Naar de inhoud

mailgroep huisdieren

akke.beakke.be
Hallo bezoeker, welkom op het blog van de Mailgroep Huisdieren, een hechte groep Dierenvrienden-SeniorenNetters, die er zijn voor, door en met elkaar. Op dit blog kunnen jullie kennismaken met onze dieren, tips vinden over de verzorging en de gezondheid van de dieren, dierengedichten en dierenartikels lezen, werkjes in verband met dieren bekijken, enz. Veel kijk- en leesplezier!

Categorie: Hond

Met je huisdier de auto in

Met je huisdier de auto in

29 april 2010, 00:14

Met je huisdier de auto in

Reisje gepland met de auto? En je wil je huisdier ook mee laten genieten van nieuwe oorden? Je kat of hond kan zonder problemen mee op reis, maar je moet wel de nodige voorzorgsmaatregelen nemen.

1) Dieren houden van hun vrijheid en kunnen angstig reageren als ze plots in de auto een hele rit moeten uitzitten. Schaf daarom het juiste materiaal aan. Als je kat mee reist, voorzie dan een draagkooi. Voor een hond kan je een transportmand gebruiken of hem achter een speciaal rooster of net zetten.

2) Om wilde taferelen te vermijden laat je je huisdier best op voorhand wennen aan het autorijden. Neem ze regelmatig mee voor een kort ritje voor je aan een langere reis begint.

3) Geef je huisdier een paar uur voor het vertrek geen eten meer. Hoeveel uur voor het vertrek verschilt van dier tot dier.

4) Stop onderweg minstens om de twee uur. Vooral voor een hond is het belangrijk dat hij een beetje kan bewegen, even plassen en iets drinken. Gebruik zijn eigen drinkbak en geef hem zijn vertrouwde hondenbrokken. Hou je huisdieren onderweg aan de leiband, je weet nooit hoe ze plots kunnen opschrikken door een vreemd geluid.

5) Was het al tijdens de korte ritjes al duidelijk dat je huisdier niet in de wieg gelegd is voor cruisen op de snelweg? Vraag dan aan de dierenarts iets tegen reisziekte.

6) Als je de grens oversteekt, informeer je dan voldoende over de gewoonten in andere landen. Niet alle landen hebben dezelfde regels voor het vervoeren van huisdieren in de wagen.


bron:  MF
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 00:03 Reageer op dit bericht

De do's-and-don'ts van kennelhoest

De do's-and-don'ts van kennelhoest

22 april 2010, 00:50

De do's-and-don'ts van kennelhoest

Hondeneigenaars doen er meestal alles aan om het hun huisdier zo aangenaam mogelijk te maken. Toch kan je niet altijd vermijden dat je favoriet ziek wordt. Kennelhoest bijvoorbeeld, een infectieziekte van de luchtwegen, is geen zeldzame aandoening bij honden.
De naam zegt het al: een van de symptomen van kennelhoest is een droge hoest die soms gepaard gaat met braakneigingen of kokhalzen. In uitzonderlijke gevallen kan een longontsteking ontstaan en loopt de hond gevaar er aan te sterven.

Kan je kennelhoest volledig uitsluiten? Spijtig genoeg niet. De bacterie Bordetella bronchiseptica is in dit verhaal een van de voornaamste boosdoeners, maar die kan bij vaststelling bestreden worden met medicatie onder voorschrift waarin amoxicilline en clavulaanzuur zit. Er bestaan wel inentingen tegen Bordeletta en aansluitend het Canine para-influenza type 2-virus, al bestaat er geen inenting tegen alle gekende bacteriën.

Wanneer de hond te maken krijgt met virussen die kennelhoest veroorzaken, maakt hij afweerstoffen aan zodat zijn lichaam voor verschillende jaren bestand is tegen het virus. Een inenting helpt dus, maar de natuur doet ook haar duit in het zakje.

Wanneer je meerdere honden hebt en één hond met kennelhoest, zonder je het zieke exemplaar best af van de rest om verdere verspreiding te voorkomen. Daarnaast moet hij veel rust krijgen en hem een kleine maand lang geen grote inspanningen zoals lange wandelingen laten leveren. Pas daarnaast de voeding ook aan van de gebruikelijke maaltijden naar iets lichter verteerbaar voedsel.

Let er op dat een hond met kennelhoest niet in contact komt met (sigaretten)rook. Alle extra irritatie op de luchtwegen moet zo veel mogelijk vermeden worden. Koude is ook uit den boze, een voldoende warme ruimte is aan te raden.

Extra hulp: je kunt je zieke hond ook altijd een beetje (kinder)hoestsiroop toedienen die vrij te verkrijgen is in de apotheek.

Als je hond na een week behandeling nog steeds niet genezen is, moet je hem naar de dierenarts brengen. Vooral jonge en oude honden lopen extra gevaar, net zoals rassen die over het algemeen vaker last hebben met hun snuit.


bron:  MF
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:02 Reageer op dit bericht

