de lange wandeling
*
vandaag stap ik een jaagpad af
langs de kant van een kanaal
een graafwerk vol water
een vaartuigweg, een trage weg
met stroming aan de sluizen
vroeger trokken zware paarden
langs het veelbejaagde pad
de boot vooruit, nu zijn ze
in een motor opgesloten
nu jagen er enkel fietsers
de vissers schrik op 't lijf
het belgerinkel stoort me
als ik weer het jaagpad
moet verlaten
dan voel ik me landerig
aan de waterkant
want mijn zinnen dobberen
op het water
--------


