Naar de inhoud

Wie Weet

bloggen om te leren
waaroemni-805px.png

Categorie: reptielen

Bultkrokodil

Bultkrokodil
Bul
B     b    B     b    21  l 21
Bultkrokodil

De bultkrokodil (Crocodylus moreletii) is een krokodilachtige uit de familie echte krokodillen (Crocodylidae).
De bultkrokodil heeft een vrij klein verspreidingsgebied in vergelijking met andere soorten en komt voor in Midden-Amerika, in Belize, Guatemala en Mexico.

Deze soort werd voor het eerst wetenschappelijke beschreven door Duméril (Frans arts en zoöloog) & Bibron (Frans arts) in 1851.

Engels : Morelet's crocodile, Mexican crocodile
Duits : Beulenkrokodil
Frans : le Crocodile de Morelet, Crocodile d'Amérique centrale

1473178-a76f7d2a5ec38b05d58b38acc5412fb0.jpg
Bultkrokodil
auteur : DinosaurMichael op carnivoraforum.com

De bultkrokodil dankt de naam aan de bultachtige verhoging van de snuit vlak voor de ogen, en is verder te herkennen aan de zware bepantsering bestaande uit grote beenplaten op de nek.
Het is met een maximale lengte van ongeveer drie meter een middelgrote soort, vrouwtjes blijven kleiner.
Het lichaam en de kop zijn breed en gedrongen, vooral de snuit is opvallend breed.
De kleur is groengrijs tot grijsbruin met onregelmatige donkere vlekken op de rug en kop, de staart heeft vaak een lichte bandering.
Bij jongere dieren steken de vlekkentekening en de bandering veel sterker af, maar vervagen langzaam naarmate ze ouder worden.

De bultkrokodil heeft 5 rijen voortanden en 13 of 14 rijen tanden in de bovenkaak en 15 rijen kiezen in de onderkaak en heeft totaal altijd 66 of 68 tanden.


1473178-e49486f70330197c785da14397e95111.jpg
juveniele (6 maand oude) Crocodylus moreletii
auteur : Liberaler Humanist    CC 3.0

De habitat bestaat uit zoet tot brakwater, er is een voorkeur voor kuststreken.
De wateren waar de krokodil kan worden aangetroffen zijn moerassen, meren en rivieren, de jonge dieren leven in streken met veel begroeiing die ze als beschutting gebruiken.
Oudere dieren overzomeren bij droogte in holen

Het voedsel hangt samen met de grootte van het dier, juvenielen eten kleinere prooien als insecten, slakken en andere ongewervelden.
Grotere exemplaren grijpen alles wat ze aankunnen: vissen, schildpadden, zoogdieren en vogels, waarschijnlijk wordt ook aas (kadavers) gegeten.

Over de biologie en ecologie van de krokodil is weinig bekend.
Exemplaren die gedumpt worden of ontsnappen in streken waar ze oorspronkelijk niet voorkomen kunnen goed concurreren met plaatselijke soorten en vormen een mogelijke bedreiging.


1473178-7c8af7ab87ad276a9f867755286def35.jpg
Bultkrokodil in het Cotswold Wildlife park, Oxfordshire, England
auteur : Arpingstone  -  vrije foto

Bij veel krokodillen wordt de huid gepenetreerd door osteodermen, kiezelachtige insluitingen die dienen ter versteviging en bescherming van het dier.
De huid van de bultkrokodil heeft deze echter niet, waardoor de huid van hoge kwaliteit is voor de krokodillenleer-verwerkende industrie.
Dit heeft de soort geen goed gedaan en naast (illegale) stroperij doet ook habitatvernietiging de soort in aantal en verspreidingsgebied achteruitgaan.

De bultkrokodil is een beschermde diersoort, het aantal in het wild levende exemplaren wordt geschat op 10- tot 20.000.
Er zijn enkele krokodillenfarms waar de bultkrokodil wordt gefokt en ook de landen waar de soort voorkomt ondersteunen fok- en monitoringsprogramma's om de soort te beschermen.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 08:20 1 reactie Reageer op dit bericht

Bruine stekelnekagame

Bruine stekelnekagame
bru
B     b    B     b    18  u 90
Bruine stekelnekagame

De bruine stekelnekagame (Acanthosaura lepidogaster) is een hagedis uit de familie agamen (Agamidae).
Deze soort wordt ook wel dwergstekelnekagame genoemd, maar het is niet de kleinste soort uit het geslacht Acanthosaura.

De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Cuvier in 1829.

