Naar de inhoud

Lut De Rudder

seniorennet.beseniorennet.be

Een overgebleven rits uit een versleten kledingstuk … en met de nodige fantasie en handvaardigheid wordt dit een leuk moment op de ontdekkingstocht: je moet maar op dit idee komen.

Een doosje dat nergens toe dient … maar zo mooi is om naar te kijken

Dit werkje doet me denken aan een Romeinse strijdwagen, maar dan in mini. Het is een leuk werkje, om ergens neer te zetten en er dan af en toe met plezier naar te kijken.

Nog een opdracht ‘hout’ werkje: breng wat overschotjes van de verbouwing mee naar de klas … en er ontstaat een sprankelend werkje.

De kantklas in Rillaar III

Eerst het bootje ontdekt, dan het zeil erachter: wat een mooi zeilbootje. Vervolgens wat lager gekeken: hé, daar zijn de golven. Maar als de golven zo laag verbeeld staan, dan wordt dat zeilbootje een ‘luchtbootje’ … en klieft dat bootje met zijn zeilen door ja wat, wellicht het imaginaire. Even voel ik me innerlijk trillen, het doet me aan Chagall denken.

Dit soort kantwerk is wel heel bijzonder: met gel-druk heeft men op dunne houten panelen kantwerkjes afgedrukt. Het ritmische herhalen van het drukken en het dicht bijeen plaatsen van de panelen geeft een vervreemdend effect: dit verwacht men niet als ‘kant’, terwijl men het kantwerk toch duidelijk herkent.

Dit is een werk van een collega uit het eerste jaar. Ik ervaar bijna fysiek hoe hier uit oude boeken wijsheid bijeengeklost wordt. Zelfs als je nog niet ‘afgestudeerd’ bent, kan je met beperkte technieken toch heel emotioneel rijke werken maken.

Dan een werk van mezelf. Op een donkere muur komt de lichte draad goed tot uiting … de kippendraad die daarin verwerkt werd gaat wat naar de achtergrond. Op de foto helemaal, in de tentoonstelling moet je wel nauwkeurig kijken. Maar ‘k ben er wel tevreden over: ik had nooit gedacht na enkele maanden al zo’n werk te realiseren. Ik voel me ‘op mijn plaats’ in de kantklas.

Heel voorzichtig werden de bladeren gedroogd en later werd er een kantwerkje op geklost.

Grote lucifers verwijzen ook naar hout en om ze bij het kantwerk te doen passen werden de punten van de lucifer in dezelfde kleur geverfd als de draad. Soms zijn het maar subtiele veranderingen die men aanbrengt en een voorwerp krijgt een heel andere betekenis.

Nog een bijzonder werkje: bovenaan zijn twijgjes, in zwarte verf gedompeld en als deel van het kantwerk gebruikt. Daardoor krijgt het geheel een heel grafisch accent.

De kantklas in Rillaar II

Ik ervaar de tentoonstelling in de kantklas als een ontdekkingsreis. Wellicht ben ik zo verrast omdat het de eerste keer is dat ik dat meemaak, de collega’s die al enkele jaren les volgen weten dat Lieve, de docente, een expert is in het ‘ten toon stellen’.

De ouderejaars hadden twee opdrachten waarrond ze konden werken: hout en loskomen uit het vlak, dus een derde dimensie opzoeken.

Ik zag wel kleine stukjes kantwerk ontstaan … maar pas nu ontdek ik hoe die kleine stukjes als een puzzel passen in een groter geheel … en dat dat groter geheel veel meer biedt dan een kundig uitgevoerd handwerkje.

Bij de inleidende foto: een houten ‘geraamte’ dat stevig is en tegen een duw kan met daaraan een kantwerk gekoppeld dat het houtwerk uitnodigt (of is het omgekeerd) om te klinken als een harp.

opdracht: hout. Voor mij is dit een gedicht in woorden van kant en houten toevoegsels. Ik kijk er naar en zou blijven kijken.

opdracht: hout. Dit is kant maar in zijn grafische kwaliteit. De boomschors geeft een ritme aan waartussen de kant zich kan ontplooien.

Heeft dit met een bepaalde opdracht te maken of werd de kant zomaar in elkaar gezet tot een pracht van een ‘tekening’ die door de ‘draad’, door de gelaagdheid nog een extra dimensie kreeg.

Een foto van mij (amateur fotograaf met een toestel dat mijn kinderen naar het containerpark zullen brengen bij het kleine elektronische afval… zoiets willen ze niet in de erfenis) kan nooit tonen wat er aan de muur hangt. Het werkje links past precies bij het houtstuk in het midden, maar daarvoor moet je wel een diepte van 20 cm overbruggen; dus kijken en dan nog eens kijken en dan ontdekken: dat werkje in de diepte ernaast hoort feitelijk ‘op’ de houten blok in het midden.

Waar haal je een stukje hout dat precies past bij de werkjes er omheen? Of hebben die kantwerkjes de stukjes hout uitgenodigd om centrum te worden van hun ten toon gesteld worden?

 

De kantklas in Rillaar I

De zo vertrouwde kantklas met de grote tafels in het midden verrast me: alles is zowat weggehaald en verstopt in het keukentje, waar we tijdens de pauze rond de tafel zitten om koffie of thee te drinken, maar vooral om bij de minste gelegenheid taart (al dan niet zelfgebakken) of iets anders lekkers eten. Ik ken de ruimte, weet van de muren, heb de meeste werken (groot of klein) zien ontstaan en evolueren onder de handen van de collega’s … maar het is net of ik in een vreemde wereld ben terecht gekomen.

