Naar de inhoud

Lut De Rudder

seniorennet.beseniorennet.be

 

Het museum Plantin-Moretus II

Uiteindelijk bereiken we het museum zonder kleerscheuren. Het ziet er niet ‘overweldigend’ uit. Toch is dit een van de prachtigste musea ter wereld: wat achter die muren verborgen ligt is onvoorstelbaar en dat niet alleen wat de materiële waarde betreft. Het is wellicht wereldwijd de enige drukkerij uit die periode die gaaf bewaard is gebleven. Niet voor niets staan het woonhuis en het drukkersbedrijf op de prestigieuze lijst van UNESCO Werelderfgoed.

 

En wat een schat aan boeken: van wiegendrukken (boeken van voor 1500) tot unieke exemplaren van meertalige bijbels. Aan de muren hangen schilderijen, o.a. van Rubens. Het is niet de eerste keer dat ik hier kom, toch voel ik me weer gegrepen door wat hier aangeboden wordt. Wat een vakmanschap of moeten we spreken van kunstenaarschap?

 

Nog maar te bedenken wat het betekende dat door de drukkunst informatie uiteindelijk voor iedereen beschikbaar werd: een echte bevrijding. Nu is het evident dat kinderen leren lezen, ze worden, bij wijze van spreken, geboren met een computer onder hun vingers. Ik krijg kippenvel bij de gedachte dat kinderen leren lezen en schrijven en zo toegang krijgen tot de hele wereld. Mensen die niet kunnen lezen … voelen zich die niet opgesloten? Ik leerde ooit een jonge man van vooraan in  de twintig lezen: op school werd hij steeds achteraan gezet …tja, waarom? Hij zal wellicht niet de enige zijn geweest die tussen de mazen van het onderwijs viel. Zijn motivatie om te leren lezen: hij wou de sport lezen in de krant. Een nonkel die met hem werkte stuurde hem door naar mij. En op zijn ritme leerde hij lezen. Aanvankelijk woordjes waarbij ik tekeningen maakte … heel intuïtief ging ik met die opdracht om. Hij oefende en oefende  … en vrij vlug vertelde mijn nonkel dat hij de ‘gazet’ zat te spellen tijdens de middagpauze. Ik hoop dat het hem goed gegaan is in het leven. Voor mij was het een pracht van een cadeau: iemand mogen leren lezen. Ik mocht even een ‘goede fee’ zijn uit de sprookjeswereld die iemand mocht binnenleiden in de wondere wereld van geschreven woorden.

 

Omdat er in dit museum een tijdelijke tentoonstelling georganiseerd is ‘Komen en gaan – Beelden en beschouwingen over migratie’ waar tekeningen, lino’s, litho’s, etsen en gravures getoond worden uit verschillende tijden en landen hebben we voor dit museum gekozen. Deze tentoonstelling sluit goed aan bij de vaste collectie. Zoals in het programmaboekje vastgelegd: ‘Vijf eeuwen geleden ligt een jonge ambitieuze boekbinder te woelen in de Franse nacht. Durft hij alles achterlaten om in het verre Antwerpen drukker te worden? Zijn twijfel is die van alle mensen die op zoek gaan naar een ander leven. Plantin nodigt u uit om migratieverhalen te bekijken en mee te beleven; bij hem thuis. Want hij weet hoe het voelt om die stap in het onbekende te zetten.’

 

Hier ervaar ik een vorm van ‘thuiskomen’. Er liggen niet alleen ‘boeken’ om te bekijken of schilderijen hangen aan de muren, maar zoveel etsen, gravures … nu ik met lino bezig ben kijk ik er toch met een extra aandachtig oog naar. Hier beleef je de grens tussen ambachtelijkheid en kunst … en wellicht horen die twee samen.

 

Er zijn niet zoveel bezoekers, zodat ik alle tijd heb om wat aangeboden wordt rustig te bekijken. Het feit dat je in het oorspronkelijke huis en de oorspronkelijke drukkerij rondzwerft maakt de tentoonstelling nog indrukwekkender. Het huis op zich is een bezienswaardigheid: muren, behangen met kostbaar (goud)behang), vol met schilderijen van bekende meesters (o.a. Rubens, vriend van Plantin), een bibliotheek die zich over verschillende kamers uitstrekt met kostbare boeken waarvan de waarde nauwelijks voor te stellen is. En dan de drukkerij: van de oude kachels tot de in spiegelschrift gegoten letters. Wat een ambachtslui waren de mensen die zich met het drukken bezig hielden.

