Britse oorlogsbegraafplaats Harlebeke New British Cemetry.
Harelbeke werd in de nacht van 19 op 20 oktober 1918 bevrijd door de '9th (Scottish) Division'.
Harlebeke New British Cemetery is een verzamelbegraafplaats van na de Wapenstilstand, die ontstaan is door de concentratie van graven uit de omliggende slagvelden van het Geallieerde Bevrijdingsoffensief van 1918 en door de concentratie in 1924-1925 van graven die op Duitse of gemeentelijke begraafplaatsen begraven lagen. Toen in 1920 de eerste gesneuvelden aan de Deerlijksesteenweg werden herbegraven had men enkel de bedoeling om de veldgraven uit de omliggende gemeenten te concentreren. Voornamelijk Ieren van de 36th (Ulster) Division die na 16 oktober 1918 sneuvelden zijn in deze periode naar Harelbeke overgebracht. De begraafplaats is een ontwerp van architect W.H. Cowlishaw (1870–1957), die over de 200 begraafplaatsen ontwierp. Het duurde vier jaar vooraleer de Britten officieel een stuk Harelbeekse grond kregen om er hun doden te herbegraven.
In 1924 kwamen er graven uit meer dan veertig Duitse begraafplaatsen uit de Ieperboog de dodenakker aanvullen. Hierdoor werd de Britse oorlogsbegraafplaats in Harelbeke een verzamelbegraafplaats met een mix aan oorlogsslachtoffers van diverse regimenten die gestorven zijn op verschillende tijdstippen en plaatsen
De graven van het Bevrijdingsoffensief kwamen terecht in de perken I tot X. De graven van de latere concentraties kwamen terecht op de perken I en II en op de perken XI tot XIX. Hiertoe behoren vele doden die in oktober 1914 omgekomen zijn.
In mei 1950 werden de 33 graven die naast de kerk van Harelbeke begraven lagen, naar de 'New British Cemetery' overgebracht. Er liggen eveneens 10 doden uit het Verenigd Koninkrijk, die in mei 1940 omgekomen zijn tijdens de terugtrekking naar Duinkerke.
Er liggen nu, volgens het meest recente register, 895 geïdentificeerde en 179 ongeïdentificeerde doden uit het Verenigd Koninkrijk begraven, naast zeven Australiërs (waarvan één ongeïdentificeerd), 29 Canadezen (waarvan één ongeïdentificeerd), twee doden uit India en vier doden uit Zuid-Afrika. Samen met de tien Britse doden uit de Tweede Wereldoorlog maakt dit een totaal van 1.126 doden, die hier begraven zijn of herdacht worden.
Eén dode uit het Verenigd Koninkrijk, waarvan aangenomen wordt dat hij zich onder de niet-geïdentificeerde doden bevindt, wordt herdacht met een zgn. 'special memorial'. 19 andere doden, wiens graf verloren ging op hun oorspronkelijke begraafplaatsen, worden eveneens herdacht met een 'special memorial' en met twee 'duhallow blocks'. Ze lagen oorspronkelijk begraven op de gemeentelijke begraafplaatsen van Geluwe en Neuville, op de Duitse begraafplaatsen van 'Granate Farm' (Zillebeke), Hollesbosch (Beselare), Klephoek (Dadizele) en bij de kerk van Moorslede, resp. op de Duitse begraafplaatsen van Geluwe, Koelenberg (Geluwe) en Kasteelhoek (Hollebeke)..
De Begraafplaats met een grondplan in de vorm van een langgerekte trapezium en een oppervlakte van 4.468 vierkante meter is omgeven door een muur uit grijsbruine natuursteen, afgewerkt met witte natuursteen. Kronkelende voormuur, waarin gebogen witte natuurstenen landplaten verwerkt zijn. Open toegang met witte paaltjes en geplaveid met grijsbruine en witte natuursteen.
Bij de toegang is het opschrift "HARLEBEKE NEW BRITISH CEMETERY MCMXVIII", het registerkastje en iets verder de metalen informatieplaat op een lage, schuine tafel terug te vinden. De begraafplaats wordt in tweeën gedeeld door een middenas met het 'Cross of Sacrifice' (type A) vooraan en achteraan de 'Stone of Remembrance' op een verhoog van treden. Ook de twee achterste perken zijn op een hoger niveau aangelegd. Achter de 'Stone of Remembrance' staat een hoge, gebogen muur uit grijsbruine natuursteen, afgewerkt met witte natuursteen, met gebogen zitbank en links en rechts telkens uitmondend in een gebouwtje met rondbogige nis en zitbank. In de noordoostelijke hoek staat een dienstgebouw. De grafstenen in witte Portlandsteen moesten in het voormalig open landschap van ver opgemerkt worden. Bij elk grafzerk wordt door militaire en religieuze symbolen de identiteit van de gesneuvelde verduidelijkt. Architect Wiliam Harrison Cowlishaw kreeg de opdracht om de graven te ordenen en het geheel een aantrekkelijk uitzicht te geven. Elk graf kreeg zoals gezegd een witte Portlandsteen waarop de militaire rang, de naam, de regimentsnaam, het regimentsembleem en de datum van overlijden met de hand werd gebeiteld. Families die dat wilden konden een grafschrift laten aanbrengen op de grafsteen. Hiervoor diende per letter te worden betaald.
