Herkansing
Samen staan we te kijken als de kleine zich tevreden in een hoekje nestelt. 'Mooi spul toch?', vraag ik Wim. 'Ie praot goed', zegt hij, maar ik zie aan z'n gezicht dat hij het best leuk vindt.
Herkansing
Gerhard z'n clubje
Wonen en Co
Een knipoog van God....

Wim de Groot is de geestelijk verzorger van het Scheperziekenhuis en af en
toe schrijft hij over zijn ervaringen in ons Kerkblad Op Weg. Hij vertelde over
een vrouw die te horen had gekregen dat ze ongeneeslijk ziek was en de
verpleging had haar op de geestelijk verzorger van dit ziekenhuis attent
gemaakt.Toen ze haar emotionele verhaal had gedaan en hij naar woorden
zocht verscheen er een regenboog. ‘Kent u dat verhaal uit de bijbel?’, vroeg hij
haar. Dat kende ze en ze deelden samen dat het een teken was dat God Noach niet
in de steek zou laten…En haar dus ook niet.
Daarna vertelde ze dat er nog één
ding was dat ze nog wilde afmaken. Tien jaar geleden was haar man ergens op de
Veluwe onwel geworden en overleden. De sneeuw had hem bedekt en pas weken later
werd hij gevonden. Ze had hem niet eens meer mogen zien. Ze had ook nog nooit de
plek gezien waar het was gebeurd. Er was ook niemand die met haar mee kon.
Daarop bood Wim de Groot aan om met haar mee te gaan, als zij de weg maar
aanwees. Ze straalde. Zo gezegd zo gedaan. Op een middag reden ze naar Ermelo
waar zij een bos bloemen kocht en ze gingen richting de plek. Maar ze wist niet
precies waar het was. Toen kwam er een boswachter aan. Die kon zich het bizarre
voorval nog wel herinneren en wist precies de plek aan te wijzen. Het heeft zo
moeten zijn. Was het een engel? Ze legde de bloemen op de plek en samen baden ze
het Onze Vader. Ze werden stil en, geloof het of niet: aan de hemel verscheen
een regenboog! Een knipoog van God.
Daar bleef het niet bij. Enkele maanden
later overleed ze en omdat ze niet bij een kerk aangesloten was, had ze hem
gevraagd haar uitvaart te leiden en natuurlijk wilde hij dat. De uitvaart was in
Ermelo want ze wilde bij haar man begraven worden. Het verhaal van Noach werd
gelezen en stiekem hoopte hij dat God opnieuw een knipoog wilde geven. Het was
triest begrafenisweer, het regende. En tegelijk begon ineens de zon te schijnen.
En, geloof het of niet: er verscheen een regenboog! Hij kreeg er kippenvel van.
Heel duidelijk, met zijn prachtige kleuren. En het was niet één regenboog, maar
nog één er omheen! Een dubbele regenboog, en die zijn erg zeldzaam. Een teken
van troost, zo besloot Wim de Groot, een geschenk uit de hemel. Een knipoog van
God.
21 februariHet is vandaag 21 februari. Vroeger vierden we op deze dag de verjaardag
van opa Bijenhof. De hele familie Bijenhof/ Aartsen/ Harwig kwam dan langs op de
Boomgaard.
Tegenwoordig vieren we de huwelijksdag van Gerhard en Judith, ook
de moeite waard. Vandaag precies 16 jaar geleden was het net zo koud als
vandaag. We werden uitgenodigd om dit heuglijke feit mee te vieren met een hapje
en een drankje. Gerhard was al vroeg thuis. Judiths ouders, Jan en Edith, kwamen
ook en met elkaar hadden we een paar heel gezellige uurtjes.
Robin herstelt
gelukkig prima. Als hij die witte kap niet op z’n neus moest hebben zou je niet
zeggen dat hij geopereerd is. Door een klap op z’n neus bij een voetbaltraining
was zijn neus gebroken en niet goed meer aangegroeid. Dat is nu verholpen. Hij
moet in elk geval twee weken thuis blijven.
Nu heeft hij elke dag bezoek, in
elk geval al van zijn grote vriend Sjoerd die dezelfde interesse heeft..... de
pc. Bovendien is het nu schoolvakantie.