2. Hoe oud is mijn hond nu echt?

2. Hoe oud is mijn hond nu echt?

leeftijdstabel

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een populair gezegde over honden leert ons dat elke hondenjaar gelijk is aan zeven menselijke levensjaren. De realiteit is echter iets gecompliceerder gezien een hond in zijn eerste twee levensjaren een stuk sneller ouder wordt. Nadien is de ratio 5 op 1 voor de kleine en middelgrote hondenrassen en 6 op 1 voor de grote hondenrassen. Voor de reuzerassen gaan we wel naar een ratio van 7 op 1. Zo is een Deense dog op de leeftijd van 10 al gauw 80 mensenjaren oud terwijl een mopshond er dan pas 64 is.
Hoe juist berekenen?
Indien je een hond hebt waarvan je de leeftijd niet kent, kan je op een aantal eenvoudige manieren toch een indicatie krijgen over zijn leeftijd.
De tanden: Honden hebben meestal een volledig gebid op de leeftijd van 7 maanden. Als je dus een hond hebt met een volledig gebid met hagelwitte tanden kan je er vanop aan dat die ongeveer die leeftijd heeft. Lichte vergeling van de achterste kiezen zal eerder wijzen op een hondenleeftijd van ongeveer 1 à 2 jaar. Als je echter al heel wat aanslag merkt zal dit eerder een hond zijn tussen de 3 en 5 jaar. Ontbrekende tanden of serieuze slijtage kan duiden op een oudere hond en vergt normaal toch wat speciale aandacht voor het gebid.
Spiertonus: Jongere honden hebben meestal een meer uitgesproken spierstructuur gezien hun hoger activiteitsniveau. Oudere honden zijn daarentegen knokiger en/of vetter door de daling van hun activiteiten.
De Vacht: Jongere honden hebben meestal een zachte, dunnere vacht, waar oudere dieren eerder een dikkere en meer olierijke vacht vertonen. De senioren onder onze viervoeters vertonen dan weer sneller grijze of witte verkleuringen, voornamelijk rond de snoet.
Ogen: Jongere honden hebben meestal brilliante en zuivere oogjes zonder vochtverlies. Indien de ogen echter een lichte schijn of verkleuring vertonen kan dit wijzen op een ouder dier.
Ouderdom bij honden
Wanneer je een hond als "oud" kan beschouwen hangt sterk af van het ras. Meestal worden grotere honden sneller ouder. Zo is een Deense dog al een "senior" op de leeftijd van 5 daar waar een veel kleinere  toypoedel dit maar is op de leeftijd van 10. Dit wil echter niet zeggen dat seniorhonden automatisch een aantal ziekteverschijnselen zullen vertonen. Ook bij honden zijn er onderling grote verschillen tussen honden van hetzelfde ras. In vele gevallen kunnen ouder honden vele gezonde, actieve en pijnvrije jaren beleven.
Om het hondenleven te verlengen kan je best de energie-inname afstemmen op zijn noden.  Oudere honden bewegen minder en hebben dus minder calorieën ( voedsel) nodig. Ook het feit dat ze hun voedsel minder goed kunnen verteren ( absorberen) en dus hoogwaardige voeding nodig hebben is een belangrijk aspect. Overmatig aanbod van proteïnen, fosfor,en sodium kunnen een aantal nier en hartkwalen veroorzaken.
Bekijk de bijgaande foto om de juiste leeftijd van jouw hond  te bepalen.


bron : I care for my dog.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:51 Reageer op dit bericht

1. Toprassen voor mensen met een allergie.

1. Toprassen voor mensen met een allergie.

Mensen met een allergie zijn niet allergisch aan hun hond, kat, hamster of konijn, maar aan de huidschilfers die deze dieren afscheiden. Deze huidschilfers zijn vergelijkbaar met de roosschilfers die mensen afscheiden en zelfs dieren zonder beharing verspreiden deze schilfers in hun omgeving.

Hypoallergene Honden
Meeste allergiespecialisten zullen je aanraden om geen huisdieren te houden als je allergisch bent. Het is een goed bedoeld advies dat honden niet goed zijn voor allergielijders. Dat klopt wellicht fysisch maar mentaal stuit dit toch op wat weerstand. Maar ook mensen met een allergie hebben nood aan wat vriendschap en aandacht. Mensen met een milde vorm van allergie kunnen emotionele voordelen van een huisdier afwegen tegenover het niezen en alle andere reacties zoals een lopende neus of tranende ogen. Mensen met zware allergie doen er dus inderdaad goed aan geen huisdieren te houden.