De bruine stekelnekagame komt voor in Cambodja, zuidelijk China (alleen Hainan), Myanmar, Vietnam, Thailand en Laos.

Engels : Brown Pricklenape, Scale-bellied Tree Lizard, Mountain Horned Dragon, Pricklenape Lizard
Duits : Schwarzkopf-Nackenstachler
Frans : Acanthosaura lepidogaster

1294521-7c71333dec7fa598619ad6bdd9a236d9.jpg
Bruine stekelnekagame
foto op www.siamreptile.com

De soortnaam betekent letterlijk schubben-buik (lepido-gaster) omdat op de buik wat ruwere gekielde schubben aanwezig zijn.

De agame is te herkennen aan de rugkam met erg kleine stekels die voor de nek overgaat in juist zeer lange, naaldachtige stekels.
Ook hebben alle soorten stekelnekagamen twee hoorntjes op de kop achter de ogen die bij deze soort juist erg kort blijven waaraan hij te onderscheiden is.
Ook ontbreekt de rugkam op het midden van de nek terwijl dat bij andere soorten niet altijd zo is, en heeft deze soort een overwegend grijsgroene tot bruine kleur, maar de Nederlandse naam gaat lang niet altijd op.

De bruine stekelnekagame wordt ongeveer 25 centimeter lang, de vrouwtjes blijven iets kleiner.


1294521-4285269b56d13144b4dd4f3f4f435956.jpg
Acanthosaura lepidogaster
foto op www.exzootica.com

De juvenielen kunnen groen, grijs en ook rood zijn met een lichtere vlekkentekening.
Verder hebben ze meestal korte maar afstekende dwarsstrepen op de rug die bestaan uit een lichtere en donkere kleur tegen elkaar.

Kenmerkend voor deze soort zijn de zeer grote en donkerbruine tot zwarte oogvlekken die soms de hele bovenzijde van de kop kleuren, en er zit een donkere, dunne band om de nek, en een meestal gebandeerde staart in dezelfde kleuren als de dwarse rugstrepen.


1294521-eeb1257e3266aef5fcac332bd4358538.jpg
bruine stekelnekagame
auteur : Hoang Thach op ngm.nationalgeographic.com

Het is zowel een klimmende als bodembewonende soort die zelfs van water houdt, waar het dier in vlucht bij gevaar.

De agame leidt een zwervend bestaan en houdt van dichtbegroeide tropische bergwouden waar het erg warm en vochtig is en met open plekken om te kunnen zonnen.

Het voedsel bestaat uit insecten en andere ongewervelden, maar ook kleine zoogdieren en amfibieën worden gegeten.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door waaroemni om 09:48 Reageer op dit bericht

Bruine landschildpad

Bruine landschildpad
bru
B     b    B     b    18  u 71
Bruine landschildpad

De bruine landschildpad (Manouria emys) is een schildpad uit de familie landschildpadden (Testudinidae).

De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Schlegel & Müller in 1840.

De bruine landschildpad komt voor in delen van Azië, en leeft in de landen Bangladesh, India, Indonesië, Maleisië, Myanmar en Thailand.

Engels : Asian forest tortoise, Asian brown tortoise, Burmese brown tortoise
Duits : Braune Landschildkröte
Frans : Manouria emys

1279531-ce395790251d8374cdf5a777ee1aaef9.jpg
Bruine landschildpad
auteur : Dawson    CC 2.5

De schildpad bereikt een maximale schildlengte tot 60 centimeter.
Het is de grootste Aziatische schildpad.
De kleur van het schild is bruin, de hoornplaten zijn enigszins verzonken in het schild.
De kop en poten zijn zwart van kleur.


1279531-0628f5df3c6137a0e1065d183d9d2295.jpg
Manouria emys
auteur : foto op www.ryanphotographic.com

De habitat bestaat uit tropische bergbossen, de schildpad brengt veel tijd door in holen of tussen de bladeren.


1279531-2e2823d471a390e391cf806416c8afcb.jpg
bruine landschildpadden (Manouria emys emys)
auteur : foto op www.empireoftheturtle.com

De soort behoorde lange tijd tot het geslacht Testudo, waardoor de verouderde wetenschappelijke naam in de literatuur wordt gebruikt.

Er worden twee ondersoorten erkend die verschillen in verspreidingsgebied.
•  Manouria emys emys en
•  Manouria emys phayrei

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door waaroemni om 21:37 Reageer op dit bericht

Bruine anolis

Bruine anolis
bru
B     b    B     b    18  u 36
Bruine anolis

De bruine anolis (Anolis sagrei) is een tot 18 centimeter lange hagedis uit de familie anolissen (Polychrotidae).