 

Naast de vaste collectie is er een tijdelijke tentoonstelling op het gelijkvloers ‘Over komen en gaan’. Beelden over migratie. Alle aspecten van migratie komen aan bod: het afscheid, de angst voor het onbekende, de aantrekkingskracht van datzelfde onbekende. Vlucht voor armoede en oorlog als oorzaak van migratie. Heel aangrijpende werken. Deze tentoonstelling loopt nog tot 05.01.2014

Het Museum Plantin I

Omdat Christel en ik ’s avonds in Antwerpen naar de opening willen gaan van de tentoonstelling van een collega besluiten we er een daguitstap van te maken. Onze mannen gaan mee, dat geeft de dag extra zwier. De plaats van de tentoonstelling ligt aan de  rand van Antwerpen. Daar we niet zeker zijn of we er met het openbaar vervoer gemakkelijk geraken en nog terug kunnen na de festiviteiten, gaan we met de wagen. Ludo wil rijden.

 

We geraken makkelijk in Antwerpen: op zaterdag is er weinig drukte op de weg. Eerst rijden we naar de plaats waar het vanavond te doen is. Even verkennen waar we juist moeten zijn en in de omgeving een parkeerplaats zoeken voor de auto. We hebben geluk. Dichtbij vinden we nog een parkeerplaats richting terugweg: we moeten vanavond alleen nog instappen en wegwezen.

 

Een tram nemen is ook geen groot probleem: een 500 m verder is er een halte. We stappen uit dichtbij het Centraal Station. Nu naar de Groenplaats: daar bevindt zich het Platin-Moretus museum.

 

Het weer is schitterend. Warm, zonnig … de terrasjes zitten goed vol, en dat voor eind oktober. Veel volk ook op straat. Het verbaast me altijd weer hoe druk Antwerpen is, toch op de De Keyserlei. Een massa mensen is in beweging, een beweging die enkele keren halt houdt voor verkeerslichten. Wanneer de lichten groen worden, zet die massa zich weer in beweging. Ik laat me meedrijven met die massa: opgenomen in de zich telkens hernieuwende golf van stilstaan en verder stappen. Soms ook even benauwend: ik mag de anderen niet uit het oog verliezen. Het doet me denken aan het liedje van Piaf, waarin ze dat opgenomen en voortgedreven worden door de massa bezingt: eerst waanzinnig gelukkig omdat die massa haar in de armen van haar geliefde drukt, dan wanhopig omdat diezelfde massa hen weer uiteendrijft en ze haar geliefde nooit meer terugvindt.

 

Je revois la ville en fête et en délire
Suffoquant sous le soleil et sous la joie
Et j'entends dans la musique les cris, les rires
Qui éclatent et rebondissent autour de moi
Et perdue parmi ces gens qui me bousculent
Étourdie, désemparée, je reste là
Quand soudain, je me retourne, il se recule,
Et la foule vient me jeter entre ses bras...

Emportés par la foule qui nous traîne
Nous entraîne
Écrasés l'un contre l'autre
Nous ne formons qu'un seul corps
Et le flot sans effort
Nous pousse, enchaînés l'un et l'autre
Et nous laisse tous deux
Épanouis, enivrés et heureux.

Entraînés par la foule qui s'élance
Et qui danse
Une folle farandole
Nos deux mains restent soudées
Et parfois soulevés
Nos deux corps enlacés s'envolent
Et retombent tous deux
Épanouis, enivrés et heureux...

Et la joie éclaboussée par son sourire
Me transperce et rejaillit au fond de moi
Mais soudain je pousse un cri parmi les rires
Quand la foule vient l'arracher d'entre mes bras...

Emportés par la foule qui nous traîne
Nous entraîne
Nous éloigne l'un de l'autre
Je lutte et je me débats
Mais le son de ma voix
S'étouffe dans les rires des autres
Et je crie de douleur, de fureur et de rage
Et je pleure...

Étraînée par la foule qui s'élance
Et qui danse
Une folle farandole
Je suis emportée au loin
Et je crispe mes poings, maudissant la foule qui me vole
L'homme qu'elle m'avait donné
Et que je n'ai jamais retrouvé...

 

Ik heb Piaf altijd een grote dame gevonden heb. Nu nog kan ik kippenvel krijgen als ik haar liederen beluister.

 

Zo dramatisch als in haar chanson zal het nu niet verlopen. Ik neem de vele indrukken in mij op, laat er mij door raken. Niet alleen het ‘internationale’ raakt me, maar ook de gevarieerdheid: keurig geklede heren en dames naast clochards, jong en oud, fel gekleurde kledij naast sobere onopvallendheid. Ik probeer levensverhalen uit op de mensen die ik voorbij ga, ik kan dat niet laten, dat doe ik altijd. Wat een contrast met een dorp waar iedereen, iedereen kent. Ook dat heeft zijn charme, maar eens veranderen van omgeving geeft toch een ander levensgevoel. Terwijl ik me laat meenemen door de drukte probeer ik de anderen bij te houden: ik kom ogen tekort en geniet.

En snijden maar

Eerst maak ik een nieuw ontwerp: iets met bloemen, zie afbeelding hiernaast. Wanneer ik het overbreng op het stuk lino, gebruik ik stift. Jammer genoeg blijft dat niet zo duidelijk aftekenen: het minste dat ik er met mijn hand over ga, komt er inkt mee. Dus in het vervolg uitkijken naar een andere tekenstift.