Dag tweeMet de lammeren is iets. Ze worden ook niet voor niets in de steek
gelaten. De natuur is soms hard. De kleine die de herder eerst bracht is
waarschijnlijk te erg onderkoeld geweest. Ondanks de kruiken en de rode lamp
verzwakte ze tot ze gistermorgen geen kracht meer had. ‘s Avond tegen 6 uur was
het over. Met nummer twee is het weer anders. Ik heb toch al heel wat lammeren
aan de fles gekregen, maar bij deze komt er meteen melk in de luchtpijp. Dat is
me een geproest en gehijg. Ik heb alle technieken van fles geven al geprobeerd.
Terwijl ik vanavond naar de Passagevrouwen was voor een lezing over het Drents
landschap, zou Wim de honneurs waarnemen. Ik had nog even de stille hoop dat hij
het zou redden met dit kleine Drentje. “Ie doet et maor’, zei hij toen ik thuis
kwam. ‘Hee dut niks as proesen en stönnen’. Tja…. Ik probeer het zolang het kan,
nu met een andere speen, maar ik begin te twijfelen.
's Middags kwam Anja met
de jongens natuurlijk kijken. De jongens werden meteen geconfronteerd met het
kleintje dat geen kans had en rustig in een handdoek lag weg te slapen. Gelukkig
is de andere nog steeds levendig. Afwachten dus…
Maar Anja merkte op: ’Als de
herder er meer heeft, mag hij ze ook wel bij mij brengen.’ Zij hebben op de deel
nog een warme stal over èn een rode lamp. Bovendien kunnen ze later zo bij hen
zo samen met de geitjes in de ren.
Dierenliefde...De een is gek op teckels, een ander zweert bij Duitse staandes, een
retriever of een Friese stabij. Bij weer een ander is het de Duitse herder of
zoals bij ons de Bordercollie die favoriet is. Hoewel…. ons geweldigste
familiehondje, kleine Laska, was een bastaard. Maar …er zat al wel een kwart
colliebloed in. Dan heb je nog de typische kattenmensen. Van elk soort hebben
wij ze in de naaste familie. Ik heb geen idee hoe het komt, maar zoals degene
die me kennen het al weten, ik heb iets met schapen. Op de Boomgaard heb ik
nooit een schaap gezien, vooruit wel Heidi en Mickey, de beide geiten, daar was
ik dol op. De laatste was mijn troost toen ik probeerde de Duitse literatuur
voor mijn examen van de MMS er in te krijgen. Toen ik echter wakker werd uit
mijn, door vermoeidheid veroorzaakte, middagslaapje in de geitenstal, was het
hele literatuurdeel uit het schrift gevreten. Het bleek achteraf geen probleem.
Ik heb altijd van literatuur gehouden en tot aan de dag van vandaag kan ik het
Loreleylied van Heinrich Heine uit m’n hoofd.
Maar door een foto van tante
Hermien weet ik dat we op de Haar wel schapen en lammeren hadden.
Ook hier in
de omgeving is het bekend en weten ze me te vinden. De man die ons wel eens
hielp met de pony’s werkt in het Veenpark en had mijn telefoonnummer aan de
schaapherder van de kudde Drentse heideschapen daar gegeven. Vanmorgen belde de
herder en vroeg of hij me een verstoten lam kon brengen. Natuurlijk mocht hij
dat. Ik had nog poedermelk van vorig jaar staan. Wim zuchtte een keer maar
binnen een kwartier was het hok in de keuken weer klaar. Het arme ding was
behoorlijk onderkoeld en we hebben er eerst maar eens warme flesjes naast gelegd
onder een dekentje. Maar toen even later herder Kievit weer aan het hek stond
met een tweede, werd de rode lamp er boven gehangen. Ik hoefde me vandaag dus
niet te vervelen. Beide lammeren drinken nu, maar of ze het halen? Van de eerste
ben ik niet zeker.
Nummer één gaat het niet redden, te lang onderkoeld
geweest denk ik.
Emmer kunst!
Dagje Handwerkbeurs
Morgen gaan we met de beentjes omhoog....
