Naar de inhoud

Lut De Rudder

akke.beakke.be

Opstellen tentoonstelling eindwerk

De eindwerken worden ten toon gesteld in de Mena, het vrije tijdscentrum in Rotselaar, een tiental minuten met de auto bij ons vandaan.

Met Brigitte afgesproken dat we elkaar zouden helpen bij de opbouw van de tentoonstelling, want haar eindejaarsleerlingen konden beiden niet komen: de ene wegens op vakantie, de andere moest werken. Nu, we werken graag samen en hebben al heel wat tentoonstellingen samen opgebouwd.

Zondag heb ik de auto geladen en toen bleek dat ik nog heel wat plaats had in de koffer. Ik belde Brigitte met het voorstel om maandagmorgen naar de academie te komen en daar onze auto te laden met de werken die moesten vervoerd worden. Brigitte kon dan verder rijden naar de Mena waar ze verwacht werd om samen met haar collega’s de panelen te plaatsen waarop in de namiddag de leerlingen hun werken kwamen ophangen. Ik zou dan met mijn werken en een deel van de schilderwerken van anderen na de middag komen.

En zo gebeurde. Na de middag kwam ik aan in de Mena en even later kwam Brigitte naar beneden. Auto’s leegmaken en met de lift naar de tweede verdieping. De lift ging nogal bibberend naar boven, echt geen leuke ervaring. Wellicht vond men dat hier een normale bedoening, maar ik zou voortaan zo weinig mogelijk de lift gebruiken.

De panelen waren nog niet allemaal geplaatst, maar de plaats die ik toegewezen kreeg was reeds in orde.

Eerst de plooitafeltjes in orde maken, zodat mijn boeken op hun plaats konden gelegd worden. Dan de mij toegewezen panelen afmeten zodat de nagels om de schilderijen op te hangen op de juiste plaats kwamen te zitten. Gelukkig had ik thuis reeds berekend waar de nagels moesten zitten, zodat ik niet ter plaatse moest beginnen rekenen. Ook het ophangsysteem van de schilderijen had ik bekeken: de werken die met een draad omhoog werden gehangen had ik voorzien van een extra draad zodat ze op dezelfde hoogt aanhaakten als de werken met een vast ophangsysteem. Eventueel kon ik die extra draad wat aandraaien als het resultaat niet bevredigde. Maar behalve één werk, klopte de rest als een bus. ’t Verwonderde me dat alles zo ‘paste’ en met een extra draai werd ook het werk dat even uit de rij dreigde te vallen op de goede plaats gedwongen.

Ik had ruimte genoeg op de tafels om mijn ‘boeken’ aan te bieden. Zo had ik het me gedroomd en dan is het ontzetten leuk als het ook zo uitkomt zonder dat er zich problemen stellen.

Daarna Brigitte gaan helpen maar die was ook aan haar laatste schilderijen bezig.

Met een gerust gevoel naar huis: mijn werk kon gezien worden.

Hiernaast een eerste foto. Omdat er teveel spiegeling op de werken zit stel ik het fotograferen uit tot een beter moment.

 

 

 

Snijwerk IV

Met dit snijwerkje heb ik een wenskaart gemaakt. Hopelijk is de betrokkene er blij mee. Ik vermoed van wel.

Snijwerk III

De uitgesneden werkjes plak ik in boekjes of in een harmonica, zo blijven ze mooi bewaard. Bij de harmonica’s beplak ik beide kanten. Je kan dan beginnen bladeren en blijven bladeren, een soort draaimolensysteem. Voor dit harmonica heb ik de ene kant met wit snijwerk beplakt en de andere kant met zwart snijwerk.

 

Snijwerk II

Ik heb verschillende afmetingen papier op mijn tafel liggen om te snijden. Ik neem maar wat mij het aantrekkelijkst lijkt. Ik dacht aan knollen: ajuin, look … ach het resultaat moet geen keukendienst doen, dus maak ik er maar wat van.

Snijwerk I

Niet al mijn aandacht gaat naar het eindwerk. Eens wat ik wil ten toon stellen klaar staat, kan ik daar mijn aandacht van terugtrekken en weer achter mijn tekentafel gaan staan die nu een snijtafel is geworden. Ik weet niet meer wat ik eerst maakte en wat volgde. Ik toon maar wat. Een eerste werkje is iets speciaal. Een vriendin had pas behangen en ik vond het behang zo mooi dat ik een overschot vroeg. Daarmee ging ik aan de slag. Ik volgde de lijn en de kleur. Wat dezelfde kleur had kreeg eenzelfde bewerking: wegsnijden, horizontale lijnen maken of gewoon laten zoals het was. Nu weet ik waarom dat behangpapier mij zo aansprak: het is ontzettend mooi van lijn. De ontwerper moet wel een goede dag gehad hebben: sierlijkheid oproepen en plezier hebben daarin.

