Leuke poezenplaatjes


Pas op, gevaarlijke hond?! Sorry, ik kan niet lezen, ik slaap...

Maak kennis met de reuze(n)kat :

Leuke poezenplaatjes



De degoe (Martina1)
De Degoe is een zeer sociaal diertje. Om die reden kan een degoe dan ook nimmer alleen gehouden worden, maar zal er zeker (minimaal) een tweede Degoe bij moeten worden geplaatst. In het wild leven de Degoes dan ook in grote groepen. Let er wel op dat niet bijvoorbeeld twee mannetjes- bij één vrouwtjesdegoe worden geplaatst, maar hier kan de dierenspeciaalzaak u ook over voorlichten.
Grappig zijn de oranje tanden van de Degoe. De tanden moeten regelmatig worden geslepen, hetgeen ook zijn sloopdrift verklaart. Daarbij heeft de Degoe ook nog eens vijf tenen per poot! De oren lijken een beetje op die van de Chinchilla. | Gewicht volwassen | 170 - 300 gram |
| Dracht | 90 dagen |
| Aantal jongen | gemiddeld zo'n 5 (maar kan ook wel tien zijn) |
| Zoogtijd | 5 tot 6 weken |
| Levensverwachting | 5 - 8 jaar |
| Vruchtbaar vanaf | tussen 5 weken en 6 maanden (bestaat onduidelijkheid over) |
| Lengte | 25 - 30 centimeter (inclusief staart) |
Vanwege de gevoeligheid voor suikerziekte mag de Degoe geen suikers hebben. Dus ook fruit is eigenlijk uit den boze. Heel af en toe mag de Degoe eens verwend worden met een pelpinda of wat zonnebloempitten. Niet teveel, want ook hierin zitten weer vetten die niet goed zijn voor de Degoe.
Capibara (Martine1)
| Capibara | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Capibara | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Hydrochoerus hydrochaeris ( Linnaeus , 1766) | ||||||||||||
De capibara of waterzwijn (Hydrochoerus hydrochaeris ) is een knaagdier dat voorkomt in het waterrijke gebied van Brazilië en Noord- Argentinië in Zuid-Amerika . Het is de grootste levende knaagdierensoort.
De naam "capibara" komt uit het Guaraní en betekent heer van het gras . Daarmee wordt verwezen naar de lange oeverbegroeiing van moerassen, rivieren en meren, de natuurlijke biotoop .
Capibara's leven in groepen van enkele tientallen dieren. Als uitstekende zwemmers en duikers houden ze zich in en langs het water op. Hun voornaamste vijanden zijn de jaguar , de anaconda en de alligator . De mens jaagt er ook op voor hun vlees en huiden.
De capibara houdt van waterplanten en gras. Ook eet hij graag basten van bomen.
De dieren worden ook wel als huisdieren gehouden, maar dit is in Nederland tegenwoordig niet meer toegestaan.
Rendier (Tante Lotte)
|
Rendier
Klasse: Mammalia (zoogdieren) |
|
| Kenmerken | Hertensoort, waarbij mannetjes en vrouwtjes geweien dragen. De vachtkleur varieert van bijna wit tot bijna zwart. |
| Biotoop | Leeft in de toendragebieden en meest noordelijk gelegen bossen. |
| Verspreidingsgebied | Rendieren leven in een gordel rond de Noordpool die zich van het noorden van Groenland tot de 48e breedtegraad in het zuiden in Noord-Amerika, Scandinavië en Noord-Azië uitstrekt |
| Maten, gewicht en leeftijd | Tot 108 cm hoog ; weegt 70 - 100 kg; wordt 12 tot 15 jaar oud |
| Voortplanting | Paartijd van augustus tot november met een draagtijd van 7 - 8 maanden; er wordt 1 jong geboren |
| Leefgewoonte | Leeft in kuddes van soms duizenden dieren. Het gewei wordt door zowel mannetjes als vrouwtjes ter verdediging gebruikt, het mannetje gebruikt het niet in gevechten met andere mannetjes om wijfjes. |
| Voedsel | Korstmossen, kruiden, zeggen, knopen van dwergberken |
Ofschoon kariboe en rendier hier ieder in een apart artikel worden beschreven, beschouwen een aantal wetenschapsmensen het als variëteiten van één soort. Rendieren leven in het arctische deel van Europa en Azië en zijn nu half-gedomesticeerd (tam). Ze zijn iets kleiner dan kariboes. Ze zijn zo tam dat zelfs een kind een kudde kan hoeden. Men denkt dat de domesticatie is begonnen in de 5e eeuw, toen de eerste tamme rendieren werden gebruikt als lokdieren bij de jacht op hun wilde soortgenoten. De jager ging met 4 of 5 tamme rendieren aan de lijn naar een wilde kudde, zonder deze in paniek te brengen, om even later zijn pijlen van korte afstand op de prooi af te schieten. Van een stam in Siberië is bekend dat zij bronstige tamme hinden gebruikten om wilde bokken te lokken, die dan werden afgeschoten. Langzamerhand brachten de tamme hinden voldoende jongen ter wereld om kudden te kunnen vormen.
Rendier voorziet in alle behoeften van de mens
|
Rendieren zijn voor de Lappen en de stammen in het noorden van Siberië wat het rundvee was voor de volken in het zuiden. Rendieren worden als lastdieren gebrukt of om sleeën te trekken. Het zijn zeer gemakkelijk en goedkoop te onderhouden dieren doordat ze de kou kunnen verdragen en geen stal nodig hebben; ze zoeken hun eigen voedsel, het rendiermos (een korstmos), zelfs als er een dikke sneeuwlaag ligt. Momenteel echter worden rendierproducten steeds minder gebruikt en vervangen door fabrieksprodukten en vleesconserven, vooral in streken waar steden liggen. |
|
De mens parasiteert
Het rendier is een nomade, een zwerver, net als de mensen die hem tam gemaakt hebben. Een rendier kan de weg vinden in de hevigste sneeuwstorm en makkelijk overleven in deze barre omstandigheden.
Het rendier heeft dus weinig voordeel van de mens die hen zouden beschermen tegen vijanden. Dit voordeel valt grotendeels weg doordat de mens vaak (ren)dieren moet doden om aan voedsel te komen.
De prestaties van het rendier als trekdier zijn groter dan die van een paard op oneffen of bevroren terrein.
Een rendier kan een gewicht van 135 kilo trekken met een gemiddelde snelheid van 12 km per uur en kan per dag makkelijk 55 km afleggen.
Waarom rendier-wijfjes een gewei hebben
De sociale rangorde verandert met het seizoen, maar in het algemeen geldt: hoe groter het gewei van het mannetje, des te hoger staat hij op de maatschappelijke ladder. Tijdens de bronstijd zijn de volwassen mannetjes met hun grote geweien de baas. Na de bronstijd werpen de mannetjes het gewei af vóór de wijfjes, en in die tijd worden de wijfjes de baas. Bovendien deelt elk kalf de status van zijn moeder. Onderzoek wijst uit dat een oud mannetje, ervaren in het vechten en het behouden van de verworven status, heeft geleerd "zijn eigen kracht te kennen", wat kan verklaren dat soms zelfs mannetjes zonder gewei hun sociale status kunnen behouden. Gedurende de winter blijft het kalf bij de moeder en foerageert (eet) uit de "krater" die zijn moeder in de sneeuw heeft gemaakt. Als zij geen gewei zou hebben zou zij mogelijk worden verdreven door andere leden van de kudde op zoek naar een gemakkelijk maal en het kalf zou van de honger omkomen. Het gewei van het wijfje is dus heel nuttig!
