

Terug naar de schilderklas


Christel volgt nog schilderen in de avondcursus. Mijn tijd is daar voorbij. Met een beetje hartzeer heb ik die groep vorig jaar uitgezwaaid: ik liet een goede sfeer en fijne mensen achter.
Donderdag was het daar eindejaarsfeest … en Christel had me meegevraagd. De warmte van het weerzien deed deugd. De mensen die dit jaar hun intrede gedaan hebben in de klas ken ik niet. Dus maak je kennis … en ontdek je dat E. samenwerkte met de vriendin van Deepak, dat haar man aan de universiteit werkt … en dat ik hem daar in mijn vorige leven wel eens tegenkwam. Nu, naar gespreksstof moesten we niet zoeken. Dat zijn tenminste ontmoetingen.
Maar erg lang blijven we niet. Christel is nog herstellend van een ingreep en heeft op tijd rust nodig.
Het was gezellig … en ik voel me nog even goed aanvaard als vroeger. Vooral dat doet deugd.
Het basisrooster
Wanneer het basisrooster uitgewerkt is, kan ik aan het afzetten beginnen. Ik gebruik een zwarte draad. Daardoor ontstaat een fijne rand aan de zijkant. Nu is het nog draden uitkiezen die passen bij het geheel: daarmee ga ik dan enkele vlakken opvullen. Daardoor blijft het basisrooster herkenbaar. Over de presentatie van het geheel kan ik nu nog geen beslissing nemen. De oplossing zal wel komen terwijl ik die vlakken opvul.
Morgen weer naar de les
Na nog een dag intens klossen is de basisstructuur af. Morgen ga ik dan naar de les en zoek ik draad die past bij het geheel. Iets heel fel of iets zacht van kleur? Ik weet het nog niet.
Zoals zoveel kinderen maak ik ook mij klaar om naar de les te gaan: kloskussen in een zak en alle materiaal dat ik nodig heb in een tas, klaar voor een nieuwe trimester.
Terug achter het kloskussen
Eerst neem ik een tekenpapier en zet daar een voorlopig ontwerp op. Niet dat ik me zal houden aan het ontwerp: bij het werken zonder opgelegd patroon ga ik nogal intuïtief te werk. Ik begin ergens binnen het werk en werk dan verder naar buiten. Vermoedelijk heeft iedereen zo zijn manier van werken.
Stilaan groeit het werk. Karel komt eens kijken en vraagt of ik een dreamcatcher maak. Neen, daar had ik nog niet aan gedacht.
Ik zou graag de basisstructuur klaar hebben als ik terug naar de academie trek. Dus niet opkijken maar voort werken. Ondertussen is er wat mooie muziek in de kamer, daar zorgt Karel voor.
Ik ben best tevreden: nog een dag flink doorwerken en ik kan het kantjaar met een goed gevoel aanvatten.
Breiwol
Ooit kocht ik in de koopjestijd breiwol, breide daarvan een trui … en had nog enkele kluwen over. Omdat ik niets weggooi dat ik kan opbergen, bleef die breiwol in mijn leven aanwezig. Toen ik wat oprommelde kwamen die kluwen terug in mijn blikveld. Onmiddellijk wist ik wat ik er mee zou aanvangen: een kantwerk van maken. Toch duurde het nog enkele maanden voor ik er aan begon. Er was zoveel te leren en ik wou het project van Mondriaan eerst afwerken. De laatste dagen van de vakantie echter was het project van Mondriaan beëindigd en dat opende ruimte om met iets nieuw te beginnen.
Alhoewel … had ik me niet voorgenomen te experimenteren met drukken?
Dus, zoals gepland: drukken.
Toch liet die breiwol me niet met rust. Ik had het pak met die breiwol al naar mijn tekentafel gebracht: wellicht zou de nabijheid ervan wat rust schenken. Niets is minder waar: die breiwol bleef mijn aandacht vragen. Tijdens mijn drukexperimenten bedacht ik ontwerpen: met de grillige breiwol een rooster maken en daarvan enkele vlakken met dunne draad opvullen.
Toen ik ‘s avonds het zootje van het drukken opruimde kon ik niet anders dan het kussen om kant te klossen boven halen en klaar legggen voor morgen. Dan zou het grote moment aanbreken.
't Kan niet altijd lukken
Tot ik besefte dat ik me ongelukkig begon te voelen. Er waren nog zoveel projecten die ik wou uitwerken … maar uur na uur bleef die Mondriaan me teisteren. De speeltijd was voorbij, het was ‘plicht’ geworden. Hé, hé, waarvan herkende ik dit verschijnsel? Toen ik met pensioen ging beloofde ik mezelf voortaan niet meer te ‘moeten’. En nu zat ik terug in dat straatje. Dus een kloek besluit genomen: dit project stoppen.
