Beek - 28 oktober 2026

De wandeling.
We zochten voor deze wandeling inspiratie in Wandelen langs Vlaamse beken en rivieren dat Vakantiegenoegens in 1991 publiceerde in de reeks Lannoo's Dicht-bij-huisgidsen. De naam die aan deze wandeling gegeven werd, is eigenaardig genoeg Langs de Zuid-Willemsvaart in Beek. Tenzij men grappig wilde zijn, roept dit toch wel vragen op. Een vaart is immers rivier noch beek en het zou hier dus inderdaad een speelse verwijzing kunnen zijn naar Beek, gehucht van Bree.
Volgens het boekje is deze wandeling 7 km lang; zelf kwamen we aan het dubbele: 14.390 km, al zat daar wel de aanlooproute van de bushalte naar het centrum van Beek en terug bij. En die was goed voor 2 keer 1.240 km, wat de eigenlijke route dus toch nog altijd op 11.910 km brengt. Eerlijkheidshalve moeten we toegeven dat we de wandeling die door kaart en beschrijving enige steriliteit uitstraalde op 2 punten verbeterd hebben, maar daardoor is ze eerder korter geworden. Zo wisten we de TWQ op 26% te brengen en ging er plots toch wat karakter van de wandeling uit. En tegelijkertijd konden we de wandeling ook beter plaatsen in de gids: de Aabeek ging een veel prominentere rol spelen, zodat de titel van de wandeling plots beter de inhoud dekte. De kaartjes (NGI en routeyou) geven uiteraard onze "verbeterde" versie weer.
Zuid-Willemsvaart en Aabeek spelen de hoofdrol in een wandeling die voor de rest erg rustig en agrarisch is, al lijkt de luchthaven van Maastricht soms akelig dichtbij. We quoteerden 14/20 (en hielden geen rekening met de zielloze aanloop…).
De Zuid-Willemsvaart in herfsttooi.
De Aabeek is de tweede poot waarop deze wandeling steunt.
Nog enkele andere foto's vind je hier.
Het weer.
Prachtig herfstweer bij een aangename 13° en een zwakke WZW-wind. De bewolking nam geleidelijk wel wat toe, maar ze bleef toch lange tijd eerder bescheiden.
Vriendelijk toch, deze bewolking?
De stafkaarten.
Bree 18/5-6 (2019) en Hamont-Achel 18/1-2 (2019). Behoorlijk.
Hoe we er geraakten.
Beek wordt alleen nog bediend door 2 schooldiensten en een flexbus, die hoogstwaarschijnlijk uit Bree moet vertrekken: dat belbussen treinstations bedienden is een principe gesneuveld op het altaar van de efficiëntie. Hoewel, efficiënt is het allemaal niet als je eerst een reguliere lijn moet nemen: ik huiver bij de gedachte. En dus zocht ik een halte die zo dicht mogelijk bij het centrum van Beek lag en dat bleek de halte Bree Kookshofstraat te zijn. Die wordt om het half uur bediend door lijn 16 Neerpelt - Maaseik en de verbinding via Neerpelt leek een stuk handiger dan die via Maaseik (wat de inzet van 2 buslijnen zou hebben betekend).
En dus werd het Halle - Herentals met overstap op de IC naar Hamont tot Neerpelt. De terugreis verliep analoog.
Een beetje geschiedenis.
Je verwacht natuurlijk niet veel consequentie als je de bediening van een gehucht als Beek bestudeert, maar in dit geval is het toch wel extreem. Niet alleen de bediening is trouwens weinig consequent, ook of Beek al dan niet opgenomen wordt in de gemeentelijst kan wisselen: soms vind je Beek terug in een dienstregeling, maar is het blijkbaar niet belangrijk genoeg om ook in de gemeentelijst te worden opgenomen en uiteraard bestaat het omgekeerde ook: wel in de gemeentelijst, maar nergens te vinden in een dienstregeling. Kortom, ik beweeg me eens te meer op glad ijs; wat volgt is ongeveer het beste dat ik ervan kon maken.
De regio ten noorden van Bree, waartoe ook Beek behoort, heeft nooit het geluk gehad bediend te worden door een tram- of treinverbinding. Overpelt en Neerpelt lagen te ver en Bree had dan wel een tram, maar die ging zuidelings aan de Bekenaars voorbij. Logisch dus dat er vrij snel een busdienst werd ingericht, al scheerde die geen hoge toppen: in een busboekje van 1934 vond ik een buslijn Bree - Neerpelt, met 2 ritten HT die wel door het centrum van Beek gingen.