Eeh... welke film?Iets meer dan 50 jaar geleden sprong een jongeman in een blauwe jopper
spontaan van z’n fiets toen ik tussen de middag langs de gracht in Hattem liep
op weg naar de van Heemstraschool, waar ik sinds een half jaar les gaf. We
hadden al eens gepraat na schooltijd toen hij voor zijn oom, die er conciërge
was, de school controleerde. Hij had in die tijd studieverlof. Ogenblikkelijk
stelde hij z’n vraag: ’Heb je zin om met me naar de film te gaan?’ Het overviel
me wat en ik kon van schrik alleen nog uitbrengen: ’Welke film is het?’ Het
bleek ‘De overval’ te zijn, een film over de bevrijding van en door
verzetsmensen in een gevangenis in Assen in de 2e Wereldoorlog. Later hoorde ik
dat één van zijn ooms bij de echte overval betrokken was geweest, Jaap Boersma
was zijn naam in het verzet. De film kon er bij mij mee door en we hadden een
leuke avond in de Buitensociëteit in Zwolle met koffie na in een bruin café,
Suisse. Je weet natuurlijk niet hoe zich zoiets gaat ontwikkelen, maar ik had
blijkbaar een vooruitziende blik en heb kaartje plus suikerzakje van deze
gebeurtenis bewaard. De onderste foto is van Wims hut op de 'Liberiakust' van de
Hollandse Stoomboot', waarop hij een paar maanden later zou gaan varen.
Het
was afgelopen week 50 jaar geleden dat we dit eerste uitje samen hadden en er
volgden er nog heel wat meer. Nog even en op 3 maart zijn we al weer 48 jaar
getrouwd.
Papa... was jij vroeger een dier?

Lang geleden kocht ik een paar boekjes met kinderuitspraken. Zo van: Juf…
die vlinder heeft mijn pyjama aan. En… Juf daar zit een weduwe in de boom. Nu
kwam ik bij mijn wekelijkse uitstapje naar onze favoriete kringloopwinkel het
Goed ook één tegen, opnieuw een verzameling van kinderuitspraken. Het heeft de
veelzeggende titel: Papa, was jij vroeger een dier? En je snapt dat het plaatje
hierbij dat mooi weergeeft.
Vooruit... nog een paar:
-Moeder komt met
kleine Marco in het warenhuis en vraagt aan een verkoper de weg naar de
kinderafdeling..Voorzichtig trekt Marco zijn moeder aan de rok en fluistert:
’Maar mama… we hebben toch al vier kinderen!’
-Moeder komt met haar
pasgeboren baby de peuter van school halen. Eveline kijkt verliefd naar de baby
in de kinderwagen en zegt: ’Als mijn konijn dood is, wil ìk ook een baby.’
De
leukste kan ik niet terugvinden, maar het kwam hierop neer:
-Moniekje mocht
met vader en moeder mee naar een bouwmarkt met heel veel stenen, tegels, hout en
sanitair. Terwijl ze de tegels die ze nodig hebben aan het uitzoeken zijn,
struint Moniekje wat verder rond richting het sanitair. Even later horen ze haar
roepen. ‘Máamáaa… ik ben kláa-áar!’.
Wil jij mijn Valentijn zijn?

Nee.. Valentijnsdag kenden we niet. Het is intussen overgewaaid vanuit
Engeland en de USA. Wanneer wij iemand erg aardig vonden als kind al dan bracht
je een dropje of snoepje voor hem of haar mee, gewoon om te laten merken dat je
op hem viel. Pas toen er zo’n 20 jaar geleden na de fusie met het KDC meer
meisjes op onze school kwamen werd Valentijnsdag een item. De leerlingenraad
bemoeide zich er zelfs mee en zorgde voor een gulden en later voor een euro dat
er een rode roos bij een geliefde in de klas gebracht werd. Het gevolg was dat
er in iedere klas een paar meisjes waren met een handvol rozen en de meesten met
niets. Er waren ook meisjes die elkaar een roos lieten brengen omdat ze dat
anders zo kaal vonden staan. De hele dag werd dat bosje meegesleept door de
gangen naar een nieuwe les.
Gistermorgen werd na het aqua joggen bij ons
gezamenlijke kopje koffie in het restaurant van het zwembad Valentijn natuurlijk
ook besproken. ‘Moet je horen’, zei Nel. ‘Ik heb een vriendin die een bos
bloemen kreeg van iemand toen ze al 5 jaar getrouwd was. Het was niet van haar
man en die heeft hemel en aarde bewogen om er achter te komen van wie die bos
bloemen toch was. Hij was stik jaloers.’ Geen handige zet dus.
