GROBBENDONK
GROBBENDONK
Tot in 1715-1718 heette Grobbendonk Ouwen.
Erasmus Schetz (+1550) kocht Ouwen-Grobbendonk in 1545. De heerlijkheid werd in 1602 verheven tot baronie en in 1637 tot graafschap. De Schetzen behielden Grobbendonk tot het in 1726 in het bezit kwam van de familie van Ursel.
Oorspronklijk voerde de familie Schetz in zilver een opvliegende raaf van sabel op een drietoppige heuvel van sinopel. Gaspar Schetz, zoon van Erasmus, kocht in 1561 Wezemaal. Dit gaf aanleiding tot een vierendeling van het wapen Schetz met het oude wapen van Wezemaal, namelijk in keel 3 staande lelies van zilver.
Grobbendonk voert dus dit gevienrendeeld wapen, getopt met een gravenkroon en gehouden door 2 leeuwen van goud, geklauwd en getongd van keel.
Gezvierendeeld 1. en 4. in zilver een opvliegende raaf van sabel op een drietoppige heuvel van sinopel
2. en 3. in keel 3 staande lelies van zilver. Het schild getopt met een kroon van goud met 13 parels waarvan 3 verheven, en gehouden door 2 leeuwen van goud, geklauwd en getongd van keel.