 

Woord en beeld

Bij het verzamelen van de werken worden ze op de grond uitgespreid zodat er gemakkelijk kan gekozen worden welke werken geëxposeerd worden. Van elke leerling komen er minstens drie werken aan de muur of op het paneel.

Alles staat klaar om de verfwerken te beginnen. Nu nog op zoek naar verflustige handen.

Ieder is intens bezig en probeert de andere niet in de weg te lopen.

Opeens klinkt er een prachtige stem: iemand verrast ons met haar zangtalent tussen het verven door. Blues om kippenvel van te krijgen. Er wordt om meer gevraagd. Ineens vibreert de ruimte alsof een zon alles opwarmt.

De werken rond WOI op de panelen die de wastafel verbergen.

Opdracht: interpretatie van een oude foto.

deze werkjes kregen een plaats naast het venster

De grote opruim

En dan is het weer zo ver: het einde van het jaar betekent de lokalen in de academie klaar maken voor de eindejaartentoonstelling. Elke klas moet zorgen voor de toegewezen ruimten: ezels, tafels, stoelen en kasten wegbergen. Meestal wordt alles opgestapeld achter panelen die jaarlijks worden aangebracht. Muren en panelen schilderen … en dan de tentoonstelling opbouwen.

In de tekenklas ben ik met enkele collega’s de ‘foto’s’ ingedoken. Het zijn foto’s die gebruikt werden bij het uitvoeren van een opdracht. Normaal worden die dan terug op hun plaats in de farde gestoken … maar heel vaak vergeet men de terugbergactie. Op het einde van het jaar worden dan vrijwilligers gezocht om die foto’s te ordenen. Ik doe dit werkje al een paar jaren. Nu zal ik het voor de laatste keer helpen doen. Eerst de foto’s die samen horen op eenzelfde stapeltje leggen en dan ze in de juiste farde steken. Het is een werkje dat eerst om analyse van de chaos vraagt en dan om de synthese van de georganiseerde verspreiding. Ik doe het graag, vraag me niet waarom. Trouwens, ik ben niet meer in staat om met de jongeren te sleuren met de het materiaal.

Ook in de schilderklas ontsnap ik aan het gezeul van de meubelen: de lerares vroeg me om passe-partouts te snijden voor schilderijen op papier. Dat is leuk om doen: door een passe-partout krijgen de werken meer uitstraling. Ik denk dan aan de collega’s die die werken maakten: ze zullen verrast zijn met het resultaat. Net of je helpt de wereld een beetje blijer en mooier te maken.

Daarna wordt er geverfd. Omdat alles al klaargezet werd en verschillende vrijwilligers zich aanmelden, is die karwei nogal vlug geklaard.

In de tekenklas is men reeds begonnen met het ophangen van de tekeningen terwijl we met de foto’s doende waren. In de schilderklas werken we er met de groep aan. We werken met twee ploegen. De ene groep, een mannengroep (twee in totaal, nummer drie is niet komen opdagen wegens te oud) hangt werkjes rond WOI omhoog, terwijl Brigitte en ik zorgen voor de andere werken, onder luide aanmoedigingen van de anderen. Die moeten kijken of alles recht hangt, geven commentaar als ze vinden dat een bepaalde presentatie niet zo best is of zwaaien lof toe als een groep werken het weer samen uitstekend doet. Het is een samenwerking waar je hoorndol van wordt maar tevens bindt die werkwijze de groep aaneen.

Als wat kan gedaan worden gedaan is, heb ik maar één verlangen: de stilte van thuis.

En nu maar snijden

Heel voorzichtig haal ik wat ik aankocht uit de verpakking alsof het om een rituele handeling gaat. En dan natuurlijk is het moment aangebroken waarop ik met dit materiaal aan de slag ga.

De nieuwe snijdmat is heerlijk. Gewoon mijn hand er over laten gaan voelt zacht aan. Van die zachtheid zal na intens gebruik niet veel meer van overschieten. Het nieuwe snijmesje doet het prima: het papier voelt als boter wanneer ik er in snij. Met het aangekochte papier heb ik nog wat moeite: het is opgerold en blijft moeilijk plat liggen. Dus zet ik er een strijkijzer op of hoe huishoudelijke karweitjes kunnen helpen om problemen een praktische oplossing te geven. Nu blijft het plat liggen en kan ik aan mijn snijwerk beginnen.