Maar toen we
allemaal na ons kopje koffie zomaar een lekker glaasje Baileys met een dot
softijs erop kregen van onze vaste koffiejuf daar, zei ze: ‘Da’s voor
Valentijn’. Toch leuk!
Bij ons thuis vroeger was er alleen moeder- en
vaderdag. Pa deed er niet aan mee. ‘Da’s allemaole veur de winkeliers’, was zijn
mening. Toch zag je dat hij het zelf leuk vond wanneer hij een kleinigheid van
ons kreeg. Het zit hem natuurlijk ook niet in de grote dingen, maar een zelf in
elkaar gefabriekt knutselwerkje doet het altijd goed. Ik heb nog ergens een
hoofdletter G, door Gerhard keurig uitgezaagd bij de handenarbeid les. In Wim
z’n zondagse psalmboek ligt nog altijd de bladwijzer die Mark 30 jaar geleden
maakte en zelfs met franje versierde. Pas ruimde ik wat dozen op met foto’s en
ik vond nog zo’n wit doekje met een paar verfhandjes er op, ik denk van Rick,
ook iets van een moederdag. Maar Valentijn? Nee wanneer je er niet mee
opgegroeid bent, zegt het je niets. ‘Allemaole goed veur de bloemenwinkels’,
zegt mijn Wim.
Maar... toen ik hem gisteravonds eens diep in de ogen keek en
vroeg: 'Wil jij wel mijn Valentijn wel zijn?', kwam er iets van een ondeugende
grijns tevoorschijn.
Buurman JansBuurman Jans is met pensioen! Hij heeft nog wel z’n akkerbouwbedrijf maar
z’n werk bij de Lange om gasflessen rond te brengen is afgelopen. Denk maar niet
dat hij zich verveelt. Ik kwam vanmiddag even langs om z’n moeder een bezoekje
te brengen en Jans was volop bezig in zijn hobbyruimte, ook wel het stookhok
genoemd. Het kacheltje brandde lekker. Hij was bezig om de echte originele
berkenbessems te vervaardigen, zoals hij dat nog kan. Er lag al een heel
stapeltje. Wim had er al eens één proberen te maken, maar toen Jans dat ding
zag, schudde hij zijn hoofd, afgekeurd dus .
‘Wat gao’ j der mee doen, Jans’,
vroeg ik hem. ‘Ja, ik mot nog zien da’k ze kwiet wodt’, zei hij toen.
'Zal ik
ze es veur oe op ‘Marktplaats’ zetten?', stelde ik voor. Dat leek hem een goed
idee. Het staat er nu op, onder ‘Dieren en toebehoren’. Ik kreeg meteen een hele
serie prachtige nestkastjes en voederhuisjes in het oog. Die man heeft gouden
handjes. Vooral een voederhuisje met een stukje plexi glas trok mijn aandacht.
Daar kun je een voorraadje vogelzaad indoen en het zakt vanzelf naar onderen als
de vogeltjes ervan snoepen. ‘Zal ik die der ok maor bie’j opzetten, op
Marktplaats?’ ‘Dat mag wel’, zei Jans. En dat betekent hier in Drente: heel
graag.
De haan van Barcelos

Op de laatste excursie in de Algarve vertelde onze gids Vasco het verhaal
van de haan van Portugal, eigenlijk de haan van Barcelos. Er zijn verschillende
versies van maar ze komen op hetzelfde neer. Ik vertel de versie à la
Vasco.
