






Felix Torfs I


Een week na de academie stelt Felix Torfs zijn schilderijen ten toon in de ruimten van kunstkring ‘Gesigneerd’ in Baal. Ik leerde Felix kennen als collega-medewerker van de kunstkring. Toen ik mijn medewerking aan de kunstkring stopzette (ik werd zeventig en vond dat ik best voor jongere mensen plaats kon maken) kwamen we elkaar vaak tegen bij het wekelijks boodschappen doen. Steeds maakten we tijd voor een praatje zodat we op de hoogte bleven van elkaars creatieve activiteiten en het plezier die onze honden ons bezorgden.
Nu is het de beurt aan Felix om met zijn werk naar buiten te komen. Ik weet dat hij een goed schilder is, maar wanneer ik zijn werken aan de muur zie hangen, komt er nog meer bewondering in mij naar boven.
Karel is gek op een zicht op Leuven … helaas is dit niet meer te koop. Dan zoek ik iets uit dat mij erg aanspreekt: Ochtenddrukte … het bedelende meisje dat bijna overlopen wordt door mensen die in een andere wereld leven (zie foto hiernaast). Hoewel de muren bij ons thuis vol hangen met schilderijen of volgestouwd zijn met overladen boekenrekken, zal ik er wel een plaatsje voor vinden.
Karel is blij dat ik enthousiast ben maar heeft het wat moeilijk dat zijn favoriete werk reeds verkocht is.
Nog even nagenieten


Terwijl ik de foto’s bekijk komt de tentoonstelling weer in beeld. Toch mooi dat we in een maatschappij leven waar we naar de academie kunnen gaan, een techniek aanleren waarin we onszelf kunnen uitdrukken.
Dan denk ik aan de oorlogslanden. Daar geldt maar één wet: vernietiging … ook van het culturele leven.
Ik ben geboren tijdens oorlogsjaren (1942). Ik heb daar een paar vage, angstige herinneringen aan. Maar sindsdien heb ik geen oorlog meer moeten meemaken.
Ik kan me alleen dankbaar voelen. Niet ten opzichte van een of andere god … want waarom beschermt hij of zij de mensen niet die … Maar als ik naar de (sterren)hemel kijk, die onmetelijke ruimte en mezelf daarin ontdek als een minuscuul nietsje van bewustzijn: dan voel ik me dankbaar omdat ik dit concrete leven gekregen heb.
Hieronder nog enkele foto’s van de tentoonstelling






Pleidooi voor het spontane en het creatieve


Christel heeft weer heel wat foto’s genomen van de tentoonstelling van de academie en stuurt ze me door: leuk om alles nog eens terug te zien. Bij de jongeren en kinderen zie je nog vaak heel spontane creaties, ze grijpen me recht naar het hart. De volwassenen moeten ‘leren’ en in het aanleren van bepaalde regels van bv. perspectief of een figuur neerzetten, terug op zoek gaan naar hun oorspronkelijke niet gereglementeerde, spontane creativiteit. Soms wel moeilijk na een leven van binnen de lijntjes kleuren en zich houden aan reglementen (o.a. wetten en verplichtingen) allerhande.
Voor mezelf merk ik dat, hoe meer ik durf in te gaan op het spontane en creatieve van een kinderlijke kant die ik in mezelf ontdek, hoe meer het leven me te bieden heeft. ’s Morgens wakker worden en denken aan mijn tekentafel. Waarom zou ik nog in bed willen blijven: het leven (tekenen of … ) roept. En laat dat stof maar liggen: als ik het wegneem komt er zich onmiddellijk een nieuwe lading aan bieden. Dus dat vermanend stemmetje dat eist dat eerst het ‘werk’ (de plicht) moet gedaan worden voor de tekentafel (de ontspanning) zich mag aanbieden leg ik het zwijgen op. Dat stemmetje komt uit vorige eeuw. Nu ben ik een oude, 21-eeuwse vrouw. De dagen die me nog resten wil ik intens beleven, o.a. achter mijn tekentafel.
Ik ben niet zo bijbelvast, maar de uitspraak: wie niet wordt als deze kinderen … kan ik alleen beamen. Daarom, kinderen van alle leeftijden: teken, schilder, maak muziek, leef je uit in de grond, verbouw je huis, schrijf, lees … zoek in jezelf datgene wat je innerlijke bewogenheid vorm geeft en beperk het ‘geleefd’ worden tot wat nu eenmaal nodig is om bv. je brood te verdienen of je huis leefbaar te houden.
De academie van Werchter stelt ten toon


