vuurpotjes


Verwarming
Bij kil en guur weer moest de kantwerkster zich proberen te verwarmen. De thuiswerkende kantklosster kon bij de “stove” zitten maar moest wel voorzichtig zijn dat de kacheldampen het fijne en dure garen niet bevuilde!!
Daarom behoorde de individuele vuurpot tot de typische kantwerksters uitzet. Deze aarden, ijzeren of houten “ vierpotjes “ bevatten een uitneembaar ijzeren schaaltje waarin gloeiende houtskool werd gelegd. Het vuurpotje werd onder de lange rokken geschoven en men plaatste de voeten op de treden. Voorzichtigheid was wel geboden!!
Sommige kantscholen hadden een grote vuurpot die een aangename warmte verspreidde. Maar niet iedereen kon dicht bij de warmtebron zitten en daarom verwisselden de kinderen regelmatig van plaats.




