Historische tocht door Canadese poolstreken
Rendieren hebben eens de inzet gevormd van een historische tocht door de poolstreken van Canada. In de 90`er jaren van de vorige eeuw werd een kudde van 171 dieren overgebracht van Siberië naar Alaska om de Eskimo`s daar van de hongerdood te redden. Deze kudde werd steeds groter, maar later werden er vele fouten gemaakt, zoals een slechte begeleiding van de kuddes, en rond het midden van de 40`er jaren was het aantal, dat 10 jaar daarvoor tot bijna een miljoen gestegen was, gedaald tot 120.000.
In 1929 bracht de Canadese regering rendieren over naar het Northwestern Territory om op basis daarvan een industrie op te bouwen voor de Eskimo`s in die streken. Een kudde van 3400 dieren verliet Kotzbue Sound in Alaska onder leiding van een Lap, Andrew Bahr, die 5 jaar later 2370 dieren afleverde in de delta van de Mackenzierivier. De tocht werd gemaakt over een onbekend terrein en onderweg moesten ondermeer een bergketen en een aantal rivieren overgestoken worden en om talloze meren heen worden getrokken. Wolven zwierven rond de flanken van de kudde en maakten voortdurend slachtoffers. In de zomer werd de kudde soms opgehouden door zwermen van miljarden muskieten, terwijl `s winters de blizzards (sneeuwstormen) het voortgaan dikwijls onmogelijk maakten, want de tocht voerde tot ver binnen de poolcirkel. Bij aankomst waren er nog maar een 600 dieren van de oorspronkelijke kudde over; de rest was onderweg, tijdens de 5 jaar gedurende trek, geboren.
| Verhalen, waar rendieren in voor komen:
|
|
Kerstmis wordt nergens zo uitgebreid gevierd als in Scandinavië en vooral in Finland. Daar is kerstmis een feest van gedeelde vreugde, warmte en intimiteit. Op die dag worden ook de gestorven familieleden herdacht. Reeds weken voor de grote dag wordt het feest voorbereid. Het duurt trouwens tot na Driekoningen.
De dag van de heilige Lucia, het feest van het licht
Op 13 december wordt de heilige Lucia gevierd. Zij is "de verloofde van het licht" of " de dochter van de langste nacht". Die dag is de donkerste van het jaar. Daarna lengen de dagen opnieuw en komt het mooie weer terug. Het feest van het licht is een familiefeest. Op die dag staat iedereen vroeg op behalve papa. Mama geeft witte jurken aan de kinderen. Het blondste meisje van het gezin mag een kroon met kaarsje dragen. Zij is "Lucia''. De andere zussen krijgen een kroon van zilverpapier, de broers een punthoed versierd met sterren. De kinderen gan zo hun vader verrassen. "Lucia" draagt een schotel met een kop koffie, broodjes met saffraan en koekjes.
Het land van de kerstman
De kerstman woont in Lapland, op de berg Korvantunturi, samen met zijn vrouw. Het is een plaats die zeer moeilijk te bereiken is. Daarom heeft hij ateliers en een kantoor dicht bij Rovaniemi, de hoofdstad van Lapland. Hoewel Rovaniemi niet al te groot is heeft ze toch een zeer moderne luchthaven waarop veel grote steden jaloers zijn. Elke dag landen er vliegtuigen uit de hele wereld.
De helpers van de kerstman zijn gekleed in rood geklede aardmannetjes. Zij helpen hem bij het verwerken van de post die vanover de hele wereld komt. Ook via het internet krijgt hij duizenden berichten. Iedereen zou antwoord krijgen hoewel ik al tweemaal iets geschreven heb maar nog niets heb gekregen!
Door-Marion van der Dennen
Kerstmis in Fins Lapland en hoe het daar werkelijk toegaat
De Finse Lappen hebben geluk. Zij wonen namelijk vlak bij de kerstman. Hun kinderen zijn opgegroeid met bezoeken aan de goede oude man met de witte baard. Pas in de jaren vijftig deelden ze het geheim van zijn verblijfplaats met de rest van de wereld.
Tijdenlang vertelden Noordamerikanen, Engelsen en Scandinaviërs hun kinderen over de kerstman. Deze zou op de Noordpool wonen. Voor de kleintjes bleef hij een onbereikbaar persoon. Maar in 1925 brachten de kranten groot nieuws. De grasetende rendieren konden helemaal niet leven op de Noordpool. Vandaar dat de goede oude man in Fins Lapland woonde, in. de 'orenberg' om, precies te zijn. De oren die uit de berg steken, zijn die van de kerstman, zodat bij naar alle kinderen in de wereld kan luisteren. Hij hoort het dus als er iemand niet zoet is. Binnen in de berg wonen ook zijn helpers, de drukke elven.
Na de onthulling van zijn geheime verblijfplaats kreeg Santa ineens veel bezoekers. Daarom besloot hij in 1985 zijn eigen kantoor te openen op de poolcirkel, vlak bij de hoofdstad van Lapland, Rovaniemi. Daar kunnen kinderen en volwassenen uit de hele wereld hem iedere dag van het jaar opzoeken. De kerstman geeft dan een speciaal cadeau: Iedereen die in een volgend leven één van Santa's rendieren wil zijn, krijgt twee krijtstrepen op de slapen. Daar zal later een gewei uitgroeien.
Tot zover de sprookjesversie. In werkelijkheid gaat het om een grootschalige toeristenindustrie. 'Het SantaPark, the Christmas Experience', zoals het park heet, wordt gerund door vele Finnen.
Om de beurt spelen ze de kerstman. Betalende toeristen mogen een tochtje maken met Santa's rendieren, of op de foto met de oude baas. Winkeltjes vol kostbare souvenirs brengen extra geld in het laatje
Voor de goedgelovigen onder ons volgt hier het postadres van de kerstman: Santa Claus Office, FIN-96930, Arctie Circle, Finland. Een antwoord is gegarandeerd. De Finse kerstman heeft namelijk zijn eigen postkantoor.
Bron: News.nl 7 december 2000
En wat de Finnen zelf van Kerstmis vinden?
In Finland, het land waar Santa Claus woont, wordt met Kerstmis vooral veel gegeten, net zoals hier. Verder gaan de Finnen natuurlijk de sauna in en zijn er cadeautjes, kerstbomen en lichtjes. Sari Hämekoski is twintig jaar en studeert medicijnen in het Duitse Lübeck. Voor de feestdagen gaat ze naar huis, in het Finse Tampere, om bij haar vader Jukka, moeder Kaisu en broer Juba te zijn.
Is de 24ste december bij ons vaak een rustig aanloopje -naar Kerstmis, in Finland is het dé feestdag. 'Dan kij- ken we met onze ouders en grootouders naar de vredesverklaring op televisie, gaan we naar de sauna, de kerk en het kerkhof waar kaarsen worden neergezet," vertelt Sari. "En daarna is het tijd voor het Kerstdiner." Op tafel staat bij de Finnen ham en vaak ook kalkoen. Erbij eten ze aardappels, worteltjes en 'rutapaga'. Die groentes zijn fijngemalen en vermengd met kruiden en specerijen. Ze worden geserveerd in aluminium vormpjes. Bij een traditioneel Fins Kerstdiner hoort ook 'rosolli': een soort salade met gekookt en in stukjes gesneden vlees, aardappels, wortelen en... slagroom. Rosolli wordt rood gekleurd met bietensap.
Cadeautjes
Na het eten komen de cadeautjes tevoorschijn. Alle familieleden hebben iets voor elkaar gekocht. "Jouiu- pukki, de Kerstman, komt eigenlijk alleen bij families met kleine kinderen," vertelt Sari. "Maar je kunt hem natuurlijk gewoon 'bestellen' als je dat wil. Met vrienden van scouting heb ik zelf wel eens voor Santa Claus gespeeld. " Kerstavond wordt bij familie Hämekoski besloten voor de televisie. De volgende ochtend zijn er 'kliekjes' als ontbijt.
