MIJN MOEDER
Dat ik mijn werk kwijt was vond mijn moeder in principe niet
zo erg.
Nu kon ik zus J. van en naar school brengen.
Kon helpen in het huishouden wat haar dan de mogelijkheid gaf om enkele uurtjes
langer te slapen na haar nachtelijke bezigheden.
Daar het paasvakantie was nam ik J. mee wanneer ik
naar de ouders van mijn eerste liefde R.ging, of een bezoek bracht aan mijn
pleegouders.
Of we gingen gewoon wat wandelen in het park of naar de speeltuin.
De tegenwerking kwam echter van een andere zijde, namelijk van de partner van
mijn moeder.
Op een avond laat kwamen mijn moeder en haar partner F.terug
van een avondje uit.
Ook zoon E. was erbij.
Mij was gevraagd om op J. te passen intussen, iets dat ik met graagte deed.
Enerzijds omdat ik dan het rijk voor mij alleen had, en ik was graag alleen, anderzijds omdat ik in feite een aversie had tegen F en zijn zoon
E.
Beide waren tweetalig maar prefereerden om Frans te spreken tegen elkaar.
Tijdens een dergelijk gesprek hadden ze het over mij, in de veronderstelling
dat ik het toch niet verstond.
Het ging erover dat E vond dat ik ook mijn steentje moest bijdragen bij het
huishoudgeld.
F.was het daar mee eens en zei dat hij dat wel zou oplossen.
Ik repte geen woord over hetgeen ik gehoord had en was het hele
gesprek bijna vergeten.
Tot op die avond.
F. leefde gescheiden van zijn vrouw maar was nog niet
wettelijk gescheiden.
Daarom huurde hij officieel het appartement naast dat van mijn moeder. Zo kon
hij niet betrapt worden op overspel.
Doch liet hij duidelijk blijken dat alle meubelen die op het appartement van
mijn moeder stonden, door hem waren betaald.
Toen mijn moeder daarop repliceerde wie er dan elke nacht ging werken, waren
een paar klappen haar antwoord.
Het was de eerste keer dat ik een vrouw klappen zag krijgen van een man. En het
maakte grote indruk op me.
Mijn moeder verdedigde zich niet, douchte, trok haar pyjama aan en ging naar
bed.
Fvertrok naar zijn eigen vertrekken met slaande deuren.
J bleef samen met mij beduusd achter, dus we gingen maar weer wandelen.
Tegen etenstijd ging ik met een bang hart naar huis, maar ondertussen was alles
weer koek en ei tussen hem en mijn moeder.
Met een avondje uit tot gevolg dus.
Toen mij dit werd medegedeeld werd er gelijk door F bij gezegd dat er eens
moest worden gepraat over hoe ik mijn toekomst zag bij hen.
Wegens plaatsgebrek sliep ik vanaf mijn komst op de zetel in de living.
Dat maakte dat ik meteen wakker was toen ze gedrieën luid lachend en
gekscherend weer thuiskwamen na het avondje uit.
Er werd muziek op gezet, en ik werd door E van de zetel geplukt, want hij wou
met me dansen.
Normaal danste ik wel graag, maar met die kerel wilde ik dit
helemaal niet.
F.liet mij weten dat ik dan niet de aard naar mijn moeder had, want die kon beter
dansen dan Fred Astaire en Ginger Rogers volgens hem.
Na wat heen en weer gezevver danste ik dan, tegen heug en meug, toch maar een
slow met E.
Mijn moeder, maar vooral f namen mij daarbij goed op.
”Ze beweegt wel soepel, zei mijn moeder, dat heeft ze van mij”…..
”Ze moet nog veel bijleren, zei F, maar ze is nog jong”….
Toen het plaatje afgelopen was werd ik gevraagd om aan tafel te komen zitten
"want we moeten eens praten”.
Ik voelde mij er niet echt gerust in.
Dacht dat ik onder mijn voeten ging krijgen omdat ik er een ganse dag was op uit
getrokken met J.
Omdat ik die dag niets had gedaan in het huishouden.
Of omdat ik met J naar mijn pleegouders ging, of naar de ouders van R.
Ik wist dat mijn moeder en f mijn eerste liefde niet echt zagen zitten.
Ze vonden hem te oud voor mij. Maar vooral vonden ze mij te jong voor een vaste
relatie.
Daarom dat ze niet wilden dat ik R door de week zag, iets waarin ik niet
gehoorzaamde.
Ook herinnerde ik mij het gesprek tussen f en zijn zoon, waarin werd geopperd
dat ik mijn steentje moest bijdragen in het huishoudgeld. Ik tijd gehad om daar over na te denken en ik had mijn antwoord
al klaar.
Want ik zou hen laten merke dat ik niet op m’n mondje gevallen was.
De aanval was de beste verdediging, was sinds kort mijn motto.
Nog ietwat slaapdronken nam ik plaats aan de tafel.
Ondertussen had mijn moeder voor mij een glas rode wijn uitgeschonken.
Ik had nog nooit alcohol gedronken, lustte het niet eens.
Maar rode wijn was, net zoals de Italiaanse keuken, (F was van Italiaanse
afkomst), in mijn moeders huishouden ingeburgerd.
Dus ik dronk het glas leeg, dronk er nog een en werd al een aardig beetje teut.
Dat was ook de bedoeling, meen ik nu nog steeds.
Het moest mij ontvankelijker maken voor het gesprek.
En het werkte want ik keuvelde lekker mee.
Lachte met de schuine moppen waar ik maar de helft van begreep, maar dat liet
ik natuurlijk niet blijken.
Dacht bij mezelf “nou, het gesprek valt goed mee, ik heb me zorgen gemaakt om
niets”.
Na het derde glas wijn was ik van de wereld en dacht enkel nog aan slapen.
Toen kwam het gesprek!
Toen barstte de bom en spatte mijn wereld voor de zoveelste maal uit elkaar!


















