Naar de inhoud

mailgroep huisdieren

akke.beakke.be
Hallo bezoeker, welkom op het blog van de Mailgroep Huisdieren, een hechte groep Dierenvrienden-SeniorenNetters, die er zijn voor, door en met elkaar. Op dit blog kunnen jullie kennismaken met onze dieren, tips vinden over de verzorging en de gezondheid van de dieren, dierengedichten en dierenartikels lezen, werkjes in verband met dieren bekijken, enz. Veel kijk- en leesplezier!

Berichten van 1 februari 2008 tot 29 februari 2008

Agressie? (Knudde1)


Agressie?
Interessante mail, want tijdens het lezen kreeg ik al het vermoeden dat hier iets heel anders aan de hand was dan agressie.
Varkens zijn namelijk prooidieren - en vluchten dus in plaats van aan te vallen. Wilde zwijnen kunnen soms mensen aanvallen als ze biggen hebben en zich bedreigd voelen, en soms ook huisvarkens in uitzonderlijke gevallen.
Bijvoorbeeld mijn Maximiliaan, die op Het Beloofde Varkensland terecht kwam, nadat hij opzettelijk was mishandeld door een groep studenten. Daar komt bij dat hij hier als ongecastreerde beer voor het eerst van z'n leven vrouwtjesvarkens rook.
De combinatie van zijn opgelopen trauma en zijn op hol geslagen hormonen maakte hem wild en hij probeerde mij aan te vallen.
Het is allemaal goed gekomen. En Miss Universe was wel fel tegen vreemden toen haar Zwarte Prins geboren was, maar dat was meer dreigen dan echt aanvallen.

Blijdschap!
Hier moest dus iets anders aan de hand zijn. Telefoonnummer gevraagd en gebeld. 'Is het je eerste varken?' was mijn eerste vraag.
Dat bleek zo te zijn. Niet helemaal verstandig dus om dan meteen met een drachtige zeug te beginnen, als je nog geen kennis hebt van het enorme scala aan verschillende gedragingen van varkens. En een drachtig varken heeft - net als mensen - last van verschillende stemmingen. Moeilijk in te schatten dus als je het varken daarvoor nog niet kende.
Maar na wat doorvragen was het 'probleem' snel opgelost. Bessie kwam uit een vrij kleine behuizing met een geringe uitloop.
Nu beschikt ze ineens over een weitje van 2000 vierkante meter. Dus wat deed ze tijdens die bewuste 'aanval'?
Bessie ging op dat moment helemaal uit haar dak van blijdschap! Ze besefte ineens wat een ruimte en vrijheid ze had, maakte een sprint en wist van gekkigheid niet hoe hard ze moest rennen. Daar blafte ze luid bij, want ze was helemaal door het dolle heen.

Een gelukkig varken...
Mijn vermoeden was dus juist. Varkens kunnen ineens vanuit het niks luid gaan blaffen en enorm hard rennen. Als je dan toevallig in de buurt staat, en niet bekend met varkens, kun je daar erg van schrikken. Het heeft dus niks met agressie of aanvallen te maken, maar alles met uitbundige blijdschap.
En omdat varkens van nature slechte ogen hebben, stormen ze een kant uit en kan het lijken of ze het op jou gemunt hebben.
De arme mevrouw die in paniek over het stroomdraad sprong, kan dus weer gerust ademhalen.
Er is niks aan de hand. Integendeel. Ze heeft te maken met een heel gelukkig varken. Ze zou haar varken nog gelukkiger kunnen maken door keihard met haar mee te rennen en de blijdschap te delen. Eens kijken wie er harder kan. Ik denk haar Bessie...

Straks biggen en wat daar allemaal bij komt kijken...
Bessie gaat straks een stel prachtige biggen op de wereld zetten. De bedoeling is dat die anderhalf jaar blijven leven en dan naar de slacht gaan.
De beertjes worden niet gecastreerd (bravo!) maar wat dat voor consequenties heeft als die broers en zussen allemaal bij elkaar blijven, daar heb ik haar al vast voorzichtig op gewezen...

We houden contact...
Daar had ze nog niet over nagedacht. We hebben afgesproken dat we af en toe contact zullen houden, en wie weet ga ik ze opzoeken, al is Duitsland niet direkt naast de deur. Maar het is de moeite waard om haar te begeleiden in haar nieuwe status van varkensboerin...

Dafne Westerhof
www.hetbeloofdevarkensland.nl

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door mailgroep om 23:51 Reageer op dit bericht

Slangen De streepstaartslang (Knudde1)

De streepstaartslang

streepstaartslang.jpgDe streepstaartslang of Elaphe taeniura is het grootste Aziatische lid van het geslacht en is met haar lengte van twee tot 2,5 meter mogelijk de grootste Elaphe ter wereld. Ze heeft een slank lichaam en een smalle, sierlijke kop met grote ogen. Er bestaat een verscheidenheid aan vormen, waaronder ten minste zes ondersoorten, waarvan E.t.friesei het meest verkrijgbaar is, tenminste als in gevangenschap geboren jong dier. De verscheidene ondersoorten kunnen olijfgroen, bruin of koperkleurig zijn maar de tekening is ingewikkelder. Het opvallendste kenmerk is een zwarte streep die over het oog loopt. De bovenkant van de kop en de nek zijn effen, maar het voorstel deel van haar lichaam heeft een tekening van smalle zwarte dwarsstrepen. Verder naar achteren komen er op de flanken even smalle overlangse strepen bij, die geleidelijk breder worden totdat ze het grootste deel van de flanken bedekken. Op deze plek, het achterste deel van het lichaam en staart, vervagen de dwarsstrepen en bestaat de tekening uit een centrale gele, bruine of bronskleurige streep die grenst aan opvallende donkere strepen op de flanken. E.t.ridleyi uit Maleisië en Sumatra is interessant omdat ze in grotten leeft en zich grotendeels voedt met vleermuizen. Ze is lichtgrijs, bijna wit, waarbij de tekening sterker is gestreept dan bijvoorbeeld bij E.t.friesei. Bij alle ondersoorten is de tong donkerblauw met lichtblauwe randjes.
De fok is vrij eenvoudig : na een korte afkoelingsperiode tot ongeveer vijftien graden Celsius paren de dieren en het vrouwtje legt ongeveer een maand later vijf tot tien eieren. Deze komen na ongeveer zestig dagen bij 28 graden Celsius uit en de broedlingen zijn 35-40 cm lang. Ze eten meteen pasgeboren muizen.

banner_website.gif

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 14:18 Reageer op dit bericht

Vogels Hoe een tuin vol vogels krijgen ?

Hier kan je voor die uitzendingen terecht :
http://www.avro.nl/web/avro_dier_en_natuur/dntv/

Een tuin vol vogels      Een tuin vol vogels
Vanaf 7 maart op DNTV
Wakker worden en vogels in de tuin horen zingen. Midden op de dag een merel een bad zien nemen. 's Avonds luisteren naar het geluid van mussen die een plek voor de nacht zoeken. Wil jij dit? Kijk dan naar Een tuin vol vogels en leer hoe je je tuin vogelvriendelijker kan maken.
Vrijdag 7 maart
Aflevering 1:  Winter
Mag u vogels het hele jaar door voeren? En hoe kunt u zorgen dat grote vogels niet alles opeten zodat er voor kleine zangvogels genoeg overblijft? En aan welke voorwaarden moet een vogelvriendelijke tuin voldoen? Nico de Haan, Anna Kemp, Kor de Kruif en Lars Soerink geven tips voor een vogelvriendelijke tuin.

Vrijdag  14 maart
Aflevering 2: Vroege voorjaar
Het vroege voorjaar kunt u niet alleen zien, u kunt het vooral horen. Een tuin met veel variatie wordt een vijf sterrenrestaurant voor vogels, die er vrolijk op los zingen. Kijken, luisteren en vooral genieten in zo'n vogelvriendelijke tuin. Maar ook uw balkon of dakterras kunt u aantrekkelijk maken voor vogels.

Vrijdag  21 maart
Aflevering 3: Voorjaar
Het voorjaar is de tijd van het paren. Hoe doen vogels het en waarom leggen vogels eigenlijk eieren en baren ze niet levend? Net als mensen hebben vogels hun eigen voorkeur wat betreft nestkasten. Zo heeft een boomkruiper een nestkast met twee deuren nodig. In deze aflevering geven we natuurlijk weer tips over hoe u uw tuin vogelvriendelijk kunt maken.

Vrijdag 28 maart
Aflevering 4: Zomer
Water is voor vogels onontbeerlijk, maar zweten vogels als het warm is? En mag een drinkschaal midden in het gazon staan? Hoe maakt u trouwens een foto van een vogel in de vijver zonder dat de camera nat wordt? Allerlei tips over water in een vogelvriendelijke tuin.

Vrijdag  4 maart
Aflevering 5: Nazomer
In het voorjaar en de zomer kunt u hele vogelconcerten beluisteren, maar in de nazomer is het stil. Hoe dat komt, ziet u in deze aflevering. U ziet ook welke struiken en planten belangrijk zijn voor tuinvogels. En hoe maakt u zelf een vogelfilm?

Vrijdag  11 april
Aflevering 6: Herfst

In de herfst gaan veel vogels in groepjes zwerven. Dat is te zien bij mezen, mussen en spreeuwen. Waarom maken spreeuwen zo'n mooie wave? Nestkasten zijn in de herfst opeens weer interessant en wat moet u in de tuin doen in de herfst en wat vooral niet? 

Productie:
TELEAC

Bron:
Teleac.nl


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 00:33 Reageer op dit bericht

De beste hond ter wereld (KRO)

De beste hond ter wereld (KRO)
Iedere woensdag rond 21.00

In "De beste hond ter wereld" werden vier Nederlandse paren gevolgd tijdens hun voorbereidingen en deelname aan Crufts in Engeland. Crufts is de grootste hondenshow ter wereld, die elk jaar in het Engelse Birmingham wordt georganiseerd.
Honderdtwintigduizend hondenliefhebbers met meer dan vierentwintigduizend honden, verdeeld over honderdachtenzeventig rassoorten doen mee aan competities, demonstraties en ander hondenvertoon. Hoofdprijs: het winnen van de titel 'de beste hond ter wereld'.

De kandidaten
Angelique & Yvette
Vriendinnen Angelique Postma (35) en Yvette van Tryp (25) doen samen voor de eerste keer mee aan Crufts.

Betty Smit-Kamerbeek
Van de deelnemers in 'De beste hond ter wereld' is Betty Smit -Kamerbeek uit Amstelveen misschien wel de meest professionele.

Familie Kluiters 
"Als ik moet kiezen tussen mijn man Wim of de honden, dan kies ik voor de honden. Daar hoef ik geen moment over na te denken. Kijk mijn man redt zich wel alleen, maar de honden die hebben mij gewoon echt nodig."

John & Annet
John (37) en Annet (44) Cawley wonen in Bergen op Zoom. Ze runnen samen een kapperszaak en hebben allebei één grote passie: honden. Ze hebben vier keeshondjes: Cloe (1 jaar), Harvey (2 jaar), Toby (5 jaar) en Tedje (6 jaar).

Bron:
KRO
  De beste hond ter wereld
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:32 Reageer op dit bericht

Kippen en hanen Shamo

Shamo -


shamohaan.jpg
shamohen.jpg

De Shamo is van oorsprong een ras uit Japan.
Shamo's zijn vechtlustige hoenders en is een héél oud ras en erg imposant.
De kleurslagen van de Shamo's zijn tarwe, roodhalzig zwart, zilverhalzig zwart, wit, blauw gezoomd, roodporselein, zwart, patrijs, zilverpatrijs en meerzomig zilverpatrijs, .
Shamo's leggen ongeveer 70 eieren per jaar en het gewicht van het ei is circa 60 gram en de kleur van het ei is bruin.
Als nut ras hoort de Shamo onder de vleesrassen.
De Shamo heeft een erwtenkam.
Het gewicht van de haan is ongeveer 6000 gram en van de hen 4000 gram.
De ringmaat is voor de haan 20 mm. en voor de hen 18 mm.

Voor meer informatie over het ras Shamo dan kunt u even gaan kijken bij de onderstaande link(s)
Aziatische Vechthoenrassen
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 01:12 Reageer op dit bericht

Vogels 'Vetbollen en pinda's zijn uit den boze' (Knudde1)

'Vetbollen en pinda's zijn uit den boze'

door Mark Boomsma


NIJMEGEN - De Dierenambulance Nijmegen (DAN) en Vogelbescherming Nederland adviseren iedereen de komende maand te stoppen met het bijvoeren van vogels met pinda's en vetbollen. De pasgeboren vogels kunnen namelijk stikken in het voedsel.

Slideshow image
ANP Photo
"In de winter kan bijvoeren geen kwaad", aldus Jacqueline Bouwhuisen van DAN. "Maar in het voorjaar heb je veel jonge vogels en die hebben een speciaal dieet nodig. Vet eten is niet goed voor ze. Je moet van vogels geen mensen maken." Omdat de lente voor de deur staat en veel vogels dankzij extra voer de winter hebben overleefd komen er de komende maanden veel vogels bij.

Ruud van Beusekom van Vogelbescherming Nederland erkent het probleem, hoewel het bijvoeren volgens hem niet helemaal hoeft op te houden. "Vetbollen en pinda's zijn uit den boze. Daar kunnen jonge vogels in stikken", zegt ook hij. De vogelvriend moet daarom overwegen wat hij de dieren voorschotelt. "In dierspeciaalzaken kan men voedsel krijgen dat wèl geschikt is tijdens de lente."

Omdat de natuurlijke voedselbronnen nu nog schaars zijn, adviseert hij wel te blijven voeren. De zaden zitten nog niet aan de bomen en in de lente is er voor de jonge vogels veel eten nodig. " Vooral in de stad is de voedselvoorziening schaars. Vaak zijn de dieren door het leven in de stad van slag en gaan ze sneller broeden", zegt Van Beusekom. "Er komen dan veel jonge vogels op een moment dat er nog niet genoeg eten is. Bijvoeren kan dan geen kw


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:14 Reageer op dit bericht

VIssen Oorsprong en meer info over goudvissen

Oorsprong

De eerste goudvis is volgens Chinese bronnen rond 300 na Chr. ontdekt. Met de kweek ervan wordt ruim 1000 jaar geleden begonnen. De goudvis stamt af van de zilverkroeskarper. Met de oranje- en geelkleurige jonge kroeskarpers wordt verder gekweekt. Hieruit ontstaat de gewone goudvis. In de 17e eeuw is deze vis in Europa geïntroduceerd.

De goudvissen worden volgens de traditie in ondoorzichtige bakken van aardewerk gehouden. Zo is er geselecteerd op kenmerken die het kijkgenot van boven af verhogen. Zoals uitpuilende ogen, een compact lichaam of dubbele staartvinnen. Inmiddels zijn er ontzettend veel varianten op de gewone goudvis door jarenlange kweek. Zo is er de Hemelkijker, die de ogen boven op de kop heeft, of de Sluierstaart-Oranda met een grote neerhangende staartvin. De blaasoog heeft met water gevulde zakken onder zijn ogen.

Denk na

Als u een goudvis wilt kopen, bedenk dan van tevoren dat deze vissen wel 20 jaar oud kunnen worden. Helaas bereiken veel goudvissen een leeftijd van niet meer dan een paar weken of maanden door slechte verzorging. Hoewel de goudvis één van de gemakkelijkste vissen is ¨in het onderhoud¨, is er toch een basiskennis nodig om het dier goed te kunnen verzorgen. Zolang het vis in uw bezit is zult u er dus dagelijks de nodige aandacht en zorg aan moeten besteden.

Overweeg of u dagelijks de tijd heeft en wilt nemen om de vis(sen) te verzorgen. Daarnaast kost het schoonmaken van het aquarium of de vijver wekelijks zo'n 2 tot 3 uur. Houd er rekening mee dat u voor vervanging zorgt, als u zelf een paar dagen weg gaat of op vakantie bent.

Huisvesting: Als een vis in het water                                                                  

Wie goudvis zegt, denkt waarschijnlijk aan een viskom. Kommen zijn niet geschikt voor goudvissen. Ten eerste is de zuurstofuitwisseling door de nauwe hals van de bolronde kommen zeer gering. De vissen kunnen hierdoor ernstig zuurstofgebrek hebben en een langzame verstikkingsdood sterven. Ten tweede is een kom vaak te klein voor de vis(sen). Tenslotte verontreinigen ze veel sneller dan een aquarium.

Schepnet

Gebruik een schepnet om de vis uit het water te halen. Deze zijn er in alle soorten en maten. Hoe groter het net is, hoe gemakkelijker de vis te vangen is. Zorg ervoor dat de goudvis aan het net gewend raakt. Leg er bijvoorbeeld wat voer in en volg de vis vanaf de zijkant van het aquarium en niet van bovenaf.

Aquarium

Goudvissen zijn bewegelijke vissen die veel ruimte nodig hebben. Een technisch ingewikkeld aquarium is overbodig, maar een goudvis in een kom leidt een slecht leven. Er is een regel die zegt dat een vis per centimeter lichaamslengte 1.8 liter water nodig heeft. Een goudvis met een lengte (van neus tot staartwortel gemeten) van 8 centimeter heeft dus minstens 14,4 liter water nodig. Heeft u meerdere vissen, dan neemt het benodigde watervolume dus toe met het aantal centimeters 'vis'. Een andere bron vermeldt dat goudvissen met een totale lengte van 15-20 centimeter minstens een aquarium van 200 liter nodig hebben (100x40x50 cm). Zolang ze nog jong zijn is een bak van 80 liter voldoende (80x35x40 cm). Zeer belangrijk is in ieder geval een groot wateroppervlak, zodat er voldoende zuurstof beschikbaar is.

Voor een bak met een lengte tot 80 cm. is een binnenfilter met een membraanpomp geschikt. Grotere bakken hebben een waterpompfilter nodig. Het is de bedoeling dat hierbij de inhoud van het aquarium één keer per uur het filter passeert.

Daglicht of verlichting

Plaats het aquarium op een koele plaats en niet bij een venster op het oosten, zuiden of westen in verband met fel zonlicht. Als het aquarium niet bij een raam staat is kunstmatige verlichting nodig. Diverse lampen zijn geschikt. Halogeenlampen hangt u vrij boven de bak. Tl-buizen met de lichtkleuren nr. 21, 22, 31 en 37, plaatst u in een houder boven op het aquarium. Per liter water is 0.5 tot 1 watt nodig, anders komen de waterplanten om. Zorg dat de lampen een veiligheidskeurmerk dragen.

Let op dat het water niet door invloeden van buitenaf extra kan opwarmen. De beste temperatuur ligt tussen de 10 en 22 graden Celsius. Goudvissen zijn koudwatervissen en hebben dus geen water met tropische temperaturen nodig. Ook hebben ze geen speciaal zeewater nodig. Vissen zijn koudbloedig. Ze kunnen hun eigen temperatuur niet regelen en nemen de temperatuur aan van het water waarin ze leven. Een plotselinge temperatuursverandering van het water maakt dat hun eigen temperatuur ook snel toe- of afneemt.

Varianten op de gewone goudvis zijn vaak moeilijker te verzorgen. De sluierstaart heeft zo bij voorkeur een watertemperatuur van 22-24 graden Celsius nodig. Bij deze temperatuur is het dier actiever. Hiervoor is elektrische staafverwarming of een verwarmingskabel met een laag voltage nodig. Vraag hiervoor altijd om advies bij de speciaalzaak. Leg een drijvende thermometer in het water om de temperatuur te controleren. Zorg ervoor dat de stekker uit het stopcontact is alvorens het water aan te raken.

Dek het aquarium af met een kap, zodat niet te veel water verdampt en geen stof of dampen in het water terechtkomen. Bedek de bodem met fijne kiezelsteentjes of grind (1-3 mm). Strooi vervolgens een laagje grovere kiezels (5-8 mm). De kiezels moeten rond zijn, zodat de goudvis zijn mond niet beschadigt. Zorg ervoor dat ze schoon zijn, door ze eerst in een emmer grondig te spoelen.

Een aantal decoraties in het aquarium is leuk, maar laat ook ruimte voor de vis over. Zorg ervoor dat deze accessoires niet scherpe randen hebben. Plaats ook een aantal waterplanten (zie plantaardig voedsel). Vul de bak als laatste met water (de vis volgt als allerlaatste!). Gebruik hiervoor gewoon leidingwater. Het mag echter niet direct uit de kraan komen en moet eerst een dag staan. Gebruik geen gechloreerd water.

Vijver

De aanleg van een vijver kost aanmerkelijk meer voorbereiding dan de aanschaf van een aquarium. Houd echter rekening met het volgende. Een vijver heeft per dag 4 tot 6 uur zonlicht nodig en mag niet in de buurt van vallende bladeren liggen. Als u wilt dat de goudvissen ook in de winter in de vijver overleven dan heeft u een diepwatergedeelte nodig van 1 vierkante meter met een diepte van 80 cm. Voor meer informatie over vijvers verwijs ik onder andere naar de genoemde literatuur in de bronvermelding.

Van belang is verder de reigerstand bij u in de buurt. In veel gevallen zal u vijver worden gecontroleerd op door ¨de luchtmacht¨en uw felgekleurde vissen zijn snel aan de beurt. Een net over de vijver of draden langs de kant en/of over het water wil vaak helpen.

Voeding                                                                                                                              

Wat vissen eten hangt van de vissoort af. Goudvissen hebben een specifiek voedselpatroon. Afwisseling in de voeding draagt mede bij aan een goede weerstand. Zorg dat de dieren niet te vet of te mager worden.Geef de vissen twee keer per dag, bij voorkeur op vaste tijdstippen, droogvoer. Geef zoveel als de dieren in ongeveer vijf minuten kunnen opeten.

In een vijver is het moeilijk te controleren of de vissen het voer daadwerkelijk opeten. Het kan ook naar de bodem zakken, waar het kan bederven. Gebruik daarom een houten raamwerkje of een voederring waarbinnen u het voedsel in de vijver strooit. Zo is beter te controleren wat de vissen eten en of het voldoende is. Geef in de dierenspeciaalzaak aan of u de vissen in een vijver of aquarium heeft. Er is speciaal vijvervoer.

Bewaar het droogvoer op een zo koel en droog mogelijke plaats. Let bij aankoop op de productie- en houdbaarhiedsdatum. Voer, ouder dan een half jaar, verliest zijn voedingswaarde.

Levend voer

Geef goudvissen een paar keer per week levend voedsel. Dit bestaat uit watervlooien, zoetwatergarnalen en rode en zwarte muggenlarven. Pas op voor het overbrengen van ziekteverwekkers, met name maagdarmwormen. Ga met een schepnet naar een visvrije poel op zoek naar deze diertjes. Zorg dat de diertjes tijdens het vervoer voldoende zuurstof kunnen krijgen, zodat ze levend de vijver of het aquarium bereiken. In dierenwinkels zijn ook tubifexwormen en rode muggenlarven verkrijgbaar.

Diepvriesvoer

Diepvriesvoer is een goede vervanger voor levend voer. Hiermee voorkomt u de kans op besmetting met parasieten. Diepvriesvoer bevat onder andere rode muggenlarven en krill. Deze diertjes bevatten veel natuurlijke kleurstoffen die een gunstige invloed op de kleur van de vis hebben. Bewaar dit voer nooit langer dan een paar maanden en ontdooi het in koud water alvorens te voeren. Met warm water blijft slechts drab over.

Plantaardig voer

Plantaardig voer bevat koolhydraten, welke belangrijk zijn voor de vissen. Zorg dat altijd verse waterplanten in het aquarium aanwezig zijn. Denza en Cacomba zijn bijvoorbeeld geschikte planten. Goudvissen eten graag algen. Algen leven in een vijver, maar ontbreken meestal in het aquarium. Geef aquariumvissen af en toe wat kropsla of spinazie. Was het eerst goed en koop bij voorkeur biologische (=onbespoten) groenten. Of strooi eens wat havervlokken in het water. Op plastic waterplanten groeien ook algen. Deze kunt u ook in de bak plaatsen.

Gezond als een vis                                                                                                        

Goudvissen worden niet snel ziek als u ze goed verzorgt. Naast de voeding is een schoon aquarium of schone vijver erg belangrijk. Ververs het water en de eventuele filter van het aquarium regelmatig. Ververs iedere week ongeveer 1/5 deel van het water. Steek een stuk slang in het water en zuig kort aan het andere uiteinde tot de slang zich vult. Vang het water op in een emmer. Ga met de slang over de bodem om het vuil op te zuigen.

In één keer alles verversen kan wel, maar dan moet het schone water eerst een aantal dagen staan voordat de vissen er weer in kunnen. Zorg er bij het verversen van het water dan ook voor dat de temperatuur van het ververste water dezelfde temperatuur heeft als het oude water. Doe dit met behulp van een thermometer.

Als u een tijd het water niet ververst of als het aquarium te vol is stijgt het nitraatgehalte. Ook als u te veel voert kan dit gebeuren. In een vijver werkt plantgroei het teveel aan nitraat weg. Deze planten en dode bladeren moet u regelmatig inkorten en verwijderen. Dode planten produceren juist nitraat. U merkt dat het nitraatgehalte te hoog is, doordat de vissen lusteloos zijn. Wordt de waarde tè hoog, dan zullen de dieren uiteindelijk sterven. In een speciaalzaak zijn meetvloeistoffen verkrijgbaar. Reinig de filter maandelijks.