Sneeuw
Dat de Kerstman in Finland woont, lijkt Sari niet zoveel te doen. "Hij woont in het Noorden, bij de pooicirkel"vlakbij Rovaniemi,' vertelt ze. "Daar is 'Santa's Village', maar dat is puur voor de toeristen. Er is een pretpark gebouwd in een berg, terwijl we in Finland niet eens echte bergen hebben." Sari heeft de Kerstman ook nog nooit voorbij zien racen met zijn slee. "Er valt hier zo weinig sneeuw dat die arme man met de auto moet."
Bij deze een echte Finse Kerstwens: Hyvää Joulua!
Bron: Stadskrant Veghel, 2000, nr. 51
Over het al dan niet bestaan van de kerstman
In Eindhoven doet men ook aan wetenschap! Jawel! Aldaar heeft zich, uitgestrekt over enkele weken, de volgende tekst via e-mail ontwikkeld, door een aantal werktuigbouwkundigen. De persoon die het allemaal te boek heeft gesteld, staat bekend als Dr. Faust (al is het nog maar de vraag of het hier om een academische titel gaat).
1) Geen enkele bekende soort rendieren kan vliegen, MAAR er zijn (volgens schattingen) nog 300.000 soorten levende organismen die vooralsnog niet ontdekt zijn, en hoewel dit over het algemeen insekten en virussen zullen zijn, sluit dit niet HELEMAAL uit dat vliegende rendieren bestaan, al heeft alleen de kerstman die ooit gezien.
2) Er zijn 2.000.000.000 kinderen (mensen onder de 18) over de gehele wereld, maar omdat de kerstman (waarschijnlijk) de moslims, hindoes, joden en boedhisten overslaat, wordt het aantal kinderen 18,9% van het totaal: 378 miljoen, volgens betrouwbare bronnen. Een gemiddelde van 3,5 kinderen per huishouden levert een totaal van 108 miljoen huizen op. We zullen aannemen dat er per huishouden tenminste 1 goed kind is (dit is een optimistische schatting).
3) De kerstman heeft 31 uur de tijd dankzij de verschillende tijdzones en de rotatie van de aarde, aangenomen dat hij van oost naar west werkt (wat logisch lijkt). Dit zijn dus 3,48 miljoen huizen per uur, ofwel 968 huizen per seconde. Dit betekent dat hij per christelijk huishouden met goede kinderen 1,033 milliseconden de tijd heeft om te parkeren, uit de slee te springen, de kadootjes onder de kerstboom te leggen, weer in de schoorsteen te klimmen, de slee op te starten en weer naar het volgende huis te gaan. Als we ook nog eens aannemen dat al deze huishoudens gelijkelijk over de wereld zijn verdeeld, (we weten dat dat niet zo is, maar om de berekeningen gemakkelijker te maken doen we het toch) hebben we het nu over 1,3 kilometer tussen twee huishoudens, en een totale rit van 140,4 miljoen kilometer. Dat betekent dat de slee van de kerstman met een snelheid van 1258,1 kilometer per seconde reist: 4194 keer de snelheid van het geluid. Ter vergelijking: het snelste voertuig ooit, de ruimtesonde Ulysses, gaat maar 46 kilometer per seconde. Een normaal rendier haalt hooguit 60 kilometer per uur.
4) Het gewicht op de slee leidt tot nog iets interessants: aangenomen dat ieder kind een normale lego-doos zou krijgen (ongeveer 1 kilo), draagt de slee dus minstens 108 miljoen kilo, waarbij het gewicht van de kerstman nog is genegeerd. Op het land kunnen rendieren niet meer dan 160 kilo trekken. Zelfs als een `vliegend rendier' tien maal dit gewicht zou kunnen trekken, kunnen we niets met acht of negen rendieren ; we hebben er 675.000 nodig (dit zou wel eens de gehele populatie kunnen zijn, hetgeen verklaart waarom deze beesten nooit in het wild gezien worden). Het totale gewicht wordt nu 148,5 miljoen kilo. Ter vergelijking, dit is drie keer zo zwaar als prins Willem-Alexander.
5) 148,5 miljoen kilo met een snelheid van 1258,1 kilometer per seconde zorgt voor een waanzinnige wrijvingskracht. De rendieren zullen op dezelfde manier verhit worden als een ruimtesonde die door de atmosfeer van de aarde heen komt. De voorste twee rendieren zullen naar schatting 14,3 miljard kilojoule per seconde absorberen. Waarschijnlijk zullen ze hierdoor ontploffen en de twee rendieren achter zich aan de wrijvingskracht blootstellen. Ook zullen er geluidsknallen als nooit tevoren ten gehore gebracht worden. In 0,00426 seconden zal het hele team van rendieren zijn ontploft. In de tussentijd zal de kerstman aan middelpuntvliedende krachten van 17.000 keer de zwaartekracht worden blootgesteld. Een kerstman van 300 kilo wordt zo de lucht in gesmeten met een kracht van 443.150 Newton.
Ter conclusie, als de kerstman ooit pakjes heeft gebracht op kerstavond, is hij nu waarschijnlijk dood. Maar natuurlijk zijn er even sprekende argumenten te verzinnen,
om het wel bestaan van de kerstman aan te tonen en `s mans activiteiten fysisch aannemelijk te maken. 
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Kariboe (Tante Lotte)
|
Kariboe
Klasse: Mammalia (zoogdieren) |
|
| Kenmerken | Hertensoort, waarbij beide geslachten geweien dragen. De vachtkleur varieert van bijna wit tot bijna zwart, in de winter lichter gekleurd. |
| Biotoop | Toendra en meest noordelijk gelegen bossen |
| Verspreidingsgebied | Kariboes leven in Noord-Amerika en Siberië |
| Maten, gewicht en leeftijd | Tot 108 cm hoog; gewicht van 100- 300 kg; wordt 12 tot 15 jaar oud |
| Voortplanting | Paartijd is in oktober tot november; draagtijd is 7 - 8 maanden; per worp is er één jong |
| Leefgewoontes | Leeft in kleine groepen van 5 tot 40 individuen of in kuddes van soms 3000 dieren. Het gewei wordt door beide geslachten ter verdediging gebruikt, het mannetje gebruikt het niet in gevechten met andere mannetjes om wijfjes. |
| Voedsel | Korstmossen, kruiden, grassen, zeggen, takken van bomen, knoppen van dwergberken |
De kariboe behoort tot dezelfde soort als het rendier, maar wordt afzonderlijk behandeld, omdat kariboe en rendier zo`n verschillende geschiedenis en levenswijze hebben. Rendieren zijn de halfgedomesticeerde (tamme) dieren uit Scandinavië en Groenland, terwijl de kariboes volledig wild door Noord-Amerika en Siberië zwerven. De kariboe heeft langere poten dan het rendier, is groter en zwaarder. In de winter lijken ze zwaarder van bouw door het opgeslagen vet en de dikkere wintervacht. De oren en de staart zijn kort en de neus is behaard, een uniek verschijnsel. Dit zijn aanpassingen aan het barre klimaat, die ervoor zorgen dat het lichaam zo weinig mogelijk warmte verliest. Rendieren en kariboes zijn de enige hertensoorten waarbij beide geslachten geweien dragen, die echter bij de mannetjes wel wat forser zijn. De mannetjes hebben bovendien een `kraag` van lang haar om de nek.