Lang geleden was een pelgrim op weg naar Santiago de Compostella. Hij
was moe en hongerig toen hij in de noordelijke plaats Barcelos aankwam. Hij werd
gastvrij ontvangen door een familie. Hij kreeg er een heerlijke maaltijd en een
fijn bed voor een goede nachtrust. De volgende morgen was het echter heel
anders. Die nacht was er kostbaar zilver gestolen van de familie en omdat hij de
enige vreemdeling was werd hij gevangen genomen. Hij moest voor de rechter
verschijnen en al zei hij telkens dat hij onschuldig was, het hielp hem niet en
werd veroordeeld tot de dood door de strop. Terwijl hij werd weggevoerd kwam hij
langs de plek waar de rechter lekker zat te eten. Een gebraden haantje stond
voor hem op tafel. De pelgrim vertelde nogmaals dat hij onschuldig was, maar het
hielp hem niet. Toen zei hij tot slot:’ U kunt me nu wel niet geloven maar
straks als u die haan aanprikt zal de haan gaan staan en drie maal kraaien. De
veroordeelde pelgrim werd weggebracht naar de dodencel en zou opgehangen worden.
Op het moment dat dat gebeurde prikte de rechter de haan aan. Die stond op en
kraaide drie keer. Toen hij besefte dat hij een onschuldige had berecht en
stuurde hij snel iemand naar de gevangene die op dat moment zou worden
opgehangen. Het was maar net op tijd. Sinds die tijd is de haan van Barcelos een
typisch beeld geworden van Portugal.
Het staat voor deze drie dingen:
rechtvaardigheid, geluk èn geloof.
En... zo vertelde Vasco... in Spanje hebben ze een vergelijkbaar verhaal, maar dan met kippetjes. Je snapt wel dat dat niet kan. Een kip kraait niet
Een eerste stap...

Met gemengde gevoelens gingen we vandaag richting gemeentehuis. Na de
vorige besprekingen hadden we er weinig vertrouwen in dat het meer zou kunnen
worden dan: beste meneer en mevr. Van der Kolk. Zolang de plannen voor de
verdubbeling nog niet concreet worden hebben wij er geen belang bij om actie te
ondernemen. Tot nu toe waren de heren juristen erg voorzichtig met hun
mededelingen.
Voor we opgehaald werden hadden we nog een voorgesprekje met
Ilse van Countus, die helemaal thuis is in de Ruimtelijke Ontwikkeling Ze had
nog verschillende vragen voor de heren en was nog niet erg optimistisch gestemd
over een andere zienswijze.
Toch bleek dat de heren met een plan kwamen. De
wethouders vonden blijkbaar dat er toch in overleg met ons naar een oplossing
voor ons probleem gezocht moest worden.
De eerste stap die voorgesteld werd
is om ons huis door een onafhankelijke instantie, de SAOZ, te laten taxeren en
wel op twee manieren: mèt en zonder woonbestemming. Zij zullen een makelaar in
de buurt aanwijzen. Het blijkt dat in het Burgerlijk Wetboek 6 artikel 3 over
een ‘natuurlijke verbintenis’ wordt gesproken, een verplichting zonder
grondslag, wat voor gevallen zoals de onze, waarbij de planschadeprocedure
verjaart is, een reden tot betaling kan zijn. We kunnen dan gewoon blijven wonen
tot we weg zouden willen of tot de gemeente toch onze grond nodig heeft voor de
verdubbeling en aankoop overgaat.
Wat het op gaat leveren weten we niet, maar
het is een eerste stap in de procedure. Wim had nog een staartje whisky en ik
een Bailey’s. We drinken er maar één op de eerste stap in de goede richting.
Proost!



Ons woonplekje dat geen woonplekje is ligt bij het kruisje.
Het is
zover. Morgenmiddag zijn we uitgenodigd om op het gemeentehuis te komen voor een
gesprek met een jurist van de gemeente Emmen. Hij heeft de opdracht van de
wethouder gekregen om er met ons uit te komen wat betreft de verwikkelingen
omtrent de plannen die er liggen maar waarvan ze nog niet weten wanneer en òf
die uitgevoerd zullen gaan worden. En dan bedoelen we de verdubbeling van de weg
die vlak naast ons ligt en waar al een jaar of 5 plannen voor zijn. Er zal een
adviseur bij zijn om ons te ondersteunen bij dat gesprek en op aanraden van Mark
hebben we onze ‘hulp in bange dagen’ uit het verleden ook om advies gevraagd. En
dat kregen we. Als afzender gaf hij de bijnaam die wij hem gaven nadat hij ons
bij het akkevietje dat we met de Belastingdienst hadden zo goed geholpen heeft:
Het teckels- en bloedhondenleger Nederland. Hij was in die tijd een echte teckel
die niet ophield als alles tegen leek te zitten. Uiteindelijk wonnen we en trok
de Belastingdienst bakzeil. Op de terugweg vanuit Leeuwarden, waar we eerst
samen in het café op de hoek bij het Gerechtshof een glaasje op de goede afloop
dronken, vierden Wim en ik de overwinning in Donkerbroek waar je zo lekker
gebakken lever kunt eten.
