LICHTPUNTJE
Ik was in post bij een dokters gezin.
Buiten mijn wil en dik tegen mijn zin, maar ik had andermaal geen andere keuze. In die post werd het mij duidelijk dat ik moeilijk bevelen kon opvolgen.
De gebiedende toon zoals “doe dit” en “doe dat” begon meer en meer aversie bij
me op te roepen.
Nu ga je misschien zeggen dat ik moeilijk van karakter was. Maar dat is heus niet zo.
Het enige waar ik met hart en ziel naar verlangde was vrijheid.
Verlost zijn van alle juk en druk die mij door gevoelloze mensen op mijn
schouders werd gelegd.
Dat dit niet haalbaar was door mijn minderjarigheid was iets dat ik niet kon inzien.
Ik wou eindelijk mijn leven in eigen handen nemen. Weg van iedereen die mij
pijn deed, of zo vaak had gedaan.
En wie zou mij daarbij beter kunnen helpen dan mijn eerste grote liefde.
R was meerderjarig dus voor hem zou het makkelijk zijn om een woonst te huren.
Hij had die optie al eens vernoemd maar zijn ouders schreeuwden daarbij moord en brand.
De enige reden dat ze mij tolereerden was uit liefde voor R.
Maar in werkelijkheid zagen ze mij liever verdwijnen naar Timboektoe om nooit
meer weerkeren.
Vanuit hun standpunt kan ik hen nu wel begrijpen.
Ik had geen rooie cent, had geen degelijke thuis en mijn background was ook
niet om mee te stoeffen (pochen).
Ik kan dus nu wel begrijpen dat zij voor hun zoon wat anders op het oog hadden,
want zelf zaten ze goed in de slappe was.
Of ze nu gierig of gewoon zuinig waren, wil ik in het midden laten.
Ook zo met het feit of ze over beschermend of gewoon bemoeizuchtig waren
tegenover hun zoon.
Maar feit was wel dat ze van hun meerderjarige zoon al zijn geld
beheerden.
Voor elke uitgegeven cent moest hij verantwoording afleggen, elk extraatje
moest hij vragen. Meestal kreeg hij dat wel zonder morren, maar toch.
Ook aan zijn spaargeld kon hij niet komen zonder de toelating van zijn ouders.
Op maandag en donderdag had ik mijn vrije dag.
Erg wettelijk was dit allemaal niet, maar zoals gezegd, ik had geen andere keuze
dan te aanvaarden.
R werkte op weekdagen, dus we zagen elkaar amper, want ik moest ten laatste om
22u weer op dienst zijn.
Aan tijd om alleen te zijn ontbrak het ons ook, enkel tijdens de terugrit konden we
vrijuit praten.
Het was tijdens zo'n rit dat R mij liet weten dat hij werk ging maken van
die flat.
Dat zijn ouders hoog en laag mochten springen, maar dat aan deze situatie een
einde moest komen.
Ik sprak hem niet tegen en was blij met zijn kordaatheid.
Op een dag kwam R mij ophalen.
Moest je niet werken, vroeg ik hem verwonderd?
Ik heb een dag verlof genomen, zei hij.
Jij en ik gaan naar ons appartement kijken.
Ik sprong een gat in de lucht.
Voor mij was het als een lichtpunt in de duisternis.
Eindelijk verlost! Eindelijk vrij!
Over de verantwoordelijkheid die dit alles zou meebrengen maakte ik mij geen
zorgen.
Net als alle jonge verliefden waren we er rotsvast van overtuigd dat alles
vanzelf zou lopen.
Liefde overwint immers alles!
En ik was verliefder dan ooit, dus geen probleem.
Maar dat was buiten de waard gerekend.
Mijn leven zou mijn leven niet zijn moest er weer geen donkere wolken boven
mijn hoofd hangen.
De waard in dit geval waren de ouders van R.Ik sta nog steeds versteld hoe ver deze mensen zijn gegaan
om hun slag thuis te halen.















