Naar de inhoud

Wie Weet

bloggen om te leren
akke.beakke.be
waaroemni-805px.png

Categorie: insecten

Bulgaarse heremiet

Bulgaarse heremiet
Bul
B     b    B     b    21  l 7
Bulgaarse heremiet

De Bulgaarse heremiet (Pseudochazara orestes) is een vlinder uit de familie Nymphalidae (Aurelia's), onderfamilie Satyrinae.

Deze soort komt niet in de Benelux voor.

De wetenschappelijke naam is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1981 door De Prins & van der Poorten.

Engels : Dil's Grayling, Pseudochazara orestes
Duits : Pseudochazara orestes, Dils' Grayling
Frans : Pseudochazara orestes

1447127-9d50d963d857942fb9884260f542d5b1.jpg
Bulgaarse heremiet
foto © Matt Rowlings op www.eurobutterflies.com

De Bulgaarse heremiet vliegt bij hellingen die begroeid zijn met struiken en kleine bomen en bij steile, rotsachtige hellingen.

Komt voor in gebergten in ZW-Bulgarije (Pirin-gebergte) en in N-Griekenland. Vliegt van 800-1800m.


1447127-d0b1192107d1d0606fbcb44fe3215c59.jpg
Pseudochazara orestes a(m), b(v), c(m)
foto op users.auth.gr

Het vrouwtje legt de eieren op grassen, vaak op grassen die in de schaduw van rotsspleten groeien.

De soort heeft één generatie per jaar.
De vliegtijd is juni - augustus.

Soort is thans niet bedreigd in Europa.
Omdat nog weinig bekend van deze soort, is meer onderzoek naar de verspreiding en ecologie nodig.
Geschikte habitats moeten worden beschermd en adequaat beheerd.
De effecten van het behoud acties moeten worden gecontroleerd door een vlinder Monitoring Scheme.
In Bulgarije, komt de soort alleen voor in beschermde gebieden.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 14:08 1 reactie Reageer op dit bericht

Bulgaarse glanslibel

Bulgaarse glanslibel
Bul
B     b    B     b    21  l 6
Bulgaarse glanslibel

De Bulgaarse glanslibel (Somatochlora borisi) is een libellensoort uit de familie van de glanslibellen (Corduliidae), onderorde echte libellen (Anisoptera).

Deze soort werd voor het eerst geldig gepubliceerd door Marinov in 2001 en vernoemd naar zijn zoon Boris.

Engels : Bulgarian Emerald
Duits : Bulgarische Smaragdlibelle
Frans : Libellule émeraude (Somatochlora)

1446798-7a7109b8ed91285a964a375b5621399d.jpg
Bulgaarse glanslibel
foto © Dorit Bar-Zakay op www.doritbarzakay.com

De Bulgaarse glanslibel bereikt een lichaamslengte van ongeveer 50 mm en een spanwijdte van de achterste vleugel is bij de mannetjes 31-33 mm en bij de vrouwtjes 33-34 mm.
De lengte van de buik is 34-37 mm voor beide geslachten.
De ogen zijn helder groen van kleur, de tussenliggende hoekpunten (hoekpunt) en het voorhoofd (frons) zijn donker metaalgroen met opvallende gele patches.
De prothorax (het eerste segment van het borststuk (thorax) van geleedpotigen) is zwart en geel, de tussensegmenten, glanzend metaalgroen.


1446798-3d25a07661c76598834c41f09a20d2f6.jpg
Somatochlora borisi
foto © Zeably Inc op www.zeably.com

De paring begint boven het water, dan paren ze waarschijnlijk verder over de boomtoppen.
De eitjes worden afgezet in gebieden onder water tussen wortels of in het midden van het vrije water.

De Bulgaarse glanslibel staat op de Rode Lijst van de IUCN als kwetsbaar, beoordelingsjaar 2009, de trend van de populatie is volgens de IUCN dalend.
De soort komt voor in Bulgarije, Griekenland en het Europese deel van Turkije.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 21:25 Reageer op dit bericht

Bulgaarse bergerebia

Bulgaarse bergerebia
Bul
B     b    B     b    21  l 5
Bulgaarse bergerebia

De Bulgaarse bergerebia (Erebia orientalis) is een dagvlinder uit de familie van de Nymphalidae, de vossen, parelmoervlinders en weerschijnvlinders, onderfamilie Satyrinae.

