Peter Benoit

Warm aanbevolen...
Patrick Verhoeven
Uitgeverij: Pandora
Referentie: ANZ 535
Prijs: 14 Euro
Peter Benoit
Jan Haderman 60!Een formidabel concert! Zeker niet te missen voor liefhebbers van harmonie en fanfare:
Jan Hadermann, componist en gastdocent Harmonie- en fanfaredirectie, wordt 60 !
|
|
Jan Hadermann is laureaat compositie en muziekopvoeding van het Lemmensinstituut te Leuven. Achteraf bekwaamde hij zich verder aan het conservatorium van Antwerpen bij Willem Kersters, wat resulteerde in een Eerste Prijs compositie. In 1993 mocht hij de vierjaarlijkse SABAM-prijs voor hafabra in ontvangst nemen. Sedert 1973 is hij docent contrapunt, fuga en compositie aan het Lemmensinstituut en sinds 1994 gastdocent hafadirectie aan het conservatorium van Antwerpen. Zijn oeuvre omvat werken voor symfonisch orkest, koor, piano, kamermuziek en elektronische muziek. Voor dit huldeconcert werd gekozen voor kamermuziek door studenten, alumni en docenten koperblazers en werken voor harmonieorkest.
Naar aanleiding van Hadermanns 60ste verjaardag organiseren de afdelingen koperblazers en hafa-orkestdirectie o.l.v. Dirk De Caluwe van het Koninklijk Conservatorium Antwerpen met veel enthousiasme dit huldeconcert.
Op het programma staan o.a. het virtuoze Wicker-work voor trompet en tape door Alain De Rudder, de Introductie en Inventie voor trombone en tape door Jan Smets en Faits Divers, door Alain De Rudder, Steven Verhaert (trompet), Rik Vercruysse (hoorn), Jan Smets (trombone) en Bernd Van Echelpoel (bastuba).
Het Harmonieorkest Conservatorium Antwerpen o.l.v. Dirk De Caluwe met als solist Ivo Hadermann brengt het geheel nog meer luister bij met het Concerto per corno e orchestra, bewerkt voor harmonieorkest door 3 studenten uit de masteropleiding voor hafadirectie: Sam Gevers, Tijl Verhaeghe en Hannes Van Lancker. In deze bewerking beleeft dit concerto, geschreven in 1982, een wereldpremière.
Het iets lichtere genre komt aan bod door Steven Verhaert als solist in de Ballad voor flugel en harmonieorkest. Het huldeconcert wordt feestelijk afgesloten met het recente en imposante Refraction, uiteraard ook voor harmonieorkest.
Praktisch:
Huldeconcert Jan Hadermann 13 maart 2012, 20u Blauwe Zaal, deSingel Toegang: 6/4 euro –
Gratis en zonder reservatie voor leden vzw Vrienden Conservatorium Antwerpen!
|
Vlaamse koormuziek gebundeld
Mi lanct na di bundelt hedendaagse koormuziek uit Vlaanderen voor gemengd basiskoor met 1 mannenstem. Verkrijgbaar vanaf 14 juni.
Eenvoudige hedendaagse koormuziek voor driestemmig basiskoor, een contradictio in terminis? Wij vinden van niet. Koor&Stem stelde een bundel samen én ontwikkelde een speciaal traject rond hedendaagse koormuziek uit Vlaanderen. Vanaf half juni kan je de bundels aanschaffen, in september en oktober bieden we in Leuven, Overpelt, Kortrijk en Sint-Niklaas ateliers aan en op de Dag van de Vlaamse Koormuziek kan je samen met een hoop andere koren en onder de deskundige leiding van Ludo Claesen en Ignace Thevelein het repertoire doorzingen onder begeleiding van I Solisti del Vento. Met profaan en religieus werk voor driestemmig koor van Vic Nees, Lode Dieltiens, Joost Termont, Kurt Bikkembergs, Noor Sommereyns, Ludo Claesen e.a.
Bundel en traject: 15 euro/persoon
Voor meer info: www.dagvandevlaamsekoormuziek.be
Dag van de Vlaamse koormuziek
Op 16 oktober organiseert Koor en Stem de dag van de Vlaamse koormuziek.
Op de site koorenstem.be vind je alle informatie.
Toch hier een overzicht van het meer dan interessante aangeboden repertoire
11:00>12:15: Jan Dewilde loodst u door de geschiedenis van de Vlaamse Koormuziek sinds 1830. Helicon o.l.v. Geert Hendrix zorgt voor live-luisterfragmenten.