Ben je dan toch van plan om een viervoeter in huis te halen dan zijn er een aantal honden die weinig allergische reacties ontlokken. In het algemeen kan je stellen dat deze hondenrassen in het bezit zijn van een bepaald type haardos: heel erg gekrulde haren!
Zo heb je  Poedels  in alle maten, Portugese Waterhonden, Bedlington Terriers, Bichon Frises), naakthonden (vb. American Crested, Chinese Crested Hairless), krulharige honden ( Puli, Komondor,), en draadharige honden (Fox Terrier, Broken Coat Parson/Jack Russell Terrier, draadharige Dachshund, en ruwharige Brussels Griffon, etc.).Deze honden hebben over het alegemeen de neiging minder te verharen, maar -nog belangrijker- ze scheiden veel minder huidschilfers af!
De krulharige en draadharige rassen hebben daarentegen wel het nadeel dat ze meestal een stuk meer onderhoud vragen ( trimmen). Vele van deze rassen zijn tevens ook zeer energiek en vormen dus ook op dit vlak een echte uitdaging en kunnen dus enkel goed gedijen als ze voldoende mentale en fysieke stimulatie krijgen. Ze hebben dus meestal een ervaren hondenbaasje nodig dat weet van aanpakken.
Als je toch zou overwegen om een hond binnenshuis te halen kan je best ook samen met je allergiespecialist bekijken welke filters en stofzuigers je kan aanbrengen in je huis om de allergiesymptomen te reduceren. Bespreek met hem ook de frequentie en manieren om het huis zo allergie-vrij mogelijk te houden en hou je hond in alle geval buiten je slaapkamer ! Was je hond ook eens om de vier weken met een anti-allergische shampoo.
Vele allergiespecialisten zullen je aanraden om je hond buitenshuis te houden maar bijna elke hondengedragsspecialist zal het tegendeel beweren. Honden zijn sociale wezens die gezelschap erg op prijs stellen. Je hond zal dus veel beter gedijen binnenshuis want het houden van een hond in een hondenren kan op termijn leiden naar ongewenst gedrag.
Je hoeft er dan ook niet van te schrikken dat deze honden gaan blaffen, graven, vernietigingsdrang vertonen en zich daarbij verwonden. In een later stadium kan dit een stuk verder evolueren naar aanvallen van andere honden, andere dieren of zelfs mensen. Als je dus een hond aankoopt maakt deze deel uit van je familie en dien je hem ook in huis toe te laten.
Labradoodles
De designergekte bij hondenfokkers heeft toegeslagen. Door het kruisen van poedels met andere hondenrassen hebben een aantal hondenfokkers de weg gevonden naar de harten en portefeuilles van menig allergielijder. Door deze zoektocht naar hypoallergene honden zijn al heel wat mensen misleid tot de aanschaf van een lieve puppie. Ga er dus niet vanuit dat elke kruising met een poedel automatisch een hypoallergene hond produceert.
Fokkers van gekruiste hondenrassen zouden dezelfde hoge standaard,moeten opgelegd worden zoals dit bij echte rashonden gebeurt. Ook voor hen zouden gezondheidsonderzoeken voor beide ouderdieren, het te zien krijgen van beide ouderdieren, het bekijken van de fokruimtes, kennisname van de gebruikte socialisatiemethodes, etc.. de normaalste zaak van de wereld moeten zijn. Waarom ook voor deze honden geen standaard afspreken?
De toekomst van hypoallergene honden
Ook de wetenschap heeft in dit segment van het huisdierenbezit zijn intrede gedaan. Het bedrijf creëerde wat ze noemen "lifestyle pets". Het bedrijf slaagde erin om de eerste wetenschappelijk bewezen hypoallergene hond en kat te produceren.Voor een prijskaartje tussen de 5000 dollar ( introductieprijs) en 16000 dollar kan je zo'n huisdier in huis halen.
Voor de aanschaf van deze dieren zijn wachttijden die oplopen tot 9-12 maanden. Alhoewel het prijskaartje buiten bereik is van velen onder ons, geeft deze ontwikkeling en onderzoek wel perspectieven voor de toekomst. Wellicht zullen er dus in de nabije toekomst ook huisdieren beschikbaar zijn voor zwaar allergische hondenliefhebbers.
Tot dan zullen we ons moeten beperken tot de hierboven opgesomde rassen. Zorgvuldig  onderzoek zal je wellicht een beetje duidelijker maken welk hondenras geschikt is voor jouw familie. Eens je een hond in huis hebt gehaald is het noodzaak dat je de huidschilfers regelmatig verwijderd en de juiste medicatie aangegeven door je allergiespecialist zorgvuldig gebruikt.  Het grondig onderhouden van de vacht van je hond is een absolute noodzaak om allerieverschijnselen zoals niezen en tranende ogen te verminderen.
Op zoek naar een hondje ? Kijk eens op onze site en doe de puppytest om te zie welk type van hond bij jouw leefomgeving past :

http://www.icareformydog.be/#/gedrag-honden/puppy/puppytest





bron : I care for my dog

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:49 Reageer op dit bericht

De taalgevoeligheid van de hond

Hondenbezitters, opgelet: uw hond begrijpt u misschien beter dan u denkt. Duitse onderzoekers hebben een ‘wonderhond’ ontdekt, die tweehonderd woorden kent, en die taal leert op een manier die verdacht veel lijkt op hoe peuters dat doen.

Wat ze er precies van moeten denken weten ze niet, maar taalonderzoekers zijn in elk geval flink van hun stuk gebracht door Rico, een 9-jarige bordercollie uit Duitsland.    De hond blijkt tweehonderd verschillende voorwerpen bij naam te kennen. En alsof dat nog niet genoeg is, leert hij er schijnbaar moeiteloos nieuwe woorden bij. Niet door langdurig oefenen, zoals bij honden gebruikelijk is - maar door logische verbanden te leggen, net als een peuter zou doen.

Onderzoekster Juliane Kaminski en collega’s van het Max Planck Instituut voor Evolutionaire Antropologie in Leipzig kwamen het blaffende taalwonder enige jaren terug min of meer toevallig op het spoor. Rico’s baasjes beweerden dat ze hun hond hadden geleerd tweehonderd voorwerpen, vooral speelgoed, te herkennen. In het laboratorium bleek dat inderdaad te kloppen. De onderzoekers namen een steekproef van veertig voorwerpen, legden die in een apart kamertje, en stelden experimenteel vast dat Rico er daarvan 37 op afroep kon apporteren.

Leuk voor een show op televisie misschien, maar écht interessant werd het pas toen de onderzoekers Rico nieuwe woorden begonnen aan te leren. De onderzoekers legden zeven bekende speeltjes in de kamer, plus één object dat Rico nog niet kende. Dat object duidden de onderzoekers aan met een fantasiewoord: “haal-de-sirikid, Rico!”

