Naar de inhoud

Lut De Rudder

akke.beakke.be

Op weg naar mijn eindwerk

Dit jaar maak ik mijn eindwerk voor tekenen, en dat is best spannend. Niet dat het me plots overvalt: al maanden bereid ik me er op voor en laat ik het in mij groeien. Het thema weet ik reeds lang: ik wil iets rond ‘brieven’ doen. Een brief als geschreven tekst. Letters. Grafische tekens. ‘k Heb daar al rond gewerkt. De brief als mededeling. Kan een boek ook als een vorm van brief beschouwd worden? Als je het inhoudelijke even terzijde laat: hoe ‘verschijnt’ een brief, een boek aan je blikveld? Kan je ook zonder zorgvuldig geschreven woorden nog iets meedelen? Wat wil ik in een soort briefvorm op papier zetten? In welke grafische techniek zal ik het vorm geven?

 

Ideeën overrompelen mij, straks kom ik adem en tijd tekort.

 

Laat ik maar beginnen bij het begin. Een brief is een blad, gevuld met lettertekens: het kan gaan van een vlug geschreven kattebelletje tot een zeer formele brief. Dus neem ik een groot vel tekenpapier en teken met Oost-Indische inkt lijnen. Kan het eenvoudiger? Ik denk er weinig bij na, beleef alleen plezier aan zorgvuldig de ene lijn naast de andere te tekenen, een blad vol.

 

Ik ben gestart. Oef! Moeilijk was het niet, gewoon durven gaan en het ene idee uit het andere laten volgen. Wellicht dat die teken-brieven zichzelf een weg zullen uitzoeken en ik gewoon maar moet volgen, bereidwillig achter de tekentafel met pen en papier binnen handbereik.

Kalligrafische gedichten

Enkele gedichten van Karel Sergen, hebben enkele kunstenaars omgezet in kalligrafie. Gelukkig zat het weer mee en konden enkele werken buiten staan, in de kleine tuin, waardoor ze dubbel tot taal kwamen.

   

Bij deze Kalligrafie werd een collage gemaakt.

   

Dan word je stil.

Krachtige kalligrafische taal.

   

Feest van letters.

Jozef Constant

De schilderijen die Jozef Constant hier laat zien zijn vooral getekend door afwezigheid, afwezigheid van mensen, op enkele schilderijen na en daar zien we dan mensen die ons de rug toekeren, die elders met hun aandacht vertoeven.

 

    De gebouwen staan er, maar geen teken van leven, geen papiertje, niets dat mensen verraadt.

De ruimten, zowel binnen als buiten blijven ruimten die alleen blijven met zichzelf, leeg en onvoldaan. Ze dragen de sfeer van gevangenschap.

   

Voor het venster in deze ruimte staan tralies: geen ontsnappen mogelijk.

Dan tref je een mens: moedeloos heeft hij zich afgewend, zijn gezicht gekeerd naar een raam dat dichtgespijkerd is.

    Een landschap alsof bevroren in het geheugen van wie weg is. Geen stem zal hier roepen op thuiskomst.

   

In een kleine bijgang hangen mooie portretten, als bevestiging dat Jozef Constant wel weet met de concrete mens om te gaan.

    In een sobere maar gevoelige lijn legt hij de wereld van die man vast.

Pollie Gregoor

Pollie Gregoor hoeft geen verhaal, zijn werk is verhaal. Een samenraapsel van ijzer, hout, plaaster, kippendraad, doeken … noem maar op. En daaruit ontstaan werken. Deze tentoonstelling toont voornamelijk menselijke figuren. Vaak heel aangrijpend omdat de mens in zijn kwetsbaarheid naar voren treedt. Hij draagt teveel op zijn rug, in zijn hoofd, in zijn hart.

Bij het binnenkomen staat dit beeld te kijk. Wie kijkt? De kijker naar het beeld? Het beeld naar de straat? Ik noem het de straatwachter … en met de sleutels binnen handbereik: welke poorten of deuren gaat deze straatwachter openmaken?

    Moe van het denken opent hij zijn geheugen: leegte.

    En toch sleurt hij zijn last verder.

Als een monnik draagt hij in stilte wat niet te vatten valt. Op de achtergrond een werk van Jozef Constant: een ruimte die verwijst naar leven maar dit zelf niet aanwezig stelt.

Is de balans in evenwicht? Op de achtergrond schilderwerken van Pollie Gregoor.

 

Meer van Lut De Rudder

↑ Terug naar de berichten