De wetenschappelijke naam werd voor het eerst wetenschappelijk gepubliceerd in 1837 door Duméril & Bibron,.

Oorspronkelijk kwam de soort alleen voor in Cuba en de Bahama's, maar is tegenwoordig ook te vinden in Haïti, de Amerikaanse staat Florida, zuidelijk Mexico en enkele kleinere Caribische eilanden.

Engels : Brown anole
Duits : Bahamaanolis
Frans : Anole brun, Anole marron

1257960-e2197b8c2af56e70aa1631e53bbd1936.jpg
Bruine anolis (vrouwtje)
auteur : D. Gordon en E. Robertson    CC 3.0

De bruine anolis heeft een slank lichaam, lange staart en tenen en duidelijk zichtbare lamellae, zachte kleefkussentjes onder de tenen waarmee de anolis over allerlei oppervlakken kan lopen.
De kop is relatief kort, maar heeft wel een spitse snuit.
De kleur van deze soort is meestal bruin, met een fijn, donker landkaart- of strepenpatroon, een lichtbruine rug en enkele lichtere tot witte flankstrepen of vlekkenrijen.
De keelzak van de mannetjes is rood met een gele rand, en deze wordt vooral gebruikt om soortgenoten mee te verjagen, want de bruine anolis is zeer territoriaal.

Bruine anolissen kunnen enigszins van kleur veranderen.
De kleur varieert van verschillende kleuren bruin tot bleek grijs/bruin tot bijna helemaal zwart/bruin.
De kleur verandert onder invloed van hoe ze zich voelen.
Dieren die koud, ziek of gestrest zijn, zijn vaak donkerder dan normaal.


1257960-4402a0599be9a972b86e175fdc6d9958.jpg
Anolis sagrei (mannetje met ontplooide keelzak)
auteur : PD-SELF  -  vrije foto

De verspreiding is vermoedelijk veroorzaakt door de mens.

In Florida is deze soort ongewenst, omdat de anolis de daar inheemse roodkeelanolis (Anolis carolinensis) verdringt.
De bruine anolis leeft met name in struiken en klimt niet zo hoog als de meeste anolissen, maar blijft meestal onder de twee meter en is regelmatig op de bodem te vinden.


1257960-2e833ac46e16e76c8df47f7bd469555e.jpg
Bruine anolis
auteur : Korall    CC 3.0

Debruine anolis leeft in bossen, heidevelden en savannen, maar komt ook wel in tuinen en plantenkwekerijen voor.
Het voedsel bestaat uit allerlei geleedpotigen, met name insecten die ze al rennend achtervolgen.

Een bruine anolis heeft in het wild een gemiddelde leeftijd van ongeveer anderhalf jaar, met een maximum van zo’n vijf jaar oud.
In gevangenschap is de gemiddelde leeftijd drie tot vijf jaar.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door waaroemni om 06:35 2 reacties Reageer op dit bericht

Bruine aardschildpad

Bruine aardschildpad
bru
B     b    B     b    18  u 34
Bruine aardschildpad

De bruine aardschildpad (Rhinoclemmys annulata) is een schildpad uit de familie Geoemydidae.
De bruine aardschildpad behoorde lange tijd tot het geslacht Geoemyda.

De wetenschappelijke naam van de schildpad werd voor het eerst wetenschappelijk gepubliceerd in 1806 door John Edward Gray.

Engels : Brown wood turtle, Brown land turtle
Duits : Rhinoclemmys annulata
Frans : Rhinoclemmys annulata

1257145-e20ac9c50590a6e298bce0279ab734d8.jpg
Bruine aardschildpad
auteur : Marcos Guerra  The Smithsonian Institution  United States copyright fair use law

De bruine aardschildpad komt voor in Midden- en Zuid-Amerika : in Colombia, Costa Rica, Ecuador, Honduras, Nicaragua en Panama.
De soort wordt aangetroffen in hooglanden tot een hoogte van 1500 meter boven zeeniveau.

De habitat bestaat uit de oevers van rivieren, zowel in laaggelegen regenwouden als galerijbossen, dit zijn smalle stroken bos langs rivieren.


1257145-37eb3deef30456e111767f987057d7ef.jpg
Rhinoclemmys annulata
auteur : Marcos Guerra  The Smithsonian Institution  United States copyright fair use law

De bruine aardschildpad is wat betreft grootte een gemiddelde soort uit de familie Geoemydidae en bereikt een schildlengte van ongeveer 20 centimeter.
De schildkleur is bruin tot zwart maar tussen de verschillende populaties bestaat een grote variatie in kleuren en patronen, wat samenhangt met het grote verspreidingsgebied.
Door de kleuren valt het schild vaak weg tegen de ondergrond van verdorde bladeren waarop de schildpad leeft.

