zijn we natuur freaken of zijn we het niet, met een stevige stap naar het oosterstaketsel en toen we halverwege de pier waren was onze zin al op een laag pitje komen te staan.
Maar de aanhouder wint altijd (maar ze mogen het thuis niet weten) we gingen door tot aan de vuurtoren en tot onze verwondering stonden er enkele vissers de zware wind te trotseren. Daar had ik toch wel respect voor en of ze vis bovenhaalden dat heb ik hun niet gevraagd.
Het teruggaan was al veel gemakkelijker, toen hadden we wind in de rug en ik was toch blij in de bewoonde wereld te beladen om in een café een warme koffie te kunnen drinken. Zo eindigde onze voormiddag in schoonheid en van al dat ploeteren tegen de wind had ik een geweldige honger gekregen. Namiddag verslag na het nemen van een platte rust periode, want dat had ik toch wel verdiend.