Laten we hopen dat we dit keer geen rechtszaak
nodig hebben.
En nu?
Eind goed, al goed...Wel vroeg hoor, om half 6 worden we gewekt, om half 7 staat Vasco met bus
en chauffeur vóór! Faro heeft een mooi vliegveld. 'Zö'w noe maor naor de
uutkleedpartij gaon', vraagt Johan als we ingecheckt hebben. Hij bedoelt de
douane. Op de heenweg moesten Wim, Johan en ik nog gefouilleerd worden wegens de
piepjes bij de gang door het poortje. Johan heeft een plaat in z'n arm. Mij
vroegen ze of ik soms een nieuwe knie had en Wim heeft een kaartje door z'n
pacemaker waardoor hij niet door een magnetisch veld mag.
Wim heeft z'n
veters al los en de riem uit z'n broek. Johan begint ook al met de opmerking:
'Leg uw kleren daar maar neer, zegt de dokter. Dan leg ik die van mij er
bovenop'. We hebben ons ontbijtje van het hotel al achter de kiezen en voor we
het weten mogen we het vliegtuig al in. Johan en Joke genieten opnieuw van het
uitzicht, nu overdag. Om 1 uur zijn we er. De temperatuur valt mee. We rijden
snel richting Achterhoek en besluiten met een kop erwtensoep bij een AC
restaurant in Zevenaar en een kop koffie bij Johan en Joke thuis op de
Boomgaard. Boris is dolblij om ze te zien en het is wederzijds.
Wij beginnen
intussen ook het hooi van de stal te ruiken en gaan verder naar Drenthe. Daar
wachten Tessa en de katten. Bovendien ligt er een lekker gebakje, vast een
traktatie vanwege Mark z'n verjaardag.
Intussen horen we de berichten over
hagel, sneeuw en harde wind die we hier te wachten staan. Maakt niet uit. We
kunnen er weer even tegen.
Een laatste dag...Op het plein in het centrum van oud Albufeira horen we prachtige muziek.
Ik koop een paar cd's die Rick misschien wel even wil kopiëren.
‘Gaan
jullie niet mee?’, vragen enkele medereizigers die klaar staan om de bus in te
stappen voor de excursie naar het rotsachtige westkust van de Algarve. ‘Morgen
weer’, is ons antwoord ,’of overmorgen’. 'Dan mag je gaan zwemmen' is het
weerwoord, heel ad rem van de oudere dame die hoewel mèt stok en in eigen tempo,
alle tochtjes en bezichtigingen meemaakt.
Vandaag is de laatste dag en die
brengen we met Ben en Diny door. Johan en Joke gaan via het strand en Ben speelt
voor ons weer de taxichauffeur. Het blijkt voor het sportieve stel een
behoorlijke klauterpartij, maar met iets meer dan een uur staan ze bij ons aan
het balkon.
Een paar uur later gaan we nog even naar Albufeira. Nu kan het
nog. Wim kiest voor een strandstoel bij het zwembad en Ben en Johan trekken zich
terug op het strand bij Albufeira terwijl wij drieën nog een laatste poging doen
om de Portugese economie te steunen. We besluiten samen op een terrasje en dan
is de middag op z’n eind. We wensen Ben en Diny nog een fijne week hier en wij
maken ons op voor een laatste diner. Vanavond om 10 uur kunnen we ons
ontbijtpakket ophalen bij de receptie want om half 7 morgenvroeg staat de bus
voor om ons naar het vliegveld in Faro te brengen.
We hebben deze week
langzamerhand kennis gemaakt met verschillende medereizigers en het lijkt een
groep gelijkgestemden te zijn. Heel gezellig!
Ik denk dat we dezelfde warme
trui weer aantrekken die we op de heenweg droegen. Dan schrikken we niet zo
wanneer we op Airport Eindhoven ons hoofd buiten de vliegtuigdeur gaan steken.