Naar de inhoud

Lut De Rudder

seniorennet.beseniorennet.be

Heel voorzichtig werden de bladeren gedroogd en later werd er een kantwerkje op geklost.

Grote lucifers verwijzen ook naar hout en om ze bij het kantwerk te doen passen werden de punten van de lucifer in dezelfde kleur geverfd als de draad. Soms zijn het maar subtiele veranderingen die men aanbrengt en een voorwerp krijgt een heel andere betekenis.

Nog een bijzonder werkje: bovenaan zijn twijgjes, in zwarte verf gedompeld en als deel van het kantwerk gebruikt. Daardoor krijgt het geheel een heel grafisch accent.

De kantklas in Rillaar II

Ik ervaar de tentoonstelling in de kantklas als een ontdekkingsreis. Wellicht ben ik zo verrast omdat het de eerste keer is dat ik dat meemaak, de collega’s die al enkele jaren les volgen weten dat Lieve, de docente, een expert is in het ‘ten toon stellen’.

De ouderejaars hadden twee opdrachten waarrond ze konden werken: hout en loskomen uit het vlak, dus een derde dimensie opzoeken.

Ik zag wel kleine stukjes kantwerk ontstaan … maar pas nu ontdek ik hoe die kleine stukjes als een puzzel passen in een groter geheel … en dat dat groter geheel veel meer biedt dan een kundig uitgevoerd handwerkje.

Bij de inleidende foto: een houten ‘geraamte’ dat stevig is en tegen een duw kan met daaraan een kantwerk gekoppeld dat het houtwerk uitnodigt (of is het omgekeerd) om te klinken als een harp.

opdracht: hout. Voor mij is dit een gedicht in woorden van kant en houten toevoegsels. Ik kijk er naar en zou blijven kijken.

opdracht: hout. Dit is kant maar in zijn grafische kwaliteit. De boomschors geeft een ritme aan waartussen de kant zich kan ontplooien.

Heeft dit met een bepaalde opdracht te maken of werd de kant zomaar in elkaar gezet tot een pracht van een ‘tekening’ die door de ‘draad’, door de gelaagdheid nog een extra dimensie kreeg.

Een foto van mij (amateur fotograaf met een toestel dat mijn kinderen naar het containerpark zullen brengen bij het kleine elektronische afval… zoiets willen ze niet in de erfenis) kan nooit tonen wat er aan de muur hangt. Het werkje links past precies bij het houtstuk in het midden, maar daarvoor moet je wel een diepte van 20 cm overbruggen; dus kijken en dan nog eens kijken en dan ontdekken: dat werkje in de diepte ernaast hoort feitelijk ‘op’ de houten blok in het midden.

Waar haal je een stukje hout dat precies past bij de werkjes er omheen? Of hebben die kantwerkjes de stukjes hout uitgenodigd om centrum te worden van hun ten toon gesteld worden?

 

De kantklas in Rillaar I

De zo vertrouwde kantklas met de grote tafels in het midden verrast me: alles is zowat weggehaald en verstopt in het keukentje, waar we tijdens de pauze rond de tafel zitten om koffie of thee te drinken, maar vooral om bij de minste gelegenheid taart (al dan niet zelfgebakken) of iets anders lekkers eten. Ik ken de ruimte, weet van de muren, heb de meeste werken (groot of klein) zien ontstaan en evolueren onder de handen van de collega’s … maar het is net of ik in een vreemde wereld ben terecht gekomen.

Een kantwerkje op een kussen stelt niet zoveel voor: je kan nagaan of het juist werd uitgevoerd, of het beantwoordt aan de opdracht … maar pas als het gepresenteerd wordt, krijgt zo’n werkje zijn waarde.

En Lieve, de docente, is niet alleen een goede lesgeefster die elke leerling nauwkeurig volgt, probeert aan te bieden wat de persoon in kwestie nodig heeft, dat kan gaan van morele steun tot extra uitleg van een bepaald probleem, ze geeft ook ruimte om een eigen stijl te ontwikkelen … maar haar kracht is waarschijnlijk haar zin voor humor: er wordt met een blij gemoed geklost en men blijft lachen, ook als er weer eens teruggeklost moet worden.

De klas is een ontdekkingsruimte geworden. Je kan niet ‘even’ kijken en verder gaan, want dan heb je nauwelijks iets gezien. Ik kijk en kijk nog eens … en dan ontdek ik weer iets nieuw.

Kant is een kwetsbaar medium. Het vraagt een stille benadering. Ik denk aan Rock Werchter. De groepen die daar optreden brengen hun vorm van creativiteit en je zal het geweten hebben als je in de buurt bent. Aan kant ga je voorbij als je er geen aandacht voor hebt.