WORKSHOP VOCALE IMPROVISATIE VOOR KINDEREN EN KINDERKOOR
11:00>12:00 (onthaal vanaf 10:30): Componiste Hanne Deneire en muzikante Ruth Verberckmoes experimenteren met de evidente klanken en minder evidente geluiden van je stem. Treed binnen in het labo van deze dames en ontdek het rijk van de vocale improvisatie. Zowel individuen als kinderkoren kunnen hier gratis aan deelnemen. Inschrijving wel vereist.
WORKSHOP SAB
Eenvoudige hedendaagse koormuziek voor driestemmig basiskoor, een contradictio in terminis? Wij vinden van niet. Daarom bieden we basiskoren een speciaal traject rond hedendaagse koormuziek uit Vlaanderen aan. Onder de deskundige leiding van Ludo Claesen en Ignace Thevelein kan iedereen proeven van eenvoudig hedendaags profaan en religieus repertoire voor driestemmig gemengd koor van Vic Nees, Lode Dieltiens, Joost Termont, Kurt Bikkembergs, Noor Sommereyns, Ludo Claesen e.a.. Het aanleren verloopt in verschillende stappen:
WORKSHOP SATB
Kurt Bikkembergs loodst je koor door 4-stemmig repertoire van Frans Geysen, August De Boeck, Jules Van Nuffel, Jef Tinel en Vic Nees.
13:30>16:30
WORKSHOP VROUWENKOOR
meer info volgt
13:30>16:30
Vlaams hedendaags werk voor gemengd koor vinden is niet eenvoudig. Marleen De Boo werkt met de jeugdkoren aan composities van o.a. Kersters, Steegmans, Van Steenberghe, Vancraeynest. Tevens wordt het verloop en resultaat van het traject Componist te gast voorgesteld. Hans Helsen schreef een compositie voor gemengd jeugdkoor Waelrant, Simon De Poorter schreef een werk voor gelijkstemmig jeugdkoor Amaranthe.
11:00>16:30 met lunchpauze van een uur en koffiepauze van een half uur.
WORKSHOP IS BETER NOG VER? VOOR KINDEREN EN KINDERKOOR
In augustus 2010 verscheen het luisterverhaal met muzische opdrachten Is beter nog ver? Tien kunstwerken van hedendaagse Belgische topkunstenaars vormen de basis voor het verhaal van Vrouwtje, die samen met haar hond Fala op zoek is naar Beter. Op de luister-cd brengen o.a. Warre Borgmans en Johan Heldenbergh het verhaal van Wally De Doncker en de liedjes van Jan Coeck. De liedjes en muzische opdrachten stimuleren om muzikaal aan de slag te gaan op basis van de kunstwerken.
Tijdens deze workshop werkt Jan Coeck rond de kinderkoorberwerkingen van de liedjes uit Is beter nog ver? met kinderen tussen 6 en 12. Mieke Segers zorgt voor afwisselende muzische opdrachten bij de kunstwerken.
André Laporte 80
Hij componeerde talloze werken voor koor, orkest en andere ensembles.
Jarenlang was hij programmator bij de radio (BRT 3).
Als componist was (is) hij zeker een modernist, maar met toch genietbare muziek voor de gewone luisteraar.
Een verdiend proficiat en een gemeend ad multos annos!
Op de site van het muziekcentrum.be vindt u een uitgebreide bio....
12.07.2011
Wie de hedendaagse muziekgeschiedenis van België bestudeert merkt het al gauw dat André Laporte daarin een grote rol heeft gespeeld en dat bovendien nog steeds doet.
André Laporte werd geboren in Oplinter op 12 juli 1931.Op muzikaal vlak was hij aanvankelijk autodidact en maakte hij zich snel het piano-, klarinet- en orgelspel eigen, terwijl hij gretig kennis nam van de nieuwe muziek via de radioprogramma's van Paul Collaer, Louis De Meester, Vic Legley en David Van de Woestijne, net als zijn generatiegenoot Karel Goeyvaerts.
Later studeerde hij muziek aan het Lemmensinstituut te Mechelen, wijsbegeerte en musicologie aan de K.U.Leuven.
.....

Emiel Hullebroeck

Moederdag

Lode Dieltiens 85LODE DIELTIENS 85
Lode Dieltiens werd op 18 september 1926 in Wijnegem geboren.