De graven zijn verdeeld over 19 perken, met de perken I tot X op het achterste (meest noordelijke) deel van de begraafplaats en de perken XI tot XIX op het voorste gedeelte.
De begraafplaats telt 181 graven waarop Known tot God staat gebeiteld. De identiteit van de soldaat ontbreekt. Links en rechts van de ingang staat een Duhallow Block met daarachter respectievelijk 9 en 12 grafstenen 'special memorials' die tegen de kerkhofmuur staan. Onder deze grafstenen ligt niemand begraven. Tijdens ontgravingen in 1924 werden de stoffelijke resten van deze soldaten niet meer teruggevonden. Gezien deze gesneuvelden niet als vermist werden geordend staan hun namen niet op de Menenpoort, maar worden ze herdacht op een grafsteen op naam. De ene 'duhallow block' staat er voor zeven graven die verloren gegaan zijn op de gemeentelijke begraafplaatsen van 'Gheluwe' en 'Neuville' en op de Duitse begraafplaatsen van 'Granate Farm', 'Hollesbosch', 'Klephoek' en bij de kerk van Moorslede. Op de andere 'duhallow block' worden twaalf verloren graven van op de Duitse begraafplaatsen van 'Gheluwe', 'Kolenberg Forest' en 'Kastelhoek' herdacht. Eén ander 'special memorial' bij perk IV herdenkt een dode, waarvan aangenomen wordt dat hij onder een naamloze grafsteen ligt.
De begraafplaats wordt getooid met bloemperken, siergrassen, struiken en haagbeuken. Het 'Cross of Sacrifice' wordt geflankeerd door twee coniferen.
Op dit dodenakker ligt onder meer William Thomas Leggett begraven, die behoorde tot het '1st Life Guards'. William Thomas Leggett was een jonge Australiër die zijn carrière als communicatiespecialist verder wilde uitbouwen. Hij reisde hiervoor naar Zuid-Afrika, Amerika en Groot-Brittannië. Tijdens zijn verblijf op het Britse eiland liet hij zich in januari 1912 inlijven bij de King's Life Guards. Toen twee jaar later de oorlog uitbrak werd hij als cavalerist bij het 1st Life Guards naar België gestuurd. Op 14 oktober werden tussen Menen en Ieper Duitse patrouilles gesignaleerd. Legett en enkele van zijn kompanen werden er op afgestuurd. Tijdens een achtervolging werd de korporaal van zijn paard geschoten. Hij stierf onmiddellijk. Deze 23-jarige Corporal of Horse was de eerste Australiër die in de Ieperboog het leven liet en dit enkele dagen vóór het losbreken van de eigenlijke Eerste Slag bij Ieper.. Hij is ook de eertsgestorvene die op Harelbeke New British Cemetery begraven ligt. Hij werd aanvankelijk in Geluwe begraven en werd na de oorlog naar Harlebeke New British Cemetery overgebracht. In Geluwe herinneren een gedenksteen en een kunstwerk ons aan hem.
Harlebeke village was taken on the night of 19-20 October 1918 by the 9th (Scottish) Division. Harlebeke New British Cemetery was made after the Armistice when graves were brought in from the surrounding battlefields of 1918 and, in 1924-25, from German cemeteries or plots in Belgium. The earlier concentrations are in Plots I and X, and the later in Plots I, II and XI to XIX. In the latter group are many graves of October 1914. In May 1940, The British Expeditionary Force was involved in the later stages of the defence of Belgium following the German invasion, and suffered many casualties in covering the withdrawal to Dunkirk. Commonwealth forces did not return until September 1944. The cemetery now contains 1,116 Commonwealth burials and commemorations of the First World War. 181 of the burials are unidentified and a special memorial is erected to one casualty who is believed to be buried among them. Other special memorials record the names of 19 casualties buried by the Germans in other burial grounds whose graves could not be found on concentration. There are also ten burials of the Second World War in the cemetery. The cemetery was designed by W H Cowlishaw.
http://www.inmemories.com/Cemeteries/harlebeke.htm
Bronnen: Vanwalleghem A. & Creyf S. 2009: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Harelbeke, Deel I: Stad Harelbeke, Deel II: Deelgemeenten Bavikhove en Hulste, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL42, (onuitgegeven werkdocumenten).
ARCHIEF R-O WEST-VLAANDEREN - ONROEREND ERFGOED, Archiefnr. W/002141.
MATTON A., Harlebeke New British Cemetry B140 - New Foundland Monument, in Harelbeke Open Monumentendag 2000, Tijd, Harelbeke, 2000.
VANNIEUWENHUYZE F., 't Engels kerkhof, in Harelbeke, Open Monumentendag 2002, Symbolen, Harelbeke, 2002.