Aanschaf                                                                                                                            

U kunt een goudvis het beste in de aquarium- of dierenspeciaalzaak met een aquariumafdeling kopen. Let er echter op dat het water waar de vis in de winkel in zwemt helder en schoon is. Dus geen veralgde ruiten, uitwerpselen in het water of een water dat een sterke geur verspreidt. Kijk ten tweede of de vis goed levendig is en geen ingevallen buik heeft. Als het dier rustig maar wel nieuwsgierig door de bak zwemt en eetlust heeft, dan voelt hij zich prettig. Dit laatste is echter moeilijk te controleren, daar de verzorger niet op elk moment van de dag de vissen kan voeren.

Let er tenslotte op dat het dier geen ziektes heeft. Koop geen vis met een kromme rug, vinnen die tegen het lichaam aanliggen, witte aanslag op de huid, huidzweren of een gezwollen buik met afstaande schubben.

De vis krijgt u mee in een, voor een deel met water gevulde, plastic zak. De verzorger perst de lucht er van boven uit en pompt zuurstof in de zak. Plaats de zak(ken) in een met kranten gevulde kartonnen doos. De reis kan dan best een paar uur duren. Bedenk echter wel, dat het dier zich in een vreemde situatie bevindt en hoe eerder thuis hoe beter.

Te water laten

Eenmaal thuisgekomen legt u de zak 30 minuten gesloten in het aquarium of de vijver om de temperatuur gelijk te krijgen. Laat daarna langzaam wat water uit het aquarium of de vijver in de plastic zak, zodat het water kan mengen. Als het voldoende is gemengd mag de vis uit de zak. Omdat vissen koudbloedig zijn, is het van groot belang dat ze niet in water met een groot temperatuursverschil komen(zie huisvesting).

Kweken

Misschien wilt u zelf gaan kweken met uw vissen. Dit kan en met goudvissen is dit niet moeilijk. Houd er wel rekening mee dat de verzorging dan optimaal moet zijn. Bedenk van tevoren of u ruimte genoeg heeft en of u de zorg van nog meer vissen op u wilt nemen. Om in een paar zinnen het kweken te bespreken is te beperkt. Hierover is echter voldoende uitgebreide informatie te vinden (zie bronvermelding). Verdiep u eerst hierin alvorens te beginnen.

Kostenplaatje                                                                                                                  

Hier volgt een overzicht van de belangrijkste benodigdheden voor het houden van goudvissen. De prijzen zijn bij een willekeurig dierenspeciaalzaak opgevraagd. Deze kunnen variëren. Globaal zijn dit echter de kosten die de aanschaf van een goudvis met zich meebrengt. Heeft u al een aquarium of vijver dan vervallen de kosten hiervoor.

Gewone goudvis:
1.45 euro
Sluierstaart goudvis:
2.05 euro
Aquarium 40 liter, incl. verlichting:
53.90 euro
Aquarium 40x25 cm. zonder deksel
29.75 euro
Plantjes(Cacomba)
0.30 euro
Accessoires :
variërend van 3 tot 9 euro
Filter:
3.55 euro
Aquarium zand-grint (8 kg, 3-6 mm):
3.60 euro
Steentjes (1 kg):
2.25 euro
Schepnet groot/klein:
2.10/1.95 euro
Algensteker:
4.25 euro
Thermoregulator:
18.50 euro
Aquachrystal (zorgt voor zuurstof en reinigt water):
3.95 euro
Tubifex 100 ml:
3.70
Rode muggenlarven 100 ml:
6.95
Visvoer 1000 ml:
variërend van 9.70 tot 15.95 euro

Tenslotte                                                                                                                          

Na dit artikel gelezen te hebben, weet u wat meer over goudvissen. Dit artikel is echter een handleiding voor het houden van goudvissen, maar omvat lang niet alle informatie. Onderwerpen als kweek en de diverse soorten goudvissen heb ik slechts kort genoemd. Toch hoop ik een beeld geschetst te hebben, wat het houden van deze vissen inhoudt. Bent u nog steeds enthousiast en wilt u de verantwoordelijkheid voor de zorg van deze dieren op zich nemen voor de komende jaren, dan wens ik u veel plezier met uw ¨gouden parels in het water¨.

Bronvermelding:

  • Goudvissen in aquarium en tuinvijver. Alles over aanschaf, verzorging, voeding. Dieter Jauch. Tirion Natuur. Vertaling van Goldfische und Kois in Aquarium und Gartenteich. ISBN 9051211503.

  • Ons eerste aquarium. Alles over basisuitrusting, de inrichting en onderhoud. Jorg Vierke. Vertaling van Unser erstes Aquarium. ISBN 900390166X.

  • Goudvissen. Zien en kennen serie. Mary E. Sweeney. Vertaling van ¨Goldfish¨. ISBN 9072718968.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:02 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Waarom eet mijn hond poep?

Waarom eet mijn hond poep?

pekinees    Sommige honden eten wel eens hun eigen poep of die van andere honden op. Een smerige gewoonte die je hem eigenlijk het liefst zo snel mogelijk wilt afleren. Hoe doe je dit? Maar waarom doet hij het eigenlijk?

Vitaminetekort 
Het  kan zijn dat je hond een vitaminetekort heeft. Wanneer  hij niet de juiste of genoeg voedingstoffen uit zijn eten kan opnemen, zal hij zelf proberen dit uit alternatieve voedingsbronnen zoals poep te halen. Geef je hond daarom een compleet hondenvoer, zodat er geen vitaminetekort kan ontstaan. Vaker is het eten van poep echter een gedragsprobleem.

Iets vervelends
Het  afleren van het eten van ontlasting is niet eenvoudig. Je moet je hond op het moment dat hij eraan wil beginnen laten weten dat het fout is. Dit kun je doen door hem dan te laten schrikken bijvoorbeeld door hard "nee" te roepen. Ook kun je bijvoorbeeld in de buurt van je hond met een krant op de grond slaan. Hij zal dan schrikken en het eten van poep associëren met iets vervelends. Sla niet op je hond, daarmee breng je hem alleen maar angst voor jou bij.

(Avro - Dier en Natuur)


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:22 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Waarom eet mijn hond gras?

Waarom eet mijn hond gras?

hond in het gras  Je verwacht niet dat honden van gras houden. En dit is ook niet zo. Honden hebben een reden om gras te eten. Een hele goede zelfs.
Maag
Sommige honden eten gras, omdat ze een brandend en pijnlijk gevoel in hun maag voelen. Door de vezels in het gras kunnen ze gaan braken of wordt de inhoud van de maag eerder in de darmen 'geduwd'. In beide gevallen verlicht dat de pijn.

Voer
Als je hond eens per week wat gras eet dan is er niet zoveel aan de hand. Wordt het meer dan is het verstandig dat je van voer verandert en het voer over meerdere porties per dag verdeelt. Meestal voldoet 4 keer per dag wat eten geven.

Aarde
Als je hond ook aarde gaat eten, moet je hem dat meteen verbieden. Dit  is een soort gedragsafwijking die je hem zo snel mogelijk moet afleren. 

(Avro - Dier en Natuur)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 16:18 Reageer op dit bericht


Beestachtige paardengevechten

Gepost op 21/02/2008, 13:05 door TDW
Trefwoorden: bizar

paarden06.jpg

Stierengevechten zijn volledig uit de mode. Op de Filipijnen hebben ze daar iets op gevonden. Zet twee opgefokte paarden in een ring en laat ze vechten tot de dood. Alsof dat nog niet ziek genoeg is, worden de restanten van de verliezer na afloop op de grill gegooid.

Op de foto’s in onze foto-special is duidelijk te zien hoe twee paarden elkaar stevig verminken. De dieren hebben diepe wonden in het gezicht en het bloed loopt hen in de ogen. Deze beestachtige taferelen worden door de Filipijnse overheid ontkend. Onze foto’s bewijzen het tegendeel. Wij kijken alvast uit naar het gevecht tussen de schimmel van Sinterklaas en het renpaard van Zorro (P.mag)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 18:31 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Wist je dat honden ook een pubertijd kennen?

Wist je dat honden ook een pubertijd kennen?

Een hond pubert vanaf 6 maanden tot 12 à 18 maanden. Net als bij mensen kan dit puberen voor de eigenaar wel eens verontrustend en frustrerend zijn. Jij als eigenaar bent ineens niet meer het middelpunt van zijn leven. De pup gaat op straat allerlei geurtjes achterna en trekt zich van jou niks meer aan. Concentratie? Wat is dat? Je pup heeft er allemaal geen zin meer in, de wereld om hem heen is veel interessanter. Hij doet net alsof hij je niet begrijpt, terwijl het vantevoren juist zo goed ging...

Niet getreurd: zodra je pup jongvolwassen wordt, verbetert de situatie. Het is belangrijk dat je hem al op jonge leeftijd goed hebt opgevoed, zodat hij na deze zes maanden van puberen, de draad gewoon kan oppikken.

Moet je de pup dan gewoon zijn gang laten gaan?
Nee, ga gewoon door met de training, gebruik eventueel een lange lijn zodat hij er niet vandoor kan gaan. Geef hem pas commando's en opdrachten als je er zeker van bent dat hij deze niet kan negeren.

(Hondentips.com)

hond_296.gif


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:39 Reageer op dit bericht

Paarden De puberteit

Paarden: De puberteit

In de puberteit, dus tussen de 4 en 7 jaar, kan je gaan werken aan verdere kwaliteiten van het paard. Je kunt zijn conditie verbeteren en zijn eerste oefeningen leren zoals schoudervoor en wijken etc.

Je kunt nog sleutelen aan de houding van het paard en aan zijn gedrag. Pubers kunnen strontvervelend zijn, maar met een conseqeunte aanpak gaat alles goed.

In puberteit is het de tijd om het paard verder naar je eigen handen te zetten en het paard wedstrijdervaring op te laten doen.

Omdat dit de jaren zijn waarin vrijwel het meeste wordt aangeleerd komen nu de meeste rijtechnische problemen naar boven.

Voor je een paard goed verder wilt opleiden na zijn eerste ervaringen met iemand op zijn rug moet je heel conseqeunt en zelf verzekerd te werk gaan. Je gaat als eerste verder aan je basis, hieronder eventjes een opsomming van hoe een goede basis eruit hoort te zien.

1. Een paard MOET stilstaan bij het opstappen

2. Niet meteen weglopen als de ruiter eenmaal is opgestapt.

3. Pas iets doen als de ruiter het vraagt, geen seconde eerder of later!

4. Het reageert op lichte beenhulp en is dus aan het been.

5. Ho is ho! (een hele belangrijke)

6. Het is ontspannen en loopt over de rug

En alleen deze basis alleen al aanleren kost een heleboel tijd, neem deze dan ook.

Beloon wanneer het paard het goed doet, straf het niet zomaar omdat je zelf er de pest in hebt, maar houdt je hoofd erbij. Straffen is niet nodig, zwijgen is effectiever.

Hou altijd dezelfde regeltjes aan, laat het paard niet met je weglopen omdat jij er een dagje makkelijker over denkt want anders zal hij het nooit leren.

Dit begint dus al bij het opstappen, zelfs al voor je erop stapt moet het paard op jou letten als jij wat vraagt.

Wanneer deze basis erin zit kan je verder trainen naar zijgangen etc. voorkomt trouwens een boel rijtechnische problemen.

Fouten bij de pubers

Niet dat dit alleen de fouten zijn die bij de pubers gemaakt worden, maar ook al bij het inrijden!

Er zijn nog altijd teveel mensen die het toelaten dat een paard al wegloopt bij het opstappen, waar is het respect dan van het paard?

Dan schreeuwen ze 'HO', maar dan heb je het al tever laten komen.

De enige manier om dit op te lossen is het paard netjes stilzetten,belonen als het bijft stilstaan, desnoods in een hoek met een snoepje. Dan er rustig opstappen, blijft het paard meteen staan? beloon hem dan meteen uitbundig. Staat hij niet stil? trek hem dan weer gelijk op zijn rem, als hij dan blijft staan beloon je alsnog even. Op deze manier zal het paard snel genoeg begrijpen dat het stil moet staan. Wat nog beter is; is net zolang op en afstappen tot het paard het door heeft. Heel erg vervelend maar het werkt wel.

Veel ruiters laten ook gewoon het paard het tempo bepalen, ook dit is fout. Gaat een paard te hard? ga dan een gang lager of zet het desnoods stil. Het moet op jou gericht zijn, ook kun je schijnovergangen maken.

Gaat een paard te langzaam? zet hem dan eens in galop of in een flinke middendraf. Hou de actie en variatie erin en rijdt veel overgangen, zo'n paard is in geen geval aan het been!

En dat is dus ook weer een veel gemaakte fout, een paard kun je tevens door veel overgangen aan je been krijgen.

Geef een lichte kuitdruk en daarop moet het paard reageren, reageert hij niet? dan mag de hulp wat steviger, reageert hij nog niet? dan mag je best een tik achter de kuit geven.

Ga net zolang door tot hij wel op die lichte hulp reageert, en houdt de benen stil, als je iedere pas aandrijft wordt hij alleen maar stomper op de tijd. Heb je kloppende onderbenen? dan kan je het beste een keertje op een betrouwbaar paard je benen laten vastbinden of een instructeur raadplegen die je ermee kan helpen.

Wat ook vaak verkeerd wordt gedaan is dat als er aan een paard wordt gevraagd stil te staan de ruiter wel drie keer moet trekken voordat het dier werkelijk stilstaat!

Hardstikke fout!

Hiervoor geld hetzelfde als bij het opstappen.

En als laatste, het paard loopt niet over de rug, en moet dan vaak al zijgangen lopen etc. Dit is niet mogelijk al lijkt het in ogen van sommige ruiters wel zo, wanneer een paard aan je been is zakt het vaak al automatisch want dit is een natuurlijke reactie. Dus de kans is groot dat in zo'n geval het paard niet aan het been is, of een tweede kan zijn dat de ruiter het paard blokkeert te zakken door bijv. te zitten als een zoutzak of het bit vast te houden of beide.

(paardenzoekservice)


00-17.gif






Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:33 Reageer op dit bericht

Mopjes (Martina1)

-"Ik wil het allerliefst een huisdier voor m'n verjaardag," zegt Kim tegen haar moeder. " Een huisdier...okee, maar eh...wel een kleintje hé? Laten we zeggen, niet eentje met grote poten..."
"Yes" roept Kim. " Bof ik even dat een paard  BENEN heeft!"
191.gif

-Er komt een paard een café binnen, maakt een salto en komt precies op een kruk terecht. Zegt die barkeeper: " Waar heb je dat geleerd"? Zegt dat paard: " ik werk in het circus". Even later komt er nog een paard binnen. Die maakt een dubbele salto en een flikflak en komt ook precies op een kruk terecht. Zegt de barkeeper:" Jij werkt zeker ook in het circus". Zegt het paard: "hihi nee, ik struikelde over de deurmat!"
76.gif

-Een vrouw heeft een hondje dat Zoiets heet. Ze houdt heel veel van het hondje. Als het beestje op een dag wegloopt, zit de vrouw net in bad. Ze rent helemaal naakt de straat op en vraagt wanhopig aan de postbode: " Heeft u Zoiets vandaag gezien?" Antwoordt de postbode: " Om eerlijk te zijn, heb ik zoiets nog nooit gezien!"
00096.gif

-Er zitten twee vogels in een boom te kijken hoe een schildpad telkens weer uit een boom springt en dan met z'n poten gaat klapperen. Na een tijdje zegt de éne vogel tegen de ander: " Schat ik denk dat we hem nu toch maar eens moeten vertellen dat hij geadopteerd is."
17.gif

Een bruine en een witte merrie staan met hun veulens in de wei. Zegt het witte veulen tegen dat bruine veulen: " mag ik een keer bij jouw moeder drinken?". Vraagt dat bruine veulen "waarom?"
Zegt dat witte veulen " nou ik zou ook wel eens chocolademelk willen drinken";
paarden4-klein.jpg

- Hoe  laat is het als een paard op een hek gaat zitten?
  Tijd om een nieuw hek te kopen!!!
paardklein1.jpg

-Een jonge egel raakt verdwaald in de tropische tuin van Artis. Als het donker wordt slaat de angst toe. Elke keer als hij zich aan een cactus stoot fluistert hij in paniek: " Ben jij dat mammie?"

34.gif 
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:31 Reageer op dit bericht

Dierenverhaal De worm en de wilde dieren (Martina1)

De worm en de wilde dieren
 
   
De worm en de wilde dieren
Er was eens een worm. Hij drong het hol van de haas binnen die er een keertje niet was. Toen de haas thuiskwam en sporen op de grond zag, riep hij: "Wie is er mijn huisje binnengedrongen?" Luidkeels schreeuwde de worm: "Ik ben het, de roemrijke krijger, de zoon van de grote man wiens enkelringen zijn losgeraakt toen hij vocht in het land van Kurtiale. Ik gooi zonder problemen een neushoorn op de grond en stamp een olifant zo fijn als koeienstront. Mij klop je niet!"

De haas ging weg, want hij dacht: Wat kan een arme kleine als ik doen tegen zo'n monster dat neushoorns en olifanten neerlegt? Toen hij de jakhals tegenkwam, riep hij diens hulp in tegen het monster dat zijn huis bezette. De jakhals liep met de haas mee naar het hol en blafte daar: "Wie heeft het aangedurfd het huis van mijn vriend de haas binnen te dringen?" De worm schreeuwde weer: "Ik ben het, de roemrijke krijger, de zoon van de grote man wiens enkelringen zijn losgeraakt toen hij vocht in het land van Kurtiale. Ik gooi zonder problemen een neushoorn op de grond en stamp een olifant zo fijn als koeienstront. Mij klop je niet!"

Na dit gebral hield de jakhals het voor gezien, want wat kon hij beginnen tegen zo'n geweldenaar? De haas hupte de steppe op, en al vrij gauw ontmoette hij een luipaard. Ook de luipaard wou wel even mee naar het hol. Hij brulde: "Wie daar?" En de worm riep vervaarlijk: "Ik ben het, de roemrijke krijger, de zoon van de grote man wiens enkelringen zijn losgeraakt toen hij vocht in het land van Kurtiale. Ik gooi zonder problemen een neushoorn op de grond en stamp een olifant zo fijn als koeienstront. Mij klop je niet!"

De luipaard vroeg zich af: "Als hij de neushoorn en de olifant verpletterd heeft, hoe zal ik er dan uitzien als hij met me klaar is?" en hij koos wijselijk het hazenpad. Weer ging de haas hulp halen, en dit keer kwam hij thuis met een neushoorn. Maar toen de worm zich had bekendgemaakt dacht de neushoorn: Die daar heeft mijn broertje gevloerd, dus ik kijk wel uit. En ook hij droop af. Niet lang daarna liet ook de olifant weten dat hij bij nader inzien toch liever niet tot koeienstront vermorzeld werd.

Mistroostig dwaalde de haas rond met de gedachte dan maar ergens anders te gaan wonen, toen een rode mier hem vroeg waarom hij zo treurig keek. "Ach," zuchtte de haas, "dat is een lang verhaal," en hij vertelde de rode mier hoe hij de hulp van vele grote dieren had ingeroepen om zijn huisje terug te krijgen, maar dat ze allemaal bang waren geworden. "Geen punt," sprak de rode mier, "ik ga wel met je mee. Laat mij dit varkentje maar wassen." Even later liep hij stoer het hol in, en riep: "Goed volk! Is hier iemand?" De worm bulderde met zijn zwaarste stem: "Ik ben het, de roemrijke krijger, de zoon van de grote man wiens enkelringen zijn losgeraakt toen hij vocht in het land van Kurtiale. Ik gooi zonder problemen een neushoorn op de grond en stamp een olifant zo fijn als koeienstront. Mij klop je niet!"

In plaats van weg te lopen antwoordde de rode mier: "O ja? Laat me niet lachen!" Hij greep de worm vast, sleurde hem het hol uit en sloeg hem zo dood als een pier. De haas riep alle dieren bijeen om naar de dode worm te kijken. "Wie niet sterk is moet slim zijn," sprak hij. Toen ging de luipaard op jacht, en toen hij daarvan terugkwam, legde hij zijn prooi aan de voeten van de rode mier, om hem hulde te betonen.


* * * EINDE * * *

worm2.gif


(beleven.org)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 16:29 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes WAAROM DE STRANDLOPERTJES DE GRENS BEWAKEN TUSSEN LAND EN ZEE (Martina1)

WAAROM DE STRANDLOPERTJES DE GRENS BEWAKEN TUSSEN LAND EN ZEE


.Lang, lang, heel lang geleden ruzieden de Zee en het Land voortdurend over de grenslijn. Als de Zee vond dat het Land te veel van de Zee had afgepikt, dan nam zij het terug tijdens razende stormen.
Rustte de Zee uit van haar razernij, dan vormde het Land in stille tijden duinen en slikken. Kreeg het Land lang genoeg de kans, dan verstevigde zij de terreinwinst door op het teruggewonnen gebied planten te laten groeien die met hun wortels lange tijd de bulderende Zee konden weerstaan. Maar daardoor werd de zee nog bozer. Als de planten hun bladeren hadden laten vallen voor de winterrust, eiste de Zee tijdens heftige herfststormen het verloren gegane land terug, De dieren waren vaak slachtoffer van de voortdurende conflicten en riepen tenslotte in wanhoop uit dat aan dat eeuwige geruzie een einde moest komen. Zij stelden aan de Zee en het Land voor dat er een scheidsrechter benoemd zou worden die de definitieve grenzen tussen de Zee en het Land zou vastleggen. En zo gebeurde het.
Op grote hoogte bekeek de zeearend weloverwogen de standpunten van zowel de Zee als het Land. Maar de grens die de zeearend aanwees werd door de Zee betwist, want zo zei de Zee, de zeearend was te veel een landdier en daarom niet objectief.
Daarop beoordeelde de walvis heel geduldig de visies van het Land en de Zee. Maar de grens die de walvis adviseerde, werd verworpen door het Land, omdat, zo zei het Land, de walvis als zeedier partijdig was.
Iedereen hief de armen, vleugels en poten ten hemel en vreesde de wederopleving van de twisten tussen de Zee en het Land. Toen kwam plotseling de Voorzienigheid tussen beide.
De Voorzienigheid gaf de Zee en het Land een grensbewaker cadeau. Het was een klein, onopvallend vogeltje, wit met wat vage vlekken: het strandlopertje. Het strandlopertje leefde op de grens van Zee en Land. Zij rende altijd mee aan de rand de uitvloeiende golven op het strand. Ze lette er op dat de Zee niet te ver het Land opkwam, maar ook dat het Land geen duintjes vormde om de Zee tegen te houden. Dit vogeltje deed haar werk zo goed dat zowel de Zee als het Land akkoord gingen. Ze werd officieel benoemd als scheidsrechter. In de loop der eeuwen heeft ze voor veel nakomelingen gezorgd. Nu zijn er verscheidene soorten die overal ter wereld de grens te bewaken.

Drieteenstrandloper © Ben van den Broek

Drieteenstrandloper © Ben van den Broek

De strandlopertjes doen tot op de dag van vandaag hun best om de grens tussen de Zee en het Land te bewaken. Ook aan de Nederlandse kusten zien we vooral de kleine drieteenstrandlopertjes heel ijverig op en neer rennen op de grens van Zee en Land.

(ourworld.compuserve.com)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:26 Reageer op dit bericht

Paarden Beroemde paarden (Martina1)

Beroemde paarden



Bucephalus
Hier volgt het verhaal van Bucephalus. Een beroemd paard, of laat ik beter zeggen een berucht paard, waarover verschillende verhalen in allerlei versies de ronde doen. Dus neem het me niet kwalijk als je andere verhalen zou lezen met een iets wat andere inhoud over dit paard.

Bucephalus was het lievelings paard van Alexander de Grote. De vader van Alexander, Philip (Philippos ), koning van Macedonia kocht het paard van de paardenhandelaar Philonicus voor dertien talenten. Het was een wild paard dat niemand kon berijden. In sommige versies wordt Bucephalus beschreven als een paard dat zo agressief was dat het stukken uit mensen beet en opat.

Tijdens de pogingen van anderen om het paard te temmen, viel het de twaalfjarige Alexander op dat Bucephalus bang was voor schaduwen. Op een keer nam hij de teugels van de begeleider van het paard over, draaide het paard in de richting van de zon en galoppeerde weg zonder enige druk uit te oefenen. Hij stelde het paard gerust met zijn stem.

Volgens de verhalen stuurde de koning zijn beste ruiter achterna die tevergeefs moeite deed om hen bij te houden. Toen het paard moe werd en vertrouwen kreeg in zijn berijder keerde Alexander terug naar zijn vader. Hierna kreeg hij het paard.

Alexander noemde het paard Bucephalus, wat ossehoofd betekent, omdat het hoofd van het paard zo breed was als het hoofd van een os. Bucephalus werd alleen door Alexander gereden in de vele veldslagen die ze leverden van Griekenland tot Egypte en India.