Deze soort werd voor het eerst wetenschapelijk beschreven door Elwes (Henry John Elwes, een Engels botanist en entomoloog) in 1909.

Engels : Bulgarian Ringlet
Duits : Erebia orientalis
Frans : Erebia orientalis

1444960-ca0e1456d6639cf0eb61ccd263ee5b27.jpg
Bulgaarse bergerebia
foto op www.butterfliesofbulgaria.com

De Bulgaarse bergerebia komt lokaal voor in Bulgarije en Servië.
De vlinder vliegt op hoogtes van 1800 tot 2600 meter boven zeeniveau op subalpiene en alpiene graslanden vaak in de buurt van bossen.


1444960-d6ea427175b791833436501bee487634.jpg
Erebia orientalis
foto op www.theinsectcollector.com

De soort vliegt in een jaarlijkse generatie in juni en juli.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 10:38 Reageer op dit bericht

Buldogmier

Buldogmier
Bul
B     b    B     b    21  l 3
Buldogmier

Buldogmier is een naam voor soorten mieren uit het geslacht Myrmecia die bekendstaan om hun agressieve gedrag en pijnlijke steek.

De soorten komen voor in Australië en Nieuw-Caledonië en leven in grote groepen.
Een aantal soorten kan dankzij de geveerde achterpoten een sprong maken van enkele centimeters.

Engels : Myrmecia, bulldog ants, bull ants, inch ants, sergeant ants, jumper ants
Duits : Myrmecia, Bulldoggenameisen
Frans : Myrmecia

1443960-2097c2cebef6d883498cfe9cc4d9a8ec.jpg
rode buldogmier (Myrmecia gulosa)
auteur : fir0002 / flagstaffotos.com.au    CC 3.0

Buldogmieren behoren tot de giftigste mieren ter wereld.
Als men allergisch is kan een anafylaxie optreden, waarbij eerst de huid opzwelt en men in een levensbedreigende shock kan raken.
Het toedienen van adrenaline kan de allergische reactie verminderen of stoppen.


1443960-ae20267ef6b48f8292e24539685b9a4a.jpg
Myrmecia
auteur : fir0002 / flagstaffotos.com.au    CC 3.0

Buldogmieren hebben een duidelijk in drieën verdeeld lichaam.
Typisch zijn de grote ogen waarmee de mier uitstekend kan zien.
De kop is klein en omdat de achterzijde vaak groter is en een andere kleur heeft wordt vaak het achterlijf voor de kop aangezien.
Ook heeft de buldogmier opvallend lange, tang-achtige kaken of mandibels.
Buldogmieren worden vaak vrij groot, 1 à 2 cm, en zijn zeer alert en agressief bij verstoring.


1443960-8fe17f16d720e4355513779967b0111b.jpg
vrouwelijke gevleugelde buldogmier
auteur : JamesDouch at en.wikipedia    CC 3.0

Hun dieet is gebaseerd op kleine insecten, zaden, paddenstoelen en fruit voor de larven, die vooral vlees nodig hebben om verder te ontwikkelen, terwijl de volwassenen honingdauw en nectar eten.
De werksters kunnen voedsel consumeren om die dan uit te braken in het nest.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 14:54 1 reactie Reageer op dit bericht

Kakkerlakken

Kakkerlakken
achtergrondafbeelding 16 april
Kakkerlakken

De kakkerlakken (Blattodea) vormen een orde van insecten, die oppervlakkig enigszins lijken op kevers maar hiervan toch sterk verschillen, onder andere door het ontbreken van een volledige gedaanteverwisseling.
Bidsprinkhanen en termieten zijn sterker verwant aan de kakkerlakken dan andere insectenorden.
Deze drie groepen behoren tot de superorde Dictyoptera.

Er zijn 4690 soorten kakkerlakken beschreven, waarvan er ongeveer twintig wel eens als plaag kunnen voorkomen.

De lengte van diverse soorten kakkerlakken varieert van minder dan een centimeter tot 8 cm.
In Nederland komen in huizen de Duitse kakkerlak en de Amerikaanse kakkerlak nog wel eens voor als plaag.
In Nederlandse bossen vindt men 5 soorten uit de familie Blatellidae waarvan 4 oorspronkelijk inheems zijn en behoren tot het West-Palearctische geslacht Ectobius: de heidekakkerlak (Ectobius panzeri), de boskakkerlak (Ectobius sylvestris), de bleke kakkerlak (Ectobius pallidus), en de noordse kakkerlak (Ectobius lapponicus).
Deze soorten leven vrijwel uitsluitend in de bladstrooisellaag van kruidrijke bermen en bosranden.
De vijfde soort, de Duitse kakkerlak (Blattella germanica), is al ruim 150 jaar in Nederland te vinden en wordt als ingeburgerd beschouwd.
Deze laatste niet-vliegende soort is vooral binnenshuis te vinden en bij geschikte, droge weersomstandigheden ook in de natuur.

