Aquarel

Christel vroeg of ik geen zin had om met aqaurel aan de slag te gaan. Vroeger heb ik al eens met aquarel gewerkt. Voor mij is het ontzettend moeilijk om er een goed resultaat mee te bekomen. Toch wil ik die techniek opnieuw uitproberen. Ik vind aquarel iets heel poëtisch hebben. Christel moest het me geen twee keren vragen.
Met een paar vrouwen komen we samen in het atelier van de kunstenaar. De anderen ken ik ook: ze zijn ook van Werchter.
De leraar is vooral gespecialiseerd in portretkunst, zowel in olie, acryl als in aquarel. Ik heb wat foto’s meegenomen waarmee ik aan de slag wil gaan. Hij legt me uit waarom die foto’s geen goede basis zijn: te abstract, geen goede lichtinval. Onmiddellijk krijg ik les over warm en koud licht. Hij stelt me voor met de basis te beginnen: een witte kom op een witte ondergrond. Eerst doet hij het voor en dan kan ik aan de slag.
Na een paar uur intens werken, wel met tussendoor een koffietje, heb ik de indruk nog nooit zoveel bijgeleerd te hebben. Het is niet mijn bedoeling om stillevens te produceren, maar nu wil ik me strikt aan die basisopleiding houden. Thuis kan ik dan experimenteren zoveel ik wil. Ik droom van abstracten waarin aqaurel en Oost-Indische inkt samen op weg gaan. Maar eerst het ‘ambachtelijke’ onder de knie krijgen … wie zei ook weer dat kunst niet alleen bestond uit inspiratie maar voor het grootste deel uit transpiratie?
De oorlogstentoonstelling
Naast de tentoonstelling van Kunst Loco Motief, liep in hetzelfde Mixx centrum een tentoonstelling over WOI en WOII. Nu we daar toch waren, konden we het niet nalaten daar ook ruim de tijd voor te nemen.
Een eerste deel van de tentoonstelling was gewijd aan WOI: veel foto’s die een aangrijpend beeld oproepen hoe het voor de ‘gewone’ mens was, ook al stak hij soms in een legeruniform. Oorlog brengt alleen vernietiging voort: gebouwen die nog nauwelijks overeind staan, mensen op de vlucht … Feitelijk kunnen we ons dat nu niet meer inleven hoe het ‘toen’ was.
Een vrouw sprak me aan: toch erg hé. Ik zei haar dat ik me zo triestig voelde bij die foto’s. Ja, zei ze … en er is nog niets veranderd. We begrepen elkaar. Oorlog bracht alleen maar rouwen voort: toen en nu. Alleen is het nu wat verder van ons comfortabele bed. Wij keren niet terug naar een huis in puin, naar toekomstplannen die niet meer kunnen omdat de geliefde afwezig is, vreugde om kinderen die omdraaide in de nachtmerrie van hun dood. Familie als een geschonden illusie. Na elk bombardement, als je het overleeft, zich afvragen: hoe stellen de anderen het? Leven ze nog?
Een tweede deel betrof WOII. Enkele relicten uit die tijd werden getoond: vooral moto’s en wapens, Uniformen rond wassen soldaten moest het geheel wat ‘echter’ doen lijken. Die objecten kwamen uit privé-verzamelingen. Aan de toog stonden enkele mensen in uniform. Even dacht ik: waarom kruipen ze in zo’n uniform en staan ze aan de toog te drinken? Zijn dat mensen die graag oorlogje spelen?
Op het einde van de tentoonstelling stond een heel pakkende enscenering: wassen poppen droegen de gestreepte pyama’s van de gevangenen in de kampen. Ik liet me vooral meevoeren door een ‘klein’ formaat van pyama: dat moet wellicht nog een puber gedragen hebben die nauwelijks de kinderjaren ontgroeid was.
Ik had die avond genoeg gezien. Ik had geen zin meer om in de andere tentoonstelling nog met vrienden of bekenden te gaan praten. Christel en Ludo wilden ook naar huis. Oorlogsbeelden vragen zwijgen.
Kunst Loco Motief