Bucephalus overleed naar verluid op dertig jarige leeftijd tijdens een veldslag bij de Hydaspis rivier tussen Alexander de Grote en de koning van India (Poros). Bij de begrafenis huilde

Comanche

Comanche was een oorlogspaard dat in 1868 gekocht werd door het Amerikaanse leger. Het was een paard met Morgan- en Mustangbloed. Captain Miles Keogh vond het een mooi paard en kocht het van het leger voor $90,00.

De naam van het paard was eerst Paddy maar veranderde later in Comanche omdat na een gevecht bleek dat het paard geraakt was door een pijl van de Comanche-stammen.

In latere gevechten met de Comanche-indianen werd het paard verwond aan de benen en was tijdelijk verlamd. Later werd hij nog eens tweemaal verwond in de schouder.

De cavalerie was heel trots op hun paard dat, ondanks zijn verwondingen, steeds moedig terug de slagvelden in ging.

In 1876 vocht het leger tegen de Soux- en Cheyenne-indianen in de vallei van Little Big Horn. Comanche was het enige levende wezen dat na twee dagen ernstig gewond werd teruggevonden.

Opnieuw herstelde Comanche van zijn verwondingen en mocht op pensioen.

Men kreeg de orders dat niemand nog op hem mocht rijden. Comanche werd 29 jaar oud en was letterlijk het paradepaardje in militaire parades.


Lipizzaners

Tijdens W.O.II waren er maar tien Lipizzaners op de spaanse rijschool. Sommigen waren in beslag genomen door de duitse bezetters, anderen werden verstopt.
Kolonel Alois Podhajsky wist een Duitse officier te overtuigen de paarden met de trein uit het gebied te verplaatsen omdat hij bang was voor de bombardementen. Het duurde een hele week voor de tien hengsten een veilige plaats bereikten, dit vanwege beschadigde treinsporen. De kolonel wist dat er achter de vijandelijke linie nog een hele kudde Lipizzaners met veulens was. Hij sprak erover met de Amerikaanse generaal Patton. Omdat deze generaal zelf een echte paardenliefhebber was, stuurde hij kolonel Charles H.Reed om de paarden te gaan halen. De kolonel brak door de vijandelijke linies heen en verzamelde de kudde en bracht ze hierna in veiligheid.
Omdat de spaanse rijschool zo beschadigd was door de bombardementen konden de paarden pas in 1955 terugkomen. Vanaf de terugkeer is de schoonheid van deze paarden weer te zien in de prachtige voorstellingen met muziek.

Kijk ook eens bij de rasomschrijving voor meer info over de Lipizzaner

(Het verhaal werd later verfilmd en is te zien in de Walt Disney-film "The Miracle of the White Stallions".)


De witte Mustang

Dit verhaal begint lang geleden ergens in de woestijn van zuid-west Amerika, toen wilde paarden nog vrij rond konden lopen en de cowboys het vee hoedden op de rug van hun paarden.

De plaats waar ik het over wil hebben, had drie schone bronnen. Om van de ene bron naar de andere te gaan, moest je 32 km reizen. Er was zeker geen overvloed aan gras en door de rotsige, droge bodem waren er zelden mensen of vee in deze streek. Er leefden herten, vossen, coyotes, wolven, poema's en ... wilde paarden
.
Natuurlijk wil ik het nu over deze paarden hebben. Er was in dit gebied maar een kudde die het woeste leven aankon. De paarden hadden een hard bestaan. Ze moesten steeds op hun hoede zijn voor de wolven en de coyotes die in de zomer hun veulens probeerden te grijpen of voor de poema's, die zelfs een volwassen dier konden doden. Door de voedsel- schaarste, weinig gras en de bast van jonge boompjes, waren het kleine paardjes.
De leider van de kudde was een mooie, witte hengst. Hij was zwart geboren en langzaam werd hij witter. Toen hij vijf was, was hij spierwit. Als 's nachts de maan weerkaatst werd op zijn witte vacht leek hij soms zelfs blauw. Het was mooi de paarden als kudde te zien draven, alleen de witte hengst viel op omdat hij in telgang ging. Nooit zag je hem draven. Toen de hengst zes was, kwam hij voor het eerst in contact met de mens. Hij verzamelde snel zijn kudde en dreef ze weg van deze, voor hem angstaanjagende, wezens.

Een cowboy zag tussen de kudde de hengst in telgang wegvluchten terwijl de rest galoppeerde. Dit was het begin van de legende van het beroemde in telgang gaande paard. De witte Mustang van het westen. Omdat de mens vaker zijn territorium binnendrong, werd hij steeds vaker opgemerkt en hij werd steeds bewonderd. Het was namelijk een goed gebouwd paard, heel snel en heel slim. De hengst kende zijn territorium heel goed en werd zelden lang gezien want hij wist zijn kudde steeds heel snel te verbergen voor elke nieuwsgierige.

Uiteindelijk begon de hengst merries te stelen van de ranches die steeds meer in zijn buurt werden gezet. Hierdoor loofde men een beloning uit van 5000 dollar aan diegene die de hengst kon vangen en naar de ranch kon brengen om hem te temmen. Cowboys reden uit om de witte Mustang te vangen. Een van de beste cowboys en paardentrainers reed op zijn beste merrie die hengstig was. Dit in de hoop dat de hengst hierdoor naar hem toe zou komen.
Bij de achtervolging merkte de hengst dat het alleen om hem te doen was en verliet daarom zijn kudde. In telgang legde hij 24 km af, terwijl de merrie in volle galop achter hem aan zat. Toen de merrie in een gat stapte, viel ze samen met de cowboy. Deze had spijt dat hij ooit aan dit avontuur begonnen was, omdat hij nu heel de weg terug te voet moest doen met zijn kreupele merrie aan de hand. Hierna vertelde hij aan iedereen dat het gewoon verloren tijd was als er nog iemand zou proberen de hengst te vangen. Sommigen wilden het paard toch nog vangen en probeerden het te verwonden. Ze wilden hem neerschieten en dan vangen. Maar elke kogel miste zijn doel.

De beloning van 5000 dollar bleef lokken. Een cowboy verzamelde een groep van zes vrienden met twaalf paarden. Ze zetten de achtervolging in en wisselden de paarden om als ze te moe werden. Ze reden twee dagen en twee nachten achter de hengst aan en in de morgen na de derde nacht verloren ze hem uit het oog. Vol bewondering over de moed, snelheid en intelligentie van de witte Mustang gingen ze terug naar huis. Na deze uitputtende rit ging de hengst terug naar zijn kudde, verzamelde ze en ging naar het noorden om nooit meer gezien te worden. Ten minste...

Nog vele jaren erna vertelden mensen dat ze hem gezien hadden. Meestal liet de hengst zich bij het maanlicht zien. Zijn spookachtige verschijning bleef steeds ver buiten het bereik van kogels en mensen. Vandaag de dag worden er wel eens Mustangs geboren die in telgang gaan. Wie weet zijn zij wel de afstammelingen van de witte Mustang. 

Slimme Hans

Veel paardenliefhebbers zullen het beamen dat paarden slimmer zijn dan vaak verwacht. Het volgende verhaal gaat over een paard dat inderdaad slim was, maar op een heel andere manier dan zijn eigenaar verwachtte.

Een man, Von Osten genaamd, beweerde dat dieren minder slim waren dan mensen omdat ze niet dezelfde basis meekregen in hun opvoeding. Hij zou dit bewijzen door zijn hengst Hans te gaan onderwijzen op precies dezelfde manier als hij kinderen les gaf. Met schoolbord en alles er op en er aan begon hij aan het leggen van deze basis. Telkens als het paard een goed antwoord gaf, via het tikken met de hoef, werd het beloond met een wortel.

Na twee jaar intensief onderwijs behaalde hij al ongelooflijke resultaten. Het verhaal van het slimme paard deed snel de ronde en veel nieuwsgierigen kwamen kijken hoe het paard wiskunde-oefeningen zonder probleem kon oplossen. Geleerden vertrouwden de zaak niet helemaal en dachten dat Von Osten via een geheim teken ofzo aan het paard doorgaf wat het moest antwoorden. Dus moest hij de vragen opnieuw stellen maar pas wanneer het paard hem niet kon zien. Nog steeds gaf Slimme Hans het juiste antwoord.

Men kwam erachter dat het paard niet kon antwoorden als diegene die de vraag stelde zelf het antwoord niet kende. Het paard was zo slim dat hij had gemerkt aan de houding van de mensen (wenkbrauwen die begonnen te bewegen of bewegingen van de neusvleugels e.d.) wanneer hij moest stoppen met het tikken van de hoeven. Hierdoor was het op een heel andere manier wijs dan Von Osten had verwacht.

De man is deze teleurstelling nooit te boven gekomen, verkocht het paard aan handelaars en stierf later als een ongelukkig man.
El Morzillo

Als je over Indianen spreekt dan hebben de meeste van ons een beeld in gedachte van een krijger, opgesmukt met oorlogskleuren en een paar veren in het haar, die joelend op de rug van zijn paard op oorlogspad trekt. Maar wist je dat het beeld van Indianen samen met paarden eigenlijk niet zo vanzelfsprekend is als je zou verwachten?

De Indianen zagen pas voor het eerst een paard toen de eerste blanken begonnen met het veroveren/vernietigen van het Azteekse rijk. In 1519 komt Cortés in Mexico aan met zeshonderd soldaten en zestien paarden die de zware zeereis hebben overleeft. Het waren vijf merries en elf hengsten. Drie ervan waren gevlekt en één helemaal zwart. Deze paarden zijn de voorouders van veel Amerikaanse paarden (o.a. de Appaloosa's).

Het zwarte paard, het paard van Cortés, had de naam El Morzillo. El Morzillo raakte op een gegeven moment zwaar gewond aan een been en werd door Cortés achter gelaten bij Indianen. Hij beloofde hun het paard zo snel mogelijk op te komen halen. De Indianen hadden nog nooit een paard gezien, laat staan verzorgd. Omdat ze bang zijn het vertrouwen van Cortés te beschamen, met de gevolgen die daar bij horen (Cortés vernietigde namelijk in drie jaar het hele Azteekse rijk), namen ze de opdracht aan.

De Indianen probeerden El Morzillo gunstig te stemmen door hem offers te brengen in een tempel waar ze hem vereerden als een afgod. Het fruit en de kip die ze brachten als offer kwamen hun 'god' jammer genoeg niet ten goede en het mooie zwarte paard stierf.

Omdat de Indianen bang waren voor Cortés, die trouwens nooit is terug gekomen voor zijn paard, maakten ze een beeld van het paard en bleven dit vereren om zo elke rampspoed van zich af te kunnen wenden.

In 1697 viel er opnieuw een Spaans leger binnen die het werk van Cortés letterlijk en figuurlijk kwamen afmaken. Het beeld werd vernietigd maar zelfs als het er nog zou staan was er niemand meer om het te aanbidden.

De overgebleven paarden van Cortés bleken later de echte veroveraars van het 'nieuwe' continent en hebben de Indianen van Noord Amerika een paar mooie bladzijdes in de geschiedenis gegeven.

Lisette

Het volgende verhaal gaat over een paard met een heel apart karakter. De eigenaar van paard Lissette was een generaal in het Franse leger. Jean-Babtiste Marbot, zoals hij heette, had meerdere keren oog in oog gestaan met de dood maar was telkens gered door zijn mooie Mecklenburgermerrie.

Haar mooie uiterlijk was waarschijnlijk om haar karakter te compenseren want tijdens een gevecht leek ze meer op een pitbull dan op een elegante schone. Zodra er nog maar iemand in haar buurt kwam, beet ze met haar krachtige kaken waar ze maar bijten kon. Jean-Babtiste was er in geslaagd een van de enige te zijn die in haar buurt mocht komen. De methode die hij daarvoor had gebruikt was zeer apart te noemen. Toen Lisette een keer een poging deed hem te bijten, stopte hij haar een gloeiend hete lamsbout toe. Natuurlijk was dit geen aangename ervaring voor haar en hield ze er een paar blaren aan over.

Jean-Babtistes methode bleek te werken want daarna heeft ze hem niet meer gebeten. Met de nadruk op hem want tijdens een veldslag met de kozakken kon Marbot niets zien doordat hij tijdens de strijd verblind werd door de sneeuw. Lisette liet zich echter niet beperken door de situatie en beet het gezicht van een aanvallende kozak aan stukken en liet ook een Russische officier naar huis gaan met een paar extra 'ere'tekens.

Het grappige is dat deze woesteling op latere leeftijd zo mak werd dat ze, toen ze eenmaal op pensioen was, het knuffelpaard werd van een meisje en haar moeder die haar liefkoosden tot het laatst van haar dagen.

  Equus quagga quagga

Quagga komt van het Afrikaans kwagga en betekent zebra. De quagga was een van de meest voorkomende zebra's in Zuid-Afrika. Het dier leek gedeeltelijk op een een ezel en gedeeltelijk op een Zebra (achterkant ezel en voorkant zebra). Hij was ongeveer even groot als de huidige zebra's en had dezelfde bouw.



De Quagga had donkerbruine strepen aan het hoofd en de hals, een bruin lichaam,een witte buik en benen. Het geluid dat de Quagga maakte is het best te vergelijken met een schril geblaf. Elke poging het dier te temmen mislukte. Toch las ik ergens dat er in 1860 een span Quagga's de voederkar trok in een Londense dierentuin. De Quagga had in de ogen van de Afrikaanse boeren weinig nut. Om ze van de weidegronden te houden, werden ze in grote getalen afgeschoten. Hun vlees werd gegeten en hun huiden verwerkt. Het gevolg hiervan was dat vrijwel zeker het laatste wilde exemplaar in Afrika in 1861 werd doodgeschoten.

Je kon de enige levende Quagga's alleen nog maar bekijken in dierentuinen. Op 12 augustus 1883 stierf in het Amsterdamse Artis de laatste Quagga. Het vreemde is dat deze dieren die het zo goed deden in gevangenschap nooit verder gefokt zijn en toen iemand op het idee kwam het te laat was.

Via genetisch onderzoek startte men in Zuid-Afrika een fokprogramma om te proberen de Quagga terug te krijgen. Of het resultaat uiteindelijk zal zijn wat men ervan hoopt zal moeilijk worden want van de 23 Quagga's die men in verschillende musea nog kan gaan bekijken lijken er maar weinig op elkaar.

Tja, de uitspraak voorkomen is makkelijker dan genezen is ook hier weer erg toepasselijk


(paardentips.com)



00-04.gif


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:24 Reageer op dit bericht

Nieuws Hond geeft 20 keer bloed (Martina1)

Hond geeft 20 keer bloed

art_large_303768.jpg
De mastiff is een kloek hondenras
Lurch, een mastiff-hond van 90 kilo, werd door de Rode Kruisafdeling van Michigan in de bloemetjes gezet omdat hij twintig keer bloed heeft gegeven. Tijdens een plechtigheid in Howell kreeg hij de titel van 'Pet's Best Friend'.

Hondenlevens redden
Lurch, een 2-jarige Engelse mastiff, geeft eens in de vier weken bloed voor andere honden. Hierdoor werden al meerdere viervoeters van de dood gered, onder meer een hond die aan het rattenvergif gezeten had.

Dierentuin
Baasje Joni Melvin- Thiede is trots op Lurch. Maar ook z'n Lucas - een Amerikaanse mastiff - z'n zeven katten, z'n kippen en vier... zeehonden hebben zijn hart gestolen. (eb)

(HLN)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 15:02 Reageer op dit bericht

Nieuws Slangkopvis (Martina1)

   
large_302933.jpg Een Aziatische roofvis, gevaarlijker dan de piranha, is in Engeland uit een riviertje gehengeld. Volgens de krant The Sun is een 'dodelijke invasie' niet ver af meer.

Alleseter
De slangenkopvis heeft vlijmscherpe tanden en kan zelfs enkele dagen op het droge overleven. Het dier kan een centimeter of zestig worden en is zowat een alleseter. Waar de slangenkop opduikt, verdwijnt het meeste andere leven onder water.

Uit aquarium?
Andy Alder uit Hykeham was aan het vissen in de Witham-rivier toen hij het dier plots aan de haak had. "Het beest ziet er angstaanjagend uit", sidderde de man. Deskundigen denken dat iemand het dier uit een aquarium heeft losgelaten. (eb)






pt.gif pt2.gif



Streel wat niet kan helen, Martine en nico, een lieve snoet doet iedereen goed,


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:59 Reageer op dit bericht


Zoontje Steve Irwin gebeten door wurgslang

AMSTERDAM  -  De zoon van Steve Irwin heeft het onverschrokkene van zijn krokodillenjagende vader geërfd. Toen het vierjarige jongetje werd gebeten door een boa constrictor, een wurgslang, begon hij te lachen.
Foto: EPA

Weduwe Terri Irwin : „Kleine Bob was trots op zijn beet. Hij zei wel: ’ik hoop dat het geen giftige slang was’. Maar ik heb hem verzekerd dat ik hem daar nooit mee zou laten spelen.” Dochter Bindi (nu 9) werd al gebeten door een slang toen ze achttien maanden was.

Hopelijk gaan de kinderen hun vader niet in alles achterna… De Australische Steve overleed in september 2006 op 44-jarige leeftijd nadat hij was gestoken door een giftige pijlstaartrog.

De presenator van The Crocodile Hunter raakte in opspraak omdat hij tijdens een van zijn shows een krokodil voerde, terwijl hij de toen een maand oude Bob vasthield. Hij bood zijn excuses aan op tv, maar gaf aan dat hij wilde dat zijn zoon, door veel bij dieren te zijn, ook een dierenliefhebber zou worden. Dat lijkt wel gelukt.


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door mailgroep om 13:48 Reageer op dit bericht

Winterslaap was redding voor verwaarloosde slangen

DORDRECHT - Zeven slangen, twee sterk vermagerde katten, een dode gordelstaarthagedis, een chinchilla met mijt, veertien verwaarloosde hagedissen, vier dode ratten en de restanten van dode muizen.
afbeelding vergroten FOTO NICO SCHOUTEN
Deze beestenbende troffen de Dordtse Dierenbescherming en vier medewerkers van de dierenambulance zaterdagavond aan in een woning aan de Bilderdijkstraat in Dordrecht.
De eigenaren van alle dieren, een man en vrouw, zijn volgens kennissen van het stel zes weken geleden met de noorderzon vertrokken. Behalve hun twee honden, lieten zij de rest van de niet alledaagse veestapel onverzorgd achter.
De 18-jarige Virginia Maas hoorde van een vriendin dat het stel vertrokken was.
Omdat het meisje in het verleden wel eens voor de dieren had gezorgd, had zij een sleutel van de woning en ging direct poolshoogte nemen.
,,De tranen stonden in mijn ogen toen ik hier binnenkwam. Alleen al de stank en het klaaglijke geluid van de katten. Het was echt afschuwelijk,’’ aldus een aangeslagen Virginia. Het meisje gaf de katten onmiddellijk water.
Zowel de huiskamer, waar naast wat schaars meubilair zes terrariums staan en een grote kooi voor de chinchilla, als de keuken maakt een zeer desolate indruk. Boven is er geen licht. In het schijnsel van een zaklantaarn doemen de dode ratten, die als voer voor de slangen dienden, op.
De slaapkamer was omgetoverd tot permanent verblijf van de slangen van de met de noorderzon vertrokken bewoners.
Volgens reptielendeskundige John Noorlander, die door de Dierenbescherming was opgetrommeld, is het boven veel te droog. ,,Slangen kunnen in de wintermaanden lang zonder eten en dat is hun redding geweest.’’
Noorlander nam alle hagedissen mee. De slangen (geen giftige) gingen stuk voor stuk in een doos die voor de zekerheid met plakband werd dichtgemaakt. Volgens de kenner had het stel geen illegale diersoorten<NO1> in bezit<NO>. ,,Ze hebben er alleen niet goed voor gezorgd. Ik neem ze allemaal mee en lap ze wel weer op.’’
De twee katten werden door kennissen opgevangen en de chinchilla mocht met Hannie Groenendijk van de Dierenbescherming mee naar huis.
Groenendijk heeft geen goed woord over voor het stel dat zoveel dieren onverzorgd achterliet in de woning. ,,Ik heb al heel wat meegemaakt maar dit slaat echt alles. De stank in de woning, de uitwerpselen, de verwaarloosde dieren, het is bijna niet te omschrijven.’’
Buurtbewoners in de Bilderdijkstraat vernamen zaterdagavond met dubbele gevoelens de ontruimingsactie in het huis van hun buren. ,,Voor de dieren is het vreselijk dat ze zo onverzorgd zijn achtergebleven. Maar dat de man en vrouw vertrokken zijn, vinden we geen gemis. Het stel zorgde met de regelmaat van de klok voor overlast, dat had iets met drugs te maken. En ook hun honden blaften continu en de stank van het zwembad in de achtertuin was in de zomermaanden echt te ranzig voor woorden,’’ aldus omwonenden.


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:34 Reageer op dit bericht

Los gebroken stieren houden politie bezig

zondag 17 februari 2008

MUNNEKEZIJL - Zondagmorgen rond 10.30 uur zijn er  vijf stieren en vier  koeien ontsnapt uit de  stal bij een boerderij aan de Olde Borchweg nabij Munnekezijl. De dieren zagen een wandeling in het mooie weer wel zitten en gingen direct de weilanden in. De boer ging  met hulp van de in allerijl geroepen buurtbewoners achteraan.  Met hulp van vijftien mensen lukte het om  vijf dieren weer in de stal te krijgen. Twee  stieren en twee  koeien bleven eerst achter  in de vrije natuur.

Al snel bleek dat het geen gemakkelijke klus zou worden om de laatste runderen te vangen.  Bovendien was het  ook gevaarlijk. Iedere keer als iemand iets te dicht bij kwam, kwam  één van de stieren dreigend op z’n belagers af. Uiteindelijk bleef  alleen nog de mogelijkheid over om de stieren met een verdovingsgeweer neer te schieten. Hiervoor werd Roel de Haan, dierenarts uit Kollum en de politie gealarmeerd. De politie kwam met meerdere voertuigen ter plaatse.

Ondertussen  was een van de stieren door de weilanden en sloten uitgekomen bij de Leegsterweg te  Warfstermolen. Daar werden de posities ingenomen en het dier naar de schutter gedreven. Dit lukte en één schot bleek voldoende te zijn om de stier te doen inslapen.  Hierna werd  deze met een trekker en veewagen uit het land gehaald. De twee koeien en de andere stier lieten zich niet zo  makkelijk pakken.

Twee speciaal voor deze taak  opgeleide politieagenten stapten bij de veehouder op de trekker. Getracht werd vanuit de trekker, overigens ver buiten het bereik van onze fotocamera,  de dieren  te verdoven. De stier bleek taaier dan verwacht. Na twee schoten werd hij  suf maar bleef rond lopen. Net na 15.00 uur  was de klus  geklaard en stonden de dieren weer veilig in de warme stal.

© Foto’s: Jan Beets

Los gebroken stieren houden politie bezig - Klik voor een vergroting

Los gebroken stieren houden politie bezig - Klik voor een vergroting

Los gebroken stieren houden politie bezig - Klik voor een vergroting

Los gebroken stieren houden politie bezig - Klik voor een vergroting

(radionaf.nl)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:31 Reageer op dit bericht

Mierenegel (Knudde1)

Mierenegel
Groep : op het land levende zoogdieren

mierenegel.jpgIn een land van ongewone zoogdieren is de mierenegel wel één van de vreemdste. Hij behoort tot een kleine groep eieren leggende zoogdieren die 'monotremen' worden genoemd. Hun voorouders kwamen al voor in de tijd van de dinosaurussen. De fantastische graafkracht, de beschermende stekels en het flexibele gedrag verklaren hoe de mierenegel zich heeft kunnen handhaven en het meest voorkomende inheemse zoogdier van Australië is geworden.
Het gedrag van de mierenegel is sterk afhankelijk van het plaatselijke klimaat. Hij heeft weinig zweetklieren en een lage lichaamstemperatuur. Wanneer deze boven de 35 graden Celsius uitstijgt, zal het dier vrijwel zeker sterven. Daarom foerageert hij tijdens de zomer en in hete woestijnen meestal in het donker, maar is hij op besneeuwde bergen vaak overdag actief. Het solitaire en niet-territoriale dier heeft een leefgebied van ongeveer tweehonderd hectare. Hierbinnen bevinden zich gewoonlijk verschillende schuilplaatsen. Om aan aanvallers te ontsnappen rolt de geheimzinnige mierenegel zich op. Soms graaft hij zich snel in met zijn vier poten in de zachte bodem.
Australië is rijk aan mieren en termieten. Ze vormen het grootste deel van het menu van de mierenegel, naast wormen, kevers en verschillende insectenlarven. Voor iets groters is in de kleine bek van het dier geen plaats. Hij gebruikt zijn lange voorklauwen om termietenheuvels en mierenhopen uit te graven. Daarnaast vormt hij met de stekels op zijn kop oortrompetjes, waarmee hij zachte geluidjes van zijn prooien kan opvangen. Dan gebruikt hij zijn achttien cm lange, kleverige tong om zijn slachtoffers op te likken.
Tijdens de winter snuffelen mannetjes naar door ontvankelijke vrouwtjes verspreide geurstoffen. Achter een vrouwtje vormt zich een 'treintje' van vier tot vijf mannetjes die allemaal hopen met haar te mogen paren. Na de paring met één van hen gaat het stel een tweetal dagen later weer uit elkaar. Na ongeveer tien dagen komt het jong te voorschijn, dat zich met de hulp van een speciale eitand door de leerachtige schaal heeft gewerkt. Het klimt terug in de harige buidel en drinkt melk aan een tepel van de moeder. Na zo'n twee maanden brengt de moeder haar kleintje naar een hol en komt het om de paar dagen voeden. Met zeven maanden wordt het jong niet meer gezoogd en gaan de oogjes open. Dan verlaat de moeder haar kleintje voorgoed.
Door de schuwe manier van leven weet niemand hoeveel mierenegels er nog over zijn. De problemen begonnen in de achttiende eeuw met de introductie van honden en katten in Australië. In Australië zijn inmiddels maatregelen genomen om dit bijzondere zoogdier te besch

banner_website.gif

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1  







Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door mailgroep om 16:31 Reageer op dit bericht

Lichaamstaal. de Gebarentaal van je kat

Iedereen heeft dat wel, je kat ‘praat’ tegen je en je weet precies wat hij of zij bedoelt. De toonhoogtes en de manieren waarop een simpel ‘mauw’ naar buiten gebracht kunnen worden vullen waarschijnlijk een heel kattenwoordenboek. Met de vertaling zijn we nog wel even bezig, maar gelukkig hebben onze harige huisvrienden daar wat op gevonden:

      De lichaamstaal

Eigenlijk is de kat wat lichaamstaal betreft helemaal geen ingewikkeld beest. Over het algemeen zal je Gizmo op de bank normale gezonde verstand voldoende zijn om te weten wat een kat wil en hoe hij zich voelt. Een tevreden kat is bijvoorbeeld heel makkelijk te herkennen. Een ontspannen kat ligt lekker uitgestrekt, gewoon ergens vlak bij zijn baas, met de ogen half gesloten. Een test om te kijken of de kat echt ontspannen is om de kat even te krabbelen, onder zijn buik of zo. Als hij onmiddellijk op zijn rug gaat liggen, zo van ‘ga door, ga door’, dan is het goed.