Mannetjes zijn van vrouwtjes te onderscheiden door een langere en dikkere staart en een ondiepe kuil in het buikschild zodat hij makkelijker op haar kan klimmen tijdens de paring.


1257145-a84ae661efbeb905afab480923f43968.jpg
Bruine aardschildpad
auteur : Buckeye Herper op buckeyeherps.blogspot.be

De bruine aardschildpad is een herbivoor die zich voedt met plantendelen zoals bladeren en verschillende zaden.
De schildpad is dagactief, met een piek in de ochtend en ook na hevige regenval is er een verhoogde activiteit.
's Nachts schuilt de schildpad tussen de bladeren, bij hitte wordt het water opgezocht om af te koelen.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 20:40 Reageer op dit bericht

Brilkaaiman

Brilkaaiman
bri
B     b    B     b    18  i 13
Brilkaaiman

De brilkaai man of gewone kaaiman (Caiman crocodilus) is een krokodilachtige uit de familie alligators en kaaimannen (Alligatoridae) en de onderfamilie kaaimannen (Caimaninae).
Andere Nederlandse namen zijn witte- of Braziliaanse kaaiman en de wetenschappelijke naam was lange tijd Caiman sclerops.
Er zijn vier ondersoorten, door sommige biologen wordt de Yacarekaaiman (Caiman yacare) ook als ondersoort van de brilkaaiman gezien maar dit is omstreden.

De brilkaaiman heeft het grootste verspreidingsgebied van alle alligators en komt voor in een groot gedeelte van het noorden van Zuid-Amerika en in Midden-Amerika tot in de zuidelijke punt van Mexico.

Engels : Spectacled caiman, white caiman, common caiman
Duits : Krokodilkaiman, (Nördlicher) Brillenkaiman
Frans : le Caïman à lunettes

1168117-f683abf6d9cfc8c2571098a127d1e403.JPG
Brilkaaiman
auteur : Robert Lawton    CC 2.5

De landen waar de brilkaaiman voorkomt zijn Bolivia, Brazilië, Colombia, Costa Rica, Ecuador, El Salvador, Frans-Guyana, Guatemala, Honduras, Nicaragua, Panama, Peru, Suriname, Trinidad en Tobago en Venezuela.
Op Cuba, de Kleine Antillen, Puerto Rico en de Verenigde Staten (in Florida) komt de soort ook voor maar is in deze landen geïntroduceerd.
Het verspreidingsgebied is te danken aan het grote aanpassingsvermogen, de kaaiman is niet kieskeurig als het gaat om habitat, als er maar oppervlaktewater aanwezig is en zelfs in kunstmatige wateren als stuwmeren is de soort te vinden.
Ook wordt enigszins brakwater getolereerd, bij droogte schuilt de kaaiman in de modder, wachtend op nattere tijden.

Vrouwtjes zijn waarschijnlijk na 4 tot 7 jaar volwassen, afhankelijk van de populatie.
De 14 tot 40 eitjes (meestal ongeveer 22) worden in een nest afgezet en bedekt met plantaardig materiaal, na drie maanden komen ze uit.
De vrouwtjes delen de nesten wel eens, om ze efficiënter te kunnen bewaken.
Ook is bekend dat vrouwtjes elkaars jongen bewaken.
Een belangrijke vijand van de eitjes zijn de tejuhagedissen (Teiidae), een familie van grote hagedissen die net als varanen (die niet in Amerika voorkomen) dol zijn op de eieren en grote schade kunnen toebrengen aan de legsels.
Met name de reuzenteju (Tupinambis teguixin) zoekt actief naar krokodilleneieren.
De eitjes komen uit in het natte seizoen waardoor er voldoende voedsel voor de jongen is.

De brilkaaiman leeft als juveniel voornamelijk van in het water levende ongewervelden als insecten, kreeftachtigen en schelpdieren.
Grotere exemplaren eten voornamelijk vissen, watervogels, amfibieën en reptielen, ook het water betredende zoogdieren als varkens worden gegeten.
Indien er te weinig voedsel is worden ook soortgenoten aangevallen, de brilkaaiman is kannibalistisch.