Ik wou dit werk zomaar niet weggooien. Ik zocht een oplossing om het vlug af te werken. Zoals gepland bracht ik het op een witte achtergrond van schildersdoek aan. Ik kocht dit schildersdoek ooit in de Aldi, spotgoedkoop … maar er op schilderen gaat niet zo best: de borstels verslijten extra vlug … en het doek begeeft het onder de verf. Maar als achtergrond kan het nog dienst doen.
Toen de laatste hoek vastgemaakt was aan het doek, voelde ik me enorm opgelucht: nu kon er weer speeltijd beginnen.
En maar klossen
Twee weken vakantie: wat zou ik allemaal niet kunnen doen. Ik dacht: in de voormiddag tekenen of zoiets en ‘s namiddags wat klossen. Dat lukte niet zo goed. Ik wou voortdoen aan het project van Mondriaan … en dat viel tegen. Bij de rode kleur duurde het drie kwartier tot ik een rijtje af had. Aan zes rijtjes per cm, nee zeg, waaraan was ik begonnen? Daarbij was het vrij omslachtig werken. Na een paar rijen begon ik uit te rekenen hoeveel uren het me nog zou vragen om dat rode vlak tot een goed einde te brengen. Terwijl ontdekte ik dat een verkeerde opzet had gedaan: ik moest in spiegelbeeld gewerkt hebben om een goed resultaat te bekomen, want het resultaat wordt omgedraaid: de voorkant ligt onderaan het werk. Ik was ook niet zo tevreden: de slagen lagen zich te verwringen in de vlakken, het was geen mooi werk. Je zag waar ik telkens aan een nieuwe klossenhouder begon. Natuurlijk kan je niet, na nog geen vier maanden opleiding, een perfect resultaat afleveren.
Daar stond ik dan mezelf ongelukkig te maken: dit werk, waar ik met zoveel enthousiasme aan begonnen was, leek als een eindeloze zee op mij af te komen. Waarom moest ik zo nodig gaan kantklossen?
Even wennen aan het nieuwe jaar
Enkele dagen terug werd de aftrap gegeven: we beginnen weer aan een nieuw jaar. Wellicht moesten sommigen nog een fysische of psychische kater verwerken: al dat uitbundig vrolijk zijn heeft soms ook wel een donkere zijde. Nu wenkt de routine om er weer in te stappen en met frisse moed aan dit nieuwe jaar beginnen.
Voor mij is het altijd even wennen om het juiste jaartal geschreven te krijgen. Wellicht zit daar een zekere weerzin in tegen het onverbiddelijk verder gaan van de tijd. Maar tegenpruttelen is gewoon tijdverlies. Dit jaar zal ik weer een jaartje ouder worden, ook al is dit ferm tegen mijn zin.
Niet verder zeuren. Voorlopig ziet het jaar er veelbelovend uit. Ik wens ditzelfde vooruitzicht aan iedereen.
Ik had me zo voorgenomen hard te werken voor de tentoonstelling op het einde van het jaar. Veel is daar niet van gerealiseerd. Eén dag heb ik me bezig gehouden met druktechnieken. De buit is mager. Het is gewoon weer wennen aan het materiaal: drukinkt en een verlopen bankkaart of een spons. Het meeste ging recht de papiermand in. Maar ik voel me wel aangesproken. Ik ga er werk van maken: mijn vingers jeuken en de ideeën stromen toe.
Zullen we elkaar maar iets liefdevol wensen?
Karel maakte voor de wenskaartjes van 2015 dit gedicht:
De langste nacht is weer voorbij
Elke nieuwe dag brengt meer licht
Straks zal de zon ons weer omarmen.
Die zekerheden koesteren wij
Terwijl we weten dat het duister
Ook over de harten van de mensen ligt
En het licht daar moeizaam daagt
Moge het nieuwe jaar vervulling brengen
Van onze moedige hoop en stoutste dromen
Aan alle lezers (m/vr): maak van 2015 iets goed voor zover het in je mogelijkheden ligt.
In elk geval veel liefs voor iedereen.
Eindejaarsfeest met kantklossen
Ik kan wel kankeren op dat eindejaarsgedoe … maar toch geniet ik van de feesten.
Zoals in de andere ateliers wordt ook bij de kantklossers feest gevierd op het einde van het jaar. Hier worden de dag- en avond cursus samen gebracht. Dat is wel leuk: zo maken we kennis met de vrouwen van de avondafdeling. Waar blijven de mannen die deze kunst onder de knie willen krijgen?