Sommige tropische soorten (alleen soorten die bij ontsnappen op den duur niet in huis overleven en zo een plaag zouden kunnen worden) worden wel als huisdier in een terrarium gehouden, hetzij voor hun eigen charme dan wel om als voedseldieren te dienen voor andere terrariumdieren zoals grotere hagedissen.
Dit zijn bijvoorbeeld de sissende reuzenkakkerlak van Madagaskar, (Gromphadorhina portentosa, afbeelding), de Surinaamse kakkerlak Pycnoscelus surinamensis, de doodshoofdkakkerlak Blaberus craniifer (afgebeeld) en Blaberus discoidalis en de kleine grottenkakkerlak Blaberus fusca (die niet klein is, maar wel kleiner dan de reuzengrottenkakkerlak, Blaberus giganteus).

De kakkerlak staat reeds lang te boek als een ongewenste gast zoals blijkt uit Reize naar Surinamen van John Gabriël Stedman (1772):

“
De Kakkerlak is een soort van Kever, een duim en zomtyds twee duimen lang; derzelver gedaante is eirond en plat, en de kleur hoog rood: hy kruipt door het gat van 't slot der koffers en valiesen, en legt aldaar niet alleen zyne eijeren, maar hy doorknaagt ook het linnen, stoffen, zyde, en alles wat hy vind; hy dringt ook in eet- en drinkbaare waaren van allerleije zoort; het geen dezelve zeer walgelyk maakt, want hy laat aldaar eene leelyke reuk agter, vry veel gelykende naar die der wandluizen. Dewyl de meeste Oost-Indische 'Schepen, vooral die met suiker geladen zyn, altoos met deeze insecten besmet zyn, zal ik alleenlyk melden, dat men ze zelden ziet vliegen, maar dat ze zeer schielyk loopen. Het beste, en, zoo ik geloof, het eenige middel, om de koffers of kassen daar voor te beveiligen, bestaat hier in, dat men dezelve op vier groote wel schoon gemaakte glaase flessen plaatst, op dat derzelver gladheid aan deeze insecten de gelegenheid beneeme, om op te klauteren en daar binnen te komen, het zy door het gat van 't slot, het zy door de kleinste spleet.

„

artikel overgenomen zonder nazicht op onjuistheden
Bron :
    - Wikipedia    CC 3.0
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 00:27 Reageer op dit bericht

Buffalokever

Buffalokever
buf
B     b    B     b    21  f
Buffalokever

De buffalokever (Alphitobius laevigatus) is een kever uit de familie zwartlijven (Tenebrionidae).
De larve is bekender dan de kever en heet buffaloworm.

Voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Fabricius (Johann Christian Fabricius was een Deens entomoloog (insectenkundige), en een van de eerste en grootste entomologen.) in 1758.

Engels : Black fungus beetle
Duits : Schimmelkaefer, Stumpfschwarz Getreide-
Frans : ténébrion des champignons, petit ténébrion

1323511-cb7541e9f5533ee0a22bfb721f75cf8a.jpg
Buffalokever
auteur : Dries Declercq    CC 3.0

De buffalokever lijkt op de meeltor (Tenebrio molitor) qua vorm en gedrag, maar blijft kleiner.
Hij is van boven glanzend zwart, van onder roodachtig bruin en de antennes en poten zijn bruinachtig.
Het oppervlak van de thorax heeft veel ruwe puntjes.

De larven worden als levend voer gekweekt voor in gevangenschap gehouden geleedpotigen als vogelspinnen, schorpioenen en bidsprinkhanen.
Ook aan insectenetende vogels, verschillende reptielen en amfibieën en sommige vissen kan de worm worden aangeboden.