1168117-794a559a85ba30e08e4f716c41161390.JPG
Caiman crocodilus
auteur : Michael Wolf    CC 3.0

De Nederlandse naam is te danken aan de opstaande benige rand tussen de ogen die de kaaiman een bebrild uiterlijk geeft.
De brilkaaiman is een kleine soort, mannetjes worden ongeveer 2 tot 2,5 meter lang, uitschieters bereiken 3 meter.
Vrouwtjes blijven kleiner: 1,4 tot maximaal 2 meter.
De snuit is duidelijk naar boven gekromd, boven de oogleden zijn kam-achtige verstevigingen aanwezig waaraan de soort te herkennen is.

De kleur is groenbruin, jongere dieren zijn lichter tot geel met zwarte stippen en strepen op het lichaam en een gebandeerde staart.
Deze kleuren en tekeningen verdwijnen met de jaren.
De brilkaaiman heeft een beperkt vermogen om van kleur te veranderen, dit komt ook voor bij sommige andere krokodilachtigen zoals de Amerikaanse alligator (Alligator mississippiensis).

De brilkaaiman heeft zowel in de boven- als in de onderkaak 1 rij kegelvormige tanden, die tweejaarlijks gewisseld worden.
Dat gebeurt in twee reeksen: het ene jaar wisselen de 'even' tanden, twee jaar later de 'oneven' tanden.
In totaal heeft de brilkaaiman 72 tot 78 tanden: in de bovenkaak 18 of 19 paar en in de onderkaak 18 tot 20 paar.


1168117-449cebc55c119df2fab6137ec7fb1a4e.JPG
Een koppel brilkaaimannen
auteur : Tim Vickers  -  vrije foto

De brilkaaiman is één van de algemeenste soorten, het totale aantal in het wild levende exemplaren wordt geschat op meer dan 1 miljoen.
Dit heeft de kaaiman waarschijnlijk te danken aan het feit dat zijn huid niet zo geschikt is om krokodillenleer van te maken.

Door zijn grote verspreiding en algemene voorkomen is de brilkaaiman een ecologisch belangrijke soort.
In gebieden waar de brilkaaiman achteruit ging, bleken ook bepaalde vissoorten een terugval te laten zien omdat de door de kaaiman onder controle gehouden roofvissen in aantal toenamen.
Ook is de brilkaaiman een van de weinige soorten die geprofiteerd heeft van de jacht op andere krokodillen, waarvan de leefgebieden worden ingenomen.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 20:57 Reageer op dit bericht

Breedvoorhoofdkrokodil

Breedvoorhoofdkrokodil
bre
B     b    B     b    18  e 33
Breedvoorhoofdkrokodil

De breedvoorhoofdkrokodil (Osteolaemus tetraspis) is een krokodilachtige (Crocodilia) uit de familie krokodillen (Crocodylidae).
Er zijn twee ondersoorten O. t. tetraspis en O. t. osborni, maar de status van deze onderverdeling is niet geheel onomstreden.

De breedvoorhoofdkrokodil komt voor in westelijk en centraal Afrika:
in de landen Angola, Benin, Burkina Faso, Congo-Kinshasa, Equatoriaal-Guinea, Gabon, Gambia, Ghana, Guinee, Guinee-Bissau, Centraal-Afrikaanse Republiek, Ivoorkust, Kameroen, Liberia, Mali, Nigeria, Senegal, Sierra Leone, Togo en Oeganda.

Engels : Dwarf crocodile
Duits : Stumpfkrokodil
Frans : Crocodile nain, Crocodile à front large

1151606-3ad1820059208bee6605573c91362746.jpg
Breedvoorhoofdkrokodil
auteur : Adrian Pingstone  -  vrije foto

De breedvoorhoofdkrokodil is een van de kleinste soorten krokodillen, het grootste exemplaar dat werd gevangen was 1,9 meter inclusief staart.
De krokodil heeft een zeer dik pantser, met name op de rug, de staart en in de nek.
De wetenschappelijke naam verwijst hiernaar: de geslachtsnaam betekent benige (osteon) snuit (laimos), de soortnaam tetraspis verwijst naar de vier (tetra) beenplaten (aspis) aan de achterzijde van de nek.
Ook de buik is voorzien van stevige benige schubben die het stevige pantser completeren.

De krokodil heeft relatief grote ogen, een smalle kop en korte snuit, die enigszins omhoog is gekromd.
Oudere exemplaren zijn egaal donkerbruin tot zwart gekleurd, de buik is geelachtig en heeft vele zwarte vlekken.
De juvenielen hebben meestal gele vlekken op het lichaam en zwarte stippen op de keel en onderzijde van de flanken, evenals een lichtere bruine bandering, vooral op de staart.