      Staart & Co

Laten we eens beginnen aan de achterkant van ons geliefde huisdier. Daar zit (meestal) een staart. Die staart kunnen we het beste omschrijven als de ‘thermometer’ van de kat. Als de kat komt aanlopen steekt zijn fraaie staart parmantig omhoog. Maar let eens op het puntje. Komt de kat naar je toe rennen als je thuis komt, dan staat de hele staart recht omhoog en dat betekent: ik ben gewoon blij dat je er weer bent. Aai mij! Dat is dus een bevel. Als dat topje zachtjes heen en weer wiebelt, betekend het bij een relaxte kat dat ze zich lekker voelt, en bij een jagende kat dat hij volledig geconcentreerd op de prooi is. Pas echter op als dat puntje wat strakker en sneller heen en weer gaat. Dat betekent meestal dat de kat tamelijk geïrriteerd raakt van het gedrag van zijn medemens. Breidt het gezwaai van de punt zich uit tot de hele staart zoek dan dekking achter de bank, want je kat staat op ontploffen! Figuurlijk dan, maar hij is wel boos en gaat over tot aktie.

      Snorremansen & oogappels

Van die grappige haartjes links en recht van het neusje van je kat kun je ook heel wat leren. Als ze gewoon naar buiten staan is er niks aan de hand. Steken ze wat neer voren dan is de kat alert en  op speurtocht, staan ze naar achteren dan voelt hij zich bedreigd. Stel je je kat weer gerust dan gaan de snorharen weer in ‘ruststand’. Ook de ogen geven aan hoe relaxed een kat is. Kijk maar eens goed als je huiska even geeuwenmertijger lekker ‘plat’ op de vloer ligt. Als zijn ogen half open zijn is hij meestel erg op zijn gemak. Maar combineert een staande kat deze halfgesloten ogen met een laag gehouden kop en een laag gehouden lichaam dan betekent dat dat hij zich ernstig bedreigd voelt. Een kat die zich bedreigd voelt heeft ook grote, open pupillen. Dat kennen we zelf ook, als onze ogen groot van angst zijn. Dan zijn er nog die prachtige roterende oren van de kat. Die vertellen ons heel wat over de gemoedstoestand. Als een kat goed oplet, op jacht is of als hij iets interessants hoort dan steekt ie zijn oren duidelijk naar voren. Zenuwachtige katten draaien hun oren voortdurend naar achteren en een hele bange en agressieve kat legt zijn oren bijna plat op zijn kop. Blazen en het laten zien van de tanden combineren ze met opstaande haren en een dikke staart. Dat lekker groot maken is vaak een antwoord op een bedreiging van buiten.

      Misverstanden

De lichaamstaal cq. Kattentaal van de kat is op een aantal punten nogal verschillend van de van de hond en dat levert dan misverstanden op. Als de kat met de staart stijf recht omhoog vrolijk naar de hond toe rent krijgt de hond de schrik van z’n leven. Als namelijk een mede-hond hem met de staart stijf rechtop benaderd is dat een vreselijke bedreiging. En als de kat dreigend zijn staart heen en weer zwiept, zo van : ‘opzouten want ik heb een slecht humeur’, dan leest de hond de zwiepende staart als vrolijk kwispelen van zijn mede-hond en dus een uitnodiging om gezellig te spelen. Daarom is het belangrijk om kat en hond in het begin niet alleen te laten en let goed op hoe de hond reageert op de signalen van de kat. Beloon de hond uitvoerig als hij goed met de kat of het kitten om gaat, hij zal dan zijn goede gedrag met de kat of het kitten met de beloning verbinden met dat leuke kitten dat net nieuw is. Ben je niet thuis of ‘s nachts hou ze dan even apart.

(sablok.nl)

Streel wat niet kan helen, Martine, een lieve snoet doet iedereen goed,


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:28 Reageer op dit bericht

Gedichtje (Martina1)


Ik ben niet de eerste,
en zal ook zeker de laatste niet zijn,
was dat maar waar.
Nee, allemaal valse schijn,
en zeker geen groots gebaar.

Maar, de baas overheerste,
zijn wil is wet,
er was over gesproken tijdens de aanschaf,
het was allemaal al op papier gezet.
Nou, ik vind het alleen maar ontzettend laf.

Het gebeurt zo vaak...
Om mijn karakter wordt ik nog even geroemd.
Het is een spruit,
Ja, zo werd ik genoemd.
Maar dat veranderde niets aan het besluit.

Er wordt druk gediscussieerd,
de kinderen staan te huilen.
Maar het kan niet anders,
ja, ze gaan me gewoon inruilen.
Ik hoor het gemompel van enkele omstanders.

Elke andere oplossing wordt genegeerd,
het is nu echt de hoogste tijd.
Ik moet alleen achterblijven,
tot mijn grootste spijt.
Ik probeer nog even... langs een been te wrijven.

Ik moet in een hok,
verdrietig kijk ik iedereen na.
Hoe kun je dit nu toch doen,
van het vrouwtje krijg ik nog een dikke zoen,
speels trek ik nog aan haar rok.

Ze beloven dat er goed voor mij wordt gezorgd.
Dit wil echter nog niet zeggen dat ik het leuk vind,
maar er zijn viervoeters die slechter af zijn dan ik,
zij worden zonder enige schroom,
vastgebonden aan een boom.

jeetje, da's pas balen.
Denk nu niet, dit is niet helemaal pluis,
want over twee weken komen ze mij weer halen,
Ja, ik mag echt weer terug naar huis.
Snel nemen ze afscheid,
Het hoort er nu een maal bij,
.bij die vakantietijd....


(Hondengedichten.com)


00086.gif

Streel wat niet kan helen, Martine, een lieve snoet doet iedereen goed,

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:26 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Leuke weetjes over ezels (Martina1)

Leuke weetjes over ezels  
Zoeken
Verzend deze pagina naar uw email
Printvriendelijke versie
Grotere tekens
Kleinere tekens
SiteMap

° Ezels zijn vroeger tam gemaakt dan paarden, waarschijnlijk ongeveer 6000 jaar geleden.

° De 'Miniature Mediterranean' is een zeldzaam ras van mini-ezels die niet hoger worden dan 1 meter.

°  Een ezelsdracht duurt ongeveer 12 maanden, maar een olifant heeft het record bij de zoogdieren: 22 maanden.  De buideldas draagt dan weer niet langer dan 12 dagen.

° Ezels zijn woestijndieren, ze hebben de gewoonte al het groen op te eten dat ze kunnen krijgen als reserve voor later.  Dat blijven ze bij ons ook doen als ze te lang op de weide staan, waardoor ze ernistige problemen krijgen.

° Ezels zijn niet goed tegen water bestand: hun vacht laat vocht door en hun hoeven kunnen er slecht tegen.  Daarom doen ze soms moeilijk als ze door plassen of natte weiden moeten.


(sansan.iseral.be)

Streel wat niet kan helen, Martine, een lieve snoet doet iedereen goed,

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door mailgroep om 16:23 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Leuke dingen over dieren (Martina1)

Leuke dingen over dieren.

Bloemen houden van insecten!

Weet jij waarom bloemen zo mooi gekleurd zijn? Niet omdat wij dat zo leuk vinden! Maar om insecten te lokken! En insecten, dat weet je, zijn belangrijk voor bloemen. Want zij brengen het stuifmeel van de ene naar de andere bloem. Nu kunnen niet alle insecten dezelfde kleuren zien. Een bij is bijvoorbeeld blind voor rood, maar is wel gek op geel. Vlinders zien rood wel heel goed, daarom zie je vaak veel vlinders op een klaprozenveld!

BUTFW2.GIF 1roses.gif BUTRW2.GIF

Vogelconcert.

Als je 's morgens eens heel vroeg wakker bent dan kun je er van genieten: van het vogelconcert. Want de meeste vogels beginnen al heel vroeg met zingen. De merel is een èchte vroege vogel: die begint al om vier uur 's ochtends. Als je goed luistert kun je op den duur de verschillende vogels aan hun zang herkennen. Het winterkoninkje schettert fel. En de lijster roept: "frederiek, frederiek, riek riek fie-ietje-fie-ietje twiet-twiet-twiet!" Spreeuwen kunnen zó in de Soundmixshow: ze zijn een kei in het nadoen van andere vogels.

2birds2.gif


Het loopt en het heeft een heleboel pootjes.. .

Wist je dat insecten de grootste dierengroep vormen op aarde? Er zijn ook zo veel verschillende soorten! Je kunt insecten herkennen aan hun poten; ze moeten er zes hebben! Spinnen zijn dus geen insecten, want zij hebben er acht. En een duizendpoot valt er natuurlijk helemaal buiten!

7.gif


Wat een springer!

Ze springen van tak naar tak, soms stoppen ze even om iets te knabbelen: eekhoorns. Ik wou dat ik zo goed kon springen! Een eekhoorn heeft een sierlijke pluimstaart die hem goed van pas komt bij het springen: want hij kan er mee sturen! Ze eten vooral boomzaden, zoals bijvoorbeeld eikels. Ook paddestoelen vinden ze heerlijk! Kijk maar eens goed of je er een ziet; eekhoorns leven in naaldbossen, beukenbossen en grote stadsparken.

aiw11.gif


Volg die staart...

De ree komt overal in ons land voor. Je hebt de meeste kans ze te zien in de vroege morgen of tegen de avond, want dan komen ze uit hun schuilplaats. Een wijfjesree noem je 'rik' of 'geit'. De vacht van een ree is bruin, met onderaan de staart een witte vlek, de 'spiegel'. Deze vlek is goed te zien in het donker, als de reeën moeten vluchten kunnen ze elkaar zo goed volgen. Deze mooie, ranke en lenige dieren kunnen sprongen maken van wel zes meter ver.


deer1.gif


Haasje repje Als een haas er vandoor...

Deze uitdrukking bestaat niet voor niets. Want hazen zijn, net als leeuwen, razendsnelle sprinters. Ze zijn ook slim: als ze op de vlucht zijn veranderen ze razendsnel van richting om hun achtervolger te foppen. Hazen zijn altijd op hun hoede! Zelfs tijdens het eten staan ze rechtop om om zich heen te kunnen kijken. Ze slapen ook niet echt: ze maken korte hazeslaapjes van hooguit twee minuten. Doe ze dat maar eens na!

konijn-1.gif

Ik zie ze vliegen! Zie je ze ook vliegen?

Veel vogels hebben de duinen als hun leefgebied gekozen; bijvoorbeeld de Kiekendief en de Tapuit. Ze kwetteren er om het hardst! Ze leven er echt; ze broeden op deze plek en zoeken hier hun voedsel. Aan de rand van het water zie je weer andere vogels, zoals het grappige Drieteenstrandlopertje en de Wulp. Al met al is het een drukte van belang!


moewe1.gif

(Dierenverhalen en dieren gedichten)

Streel wat niet kan helen, Martine en nico, een lieve snoet doet iedereen goed,
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:21 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Meer vlinders in de tuin door het aanplanten van de juiste planten:

Meer vlinders in de tuin door het aanplanten van de juiste planten:

Vlinders zorgen voor dat extra beetje sfeer en leven in de tuin. Daarnaast zijn ze met hun mooie kleuren vaak ook nog een lust voor het oog. Wie meer vlinders in zijn tuin wil zien, kan best eens volgende lijstje met planten bekijken waarvan de bloemen druk door de kleurrijke fladderaars bezocht worden.

Naast het aanplanten van de juiste beplanting moet je ook rekening houden met het feit dat vlinders koudbloedige diertjes zijn. Dat wil zeggen dat hun lichaamstemperatuur sterk afhankelijk is van de omgevingstemperatuur. Dagvlinders hebben dan ook 20 °C nodig om goed te kunnen vliegen. Op een dag dat het nog niet zo warm is zullen ze zich dan ook eerst een beetje opwarmen op een windvrije plaats. Dat doen ze door hun vleugels wijd open te houden. De vleugels functioneren dan een beetje zoals zonnepanelen die de vlinder opladen om terug op kracht te komen. Ideale plaatsen voor vlinders om rustig op temperatuur te komen zijn dan ook in struiken of op muren die de wind tegen houden. 

vlinde8.jpg
Dagpauwoog aan het opwarmen tegen een zonnige muur.

Een tuin vol vlinders kun je bekomen met volgende planten:

atalantaVaste Planten / tweejarigen / eenjarigen:

  • Adderwortel (Polygonum bistorta)
  • Akkerdistel (Cirsium arvense)
  • Beemdkroon (Knautia arvensis)
  • Bergamotplant (Monarda)
  • Blauwe knoop (Succisa pratensis)
  • Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare)
  • Dagkoekoeksbloem (Silene dioica)
  • Dropplant (Agastache)
  • Duifkruid (Scabiosa columbaria)
  • Echte koekoeksbloem (Lychnis flos-cuculi)
  • Engels gras (Armeria spec.)
  • Engelwortel (Angelica speciosa)
  • Gewone dophei (Erica tetralix)
  • vlinde3.jpgGewone margriet (Leucanthemum vulgare)
  • Gewone paardenbloem (Taraxacum officinale)
  • Gewone rolklaver (Lotus corniculatus)
  • Gewone zandkool (Diplotaxus tenuifolia)
  • Gewoon biggenkruid (Hypochaeris radicata)
  • Gewoon duizendblad (Achillea millefolium)
  • Grote kattenstaart (Lythrum salicaria)
  • Grote teunisbloem (Oenonthera)
  • Hemelsleutel (Sedum spectabilis)
  • Jacobskruiskruid  (Senecio jacobaea)
  • Klimop (Hedera helix)
  • Knoopkruid (Centaurea jacea)
  • Koninginnenkruid (Eupatorium purpureum)
  • Kruipend zenegroen (Ajuga reptans)
  • vlinde4.jpgLavendel (Lavendula angustifolia)
  • Leeuwentand (Leontodon spec.)
  • Luzerne (Medicago sativa)
  • Maarts viooltje (Viola odorata)
  • Margriet (Chrysanthemum maximum)
  • Marjolein (Origanum 'Nymphenburg')
  • Muizenoor (Hieracium pilosella)
  • Munt (Mentha spec.)
  • Muskuskaasjeskruid (Malva moschata)
  • Pinksterbloem (Cardamine pratensis)
  • Slangenkruid (Echium vulgare)
  • Speerdistel (Cirsium vulgare)
  • vlinde6.jpgStruikhei (Calluna spec.)
  • Verbena bonariensis
  • Verbena hastata
    Verbena als eenjarig perkgoed
  • Vergeet-mij-nietje (Myosotis spec.)
  • Vlambloem (Phlox)
  • Wederik (Lychimachia clethroides)
  • Wilde bertram (Achillea ptarmica)
  • Wilde tijm (Thymus serpyllum)
  • Witte klaver (Trifolium repens)
  • Zeeaster (Aster tripolium)
  • Zonnehoed (Echinacea purpurea)
  • vlinderstruikZinnia

Sierheesters / struiken:

  • Braam (Rubus)
  • Peperboompje (Daphne mezereum) 
  • Vlier (Sambucus)
  • Vlinderstruik (Buddleja davidii)

Dagvlinders die je in ons land frequent kan waarnemen in de tuin:

Atalanta, bont zandoogje, boomblauwtje, bruin blauwtje, bruin zandoogje,  citroentje , dagpauwoog,  distelvlinder, gehakkelde aurelia, groot koolwitje, klein geaderd witje, klein koolwitje, kleine vos,  koninginnepage,  landkaartje,  oranje zandoogje, zwartsprietdikkopje.

zie ook:

Auteur: Vossaert Kurt - www.tuinadvies.be

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:58 Reageer op dit bericht

Vogels Parkieten: ziekten - deel 6

zie ook een van de vorige mails over ziekten bij papegaaien

Ziekten bij parkieten

De ziekten bij parkieten komen grotendeels overeen met die bij papegaaien
 
Wat als mijn parkiet vergif heeft gegeten?
Waarschijnlijk heeft u meer giftige stoffen in huis dan u denkt. Dat thinner en zwavelzuur giftig zijn zal u heus bekend zijn. Deze stoffen staan vast en zeker goed opgeborgen op een veilige plek. Maar wist u dat rookwaar, plantenmest en vlooienbanden ook giftig zijn? Vergiftigingen ontstaan doordat dieren iets giftigs hebben gegeten of giftig materiaal hebben opgelikt dat aan hun vacht is blijven hangen (bijvoorbeeld carbolineum). Vergiftigingen van knaagdieren en vogels zijn vrijwel altijd fataal. Als honden of katten iets giftigs hebben gegeten zijn ze vaak nog te redden, al is dit afhankelijk van de aard van de vergiftiging, de hoeveelheid giftige stof en......de juiste reactie van de eigenaar van het dier. Vergiftigingen met geneesmiddelen, schoonmaakmiddelen en tabak komen het meest voor. Neem altijd contact op met uw dierenarts als u denkt dat er gif in het spel is. Dierenartsen kunnen bij het antigifcentrum de meest recente informatie over giftige stoffen krijgen. Houd zo mogelijk de verpakking van het gif bij de hand. (Het is daarom verstandig giftige stoffen in hun oorspronkelijke verpakking te bewaren.) Is de dierenarts niet direct bereikbaar kijk dat in het volgende lijstje wat u zelf zou kunnen doen. Afhankelijk van het giftige product dat het dier binnen heeft gekregen zijn er verschillende manieren waarop u zou kunnen reageren. Soms is het verstandig het dier water te laten drinken waardoor het gif zich verdunt. Soms is het verstandig het dier te laten braken en soms kan braken juist heel onverstandig zijn. Dat is het geval als het om agressieve en/of bijtende stoffen gaat, die dan voor een tweede keer langs de slokdarm komen en deze ernstig kunnen beschadigen. Ook kan het toedienen van Norit, een laxeermiddel, koffieroom of boter verstandig zijn. Dieren die bewusteloos zijn kunt u beter geen water via de bek toedienen. Ook het laten braken is dan niet verstandig. Raadpleeg beter een dierenarts bij inname van vergif.

Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 16:57 Reageer op dit bericht

Het Kweken

Kweken in broedkooien     Image001.jpg
Als men kweekt naar voor tentoonstellingen of voor bepaalde kleuren, kweekt men het best in broedkooien. In een broedkooi kan men, zelf de koppels samenstellen, wat in een volière bijna onmogelijk is. Het is ook makkelijker om de nestkasten te controleren, wat regelmatig moet gebeuren. Er zijn verschillende typen kooien in de handel te verkrijgen, maar men kan ze zelf makkelijk maken. Als u een broedkooi koopt, moet u er voor zorgen dat er een uitschuifbare lade onder in de kooi is. Het is dan makkelijker om de broedkooi proper te maken. Met een lade worden de vogels tijdens het broeden ook niet gestoord, wat een groot voordeel is. Als de onderkant uit gaas bestaat, vallen de uitwerpselen van de vogels in de broedkooi van de vogels onder hun, wat onhygiënisch is en het verspreiden van ziekten wordt versneld.

Kunststofkooien%252015.jpg
Een broedkooi is groot genoeg als hij ongeveer 65cm breed, 40cm diep en 40cm hoog is. Het beste is om een broedkooi te maken of te kopen van het “kist-type”. Dit wil zeggen dat alleen de voorkant van de kooi uit gaas bestaat. Zo zijn de vogels een beetje beschut. Men kan ook grotere broedkooien maken, waartussen u een tussenschot zet. Als de kweekperiode dan voorbij is, kunnen de tussenschotten verwijdert worden, en hebben de jonge vogels een kleine volière. Maak de tussenschotten van hout of plexiglas, maar niet van gaas. De koppels gaan dan ruzie maken, waardoor ze niet gaan broeden.

Als u gaat kweken, zet u eerst de pop in de broedkooi. Dit doet u best in de vroege morgen, zodat de pop al aan de broedkooi kan wennen en alles kan verkennen. Zet de opening van de nestkast de eerste dag al open. Nu heeft de pop de ganse dag tijd om het eten en drinken te vinden en ze kan de nestkast inspecteren. Een dag later zet u de man in de broedkooi.

Er zijn ook verschillende manieren om de nestkasten op te hangen. Men kan ze buiten of binnen de broedkooi hangen. Buiten de broedkooi heeft als nadeel dat men soms onverwachts bij het proper maken van het vogelverblijf de nestkast kan afstoten, met alle gevolgen vandien... Maar er wordt geen vliegruimte ingenomen, dat wel is gebeurt bij een nestkast die binnen opgehangen wordt.(voor verdere informatie over de nestkasten, zie Nestkastjes)

Verf de binnenkant van de broedkooi in een zo licht mogelijke kleur (liefst wit). Let op dat er een verf gebruikt wordt die niet giftig is voor de vogels, zoals een verf voor in kinderkamers.

Probeer de eet- en drinkbakken zo dicht mogelijk bij de deurtjes te zetten. Zo stoort u de broedende vogels minder bij het verversen van het eten en drinken.

Hygiëne is heel belangrijk voor de toekomstige jongen. Maak de broedkooi dan ook regelmatig proper, maar probeer de broedende grasparkieten zo weinig mogelijk te storen.

Als de jonge vogels uitgekomen zijn, kan de man of pop zich soms agressief gaan gedragen tegenover de jongen. Maak daarom een soort afdakje waar het jong onder kan gaan schuilen.

Het grasparkietenkoppel     BeFY28Cf9fcVbJ0cLytsVg%3D%3D.jpg
Geslachtsbepaling

Bij een grasparkiet is het helemaal niet moeilijk om het geslacht van de vogel te bepalen. Het verschil tussen een man en een pop is te zien aan de neusdoppen. De neusdop bij een mannetje is blauw gekleurd en de neusdop bij de pop is bruinachtig. Als de vogels jonger dan 4 maanden is, is het wat moeilijker om het geslacht te bepalen, omdat de neusdoppen dan nog bleek van kleur zijn. Bij sommige kleurslagen, zoals de albino, de lutino en de fallow is het verschil ook wat moeilijker te zien. De pop heeft hier een gewone, bruinachtige neusdop en de man een vleeskleurige.


Het gedrag van het koppel

Als een grasparkietenkoppel gevormd is, zitten ze altijd bij mekaar. Het koppel poetst elkaars veren, vooraal de veren op het hoofd, waar ze normaal niet aankunnen. Een parkiet steekt zijn hoofdje uit en de andere vogel poetst zorgvuldig alle kopveertjes die door de snavel worden gegleden. Het koppel kan soms erg lang met het poetsen van de veren doorgaan.

Voedsel doorgeven behoort ook tot het gedrag van een grasparkietenkoppel. Het voeren van de partner gebeurt niet alleen tijdens de broedperiode, maar ook daarbuiten.

Het mannetje beweegt zijn hoofd op en neer om het voedsel op te rispen uit de krop en geeft dit door aan de pop. Het mannetje maakt hierbij een klokkend geluid. Meestal wordt er echt voedsel doorgegeven, maar soms ook niet.

Als deze gedragingen waargenomen worden, zijn de vogels in broedstemming.

De paring

Een koppel dat de beschikking heeft over een nestkast, zal meestal gaan paren. Bij grasparkieten die in broedkooien gekweekt worden, en waar de koppels dus zelf samengesteld worden, gebeurt de paring soms zelf al binnen enkele uren.