En met succes. In zeven van de tien experimenten die op die manier werden uitgevoerd, kwam Rico met het nieuwe voorwerp de kamer uit. Blijkbaar begrijpt Rico niet alleen dat voorwerpen namen hebben, hij kan ook logisch redeneren: "Het nieuwe woord zal wel slaan op dat ding dat ik niet ken".

En daarvan moeten taalkundigen toch even slikken. Woorden aanleren door erop los te associëren is een oude bekende in de ontwikkelingspsychologie. Taalkundigen hebben er zelfs een naam voor: ‘fast mapping’. En kleine kinderen gebruiken de techniek voortdurend bij het leren van taal. Maar Rico de hond blijkt het ook te kunnen. Zelfs veronderstelde taalwonders als de chimpansee, de dolfijnen, de papegaai en de zeeleeuw moeten hem dat nog nadoen.

Rico’s geval kan verstrekkende gevolgen hebben voor het begrip van de diersoort mens, schrijven Kaminski en collega’s in het blad Science van deze week. Blijkbaar is ons taalvermogen minder uniek dan we graag denken. “Onze resultaten ondersteunen de visie dat schijnbaar ingewikkelde linguïstische vaardigheden, die we alleen kennen van kinderen, worden gedragen door eenvoudigere cognitieve bouwstenen die ook bij andere diersoorten aanwezig zijn.”

Toch is daarover het laatste woord nog niet gezegd. Zoals de Amerikaanse taalkundige Paul Bloom opmerkt in een commentaar: “Als een kind woorden zou aanleren zoals Rico dat doet, zouden de ouders er gillend mee naar de neuroloog rennen.” Kinderen leren vanaf hun tweede levensjaar zo’n tien nieuwe woorden per dag, wonderhond Rico deed negen jaar over slechts tweehonderd woorden.

En dat is niet het enige verschil. Mensen denken in categorieën. Laat ons een paar auto’s zien, en we herkennen ook andere vervoermiddelen op wielen als ‘auto’. Mensen hebben veel meer soorten woorden dan alleen maar zelfstandig naamwoorden die een object aanduiden. En niet te vergeten: mensen kunnen praten, honden niet.

Niet dat Rico nu met de staart tussen de benen moet afdruipen. Uit andere studies blijkt namelijk dat de gemiddelde hond gedurende zijn leven drie tot vijf objecten bij naam leert kennen. Met zijn ‘woordenschat’ van tweehonderd woorden is Rico dus echt een bolleboos, de Einstein van hondenland. Brááf.

Maarten Keulemans

Juliane Kaminski, Josep Call, Julia Fischer: Word learning in a domestic dog. Evidence for fast mapping. In: Science

(Noorderlicht)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:28 Reageer op dit bericht

Een hond... ? JA! Die bijt ...? NEEN

bron : Informatiebrochure

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de voedselketen en Leefmilieu.

Hoe optreden tegen een agressieve hond ?

Bij de eerste tekenen van agressiviteit bij uw pup of hond zou u een dierenarts moeten raadplegen. Wacht niet tot de hond bijt, want gedragstoornissen kunnen beter worden voorkomen dan genezen.

Wat zijn die tekenen ?

  • uw hond knapt, bijt of gromt wanneer u hem benadert, met hem speelt of hem borstelt
  • uw hond knapt, bijt of gromt wanneer iemand (uzelf, een kind, eender wie) hem wil strelen
  • uw hond gromt wanneer iemand (een kind of eender wie) hem of u benadert
  • uw hond gaat personen in beweging achterna (renners, fietsers, joggers)
  • uw hond valt uit naar andere honden
  • uw hond heeft u of iemand anders gebeten

Herkent u de dreigende lichaamstaal van uw hond ?

  • bij dominante honden die klaar staan om aan te vallen : kop en staart geheven, oren gespitst, rugharen overeind, lippen opgetrokken, de blik recht op de tegenstander gericht
  • bij bange honden : gedrukte lichaamshouding, oren plat, staart tussen de poten, soms ontblootte tanden en naar achter getrokken mondhoeken. Ze kunnen echter onmiddellijk bijten uit angst.
Waarom bijten honden ?

Om allerlei redenen. Sommige agressieve gedragingen maken deel uit van het normale gedrag van honden. Ondanks zijn socialisatie blijft een hond immers een dier dat kan bijten :

  • om zijn territorium te verdedigen
  • om zijn pups te beschermen
  • om te domineren, uit vrees, uit bezitsdrang of door jachtinstinct
  • uit irritatie (plagerijen door een kind, pijn …)

Hou hier rekening mee !!!

Hoe ongevallen vermijden ?

* Honden moeten worden opgevoed. Een hond wordt gehoorzaam, evenwichtig en sociaal als hij van jongsaf (tussen 3 en 12 weken) went aan sociale situaties : aanwezigheid van vreemden, van kinderen, van een massa volk, van mensen in beweging, van andere dieren, van lawaai, …

* Van bij zijn opname in het gezin moet het baasje de hond vaak in contact brengen met kinderen en volwassenen die hij niet kent. Dit leerproces maakt de hond verdraagzaam en vermindert zijn agressieve reacties, zonder evenwel zijn waakzaamheid te onderdrukken.

* Eenmaal opgenomen in een gezin gaat hij familiebanden leggen om zijn plaats (rangorde) te vinden in de "meute" die het gezin vormt. De hond mag niet het hoofd van het gezin worden. Hij moet integendeel gehoorzamen en zijn plaats als huisdier kennen.