Natuurlijke sneeuwschoenen
Men heeft berekend dat rond de eeuwwisseling meer dan1¾ miljoen kariboes over het ruige terrein van Noord-Canada rondtrokken. Het gebied waar ze leefden, bestaat uit vlak land met veel meren en moerassen. De populatie daar is sterk verminderd door de jacht, maar vooral door het kappen en branden van bossen. In 1955 waren er nog maar 278.000 exemplaren over, maar dankzij een intensief beschermingsprogramma zijn er nu weer zo`n 400.000. Kariboes leven in kleine groepen en soms in grotere kuddes van enkele duizenden. Er is geen organisatie, noch is er een bepaalde groepsleider, de groepen bewegen zich alleen gezamenlijk en sluiten dicht achter elkaar aan als er onraad dreigt. In april en mei trekken de kudden naar het noorden, naar de open toendra, waar ze tot juli blijven. Dan is er weer een trek terug naar de meer beboste delen in het zuiden van hun gebied. Ze trekken langs vaste paden, die in de loop van de jaren kaal en hard zijn geworden. In september trekken ze voor de bronsttijd weer naar de toendra, maar niet zo ver als `s zomers. Na de bronst gaan ze terug naar de bossen en brengen daar de winter door. Deze trek is noodzakelijk om de toendraflora de gelegenheid te geven zich te herstellen van het intensieve grazen. De grote voeten van de kariboe zijn uitermate geschikt voor het trekken door sneeuw, over glad ijs en door moerassen. De twee helften van de gespleten hoef zijn sterk verbreed en afgeplat, waardoor het gewicht verspreid en de druk op de grond verminderd wordt, precies als bij sneeuwschoenen. De druk die een kariboe op de grond uitoefent, is ongeveer 14 kg per vierkante dm, een zeer lage waarde vergeleken met bijvoorbeeld de eland met 59 kg per vierkante dm. De holle onderkant van de hoeven en de plukken haar daarop geven de kariboe goed houvast op gladde oppervlakken. Tijdens de trek komen de dieren per dag ca. 30 km vooruit, maar een opgejaagde kariboe kan voor een korte tijd wel 65 km per uur halen.
![]() |
![]() |
Korstmoseters
In de winter eten de kariboes korstmossen, zoals rendiermos, en droge grassen, die ze tevoorschijn halen door met hun hoeven sneeuw weg te krabben. De naam kariboe, die afkomstig is van de Algonkinindianen, betekent dan ook `krabber`. Ook eten ze wel de takken van bomen, zoals wilg en esp. `s Zomers eten ze berken, wilgen, paardenstaarten, grassen en zeggen. Ook knabbelen ze aan de afgeworpen geweien, wat ertoe bijdraagt dat het calciumgehalte van het lichaam op peil gehouden wordt tijdens het groeien van het nieuwe gewei.
|
|
|
Goed geplande geboorten
De bronsttijd valt in oktober en begin november. De stieren behandelen de koeien zonder onderscheid en vormen geen harems. Gevechten duren kort en vinden alleen plaats als de stieren te dicht bij elkaar komen. Tijdens de bronst krabben de stieren over de grond met een heen en weer gaande beweging van hun gewei. Dit hoort bij de hofmakerij, en men heeft het idee geopperd dat de naar voren stekende takken van het gewei van de stieren zo groot zijn geworden om de ogen tijdens dit krabben te beschermen tegen de scherpe twijgen en sprieten van de begroeiing. Vroeger dacht men dat deze takken gebruikt werden om sneeuw weg te schuiven bij het zoeken naar voedsel, maar men heeft nog nooit een kariboe zoiets zien doen. De jongen worden begin juli geboren en 90% ervan zelfs binnen dezelfde vier en twintig uur, terwijl de kudden op hun lente trek zijn. Als ze te vroeg worden geboren bezwijken ze bij slecht weer, terwijl ze als ze te laat geboren worden niet voldoende tijd hebben om weerstand voor de winter op te doen. Het is ook voor de trek erg belangrijk dat alle jongen ongeveer tegelijk geboren worden, zodat alle koeien op dezelfde tijd verder kunnen trekken er minder kans is dat er dieren achterblijven die een gemakkelijke prooi voor wolven zouden vormen. Ieder ziek - oud of jong - of achtergebleven dier wordt ogenblikkelijk door de wolven overmeesterd. De kalfjes wegen ongeveer 4 kg als ze geboren worden en kunnen al lopen als ze een half uur oud zijn. Als ze 4 uur oud zijn kunnen ze al harder lopen dan een mens. Dat is noodzakelijk, omdat moeder en kind bij de kudde moeten blijven. Om het kalf op te wekken haar te volgen, kijkt de moeder ernaar en beweegt tegelijkertijd haar kop op en neer, waarbij ze grommende geluiden maakt.
Dit schijnt het kalf altijd te stimuleren achter haar aan te lopen. Gewoonlijk verzamelen de koeien met kalfjes van ongeveer dezelfde leeftijd zich in kleine groepjes, zodat deze dezelfde snelheid kunnen aanhouden. Als de kalfjes nog erg klein zijn volgen ze elk bewegend voorwerp, zodat ze blindelings achter een willekeurig dier aan blijven lopen als de groep verstoord wordt. Als het gevaar voorbij is zoekt iedere moeder haar eigen kalf weer op, dat ze herkent aan de geur. Aan het eind van hun eerste levensmaand beginnen de kalfjes al zelf te grazen, maar ze worden toch nog tot de winter gezoogd.
Levert van alles
Zowel de eskomo`s als de Athabascanindianen waren vroeger voor hun eerste levensbehoeften als voedsel, kleding, beschutting, praktisch volledig van kariboes afhankelijk. Er was zelfs een Indianenstam die de naam `kariboe-eters` had. Eskimo`s zijn voornamelijk van de zee afhankelijk, maar trekken `s zomers landinwaarts om op kariboes te jagen. Ze gebruiken de huid voor kleding, schoeisel en bedekking van boten. Het vet wordt gesmolten en als lampenolie gebruikt. Van de geweien worden diverse gebruiksvoorwerpen zoals tentharingen, stoelen en speelgoed gemaakt.
|
|
|
Wolven achter de kudde aan
Een enkele keer vangt een grizzlybeer wel eens een jonge kariboe, maar de voornaamste vijand is toch de wolf. Troepen wolven leven het grootste deel van het jaar in de omgeving van kariboes en vangen alle zieke, oude of achtergebleven dieren. Men heeft berekend dat niet meer dan 5% van de kariboepopulatie aan de wolven ten prooi valt. Er is eens een kudde kariboes waargenomen, die gevolgd werd door 20 wolven, die weer gevolgd werden door 2 raven en 3 arenden, die van de kadaverresten leefden.
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
De mythe van het rendier (Tante Lotte)
De mythe van het rendier
Er bestaan veel fabels en mythen bij de Inuit. Hier volgt er een:
Lang geleden veranderde een vrouw haar oude zeehondenjas in een walrus. Ze zette een gewei op zijn hoofd en liet hem daarna te water. Hij zag er uitstekend uit.

Daarna veranderde zij haar laarzen in een rendier. Het donkere deel werd de rug van het dier, terwijl het witte stuk zijn buik werd. De poten werden uit haar gordel gemaakt en het deel van de broek dat daaraan vastzat, werd gebruikt om de lendestukken te vervaardigen. Tenslotte bracht ze een paar slagtanden aan in zijn hoofd. Hij zag er zeer goed uit en ze gaf hem de vrijheid.
Toen het rendier een mens tegenkwam, viel het deze aan en doodde hem met zijn slagtanden.
De vrouw riep zowel de walrus als het rendier bij zich. Ze verwijderde de tanden uit de kop van het rendier en plantte die in de kop van de walrus. Tegelijkertijd ontdeed ze de walrus van het gewei en zette dat op de kop van de kariboe. Ze haalde ook een paar tanden uit de mond van de laatste en platte zijn voorhoofd af door er een klap op te geven, zodat sindsdien zijn ogen uitpuilen. Op deze manier strafte ze hem wegens manslag.

Toen zei ze tegen het rendier: "Je zult nooit meer in de buurt van de walrus komen en je altijd ver in het binnenland ophouden."
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Rendier mobile (Tante Lotte)
RENDIER MOBILE

Wat heb je nodig:
Karton.
Verf.
Kwast.
Draad.
Schaar.