In de ruimten van kunstkring ‘Gesigneerd’ in Baal, stelde de academie van Werchter werken van leerlingen ten toon. De onderliggende bedoeling is deze academie meer kenbaarheid te geven.
Christel en ik hadden afgesproken samen naar het aquarelsalon in Berchem te gaan … maar het was de laatste dagen zo druk … ik voelde me overvraagd. We bleven thuis, maar een uitstapje naar de buurtgemeente Baal kon er wel af. En we hebben het ons niet beklaagd.
Feitelijk verraste de tentoonstelling me. Ik had een eerder chaotische bedoening verwacht want alle afdelingen van Werchter moesten mee de tentoonstelling in. Naast de volwassenen die elk een dag- en avondatelier voor tekenkunst en schilderen hebben, zijn er ook nog de jongeren en kinderen.
De tentoonstelling was heel sober gehouden. Elk atelier kwam naar buiten met maar een paar werken, zodat er voldoende ruimte was om elk werk tot zijn recht te laten komen. Natuurlijk opteerden de docenten voor werken die mochten gezien worden: je kreeg de indruk dat je van de verschillende technieken eens mocht proeven. Zo trof ik twee kantwerkjes, die fragiel tussen de meer grotere werken stil om aandacht vroegen, bijna ontroerend van eenvoud, een prestatie van het jongerenatelier.
En natuurlijk waren er docenten en kwamen leerlingen van vroeger en nu een kijkje nemen. Meteen werd het ‘vlug eens gaan kijken’ daarmee onderuit gehaald. We namen de tijd en genoten van het weerzien, de gesprekken … en de koffie. De cirkel rond de tafel breidde zich uit. Toen de koffie op was maakten we plaats voor anderen die zouden aanschuiven.
Ik beloofde eens op een avond binnen te springen in het schildersatelier. Zo zou ik de werken kunnen zien waaraan ze nu bezig zijn.
Het jaarthema
Ondertussen kregen we in de kantklas het thema aangeboden waar we dit jaar rond gaan werken: eindeloos lijnenspel. Het zijn maar woorden. Ze hebben de bedoeling om in je fantasie te gaan wroeten. Wat kan dit allemaal oproepen. Waar leg je het accent.
Lieve, de docente, heeft voor iedereen een briefje klaargemaakt met wat uitleg bij die twee woorden … en om het geheel wat fantasierijker te maken heeft ze de kant ‘eindeloos’ met een zwarte bovenstreep gemarkeerd en bij lijnenspel het rood gehanteerd. Ze maakte er een leporello van … en stikte met de naaimachine met zwart en rode draad een vervolg aan die lijnen en liet de draad ‘eindeloos’ uitlopen, of toch een eindje. Ik voel mezelf innerlijk voelen van krullen van plezier wanneer ik ‘de opdracht’ in handen krijg … creatief werk hoeft niet altijd diep ernstig te zijn en in deze klas is het speelse vaak aanwezig.
Het thema spreekt me enorm aan. Mijn eindwerk van tekenen had er mee te maken. Laat het lijnenspel maar losbarsten.
Terugdenkend aan Tremartre
Maandag kan ik nauwelijks op mijn benen blijven staan in de kantles. Na de koffiepauze trek ik dan maar naar huis. Het was leuk om iedereen terug te zien … maar de verhalen zullen wel in de loop van volgende weken komen.
Terwijl ik naar huis rij, laat ik de voorbije dagen terugkomen: ik heb er van genoten maar nu ben ik dringend aan rust toe.
Waarom neem ik deel aan zo’n markt? Gewoon omdat de sfeer van een markt mij aanspreekt. Mensen komen en gaan, soms zijn er onverwachte ontmoetingen, dan weer zie je vrienden of kennissen om een leuk gesprek mee te voeren.