Ik loop alle ateliers af van Rillaar en laat maar op me inwerken. Ik ben ontroerd te beseffen dat hier heel wat mensen, ook ik, kans krijgen om hun creativiteit te ontwikkelen en vorm te geven. Ik kan me niet voorstellen zonder die creatieve uitlaatklep te leven.

 

 

De eindejaarstentoonstellingen van de Hagelandse academie

Het weekend van 19 tot 21 juni stellen de verschillende afdelingen van de Hagelandse academie de werken van hun leerlingen ten toon. Ik ga kijken naar de afdeling Werchter en Rillaar.

Omdat er vier afdelingen zijn met laatstejaarsstudenten, worden er ook vier proclamaties gehouden, waarin de geslaagden (zijn er niet-geslaagden?) afgeroepen worden en applaus krijgen van het publiek. Veel heeft het niet om het lijf, maar het is wel leuk om als afgestudeerde gefeliciteerd te worden door je medeleerlingen. Nadien wordt er nog iets te drinken aangeboden.

In Werchter wordt er donderdagavond ‘geproclameerd’ in Rillaar vrijdagavond.

Voor ik aan de festiviteiten deelneem, bekijk ik eerst het aangeboden werk. De werken van de laatstejaars hangen in een aparte zaal, in Werchter is dat zaal Concordia: een mooie locatie die de werken ruimte geeft. Ach, niet iedereen heeft hetzelfde niveau bereikt, maar de zorg waarmee de tentoonstelling opgebouwd is geeft aan de werken toch een meerwaarde, net of ze een zeker allure krijgen. De meeste tekenaars en schilders ken ik van vroegere jaren en ze nu zien naar buiten komen met hun ‘beste’ werken is leuk om meemaken. Dan merk je hoe mensen evolueren. De werken van de laatstejaars in Rillaar hangen in het cc Gasthuis in Aarschot, een prachtige omgeving om ten toon te stellen: een gerestaureerd hospitaal van vroegere Zwartzusters. Hier werden mensen verpleegd, nu wordt de creativiteit van mensen in de watten gelegd.

De andere werken worden in de leslokalen ter plaatse getoond. In Werchter is het wringen geblazen om een plaatsje te krijgen aan de muren: de ruimte wordt door teveel klassen opgevraagd. Toch maken ze er het beste van … maar die beperking doet geen deugd aan de werken: ze hangen op elkaars lip en soms heeft een werk wat eigen ademruimte nodig. Ik vind het zo jammer. Enkele dagen kan wel ruimte gecreëerd worden om 80.0000 festivalgangers van het nodige te voorzien … waarom kan de gemeente ook niet voldoende ruimte organiseren voor wat schilderwerken en tekeningen? 

Rock Werchter

Vandaag begint Rock Werchter. Terwijl het dorp volstroomt met festivalgangers, een beweging die reeds gisteren op gang kwam, trekken wij hier weg: de oudste dochter en haar man bieden een bed aan en een paar dagen vakantie, laat ons stellen: een familiale formule van B&B en ’s avonds bij goed weer BBQ. Hebben we tussendoor zin in iets: de koelkast en wijnvoorraad staan ter onzer beschikking. Ook Toby mag mee, die kan dan verbroederen met Schicco, de hond des huizes.

We nemen niet teveel mee: ze hebben daar een boekenkast met aantrekkelijke titels … en zelfs bij slecht weer kan je je terugtrekken in een hoekje met een boekje. Karel neemt wel zijn laptop mee, want Spinoza achterlaten is zoals in een nachtmerrie naakt de trein moeten nemen. Ik neem wat tekenpapier mee om leporello’s te maken als ik plots moest overvallen worden door tekendwang … maar voor de rest: vier dagen gewoon voor ons uit leven, kijken wat het ‘nu’ brengt, wandelen met de honden, lekker eten dat door de oudste dochter klaargemaakt is en vooral samen zijn met de kinderen, want ze beloofden ‘op bezoek’ te komen.

Mijn blogs zullen ook een paar dagen vakantie nemen, de reden is gekend: teveel decibels op Rock Werchter. Maar hopelijk genieten de festivalgangers wel van hun feest.

Aan tafel

En dan is het tijd om aan tafel te gaan. Het is schitterend weer en we zitten buiten. We genieten van de zon, de mooie tuin, de verhalen die we vertellen.

Boordevol indrukken zal ik straks naar huis gaan: het heeft deugd gedaan. Afscheid nemen van vroeger was ook een vernieuwde kennismaking. Het huis mag verdwijnen, ik draag een heel warm verleden met mij mee.

Grootmoeder heeft vele uren naast het raam gezeten onder het kleinere afdak.