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
De Franse hangoor, een gigantisch leuk konijn!!! (Martina1)
Het Franse hangoor konijn. Alles wat je wil weten over het houden van deze leuke konijnen, over huisvesting, zindelijk maken, het afleren van slechte gewoontes het koppelen van twee konijnen(want een konijn is niet graag alleen) en waarom een franse hangoor in het bijzonder zo ontzettend leuk is als huisdier .
Hondenweetjes
(Godfried Bomans 1956)
-------------------------------------------------------------------------------
"Vindt een huisheer wel iemand onder zijn huisgezin, die hem eene ongeveinsder en levendiger vreugd, dan zijn hond betoont?"
(A.F.J. Ereville, 1803)
-------------------------------------------------------------------------------"Als de hond geld heeft, zegt men meneer hond"
-------------------------------------------------------------------------------"Komt men over de hond, dan komt men over de staart."
= Als je de grootste moeilijkheden overwonnen hebt, dan gaat de rest een stuk makkelijker.
-------------------------------------------------------------------------------"De hond is, onder de viervoeters,
's menschen beste kameraad en trouwste vriend".
(L. Seegers 1908)
-------------------------------------------------------------------------------
"Bij kleine hapjes leert men een hond eten"
= Geleidelijk aan kun je zelfs aan onmogelijke dingen gewend raken.
-------------------------------------------------------------------------------"Zo trouw als een hond!" (Zeer trouw zijn)
-------------------------------------------------------------------------------"In zijn eigen huis is de hond een leeuw"
Perzisch spreekwoord
-------------------------------------------------------------------------------"Als je de staart van een hond een poot zou noemen, hoeveel poten heeft hij dan? Vijf?
Nee, vier. Een staart een poot noemen, maakt hem nog geen poot!
(Abraham Lincoln)
-------------------------------------------------------------------------------"Als een dolle hond te keer gaan."
(Onbezonnen te werk gaan)
-------------------------------------------------------------------------------"Er zijn eigenaars die een hond gevaarlijk maken. Jammer dat het steeds weer de hond is die hiervan de gevolgen moet dragen."
-------------------------------------------------------------------------------
(hondentips.com)
Hoe kan ik mijn hond het beste aaien?
Hoe kan ik mijn hond het beste aaien?Door Nanny van den Dijck, Hondentips Magazine Lichaamstaal Bij een kennismaking tussen mensen is een handdruk een uitdrukking van beleefdheid. Zelfs de manier waarop je dit doet geeft al meteen een bepaalde indruk. Mannen geven elkaar een stevige handdruk en zijn wat voorzichtiger bij de dames. Is de persoon een bekende, dan begroet je elkaar misschien met een kus. Ook een schouderklopje en bijvoorbeeld een omhelzing zijn voorbeelden van aanrakingen die een soort graad van vertrouwen tonen. Hoe meer iemand je vertrouwen heeft, hoe meer je dit gaat uiten in je lichaamstaal. Verliefde koppels lopen arm in arm, niemand die er aan twijfelt dat deze mensen elkaar al langer kennen en vertrouwen. Het is deel van de manier waarop wij communiceren. Bewust of niet, mensen maken veel gebruik van lichaamstaal. Ook honden maken bij het communiceren gebruik van lichaamstaal. En aanrakingen horen hierbij. Alleen is de betekenis van sommige aanrakingen nogal tegenstrijdig en kan dit tot misverstanden leiden. Net zoals bij ons is het aanraken bij honden aan regels onderworpen. Wat in onze ogen een speelse groet van twee honden is, is eigenlijk al een heel gesprek. Natuurlijk is de rest van de lichaamstaal, geur en de mimiek ook belangrijk maar ik wil het nu even over het aanraken hebben. Het aanraken bij honden is geen vorm van beleefdheid. Het is een vorm van communiceren. Zo zal de hond in hogere rang dit laten zien door de andere hond aan te raken op plaatsen die alleen een hogere rang mag aanraken. Zou het andersom zijn en de lagere zou dit doen dan krijg je een conflict. Dat komt voor, meestal zal al vlug bepaald worden wie de hogere is en is alles weer pais en vree. Aanraken van de hond is dus aan regels onderworpen:
Een mens hoort altijd boven de hond te staan. Maar weet jij of de hond die je tegenkomt en begroet dit weet? Een hond met dominant gedrag kan je gebaar heel anders begrijpen. Maar ook een angstige hond kan jouw signalen anders zien.
Wat doen de meeste mensen namelijk bij het begroeten van een hond? Over het hoofd aaien. Net zoals een handdruk een goed bedoeld signaal. Maar wat als een vreemde jou ineens een omhelzing geeft? Dan ga je waarschijnlijk een stap achteruit. Afhankelijk van je karakter ga je daarnaar reageren. Ook al was dit met een goede bedoeling gedaan, je ziet dit niet zo. Je hond krijgt ook een heel ander signaal bij de aanraking van zijn schedel. Jij denkt te zeggen, wat ben je lief, maar de hond verstaat het als, ik ben de baas en dat ga ik jou nu eens duidelijk laten merken. In de meeste gevallen zal het ook geen ramp zijn. Maar als je net zo'n hond hebt die dat aanraken echt niet ziet zitten, kun je een reactie verwachten. Ook die onzekere hond zal steun zoeken bij zijn baasje en zich zo klein mogelijk maken. Oh wat is dit schattig en we aaien over het hoofd. De hond heeft eigenlijk al laten zien dat hij dit niet wil en dat jij voor zijn part de baas bent. Wat doe jij in zijn ogen? Laten zien dat dit niet genoeg is. De onzekerheid van de hond kan omslaan in paniek en angst en de aankomende hand wordt misschien zelfs gebeten. Als je het zo bekijkt is het heel begrijpelijk hè? Dus om te voorkomen dat het een keer misgaat kun je een hond het best in de flank of de nek aaien. Vraag in eerste instantie natuurlijk eerst even aan de persoon die erbij is of het goed is dat je dit doet. Aaien doe je natuurlijk met de haarrichting mee. Je vriendelijke begroeting zal door de hond op deze manier ook goed begrepen worden. Natuurlijk is het niet verkeerd om je eigen hond op de dominerende plaatsen te aaien. Van jou moet hij dit kunnen aanvaarden. Jij bent tenslotte zijn lieve baasje. ![]() |
Een oudere hond wat aanleren...

