KRUISPUNT
Op pad dat achter me ligt, ga ik alvast niet meer op.
Teveel tranen op gestort.
Links heeft een beetje een negatieve klank.
”Jij hebt twee linkse poten” hoor ik mijn pleegmoeder dan in gedachten zeggen, “jij deugd voor niks”!
Dus links is geen optie.
Het pad dat voor me ligt, kan ik niet op!
Te bang, te weinig zelfvertrouwen en niemand die je bij de hand neemt.
Niemand die je de weg wijst, je staat moederziel alleen.
Rechts dan maar, want als je van rechts komt, heb je voorrang.
Dan moet men voor je stoppen, dan moet men rekening houden met je.
Je staat voor een keuze, en je kiest.
Alleen besef je niet dat je de verkeerde keuze maakt.
Er is niemand die het je zegt, geen rood licht dat je waarschuwt.
Mijn luttele vrije tijd bracht ik door in het café.
Ik werd er aanvaard, en ik kon er mijn zorgen vergeten. Althans, ik kon ze
wegdrukken voor even.
Zonder pochen mag ik zeggen dat ik er tamelijk goed uitzag. Ik was jong, slank en mijn lange blonde haren maakten het geheel af. Of toch niet. Het was mijn vranke teut die het geheel afmaakte!
Op alles had ik een gevat antwoord klaar.
Ik grapte, ik lachte, en het was mijn vrolijkheid die aanstekelijk was.
Mannen zagen mij niet langer meer als een jong meisje, maar als een volwassen vrouw.
Eén die wist wat ze wou en vooral wat ze niet wou.
Wisten zij veel dat het allemaal maar façade was.
Dat ik heel diep van binnen huilde als een klein kind.
Elke dag weer.
En hoe meer pijn ik voelde, hoe harder ik lachte.
Want niemand zou ooit nog mijn tranen zien.
Niemand zou mij nog verdriet doen of kwetsen.
De hotpants waren in, en de minirok.
En al zeg ik het zelf, ik had een mooi stel benen.
En daar maakte ik dankbaar gebruik van.
Het maakte dat de mannen, jong en oud aan me kleefden als een vlieg aan een pot
stroop.
Ik had maar te kiezen, en dat deed ik dan ook.
Het was iets waar ik goed in was, het spel van het verleiden en hen op het laatste moment de rug toekeren .
Het was mij om de macht te doen.
Ik lachte, ik danste en was een populaire jonge vrouw.
Maar van binnen ging ik kapot.
Wist verdomd goed waar het die mannen om te doen was. Zeker niet om mijn gevoelens.
Als er ooit structuur in mijn leven was geweest, gooide ik die nu met ware
doodsverachting weg.
Met als enig doel voor ogen, als ik kapot moet gaan, zal ik mezelf wel kapot
maken.
Ik kies, niet jullie!
Maar ik ga niet zonder stoot of slag.
Ik koos en wees hen meteen weer af.
Ik schepte er genoegen in.
Ik speelde gevaarlijk spel.
Een beetje zoals bij Russische roulette.
Maar ik hield tenminste zelf het pistool in handen.
Stak zelf de kogel in de lader.
Klik….Nee, niet vandaag…..morgen misschien?
Want ooit kom ik aan het einde aan de weg.
Dan kan ik geen kant meer op!
©Huismusje