1323511-4d0a5ec7e96affddac376ffa1bfd07fa.jpg
Larven van de buffalokever (buffalowormen)
auteur : op www.voederdierenperpost.nl

De buffaloworm geeft warmte af en maakt een ritselend geluid.
Hij is veel-eter en veelvraat en wordt vaak gevoederd met oud brood, aardappel, wortel of appel.
Beste bewaartemperatuur is tussen 10 en 15°C.
Zo gaat hij langzamer verpoppen.
Buffalowormen dienen luchtig en koel gehouden, zo niet treedt massale sterfte op.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 08:43 Reageer op dit bericht

Brummelspanner

Brummelspanner
bru
B     b    B     b    18  u 115
Brummelspanner

De brummelspanner (Mesoleuca albicillata) is een nachtvlinder uit de familie Geometridae, de spanners.

De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst geldig gepubliceerd door Linnaeus (Carl von Linné was een Zweeds arts, plantkundige, zoöloog en geoloog.) in 1758.

Komt voor in Spanje, West- en Midden-Europa inclusief de Britse eilanden via de gematigde zone tot Oost-Azië; in het noorden tot Midden-Scandinavië, in het zuiden tot Italië, de Balkan en de Zwarte Zee.

Engels : Beautiful Carpet
Duits : Brombeer-Blattspanner, Himbeer-Blattspanner
Frans : la Phalène de la ronce , la Blanchêtre

1311259-3af483cca943fca0f83bf60be52c7e59.jpg
Brummelspanner
auteur : Michael Apel    CC 2.5

De voorvleugellengte bedraagd 15 tot 18mm.

De grondkleur van de zeer brede afgeronde voorvleugel is roomwit tot wit en over de vleugel loopt een brede witte middenband.
Het donkere wortelveld en de donkere vlek bij de vleugelpunt bestaan uit bruine, zwarte en paarsblauwe banden en lijnen.
Een belangrijk kenmerk dat deze soort onderscheidt van andere zwart met wit gekleurde bandspanners, is dat de middenband licht gekleurd is en de velden daaromheen donker.
Er is weinig variatie.


1311259-da4e8e3953bb85372e53be378523dd32.jpg
Mesoleuca albicillata
auteur : J.K. Lindsey op www.commanster.eu

De brummelspanner is een niet zo gewone soort die verspreid over het hele land voorkomt.

Zijn habitat open loofbossen, gemengde bossen en struwelen.

De waardplanten van de brummelspanner zijn gewone braam (brummel is een Oost-Nederlands woord voor braam) en framboos.


1311259-ed031438d71bf7de879a03901687064b.jpg
Rups van de brummelspanner
foto op www.naturalis-historia.de

De vliegtijd is van half mei-half augustus in één, mogelijk twee generaties.
De vlinders kunnen overdag worden opgejaagd en komen in kleine aantallen op licht.

De rups : juli-september.
De rupsen zijn vooral 's nachts actief.
De soort overwintert als pop in een cocon in losse aarde.

Meer over de Nederlandse naam :
Brummelmeter is een al lang bestaande naam die al gebruikt wordt door Ter Haar in 'Onze vlinders' (begin vorige eeuw). De betekenis van brummel blijft onduidelijk.

Mesoleuca : mesos = middel en leucos = wit. Deze soort wijkt van de nabije verwanten af door het grote witte vlak midden op de vleugels.

albicillata : albus = wit en cilla = latijn voor staart; vanwege het witte abdomen dat contrasteert met het zwarte deel van het lijf (Macleod). Linnaeus zegt niets over het abdomen, maar Macleod's uitleg klinkt aannemelijk.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - De Vlinderstichting/Werkgroep Vlinderfaunistiek, 2008. Vlindernet, versie 2
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 13:18 Reageer op dit bericht

Bruinrode heidelibel

Bruinrode heidelibel
bru
B     b    B     b    18  u 110
Bruinrode heidelibel

De bruinrode heidelibel (Sympetrum striolatum) is een Echte libel uit de familie van de Korenbouten (Libellulidae).

De wetenschappelijke naam van deze soort is als voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Charpentier (Toussaint de Charpentier was een Duits geoloog en entomoloog.) in 1840.

Het is een libel die in vrijwel heel Europa voorkomt.

Engels : Common Darter
Duits : Große Heidelibelle
Frans : Le Sympétrum strié

1308449-1e86e1e0876f1b65f950cf9f75e17790.jpg
Bruinrode heidelibel (man)
auteur : Loz (L. B. Tettenborn)    CC 3.0

In Nederland is het een algemene soort van juli tot oktober.
Regelmatig vinden er invasies vanuit het zuiden plaats.

De bruinrode heidelibel wordt 40 tot 44mm groot.