Hij studeerde aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen en het Lemmensinstituut (toen nog) in Mechelen. Hij bekwaamde zich er in de theoretische vakken, fuga en compositie.
Hij doorliep een succesvolle carrière als leraar en docent aan de Land- en Tuinbouwhuishoudschool in Berlaar, het Antwerpse Muziekconservatorium en het Lemmensinstituut. Ontelbaar zijn de Vlaamse (amateur-)musici die bij Lode hun notenleer en didactiek geleerd hebben. Hun getuigenissen spreken van een vaderlijke leraar met eindeloos geduld die de saaie theorie boeiend en prettig kon maken.
Hij dirigeerde verschillende koren (o.a. het dameskoor Cantate en het mannenkoor Alma Musica). Tot 2000 was hij organist en kantor in de St.-Pieterskerk van Berlaar.
Van 1956 tot 2001 trad Lode jaarlijks op als dirigent op het Vlaams Nationaal Zangfeest. Lode Dieltiens is de laatste dirigent-componist die op het zangfeest zijn eigen liederen kwam dirigeren. Daarmee sluit hij de indrukwekkende rij af van Lodewijk Mortelmans over Karel Candael, Ernest Brengier, Lieven Duvosel, Emiel Hullebroeck, Arthur Meulemans, Jef Tinel, Jef Van Hoof, Ivo Mortelmans, Renaat Veremans, Staf Nees, Fons Bervoets, Gaston Feremans, Marc Liebrecht tot Armand Preud’homme.
Tijdens de slotconcerten van de Dagen van het Vlaamse Lied leidde hij jarenlang de samenzang, samen met Jos Mertens (1924).
Ook als componist heeft Lode Dieltiens zijn sporen verdiend.
Hij componeerde religieuze muziek. Bijvoorbeeld een Nederlandse volksmis waarin koor- en samenzang gecombineerd worden. Hij componeerde het motet Benedicat Vobis. Trouw aan de traditie en tegelijk aangepast aan de hedendaagse tonaliteit sluit dit werk naadloos aan bij de grootse Lemmenstraditie gaande van Van Nuffel over Staf Nees tot Ludo Claesen vandaag.
In het spoor van Hullebroeck en Preud’homme en aangespoord door de bard Willem Demeyer schreef hij talloze volksliederen. De bekendste zijn Nachtegaaltje, De gewijden, Het Blonde Leentje, Idylle, Nu kan de lente komen, Soldatenklacht en Dank u, tot wederziens. Tijdens het zangfeest van 1957 werd zijn lied Opstanding (tekst van Clem De Ridder) gecreëerd. Het zou een vaste waarde blijven tot in de jaren ’60. In 2003 zong het zangfeestkoor Boerenbal.
Lode bewerkte daarnaast heel wat volks- en kerstliederen voor allerlei koorformaties. Uit Zingt Jubilate voorzag hij enkele liederen van een passende begeleiding en koorzetting (vb. Aan uw stam, o kruis, een lied van Jef Van Hoof).
Bij het ANZ zijn verschillende cd’s te koop met werken en bewerkingen van zijn hand.
De Vlaamse liedbeweging bracht tijdens het 74ste Vlaams Nationaal Zangfeest terecht en zeer dankbaar hulde aan deze 85-jarige verdienstelijke, minzame en (té) bescheiden musicus. Het Nachtegaaltje klonk fris en schetterde luid in de nokvolle Lotto-Arena. De Gewijden, vertolkt door koor en solist o.l.v. Peter Leys en met pianist Wim Berteloot klonk plechtig en verheven.
Jef Tinel en andere Vlaamse componisten
Vic Nees 75
Jef Tinel in de Antwerpse kathedraal
Jozef De Beenhouwer, proficiat!
De Klara's zijn een bekroning van de sector van de klassieke muziek. Klara, de klassieke muziekzender van de VRT, en Muziekcentrum Vlaanderen stellen een brede longlist samen.
Een jury van kenners kiest daaruit drie genomineerden. Wie van de drie de uiteindelijke laureaat wordt, wordt beslist na een stemmingsronde waaraan de hele sector deelneemt. Enkel de Klara Carrièreprijs wordt gekozen door Klara zelf. Dit zijn de laureaten:
jonge belofte: cellist en componist Benjamin Glorieux
muziekevenement van het jaar: Transit Festival voor nieuwe muziek in Leuven
beste Vlaamse cd van het jaar: "Bachs Cellosuites" van Roel Dieltiens
muziekpersoonlijkheid van het jaar: Jan Caeyers, auteur van een Beethoven-biografie en oprichter van het Orchestre Olympique
musicus van het jaar: pianist Jan Vermeulen
Klara Carrièreprijs: pianist en Schumann-specialist Jozef De Beenhouwer
Florimond Van Duyse 100 jaar overleden ....