In 1938 was de lijn al verlengd tot Maaseik - Bree - Bocholt - Kaulille - Neerpelt en uitgebreid naar 3 ritten HT. Zelfs WO II kon de evolutie niet stoppen: in 1948 reed er een buslijn Overpelt - Neerpelt - Kaulille - Bree - Genk, met 6 ritten HT. Het is wel niet duidelijk of Beek door deze lijn bediend werd, al heb ik een sterk vermoeden van wel omdat de weg die de bus nu volgt van recentere datum is..
Laat me toe dan enkele sprongen vooruit te maken, telkens van 10 jaar. In 1950 vond ik een tabel Overpelt - Bree - Genk - Bilzen - Tongeren, met 4 ritten. Beek komt wel voor in de lijst met bediende gemeenten, maar niet in de dienstregeling van deze tabel 882. In 1960 komt Beek voor in de dienstregeling van lijn 8 (tabel 1175) Bocholt - Genk - Diepenbeek - Hasselt, maar niet in de gemeentelijst. In 1970 wordt Beek bediend door 3 lijnen: 8 (Overpelt - Bree - Genk - Hasselt), 12 (Bree - Hamont) en 14 (Maaseik - Bree - Leopoldsburg). In 1980 vind ik lijn 302 Antwerpen - Hechtel - Bree die ook door Beek rijdt. Beek rechtstreeks verbonden met Antwerpen, het heeft ooit bestaan!
Tot bij de komst van de basisbereikbaarheid bleef lijn 8 een belangrijke rol spelen in de bediening van Beek. Maar de basisbereikbaarheid hanteerde nu eenmaal andere normen: Beek wordt nog bediend door 2 schooldiensten en een flexbus. Wie een blik op de kaart werpt, ziet dat de bediening van Beek nauwelijks meer tijd zou vragen dan de rechtstreekse bus 16 die wij vandaag noodgedwongen nemen. Maar principes zijn nu eenmaal principes, ook al lijken veel politici het ook comfortabel zonder principes te doen.
De verbinding.
| Halle - Herentals | IC 3407 (FTR) | 08:21 09:36 | +10 | 804 (GCR) | mr75 | controle: N |
| Herentals - Neerpelt | IC 4310 (GHA) | 10:42 11:29 | stipt | 434 (FHS) | mr80 | controle: J |
| Neerpelt* - Bree** | [16] (Maaseik) | 11:38 12:06 | +1 | ab4451-06 | MAN Lion's City G | R. Melotte & Co |
| - | ||||||
| Bree** - Neerpelt *** | [16] (Neerpelt) | 15:44 06:20 | +5 | ab2212 | Van Hool New AG300 | Kinrooi |
| Neerpelt - Herentals | IC 4337 (FN) | 16:30 17:18 | +1 | 434 (FHS) | mr80 | controle: J |
| Herentals - Halle | IC 3439 (LBH) | 17:23 18:40 | stipt | 832 (GCR) | mr75 | controle: J |
*Neerpelt Station perron 1
**Bree Kookshofstraat
***Neerpelt Station perron 2
En wat we beleefden.
We vertrokken onder een slecht gesternte: in Bouwel was er een probleem met een obstakel op de sporen, maar dat bleek snel opgelost. Maar nauwelijks was dit van de baan of er diende zich al een ander aan: IC 3407 verloor 9 minuten tijd in Braine-le-Comte; in Halle vertrokken we met 7 minuten vertraging en met 6 à 7 minuten aansluitingstijd in Herentals of Lier zag het er niet goed uit. In Brussel-Noord tekenden we al opnieuw 9 minuten vertraging op, in Vilvoorde 10, in Mechelen 12 en in Lier 11. Onze enige hoop was dus dat IC 4309 in Herentals zou wachten en ik vond inderdaad dat die met 5 minuten vertraging zou vertrekken. Overigens bestond de 3407 niet uit zijn voorziene stel met M6-rijtuigen maar moesten we het stellen met 2 vierledige stellen.
In Herentals werd vlug duidelijk dat de aansluiting verbroken was. Ik had via de app gechat met de concrete vraag of de IC naar Hamont zou wachten op die naar Turnhout in vertraging, maar ik kreeg alleen een schets van de concrete situatie en de tip om de tbg te contacteren die dan eventueel zou kunnen helpen. Maar die moet, ten eerste, bereikbaar zijn en we hebben van de hele weg geen tbg gezien en, ten tweede, de verkeersleiding kunnen overtuigen.