De bruinrode heidelibel kan gemakkelijk verwisseld worden met de steenrode heidelibel (Sympetrum vulgatum).
Het belangrijkste verschil is de streep over het voorhoofd die bij de eerste niet doorloopt langs het oog en bij de steenrode heidelibel wel.


1308449-ed67124bd34bf5991b9c47952fbeedeb.jpg
Sympetrum striolatum (vrouw)
auteur : Hectonichus    CC 3.0

De bruinrode heidelibel is meestal te vinden bij ondiep, stilstaand water.
Ze zwerven echter over grote afstanden, waardoor ze ook vaak gezien worden in weilanden en bermen.
Er zijn zelfs waarnemingen van groepen van miljoenen exemplaren boven zee.

Zoals de meeste korenbouten, jaagt deze libel vanaf uitkijkposten op kleine insecten.


1308449-415efd74947d11481d908b2db95f436d.jpg
Bruinrode heidelibel in de vlucht
auteur : pjt56    CC 3.0

De levenscyclus van de bruinrode heidelibel duurt een jaar.
De eitjes overwinteren na op het water afgezet te zijn.
De larven leven op de bodem onder meer van muggenlarven.

De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als niet bedreigd(LC).

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 16:04 1 reactie Reageer op dit bericht

Bruine zwartstipuil

Bruine zwartstipuil
bru
B     b    B     b    18  u 100
Bruine zwartstipuil

De bruine zwartstipuil (Xestia baja) is een nachtvlinder uit de familie Noctuidae, de uilen.

De wetenschappelijke naam van deze soort is als Noctua baja voor het eerst geldig gepubliceerd door Denis (Johann Nepomuk Cosmas Michael Denis was een Oostenrijkse dichter, bibliograaf, bibliothecaris, vertaler en lepidopterist)& Schiffermüller (Johann Ignaz Schiffermüller was een Oostenrijkse zoöloog, met name lepidopterist) in 1775.

Komt voor in heel Europa van het Iberisch schiereiland tot de poolcirkel.
Via het noordelijke Middellandse Zeegebied (zonder de eilanden) tot de Zwarte Zee.
Oostelijk hiervan via Turkije en de Kaukasus tot Iran (noordzijde van het Elburs-gebergte).
Via de gematigde zone tot Oost-Azië, inclusief Tibet en Mongolië.

Engels : Dotted Clay
Duits : Baja-Bodeneule
Frans : la Belladone , la Noctulelle baie

1301799-1775a42892b8ecf44d7b922b2c184bd3.jpg
Bruine zwartstipuil
auteur : Ernest van Asseldonk    CC 3.0

De voorvleugellengte bedraagd 17 tot 21mm.

Opvallend en kenmerkend is de dubbele of drievoudige zwarte stip langs de voorrand van de voorvleugel vlak bij de golflijn.
De dwarslijnen, de ringvlek en de niervlek zijn zwak getekend.
De niervlek is doorgaans licht geringd en de binnenste lob is donker gevuld.
De grondkleur van de voorvleugel varieert van roodachtig licht- of donkerbruin tot warm grijsachtig bruin.
De achtervleugel is bruinachtig met een zwakke middenvlek.

Gelijkende soorten zijn de kastanjebruine uil (X. castanea), de zesstreepuil (X. sexstrigata) en de moerasheide-aarduil (Protolampra sobrina), ze missen de zwarte stip bij de vleugelpunt.


1301799-c5d2db3e98c99b36496c81a8f791e00c.jpg
Xestia baja
foto op philgolder.org

De bruine zwartstipuil is in Nederland een algemene en in België een niet zo algemene soort.

Zijn habitat zijn bossen, heiden, struwelen, ruige en vochtige graslanden; soms tuinen.

De waardplanten van de bruine zwartstipuilzijn diverse kruidachtige planten, waaronder brandnetel; in het voorjaar ook houtige planten en loofbomen, waaronder wilg, berk, sleedoorn en wilde gagel.


1301799-0e8dcab87fafa10b5831caa6323be678.jpg
Rups van de bruine zwartstipuil
auteur : ©Jeroen Voogd op webh01.ua.ac.be

De vliegtijd is van begin juli-half september in één generatie.
De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.

De rups : augustus - mei.
De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag laag bij de grond.
De soort overwintert als jonge rups en verpopt zich in de grond.

Meer over de Nederlandse naam :
De vlinder van de bruine zwartstipuil is bruin, zelfs kastanjebruin volgens de Latijnse soortnaam, en de zwarte stipjes bij de vleugelpunten zijn kenmerkend.