Er zijn weinig koren in Vlaanderen die het eenvoudige ‘Het was er te nacht’ niet op hun repertoire hebben. Elk koor laat wel eens die fiere nachtegaal zijn lied aanheffen met zijn wilder tongen.
Dit Oudnederlandse volkslied, een minneklacht van 2 geliefden, werd schitterend, stemmig en sfeervol bewerkt door Florimond Van Duyse.
Maar wie was deze componist van wie we misschien ook nog zijn bewerking van ‘Het waren twee conincxkinderen’ en ‘Jan de mulder’ kennen? Veel verder reikt onze kennis wellicht niet.
Welnu, Florimond Van Duyse was de zoon van de dichter Prudens Van Duyse.
Hij werd in Gent geboren op 4 augustus 1843.
Zijn secundaire studies deed hij aan het college van Veurne en het Genste Koninklijk Atheneum.
Aan de Gentse universiteit studeerde hij rechten (1867) en werd daarna advocaat en krijgsauditeur in Antwerpen, Bergen en Gent (1882).
Maar zijn eerste liefde was de muziek.
Als zevenjarige studeerde hij viool en in 1853 studeerde hij al aan het Gentse conservatorium bij Karel Miry, de toondichter van o.a. ons Vlaams Nationaal volkslied en op dat ogenblik dirigent van de Gentse opera. Hij behaalde er prijzen voor harmonie (1859) en contrapunt (1861 en 1862). Op zijn 15de begon hij te componeren. Hij schreef een tiental opera’s, operettes, koorwerken, cantates, twee suites voor orkest en talrijke liederen en volksliedbewerkingen. In 1873 behaalde hij een tweede Prijs van Rome met de cantate ‘Torquato Tasso’s dood’.
Maar naast de compositie besteedde hij veel tijd aan studiewerk.
Tijdens zijn verblijf in Antwerpen van 1876 tot 1879 kwam hij in contact met de ideeën van Peter Benoit. Hij liet de muziekopleiding beginnen bij het aanleren van het volkslied. Dat betekende meteen de start voor veel opzoekwerk naar het Oudnederlands volkslied.
Van Duyse bestudeerde ondermeer de Souterliedekens, Geuzenliederen, liederen uit het Gruuthuse-handschrift en het Antwerps liedboek. Daarbij bestudeerde hij eerder studiewerk van o.a. Jan Bols, Edmond De Coussemaker en Jan-Frans Willems. Deze laatste verweet hij echter eigenhandig wijzigingen aan teksten en melodieën aangebracht te hebben of van bepaalde wijzigingen de bronnen niet vermeld te hebben. Iets wat Hoffmann Von Fallersleben wel deed.
Van Duyse maakte er in zijn werk een punt van om alle versies en bronnen van de volksliederen te vermelden.
Zo publiceerde Van Duyse o.a. in 1896 ‘Het eenstemmig Frans en Nederlands wereldlijk lied in de Belgische gewesten’, in 1902 ‘De melodie van het Nederlandse lied en hare rhythmische vormen’ en van 1903 tot 1908 publiceerde hij het driedelig werk ‘Het Oude Nederlandse lied’. In dat werk behandelde hij 714 liederen betreffende tekst en melodie. Hij werd meermaals bekroond voor zijn musicologisch werk door de Koninklijke Academie en werd in 1905 zelf lid van de Academie.
In 1903 richtte hij de ‘Liederavonden voor het volk’ op in de geest van Peter Benoit.
Van 1895 tot zijn dood was hij secretaris van de bestuurlijke commissie van het Genste conservatorium. Benoit en Van Duyse gingen onderling soms in de clinch. Benoit verweet Van Duyse te weinig de klemtoon te leggen op het Vlaamse lied en Van Duyse verweet Benoit een slecht bestuurder van de muziekschool te zijn. Maar ze deelden wel de passie voor het zingen van het eigen volks(e) lied.
Op 18 mei 1910 –precies 100 jaren geleden- overleed Van Duyse in zijn geboortestad, Gent.