Dinsdagnamiddag hebben we les, 's avonds komen we samen om te feesten. Omdat er weinig gegadigden komen opdagen (iedereen blijkt druk aan het koken te zijn voor ’s avonds) zijn we maar met een paar cursisten aanwezig. Zo heeft Lieve, de docente, tijd om de tafels te installeren. Het wordt één grote tafel. Als iemand haar nodig heeft komt ze helpen, dan weer werkt ze verder aan de voorbereiding van het samenzijn ’s avonds. Het is een echt gezellige namiddag. Het doet me denken aan mijn kinderjaren toen moeder ook voorbereidingen trof om ’s avonds het kerstfeest te vieren: er zat iets in de lucht van ‘vanavond zal het gebeuren’.
Wanneer ik ’s avonds de klas binnenkom, ben ik toch nog verrast: de tafel is mooi versierd en op elke plaats ligt een servet met een zelfgemaakt kaartje. Op de voorkant een takje dat in goudkleur gedompeld is en de achterkant een handgeschreven tekst. Hoeveel uren heeft ze daar voor vrijgemaakt? Niet zo evident voor een jonge vrouw met voltijdse job en een gezin met kinderen.
Iedereen gaf op voorhand op wat hij zou meebrengen. Ik hield het bij brood dat Karel zou bakken. Dat is echt lekker en dat werd beaamd door de anderen. Er kwamen niet alleen lekkere maar ook mooie gerechten op tafel. Heel wat mannen hadden zich daarin uitgeleefd … hun vrouw moest alleen nog inpakken en wegwezen. En natuurlijk … er was meer dan genoeg.
Het is een gezellige avond geworden.
Ik vertrok als eerste. Als oudste van de groep kan ik dat wel toegeven: ik was gewoon ‘moe’. Toch is het leuk te ervaren dat ik ook daarin aanvaard ben. Ik zou die vriendschap van de groep niet willen (kunnen) missen.
Waar blijft die blog
Er kwamen wat mailtjes op mij af die heel vriendelijk vroegen waarom er geen blogs meer verschenen. Ook Karel vroeg het mij. Niemand hoeft zich echter ongerust te maken. Alles gaat prima … alleen er zijn zoveel plannen die ik wil realiseren.
Vooreerst is er het kantklossen. Ik wil een schilderij van Mondriaan in kant omzetten. Ik hou van Mondriaan, die strenge lijnen, die spaarzaamheid in kleur. Alles getuigt van eenvoud, zoeken naar essentie. Ik koos een schilderij van 46 x 46 zonder te beseffen hoeveel uren kloswerk dat zou vragen. Met enthousiasme ben ik er aan begonnen. Nu ik merk hoeveel tijd het nog zal vragen, bekoelt dat enthousiasme wat. Maar we laten de lip niet hangen: ik ben er aan begonnen en wil het dan ook afmaken. Ondertussen zitten er al nieuwe ideeën te broeden. Die moet ik nog wat in mijn achterhoofd en uit mijn handen houden. Later mogen die dan aan bod komen.
Dan wil ik me ook nog wat met grafisch werk aan de slag gaan. In de voormiddag het tekenwerk, de namiddag kantklossen. Het zal echter nog een paar dagen duren voor ik aan het tekenwerk begin. Eerst wil ik de wenskaarten versturen. Ik heb ze zelf gemaakt, Karel heeft er een mooi gedicht bij geschreven. Nu moet de tekst in het kaartje gekleefd worden, het adres op de omslag, er nog iets met de hand bijgeschreven … en dan de deur uit. Weer een paar uren waarmee ik zoet ben.
Toch hou ik van die wenskaartjes. Dan komen de mensen me voor de geest aan wie ik zo’n kaartje zend. Soms is dat kaartje het enige contact dat we hebben. Die mensen zijn me echter waardevol. Vroeger hebben ze veel voor mij betekend. Dan waait het leven ons uit elkaar … en dan is zo’n kaartje een liefdevolle groet over de jaren heen.
En eindejaar kan niet zonder feesten. Ik hou niet van de sfeer rond die dagen. Ik voel alles als opgefokt en gedirigeerd aan: nu moeten we vrolijk zijn … en veel geld uitgeven aan cadeautjes voor mensen die alles al hebben. Ik zou die weken een winterslaap willen doen en wakker worden als het gewone leven zich herneemt. Dat neemt niet weg dat ik intens geniet als mijn kinderen of die van Karel langs komen.