Enkele raadgevingen :

  • de hond mag niet aan tafel gevoederd worden. Hij eet nà zijn baasjes.
  • Zijn slaapplaats is afgezonderd zodat hij niet in de weg ligt en zodat hij het doen en laten van zijn baasjes niet kan controleren.
  • De baasjes beslissen over spelen en strelen.
  • De hond mag zijn sexuele driften of dominant gedrag niet uiten door de benen van de mensen te berijden.
  • Zelfs spelenderwijs bijten kan men best van jongsaf afleren.
  • De pup kan best ook al jong ondervinden dat men wel eens zijn speeltje, kluif, voederbak, …, afneemt.
Lessen in hondenopvoeding kunnen u helpen om basishandelingen in de omgang met uw hond onder de knie te krijgen en hem te laten gehoorzamen (lig, zit, rustig, kalm, …). Die lessen zijn ten zeerste aanbevolen.

Het baasje moet de taal van de hond begrijpen. In de omgang met soortgenoten gebruikt de hond een gedragstaal en hij veronderstelt dat de mens deze taal ook begrijpt.

Een gehoorzame hond die zich aangevallen voelt of agressie wil vermijden, zal een onderworpen houding aannemen door plat op de buik, op zijn zij op zijn rug te gaan liggen. Een hond in die houding mag men niet benaderen, noch straffen, anders loopt men het risico te worden gebeten.

Als een dominante hond zijn poten op de persoon legt die hij gebeten heeft of uitgedaagd heeft, doet hij dat niet om te worden vergeven. Hij uit zijn overwinning op die manier. Een hond in die houding mag men niet strelen, want dat bevestigt zijn dominantie.

Bewaak hond en kind !!

Als kind en hond samen zijn, moeten ze steeds in de gaten gehouden worden. Een groot aantal ongevallen gebeurt op onbewaakte momenten. Leer het kind de hond te respecteren (het is geen speelgoed), zijn taal te begrijpen, voorzichtig te zijn, ook met een hond die het goed kent.

Kinderen moeten leren :

  • De hond respecteren : rustig spreken met de hond hem laten snuffelen, hem zachtjes strelen. Trek niet aan de staart of aan de oren van de hond.
  • Een teef en haar jongen met rust laten, zo ook een hond die aangelijnd is, slaapt of aan het eten is, achter een hek of in een auto zit. Kom niet te dicht bij de hond, ga rustig en stil voorbij.
  • De hond bij zijn naam noemen vooraleer hem te strelen. Laat hem met rust als hij niet komt.
  • Een volwassene verwittigen als de hond gromt of zijn tanden toont. Kom niet te dicht en blijf kalm.
  • De toelating aan het baasje vragen vooraleer een onbekende hond te strelen.
  • Direct oogcontact met een onbekende hond te vermijden, dit contact is voor een hond bedreigend.
  • Ter plaatse blijven staan, armen los langs het lichaam, omhoog kijken en stil blijven staan als een hond naar hen toeloopt en ze bang zijn.
  • Het voorwerp dat ze vasthouden (speeltuig, koekje, …) laten vallen als de hond dit wil afpakken. Beweeg niet en wacht tot de hond wegloopt.
  • Een volwassene verwittigen wanneer honden vechten. Probeer ze niet uit elkaar te halen.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:00 Reageer op dit bericht

Hondenweetjes

Hondenweetjes   


kruising
- Een hond van 1 jaar oud heeft een mentale rijpheid in mensenjaren van een 15 jarige

- Honden schudden vaak het hoofd als ze een speeltje in de muil hebben. Dit is instinctief jachtgedrag dat genetisch bepaald is en teruggaat tot de tijden dat honden hun prooi heen en weer schudden om ze te doden.

- honden hebben andere levensbehoeftes en levensstijl naarmate ze ouder worden. In hun eerste levensjaren zijn spelen en uitgelaten worden de hoogtepunten van de dag , bij oudere honden zijn dat de voedermomenten

- bij kruising van 2 hondenrassen vertonen honden meestal de karaktertrekken van het ras waar ze uiterlijk het meest op lijken.


Bron : I care for my dog



Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 00:23 Reageer op dit bericht

Honden leven in mistig blauw en geel

Honden leven in mistig blauw en geel


Dat honden minder kleur waarnemen is al langer bekend, maar volgens de Amerikaanse psycholoog Stanley Coren is het niet juist wat veel mensen denken, namelijk dat honden alles in grijskleuren waarnemen. Uit recent onderzoek is gebleken dat honden de wereld voor een deel wel in kleur zien, maar met minder kleuren dan de mens.

Rood heeft voor honden een heel andere werking dan voor mensen, het is in ieder geval geen alarmkleur. Waarschijnlijk zien honden het `mensen-rood`als donkergrijs of zwart.

Kleuren zien heeft te maken met kegeltjes in het netvlies. Net als bij mensen bevat het netvlies van honden staafjes en kegeltjes. De staafjes verrichten hun diensten in weinig licht, zij kunnen geen kleuren doorgeven. Daarvoor zijn de kegeltjes. Maar anders dan bij de mens heeft de hond geen 3 maar 2 kegeltjes. Met zijn 3 soorten kegeltjes kan de mens de regenboog waarnemen, violet, blauw, blauwgroen, groen, geel, oranje en rood. De hond ziet deze regenboog waarschijnlijk als donkerblauw, lichtblauw, grijs, geel, donkergeel/bruin en zeer donkergrijs. Honden nemen de wereld dus vooral waar in de kleuren geel en blauw.