Het venster is ooit wel vernieuwd maar na 85 jaren plooien de balken nog niet onder het gewicht van de tijd. 

Langs deze deur werd mijn grootvader buiten gedragen. Mijn grootmoeder zat toen in de kleine woonkamer er naast. Zo ging het in het leven.

In de tuin een bruggetje over het water, dat naar een prachtige vijver loopt.

De vroegere spoorweg is opgebroken en een mooie fiets- en wandelroute kwam in de plaats

Het raam met uitzicht

Ik heb mijn grootmoeder vaak zien zitten aan het raam in de kleine woonkamer. Daar kon ze ‘den hof’ in de gaten houden: wie toekwam, of de kleinkinderen niet teveel kattenkwaad uithaalden.

Het meest ontroerende moment was toen grootvader begraven werd. Wanneer de uitvaartdienst van de man plaats vond, bleef de vrouw thuis. Dat was toen regel. Ik stond in de kleine woonkamer toen ze terugkwam van een laatste groet aan haar man in de kist: die zou vanuit de andere kamer naar buiten gedragen worden.

Ze stond aan het raam en keek naar buiten. Ze sprak met een tante. Wat grootmoeder juist zei weet ik niet meer, maar ‘t was in verband met het definitieve afscheid van haar man: ze hadden samen een goed leven gehad en nu was dat voorgoed voorbij, een mens kon daaraan niets veranderen. Geen tranen, geen grote emoties, wel een diepe zucht en waarschijnlijk heeft ze daarna gekeken of de koffie klaar was en de  Leuvense kachel niet moest bijgevuld worden, want het was putje winter. De dagen nadien zal ze nog wel gezucht hebben maar zich niet hebben verzet tegen het verdriet dat ze voelde: dat was nu eenmaal het leven.

Wanneer ik op bezoek ging en haar aantrof met een brei in haar handen, kijkend uit het venster naar wat er buiten gebeurde (normaal gebeurde er niets in die uithoek van het dorp, alleen af een toe een voorbijrijdende stoomtrein of een zeldzame boerenkar) kwam vaak dat beeld in mij boven van die berusting bij de dood van haar man.

Zou ze ooit vermoed hebben welke diepe indruk ze maakte op die kleindochter?

Dag huis

220616 Dag huis

 

Ik kijk even rond: dit was het koertje waar we als kind onze fiets stalden tegen het schuurtje dat vroeger al werd afgebroken, waarna we ‘voeten vegen’ hoorden voor we naar binnen gingen.

We stappen het huis binnen. Alles wat nog bruikbaar is weggehaald … maar de gordijnen hangen nog voor de ramen, net of de bewoners pas vertrokken zijn en de achterblijvers naroepen: vergeet de deur niet te sluiten.

In dit lege huis zie ik in mijn herinnering nog de meubels staan. Ik vraag aan mijn neef naar de juistheid van mijn herinnering: is dat muurtje niet bijgebouwd en waar is de voute naartoe? Ja, daar is een muurtje bijgekomen om de ruimte wat kleiner te maken, dan moest er niet zo fel gestookt worden in de winter. En de voute werd opgeofferd voor een badkamer

Langs een erg steile trap bereiken we de zolder die gans het huis overdekt. In de muren staan kleine vensters. Vroeger waren er houten schotten aangebracht zodat er toch wat privacy was voor de zeven opgroeiende kinderen. Ik denk dat mijn vader ooit vertelde dat ze met zijn tweeën in één bed sliepen en de zus kreeg een kamer apart.

Zelf heb ik mijn grootvader hier weten liggen toen hij ziek werd. Later is hij naar beneden verhuisd en heb ik hem nog komen ‘een kruisje geven’ toen hij gestorven is.

Het gebinte van het dak is nog in prima staat: inderdaad, mijn grootvader verkoos degelijk materiaal te gebruiken en na meer dan 85 jaren blijft het stand houden. De balken passen, na al die jaren, nog zo mooi in elkaar: degelijk vakwerk kan me echt ontroeren.

Dan bedenk ik weer hoe een gezin met zeven opgroeiende kinderen, hier onderdak vond. Hoe kan ik aan mijn kinderen uitleggen hoe ‘anders’ het vroeger was. Niet dus. Voor hen is het evident dat er water uit de kraan komt. De kinderen die hier opgroeiden moesten zich ’s morgens wat wassen aan de ‘pomp’ … ik weet niet of die pomp binnen of buiten stond. Gezien mijn grootvader een vooruitstrevend man was, zal die pomp wellicht al binnen gestaan hebben, of toch onder een afdak.

Meer van Lut De Rudder

↑ Terug naar de berichten