De breedvoorhoofdkrokodil heeft 5 rijen voortanden en 12 tot 13 rijen tanden in de bovenkaak en 14 of 15 rijen kiezen in de onderkaak en heeft totaal dus 60 tot 64 tanden.


1151606-870e51264b15af4be668d8c74e1d2485.jpg
Osteolaemus tetraspis
auteur : Raimond Spekking    CC 3.0

De habitat bestaat uit langzaam stromende wateren in moerassen en rivieren, voornamelijk in dichtbegroeide gebieden als bossen.
Andere krokodilachtigen leven juist in meer open gebieden en het verschil in habitat wordt veroorzaakt door de geringe lengte van de breedvoorhoofdkrokodil.
Hierdoor is hij prooi van grotere krokodillen en blijft zo bij deze soorten uit de buurt.
Er wordt vaak een soort hol gegraven in de oever waarvan de opening soms onder water zit, hier schuilt de krokodil overdag om 's nachts actief te worden.

De vrouwtjes zetten de eieren, meestal 10 tot hooguit 20, af in een nest en bewaken dit tot de jongen al piepend uitkomen waarna de moeder ze uitgraaft.
De kleine krokodillen zijn al 30 centimeter lang als ze uit het ei kruipen.


1151606-2370af861d4b812f1b7fe3a7c60dc165.jpg
Breedvoorhoofdkrokodil
auteur : © www.dahmstierleben.de

Het voedsel bestaat uit kleine vissen, amfibieën, kreeftachtigen, kleine reptielen en waarschijnlijk ook op het land levende dieren.
Tijdens het droge seizoen, als er weinig vis in de rivieren zit, eet de krokodil voornamelijk kreeftachtigen.
Echter ook fruit wordt gegeten wat uitzonderlijk is voor krokodilachtigen.
Juvenielen en met name de net uit het ei gekropen jongen eten voornamelijk insecten en wormen.
Later gaan ze wat grotere prooien eten als kikkers, kikkervisjes en kleine vissen.

De eitjes en zeer jonge krokodillen worden voornamelijk gepredeerd door vogels, rovende zoogdieren, oudere exemplaren hebben voornamelijk de veel algemenere nijlkrokodil (Crocydylus niloticus) en de pantserkrokodil (Crocodylus cataphractus) als voornaamste natuurlijke predatoren.

De mens is echter de belangrijkste vijand, de breedvoorhoofdkrokodil werd voor de Europese kolonisatie van het natuurlijke leefgebied vooral gevangen om het vlees, later werd de soort vooral gedood om de huid voor de vervaardiging van krokodillenleer, hoewel de kwaliteit van de huid niet als bijzonder hoog bekend staat.
In sommige landen, zoals Nigeria, wordt er tegenwoordig nog steeds jacht gemaakt op de krokodil en is het de meest bedreigde soort van alle reptielen.
Van alle krokodilachtigen wordt deze soort vanwege de 'geringe' lengte het vaakst aangeboden als huisdier.

De breedvoorhoofdkrokodil wordt beschouwd als kwetsbaar, en zijn zo'n 25.000 tot 100.000 exemplaren in het wild, maar in een aantal streken is het niet precies duidelijk hoe het gaat met de populaties.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 18:07 Reageer op dit bericht

Breedsnuitkaaiman

Breedsnuitkaaiman
bre
B     b    B     b    18  e 30
Breedsnuitkaaiman

De breedsnuitkaaiman (Caiman latirostris) is een krokodilachtige uit de familie alligators en kaaimannen (Alligatoridae) en de onderfamilie kaaimannen (Caimaninae).

De breedsnuitkaaiman komt voor in Zuid-Amerika: Argentinië, Bolivia, Brazilië, Paraguay en Uruguay.

Engels : Broad-snouted caiman
Duits : Breitschnauzenkaiman
Frans : le Caïman à museau large, Caiman latirostis, Yacaré overo

1149855-194f8d1ed83e98d891f2b928ee3150c3.jpg
Breedsnuitkaaiman
auteur : Carlosar  -  vrije foto

De habitat bestaat uit modderige wateren zoals mangroven, moerassen en kleine meertjes, brakwater wordt getolereerd.
Deze soort is meer aan water gebonden dan andere krokodilachtigen maar het land wordt wel betreden om te zonnen, eitjes af te zetten of te verkassen naar een ander water als de bron opdroogt.