Kunst Loco Motief is gekend van de kunstroutes langs Begijnendijk en Betekom en heeft als slogan ‘Een artistiek spoor door het dorp’.
Verschillende van de 15 aangesloten kunstenaars ken ik en toen ik een uitnodiging kreeg voor hun expositie in ‘de Mixx’ wou ik hun huidig werk wel eens bekijken. Christel en Ludo gingen mee, Karel bleef liever thuis.
Een opening van een tentoonstelling is altijd heel ontspannen, zeker voor de bezoeker: je wordt verwelkomd met een drankje, je treft altijd mensen die je kent … en je kan leuke dingen zien. Nu was er echt overvloed. Het ene werk spreekt je meer aan dan het andere, dat heeft met persoonlijke voorkeur te maken. Natuurlijk verwacht je hier geen niveau van werken die zich internationaal een naam verwerven. Ik ervaar het als erg waardevol dat zoveel mensen creatief bezig zijn, op zoek gaan naar hun eigen mogelijkheden en die vorm geven. Sommige werken raken me of inspireren. Soms is het puur genieten.
Hieronder een paar foto’s. Ik weet niet meer van welke kunstenaar (m/vr). Ik kan alleen maar hopen dat ze hun weg verder gaan. Creatief bezig zijn doet deugd en brengt een positieve energie in de samenleving.
Uitnodiging

Toen ik opruimde na ‘Tussen de bomen’ dacht ik moeilijk in gang te geraken om de presentatie van mijn eindwerk te realiseren. Niets blijkt minder waar. Mijn eindwerk staat nu al netjes klaar te wachten op vervoer.
Een (klein) overzicht van dat werk kan je komen bekijken in het Vrijetijdscentrum de Menatoren, Provinciebaan 2 in Rotselaar. Op vrijdag 20, zaterdag 21 en zondag 22 juni, is de ruimte op de tweede verdieping toegankelijk van 13 tot 18 uur. Zelf zal ik daar alleen op vrijdagnamiddag aanwezig zijn. Zaterdag en zondag wil ik zelf een kijkje nemen op de andere plaatsen.
De werken van de nog niet afgestudeerden zijn te vinden in de lokalen van de academie in de Sint-Jansstraat 85 in Werchter.
Terug aan het schilderen
Tot ik beslis terug wat te schilderen. Het atelier ligt er uitnodigend opgeruimd bij en de doeken staan reeds lang op mij te wachten. Ik haal die reeds ’s avonds uit hun berging en zet ze in het atelier: dat is een zetje om de faalangst te overwinnen, want eerlijk gezegd, erg zegezeker voel ik me niet.
Wanneer ik ’s morgens naar mijn atelier trek voel ik me gespannen: het is zowat een jaar geleden dat ik er nog werkte: van als het wat kouder wordt trek ik me terug in huis. Karel heeft al vaak voorgesteld om verwarming te gebruiken, maar dat vind ik dan weer zo onverantwoord, zowel op financieel als ecologisch vlak.
Eerst haal ik de verf uit de dozen waar ze sinds een paar maanden opgeborgen was. En ineens voel ik de adrenaline door mij heen stromen: ik krijg er echt zin in.
Het is net of er in mij iets ontploft, of er iets dringend naar buiten moet. Er bestaat niks anders meer dan het doek en de verf. Het lijkt of ik een oude liefde heb teruggevonden.
Ik werk intens, aan een ritme dat niet meer weggelegd is voor oudere mensen. Het voelt echter zo goed. Straks zal ik wel rusten. Hoe kon ik het schilderen vergeten.
Het zal wellicht altijd een spanning blijven tussen het grafisch werk en het werken met kleuren. Waarom krijgt een mens maar één leven en is dat leven zo kort?