Uren ben ik intens bezig. Ik snij tot mijn vingers verkrampen. Het is zo heerlijk om doen. Ik wil nog wat klaar hebben voor de eindejaarstentoonstelling. Niet dat het nog noodzakelijk moet … maar ik heb zo’n zin om mezelf uit te dagen.

Nieuw materiaal

Ik blijf me volop uitleven met het snijden in papier. Alleen merk ik wel waar de tekorten zitten: teveel braam en vaak moeilijk om de juiste lijn te realiseren.

Ik wil het materiaal dat ik gebruik onder de loep nemen. Een breekmes van goede kwaliteit verhoogt een zuivere snede, maar voor fijn werk is het niet zo ideaal. Het papier is ook een voorwaarde voor zuiver werk. Dus naar de winkel om te zien of er iets op de markt is dat beter aan mijn wensen voldoet.

Omdat mijn snijdmat ook al doorkerfd is en dit soms aanleiding geeft dat mijn snijden een andere kant uitgaat dan ik wil, ga ik op zoek naar een nieuwe snijdmat. Gelukkig is dat allemaal nogal te betalen. Bij die snijdmat vind ik ook een houder met een zeer scherp snijmesje, ook vervangmesjes worden aangeboden. Dan ontdek ik bij het papier een nieuwe soort. Op rol wordt papier aangeboden waarop men graffiti kan spuiten. Dat papier lijkt me geschikt en wil ik ook eens uitproberen.

Met mijn wagen vol opwindende uitdagingen rij ik naar huis: ik ben echt benieuwd wat het nieuwe materiaal me zal aanbieden.

Kunstenaarsboekenbeurs

Op 7 en 8 juni ging in Tour & Taxis de zevende editie door van de kunstenaarsboekenbeurs. Daarin kwamen alle facetten van het kunstenaarsboek aan bod: zowel boeken over kunstenaars, als boeken als kunstobject. Prachtig ingebonden boeken in een foedraal als miniboekjes met alleen een lint om te sluiten.

Catherine vroeg of ik niet mee ging. Eerst eens op internet gekeken wat die beurs precies inhield … maar dan moest ik niet meer overtuigd worden. Omdat Catherine graag rijdt en je tegenwoordig via GPS je weg ook in Brussel kan vinden, gingen we met de wagen. We vertrokken om 9 uur, zodat we op tijd terug zouden zijn om nog wat van het zonnige weer te genieten en te rusten voor de nieuwe week begon. Helaas bleek die beurs veel boeiender dan de zon en rond de middag belde ik naar Karel dat ons bezoek het wat uitliep.

Ik werd er bijna gek van het aanbod. Nog maar vanuit het standpunt van papier als pure materie verzoop je in het veelsoortige en maar kijken en witte handschoenen aantrekken om heel voorzichtig te bladeren. Puur zintuiglijk genot. Er waren boeken over kunstenaars met een normale oplage, maar ook boeken met een beperkte oplage of boeken die gewoon uniek zijn. Aan een tafel zat een kunstenaar een uniek boek te maken: met allerlei tekenmateriaal was hij een harmonica aan het samenstellen. Ik weet niet of hij mijn aanwezigheid merkte: zo werken vraagt enorme concentratie want er kan niets ongedaan gemaakt worden. Aan het resultaat zag je dat er ‘plezier’ in het werk stak: heel kleurig en gebruik makend van verschillende technieken. Geen betere manier om je helemaal te laten gaan in het spel van de fantasie.

Toevallig was ik thuis een boek over Plantijn aan het lezen. Daarin werd uitgelegd hoe men vroeger drukte. Dat deed me oog hebben voor de praktische kant van de getoonde werken.

Ik kon het niet laten: ik kocht twee boeken. Het ene boek gaat over een kunstenares: Lignes van Pierrette Bloch. Wat me aantrok was o.a. haar werken met een heel naïef lijnenspel, maar vooral dat ze, geboren in 1928 tot op vandaag, als 86-jarige, actief is als kunstenares. Het andere is een dun boekje: Mémoires de papier van Nadège Moyart. Elke bladzijde is ingesneden met een ovaalachtige vorm die groter en groter wordt. Onderaan staan dan enkele woorden die met herinneren verband houden. Wanneer je op het einde van het boekje komt merk je dat de insnijdingen de jaarringen van een boom oproepen … de boom waaruit het papier gemaakt is. Kippenvel kreeg ik toen ik het boekje in mijn hand had.

 

 

 

 



 

Meer van Lut De Rudder

↑ Terug naar de berichten