Buiten dat honden een minder breed kleurenbeeld hebben, kunnen ze ook minder scherp zien dan de mens. Ze kunnen minder details waarnemen. Volgens onderzoeker Stanley Coren is het scherptebeeld van de hond te vergelijken met mensenogen die bedekt zijn met een laagje folie waarop weer een dun laagje doorzichtige gel is gesmeerd.

Uit onderzoek is gebleken dat honden een gezichtsvermogen hebben van 6/23. Dit houdt in dat een hond op 6 meter nog net een voorwerp kan zien, terwijl een mens dit nog kan zien op 23 meter!

Tegenover de onscherpe waarneming van de hond staat echter het grote opvangvermogen. Doordat zij een grotere pupil hebben, vangen zij meer licht dan onze ogen waardoor zij beter kunnen zien in schemer en donker.

Handig om te weten bij het trainen van je hond, een klein arm of handgebaar zal hij niet kunnen zien, in sommige gevallen waarin de hond niet reageert op non-verbale commando´s kan dus liggen aan het feit dat de eigenaar niet duidelijk genoeg is voor de hond en niet omdat hij ongehoorzaam is!

(hondenblogo)


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:20 Reageer op dit bericht

De basisregels van gehoorzaamheidstraining

De basisregels  van gehoorzaamheidstraining

Pups zijn het makkelijkst af te richten.
Oudere honden doen er langer over om een nieuw persoon als leider te erkennen, maar als u consequent bent, zal de hond u gaan respecteren. Het aanleren van goede manieren is verrassend eenvoudig. De meeste honden geven graag gehoor aan deze opdrachten omdat ze hun leider gunstig willen stemmen en omdat het in hun eigen belang is.
Straf uw hond nooit voor iets wat hij enige tijd geleden heeft gedaan. Het zou vb. voor je hond een raadsel zijn waarom hij straf krijgt wanneer je thuiskomt en vernielzucht aantreft. Hij zal er niets van begrijpen; hij weet alleen dat u boos op hem bent.
Hij zal reageren door onderdanig gedrag te tonen om uw gezag te bevestigen. Mensen zien dit vaak ten onrechte als een teken van schuldbesef. Dat is het zeker niet. Achteraf straffen werkt averechts.

Hou de lessen kort. Eén of twee minuten is lang genoeg voor een pup. Vijf minuten is te lang, maar de pup kan zich wel een paar keer per dag kort concentreren.
Oudere honden houden de aandacht er langer bij, maar zelfs honden met het grootste geestelijke uithoudingsvermogen kunnen zich niet langer dan een kwartier optimaal concentreren.
Hou de lessen leuk. Als uw hond zich niet amuseert, zet de training dan maar uit uw hoofd. Na wat lichaamsbeweging zal uw hond beter luisteren.
Oefen op een moment dat uw hond alert is. De perfecte tijd is vlak voor etenstijd. Bij pups betekent dit dat u drie of vier trainingskansen per dag heeft. Naarmate de pup ouder wordt en het aantal maaltijden minder wordt, kunt u met hem gaan oefenen als hij geslapen heeft en zijn behoefte heeft gedaan.

Combineer in het begin een lekker koekje met prijzende woorden. Daarna laat u geleidelijk de krachtigste beloning, het eten, af en toe weg. Soms wel en soms niet iets lekkers geven is de beste manier om de training met succes te laten verlopen.
Beëindig de training altijd op een vrolijke manier.
Bewaar de krachtigste beloning voor je hond niet voor het laatste omdat u dan ongewild aanleert dat het einde van de training iets is om naar uit te kijken, omdat dan de leukste beloning komt!


Begin met de training in uw eigen huis om afleiding te voorkomen.

Dit geldt voor eenvoudige oefeningen zoals “zit”, “hier”, “blijf”, en “af”, maar ook het lopen aan de lijn of het volgen aan de voet kan binnen worden aangeleerd. De gang is een prima oefenplek. Doet hij het binnenshuis eenmaal goed, zoek dan een plek waar meer afleiding is, zoals de achtertuin.

Pas wanneer de hond zich volledig naar wens gedraagt, kan de training worden verplaatst naar een uitdagendere plek, zoals het park.

Wees consequent. Sta rechtop, noem de naam van uw hond om zijn aandacht te trekken en gebruik alleen commando’s of handgebaren als u oogcontact met hem hebt. Beloon hem zodra hij gehoor geeft aan uw opdracht, en geef nooit een commando als u het opvolgen ervan niet kunt afdwingen.
Als u uw hond wil terecht wijzen, kijk dan streng, laat uw stem zakken en zeg scherp “nee”. Leer de hond te reageren op een combinatie van handsignalen en verbale commando’s.


Laat  je niet uitlachen als je aan de les wilt beginnen......

Herhaal commando’s niet de hele tijd, hier zal uw hond alleen maar van in de war raken. Als de training niet goed gaat, stop er dan mee. Bedenk goed wat u aan het doen was: het probleem kan bij u liggen, en niet bij de hond. Aarzel niet om hulp te zoeken. Het team van dierenkliniek Causus staat voor u klaar met goed advies.


 
Als er nu meerdere gezinsleden trainen met de hond, let er dan goed op dat iedereen dezelfde commando’s en signalen gebruikt. Zo raakt de hond niet in de war. Het idee om met meerdere honden te trainen is een onmogelijke opgave. Als u toch met twee honden wil trainen, doe het dan om de beurt. Zorg dat de ene hond buiten gehoorsafstand is, wanneer u met de andere oefent.

de  vijf basiscommando's

De vier basiscommando’s zijn “hier”, “zit”, “blijf” en “af”.
Wanneer uw hond deze oefeningen feilloos onder de knie heeft, is hij klaar voor het volgen aan de voet.
Het commando “zit” is belangrijk omdat dit telkens het vertrekpunt van de oefening is.