Katten horoscoop (Tante Lotte)
|
|
|
|
WATERMAN
(21 januari- 19 februari) Is de invloed van Saturnus groot, dan lijkt hij wat betreft betrouwbaarheid op de Steenbok-kat, maar de waterman-kat wordt extrovert en opstandig als de invloed van Uranus groter wordt. Vandaar dat deze kat nogal onvoorspelbaar is. Hij is intelligenter dan de gemiddelde kat, blijft onverstoorbaar op een kritieke momenten en werpt zich dan op als een geboren leider die de boel uitstekend overziet-dit is toe te schrijven aan het derde allesziende oog, dat onzichtbaar middenop het voorhoofd van de Waterman schijnt te zitten. In de Egyptische mythologie wordt dit het Oog van Horus genoemd. VISSEN(20 februari - 20 maart) Pisces is het twaalfde en laatste teken van de dierenriem. De dromerige Vissen-kat is een idealist: ondanks het feit dat dat zijn omgeving hem met de realiteit confronteert, blijft hij in zijn eigen fantasiewereldje leven. Het zijn dieren met een bijzonder warm hart, ze zijn begripvol en veel te aardig voor deze slechte wereld! De Vissen-kat zal hachelijke situaties vermijden en veiliger oorden verkiezen. RAM(21 maart - 20 april) Aries is het eerste teken van de dierenriem en de Ram-kat symboliseert het unieke gevoel van het ontwaken, de hergeboorte en de vreugde die verbonden is met het voorjaar. Hij is moedig, opgewekt, assertief - en een toegeweide minnaar! De Ram-kater is de eeuwige "rode kater van hiernaast", terwijl de onder dit gesternte geboren poes een wispelturige verleidster is. Ze hebben beide een opvliegend karakter - begrijpelijk, omdat Aries het teken is van Vuur - en de vonken vliegen ervan af als de poes uit de dromen van de kater hem met hoofdpijn afwijst. STIER(21 april - 21 mei) De Stier-kat is betrekkelijk conservatief. Absoluut niet wispelturig, verkiest hij de huiselijke geneugten boven avontuurlijke nachten op daken. Te veel "huiselijk comfort" is de oorzaak van het zware lijf dat de Stier typeert. Vandaar dat zijn eetlust goed in de gaten moet worden gehouden om zwaarlijvigheid te vermijden. Hij vertoont meer territoriaal gedrag dan de meeste andere katten en hij verdedigt zijn gebied met hand en tand tegen binnendringers. Meestal is zijn stevige postuur en ruige vacht om de brutaalste aanval te ontmoedigen. De massief gebouwde kat met stierennek en krachtige schouders is traag in zijn manier van doen en alle bewegingen lijken zorgvuldig overwogen. Op zoek naar zinnelijk genot toe te schrijven aan de invloed van de planeet Venus- en zichzelf verbonden hebbend aan haard, huis (en voedselbak) van de mens, is deze kat een trouwe en betrouwbare vriend voor het leven. Medeleven, betrouwbaarheid en daadkracht is zijn positieve karaktereigenschap. Negatieve eigenschappen zijn jaloezie, bezitterigheid en zelfingenomenheid. Soms houdt hij te sterk vast aan zijn conservatieve ideeën om een tekort aan flair en fantasie te camoufleren! Kwetsbare delen van het lichaam zijn de nek, keel, oren en het achterhoofd. Hij is gevoelig voor keelontstekingen en zwaarlijvigheid. TWEELINGEN(22 mei-21 juni) De uitbundige en energieke Tweelingen-kat is een bijzonder speels katje met een mentale flexabiliteit waardoor hij de ideale kameraad is voor een gelijkgestemd persoon. De drukke, kleine, veelzijdige en zich snel aanpassende Tweelingen-kat is een groot "causeur" en weet met zijn vrolijk gebabbel de vogels uit de bomen te lokken. De sierlijk gebouwde Tweelingen-kat met snelle en scherpe ogen is altijd actief, energie puttend uit een schijnbaar bodemloze bron. Het is dan ook niet vreemd dat Mercurius, drager van kwikzilver, de sturende planeet van de Tweelingen is. KREEFT(22 juni-23 juli) De Kreeft-kat is de huiselijkste kat die er is en de perfecte moederpoes. Ondanks de voorbestemming van uitstekende fokpoes en dekkater moet de verantwoordelijke eigenaar sterilisatie en castratie serieus overwegen, omdat de Kreeft-kat zich geboren voelt om zich op een hoog tempo voort te planten. Eenmaal gecastreert, zal de warme belangstelling van de kater voor de poes zeker niet afnemen. En de poes zal zich met haar sterk ontwikkelde moederinstinct ontfermen over de andere huisdier die buiten het nest van de Kreeft-kat geboren zijn. Het zijn zorgzame dieren die veel behoefte hebben aan lichamelijk contact. LEEUW(24 juli-23 augustus) Opzichtig, grootmoedig en zich veel waardigheid toekennend, is de Leeuw-kat trots op zijn titel "Koning der Katten". Heel veel aandacht vragend - en deze meestal ook krijgend - kan de Leeuw-kat zich op hinderlijke wijze willen manifesteren en zich als een ijdele, arrogante en dominante kat gedragen. Hoewel traditioneel gezien Leeuw-katten pronken met weelderige rode of gouden vachten, zijn ze niet allemaal gehuld in de schitterende kleuren van hun sturende planeet de zon. Helaas, want de rode kleur verhoogt hun status. MAAGD(24 augustus-23 september) De kat, om het even kater of poes, wordt gewoonlijk geassocieerd met het astrologische teken van Virgo. Deze bijzonder propere en intelligente kat die om zijn doel te bereiken dikwijls methodisch te werk gaat en daarbij natuurlijke charme uitstraalt, is een kat met karakter. Maagd-katten, dwangmatige wassers van vacht en snorharen, zijn onafhankelijke dieren die bijzonder gesteld zijn op verfijnde en regelmatige maaltijden. WEEGSCHAAL(24 september-23 oktober) De vredelievende Weegscheel-kat is een intelligente, charmante en gevoelige kameraad, die zich aanpast aan de stemmingen van zijn eigenaar. Venus, de godin van liefde en schoonheid, is de sturende planeet van Libra en heeft dan ook een bijna wellustige invloed op deze kat. Zo beleeft de Weegschaal-kat duidelijk plezier aan zachte, melodieuze muziek en is hij gesteld op comfort, zoals het bed van zijn baasje! SCHORPIOEN(24 oktober-22 november) De Schorpioen-kat is tomeloos energiek, gaat recht op zijn doel af en is in zijn doen en laten zeer gedreven. Van nature is het een emotionele kat, maar hij uit zijn gevoelens slecht. Worden zijn gevoelens onderdrukt, dan kan hij gedragsproblemen vertonen. Deze kat is gesloten, maar heeft een indringende blik in zijn ogen, die de diepste geheimen van zijn baasje open kan breken, waardoor het aannemelijk lijkt dat de heksen in de Middeleeuwen een Schorpioen-kat als "huisvriend" hadden. BOOGSCHUTTER(23 november-21 december) De sportie en avontuurlijk aangelegde Boogschutter-kat is een zorgeloos dier dat zich meer door geluk dan door wijsheid uit bepaalde situaties redt. De bruisende energie, gekoppeld aan de ongeremde levenswijze maakt hem tot een sympatieke kat. De opgewekte en uithuizige Boogschutter-kat doet denken aan Top Cat, de straatkat uit de tekenfilm die talent heeft om zich in - en uit - allerlei netelige nesten te werken en altijd met een lach op zijn gezicht een avontuur besluit. STEENBOK(22 december-20 januari) De rustige, gedisciplineerde Steenbok-kat maakt een betrouwbare en bezadigde indruk die hem een soort rijpheid geeft, waardoor hij ouder lijkt dan hij is. Zelfs de Steenbok-kittens zijn ernstige diertjes, die het speelse gedrag van hun gelijken, geboren onder andere astrologische gesternten, afwijzen. Capricornus heeft een sterke associatie met Vadertje Tijd en ouderdom. Deze kat is wars van veranderingen, erg behoedzaam, de veiligheid van zijn territotium binnenshuis prefererend boven de gevaarlijke buitenwereld. De Steenbok-kat, die de invloed ondervindt van Saturnus, de grote opzichter van de dierenriem is het levende bewijs van "voorzichtigheid is de moeder der wijsheid"! |
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Draagtijden en broedtijden
foto: BBC

Leuke dierenfoto's (Martina1)
|
leuke dierenfoto's |



Keizer Tamarin, een aapje met een snor (Martina1)
Een hele grote naam voor één van de kleinste aapjes ter wereld. De Keizer Tamarin, een volwassen aapje weegt gemiddeld 400 gram en wordt ongeveer 20 cm groot. Tenminste als je de staart even buiten beschouwing laat. Het beestje leeft onder andere in Brazilië en is te herkennen aan zijn mooie witte snor.
De bombardeerkever (Martina1)
Er loopt op aarde, in midden- en zuidelijk Europa om precies te zijn, een insectje rond, dat een levende chemische fabriek is. Het produceert stoffen waarmee het een kleine explosie weet te veroorzaken die jagers afschrikt: het bombardeerkevertje.