Zijn belang als muziektheoreticus kan nauwelijks overschat worden. Dat staat buiten kijf.
Maar zijn composities zijn vandaag de dag zeer miskend, op enkele koorwerkjes na.
Daarom is het de plicht van onze koren om –elk op zijn plaats en niveau- wat aandacht te schenken aan de koorwerken van Van Duyse.
We vermeldden reeds zijn ‘Het was er te nacht’. Zeer eenvoudig, melodieus en stemmingsvol. Het is een strofisch lied met refrein. De zetting volgt volledig de originele melodie. Er is een afwisseling van eenstemmigheid en meerstemmigheid.
De partituur is opgenomen in het Vlaams Romantisch Koorboek van het ANZ.
We verwijzen ook naar de bundel ‘6 Oude Nederlandse liederen’ in een bewerking van Van Duyse. Naast ‘Het was er te nacht’ vind je er ook ‘Heer Halewijn’, ‘Het daghet in den Oosten’, ‘Er was een maegdetje’ (voor dameskoor), ‘T’wijl in de nacht’ en ‘Willen wij ’t haesken jagen’ (voor mannenkoor) met telkens een harmoniumbegeleiding.
Deze suite is gratis te downloaden op de WIMA-site: icking-music-archive.org .
Veel zingplezier!
Jef Tinel op KLARA
Vlaamse componisten bij KLARA.jpg)
Lodewijk Mortelmans (1868-1952) …
Edgar Tinel (1854-1912) …
PROFICIAT LUDO CLAESEN
KLARA BLIJFT DE GOEDE MUZIEK PROMOTEN
Norbert Rosseau (1907-1975) …
Marinus De Jong (1891-1984) ….
Peter Benoit (1834-1901) …
wou vooral het Vlaamse muziekleven naar het Europese niveau van toen tillen.
In 1867 richtte hij in Antwerpen de eerste Vlaamse Muziekschool op waarvan hij zelf directeur was. Op korte tijd werd de school heel belangrijk in de moeilijke strijd voor Vlaams muziekonderwijs en voor de culturele ontwikkeling van de Vlamingen. Zijn inspanningen werden beloond door de Belgische Overheid die de school niet alleen erkende maar ze in 1898 ook de status van Koninklijk Vlaams Conservatorium gaf, met dezelfde rechten als de Franstalige conservatoria in Belgiê.
Peter Benoit was een leraar met internationale allure. Zijn conservatorium was in die tijd erg progressief. Hij wou niet in de eerste plaats virtuozen vormen maar wel “denkende” mannen en vrouwen die midden het volk staan. Hij voerde gemengd onderwijs in.
Benoit voelde ook aan dat er een Vlaams Muziektheater nodig was en richtte in Antwerpen het Nederlands Lyrisch Toneel op dat later de Vlaamse Opera werd. Zijn ideeën en structuren blijven
Henry G. D’Hoedt (1885-1936) …
was amper 14 toen hij aan het Koninklijk Conservatorium van Gent ging studeren. Na een intermezzo als fagottist bij verschillende orkesten in Frankrijk, keerde hij terug naar zijn Gentse leerschool. Hij werkte er als repetitor notenleer en adjunct-leraar harmonie. Buiten deze verplichtingen dirigeerde hij ook het mannenkoor Zang en Vermaak en organiseerde hij de jaarlijkse conservatoriumconcerten in Leuven.
Zijn laat-romantische composities zijn duidelijk geïnspireerd door het impressionisme en het expressionisme. Hij componeerde veel, zowel symfonische gedichten als orkestmuziek, kamermuziek, koormuziek en liederen.
Tot aan zijn dood was hij directeur van het Stedelijk Muziekconservatorium van Leuven.
Brede Opklaringen bij KLARA volgende week
Paul Gilson (1865-1942) …
Jan Blockx (1851-1912) …
Brede Opklaringen deze week
Lodewijk De Vocht (1887-1977) …
François-Auguste Gevaert (1828-1908) …
Brede opklaringen bij KLARA
Deze zomer laat Brede Opklaringen u 40 Vlaamse meesterwerken horen en koppelt die aan muziek die er van ver of van dichtbij mee te maken heeft.