Honden worden aangeleerd om aan de linkerkant van de begeleider te lopen (de hond bevindt zich altijd ter hoogte van de voet van zijn begeleider, vandaar de term “aan de voet volgen”). Bij het leren volgen aan de voet maakt het geen wezenlijk verschil of de hond aangelijnd is of niet. Het gaat niet om goed of fout, maar om de manier waarop u en uw hond op een prettige manier samenwerken. Als uw pup u zonder riem vrijwillig volgt, kan u gemakkelijk overstappen naar het aangelijnd volgen aan de voet. Gebruik een riem met een kliksluiting die qua gewicht geschikt is voor uw hond. Als u niet eerder met een riem gewerkt hebt, laat uw pup er dan rustig naar kijken en aan ruiken.

Hoe gaan we deze 5 basiscommando’s aanleren?

1. Uw hond leren komen

Ga op een plek, zonder afleiding, een klein stukje van de pup af staan. (De gang is ideaal). Zeg, met een koekje zichtbaar in uw hand, de naam van de pup. Zodra hij naar u toekomt zegt u: “hier” 

Terwijl de pup op u af komt, roept u op hoge en vrolijke toon: “Brave hond!” Buig door uw knieën en spreid uw armen om de pup aan te moedigen direct naar u toe te komen.

Als de pup bij u is, kniel dan helemaal om op zijn hoogte te komen. Beloon hem met woorden, een knuffel of een koekje. Oefen af en toe ergens anders om de aandacht van de pup vast te houden.

2. Uw hond leren zitten

Hou een koekje in uw rechter hand, de riem in uw linker hand en stap met uw gezicht naar de pup toe. Hou de pup rustig terwijl u hem roept en hem dan pas het koekje laat zien.

Als de pup bij u is, brengt u het koekje omhoog tot boven zijn hoofd. De pup zal gaan zitten om naar het lekkers te kunnen blijven kijken. Zeg “zit” zodra hij door zijn achterpoten zakt.

Probeer de pup naast en voor u te laten zitten. Beloon elke reactie met woorden, knuffels of koekjes. Geef na een paar keer te oefenen steeds minder vaak koekjes, totdat uw stem alleen voldoende beloning is.



3. Uw hond leren zitten en blijven

Hou de looplijn opgerold in uw linkerhand, zodat er spanning op staat. Als de hond naar het koekje in uw rechterhand kijkt en gaat zitten, zegt u “zit”.

Hou spanning op de lijn en stap weg met uw rechtervoet, terwijl u “blijf” zegt.

Zet uw linkerbeen naast uw rechterbeen en houd de hele tijd enig oogcontact met je hond.

Oefen lichte druk uit op de lijn en houd die boven het hoofd van de hond. Keer uw lichaam naar de hond toe en houd zijn aandacht vast door het koekje hoog te houden.

Beloon de hond voor het blijven. Loop langzaam om hem heen, de lijn blijft waar hij is. Zeg zo weinig mogelijk om de hond niet in verwarring te brengen.

Na een paar keer oefenen moet de hond blijven zitten aan de lijn. Laat de lijn nu op de grond liggen en doe de oefening opnieuw. Vergeet niet de hond te belonen voor zijn goed gedrag.

Geef de beloning als de hond zit en hou de lijn op de grond. Beloon hem altijd als hij iets goed doet, niet erna.

Beëindig de training door met open armen “oké” te zeggen. Stop altijd op een goed moment. Maak uw hond niet te wild met uw eigen enthousiasme totdat de training voorbij is.

4. Uw hond leren te gaan liggen

Kniel links naast uw zittende pup en hou de halsband vast met uw rechterhand. Hou uw linkerhand met een koekje erin bij de neus van de pup en breng uw hand naar beneden.

Terwijl de neus van de pup achter het koekje aangaat, brengt u het dichter naar hem toe. Zodra de pup aanstalten maakt te gaan liggen, zegt u “af”. Wacht met de beloning.

Breng uw hand naar voren om de pup te verleiden om te gaan liggen. Beloon hem met uw stem en het koekje. Herhaal de oefening regelmatig totdat de pup op het commando reageert.

5. Uw hond leren aan de riem te lopen

Deze oefening begint binnenshuis. De pup heeft een goed passende, comfortabele halsband nodig. Laat hem aan de riem ruiken en kijken en klik die dan aan de halsband vast.

Ga rechts naast uw pup staan en hou de riem en een koekje in uw rechterhand. Uw linkerhand houdt u op de riem, klaar om naar zijn halsband te glijden. Laat de pup zitten.

U stapt nu weg, de linkervoet eerst. Terwijl de pup naast u loopt, zegt u “voet”. Als hij doorloopt, laat u uw linkerhand naar zijn halsband zakken om hem rustig naar achteren te trekken.

Als de pup eenmaal naast u stilstaat, beloont u hem met uw stem en het koekje. Laat hem dan zitten. Als de pup goed reageert op de commando’s, kunt u steeds langere stukjes lopen.

Als de pup netjes naast u loopt en braaf gaat zitten, kunt u hem een bochtje naar rechts leren. Leid hem met uw rechterhand naar rechts en zeg “voet”.

Om linksaf te slaan gaat u sneller lopen. Het koekje houdt u voor de neus zodat hij langzaam blijft lopen. Houd de pup dicht tegen uw linkerbeen en zegt “rustig” terwijl hij snelheid terugneemt.