Zeldzame grootoorspringmuis voor het eerst op video (Tante Lotte)
Van onze redactie Nieuwsgrazer
gepubliceerd op 10 december 2007 19:12 , bijgewerkt op 10 december 2007 21:50
AMSTERDAM - Een mysterieus woestijndiertje is voor het eerst vastgelegd op video. Wetenschappers gebruiken de beelden om meer te weten te komen over de zeer zeldzame knaagdiertjes.
De grootoorspringmuis ziet eruit als een muis, maar heeft zeer lange oren en hupt rond als een kangoeroe. Kleine haartjes op de poten stelt de diertjes in staat om over het hete zand te springen. Ze komen voor in de woestijngebieden van China en Mongolië, maar er is zeer weinig over ze bekend.
Met behulp van de beelden, die ondermeer te zien zijn op de websites van de BBC en The Guardian , hopen wetenschappers een actieplan op te kunnen stellen om de dieren te redden. Men vermoedt namelijk dat ze te lijden hebben onder de aantasting van hun leefgebied.
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Afghaanse Windhond (Tante Lotte)
In de SPOTLIGHTS 1 |
|
De geschiedenis van de Afghaanse windhond gaat zeer ver terug. De Shikoris, inwoners van Afghanistan, beweren zelfs dat Noach de Afghaanse windhonden een plaats gaf in zijn Ark! Er bestaat geen enkele twijfel over het feit dat de Afghaanse windhond tot de oudste rassen van de wereld behoort. De Afghaan werd via Engeland uit Afghanistan geïmporteerd in het begin van deze eeuw. Afghanen kwamen in het Nederlandse Hondenstamboek voor het eerst voor in deel XXIII van 1929, waarin een vijftal Afghanen wordt vermeld, die sinds 1927 vanuit Engeland in Nederland waren geïmporteerd. Deze importen betekenden de start van dit ras in Nederland. |
![]() |
|
Er bestonden oorspronkelijk eigenlijk 2 rassen: de vlakte-Afghaan en de berg-Afghaan. Het eerste type werd in de lager gelegen gebieden gebruikt voor de jacht op hazen en antilopen; het tweede tot ver in het ruwste hooggebergte voor de jacht op steenbokken, bergherten enz. Op alle verschillen tussen deze Afghanen gaan we hier niet in. De tegenwoordige rashond behoort gefokt te worden naar de Engelse rasstandaard. Meer informatie over het ras en de rasstandaard is te verkrijgen via de NVOW (Nederlandse Vereniging voor Afghaanse Windhonden en andere Oosterse Windhondenrassen). |
![]() |
De Afghaan heeft een periode gekend van vrij grote populariteit, die de laatste jaren sterk afgenomen is en het is nu weer een vrij zeldzaam ras. Het exotische uiterlijk van de Afghaan wordt door velen bewonderd, evenals de typische zijdeachtige vacht en het zeer stijlvolle, vloeiende en veerkrachtige gangwerk.
Verzorging Het valt niet te verbergen, dat de vacht van een Afghaan heel wat aandacht vergt en dat men zich er niet met een Jantje van Leiden van af kan maken. De vacht van een Afghaan heeft vrij veel verzorging nodig: het haar klit bij de meeste snel en wordt ook vuil, zodat er vaker dan bij andere rassen gewassen en geborsteld moet worden. |
|
Lichaamsbeweging Lichaamsbeweging is zeer belangrijk voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid van de Afghaan. Tot de leeftijd van ongeveer 6 maanden kan hij alle lichaamsbeweging die hij nodig heeft verkrijgen in zijn eigen huis en tuin. Hij moet nooit teveel beweging krijgen en zodra hij tekenen van vermoeidheid gaat vertonen, moet hij naar zijn eigen bed kunnen gaan en rusten. Als de Afghaan opgroeit zal hij meer lichaamsbeweging nodig hebben. Een volwassen Afghaan, die te weinig beweging krijgt, kan vrij snel een lastpost in het gezin worden. Met onvoldoende beweging om hem gelukkig te houden zal hij andere dingen bedenken en gaan doen. Deze dingen worden helaas niet altijd op prijs gesteld in het huis. Beweging moet worden gegeven, onafhankelijk van de weersgesteldheid, de toestand van de eigen gezondheid en de beschikbaarheid van tijd. |
|
Karakter Kenmerkend voor een ras dat zelfstandig de prooien moest vangen, is de onafhankelijke aard. De Afghaan is niet geselecteerd op gehoorzaamheid, maar alleen op prestatie, de jachtlust, snelheid, behendigheid en moed. Je neemt er geen om speciaal kunstjes te laten doen (hoewel er in Amerika een circusnummer is met Afghanen!), maar het klikt alleen echt tussen hond en baas als er een wederzijds respect is voor elkaar: men leeft samen en probeert elkaar tot zijn recht te laten komen. Daarbij is de mens natuurlijk degene die de omstandigheden verschaft en bepaalt. Kan men een Afghaan niet het juiste milieu bieden, neem er dan geen. Respect voor de hond houdt ook in dat u hem niet hard behandelt bij de opvoeding, dus zeker geen slaag geeft. |
![]() |
|
De hond zal dan geen respect meer voor u hebben, misschien wel bang voor u zijn, maar u tegelijk verachten. Het wordt dan niets tussen u beiden. Toch moet de hond leren begrijpen dat u in bepaalde opzichten de leider bent die grenzen en wetten stelt waaraan hij zich moet houden.
Een van de voor velen prettige eigenschappen van de volwassen Afghaan is het gedrag binnenshuis: zeer beheerst en rustig en zo totaal anders dan de vrolijke en drukke herders- en jachthondenrassen die door anderen weer zo leuk gevonden worden. Met andere huisdieren kan de Afghaan meestal zeer goed overweg. Buiten is hij meestal niet agressief tegenover andere honden, maar als hij aangevallen wordt is de echte Afghaan vaak onoverwinnelijk! Bij zeer jonge kinderen die niet weten hoe ze zich moeten gedragen tegenover de hond en wel eens onbewust wreed of onhandig gedrag vertonen, raden wij de Afghaan niet aan. |
![]() |
Activiteiten Als extra mogelijkheid tot plezier en ontspanning voor de hond en baas zijn er de windhondenrennen en -coursings. Informeer bij uw vereniging wat dat zoal inhoudt en wie weet gaan baas en hond het beide leuk vinden. Behalve aan sport deelnemen kunt u uw hond ook tentoonstellen als u en de hond dat leuk vinden. Bovendien moet hij dan ook nog mooi zijn in de zin van de rasstandaard en naar de smaak van de keurmeester. De NVOW zegt hierover dat zij van mening is dat pure rensport een niet "passende" activiteit voor de rastypische Oosterse windhonden is en derhalve het deelnemen aan renactiviteiten geen zekerheid biedt voor de rastypische eigenschappen/kenmerken van de Oosterse windhonden, omdat: |
|
De NVOW van mening is dat de werkelijke rastypische kwaliteiten van de Oosterse windhonden niet uitsluitend beoordeeld kunnen worden aan de hand van prestaties op een renbaan of op een tentoonstelling of op een coursingveld;
De NVOW van mening is dat de drie takken van "sportactiviteiten" veel kunnen betekenen voor de honden en hun eigenaren, echter de totale kwaliteit van een rastypische Oosterse windhond dient uit meerdere invalshoeken bekeken te worden.