 

En dan begint het snijwerk. Het is wel spannend, toch leuk om doen. Het vraagt alle aandacht. Ik merk dat die fijnere strepen niet zo makkelijk zijn en daarom laat ik die maar weg. Wellicht zal ik later wel genoeg geoefend zijn om zo’n fijn werk uit te voeren.

 

Het vraagt meer kracht dan ik vermoedde. Na een tijd staan mijn vingers krom en voel ik mijn armspieren pijnlijk verzuren. Het zijn bewegingen die je niet dagelijks doet.

 

Dan komt Karel aandraven met een mini-boor met allerlei hulpstukken, ook mini. Het is een pakket dat hij ooit kocht om er ‘later’ houtsnijwerk mee te doen. Voor mij is het een waar cadeau. Niet alles kan ik er mee doen, maar voor sommige dingen helpt het wel en het vraagt nauwelijks inspanning.

 

‘k Ben benieuwd naar het resultaat als ik de linosnede ga afdrukken op de academie.

Vissen IX

Omdat ik het zo leuk vind, nog een laatste tekening met vissen. Ik denk nu aan een gekleurde achtergrond waartegen die vissen zwemmen. Het drukken met linosnede biedt veel mogelijkheden. Ik droom al van collages maken met daarop een druksel, of drukken in verschillende kleuren, of een aquarel als achtergrond.

 

Het is net of ik dit jaar alleen al zal vol krijgen met ontwerpen tekenen, lino uit snijden en drukken.

 

In de academie staat er een drukpers. Ik hoop dat die drukpers niet noodzakelijk is. Ik wil thuis experimenteren zonder drukpers.

 

Ondertussen beslist om van start te gaan met het lino snijden. Ik blijk dat steeds voor me uit te schuiven. Omdat ik het nog nooit gedaan heb voel ik me een beetje aarzelen: drempelvrees, faalangst, noem maar op. Ik ga flink zijn en dat allemaal terzijde schuiven. Wellicht beleef ik er evenveel plezier aan als het ontwerpen.

Vissen VIII

Ik blijf nog even bij de grote vis als achtergrond. Ik maak hem zwart maar laat enkele lijnen wit. Achter die grote vis, als achtergrond van die vis, is het vlak zwart ingevuld met enkele witte lijnen. Het doet wat rustiger aan. In lino is dit allemaal uit te snijden. Op de voorgrond laat ik weer een school kleinere vissen zwemmen. Die visjes zouden wat meer structuur mogen krijgen, met zichtbare vinnen. Dat zou die kleine vissen meer expressie geven. Goed om weten als ik het zou uitwerken in lino.

Vissen VII

Ik laat de sjablonen voor wat ze zijn, maar blijf bij het vissenmotief. De achtergrond wordt een grote vis. Ik probeer door dikkere en dunnere lijnen te gebruiken de vis uit de achtergrond te halen, en toch als achtergrond te behouden. Dit lukt niet al te best: uiteindelijk zal ik de vis omlijnen om hem wat duidelijker aanwezig te stellen.

 

De kleine visjes liet ik aanvankelijk wit, zo zouden ze duidelijk afsteken tegen de gestreepte donkere achtergrond. Maar ook dat lukte niet zo prima, ook rond de kleine visjes heb ik dan maar een lijn getrokken en om de visjes wat levendiger te maken, een oogje gegeven. Het was leuk om tekenen, maar als ontwerp voor een linosnede ongeschikt.

Vissen VI

Ik gebruik mijn eerste sjabloon en teken de vissen heel gedisciplineerd: een rij aan elke kant. Ik verbind de vissen met een lijn: het doet me denken aan een schoen die met een veter dicht gehouden wordt. De ene kant is het tegenbeeld van de andere: wat wit is wordt aan de andere kant zwart.

 

Toch moet ik wat meer richting linosnede gaan denken en ontwerpen. Maar er is iets dat me er van weerhoudt om aan het snijwerk te beginnen. Ik wil nog meer ontwerpen maken om te kunnen kiezen ..en het geconcentreerd bezig zijn met Oost-Indische inkt is al een soort verslaving voor mij: lijn na lijn ga ik mijn hemel in.

Vissen V

Ik ontwerp een nieuw sjabloon: een wat rondere vis. Daarmee vul ik een blad: ik teken de lijnen over elkaar heen. Ik vind het wel mooi, maar als ik iets dergelijks in lino wil uitwerken zullen er dikkere lijnen moeten getrokken worden. Nu verdwijnt de vorm van de vis wat naar de achtergrond om bijna tot een abstract lijnenspel te komen. Dat zie ik echt wel zitten, ook om uit te snijden.

Meer van Lut De Rudder

↑ Terug naar de berichten