De vakantie zal weer veel te vlug voorbij zijn. Maar goed, we houden de plannen die opduiken in reserve … wellicht komt er een moment dat ik met die achterliggende projecten iets kan doen.
Kant en letters?
Omdat ik bezig ben om met het aspect ‘letters’ van brieven grafisch te werken, wou ik dat ook uitproberen in kant. Dat lukte niet zo goed, hoewel het resultaat toch iets liefs heeft. Ik ben maar gestopt na enkele lijnen: de draden hingen niet goed vast. Met een stevige laag ‘appret’ kon ik ze wel min of meer op de plaats houden. Wellicht dat ik later nog eens een poging onderneem, maar voorlopig ga ik pen, papier en Oost-Indische inkt gebruiken om me uit te leven.
Mondriaan
Ik kan wel allerlei redenen verzinnen waarom het werk van Mondriaan me aanspreekt. Maar hoeft het? Is gewoon zeggen dat ik echt geniet van het werk van Mondriaan niet voldoende? Toen we het Rijksmuseum in Amsterdam bezochten was hij in de vaste collectie aanwezig. In zijn eenvoud van vormgeving (rechte lijnen, basiskleuren) springt het werk in volle levendigheid zo van de muur. In de zoektocht naar zijn wijze van schilderen durfde die man doorheen alle conventies breken om tot de essentie van lijn en kleur te komen, daarin evenwicht te vinden en de kijker in een overvloed van energie te dompelen. Opgefrist ga je dan verder.
Van bij het begin van de cursus kantklossen had ik iets in mij om een Mondriaan in die techniek om te zetten. Een boek geraadpleegd met kleurenfoto’s en afmetingen, een schilderij eruit gekozen … en dan aan het werk.
Eerst het werk op papier getekend: de lijnen die de vlakken omsluiten, volgens de echte grootte, nl. op een oppervlakte van 46 x 46 cm. Dan de juiste kleur gezocht in de draad waarmee ik wil werken. Gelukkig is het aanbod in de kantklosklas erg uitgebreid en houdt Mondriaan het bij de kleuren van rood, geel en blauw, grijs en zwart. Ik denk na in welke slagen ik die verschillende lijnen en vlakken ga vormgeven … en waag me aan het avontuur.
Eerst zorg ik dat de zwarte lijnen op het tekenpapier dat ik op het kantkloskussen leg, vorm krijgt. Dat is niet zo moeilijk. Dan de basiskleur grijs. Ook dat lukt nog. Wel vraagt de verbinding met de zwarte lijnen enige in‘haak’kunst: met een haaknaald van 0,50 mm verbind ik de draden met elkaar. Omdat ik niet onmiddellijk aan de randen de afzet kan beginnen, blijven de klossen hangen. Resultaat: een berg van klossen die om definitieve afwerking vragen. Om het geheel ordelijk te houden stop ik ze in houten houders of gehaakte repen: zo blijven de klossen hun juiste volgorde behouden en geraken de draden niet in de war. Om dat geheel te kunnen vervoeren naar de klas in Rillaar, steek ik alles in plastieken zakjes en speld die vast op het kussen, zodat alles op zijn plaats blijft.
Natuurlijk heeft zo’n werk grote showwaarde als ik me in de klas installeer. Iedereen heeft wel een leuke of lieve opmerking. Maar ik heb vertrouwen in mezelf: op een bepaald moment kan ik de klossen beginnen afzetten. Alleen zal dat nog wel wat uren kantklossen vragen. Wie iets ‘vlug’ wil gedaan hebben, begint best niet aan kantklossen.
Ik heb me voorgenomen tijdens de kerstvakantie weer wat met Oost-Indische te werken. Het is een vorm van heimwee. Mijn werken aan die Mondriaan zal heel beperkt gebeuren. Ik leg het kantkloskussen ergens waar ik gemakkelijk bij kan, maar installeer me aan mijn tekentafel om mezelf weer eens te verliezen in wat ik zo graag doe: lijntjes trekken.
ga je toevallig naast elkaar zitten
of zoek je elkaar op
je laat woorden vrij
voorzichtig
aftastend
tot je het durft uitspreken
zelfdoding
terwijl het feest voortgang vindt
gezellig
elkaar in vriendschap ontvangend
komt het verhaal tussen je beiden liggen
je reageert nog wel op de omgeving
een antwoord hier
een vraagje daar
de andere buurvrouw
een beetje liefdevol
jennen
wat lachen om gek gedoe
en dat is goed
ook daar maak je deel van uit
ondertussen krijgen woorden vorm
deel je elkanders wereld
een stroom van omarming
verbindt
twee vrouwen
En Toby?