Het koppel is zeer opgewonden, ze springen op en neer en geven voedsel aan elkaar door en dan komt het tot de paring. Het mannetje zet een poot op de rug van de pop en met de andere poot blijft hij op de zitstok staan. Dan gaat hij met beide poten op de rug staan en spreidt de vleugels rond de pop. De staarten houden ze een beetje naar beneden en duwen ze de cloaca’s tegen elkaar, waardoor de bevruchting plaatsvindt. Om in evenwicht te blijven pikt het mannetje naar de veren van de pop.

Het is nu wel begrijpelijk dat er in een broedkooi geen schommels of wiegelende zitstokken thuishoren!

Legnood
Legnood komt regelmatig voor bij grasparkieten. Vooral bij te jonge of te dik bevederde vogels, bij een pop die te veel nesten na elkaar heeft of als het ei te groot of schaalloos is. Dit komt ook voor bij vogels die een gebrek aan vitaminen hebben.

Legnood komt voor als de pop niet in staat is om het ei uit de eileider te persen. Tijdens de kweek is het dan ook belangrijk om sepia te geven. Hierin zit veel calcium, wat niet alleen belangrijk is voor de vorming van het ei, maar ook voor de samentrekking van de spieren.

Een vogel met legnood is zeer onrustig en springt voortdurend op en neer. Daarna is de vogel zeer moe en gaat hij in een hoekje van de kooi of volière zitten met de vleugels een beetje uit elkaar en de veren opgezet. Hij maakt ook klagende geluiden. Soms heeft de vogel een met bloed vermengde ontlasting.

Een pop die niet snel geholpen wordt, kan sterven. Men moet de vogel onmiddellijk uit de kooi halen en in een kleine, warme ruimte onderbrengen. Men kan sla-olie op de cloaca smeren, waardoor het ei makkelijker glijdt. U kan de vogel ook boven een ketel met kokend water houden. De dampen zorgen ervoor dat het ei sneller gelegd kan worden. Een lichte massage aan de onderbuik kan soms ook helpen. Een niet zo een aan te raden methode is het ei zelf uit de cloaca persen. Het ei kan namelijk breken en de eierschalen veroorzaken inwendige bloedingen, wat dodelijk is. Als het ei nog altijd niet komt, moet u zo snel mogelijk naar de dierenarts, waar hij een inspuiting krijgt.

Een pop die legnood heeft gehad, mag minstens een jaar niet meer broeden omdat de kans om opnieuw legnood te krijgen dan veel groter is.

Nestkasten
In het wild leggen grasparkieten hun eieren in holle boomstammen, die ze zelf op maat maken. Als de ingang van de broedholte te klein is, maken ze deze groter met hun snavel. De houtschilfers die dan loskomen, vallen dan in de nestholte, zodat ze een goede bodembedekking hebben. Wij kunnen de vogels geen rotte boomstammen bieden, dus hebben we goede nestkasten nodig. Een goede nestkast is noodzakelijk voor goede broedresultaten. Als u in een dierenwinkel naar een grasparkietennestkastje vraagt, tonen ze meestal een verticaal nestkastje. Maar, naar mijn mening zijn horizontale nestkasten beter geschikt. Hierin hebben ze meer plaats, en bij een te kleine nestkast bestaat het gevaar erin dat de jongen te fel op elkaar zitten en dat de moeder op de jongen drukt. Dit kan leiden tot kromme poten, waardoor de vrouwtjes hun evenwicht niet meer kunnen bewaren bij het paren, en zelfs tot verstikking. Een goede maat is ongeveer 25cm lang, 18 cm breed en 20 cm hoog. Hierin kunnen de jongen, als ze groter zijn, wat in rondtrippelen. In elke nestkast zou ook een nestholte moeten zijn. Dit voorkomt het wegrollen van de eieren. Indien er een ei wegrolt, bestaat de kans erin dat het breekt waardoor het jong verloren is. Soms knagen de grasparkieten aan de nestholte om deze wat groter te maken. Nestmateriaal is niet echt nodig, maar op de bodem van het nestkastje kan men wat houtschilfers leggen. Als er te veel houtschilfers in de nestkast liggen, zal het vrouwtje het teveel uit het nestkastje gooien. Zaagmeel is naar mijn mening niet erg geschikt, omdat de jongen er soms in kunnen verstikken.

Heel handig is een "dubbele nestkast". in de nestkast zit een open bakje, dat makkelijk uit de gesloten kast de halen is. Dit is heel handig als men de jongen uit de nestkast moet halen. Een voorbeel hiervan is hieronder te zien.

Sommige kwekers hangen hun nestblok op in de broedkooi, andere weer buiten de kooi. De kast buiten de kooi hangen heeft als voordeel dat het nest makkelijk te controleren is en dat er in de kooi geen plaats wordt “verspild” aan de nestkast. Maar het gevaar bestaat erin, dat je per ongeluk het nestkastje kan afstoten, met alle gevolgen van dien...

Soms gebeurt het dat de pop de eieren stuk bijt. Om dit te voorkomen, moeten we een soort dubbele bodem maken in de nestkast. In de bovenste bodem maken we een gat waardoor het ei kan vallen in de onderste bodem. In deze onderste bodem moeten dan wel veel houtschilfers, zodat het ei niet kan breken. De eieren kan men dan wegnemen en onder een andere pop leggen.

De ontwikkeling van de jongen
De jonge kuikentjes ontwikkelen zeer snel. Ze worden volledig kaal geboren met gesloten ogen en zijn volledig afhankelijk van hun moeder. Als de moeder de jongen voedsel geeft, liggen de kuikens tot ongeveer de 5de dag op hun rug. Na 6 dagen gaan de ogen open en na 7 dagen beginnen de veren te groeien. Drie dagen later zijn ze al volledig bedekt met dons. Als ze ongeveer een maand oud zijn, zijn de veren bijna volgroeid en het jong verlaat het nest. Hij kan nu (een beetje stuntelig) vliegen. Als u een parkiet wilt tam maken, is nu het geschikte moment om te beginnen. Soms komt hij dan al van de eerste dag op uw vinger zitten. Jonge grasparkieten hebben nu van niets schrik! Als de jongen uitgevlogen zijn, begint het vrouwtje meestal terug opnieuw te broeden. Het mannetje voert de jongen dan nog enige tijd terwijl het vrouwtje weer aan het broeden is.

Jonge vogels zijn makkelijk te herkennen aan hun zwarte ogen. Oudere vogels hebben nog een witte rand rond hun ogen. Jonge vogels hebben ook een gestreept voorhoofd dat na de jeugdrui (3-4 maanden na de geboorte) verdwijnt.

Paren en broeden    44499338843c29dc6ea912.jpg
Je kan makkelijk zien of grasparkieten een echt koppeltje vormen en klaar zijn om te broeden. Ze zitten altijd bij elkaar en verzorgen elkaars hoofdveren. Het mannetje braakt voedsel op en geeft dit door aan het vrouwtje. Deze bewegingen kan u bij een koppeltje regelmatig waarnemen. Maar ze doen dit ook regelmatig zonder voedsel door te geven. Als het koppeltje in broedstemming is, is het vrouwtje haar washuid bleker van kleur. Al snel zal het vrouwtje het nestkastje beginnen te inspecteren. Eerst steekt ze voorzichtig haar kopje naar binnen en wipt dan eventjes naar binnen, maar ze is er snel terug uit. Hoe komt het dat het vrouwtje zo voorzichtig het nestkastje betreedt als er toch geen vijanden zijn? Dit is een natuurlijk instinct. In Australië leven slangen die in boomholtes kunnen zitten. Nu blijft ze steeds langer en langer in het nestkastje. Niet lang daarna volgt de paring. De pupillen worden kleine puntjes. Het vrouwtje zet haar staart rechtop en voorzichtig kruipt het mannetje op de rug van het vrouwtje en spreidt zijn vleugels uit. Nu wrijven ze hun cloaca's tegen elkaar, zodat de bevruchting plaatsvindt.

Na ongeveer 8 dagen wordt het eerste eitje gelegd. Voordat de eitjes gelegd worden, worden de uitwerpselen van het vrouwtje zichtbaar groter. Nadat het eerste eitje wordt gelegd, komt het vrouwtje bijna niet meer uit het nestkastje. Ze komt er maar 3-4 keer per dag uit om haar behoefte te doen. Het mannetje zit meestal op het stokje voor het invlieggat. Het mannetje komt nooit in het nestkastje. Grasparkieten leggen 3-6 eitjes. Om de dag wordt er een eitje gelegd. Na ongeveer 10 dagen kan u kijken of de eitjes bevrucht zijn. Dit kan u doen door het eitje voorzichtig op te pakken en met een fel lichtje door het eitje te schijnen. De bevruchte eieren zijn donkerder dan de onbevruchte. In het midden ziet u bij een bevrucht eitje een kern waaruit allemaal bloedvaten vertrekken. Een onbevrucht eitje is wat doorschijnend. Ziet u dat de eitjes vuil zijn, was ze dan zeker niet af. Rond het eitje zit een (onzichtbaar) waslaagje dat het kuikentje beschermd tegen infecties. Als er onbevruchte eieren zijn, haalt u ze er best uit. Een grasparkieteneitje weegt ongeveer 2 gram. Zoveel weegt ook het pas uitgekomen jong. Na 18 dagen komt het eerste eitje uit. Het kuiken pikt met de eitand het eitje open. Dit is een heel vermoeiende gebeurtenis. De andere eitjes komen om 2 dagen uit. Dit heeft als gevolg dat het oudste jong al veertjes begint te krijgen als het jongste pas is uitgekomen. Het vrouwtje heeft op haar buik een gevoelige broedvlek waardoor veel bloedvaten lopen. Daarmee kan ze de bewegingen in het eitje voelen! Het mannetje braakt nu regelmatig voedsel op voor het vrouwtje. Het vrouwtje geeft het voedsel op haar beurt weer door aan de jonge kuikentjes.

Controleer het nest elke dag om te zien of alles goed gaat. Dode jongen moeten onmiddellijk worden verwijderd. Ze verrotten namelijk zeer snel wat de andere jongen in gevaar kan brengen.

Bij gewone, kleine grasparkieten zijn meestal weinig problemen, maar de grotere, Engelse grasparkieten hebben soms nogal wat problemen met het broeden. Ze voeden hun jongen niet, krijgen veel onbevruchte eieren,... Als u Engelse grasparkieten kweekt, zet u best als u enkele koppels in de broedkooien zet, ook enkele koppels gewone grasparkieten in de kweek. Deze kunnen dan de jongen van “probleemouders” eventueel overnemen.

Omdat Engelse grasparkieten dichter en zwaarder bevedert zijn dan de gewone, trekt U best de veertjes rond de cloaca uit, zodat de bevruchting beter kan plaatsvinden.

parkiet3.jpg


Partnerkeuze
Bij grote papegaaien en bij sommige parkieten is het bijeenbrengen van een mannetje en een vrouwtje soms niet zonder problemen. Ze beginnen soms te vechten wat tot de dood kan leiden. Bij grasparkieten is dit gelukkig niet zo. De meeste grasparkieten accepteren zonder moeite een partner. Laat de grasparkieten aan elkaar wennen door ze elk in een andere aangrenzende kooi te zetten. Zo kunnen ze elkaar door de tralies bekijken. Na enkele dagen zet u de grasparkieten samen in een kooi. Meestal zullen ze niet vechten, maar na een paar dagen zijn ze al een echt koppeltje. Ze zitten elkaar te snavelen, elkaars veren te poetsen, enz… Als er eenmaal een paartje is gevormd, blijft dit standhouden totdat een van de parkieten sterft of als u ze scheidt. Als het popje aan het broeden is wordt het door de partner gevoerd door het invlieggat. Grasparkieten zijn al na 3-4 maanden geslachtsrijp, maar het beste is om te wachten tot ze ongeveer 11-12 maanden oud zijn om legnood, dat soms bij jonge parkieten voorkomt, te voorkomen.

Ringen
Wie veel grasparkieten heeft, gaat zijn vogels het best ringen. Zo kunnen ze makkelijk uit elkaar gehouden worden. Een grasparkiet ringen om hem te kunnen identificeren, kan met een open of gesloten ring geringd worden. Een open ring is een ring die men elk moment aan de poot kan doen of van de poot afhalen. Open ringen zijn er in verschillende kleuren. Zo is het makkelijk om bijvoorbeeld de verschillende families uit elkaar te houden. Elke familie krijgt dan een bepaalde kleur.

Een gesloten ring is een ring die men om de poot doet van een jonge vogel, die nog in het nest zit. Deze ring kan er niet meer afgeschoven worden. Om aan gesloten ringen te geraken, moet u bij een vogelclub zijn. Hier kan u ringen voor grasparkieten verkrijgen. U kiest een stamnummer van maximum 3 letters en 3 cijfers (bv. uw initialen). Op de ring staan verder nog de initialen van de club waar u lid van bent, het cijfer dat aangeeft de hoeveelste ring dit van u is, en het jaartal. Zo weet u altijd in welk jaar de vogel is geboren. U kan kiezen tussen een gewone, zilveren ring of een gekleurde ring.

De maat voor grasparkieten is 4.01mm doorsnede.

Om aan tentoonstellingen mee te doen, hebt u zeker gesloten ringen nodig, om te bewijzen dat deze vogels werkelijk door u zijn gekweekt.

Een open ring aanbrengen is helemaal niet moeilijk, maar een gesloten ring is al wat moeilijker. Als het jong rond de 7 dagen oud is, kan hij worden geringd. Soms kan dit wat vroeger zijn, soms wat later. U neemt voorzichtig het jong vast in een hand en klemt een pootje (lichtjes!) tussen twee vingers. De drie langste pootjes richt u naar voren en het kortste pootje naar achteren. Voorzichtig schuift u de ring nu om de poot.

Soms ziet de pop de ring als een vreemd object en probeert ze de ring van de jongen af te krijgen. Ze bijt dan in het pootje, wat dan hard gaat bloeden. Soms bijt de pop zo hard, dat ze het pootje afbijt. Om dit te voorkomen, moet u, nadat een jong gering is, af en toe in het nest kijken of alles g

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door mailgroep om 16:55 Reageer op dit bericht

De Voeding:

Drinkwater
Zoals alle levende wezens hebben ook grasparkieten water nodig. Grasparkieten drinken niet zo veel, maar ze moeten altijd een gevuld drinkbakje tot hun beschikking hebben. Het beste is als uw grasparkiet een gesloten drinkbakje heeft. Daar wordt het niet zo snel vuil in. Het water moet proper zijn. Wij drinken ook niet graag vuil water.

In de winter mag je nooit schalen als drinkwater gebruiken omdat grasparkieten ook graag baden in schalen en als de parkieten nat zijn en het vriest, dan is dit meestal fataal. Sommige mensen doen vitaminedruppels in het water. Dit is gezond, maar echt nodig is het zeker niet.

Hoewel grasparkieten niet veel drinken, moet er toch altijd een bakje met vers drinkwater voor hun klaar staan. Het drinkwater moet gegeven worden in een proper bakje. Net zoals wij drinken grasparkieten ook liever uit een proper bakje. Het drinkwater is bijna even belangrijk als de voeding zelf. Veel vogels gaan dood waarvan de oorzaak onbekend is, terwijl de sterfte door het besmette of bacterierijke drinkwater veroorzaakt wordt.

Het drinkwater moet regelmatig ververst worden, omdat er na een tijd bacteriën in het water komen, die zich snel vermenigvuldigen. De vogels die jongen hebben, geven die bacteriën door aan hun jongen, wat nadelige gevolgen kan hebben. Dit kan zelfs leiden tot de dood van jongen. Vooral in de zomer, als het warm is, wordt het water ook snel warm, waardoor bacteriën zich makkelijker kunnen voortplanten. Het water moet dan zeker één maal per dag ververst worden. In de winter kan het water bevriezen, zodat de vogels geen water meer krijgen. Hier moet ook op gelet worden.

Gewoon kraantjeswater is goed. Er zijn ook kwekers die hun vogels mineraalwater geven. Dit is niet echt nodig, maar gezond is het wel! Vroeger gaven kwekers hun vogels soms zeewater, omdat daar veel mineralen en zouten in te vinden zijn, maar dit is nu onmogelijk. Het zeewater is te fel vervuild door het toedoen van de mens.

In het drinkwater worden regelmatig vitaminen gegeven. Het tekort aan sommige vitaminen wordt hierbij aangevuld. Deze vitaminen zijn wel redelijk duur. In drinkwater met extra vitaminen, kunnen de bacteriën zich ook veel sneller voortplanten. De vitaminen zijn namelijk een voedingsbron voor de bacteriën. Na 2 à 3 dagen krijgt het water een slechte geur. Het is eigenlijk niet het water, maar de bacteriën die die geur veroorzaken.

Omdat vitaminen zo duur zijn, worden de drinkbakken soms pas na verschillende dagen ververst. Maar als men zijn vogels kent, weet men hoeveel drinkwater men moet geven, zonder te veel overschot te hebben. Zo bespaart men zowel vitaminen, als het geld.

Het klinkt misschien raar, maar thee kan ook zeer gezond zijn: kamillethee tegen lichte verkoudheden, venkelthee tegen moeilijkheden in de darmen, saliethee tegen diarree en brandnetelthee voor de verbetering van de vitaliteit.

Grit, maagkiezel en sepia
Als grasparkieten zaden eten, kunnen ze dit niet vermalen, omdat ze geen tanden hebben. Dus moeten de zaden op een andere manier worden vermalen. Als de zaden ingeslikt worden, en dus van de schil zijn ontdaan, gaan ze naar de krop, waar ze worden geweekt. Dan gaan de geweekte zaden naar de kliermaag, waar er verteringssappen worden toegevoegd. Samen met die sappen gaat het zaad naar de spiermaag, die een sterke wand heeft. Hier worden de zaden vermalen. Om de zaden goed te vermalen zijn er kleine, scherpe steentjes in de spiermaag nodig. Deze steentjes (grit of maagkiezel) hebben heel onregelmatige vormen, waardoor het voedsel nog kleiner wordt gemaakt. Omdat de zaden dan zo klein zijn, kunnen de verteringssappen veel beter op het voedsel inwerken. De spiermaag trekt samen en zet zich uit. Daarom gaan de scherpe steentjes na een tijd rond worden, waardoor ze geen voedsel kunnen vermalen. Deze worden dan door het lichaam afgescheiden. De spiermaag heeft weer nieuwe steentjes nodig, zodat het voedsel altijd goed kan worden vermalen. Een bakje met grit is dus altijd nodig in een kooi of volière. Voor op de bodem van de kooi is er in de handel schelpenzand verkrijgbaar. De stukjes schelpen in dit zand zijn ook geschikt om als maalsteentjes te dienen. Deeltjes van oesterschelpen bestaan ook om aan de vogels te geven. In een volière met een natuurlijke bodem is het meestal niet nodig om grit te verstrekken, omdat de vogels al veel steentjes binnenkrijgen omdat ze veel op de grond naar voedsel zoeken. Gewoon zand, bv. rivierzand is niet geschikt, omdat de steentjes al rond afgesleten zijn door de stroming van het water. Dit heeft dus geen malende werking.

Zaad bevat niet veel mineralen. In de dierenwinkel zijn er sepiaschelpen te koop. Dit is het skelet van een inktvis. Zorg dat er altijd een sepiaschelp in de kooi hangt. Sepia bevat veel calcium. Dit is een waardevol mineraal dat van groot belang is voor de beenderen. Te weinig sepia kan voor jonge vogels leiden tot verzwakking van het skelet. Vooral tijdens het broedseizoen is dit waardevol. De eischaal bestaat namelijk voor een groot deel uit calcium. Sepia kan u kopen, maar is ook aan het strand te vinden. Gebruikt u sepia dat u aan het strand hebt gevonden, dan moet u dit zeer goed schoonmaken met heet water, om vuilresten af te spoelen.

Groenvoer
De zaadmengeling voor de grasparkieten is het basisvoedsel, maar zaad alleen is niet voldoende. Er dient ook groenvoer verstrekt te worden. Groenvoer bevat veel vitaminen die de grasparkiet in optimale conditie houden. Groenvoer is zelf makkelijk om in de tuin te houden en is overal te vinden.

De eerste keren dat groenvoer verstrekt wordt aan een vogel, zal het meestal onaangeroerd blijven liggen, maar men mag de moed niet opgeven. Na een tijd, als de grasparkieten de smaak te pakken hebben gekregen, wordt zo een stuk fruit het lievelingsvoer!

Als groenvoer kan bijna elk stuk fruit gegeven worden. Sla kan wel ongezond zijn voor de grasparkieten. Sla bevat te veel vocht, waardoor de grasparkiet diarree kan krijgen.

Tot de favorieten behoren stukjes appel, wortel, peer, sinaasappel,...

Men kan ook geschikt groenvoer in de natuur vinden. Groenvoer langs een weg gaan zoeken, is niet aan te raden, want het groenvoer kan aangetast zijn door de giftige uitlaatgassen van auto’s. Dit kan soms dodelijk zijn voor de vogels. Zorg ook dat u er zeker van bent dat de planten niet bespoten zijn met chemische produkten, daar deze erg giftig zijn voor grasparkieten.

In velden zijn er volop geschikte planten te vinden.

Zo een plant is vogelmuur. Op elk leeg stukje grond is er in de zomer wel vogelmuur te zien. Vogelmuur is makkelijk te herkennen aan de lichtgroene kleur en aan de fel vertakte stengels. In de zomer krijgt de plant kleine witte bloempjes. Vogelmuur bevat veel calcium, dat goed is voor de vorming van het beendergestel van de jonge vogels. Als de vogel iets gebroken heeft, is calcium noodzakelijk voor het herstel van de breuk. Vogelmuur behoort ongetwijfeld tot de favorieten van de wilde planten voor vogels!

Ook een plant die bij iedereen bekend zal zijn is de paardebloem. Deze ongeveer 35cm hoge plant heeft op het begin een mooie gele bloem, maar daarna komen de bekende pluisjes, die bij het minste zuchtje wind losspringen en ergens anders neervallen, waar zich dan een andere plant kan ontwikkelen. De lange bladeren hebben aan de zijkanten insnijdingen. De stengels bevatten een melkachtig sap.

Vooral de bladeren zijn gezond om aan de vogels te geven. Deze bevatten veel vitamine A, B en C.

De wortels kunnen ook gegeven worden. Als men een paardebloem in de volière legt, zullen de vogels er dol op zijn. Zorg dan wel dat er geen pluisjes meer aan de plant hangen. De opvliegende vogels zorgen dat de pluisjes loskomen en dan is het echt een zootje in het vogelverblijf.

Ook kunnen er verschillende grassoorten gegeven worden aan de vogels. In het wild eten de grasparkieten namelijk ook de zaden van de verschillende grassoorten die er te vinden zijn.

Men kan ook speciaal groenvoer voor vogels in de dierenwinkel krijgen. Dit is niet echt nodig, want als men af en toe wat fruit of planten geeft, hebben ze wel voldoende groenvoer.

Geef verschillende soorten groenvoer, zo ziet u na een tijd welk soort groenvoer uw vogels verkiezen.

Verstrek het groenvoer en fruit portiegewijs, dus nooit te veel in één keer. Het teveel aan groenvoer blijft liggen, en dit kan na een tijd gaan rotten, waardoor de vogels er ziek van kunnen worden. Was het groenvoer voordat u het aan de vogels geeft, goed af, maar geef het niet te vochtig aan de vogels. Groenvoer bevat namelijk al veel vocht en als daar nog extra bijkomt, kan dit zorgen voor darmstoornissen.

Kiemvoer

Kiemvoer is ook een zeer gezonde en veel gegeven vorm van groenvoer. In het wild wachten grasparkieten met broeden tot in het regenseizoen. Als de jongen uitkomen, zijn de zaden ontkiemd en kunnen de jongen beschikken over een vitaminerijk voedsel. Het gekiemde zaad is rijk aan vitamine A. Deze vitamine zorgt voor een goede beendergroei en een gezonde huid en veren. Wij kunnen de grasparkieten ook gekiemde zaden aanbieden.

Er zijn verschillende manieren om het zaad te laten kiemen. Geschikt zaad is een exotenmengeling, maar het gewone zaad kan ook gebruikt worden. Om te beginnen neemt men de gewenste hoeveelheid water en wast men onder stromend water. De zaden kan men in een zeef doen, zodat het water goed tussen al de zaden kan. Dan legt men de zaden op een vochtige handdoek. Zorg wel dat de zaden goed verspreid liggen, anders kunnen de zaden gaan beschimmelen, waardoor het gekiemde zaad nutteloos is geworden. Na enkele dagen komen er kleine kiempjes uit de zaden. Er zijn nu veel vitaminen vrijgekomen, waardoor dit gekiemde zaad gezond is.

Men kan ook een handvol gekiemde zaden in een schaal planten. Het duurt wel wat langer eer de kiemen boven de grond komen, maar de grasparkieten kunnen de kiemen dan makkelijk uit de schaal pikken.

In de handel zijn ook speciale kiemsets te verkrijgen. Dit zijn enkele schalen boven elkaar. In de bovenste schaal, die dient als “deksel”, giet men water. Via een buisje loopt het water van de bovenste schaal naar de middelste kiemschalen, waar net voldoende water achterblijft om de zaden te laten kiemen. Het te veel aan water wordt opgevangen in de onderste schaal. Als de zaden in de bovenste kiemschaal ontkiemd zijn, geeft men deze aan de vogels en plaatst men deze onder de onderste kiemschaal, zodat er een soort beurtrol ontstaat waardoor men elke dag over een verse portie kiemvoer beschikt.