Het werd dus een uur wachten in Herentals. IC 4310 bestaat uit één break i.p.v. twee maar de reizigers naar Leopoldsburg en Hasselt hebben een vlotte aansluiting in Mol. De eerste klas van onze break is aardig bezet: gelukkig rijden hier geen motorwagens meer, want die eersteklasafdeling zou anders overvol gezeten hebben. IC 4310 brengt ons op tijd in Neerpelt, d.w.z. een uur te laat, maar dat ligt uitsluitend aan de politiek om aansluitingen compleet te verwaarlozen.
Onze bus is een gelede MAN; vanaf Bocholt Biotechnicum wordt duidelijk waarom. Onze uitstaphalte is het toppunt van kaalheid: een haltebord van de nieuwe trend, geen bushokje, geen vuilnisbak… zielig. Het wordt nog zieliger als we in Beek aankomen, want daar is wel een goed uitgeruste halte, ongetwijfeld uit betere tijden. Ja, de basisbereikbaarheid is er niet voor de reiziger…
Aan de andere zijde is de halte al even triest. Maar onze eerste zorg is dat onze bus met 8 minuten vertraging rijdt. Ik hou angstvallig bij hoe de rit verloopt, want in Neerpelt hebben we maar 10 minuten aansluitingstijd. Maar bij het naderen van Neerpelt is de vertraging al gezakt tot 2 minuten en dat stelt ons gerust. Hoewel: een reeks verkeerslichten in Neerpelt dreigt alsnog roet in het eten te gooien. De vertraging groeit snel. Het wekt ergernis dat de bussen nog altijd geen verkeerslichten kunnen beïnvloeden. Ik maak me sterk dat de vertraging dan niet tot 6 minuten zou zijn gestegen. Maar kom, we halen onze aansluiting.
We zitten in het stel van vanmorgen en de tbg meldt dat in Mol een tweede treindeel wordt aangekoppeld. Als het tweede stel er tegen staat, horen we nog dat Mol het eindstation is. De trein rijdt stipt naar Herentals, IC 3439 volgt op de voet in Herentals. Ook deze trein rijdt vlekkeloos, zelfs door de NZV-verbinding. Vanaf Brussel-Zuid is eerste klas in ons stel virtueel afgeschaft. De twee eersteklasafdelingen hangen tegen elkaar in het midden en dat is nooit een goede constellatie. De stroom reizigers die in eerste is ingestapt en de stroom die uit de andere richting komt en merkt dat ze niet verder kunnen, vullen de middengang. Als we uitstappen in Halle tel ik 15 reizigers van wie ik veronderstel dat ze geen eersteklasbiljet hebben, hoofdzakelijk "klanten" die gemerkt hebben dat ze niet meer door kunnen schuiven en daarin een gedroomd, maar vals, argument zien om zich in eerste neer te ploffen. Ik zou nu kunnen zeggen "dat ik geen racist ben", maar ik zal het maar niet doen. Allemaal ergerlijk voor die enkele reizigers die wel op het platform zijn blijven staan en voor die anderen, de ruime minderheid, die extra hebben betaald voor eerste klas. Als we in Halle uitstappen wordt het nog ergerlijker: het derde laatste rijtuig zit inderdaad tamelijk vol, het voorlaatste is voor een kwart bezet en het laatste zelfs helemaal leeg. Voor Halle zitten de meeste reizigers vooraan, het aantal dat hier uit de laatste rijtuigen is uitgestapt is te verwaarlozen.
De treinlectuur.
Ward RUYSLINCK, Het reservaat. Roman uit 1964, die eigenlijk brandend actueel is, al is onze samenleving gelukkig nog niet ver genoeg doorgeschoten om het wereldje dat Ruyslinck tot een droevige realiteit te maken.
Nicky LANGLEY, Malou.
😀
En wat lees ik op p. 133 van Het reservaat? De nieuwe begroting voor Landsverdediging door de Tweede Kamer goedgekeurd… In zijn tafelrede drukt generaal Flowe zijn ernstige bezorgdheid uit over het onvoldoende militair potentieel van het westelijk blok… En dan moest Francken nog komen…
Uitgedrukt.
dat is hier niet katholiek… het is hier niet pluis, hier is iets aan de hand.
Waar Abraham de mosterd haalde.
Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over de Belgische spoorlijnen en een over de bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPEK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.



abdijmolen van Herkenrode
sombere stratocumulus voorspelt weinig goeds




