Xestia : xestos = opgewreven, glad, naar de glimmende voorvleugels van een aantal soorten in dit genus.

baja : badius = heeft de kleur van kastanje.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - De Vlinderstichting/Werkgroep Vlinderfaunistiek, 2008. Vlindernet, versie 2
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 17:21 Reageer op dit bericht

Bruine witvleugeluil

Bruine witvleugeluil
bru
B     b    B     b    18  u 99
Bruine witvleugeluil

De bruine witvleugeluil (Aporophyla lutulenta) is een nachtvlinder uit de familie Noctuidae, de uilen.

De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Denis (Johann Nepomuk Cosmas Michael Denis was een Oostenrijkse dichter, bibliograaf, bibliothecaris, vertaler en lepidopterist)& Schiffermüller (Johann Ignaz Schiffermüller was een Oostenrijkse zoöloog, met name lepidopterist) in 1775.

Een atlantischmediterrane soort verbreid en zeer lokaal in Zuid-Europa tot de Krim. Naar het noorden tot Schotland, West-Noorwegen, Zuid-Zweden, Letland, Tatra en de Karpaten.

Engels : Deep-brown Dart
Duits : Braune Glattrückeneule
Frans : Aporophyla lutulenta

1301294-e1de3b1b9f5db16d0b931ebce98e0d9a.jpg
Bruine witvleugeluil
auteur : foto op www.unitedhallingbury.co.uk

Hij heeft een spanwijdte van 15 tot 18 mm.

Deze tamelijk fors gebouwde uil heeft een donkere warm bruinachtig grijze of zwartachtige voorvleugel met een nagenoeg rechte voorrand, de vleugel is vrij smal.
De tekening varieert in intensiteit en is soms onduidelijk.
Vaak is er een brede middenband waarin een donkere middenschaduw te zien is.
De achtervleugel van het mannetje is wit en heeft soms een centrale dwarslijn die bestaat uit een rij kleine zwarte vlekjes of streepjes, de achtervleugel van het vrouwtje is donkergrijs.
De antennen van de mannetjes zijn licht geveerd.

De bruine witvleugeluil lijkt veel op de heidewitvleugeluil (A. lueneburgensis), die door sommige taxonomen beschouwd wordt als een vorm van de bruine witvleugeluil, is grijzer, heeft een smallere en spitser toelopende voorvleugel en een iets scherpere tekening.
Beide soorten vliegen over het algemeen niet door elkaar, omdat ze niet dezelfde habitatvoorkeur hebben.


1301294-bc8d43b102a544d87551f63df4e223ef.jpg
Aporophyla lutulenta
auteur : Algirdas  -  vrije foto

Een zeldzame soort die vrijwel uitsluitend voorkomt in de duinen.

Zijn habitat zijn open gebieden op zandige en kalkrijke grond, zoals duinen, weiden en graslanden, soms bosranden en tuinen.

De waardplanten van de bruine wapendrager zijn diverse kruidachtige en houtige planten, waaronder zuring, brem en sleedoorn, ook grassen, waaronder smele.


1301294-9bfd370248c1a6d154792acd77683e80.jpg
Rups van de bruine witvleugeluil
foto : Jürgen Rodeland op www.lepiforum.de

De vliegtijd is van begin september-begin oktober in één generatie.
De vlinders zijn vanaf de schemering actief en komen matig op licht.
Ze bezoeken bloemen en overrijpe bramen en komen op smeer.

De rups : oktober - juni.
De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag dicht bij de grond.
De soort overwintert als jonge rups.
De verpopping vindt plaats in de grond.

Meer over de Nederlandse naam :
De witvleugeluilen hebben witte achtervleugels. Het betreft het Genus Aporophyla. De grondkleur van de bruine witvleugeluil is donkerbruin.

Aporophyla : aporos = ingewikkeld, moeilijk en phule = een klasse, een groep, vrij geïnterpreteerd is dit ieder taxon boven die van soort. Dit verwijst naar de moeilijkheid om dit genus een goede plaats te geven in de systematiek.

lutulenta : lutulentus = modderig, naar de grijsbruine grondkleur van de voorvleugels.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - De Vlinderstichting/Werkgroep Vlinderfaunistiek, 2008. Vlindernet, versie 2
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 01:24 1 reactie Reageer op dit bericht

Naar boven

Meer van Wie Weet

↑ Terug naar de berichten