Was de kiemen onder warm, stromend water voordat u ze aan de vogels geeft, zodat er zeker geen schimmels of bacteriën aanwezig zijn.

Door zaden te laten kiemen, weet u ook of u met vers zaad te maken hebt. Als minder dan 50% van de zaden ontkiemt is het zaad te oud, waardoor er al veel voedingsstoffen verloren zijn gegaan. Ontkiemt meer dan 50%, dan is het zaad nog goed vers.

Grasparkieten houden ook van gekiemd zaad. Het is heel gezond omdat er zo veel vitaminen vrijkomen. Kiemvoer komt het meest overeen met het voedsel dat ze in het wild eten.Als het begint te regenen in Australië, beginnen de grasparkieten te broeden, omdat er dan veel zaden kiemen, zodat de jongen met die kiemen kunnen gevoerd worden. Kiemvoer is op verschillende manieren zelf te maken:

Eén manier is: neem eerst een handvol zaad en doe dit in een schaaltje. Strooi hierover wat aarde. Geef elke dag wat water. Na enige dagen verschijnen de kiemen. Zet de schaal nu in de kooi of volière, zodat de vogels het gekiemd zaad makkelijk kunnen eten.

Een andere manier: neem een handvol zaden en leg deze verspreidt op een vochtige handdoek. Na enkele dagen komen er al kleine kiempjes te voorschijn. Besproei de zaden ook elke dag met een fijn straaltje (bv plantenspuit).

Deze manieren kunnen ook gebruikt worden als versheidsproef: als 50% of meer van de zaden uitkomen, is het zaad vers.

In de handel zij ook speciale sets te verkrijgen speciaal voor zaden te laten ontkiemen. Dit zijn enkele schaaltjes boven elkaar waar men zaden in doet. In het bovenst eschaaltje giet men water en het water loopt via een buisje naar het volgende schaaltje, zodat deze zaden bevochtigd worden. Dan loopt het water verder tot in het volgende schaaltje, enz... tot het water in het onderste schaaltje terechtkomt.

parkiet4.jpg ara11.jpg

Voederbakken

In de handel zijn een enorm aantal verschillende soorten eet- en drinkbakken te vinden. De ene al wat beter dan de andere. Voor het kopen van drinkbakken moet altijd eerst gekeken worden naar wat voor zaad u geeft. Voor grotere parkieten koopt men bv. best geen eetbakken met een tuitje, omdat de grotere zonnebloempitten hierin soms vast komen te zitten, waardoor het lijkt alsof de vogel nog een vol bakje heeft, terwijl hij soms zelfs sterft van de honger... Voor grasparkieten zijn eetbakken met tuitjes wel geschikt. Grasparkieten hebben namelijk geen grote zaden, zodat het zaad makkelijk door het tuitje kan lopen. Maar men moet toch regelmatig controleren. Het kan immers altijd gebeuren dat er iets tussen geraakt. In een volière neemt u best een grote voedingsbak. Een grote voederbak is meestal niet erg goedkoop. Maar het is makkelijk om zelf een doelmatige voederbak te maken. U neemt een plastieken fles en u snijdt de bodem eraf. Men plaatst de fles omgekeerd in een schaal en van boven in de fles giet men zaad. In de schaal blijft altijd een beperkt hoeveelheid zaad. Maak de fles wel goed vast aan de schaal en zorg er voor dat de afgesneden onderkant bedekt is, zodat er geen uitwerpselen in de fles kunnen terechtkomen.

In de broedkooien moeten geen grote voederbakken. Het eten en drinken kan in een open bakje gegeven worden. Een klein eetbakje, een drinkbakje en een bakje voor het eigeel is voldoende. In de eetbak moet men er wel altijd op letten dat er niet te veel kaf op het eten ligt. Grasparkieten pellen het zaad en het kaf komt in de voederbak, zodat ze het goede zaad niet meer kunnen vinden. Blaas dan ook regelmatig het kaf van het voedsel af.

Voor drinkbakken geldt ongeveer hetzelfde als hierboven al beschreven werd. Geef echter geen eten in drinkbakken. De tuitjes van drinkbakken zijn namelijk smaller als van eetbakken, en er bestaat een grotere kans dat het eten vastgeraakt in het tuitje. Ververs de drinkbakken ook regelmatig, daar het drinkwater snel vuil wordt door zaad wat in de bak is gevallen, bacteriën, enz...

Grasparkieten baden veel. Geef daarom in de volière het drinkwater niet in het badje, maar in een ander apart bakje. Het water wordt anders te snel vuil door de badende grasparkieten, wat ook onhygiënisch is.

Zaden

In elke dierenwinkel zijn geschikte zaadmengsels voor grasparkieten te vinden. U kan zelf ook een mengeling van zaden maken. Dit heeft als voordeel dat u zelf het aantal kan bepalen van de verschillende soorten zaad.

Als u zaad gaat kopen, moet u al zeker naar de houdbaarheidsdatum kijken, want hoe ouder de zaden zijn, hoe minder voedingsstoffen er aanwezig zijn. Soms kan het zijn dat het zaad met fijne draadjes aan elkaar gekleefd is. Er zit dan ongedierte in het zaad, waardoor het zaad onbruikbaar wordt.

In een gewone zaadmengeling zitten verschillende soorten zaad, zoals millet, gierst,... Maar zaden alleen is niet genoeg. Er moet ook regelmatig groenvoer en eivoer verstrekt worden. Eivoer moet vooral tijdens het kweekseizoen worden gegeven. Gekiemde zaden zijn ook heel gezond.

In de dierenwinkel zijn er ook verschillende soorten vormpjes gemaakt van zaad te verkrijgen. De zaden zijn aaneengeplakt met honing en hier zit te veel suiker in. Als uw grasparkiet dan in een kooi zit, kan hij veel te dik worden. Af en toe een vormpje geven kan geen kwaad, maar geef in de plaats van zo een vormpje toch liever wat groenvoer of fruit!

Wat grasparkieten overheerlijk vinden, is trosgierst. Dit is lekker én gezond. Geef echter niet te veel trosgierst, want van een te grote hoeveelheid kan uw grasparkiet vetzucht krijgen. Geef uw vogel als die alleen gehouden wordt regelmatig een stukje trosgierst van ongeveer 6cm. In een volière regelmatig een ganse tros. Trosgierst kan zeer nuttig zijn om uw vogel tam te maken. Trosgierst is dus eigenlijk als een gezond “snoepje”. Voor dat de jongen uit het nest komen, kan u een stukje trosgierst in de blok leggen, zodat de jonge vogels wennen aan zaad.

Zieke vogels geeft u ook best een stukje trosgierst, zodat ze aangemoedigd worden om terug wat te eten.

Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:53 Reageer op dit bericht

Vogels Parkieten : opvoeding - deel 3

De Opvoeding:

parkiet7.jpg
parkiet6.jpg parkiet5.jpg parkiet3.jpg parkiet12.jpg parkiet11.jpg parkiet10.jpg parkiet1.jpg parkiet9.jpg parkiet8.jpg parkiet6.jpg parkiet4.jpg parkiet2.jpg parkiet11.jpg Buiten de kooi laten
Komt uw grasparkiet vanzelf op uw hand zitten, dan kan u uw hand, als de parkiet erop zit, zachtjes buiten de kooi bewegen. Meestal springt de parkiet van uw hand af, terug in de kooi, maar herhaal deze stap enkele malen achtereen en probeer het na een tijdje nog eens opnieuw. Als de parkiet op uw hand blijft zitten, en hij is buiten de kooi, zal hij waarschijnlijk van uw hand afvliegen. Hij vliegt dan naar de hoogste plaats. Laat hem even bekomen en houdt uw vinger voor uw grasparkiet. Hopelijk springt hij op uw vinger, maar ga niet achter hem jagen, want dan is alle moeite voor niets geweest en kan u weer helemaal opnieuw beginnen. Een grasparkiet vergeet zoiets niet!!

Laat de parkiet, als hij niet op uw vinger komt zitten, gewoon zitten. Meestal zal hij na een tijdje gewoon terug naar zijn kooi gaan, omdat hij honger begint te krijgen. Als hij echt niet naar zijn kooi terug gaat, dan kan u een lichte handdoek over de grasparkiet leggen en zo kan u hem makkelijk pakken om hem terug in zijn kooi te zetten. Zorg dat, als u uw parkiet vrij laat vliegen, de kamer veilig is. Hier volgen enkele punten waar u op moet letten als u de parkiet buiten de kooi laat:

Kijk goed op de grond als u in een kamer loopt waar een parkiet vrij rondvliegt.
Kijk ook goed waar u gaat zitten in een kamer waar een parkiet vrij rondvliegt.
Er zijn al veel grasparkieten aan hun einde gekomen doordat ze tegen een venster vlogen. Grasparkieten zien niet dat er een venster staat. Trek dus altijd de gordijnen toe.
Zet geen giftige planten in de kamer.
Dek vuilbakken of vazen af als de grasparkiet niet onder toezicht rondvliegt.
Zorg dat er geen kaars brandt of dat het fornuis niet aanstaat.
Iemand stapt op de parkiet. Kijk goed op de grond als je in een kamer loopt waar een parkiet vrij rondvliegt. Iemand gaat op een parkiet zitten. Kijk goed als je gaat zitten in een kamer waar een parkiet vrij rondvliegt. De parkiet vliegt tegen het raam. Er zijn al veel parkieten aan hun einde gekomen doordat ze tegen het raam gevlogen zijn. Trek dus altijd het gordijn toe. De parkiet zit voor de deur en als de deur opengaat, komt hij tussen de deur. Klop voor je naar binnen gaat even op de deur (zo vliegt hij op) en doe de deur zachtjes open. De parkiet wordt vergiftigd door giftige planten. Zet geen giftige planten in de kamer. De parkiet komt in een vaas of vuilbak terecht en sterft door de schrik of door verhongering. Dek vuilbakken of vazen af als de parkiet niet onder toezicht rondvliegt. De parkiet verbrandt zich aan het fornuis of aan een kaars. Zorg dat geen er geen kaars brandt of dat het fornuis niet aan staat

Kortwieken
U kan uw grasparkiet ook kortwieken. De grasparkiet kan dan niet meer vliegen. Dit maakt het tam maken iets eenvoudiger, maar het is niet de meest ideale oplossing. Men moet de grasparkiet nooit altijd kortwieken. Alleen misschien om hem tam te maken, maar laat de veren altijd bijgroeien als hij tam is. Toch is het niet aan te raden; grasparkieten kunnen makkelijk zo tam gemaakt worden

Kortwieken is voor een grasparkiet pijnloos. Het is zoals wij ons haar laten knippen. De veren groeien bij de volgende rui terug en als u wilt, kan u ze dan opnieuw knippen. Kijk eerst bij een ervaren kweker om te zien hoe kortwieken in zijn werk gaat. Laat iemand de vogel vasthouden en spreid een vleugel open. Knip enkele binnenste slagpennen af met een scherpe schaar. Laat de 2 buitenste en binnenste veren intact. Zo is er niets te zien van de gekortwiekte veren. Begin met maar weinig slagpennen te knippen. Als de parkiet dan nog goed kan vliegen, knipt u er enkele meer af. U kan uw grasparkiet aan één kant of aan de 2 kanten kortwieken. Dat hangt er van af hoe goed hij nog kan vliegen.

Parkiet die wegvliegt
Het grootste gevaar voor een grasparkiet is wegvliegen. Een parkiet die altijd binnen heeft geleefd en dan wegvliegt herkent de omgeving niet en door de plotse verandering van omgeving vliegt hij weg. Dat kan soms heel ver zijn. Als er een parkiet uit een volière ontsnapt, heb je misschien meer geluk. De parkiet wilt bij zijn partner blijven en blijft dan in de buurt van de volière. Zit de grasparkiet in een boom, dan kan u hem proberen nat te spuiten.(met een zwakke straal!) De grasparkiet kan dan niet zo goed meer vliegen en met wat geluk kan u hem dan proberen te pakken. Een andere manier is om te wachten tot het donker is. In het donker vliegen grasparkieten namelijk niet zo snel op. U moet goed weten waar de vogel zit, want als het mislukt, dan vliegt de vogel weg. Soms vliegt hij wel tot het terug licht wordt. Als u goed weet waar de vogel zit, kan u voorzichtig in de boom klimmen en hem proberen te pakken met een net of een lichte doek. Deze 2 manieren om een weggevlogen parkiet te vangen hebben wel wat geluk nodig. Als u uw parkiet niet hebt kunnen vangen, kan u een papiertje in enkele winkels ophangen of een advertentie in de krant zetten. U kan ook bij de dierenwinkel gaan informeren of er geen parkiet is binnengebracht.

Tam maken
Eén van de (vele!) leuke kanten van een grasparkiet is dat u hem tam kan maken. Een grasparkiet is makkelijk om tam te maken. Zorg dat u, als u de grasparkiet wilt tam maken, hem zo jong mogelijk koopt. De ideale leeftijd is als de parkiet net uit het nest is gevlogen en al zelfstandig kan eten. De 2 basisregels om een parkiet tam te maken zijn: geduld en trosgierst. Iedere grasparkiet is dol op trosgierst. Dit is een gezond "snoepje" voor een grasparkiet. Als uw parkiet pas aangekomen is, moet u hem de eerste dagen tot rust laten komen. Kom zo weinig mogelijk aan de kooi, maar praat veel tegen hem. Als hij, na enkele dagen, tot rust is gekomen, kan u een stukje trosgierst door de tralies steken. Houd de trosgierst wel vast. Na een tijdje zal hij dichterbij durven komen en begint hij van de trosgierst te eten. Als hij na een tijdje direct naar de trosgierst toekomt, kan al een stapje verder gaan. Steek uw hand in de kooi en houdt een stukje trosgierst vast, dichtbij een zitstok. Eerst zal de grasparkiet uw hand en de trosgierst alleen maar aankijken, maar na enkele dagen durft hij al enkele zaadjes uit het trosje trosgierst te pikken. Dit gebeurt echter nog heel zenuwachtig. Het zal het niet lang meer duren, of hij eet al rustig uit uw hand. Nu kan u uw hand telkens een beetje verder van de zitstokken verwijderen. Als u hand zover van de zitstok is dat de parkiet niet meer bij de trosgierst kan, zal hij na een tijdje op uw hand springen om toch maar bij de trosgierst te kunnen komen. Blijf deze stap doen totdat hij zonder twijfelen op uw vinger springt. Let wel op! Alle parkieten zijn anders. Sommigen springen sneller op uw hand dan anderen. Als uw parkiet niet zo snel op uw hand springt moet u de moed vooral niet opgeven. Iedere (jonge) parkiet kan wel tam worden, maar bij de ene is er meer geduld nodig dan bij de andere. Met trosgierst is bijna iedere parkiet te lokken. Sommige schuwe, oudere vogels komen zelfs op uw hand zitten als u trosgierst op uw hand houdt. Als de parkiet zonder twijfelen op uw hand komt zitten, moet u de trosgierst weglaten. Meestal komt hij toch op uw hand zitten, omdat hij al vertrouwd aan de hand is. Doet hij dit niet, dan moet u hem opnieuw met trosgierst lokken en soms proberen of hij zonder trosgierst op uw vinger komt springen. Het is heel belangrijk dat uw parkiet altijd beloond wordt wanneer hij op je hand komt zitten. Zo ontstaat er een nog hechtere band tussen u en uw parkiet!

Wat met vakantie?
Het eerste waar meestal aan gedacht word is meenemen. Dit kan, maar als het grote afstanden in een auto zijn, is dit zeker af te raden. En in het buitenland gelden bepaalde regels voor de in- en uitvoer van parkieten. Er kan soms een hoop papierwerk aan te pas komen om je parkiet te kunnen meenemen. Maar het allerbeste is om je parkiet gewoon thuis in zijn vertrouwde omgeving te laten. Je kan dan aan iemand om elke dag eens even naar je parkiet te komen kijken en hem misschien eens uit te laten. Je kan je parkiet ook bij een kennis zetten, als die er geen last van ondervindt.

Bij sommige dierenwinkels kan je je parkiet ook voor weinig geld laten. Meestal kan je parkiet in zijn eigen kooi blijven.

Als men een volière heeft, is het best dat de buren de vogels voor die tijd komen verzorgen.

Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 16:51 Reageer op dit bericht

De Huisvesting:

Kooi
In elke dierenwinkel vindt je gepaste parkietenkooien. Deze zijn meestal niet zo duur en ze gaan lang mee. Je moet vooral zorgen dat de kooi niet te klein is. Een kooi voor een grasparkiet die alleen gehouden wordt, is groot genoeg wanneer hij 50cm lang, 30cm breed en 55 cm hoog is. Speelgoed in de kooi is noodzakelijk, ook al ben je veel met je vogel bezig. Het is immers onvermijdelijk dat je grasparkiet enkele uurtjes of dagen alleen in zijn kooi moet blijven. Prop de kooi nooit te vol speelgoed; de parkiet moet nog genoeg ruimte hebben om te bewegen en zijn vleugels te strekken. Als je 2 parkieten houdt, is een kooi van 1.50m lang, 50cm breed en 55cm hoog voldoende. De tralies van de kooi moeten horizontaal lopen, omdat grasparkieten echte klauteraars zijn. Zorg wel dat de ruimte tussen de tralies niet te groot is. Het zal niet de eerste keer zijn dat een grasparkiet aan zijn einde komt bij een ontsnappingspoging en dan tussen de tralies blijft steken. De ideale ruimte tussen de tralies is ongeveer 12mm. Het deurtje van de kooi mag ook niet te klein zijn. Een te klein deurtje is onhandig als je je parkiet uit zijn kooi wilt halen. Bij de meeste kooien is er van onder een uitschuifbare lade. Dit maakt het proper maken van de kooi veel handiger en gemakkelijker. Zet de kooi altijd in een tochtvrije plaats, daar parkieten erg gevoelig zijn voor verkoudheden. Voor een raam kan het héél warm worden in de zomer, zodat de grasparkiet een zonnesteek kan oplopen. Zet de kooi ook liefst niet in de keuken. De (giftige) dampen kunnen soms levensgevaarlijk zijn. Onthoud ook dat geen enkele kooi te groot is voor een grasparkiet; hoe groter de kooi, hoe beter.

Als je geen grote kooi hebt, kan je je kooi in een kamer zetten en het deurtje altijd open laten. Als je dit doet kan je meerdere vogels houden. In de kooi geef je je parkiet dan het eten en drinken. In de kamer kan je een paar kamerplanten zetten waar de parkiet(en) naar hartelust in kan klimmen en klauteren. Zorg wel dat deze planten niet giftig zijn. Enkele giftige planten zijn oleander, primula, hyacint, taxus, buxus, wasbloem, kraanoog, maagdenpalm, aronskelk en nachtschade. Zorg ook dat de kamer veilig is.

parkiet11.jpg parkiet3.jpg

Volière
Als je plaats hebt in je tuin kan je een volière maken. Daarin kan je een groep grasparkieten houden. Je kan dan het sociale gedrag van je vogels waarnemen. Het is héél interessant om jonge parkietjes zien op te groeien, de paartjes bezig te zien die elkaars veren aan het verzorgen zijn, enz… Je kan je volière zo groot maken als je zelf maar wilt. Grasparkieten kunnen het hele jaar door buiten blijven als ze de beschikking hebben over een tochtvrij en windstil nachthok. Het nachthok moet waterdicht zijn. Daar kunnen je grasparkieten dan overnachten. Zet in het nachthok de zitstokken hoger dan in het buitenverblijf. De parkieten slapen liefst zo hoog mogelijk en het is beter dat de grasparkieten in het binnenverblijf overnachten. Daar is het meestal wat warmer dan buiten. Geef het voedsel ook in het binnenverblijf. Daar wordt het voedsel niet nat als het geregend heeft. Nat geworden voedsel bederft namelijk heel snel. Op de bodem van de volière kan je gras zaaien. Als het gras nat is, kunnen de vogels hierin lekker rondspartelen. Een bodem van beton gaat ook.

Zorg dat er geen scherpe randjes van het gaas van de volière uitsteken. Het kan wonden veroorzaken, en als de parkiet een kleine, scherp stukje gaas inslikt, betekend dit meestal de dood.

Vinken, kanaries en andere kleinere vogels kunnen niet samen in een volière. Grasparkieten "pesten" deze kleinere vogels. Ze houden de vogels bijvoorbeeld weg van de voederbak, bijten de kleine vogels in hun poten, enz… In de volière kan je wel kwartels houden. Ze houden de bodem proper van gevallen zaden. Grotere parkieten, zoals valkparkieten gaan ook goed samen met grasparkieten. Dit gaat echter niet altijd. Vooral als je een kleine volière hebt, is dit niet echt aan te raden. Sommige grasparkieten zijn echte pestkoppen die zelfs valkparkieten niet met rust laten, zodat deze niet kunnen broeden. Zo'n grasparkieten moet je zeker uit de volière halen.

Beplanting

Veel zin heeft het niet om planten in de volière te zetten. Grasparkieten knagen namelijk overal aan en na een tijdje zal die plant maar een kale boel worden. Een grove den kan wel in de volière gezet worden. Deze houdt het meestal wel lange tijd uit. Als je toch planten in de volière zet, moet je er zeker van zijn dat het geen giftige planten zijn. Buxus is bijvoorbeeld een zéér giftige plant. Klimop kan ook in de volière geplant worden. Op de bodem van de volière kan je gras zaaien. Hier spelen parkieten ook graag in. Vooral als het pas geregend heeft. Veel parkieten houden ervan om in het natte gras een "bad" te nemen. Ze spartelen dan met hun veren en rollen heen en weer. Gras is erg decoratief en jonge grasparkieten spelen er graag.

Zitstokken
Aan zitstokken wordt soms niet veel aandacht aan besteed, maar goede zitstokken zijn toch noodzakelijk voor de vogels. Als men in een dierenwinkel een kooi koopt, worden de zitstokken meestal wel meegeleverd. Maar meestal zijn deze van plastiek, en deze zijn helemaal niet geschikt voor grasparkieten. Plastieken zitstokken schuiven namelijk erg en dit is niet erg gezond voor de poten van de grasparkieten. Als u een kooi koopt, koopt u dus best meteen enkele ronde, houten zitstokken. De poot mag de zitstokken niet helemaal omklemmen, maar voor ongeveer ¾. Als de poot de zitstok helemaal omklemd, kunnen de nagels te fel doorgroeien, waardoor de grasparkiet last gaat hebben met lopen. En te dikke zitstok is natuurlijk ook niet goed, omdat ze daar maar weinig grip op hebben.

In een kooi zet u de zitstokken zo, dat de vliegruimte van de grasparkiet niet te veel wordt verkleind. U kan bv. twee zitstokken aan de zijkanten en één boven in de kooi of iets dergelijk. Dit geldt ook voor in een broedkooi. Soms worden in broedkooien vierkante zitstokken gezet. Hier zouden ze meer grip op hebben tijdens de paring. Of dit echt zo is, betwijfel ik echter,...

In de volière moeten de zitstokken ook niet te veel vliegruimte in beslag nemen. Naast de houten, aangekochte zitstokken kunnen er ook natuurlijke takken in de volière gelegd worden. De grasparkieten kunnen hieraan naar hartelust knagen. Laat de schors dus aan de tak hangen. Deze zullen ze zelf wel afknagen! Geschikte zitstokken zijn van fruitbomen, zoals appelboom, perenboom,... In een kooi kunnen natuurlijk ook enkele natuurlijke zitstokken gezet worden, zolang ze de vliegruimte maar niet in beslag nemen.

Maak in de kooi of volière zitstokken van verschillende diktes. Zo blijven de poten van de grasparkiet in optimale conditie! Bij zitstokken van dezelfde grootte, is de druk altijd op dezelfde punten van de poot, wat kan leiden tot ontstekingen.

Indien u veel vogels hebt, kan u verschillende zitstokken op een rij zetten, die van onder naar boven lopen. Hier kunnen veel vogels zitten en er wordt maar weinig ruimte in beslag genomen.

Een ander soort zitstok zijn de schommels. Een jonge grasparkiet heeft veel plezier in zo een schommel.

Een veelgebruikte soort schommel zal ik hier beschrijven: u neemt enkele latjes en maakt daar twee identieke evengrote kruisen van. Dan neemt u vier zitstokken van dezelfde lengte. Elke zitstok timmert u in een hoek van een kruis. Aan de twee kanten van een zitstok wordt een kruis bevestigd. In het midden van elk kruis, wordt een “oogje” vastgeschroefd, met daaraan een touwtje en dit hangt u op. Dit geeft gegarandeerd veel plezier aan de grasparkieten.

In een kooi of volière mogen wel zeker niet alleen schommelende of bewegende zitstokken aanwezig zijn. het merendeel moet goed vastzitten. Als de vogels paren, en de zitstok beweegt mee, dan kan dit resulteren in een slechte bevruchting met onbevruchte eieren. Dus in een broedkooi horen geen schommels thuis.

Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:50 Reageer op dit bericht

Aankoop grasparkiet

Voor het kopen
Wie één of meer grasparkieten wil gaan houden, moet er zeker van zijn dat hij weet waaraan hij begint. Een grasparkiet kan wel 15 jaar worden. Lees voor je een grasparkiet gaat kopen veel over het houden en het verzorgen. Een grasparkiet alleen houden is eigenlijk niet zo aan te raden. Grasparkieten zijn sociale vogels, die graag een partner hebben. Alleen als je er zeker van bent dat je veel met je grasparkiet bezig kan zijn, kan je hem apart houden. Kun je niet zo veel met je parkiet bezig zijn, koop dan twee grasparkieten. Dat kan een koppeltje zijn, maar ook 2 mannetjes of 2 vrouwtjes. Eén parkiet zal na een tijdje wel de rol van het andere geslacht overnemen. Als je een koppeltje parkieten hebt en geen jongen wilt, hang je gewoon geen nestkastje in de kooi. Meestal leggen ze dan geen eieren. Maar om heel zeker te zijn, neem je beter dan 2 parkieten van hetzelfde geslacht. Als je een koppeltje hebt, zonder een nestkastje in de kooi, kan het zijn dat er soms toch een eitje in de kooi ligt. Dit is helemaal geen reden tot paniek. Alle vrouwtjes leggen eitjes, maar ze zijn niet bevrucht. Als je plaats genoeg hebt, of als je genoeg mensen vindt die een jong grasparkietje van je willen overnemen, kan je een nestkastje in de kooi van een koppeltje een nestkastje hangen. Na een tijdje zullen de parkieten wel gaan broeden. Als je één parkiet hebt, moet je speelgoed in de kooi hangen. In de dierenwinkel kan je héél veel grasparkietenspeeltjes vinden zoals belletjes, spiegeltjes, plastieken parkieten, enz…

Het kopen
Ga je grasparkiet in een goede dierenwinkel of bij een grasparkietenkweker kopen. Zij zullen je extra uitleg kunnen geven en je vragen kunnen beantwoorden. Als je in de winkel of bij de kweker bent, kijk dan eerst eens goed rond. Je zal zien dat er vele kleurvariëteiten zijn. Neem een mooi gekleurde parkiet die er gezond uitziet. Als je je parkiet tam wilt maken, moet je een zo jong mogelijke grasparkiet kopen. Dit is makkelijk en snel te zien; rond de ogen van een jonge vogel is geen witte rand, die wel bij oudere vogels te zien is. Als je een koppeltje neemt, dan koop je best een koppel dat al eerder gebroed heeft. Het is niet moeilijk om een mannetje of vrouwtje te herkennen: het mannetje heeft een blauwe en het vrouwtje een bruinachtige washuid. Bij een albino kun je dit wel niet zien.

Bij het kopen van je grasparkiet moet je wel op enkele punten letten:

-Zijn de ogen niet met bloed doorlopen, maar helder?
-Is de ademhaling niet te snel, maar rustig?
-Is de cloaca (het achterwerk) zuiver en hangt er geen vuil aan?
-Staan 2 tenen naar voor en 2 naar achter?
-Zijn er geen kale plekken in het verenkleed?
-Ontbreken de slagpennen of andere veren niet (kruipersziekte)?
-Is de snavel niet misvorm?
-Is het verenkleed glanzend en niet mat?
-Neem, als dit enigszins kan, een ervaren kweker mee bij het kopen van je grasparkiet. Zo ben je er zeker van dat je een gezonde vogel koopt.

parkiet9.jpg parkiet12.jpg


Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler - 

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door mailgroep om 16:48 Reageer op dit bericht

Paarden Wat is een opfokstal? Meer hierover

Z omer: 10.jpg In de zomer (1 Mei tot 1 Okt.) lopen de paarden dag en nacht buiten, op goed onderhouden, zeer ruime weidepercelen. Om de kwaliteit van het gras te behouden, worden de weiden gemaaid, gerold en gesleept en worden de paarden zonodig omgeweid.  Er wordt  regelmatig ontwormd (inbegrepen), de paarden worden 4 x per jaar bekapt door een zeer deskundige hoefsmid, die de stand van de benen van uw paard nauwlettend in de gaten houdt.  Wij wonen op het bedrijf en daarom is er altijd (deskundig) toezicht. De paarden worden elke dag nagelopen en gecontroleerd op eventuele onregelmatigheden. Ze zijn aan dagelijks, menselijk contact gewend, zo blijven ze makkelijk in de hand.  Uw veulen is onze zorg en wij zullen ons daar ook volledig voor inzetten.   

Winter : In de winterperiode wo 1.jpgrden de paarden gestald in groepen naar leeftijd en geslacht.  De stallen zijn ruim en bieden plaats aan 6 tot max. 8 paarden, afhankelijk van de grote, leeftijd en dominantie verhoudingen. Door de openfront-voorwanden hebben de paarden, onbeperkt beschikking over zeer goede kwaliteit ruwvoer. Aan de achterzijde van elk groepsverblijf is een deur, die toegang biedt tot de paddocks. De paarden zullen in de winter dagelijks, geruime tijd buiten komen, in de grote goed gedraineerde  zand-paddocks en/of, op de verharde buiten-voerplaats deze verharde bodem is goed voor het hoefmechanisme en de ontwikkeling van botten en pezen (ter voorkoming van OCD e.d.).  De stallen zijn zeer goed geventileerd, waardoor er een fris en gezond stalklimaat heerst. Ook als de paarden niet buiten lopen kunnen ze toch lekker naar buiten kijken door de open deuren aan de achterkant van de stallen. De paarden komen dagelijks in de hand en zijn dan ook allemaal heel mak (ook in het weideseizoen) 

Voordelen van een Loopstal:

  • Een fris leefklimaat 3.jpg
  • Veel sociaal contact
  • Goede karaktervorming door natuurlijk rangorde systeem
  • Bewegingsvrijheid
  • Dagelijks uitloop in de paddocks
  • Goede opbouw van het bewegingsapparaat door veel beweging 
  • Verhard gedeelte in de stal en buitenplaats draagt bij aan goede botontwikkeling

http://www.stalzwetsloot.nl/



Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door mailgroep om 16:24 Reageer op dit bericht

Vissen Aquarium gezond houden is geen makkelijke klus

Aquarium gezond houden is geen makkelijke klus

Vissen zijn misschien wel de meest fragiele huisdieren. Veel lezers vragen zich af waarom hun visjes al na enkele dagen dood bovendrijven. Volgens dierendokter Rob  Lückerath  ligt dat veelal aan een ongezond aquarium. 'Een visbak is prachtig, een levend schilderij. Maar het onderhoud ervan is allesbehalve gemakkelijk.'

Hoe komt het dat het zo moeilijk is om een aquarium te onderhouden?

Rob Lückerath : 'Een aquarium veroorzaakt vaak problemen: de vissen gaan dood, het water wordt troebel, de planten verwelken. In een aquarium gelden dezelfde wetten als in de natuurlijke biotoop van de vissen. En natuurlijk is het lastig om in een klein bakje water het biologische systeem van bijvoorbeeld de Amazonerivier na te bootsen. Watersamenstelling, licht, planten en filters zijn van groot belang. Het leefmilieu wordt bepaald door een ingewikkeld samenspel van al die factoren. Het is daarom belangrijk nooit zomaar een visbak te kopen. Doe eerst navraag bij visclubs.'

Wat is de belangrijkste oorzaak van vissterfte?

'Wat veel mensen niet weten, is dat je niet alle vissen bij elkaar mag zetten. Een exotisch exemplaar naast een doorsnee goudvis laten zwemmen brengt onvermijdelijk de dood teweeg van één van de twee. Elke vis heeft immers ander water nodig. Er zijn alkalische vissen, die geen zuur water verdragen, en diertjes die alleen in zuur water overleven. Sommige vissen willen hard water, anderen liever zacht. Agressieve beestjes zet je ook best niet bij elkaar. De gouden regel luidt: beter te weinig dan te veel vissen in één bak.'

Waarop moet je letten bij de watersamenstelling?

'Meerdere factoren bepalen de samenstelling. Alles hangt in de eerste plaats af van het leidingwater dat je gebruikt. In sommige steden is het water uit de kraan hard, in andere steden zacht. Ook de zuurtegraad verschilt. Daarnaast spelen de planten en de meststoffen een grote rol. Er zijn zoveel elementen die je moeilijk kunt inschatten, dat je best raad vraagt aan een specialist. Hij zal zeggen wat voor soort water in je visbak zit, en wat voor soort water je visjes nodig hebben. Bovendien weet hij iets van de technische apparatuur die je moet aanschaffen. Zo heeft een kleine visbak alleen een actieve koolfilter nodig, maar een groot aquarium onderhoud je beter met een biologische filter.'

Waarom moet je oppassen met planten?

'Planten zijn onmisbaar in een aquarium. Ze zorgen niet alleen voor zuurstof, maar ontgiften het water ook. Door de afvalstoffen van vissen, planten en voedsel ontstaat er stikstof. Dat goedje is schadelijk voor de visjes. De planten nemen de stikstof op en zuiveren zo het aquarium. Bovendien bieden ze de beestjes beschutting. Maar dat wil nog niet zeggen dat je de bak moet volstouwen met plantjes. Te veel groen zorgt immers voor te veel afvalstoffen en een overproductie van stikstof. Om dezelfde reden pas je best op met de hoeveelheid voedsel. Matigheid is de boodschap. De vissen moeten hun korreltjes opkrijgen vooraleer ze de grond raken.'

Mag je lampen in een visbak zetten?

'Natuurlijk geven lampen de vissen een sprookjesachtig uiterlijk. Maar het licht kan het hele bioritme in een visbak omgooien. Sommige lampen geven warmte af en verhogen de watertemperatuur. Daardoor groeien de planten twee maal zo snel. Ook de kleur van het licht en de intensiteit hebben invloed op het aquarium. Het juiste licht zorgt ervoor dat de visbak er prachtig uitziet, maar met het foute licht stikt zo'n bak al snel van de algen. Ook hier geldt: vraag raad aan een specialist. Een belichte visbak zet je best niet voor een raam. Overdaad schaadt.'

De Siervis in Leuven is een voorbeeld van een visclub die veel informatie geeft over soorten waterbewoners en hun biotopen: www.desiervis.be

  Julie Van Garsse  (NB)



aquarium013.gif

v
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 03:39 Reageer op dit bericht

Gezondheid Tandenpoetsen bij de kat (Knudde1)

Tandenpoetsen bij de kat                                                                    Glitter Kitty                              


In het kader van de maand van het gebit (februari) brengen we het gebit van honden en katten meer onder de aandacht. Naar onze mening werd er eigenlijk te veel aandacht aan honden besteed en we hebben daaom het initiatief genomen om het tandenpoetsen bij katten beter uit te werken.

We hebben onze tandenpoets pagina's op de dierengebitsite uitgebreid. We adviseren om te poetsen en laten zelfs met een filmpje zien hoe je kunt poetsen. Als advies geven we om een gaasje te gebruiken, dit wordt beter geaccepteerd dan het poetsen met een tandenborstel. Indien het poetsen niet lukt zijn er zelfs speciale tandenpoetsbrokken om de kat het gebit schoon te houden.

Zie

Het is belangrijk dat het gebit in de gaten wordt gehouden door de eigenaar, zeker bij maine coons, noorse boskatten en oosterse katten waarbij we vaak en veel problemen zien. Deze hadden in veel gevallen door tandenpoetsen voorkomen kunnen worden.

Website: www.dierengebit.nl

DWP
DN 14/02/2008


dog132.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 03:35 Reageer op dit bericht

Gezondheid

Hoi Allemaal,

Naar aanleiding van een patient die ik van de week in de praktijk had leek het mij leuk om een aandoening te bespreken. Daar worden we allemaal wijzer van en ik hoop dat jullie het leuk vinden om zo iets bij te leren over aandoeningen die ik in de praktijk tegen kom.

Vrijdag avond kwam er een cavalier king charles spaniel bij mij in de praktijk. Normaal komt hij altijd met z'n balletje in z'n bek  de praktijk binnen lopen ,maar nu droeg zijn baasje hem. Foute boel dacht ik zo! De eigenaresse was dit met mij eens ,want als hij niet meer met z'n balletje speelt, dan is er echt iets met hem mis. Na het algemeen onderzoek te hebben gedaan kwamen we bij het linker oog van het hondje uit, dat was 2 keer zo groot als het rechter oog. Oh jee, gaucoom! Glaucoom of te wel groene staar  is een aandoening aan het oog waarbij de oogboldruk sterk wordt verhoogd en het oog dus harder en groter. Normaal is er in het oog een evenwicht  tussen aanmaak van oogvocht( oogkamer water, dus in de oogbol zelf) en de afvoer. Als er nu iets mis gaat in dit evenwicht, dus dat de aanmaak veel hoger wordt of de afvoer verstopt raakt, dan zwelt het oog letterlijk op. Dit is voor de hond zeer pijnlijk, want het voelt eigenlijk het zelfde als dat je op je nagel hebt geslagen. De druk onder de nagel kan niet weg en zo ook kan de druk in het oog niet weg. Het lijkt dus alsof het oog uit de oogkas puilt. De symptomen die je ziet is zeer veel rode vaatjes in het wit van het oog,vaatinjectie. Daarnaast een onregelmatige witte verkleuring van de voorkant(cornea) van het oog en mydriasis, wat wil zeggen een verwijde pupil, die niet op licht reageerd. Als je deze sympomen bij je hond ziet tezamen met een hond die sloom is en pijn heeft, bel dan direkt je dierenarts. DIT iS EEN SPOEDGEVAL! Als er niet snel iets aan gedaan wordt, dan betekend dit compleet gezichtsverlies in het oog en blijvend pijnlijk oog. De enige oplossing die ons als dierenartsen dan nog rest is het oog verwijderen zodat de hond geen pijn meer heeft.

Zo ook bij het hondje in de praktijk. We hebben z'n oog moeten verwijderen en na pathologie bleek dat er een tumor in het oog zat waardoor het oog zo erg groot was geworden ( de tumor belemmerde de afvoer van het kamer water). Het gaat nu erg goed met hem en speelt er lustig op los met z'n balletje met 1 oog minder.

Groetjes Liesbeth

(Dierenarts - Avro)
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:37 Reageer op dit bericht

Vogels (Knudde1)



alpensneeuwhoen.gifDe alpensneeuwhoen of lagopus mutus
Een standvogel. Iets groter dan de patrijs. In de zomer bruin met witte (meestal alleen in de vlucht zichtbare) vleugels, witte onderkant en wit bevederde klauwen. In de winter zijn beide geslachten helemaal wit met een zwarte staart. De geslachten kunnen het best onderscheiden worden aan de rode verdikking boven de ogen (rozen), die bij het vrouwtje veel minder geprononceerd is. In de winter heeft alleen het mannetje een zwarte oogstreep. Bij de jongen zijn ook de vleugels en de hele staart bruin. Sterk overeenkomend met het Noordeuropese moerrassneeuwhoen.
Verspreiding en woongebied : Noord-Europa, Alpen en Pyreneëen. In de Alpen boven de kromhoutgrens in het rotsachtige gebied. Voortplanting : komvormig nest verborgen tussen stenen en kleine struikjes. De zes tot negen roomkleurige tot roodbruine eieren zijn bedekt met talloze kleine bruine en zwarte vlekjes; ze worden meestal in juni gelegd en aansluitend 20-24 dagen bebroed door het vrouwtje. De jongen verlaten al na één dag het nest en worden tot in de herfst door beide ouders gevoed. Voedsel : bijna uitsluitend vegetarisch : knoppen, bladen, zaden en bessen.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De kleine plevier of charadrius dubius
kleine-plevier.gifTrekvogel, eind maart tot oktober. Waadvogel met het formaat van een vink. Verschilt van de vergelijkbare bontbekplevier door de zwarte (niet oranje-gele)snavel; de grijzige tot vleeskleurige (niet oranje) poten en de citroengele oogring. In de vlucht geen witte band zichtbaar zoals hij de bontbekplevier. Verder is de stem zeer kenmerkend. Jonge vogels en vogels in rustkleed hebben geen zwarte tekening op de kop. Holt zoals alle plevieren met snelle dribbelpasjes en stopt plotseling. Verspreiding en woongebied : broedvogel in het ganse Europese binnenland, niet langs de kust, behalve in het hoge Noorden. bij ons verspreid voorkomend, maar nergens talrijk. Heeft een voorkeur voor vegetatie-arme vlakten in de buurt van water. Is door waterregulering afgenomen. Broedt nu in grindgroeves, maar ook in boerderijen ver van de bebouwing en steenbergen, waardoor het bestand weer enigszins hersteld en zelfs uitgebreid is. Voortplanting : vlak nest op de grond, vaak met kiezels. De vier kiezelkleurige eieren zijn lichtgrijs met donkere punten en worden tussen april en juni gelegd. In de regels slechts één legsel per jaar. Beide ouders broeden 22-28
dagen . De jongen kunnen met 25-30 dagen vliegen. Voedsel : insecten en andere kleine diertjes, die van de grond gepikt worden.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------De roerdomp of botaurus stellaris
roerdomp.gif
Gedeeltelijke trekvogel. Plompe reiger met een dikke hals en dolkachtige snavel; groter dan de buizerd. Vrijwel helemaal goudbruin met opvallende donkerbruine en zwarte vlekken en strepen. Zwarte plek op het hoofd. Vliegt als een uil, met brede ronde vleugels. Verspreiding en woongebied : plaatselijk in heel Europa tot het westen van Spanje en het noordoosten van Europa. Overal echter zeldzaam en steeds minder voorkomend. Bewoont uitgestrekte rietlanden. In de winter ziet men roerdompen ook vaak op open vlakten, waarbij ze meestal schuw zijn en opvallen door hun langzame bewegingen. Zelfs in de koude winters worden roerdompen hier waargenomen. Vaak ook worden ze ernstig ondervoed, uitgeput of dood gevonden. Voortplanting : nest in dik, oud riet, meestal boven het water. Legtijd april en mei : één legsel - vijf tot zes olijfbruine, matte eieren. Het vrouwtje broedt 25-26 dagen . De jongen verlaten het nest na 15-20 dagen en zijn met 50-55 dagen in staat om te vliegen. Voedsel : kikkers, vissen, insecten en wormen.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
AndeanCondor(MR).jpgDe condor is een roofvogel die tot de familie van de gieren van de Nieuwe Wereld behoort. Hij heeft de opvallende kenmerken van de gieren: hij heeft namelijk een bijna naakte kop en hals, stompe klauwen en een zeer krachtige snavel. Hij voedt zich overwegend met aas.
Condors leven vaak in groepen. Wanneer één van hen met zijn scherpe ogen een prooi ontdekt laat hij zich in duikvlucht naar beneden vallen en de anderen volgen onmiddellijk. Met de krachtige haaksnavels wordt de huid van de prooi kapot getrokken, de klauwen zijn hiervoor te stomp. Het lievelingsvoedsel van de condor is de guanaco of de lama. Ze eten alleen kadavers.
De condor kan niet goed ruiken. Proeven hebben aangetoond dat de dieren eerder op een namaakkadaver afvliegen dan op een echt kadaver dat de onderzoekers hadden bedekt. De condor legt per dag honderden kilometers af op zijn zoektocht naar voedsel.
De condor is naast de reuzenalbatros de grootste vliegende vogel op aarde. De vleugels van de Andescondor, die helaas met uitsterven wordt bedreigd, hebben bijvoorbeeld een spanwijdte van meer dan drie meter.
Hierdoor kan de vogel bij gunstige weersomstandigheden en bij opstijgende luchtsstromen meerdere kilometers in de lucht glijden of zweven. De uiteinden van de slagveren, die hij kan openen en sluiten, worden samen met de brede staart gebruikt om te sturen.
De condor besteedt bijzonder veel tijd aan het grootbrengen van de jongen. Het vrouwtje legt maar één keer per twee jaar één enkel ei in een rotsspleet. De ouders broeden om de beurt 8 tot 9 weken op het ei.
Als het jong uit het ei komt heeft het een dik lichtbruin donskleed. Dit blijft in de nek en op de kop nog enige jaren zichtbaar. Na ongeveer een half jaar kan het jong vliegen, het wordt echter nog meer dan een jaar door de ouders verzorgd en gevoerd. De condor is pas geslachtsrijp als hij zes of zeven jaar oud is. Dan zoekt hij een partner voor het leven.
Condors kunnen maximaal 50 jaar oud worden.
(worldwidebase)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 13:28 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Hoe zien zoogdieren (Knudde1)

zien.jpgHoe we de wereld om ons heen waarnemen wordt het meest bepaald zien2.jpg door ons gezichtsvermogen. Maar zien alle dieren wat wij zien en is het zien voor hen net zo belangrijk als voor ons?

Onafhankelijk van hun uiterlijk en grootte is het grondprincipe van de ogen bij alle dieren hetzelfde. Om te kunnen zien hebben alle zoogdieren licht nodig. Licht bestaat uit elektromagnetische golven. De dingen om ons heen nemen licht op en kaatsen licht terug. Onze ogen vangen uitgezonden of teruggekaatst licht op en zetten dit in de hersenen om in beeld en kleur. Dit proces noemen we 'zien'.

Hoe het oog werkt?

De opbouw van de ogen is in zijn grondvorm voor alle zoogdieren dezelfde. De functie en werking van de ogen van zoogdieren komt zodoende ook in grote lijnen met elkaar overeen. Aan de voorzijde heeft het oog een doorzichtig 'venster', het hoornvlies (comea ), dat het licht ongehinderd doorlaat, buigt of breekt om het zo op de juiste plaats te brengen. Achter het hoornvlies zit de iris met in het midden een gat, de pupil. De doorsnede van de pupil verandert met de lichtsterkte. Vlak achter de iris ligt de lens. De lens is omgeven door spiertjes die de lens vlakker of boller maken om er zodoende voor te zorgen dat de binnenkomende lichtstralen zo afgebogen worden, dat de voorwerpen scherp worden waargenomen. Het gebundelde licht komt tenslotte bij de achterwand van het oog, waar het netvlies (retina ) de lichtstralen opvangt. Het beeld op het netvlies is het omgekeerde beeld van het voorwerp waarvan de lichtstralen het oog zijn binnengegaan. Het netvlies bestaat uit zeer dicht op elkaar staande lichtgevoelige cellen die via de gezichtszenuw met de hersenen in verbinding staan. De lichtsignalen die deze lichtgevoelige cellen bereiken, worden via de gezichtszenuw naar de hersenen overgebracht. De hersenen nemen deze signalen op en vertalen ze in het beeld wat zich voor onze ogen afspeelt.

Nachtkijken

zien8.jpgHoe komt het dat veel zoogdieren 's nachts kunnen zien, terwijl toch het zicht afhankelijk is van de lichtsterkte? De opbouw van het oog van dieren die 's nachts actief zijn is praktisch gelijk aan de andere zoogdieren. Het verschil ligt hierin, dat de ogen groter en boller en ontvankelijker voor licht zijn. De zoogdieren die 's nachts actief zijn hebben bovendien een reflecterende laag achter het netvlies, die het invallende licht terugwerpt naar de lichtgevoelige staafjes, die zodoende nog een keer licht opvangen. Dit effect is goed te zien als er 's nachts licht op het oog valt van bijvoorbeeld een kat of vos. Door de reflectie lichten de ogen op. Ook heeft het netvlies relatief veel meer staafjes, waardoor het waarnemingsvermogen in de schemer verhoogd wordt. Dit brengt wel met zich mee, dat deze dieren het volle daglicht moeten mijden. Dit is ook de reden dat de pupillen bij een kat in het volle licht tot smalle streepjes vernauwd worden.

Kleuren zien.

Kleuren maken dat we de dingen om ons heen beter kunnen onderscheiden. Maar hoe onderkennen onze ogen kleuren en kunnen alle dieren verschillende kleuren evengoed waarnemen? De elektromagnetische golven uit het zichtbare gebied zijn van verschillende lengte. De langere golven worden door ons oog als rood en oranje waargenomen, de kortere als groen en blauw. De lichtgevoelige cellen van het netvlies bestaan uit twee typen, staafjes en kegeltjes. De staafjes kunnen geen kleur onderscheiden, maar zijn daarentegen lichtgevoelig en nemen ook zeer kleine lichtintensiteiten waar. De kegeltjes zetten de ontvangen golflengten wel in kleuren om. Enkele zoogdieren, met name de primaten, beschikken over drie verschillende soorten kegeltjes. De ene is gevoelig voor blauw, de tweede is gevoelig voor groen en het derde kegeltje is gevoelig voor geel groen en rood. De hersenen verwerken deze tot veelkleurige beelden. De kegeltjes kunnen alleen bij voldoende lichtsterkte de kleuren verwerken. Daarom ziet alles er 's nachts in grijstonen uit. Misschien komt het daardoor, dat lange tijd werd aangenomen dat dieren die 's nachts actief zijn, zoals bijvoorbeeld katten, geen kleuren zouden kunnen onderkennen. Inmiddels weten we, dat alle zoogdieren tot op zekere hoogte kleuren kunnen zien.