En even uitblazen na zo'n vermoeiende training en examen mag zeker. Een dikke knuffel van de eigenaar kan even leuk zijn dan een koekje als beloning.

© 2003 - dierenkliniek Causus - Oudenburg (Belgium) - info@causus.be - disclaimer

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 13:59 Reageer op dit bericht

Soorten gedragsstoornissen : agressie

Soorten gedragsstoornissen : agressie

Wanneer de eigenaar vaststelt dat een dier agressief is verwijst hij naar een waarneembaar gedrag. Agressie wordt opgedeeld in 13 categorieën. Dominantie- en angstagressie zijn de meest voorkomende gerapporteerde problemen bij onze huisdieren. Een combinatie van verschillende soorten van agressie binnen één individu komen ook regelmatig voor.

Dominantieagressie

Dominantieagressie is een vorm van agressie die wordt getoond t.o.v. mensen en die draait rond het verwerven van controle. Dominantie-uitingen zijn voornamelijk niet-agressief. Zo kunnen honden een “pushy” gedrag gaan vertonen t.o.v. hun eigenaar of kunnen dominante honden de toegang tot bepaalde plaatsen of objecten blokkeren.

Dit gedrag komt meestal voor rond de leeftijd van de maturiteit (18 tot 24 maanden leeftijd). Dit is ook de leeftijd waarop fobieën, scheidingsangst en andere angst-aandoeningen zichtbaar worden bij je huisdier. Het kan zichtbaar worden wanneer de eigenaar de hond benadert tijdens het eten, tijdens het spel met speelgoedjes of tijdens het slapen.
Een dominantagressieve hond daarentegen kan agressief reageren wanneer over de hond wordt gestapt, wanneer de hond van bed of zetel wordt geduwd, wanneer de leiband wordt aangedaan, wanneer de hond wordt geduwd of wanneer de poten worden afgedroogd. De agressieve reacties op deze handelingen kunnen gaan van grommen tot happen en bijten.

Vaak lijkt de dominantieagressie plots te ontstaan maar dikwijls is er al, heel subtiel een voorgeschiedenis waarbij de eigenaar sommige signalen verkeerd inschat. Zo laat een eigenaar soms begaan dat een hond zijn voorpoten tegen zijn schouders zet waarbij de eigenaar dit interpreteert als een knuffel maar de hond dit kan zien als een uitdagend signaal.

Honden die dominantieagressie vertonen kunnen ruwweg in 2 groepen worden onderverdeeld. Een groep met honden die er zeker van zijn dat ze controle hebben over alles en denken dat ze aan de top staan. Een tweede groep zijn honden die onzeker zijn over hun sociale rol en agressieve gedragingen gaan gebruiken om informatie te verkrijgen over wat van hen verwacht wordt en wat hun rol is. Deze laatste groep vertoont ook vaak een aandacht-zoekend gedrag.

Belangrijk in een eerste fase van de behandeling is om alle omstandigheden waarin dominantieagressie kan optreden te vermijden. In geen geval mag fysiek gestraft worden, dit kan de toestand verslechteren en een gevaar betekenen voor de uitvoerder.

Angstagressie

Symptomen :
Happen, grommen, vluchtpogingen, bijten en soms urineren en defaeceren kunnen tekenen van angstagressie zijn. Hierbij vertoont je huisdier lichaamshoudingen zoals het verlagen van de kop en het lichaam, wegstoppen van de staart, pilo-erectie, oren achterwaarts richten en tanden tonen.

Oorzaak :
Angstagressie wordt uitgelokt door een actie die bedreigend wordt ervaren door de hond en waarop de hond angstig reageert. Een hond die bang is van een onbekend persoon die in dezelfde straat wandelt is niet normaal. Als die hond reageert door te grommen is dit een teken van angstagressie. Bepaalde situaties waarbij er schijnbaar geen bedreiging is, vb. een persoon die naar je hond reikt, een hond bij de dierenarts of een hond waarnaar geroepen wordt.

Gevolg :
Angstagressieve honden proberen zo’n situatie te vermijden door zich terug te trekken. Veel honden met angstagressie grommen tot ze in een hoek worden gedreven en dan bijten ze. Deze gedragingen zijn in contrast met de gedragingen van een normale hond die zijn staart tussen z’n poten steekt, zich klein maakt en zich verstopt bij angst, maar geen vocale of fysieke tekenen van agressie vertoont. Ook honden die een langdurige pijnlijke medische behandeling ondergaan kunnen angstagressie ontwikkelen en reageren op een benadering van de dierenarts. Ongepast straffen kan ook resulteren in een angstagressieve hond. Deze dieren associëren de benadering van de persoon met de straf, eerder dan de straf met de ongepaste handeling.

Honden die dus een angstig agressief gedrag vertonen mogen niet gerustgesteld worden (“alles is in orde”). Voor de hond is het niet oké en het kalme, geruststellende gedrag bekrachtigd hun ongepast gedrag.

De andere 11 categorieën zijn maternale agressie, spelagressie, pijnagressie, territoriale agressie, protectieve agressie, intraspecifieke agressie, voedselagressie, possessieve agressie, omgerichte agressie, prooiagressie, idiopathische agressie.

© 2003 - dierenkliniek Causus - Oudenburg (Belgium) - info@causus.be - disclaimer

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 13:58 Reageer op dit bericht

Meer van mailgroep huisdieren

↑ Terug naar de berichten