WEEK VAN 26 TOT 30 JULI
Jef Van Hoof (1886-1959) …
was een bijzonder populaire toondichter van Vlaamse kunstliederen. Jef was een multi-instrumentalist en beheerste ondermeer orgel, piano en fuga. Zijn oeuvre omvat zowat alle genres. Hij schreef een eigen strijdlied, Groeninghe, dat door sommigen de Vlaamse Marseillaise werd genoemd. Van Groeningerwacht, de vereniging die hij zelf oprichtte, dirigeerde hij het mannenkoor.
Jef Van Hoof was ambitieus en bijzonder actief : hij was medestichter van de muziekuitgeverij De Crans, van het Genootschap van Vlaamse componisten, van de Vlaamse concerten en van de Nationale Vlaamse fanfare. De driejaarlijkse prijs Jef Van Hoof werd naar hem genoemd.
Edgar Tinel (1854-1912) …
was al op jonge leeftijd bijzonder actief in de muziekwereld. Nog voor hij zelf ging studeren, gaf hij al pianoles aan aspirant-muzikanten. Tinel genoot onderricht in harmonie, compositie en contrapunt. Zijn orgel- en pianospel zou hij verfijnen dankzij Louis Brassin en Alphonse Mailly. Na een succesvol examen in Brussel, ontpopte hij zich als een klaviervirtuoos die concerten in binnen- en buitenland gaf. Met zijn cantate Klokke Roeland behaalde hij de Prijs van Rome.
Toen hij tweede dirigent van het Hoger Interdiocesaan Instituut voor Kerkmuziek in Mechelen werd, stopte hij met professioneel pianospelen. Op 55-jarige leeftijd werd hij directeur van het Koninklijk Conservatorium van Brussel, waar hij eerder leraar contrapunt en fuga was. Op het einde van zijn leven was hij kapelmeester aan het Belgisch hof.
Lodewijk Mortelmans (1868-1952) …
studeerde orgel, harmonie, contrapunt, fuga, compositie en orkestratie en zou later naam maken als componist van orkestwerk, impressionistische pianowerken, koormuziek en liederen.
Mortelmans gold als vernieuwer van de Vlaamse muziek. In 1893 won hij met zijn cantate Lady Macbeth de Eerste Prijs van Rome. In het begin van de 20ste eeuw ging hij lesgeven aan het Koninklijk (Vlaams) Conservatorium van Antwerpen, waarvan hij het nadien ook tot directeur schopte.
Buiten zijn dagelijkse bezigheden maakte hij deel uit van de raad van bestuur van de Muziekstichting Koningin Elisabeth, die de fundamenten legden voor de huidige muziekwedstrijd. Tot op hoge leeftijd bleef Mortelmans stukken schrijven voor diverse instrumenten.
Charles-Auguste de Bériot (1802-1870) …
was een vioolvirtuoos, docent en componist. Op jeugdige leeftijd gaf hij blijk van een enorme finesse voor viool, waarna hij op aanraden van André Robberechts naar het conservatorium van Parijs ging om zich te bekwamen. In 1824 werd hij achtereenvolgens hofviolist van koning Charles I van Engeland en kamerviolist van koning Willem I der Nederlanden.
Met zijn partner, de beroemde mezzosopraan Maria de la Felicidad García (Maria Malibran), vestigde hij zich in Parijs en later Brussel. Na haar plotse overlijden wijdde hij zich aan de opvoeding van zijn kinderen. Met de uitzondering van enkele concerten in Duitsland en Oostenrijk werd hij fulltime leerkracht en stampte de Belgische vioolschool uit de grond. In de latere jaren van zijn leven werd hij blind, maar zijn vioolspel bleef onverwoestbaar overeind.
Arthur Meulemans (1884-1966) …
zong als jonge snaak in het kerkkoor en speelde piccolo, viool, piano en orgel. Hij studeerde onder Edgar Tinel en Oscar Depuydt en behaalde het hoogste diploma aan het École de Musique Réligieuse (het huidige Lemmensinstituut) in Mechelen. Hij mocht er meteen blijven als leraar harmonie en bleef dat tot 1914. Ook in zijn thuisstad Aarschot en in Tongeren zou hij muziekles geven. De talenten van Meulemans gingen niet onopgemerkt voorbij : het NIR lijfde hem maar wat graag in als dirigent en later directeur van het Groot Radio-Orkest. Na zijn professionele loopbaan stortte hij zich op het componeren. Talrijke onderscheidingen waren zijn deel en in 1956 werd het Arthur Meulemans Fonds gesticht, dat menig compositie van zijn hand heeft uitgebracht.