Het is net of Toby verdwenen is in mijn verhaal. Dat is niet helemaal juist. Wel besteed ik minder tijd aan hem. Zo ga ik niet meer wandelen: het is me te koud, terwijl Karel me vertelt van het zalige weer. Hoe ouder ik word hoe meer ik me nestel in de warmte van het huis. Ondertussen klos of teken ik er op los. Ik geniet van Toby … meer als toeschouwer. Af en toe een knuffel, een ge- of verbod en ondertussen blij zijn met zijn aanwezigheid.
Karel heeft een blog geschreven over de naam ‘Toby’. Even hierop klikken en je kan het lezen:https://blog.seniorennet.be/kareldhuyvetters/archief.php?ID=1678404.
Met Karel is Toby ‘lieve vriendjes’, vaak ontroerend om zien hoe ze met elkaar omgaan.
En alsof Toby weet wat ik schrijf: nu ligt hij uitgebreid te slapen (en ook te waken, je kan niet bewegen of hij is daar) en maakt ondertussen genietende geluidjes.
PS. 1: tot nog toe heeft Toby niets stuk gebeten. Ook de rondslingerende boeken laat hij met rust: hij is blijkbaar alleen geïnteresseerd in eetbare dingen.
PS. 2: na het eten zoekt Toby onder tafel naar eventuele kruimels … we hebben geen stofzuiger meer nodig.
Kantklossen
Ik verleg
de ene draad
kruiselings
over de andere
terwijl ik de ene gedachte
zwevend
over
die andere herinnering
laat gaan
zo daal ik af
naar vroeger
draad na draad
afwindend
terugvindend
en door de draden heen
herken ik jouw gezicht
En nu naar Aarschot
Christel had vernomen dat in het culturele centrum in Aarschot een tentoonstelling zou ophangen van portretten en daarin was ze wel geïnteresseerd. Dus na de glastentoonstelling ging het richting Aarschot: benieuwd wat er op ons af zou komen.
Het was een dubbele tentoonstelling. De eerste werken die we zagen deden denken aan kinderen … maar dan kinderen die bijzonder goed konden schilderen. Bij navraag bleek het een tentoonstelling van ‘Eigen Haard’, een centrum waar mensen met een mentale beperking terecht kunnen.
Eerst gingen we naar de portretten op de eerste verdieping. Ann Schots stelde daar ten toon onder te titel ‘Noem het maar emoties’. Practisch allemaal kinderportretten. Voor mij waren die portretten een beetje te ‘gladjes’. Technisch knap gedaan … maar ze konden me niet echt raken. Ik dacht: als het je eigen kind zou zijn, zou je die werken waarschijnlijk wel erg boeiend vinden. Maar om als louter ‘vreemde’ te kijken, was het werk niet universeel genoeg. Als ik daarna lees dat de kunstenares reclame schilderen gevolgd heeft aan Sint-Lucas, kan ik haar manier van werken beter begrijpen. Omdat Christel zelf graag portretten schildert blijft ze wel geboeid kijken: waar ligt de schaduw, hoe krijg je volume in een gezicht …
Daarna zakken we af naar de tentoonstelling van ‘Eigen Haard’. Omdat die mensen heel spontaan zijn in hun uiten, komt er een levenskracht te voorschijn die me diep raakt. Eén werk herken ik: met een groep hebben ze meegedaan aan ‘Gasthoven Invites’ (zie blog van 15.08.2014). Nu het werk van ongeveer 2m op 2m zich ‘zo maar’ aan biedt, zonder de zwaarte van het thema van ‘Gasthoven Invites’, komt het erg sterk naar voren. De tentoonstelling is mooi gepresenteerd. Er zijn mini-werkjes en grotere werken. Volgens de begeleider die aanwezig was hebben ze er zowat vijf jaren aan gewerkt. Dan kunnen ze natuurlijk een mooie selectie maken. Ik bewonder de mensen die voor dat atelier instaan. Wellicht zijn ze in hun privé-tijd ook creatief bezig, maar waartoe zij hun ‘leerlingen’ inspireren en daarna doen realiseren kan alleen maar mijn waardering wegdragen.
Jammer dat thuis onze muren vol hangen, anders had ik zeker een werkje gekocht.
We blijven nog iets drinken om de dag af te sluiten. Christel en ik zijn beiden heel tevreden met de invulling van de namiddag. Mooie dingen ‘zien’ is ook een creatief proces en kan hartverwarmend en geestvervullend zijn. Daarbij de vriendschap voor elkaar vorm geven, ik voel me gelukkig.