Ook is zo’n evenement een stimulans om wat door te werken. Ik heb me nu toegelegd op het snijwerk, Christel op haar portretten. Alleen al voor jezelf die spullen eens op een rijtje (of in een standje) zetten heeft een soort heel makend effect: dit is een stuk van mezelf.
Natuurlijk is iets verkopen leuk, zeker als het gaat om mensen die je niet kent. Ik verkoop wel eens iets, maar niet massaal, daarvoor spreekt mijn werk te weinig het publiek aan dat zich daar aanbiedt. Zoals een dame in een rolstoel, voortgeduwd waarschijnlijk door haar dochter, mij vroeg: waarvoor dient het, wijzend op de leporello’s en de uitgesneden … ja, hoe benoem je die uitgesneden dingen met een ledkaarsje erin? Die dingen dienen tot niets, het zijn gewoon dingetjes die je wellicht mooi vindt, sfeer brengen, hebbedingetjes die je een tijdje ergens neerzet om van te genieten.
Toen ik aan Karel vertelde van die mevrouw en erbij zei dat ik meer ‘herkenbare’ dingen zou moeten maken om te verkopen, antwoordde hij: wil je dat? Neen, ik wil dat niet, ik wil gewoon de dingen creëren die ik leuk vind. Gelukkig hoef ik niet te leven van ‘de verkoop’, dat geeft me de vrijheid om te genieten van wat ik doe, feitelijk terug te ‘spelen’ zoals in mijn kindertijd.
Maar tegenover die dame die vroeg: waartoe dient dat (mijn moeder zou ook die vraag stellen en met haar wellicht de meeste mensen) was er ook iemand die een leporello kocht: alleen Oost-Indische inkt, zonder kleur. Met haar heb ik een heel boeiend gesprek gehad over kinderen en de zorg om ‘problematische’ kinderen. Wat waren we dicht bijeen als mede-vrouwen, als mede-moeders. Daarna verdwijn je uit elkaars wereld … maar het maakte voor mij die dag meer dan geslaagd. Zoiets van: de echtheid van leven mocht even verwoord worden.
De tentoonstelling in de dansschool
Tegen tien uur parkeren we de auto voor de deuren van de dansschool. Eerst Aike begroeten, dan de wagen leeg maken, vervolgens een koffietje drinken en dan aan het werk.
Feitelijk vraagt het opstellen van zo’n tentoonstelling niet zoveel inspanning: het is binnen (lekker warm t.o.v. gisteren op Tremartre), er is een goed ophangsysteem, de ruimte is gekend dus op voorhand kan je zo wat plannen wat waar gaat hangen.
Bij het uitladen ontdek ik dat een glas gebroken is van een van de grote werken. Gelukkig zijn het wisselkaders en heb ik meer werken meegebracht dan ik kan ophangen. Ik verhuis de tekening van achter het gebroken glas naar een kader die heel is. Het gebroken glas probeer ik voorzichtig in te pakken zodat niemand gekwetst wordt.
Het ophangen verloopt vlot … en over het eindresultaat ben ik best tevreden: het mag gezien worden.
Omdat alles zo ‘plots’ moest gebeuren, hebben we geen prijslijst opgemaakt: die zullen we straks opmaken en doorsturen naar Carlo, zodat hij die kan printen en op de voorziene plaats leggen.
We zijn tijdig thuis, zodat ik met een uurtje vertraging naar de kantles kan. Het materiaal voor die les heb ik zaterdag reeds klaargezet, zodat ik alleen maar moet inladen en wegwezen … en dat doe ik ook, hoewel een middagdutje wel welkom zou zijn. Maar rusten kan straks. Ik kijk nu uit naar het weerzien met de collega’s van het kantatelier.