Verschillen in stand van de ogen.

zien9.jpgDe bouw van het oog is voor ieder zoogdier in principe gelijk, maar de plaats van de ogen in de kop bepaalt wat en hoeveel een dier kan zien. Succesvolle roofdieren, zoals bijvoorbeeld de kat, moeten hun ogen exact kunnen instellen op hun prooi en deze goed in de gaten kunnen houden. Doordat hun ogen recht naar voren gericht staan, wordt een bijzonder goede dieptescherpte bereikt. Zo kunnen zij uiterst nauwkeurig vaststellen waar precies zich een prooi of iets anders bevindt en hoe ver het van andere dingen verwijderd is.

Bij potentiële prooidieren zoals konijnen, muizen of herten bevinden de ogen zich echter aan beide zijden van de kop. Zij kunnen ieder oog apart gebruiken en zodoende tegelijkertijd een zeer wijd gebied afzoeken naar eventuele vijanden. Hun gezichtsveld is weliswaar veel ruimer; maar het gaat wel ten koste van de scherptediepte. Een konijn bijvoorbeeld heeft een gezichtsveld van 360 graden, zodat hij in feite alle gevaar, uit welke richting ook, direct opmerkt. Als wij recht vooruit kijken zonder het hoofd te draaien, hebben we een gezichtshoek van ongeveer 200 graden. De gezichtshoek van een kat is kleiner en bedraagt slechts ongeveer 185 graden.

Ook bij zoogdieren in open gebied, zoals de bewoners van de Afrikaanse wildernis, is aan de stand tussen de ogen te zien of ze prooi- of roofdier zijn. Zij moeten alle de omgeving of naar vijand of naar prooi makkelijk kunnen afzoeken. De ogen van de mens en de meeste primaten zijn ingesteld op een breed gezichtsveld, maar vooral ook op een verticaal gezichtsveld. De ogen van prooidieren zijn daarentegen meer ingesteld op een breder horizontaal gezichtsveld. (worldwidebase)


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 13:15 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes kunnen dieren spreken? (Knudde1)


spreken1.jpgMensen hebben de neiging het brullen van leeuwen of het krijsen van chimpansees als 'woorden' van een dierentaal te beschouwen. Wat betekenen deze geluiden en gebruiken dieren ze werkelijk om te spreken?

spreken.jpgDieren communiceren op zeer verschillende manieren. Sommige gebruiken afstotende roepen, andere beschikken over zichtbaar opvallende baltsrituelen en weer andere nemen bepaalde houdingen aan voor de overdracht van informatie. Geluiden zijn echter de snelste manier van communicatie.

Echte taal

In principe is taal een hulpmiddel voor het uitwisselen van informatie. Om taal echter van andere communicatievormen te onderscheiden, neemt men aan dat een taal eerder aangeleerd is dan instinctief van aard, zoals bijvoorbeeld het geval is bij de afgrenzing met geuren van een territorium, of een lichaamshouding die dominantie of ondergeschiktheid aanduidt. Een echte taal moet een veelheid aan informatie kunnen overbrengen, die afhankelijk van de omstandigheden veranderen kan.

Sprekende dieren

In de dierenwereld wordt een grote verscheidenheid aan geluiden gebruikt, van het zingen van een vogel, het huilen van een wolf, het klikken en fluiten van een dolfijn tot het tevreden spinnen van een kat. Bij al deze geluiden zou men kunnen vermoeden dat het een soort 'taal' betreft, die uitsluitend dient ter informatie van soortgenoten. De vertaling van individuele diergeluiden blijkt in de praktijk echter buitengewoon moeilijk te zijn; het onderbrengen van dergelijke geluiden in één of ander soort taalconcept blijkt zelfs een vrijwel onmogelijke opgave.

De vocale communicatie bij groene meerkatten
spreken2.jpgDe groene meerkat is één van de spraakzaamste dieren. De apen beschikken over drie of vier verschillende 'woorden', die ze gebruiken om de leden van de groep voor bepaalde rovers te waarschuwen.

Wanneer een wachtpost een arend opmerkt, produceert hij een bepaalde waarschuwingsroep, waarop de apen in de bomen zich onmiddellijk op de grond laten vallen terwijl de apen die zich daar reeds bevinden dekking zoeken. Een ander woord wordt voor luipaard gebruikt en heeft het tegenovergestelde effect, namelijk dat de apen razendsnel de boom inklimmen. Verder is er een 'woord' dat aangeeft dat er een python opgemerkt is, waarop de apen die dit horen de grond beginnen af te zoeken naar dit langzaam bewegende roofdier. Op basis van deze feiten neemt men aan dat dit soort woorden geleerd en niet erfelijk zijn, met name omdat in andere groepen andere geluiden gebruikt worden.

Woordenschat

Hoewel wij achter de verschillende diergeluiden vaak subtiele en gecompliceerde betekenissen vermoeden, blijkt bij objectieve beschouwing dat het grootste deel van de communicatie tussen dieren uitgesproken eenvoudig is. Het gaat daarbij meestal om zaken als het lokken van een partner, of het verdedigen van voedsel of een territorium tegen vijanden. Dergelijke boodschappen en hun wijze van overdracht zijn bijna altijd erfelijk en verschillen daarin van een echte taal. Hoewel het blaffen van elke hond anders klinkt, gebruikt het dier het vrijwel uitsluitend om een partner over zijn aanwezigheid te informeren of om rivalen en indringers te waarschuwen.
zien3.jpg
Slechts bij weinig dieren zijn er aanwijzingen voor een meer verfijnd gebruik van geluiden. Zo zijn er vogels die met hoge tonen voor een naderende roofvogel waarschuwen, maar duidelijk andere geluiden voortbrengen wanneer ze samen een minder gevaarlijk roofdier belagen. De in de Zuidafrikaanse woestijn levende stokstaartjes gebruiken eveneens verschillende roepen om onderscheid te maken tussen roofvogels en bodembewonende vijanden, die ze wel kunnen verdrijven.
 

Sprekende chimpansees

zien005.jpgHoewel de nauwste verwant van de mens over een rijk scala van gezichtsuitdrukkingen, kreten en houdingen beschikt, schijnen in het wild levende chimpansees de spraak niet zo te benutten als wij ons dat voorstellen. In de wetenschap heeft de vraag of chimpansees een taal gebruiken geleid tot experimenten, waarbij men hen tekens en symbolen aanleerde om te zien of de chimpansees deze ook onderling zouden gaan gebruiken.

De eerste en meest bekende 'sprekende' chimpansee was Washoe, die in de jaren '60 onder mensen opgroeide en geleerd werd zich met behulp van de Amerikaanse tekentaal (ASL) verstaanbaar te maken. Ze leerde vervolgens 160 verschillende woorden en bleek middels combinaties van woorden aan inhoudsrijke en originele ideeën uitdrukking te kunnen geven. Op een dag, toen ze verrast werd door de aanwezigheid van een speelgoedpop in haar tas, gaf ze haar beroemdste zin ten beste: 'baby in mijn drinken' ('baby in my drink').

Andere onderzoekers hebben in soortgelijke studies nieuwe kunstmatige talen gebruikt. Twee chimpansees, Austin en Sherman, werd Yerkish geleerd - een taal ontworpen voor de omgang met gehandicapte kinderen, waarin de woorden zijn vervangen door symbolen. Nadat de chimpansees was bijgebracht om voor de expressie van symbolen computertoetsen te benutten, leerden de dieren niet alleen om voedsel te vragen, maar bleken eveneens om werktuigen te kunnen vragen voor het openen van hun drankverpakkingen. Dat vormde het bewijs voor hun vermogen vooruit te kunnen denken.(worldwidebase)



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 13:13 Reageer op dit bericht

Ddierenweetjes waarom dieren slapen (Knudde1)


slapen01.jpgBijna alle dieren slapen, sommige maar een paar minuten, andere 20 uur per etmaal. Het is makkelijk genoeg vast te stellen dat een dier slaapt, maar het blijft vaak nog een raadsel waarom.

Men heeft ontdekt dat de slaap en de lengte daarvan door de hersenen geregeld wordt. Door de enorme verschillen in lengte van slaap tussen diersoorten, ligt het voor de hand dat slapen een levensbelangrijke functie vervult

Wat is slaap?

In principe is de slaap een periode van rust zonder veel beweging die een tijd lang kan voort duren. Een dier kan daarbij soms onrustig zijn en draaien en bewegen, maar hij blijft in feite op één plaats. Een slapend dier is min of meer blind voor zijn omgeving. Een slapende vis kan bijvoorbeeld uit het water getrokken worden voordat hij zich ertegen kan verzetten. Een slapend hert daarentegen zal bij het minste of geringste geluid, dat hij niet kan thuisbrengen, wakker worden en wegrennen. Er schijnen twee verschillende soorten slaap te bestaan: een diepe, rustige slaap en een actieve slaap. Bij zoogdieren en vogels kan men beide soorten slaap herkennen aan een karakteristiek patroon van een hersenactiviteit.

Het nut van de slaap

slapen02.jpgLange tijd bijna roerloos uitrusten op een veilige plek kan voor dieren op allerlei manieren van nut zijn. In de eerste plaats is hij meestal veiliger voor roofdieren op zijn slaapplek dan wanneer hij hongerig op zoek is naar voedsel en misschien niet zo goed oplet. Daarom hebben dieren die weinig tijd nodig hebben om te eten, de neiging om lang te slapen en het veiligste moment van de dag afwachten om naar voedsel te zoeken. Een dier dat slaapt kan zo ook energie besparen of aan extreme kou of hitte ontsnappen.

Wanneer dieren slapen

slapen4.jpgOp welk moment een dier slaapt, hangt ervan af wanneer hij wakker moet zijn. Veel vogels kunnen alleen bij daglicht vliegen en zullen dus 's nachts slapen. Kleine zoogdieren zoals muizen proberen daarentegen overdag aan roofdieren te ontkomen en gaan liever 's nachts op zoek naar voedsel. Andere dieren zoals konijnen en vossen hebben een soort tussenoplossing gevonden en slapen zowel 's nachts als overdag een paar uur. Ze zoeken hun voedsel dan in de ochtend- of avondschemering. Hun bioritme is in elk geval afgestemd op de dagelijkse afwisseling van dag en nacht. Veel zeedieren, vooral die aan de kust leven, trekken zich niet zoveel van het daglicht aan, maar stellen hun bioklok in op de getijden.

Hoe dieren slapen

Hoe en waar een dier slaapt, hangt er vooral vanaf of het om een roof- of prooidier gaat, of hij alleen maar uitrust of dat hij zich tegen zijn omgeving moet beschermen. Zo slapen konijnen opgerold in hun hol. Vogels voelen zich hoog in een boom veiliger. Vleermuizen slapen in holtes met hun vlieghuid beschermend om zich heen getrokken. Dieren van de open vlakte, zoals herten en paarden voelen zich nergens veilig genoeg en slapen eerder staand. Als ze gaan liggen doen ze dat alleen als andere dieren waken.

Wist je dit?
* Nijlpaarden slapen staand in het water waar ze veilig zijn voor vijanden.
slapen3.jpg* Gierzwaluwen, die tot drie jaar ononderbroken in de lucht kunnen zijn, slapen vliegend.
* Waterhoentjes doen een dutje terwijl ze op het water rondjes zwemmen.
* Olifanten slapen vaak op een 'bed' van gedroogd gras of in een speciaal gegraven kuil die ook wel 'olifantenbed' heet.
* Veel vissen nemen tijdens hun slaap een andere kleur aan. Waarschijnlijk om er gevaarlijker uit te zien en op die manier vijanden af te schrikken.
* In de winter slapen spreeuwen liever in de stad, waar het warmer is dan het open veld.
* Giraffen slapen staand en leggen dan vaak hun kop te rusten op een boomtak.

 

Hoe lang slapen dieren

(uren per dag)

Kleine tuimelaar

minder dan 1

Spitsmuis

minder dan 1

Giraf

4

Olifant

4

Paard

5

Grote tuimelaar

5

Schaap

6

Cavia

7

Rund

7

Mens

8

Mol

8

Egel

10

Chimpansee

10

Konijn

10

Jaguar

11

Chinchilla

12

Rat

13

Kat

13

Muis

13

Varken

13

Hamster

14

Eekhoorn

14

Lemur

16

Gordeldier

19

Opossum

19

Vleermuis

19

Tweevingerige luiaard

20

dag

nacht / dag

nacht

De tijd dat dieren slapen variëert aanzienlijk, van het 'dutje' van een paar minuten dat spitsmuizen doen tot de 20-uurige diepe slaap van een luiaard. De slaap wordt meestal over een periode van 24 uur gemeten, maar de meeste dieren verdelen hun slaap in kleinere slaapperiodes. Dit kan nodig zijn als een dier niet genoeg energie kan opslaan als wanneer het een langere tijd slaapt zonder te eten.


(worldwidebase)


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 12:49 Reageer op dit bericht

Wat je nog niet wist over dieren: maffe weetjes!

Wist jij dat dolfijnen met één oog open slapen, pinguins 2 meter hoog kunnen springen en beren prima sprinters zijn? De vreemdste dierenweetjes op een rijtje!

- Een bij moet zo'n 4000 bloemen afgaan om 1 soeplepel honing te maken. Geen wonder dat ze constant slapend schijnen te vliegen. Zzzzzzz....

- Een volwassen beer loopt zo snel als een paard. Een heel tof weetje, tot er één achter je aan zit.

- Slakken hebben vier neuzen.

- Goudvissen verliezen hun kleur als ze in het donker worden gehouden. Als je nu op het geniale idee komt om albino goudvissen te gaan kweken, bedenk dan dat je niet veel hebt aan een aquarium in je kelder ;-).

- Honingbijen hebben haar op hun ogen.

- Een kip gebruikt haar rechterpoot meer dan de linkse, waardoor de linkerbil malser is.

- Als ziekteverspreider nummer 1 hebben vlooien al meer menselijke slachtoffers gemaakt dan alle oorlogen samen. We zijn dus net niet zelf onze ergste vijand, oef.

- Vlinders proeven met hun achterpoten.

- Sommige krokodillen kunnen de winter overleven door zich tot aan hun neusgaten te laten invriezen, zodat ze nog net kunnen ademen. Prima gelegenheid om er ééntje straffeloos te kietelen.

- Pinguins kunnen tot zo'n 2 meter hoog springen. Handig als ze even  ‘boe’ willen roepen  in het gezicht van een ijsbeer.

- Dolfijnen slapen altijd maar met  de helft van hun hersenen, met één oog open. Welke kant het hardst snurkt is niet geweten.

- Volwassen vlooien drinken dagelijks 15 keer hun gewicht in bloed.

- Als 2 honden elkaar tegenkomen is diegene die traag met de staart kwispelt de baas. Als je eigen keffer snel kwispelt is het dus tijd om de aftocht te blazen.

- Voor elke mens zijn er ongeveer 200 miljoen insecten op de planeet.

- Olifanten zijn de enige zoogdieren die niet kunnen springen. Gelukkig maar, het zou er vrij dom uitzien.

- Kamelen hebben drie oogleden, kwestie van het zand tegen te houden.

- De meeste hamsters knipperen maar met 1 oog tegelijk.

- Slakken blijven gewoon in bed liggen als het wat tegenzit. Ze kunnen tot drie jaar slapen tijdens droogtes.

- Giraffen communiceren door de lucht rond hun nekken te laten trillen.

- De langste (waargenomen) vlucht van een kip duurde 13 seconden. De kans dat ze naar Spanje trekken is dus eerder beperkt.

- Poolberen kunnen tot 95 kilometer zwemmen zonder pauze.

bronnen:
The Daily Mail
HLN

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   



Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 10:51 Reageer op dit bericht

Fijne valentijn

Een fijne valentijnsdag toegewenst voor al onze bezoekers, vanwege de leden van onze mailgroep voor huisdieren.



 .
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 00:17 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Vlinders3 (Knudde1)



Vlinders uit gematigde streken krijgen te maken met de winter, een periode met zeer lage temperaturen, waarbij er geen bloemen, kruiden of bladeren aan de bomen zijn. In tropische en subtropische gebieden is er dan wel geen winter, maar daar zijn regelmatig perioden met een grote droogte, die eenzelfde nadelig effect hebben op de plantengroei. Dat soort ongunstige perioden moeten de vlinders op de één of andere manier zien te overleven.
Om de barre wintertijden goed door te komen lassen vlinders een soort rustperiode in, die diapauze wordt genoemd. Groei en ontwikkeling staan dan volledig stil en met de in het lichaam aanwezige reserves wordt zo zuinig mogelijk omgesprongen. In welk stadium van de levenscyclus de diapauze wordt doorgemaakt, verschilt van soort tot soort.
Heel wat vlinders in Europa zien het levenslicht in het Middellandse-Zeegebied en trekken vervolgens naar het noorden tot in Zweden toe. Dergelijke grote afstanden worden ieder jaar weer afgelegd door grote aantallen distelvlinders, luzernevlinders en gamma-uiltjes, om er maar een paar op te noemen. Deze dieren gaan in de herfst dood zonder voor een overwinterende generatie te zorgen. Elk jaar opnieuw zijn die vlindersoorten dus uit warme streken afkomstig. Bij sommige soorten trekken de vlinders wel weg uit een bepaald gebied om elders een plekje te zoeken om de winter door te komen. De beroemdste trekvlinder is de monarchvlinder in Noord-Amerika. Die komt in bijna heel de wereld voor, maar het trekgedrag is speciaal voor de vlinders die vliegen van Canada tot Midden-Amerika. Na de zomer trekken de vlinders van grote delen van het continent over afstanden van soms meer dan drieduizend kilometer naar het zuiden. Ze vliegen overdag met snelheden van 35 kilometer per uur via vaste routes naar enkele bossen, onder andere in Mexico, om juist daar de winter door te brengen. Met miljoenen tegelijk hangen ze in de bomen dicht bij elkaar gepakt in enorme trossen (zie foto).(worldwidebase)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1  

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:22 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Vlinders2 (Knudde1)


fotosprinkhaan.gifDe vlinder wordt in alle stadia van zijn levenscyclus bedreigd door een groot aantal insecteneters. Voor veel gewervelde dieren en met name de vogels, vormen vlinders en rupsen een voedzame en daarom zeer aantrekkelijke prooi. In de broedtijd, als de oudervogels hun hongerige, krijsende jongen moeten voeren, slepen ze dagelijks honderden rupsen naar het nest.
Vleermuizen hebben het voorzien op de nachtvlinders, die in de avondschemering geurende bloemen opzoeken om daar nectar te komen drinken en die al rondvliegend proberen geschikte huwelijkskandidaten te vinden. Vleermuizen sporen hun prooi in het duister op met behulp van echolocatie. Ze stoten met hoge frequentie geluiden uit en met de hulp van de weerkaatsing kunnen ze perfect hun prooi lokaliseren.
Om de eieren aan het zicht van eierrovers te onttrekken zet het vlindervrouwtje die meestal af tegen de onderkant van de bladeren van de waardplant. Ze worden met een soort lijmstof aan de plant vastgekleefd.
Rupsen vormen dan weer een gewaardeerd hapje voor tal van insecteneters. Om aan al die gevaren te ontkomen hebben rupsen een groot scala van trucjes tot hun beschikking. Velen hebben schutkleuren zodat ze niet opvallen tegen de achtergrond, bijvoorbeeld de spanrupsen.
Als een rups eenmaal pop is geworden kan hij zich niet meer verplaatsen. Hij heeft dan namelijk geen poten of vleugels. Dat maakt het diertje extra kwetsbaar. Een cocon is een veel gebruikte manier om rond de pop een beschermend omhulsel aan te brengen. Sommige cocons bestaan helemaal uit zijdedraad. Andere coconspinners verwerken grond, schors of bladeren in de cocon om maar zo goed mogelijk gecamoufleerd te zijn.
Een groot aantal rupsen leeft van giftige planten. Dat plantengif hebben ze in hun lichaam opgeslagen en houden dat ook als ze na de verpopping vlinder zijn geworden. Dergelijke giftige, oneetbare vlinders hebben bijna altijd een opvallend kleurrijke tekening op de vleugels.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:20 Reageer op dit bericht

Dierenweetjes Vlinders1 (Knudde1)



thersites.gif


Het esparcetteblauwtje leeft in de warmere gebieden van noordelijk Afrika, Europa en Azië. Er zijn twee tot drie generaties per jaar. De waardplant is esparcette. Het kleine rupsje overwintert tussen de stenen. In het voorjaar duurt het lang voor hij volgroeid is en verpopt in de strooisellaag. Ook onder moeilijke omstandigheden weet het esparcetteblauwtje zich te handhaven. De vlinders drinken nectar uit bloemen, maar ook water tussen steentjes aan de rivieroevers.


anchisiades.gif

Deze vlinder komt voor in Texas en Mexico in Noord-Amerika tot in Brazilië. De vlinder heeft geen voorkeur voor bepaalde terreinen. Hij komt in grote aantallen voor in een grote verscheidenheid aan natuurgebieden. De eieren worden gelegd op casimiroa, zanthoxylum en citrus. De rupsen eten gelijktijdig en vervellen ook synchroon. Als de rupsen niet eten verzamelen ze zich op de stam van de waardplant in grote hoeveelheden bij elkaar. De kleur van de pop is variabel en hangt af van de kleur van de ondergrond. De vlinders zijn zwart met rode vlekken op de achtervleugels en soms wit op de voorvleugels. Met dat uiterlijk bootsen ze de vrouwtjes van de giftige Parides-soorten na.
grotebeer.gif
De grote beer is één van de bekendste vertegenwoordigers van de Arctiidae of beervlinders, een vlinderfamilie met zo'n achtduizend soorten.
De grote beer komt voor in Europa, Azië en Noord-Amerika. Vrouwtjes leggen hun eitjes op allerlei planten, zoals lage heesters, brandnetel en zuring. De rupsjes zijn dichtbehaard. Daaraan heeft de vlinder zijn naam te danken. In een jong stadium overwinteren ze. In het voorjaar verpoppen ze in een cocon, waarin de irriterende haren van de rups verwerkt zijn. De vleugels van de grote beer hebben een spanwijdte van zes tot zeven cm. Ondanks hun grootte vallen de vlinders niet op zolang ze stil blijven zitten. Bij verstoring tonen ze hun vuurrode achtervleugels. Het laten zien van dergelijke felle kleuren schrikt de meeste belagers af. De vlinders hebben geen ontwikkelde monddelen en nemen geen voedsel op.




sarpedon.gifDeze vlinder heeft een groot verspreidingsgebied. De vlinder met de opvallende blauwe band komt voor in Korea, Japan, India, Birma, Thailand, Filipijnen, Indonesië en Australië. Hij voelt zich thuis  in bossen en open terreinen. De favoriete bloem om nectar uit te drinken is lantana. Deze vlinder is niet kieskeurig in de keuze van waardeplant. Planten uit verschillende families komen daarvoor in aanmerking. In Australië brengt hij soms schade toe aan de kamferbomen, die daar verbouwd worden


arcania.gif

Het tweekleurig hooibeestje komt verspreid voor in Europa en in het westelijk deel van Azië. Als de vlinder vliegt, vallen de oranje voorvleugels en de donkergrijze achtervleugels op. Het vlindertje leeft van nectar uit bloemen van struiken die op vrij droge grond staan. Op een aantal soorten grassen en zeggen worden de eitjes gelegd. De rups van het tweekleurig hooibeestje groeit langzaam. Hij verpopt eind mei, begin juni. De pop hangt in de vegetatie. Er is ieder jaar één generatie. De vlinders vliegen eind juni, begin juli plaatselijk in grote aantallen.


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:18 Reageer op dit bericht

Nieuws Fossiel reptiel ontdekt (Knudde1)

Fossiel reptiel ontdekt
Fossiel vliegend reptiel
Fossiel en model van het reptiel 




dinsdag 12 februari 2008

Hij leefde 120 miljoen jaar geleden in China: een mini-dinosaurus. Het fossiel van het vliegende mini-reptiel is daar ontdekt door onderzoekers. Het dier had geen tanden, was van vleugel tot vleugel maar twee en een halve centimeter groot en had kromme tenen.

Wetenschappers zeggen dat de ontdekking belangrijk is omdat ze nu meer weten over de geschiedenis van deze dieren. De gekromde tenen laten bijvoorbeeld zien dat de kleine reptiel meestal leefde in bomen. Deskundigen wisten niet eerder dat deze soort dat deed. 

De Pterodactylus is de officiële naam van de soort. Die vooral bekend staat om zijn hele grote vliegende reptielen. Het fossiel dat nu is gevonden is dus de allerkleinste van al zijn broers, zussen, nichten en neven.  (nos)

dog132.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:16 Reageer op dit bericht

Nieuws Geboortegolf bij schaapskuddes Overijssel (Knudde1)

Geboortegolf bij schaapskuddes Overijssel


DALFSEN - De schaapskuddes op de Lemelerberg en het Wierdense Veld van Landschap Overijssel hebben te maken met een forse geboortegolf. Bij de kudde op de Lemelerberg zijn de afgelopen dagen 160 lammetjes geboren, zei herder Teun Heuver dinsdag.
ANP2

Februari is traditioneel de geboortemaand voor de lammetjes. "Dit jaar heb ik echter met een opvallend groot aantal tweelingen te maken", aldus Heuver. Er werden dit jaar minder lammeren verwacht omdat vorig jaar in juli opnieuw blauwtong uitbrak in Nederland. pixel.gif (nu.nl)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1  

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:13 Reageer op dit bericht

Meer van mailgroep huisdieren

↑ Terug naar de berichten