In een deel van het verspreidingsgebied van de breedsnuitkaaiman komt nog een andere krokodilachtige voor: de Yacarekaaiman (Caiman yacare).
De breedsnuitkaaiman heeft echter een voorkeur voor meer langzaam stromende wateren in dichtbegroeide bossen, en kan zich handhaven in door de mens gecreëerde wateren zoals veedrinkplaatsen.
Beide soorten zijn aangepast op hoger gelegen terreinen, tot 600 meter boven zeeniveau, wat te zien is aan de relatief donkere kleur, hierdoor wordt meer warmte opgenomen dan met een lichtere kleur.


1149855-6e404bb779118381bcccd04d68ac5799.jpg
Caiman latirostris
auteur : OpenCage    CC 2.5

Het voedsel bestaat voornamelijk uit slakken, waar de kaaiman in is gespecialiseerd, het betreft voornamelijk appelslakken (familie Ampullariidae), die vrij groot kunnen worden.
De kaken van grotere exemplaren zijn ook geschikt om de schilden van schildpadden te kraken.
Daarnaast pakt de breedsnuitkaaiman ook diverse gewervelden en ongewervelden als vissen, amfibieën en insecten.

Omdat de breedsnuitkaaiman grote hoeveelheden waterslakken eet, en waterslakken vaak parasitaire wormen dragen die zoogdieren als gastheer hebben en binnenkomen bij het drinken van water, leidt een afname van het aantal krokodillen soms tot een toename in het aantal parasitaire infecties in runderen.

De huid van deze kaaiman is, net zoals die van de bultkrokodil (Crocodylus moreletii), zeer geschikt om krokodillenleer van te maken.
Beide soorten hebben daar veel schade aan ondervonden en zijn beschermd.
Omdat de breedsnuitkaaiman leeft in landen waar grote armoede heerst wordt er desondanks nog steeds op gejaagd.
De breedsnuitkaaiman is echter niet bedreigd: er zijn zo'n 250.000 tot 500.000 exemplaren in het wild.
Met name in Argentinië worden fokprogramma's opgezet om de soort te behoeden voor achteruitgang.
Veel van wat we weten over de breedsnuitkaaiman is te danken aan de bestudering van dieren in gevangenschap.


1149855-27de3e9f1b6d434ac1395da20bd9d6ea.jpg
Breedsnuitkaaiman
auteur : Gagea    CC 3.0

Voordat de eitjes in het regenseizoen worden afgezet wordt een nest gebouwd door het vrouwtje, soms geholpen door het mannetje.
In het van bladeren en ander plantaardig materiaal gemaakte nest worden 20 tot 60 eitjes afgezet die door het vrouwtje worden bewaakt.
Er is beschreven dat de eitjes in twee lagen worden verdeeld, waarschijnlijk dient dit om als nageslacht een evenwichtige verdeling van mannelijke en vrouwelijke exemplaren te verkrijgen.
Krokodillen hebben namelijk geen geslachtschromosomen, het geslacht wordt bepaald in het ei en is afhankelijk van de temperatuur.
De eitjes in de bovenste laag hebben een iets afwijkende temperatuur dan die in de onderlaag, waardoor er een grotere kans is op zowel mannetjes als vrouwtjes.
Bij het uitkomen van de eitjes helpt het vrouwtje de jongen naar het water en beschermt ze een tijdje, soms samen met het mannetje.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 08:27 Reageer op dit bericht

Bosratelslang

Bosratelslang
B    o s
B     b    B     b    15  s 55
Bosratelslang

De bosratelslang (Crotalus horridus atricaudatus) is een slang uit de familie adders (Viperidae), onderfamilie groefkopadders (Crotalinae).
Het is een bekende ondersoort van de gewone ratelslang (Crotalus horridus), en wordt soms wel als volwaardige soort gezien.

Deze ratelslang komt voor in het midden van de Verenigde Staten, in Louisiana, Mississippi, South Carolina en noordelijk Florida, waar ze in laaglanden leven in vochtige bossen en bosranden meestal bij water, maar ook in gebieden met palmbomen.

Omdat ze graag in de buurt van water vertoeven, komen ze met name voor langs de stroomgebieden van de rivieren Trinity, Neches, en Angelina, waar ze overdag meestal tussen de bosjes liggen opgerold en bij de schemering ontwaken en op jacht gaan.