Als u een teef hebt en de hond heeft voldoende waarde als fokdier, kunt u er ook mee gaan fokken. Ook dat is een liefhebberij op zichzelf: mooi maar vaak ook met teleurstellingen; begint eer ge begint! |
|
De mentaliteit van de baas De mentaliteit van de baas is heel belangrijk voor een gelukkig samenleven. Want Afghanen zijn anders : dat geldt vooral ook voor hun karakter. De Afghaan is misschien wel de minst "hondse" onder alle rassen. Ze hebben een introverte geaardheid, zien op vele zaken neer en maken een rustige, trotse indruk. De baas moet er dan ook rekening mee houden dat de Afghaan geen slaafse ziel, geen uitvoerder van bevelen in de zin van "direct gehoorzamen" is. "Leven en laten leven" is de grote kunst bij de omgang met de Afghaan. De Afghaan voortdurend onder appèl te willen houden of scherpe bevelen te willen geven, zou de beste methode zijn om mens en dier van elkaar te vervreemden. |
![]() |
|
Het is zaak er vooral zorgvuldig over na te denken alvorens u tot de aanschaf van een Afghaan overgaat. Laat de hond niet de kans lopen dat hij na een tijdje weer weg moet. Mocht u wel een Afghaan nemen, dan wensen we uw hond fijne huisgenoten toe die hij zeker zal waarderen. En als u een echte liefhebber van dit ras wordt, dan kunt u er eigenlijk nooit meer buiten. Indien men zich verder wil verdiepen in het ras, dan kan men zich in verbinding stellen met een van de voorlichters van de NVOW en bovendien door het bestuderen van literatuur en gesprekken met kenners en fokkers.
Rasstandaard:
Algemene verschijning: Geeft de indruk van kracht en waardigheid waarbij snelheid en macht samengaan. Hoofd trots gedragen. Kenmerken: Oosterse of oriëntaalse uitdrukking is kenmerkend voor het ras. De afghaan kijkt naar en door iemand heen. Karakter: Waardig en gereserveerd, met een zekere intelligente, ongetemde fierheid. Hoofd en schedel: Schedel lang, niet te smal, met geprononceerde achterhoofdsknobbel. Snuit lang met geduchte kaken en geringe stop. De schedel goed in balans en bedekt met een lange kuif. Neus bij voorkeur zwart, leverkleur is toegestaan bij lichtkleurige honden. Ogen: Bij voorkeur donker, maar goudkleur wordt niet uitgesloten. Bijna driehoekig, enigszins schuin oplopend van de binnen- naar de buitenooghoek. |
![]() |
Oren: Laag en goed naar achteren aangezet, dicht tegen het hoofd gedragen. Bedekt met lang, zijdeachtig haar. Mond: Sterke kaken met een volkomen regelmatig en compleet schaargebit, dit wil zeggen dat de bovensnijtanden vlak over de ondersnijtanden vallen en loodrecht op de kaken staan. Tanggebit toegestaan. Hals: Lang, krachtig, met trots gedragen hoofd. Voorhand: Schouder lang en schuin, goed naar achteren geplaatst, goed gespierd en krachtig, zonder beladen te zijn. Voorbenen recht en stevig van bot, in één vlak met de schouders; ellebogen aangesloten. |
|
Lichaam: Rug horizontaal, matige lengte, goed gespierd, het achterste deel licht aflopend naar de staart. Lendenen recht, breed en tamelijk kort. Heupbeenderen vrij geprononceerd en ver uit elkaar geplaatst. Een behoorlijke ribwelving en goede borstdiepte. Achterhand: Krachtig, goed gehoekt en goed geplaatste knieën. Grote lengte tussen heup en hak, met een in verhouding korte afstand tussen hak en voet. Hubertusklauwen mogen verwijderd worden. Voeten: Voorvoeten krachtig en zeer groot, zowel in lengte als breedte, en bedekt met lang, dicht haar; tenen gebogen. Voor middenvoeten lang en veerkrachtig, voetkussens goed op de grond. Achtervoeten lang, maar niet zo breed als de voorvoeten; bedekt met lang, dicht haar. Gangwerk/Beweging: Vloeiend en veerkrachtig en zeer stijlvol. Staart: Niet te kort. Laag aangezet met ring aan het eind. In actie geheven. Spaarzaam (dun) bevederd. Vacht: Lang en van zeer fijne structuur op ribben, voor- en achterhand en flanken. Bij volwassen honden vanaf de schouder naar achteren en op het zadel kort en dicht haar. Lang haar vanaf het voorhoofd naar achteren, met een duidelijke zijdeachtige kuif. Op de snuit kort haar. Oren en benen goed behaard. De middenvoeten mogen kort behaard zijn. De vacht moet zich op natuurlijke wijze ontwikkelen. Kleur: Alle kleuren zijn aanvaardbaar. Maat: Ideale hoogte: reuen 68-74 cm; teven 63-69 cm. Fouten: Elke afwijking van de voorgaande punten moet als een fout worden beschouwd en de ernst waarmee de fout wordt bekeken, moet in de juiste verhouding zijn met de mate ervan. Opmerking: Mannelijke dieren moeten twee duidelijk normale testikels hebben die geheel in het scrotum zijn afgedaald. |
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Gestreepte jakhals (Tante Lotte)
Gestreepte jakhals
Groep : op het land levende zoogdieren
De schuwe gestreepte jakhals leeft in Afrika en is vooral tijdens de nacht actief. Het dier is een loyale partner en toegewijde ouder, en staat ten onrechte bekend als hebberige rover of lakei van grotere roofdieren. Hoewel hij kadavers zeker niet laat liggen, besteedt hij de meeste energie aan het jagen op prooi of het zoeken naar eetbare planten.
Wanneer twee gestreepte jakhalzen hebben gepaard, blijven ze hun hele leven lang bij elkaar. Zo'n twee maanden na de paring brengt het vrouwtje op een beschutte plek drie tot zes jongen ter wereld. Het eerste jaar is voor de nieuwe ouders het moeilijkste. Het vrouwtje voedt de jongen de eerste vijf weken met haar melk en daarna moet de ene ouder op zoek naar vlees, terwijl de andere bij de jongen de wacht houdt tegen pythons en arenden. De prooi wordt haastig opgeschrokt en later voor de jongen opgebraakt. Na een paar maanden vergezellen de jongen hun ouders tijdens het foerageren. Wanneer ze zes tot acht maanden oud zijn, kunnen ze alleen jagen. De meeste jongen verlaten hun ouders rond deze tijd, maar één of twee, meestal vrouwtjes, blijven achter om de volgende worp te helpen verzorgen, tot zij afgelost worden door de volgende generatie.
Door het schuwe karakter van de gestreepte jakhals is het onmogelijk om zijn status vast te stellen. In sommige delen van Afrika wordt hij door de plaatselijke bevolking bejaagd. Men gebruikt zijn hart als middel tegen epilepsie, en de huid en nagels zouden kwade geesten afweren. In beschermde wildparken schijnt de soort het goed te doen.
De gestreepte jakhals vangt zijn prooi met een korte, plotselinge aanval en zet zelden de achtervolging in. Hij heeft een grondige kennis van zijn territorium en weet precies waar hij voedsel kan vinden. Meestal staan er kleine hapjes op het menu. Hoewel ongewervelde dieren zeker niet worden overgeslagen en ook naar wormen wordt gegraven, zoekt hij tevens naar grotere prooien als knaagdieren en andere kleine zoogdieren, reptielen en vogels. Hij houdt ook van vruchten en groenten, en steelt vaak van akkers. Soms volgt de jakhals gieren naar een kadaver. Aan een groot karkas doen ook vaak andere jakhalsfamilies zich tegoed.
De band tussen een paartje gestreepte jakhalzen is ongewoon sterk. Ze werken in totale harmonie samen en verdedigen een territorium dan twee en een halve vierkante kilometer groot kan zijn. De grenzen worden met urine gemarkeerd. Of ze nu rusten of aan het foerageren zijn, de twee zijn perfect op elkaar afgestemd. Binnen hun territorium bevinden zich dicht struikgewas om te schuilen en rustplaatsen als verlaten holen van aardvarkens, oude termietenhopen of plekjes waar ze een hol kunnen graven. In gebieden waar mensen wonen, komen jakhalzen alleen tijdens de nacht te voorschijn. Elders foerageren ze ook overdag.
*een lieve groet doet elk van ons goed Toshi & tante Lotte*
Liervogels
|
|