Een kantwerkje op een kussen stelt niet zoveel voor: je kan nagaan of het juist werd uitgevoerd, of het beantwoordt aan de opdracht … maar pas als het gepresenteerd wordt, krijgt zo’n werkje zijn waarde.

En Lieve, de docente, is niet alleen een goede lesgeefster die elke leerling nauwkeurig volgt, probeert aan te bieden wat de persoon in kwestie nodig heeft, dat kan gaan van morele steun tot extra uitleg van een bepaald probleem, ze geeft ook ruimte om een eigen stijl te ontwikkelen … maar haar kracht is waarschijnlijk haar zin voor humor: er wordt met een blij gemoed geklost en men blijft lachen, ook als er weer eens teruggeklost moet worden.

De klas is een ontdekkingsruimte geworden. Je kan niet ‘even’ kijken en verder gaan, want dan heb je nauwelijks iets gezien. Ik kijk en kijk nog eens … en dan ontdek ik weer iets nieuw.

Kant is een kwetsbaar medium. Het vraagt een stille benadering. Ik denk aan Rock Werchter. De groepen die daar optreden brengen hun vorm van creativiteit en je zal het geweten hebben als je in de buurt bent. Aan kant ga je voorbij als je er geen aandacht voor hebt.

Ik loop alle ateliers af van Rillaar en laat maar op me inwerken. Ik ben ontroerd te beseffen dat hier heel wat mensen, ook ik, kans krijgen om hun creativiteit te ontwikkelen en vorm te geven. Ik kan me niet voorstellen zonder die creatieve uitlaatklep te leven.

 

 

De eindejaarstentoonstellingen van de Hagelandse academie

Het weekend van 19 tot 21 juni stellen de verschillende afdelingen van de Hagelandse academie de werken van hun leerlingen ten toon. Ik ga kijken naar de afdeling Werchter en Rillaar.

Omdat er vier afdelingen zijn met laatstejaarsstudenten, worden er ook vier proclamaties gehouden, waarin de geslaagden (zijn er niet-geslaagden?) afgeroepen worden en applaus krijgen van het publiek. Veel heeft het niet om het lijf, maar het is wel leuk om als afgestudeerde gefeliciteerd te worden door je medeleerlingen. Nadien wordt er nog iets te drinken aangeboden.

In Werchter wordt er donderdagavond ‘geproclameerd’ in Rillaar vrijdagavond.

Voor ik aan de festiviteiten deelneem, bekijk ik eerst het aangeboden werk. De werken van de laatstejaars hangen in een aparte zaal, in Werchter is dat zaal Concordia: een mooie locatie die de werken ruimte geeft. Ach, niet iedereen heeft hetzelfde niveau bereikt, maar de zorg waarmee de tentoonstelling opgebouwd is geeft aan de werken toch een meerwaarde, net of ze een zeker allure krijgen. De meeste tekenaars en schilders ken ik van vroegere jaren en ze nu zien naar buiten komen met hun ‘beste’ werken is leuk om meemaken. Dan merk je hoe mensen evolueren. De werken van de laatstejaars in Rillaar hangen in het cc Gasthuis in Aarschot, een prachtige omgeving om ten toon te stellen: een gerestaureerd hospitaal van vroegere Zwartzusters. Hier werden mensen verpleegd, nu wordt de creativiteit van mensen in de watten gelegd.

De andere werken worden in de leslokalen ter plaatse getoond. In Werchter is het wringen geblazen om een plaatsje te krijgen aan de muren: de ruimte wordt door teveel klassen opgevraagd. Toch maken ze er het beste van … maar die beperking doet geen deugd aan de werken: ze hangen op elkaars lip en soms heeft een werk wat eigen ademruimte nodig. Ik vind het zo jammer. Enkele dagen kan wel ruimte gecreëerd worden om 80.0000 festivalgangers van het nodige te voorzien … waarom kan de gemeente ook niet voldoende ruimte organiseren voor wat schilderwerken en tekeningen? 

Rock Werchter

Vandaag begint Rock Werchter. Terwijl het dorp volstroomt met festivalgangers, een beweging die reeds gisteren op gang kwam, trekken wij hier weg: de oudste dochter en haar man bieden een bed aan en een paar dagen vakantie, laat ons stellen: een familiale formule van B&B en ’s avonds bij goed weer BBQ. Hebben we tussendoor zin in iets: de koelkast en wijnvoorraad staan ter onzer beschikking. Ook Toby mag mee, die kan dan verbroederen met Schicco, de hond des huizes.

We nemen niet teveel mee: ze hebben daar een boekenkast met aantrekkelijke titels … en zelfs bij slecht weer kan je je terugtrekken in een hoekje met een boekje. Karel neemt wel zijn laptop mee, want Spinoza achterlaten is zoals in een nachtmerrie naakt de trein moeten nemen. Ik neem wat tekenpapier mee om leporello’s te maken als ik plots moest overvallen worden door tekendwang … maar voor de rest: vier dagen gewoon voor ons uit leven, kijken wat het ‘nu’ brengt, wandelen met de honden, lekker eten dat door de oudste dochter klaargemaakt is en vooral samen zijn met de kinderen, want ze beloofden ‘op bezoek’ te komen.

Mijn blogs zullen ook een paar dagen vakantie nemen, de reden is gekend: teveel decibels op Rock Werchter. Maar hopelijk genieten de festivalgangers wel van hun feest.

Meer van Lut De Rudder

↑ Terug naar de berichten