Engels : Canbrake rattlesnake
Duits : Wald- Klapperschlange
Frans : le Crotale des bois

1057138-d97b7983e081fd718b38c4ecc4c14a4f.jpg
Bosratelslang
foto : Magialuna

De slang kent een grote variëteit aan kleuren en patronen, sommige tekeningen lijken op die van de diamantratelslang, licht omzoomde ruiten op de rug, maar de algemene vorm is een grijze tot lichtbruine basiskleur en brede V-vormige strepen op het midden van de rug.
Over het midden loopt een bruine tot rode streep die ook weer aan de diamantratelslang doet denken.
De kop is breed en driehoekig met de bekende zintuiglijke groef in het midden.
De maximale lengte is bijna twee meter, maar veel exemplaren worden niet groter dan 1,5 meter.


1057138-cb65009099fac8f04cdc95c4b6a84e74.jpg
Crotalus horridus atricaudatus

De bosratelslang leeft van kleine zoogdieren zoals ratten, maar ook reptielen en vogels, waarvan hij ook de nesten leeg rooft.

Het gif van de slang tast het bloed en de weefsels aan doordat er haemolytische enzymen in zitten die hemoglobine (de ijzerbindende stof in ons bloed) afbreken.
Hierdoor kan een scala aan symptomen ontstaan, meestal plaatselijke weefselafsterving, bloedingen en misselijkheid, maar uiteindelijk ook de dood.

Een bosratelslang is ieder jaar verantwoordelijk voor tientallen ziekenhuisopnamen, wat voornamelijk te danken is aan de felheid van de slang.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 08:19 Reageer op dit bericht

Bosmeester

Bosmeester
B    o s
B     b    B     b    15  s 40
Bosmeester

De bosmeester (Lachesis muta) is een slang uit de familie adders (Viperidae), onderfamilie groefkopadders (Crotalinae).

De bosmeester leeft in de Amazone-streek in Zuid-Amerika, in Brazilië, Panama, Ecuador, Trinidad, Costa Rica en Nicaragua, in oerwouden.

Engels : South American bushmaster
Duits : Südamerikanische Buschmeister, Shushupe, Surucucu
Frans : Grage grands carreaux, Maître de la brousse

1046084-5d02b1f61af54c6bd84f1c4db4cf6023.jpg
Bosmeester
auteur : Christopher Murray  -  vrije foto

De maximale lengte is 3,7 meter maar de meeste exemplaren blijven daar ver onder, veel dieren zijn tussen de 2 en 3 meter.
Hiermee is het op twee na de langste gifslang ter wereld, en de langste groefkopadder.

Het lichaam heeft een lichtbruine basiskleur, met ruit-vormige bruine vlekken op de rug, de ruiten eindigen in een dorsale streep over de flanken.
Er zijn enige kleurvariaties en de slang is ook wel te herkennen aan de zeer ruwe, bijna regelmatig wrattige schubben.
De kop is enigszins afgeplat en ei-vormig, en heeft geen uitsteeksels.

Op het menu staan voornamelijk knaagdieren, de bosmeester is geen klimmer en loert verscholen tussen de bladeren op de bodem op prooidieren, meestal bij een boomstronk.
Het zeer sterk verdunde gif van de Lachesis muta wordt in de homeopathie beschouwd als een heilzame stof, omdat men ervan uitgaat dat kleine hoeveelheden gif gezondheidsbevorderend kunnen zijn.


1046084-0de1d1c016cd136063d174034947f851.jpg
Lachesis muta
foto : Walter Silva (Peru)

De bosmeester is zo giftig dat een mens na een beet zonder medische hulp kan sterven.
Een geïrriteerde bosmeester waarschuwt de verstoorder door met de staartpunt tegen de bodem te 'ratelen', net als een ratelslang.

De gifslang jaagt 's nachts en komt nooit in dichte populaties voor, dus de kans op een treffen is niet zo groot als bij de meeste adders.
Ook herten en andere grote zoogdieren die bij verstoring gebeten worden, overleven dit vaak niet.
Omdat deze soort veelal in dunbevolkte diepe oerwouden leeft in de afwezigheid van steden, zijn de weinige beten die worden toegebracht altijd zeer ernstig.

De slangen hebben zogenaamd hemotoxisch gif, dat het bloed van gewervelden aantast.
Hierdoor ontstaan inwendige bloedingen en orgaanschade.
Door de lange giftanden van de slang wordt het gif diep geïnjecteerd, wat de effectiviteit sterk bevordert.

Ook de wetenschappelijke naam refereert aan de giftige beet en refereert aan een van de drie schikgodinnen uit de Griekse mythologie.
Lachesis was de godin die bepaalde hoe lang men nog te leven had.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 07:43 Reageer op dit bericht

Naar boven

Meer van Wie Weet

↑ Terug naar de berichten