Zo, we zijn terug


De laatste activiteit van eindejaar achter de rug: een etentje met de schilderklas. Gezellig, deugddoend. Nu zijn we weer vertrokken tot het einde van het schooljaar.
Ik heb de indruk dat de eindejaarsfeesten steeds meer energie gaan innemen: een viertal verjaardagen, een feestje met mijn kinderen, een feestje met de kinderen van Karel, een feestje met mijn pleegdochter en haar gezin, feestjes met de academie. ‘k Zou ze voor geen geld willen missen … maar ik voel de jaren.
Toch ook lekker bij de warmte onder een dekentje veel gelezen. Als ik weet dat ik tijd heb begin ik graag aan een kanjer. Een van de boeken: Marie Antoinette, van Antonia Fraser. Een biografie van de koningin (1755 – 1793) die stierf onder de guillotine bij de Franse revolutie. Antonia Fraser is niet alleen een goede geschiedkundige, ze is ook een goede schrijfster. Ze roept de wereld van ‘toen’ heel levendig op zodat je als lezer je kan ‘inleven’ in die wereld van poeder, hoepelrokken, brokaat, rijtuigen, feesten. Feitelijk was de wereld van Lodewijk de XVI een wereld van weinig hygiëne waarover poeder en parfum laag na laag hun best deden om de stank te verdoezelen. Ondertussen werden er intriges opgebouwd, de massa met roddels en pamfletten opgestookt tot de nieuwe leiders ook ten val werden gebracht. En de prachtige leuze: vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid was niet bestemd voor het proletariaat of de vrouwen (waren dit wel volwaardige mensen?). Stilaan kregen die woorden een eigentijdse inhoud en spreekt men liever van vrijheid, gelijkheid, solidariteit of democratie. Ondanks de Franse revolutie toch al 200 jaren achter ons ligt heb je de indruk een hedendaags verhaal te lezen. Natuurlijk, de omstandigheden, de uiterlijkheden zijn veranderd, maar de mens is dat niet. Ik kan het iedereen aanraden die graag wat geschiedenis verkent.
Het was ook de tijd van wensen en kaartjes schrijven. Normaal moet ik me altijd nog haasten om voor het einde van januari de kaartjes beantwoord te hebben. Nu is het mij gelukt netjes op tijd de wensen op de bus te doen. Ik beleef plezier aan die formule van wensen ronddelen. Ik maak de kaartjes zelf, het is altijd afwachten wat het resultaat gaat zijn. Ieder die me schrijft krijgt een kaartje terug. Er zijn een paar vaste ‘kaartjesschrijfsters’ waarvan ik alleen iets verneem via deze vorm van communicatie. Feitelijk zit ik te wachten op hun wijze van ‘even langs komen’. Geen groots gebeuren, alleen een teken dat we nog aan elkaar denken en dat met een positief gevoel.
Ook Cecile schreef me een kaartje … maar de briefomslag vond ik zeker zo goed als de zelfgemaakte kaart (zie foto). Met wat een zwierige zorg zijn de letters geschreven. Als we dit jaar eens op een dergelijk manier met elkaar zouden omgaan, de wereld zou er mooier op worden.


