Mopje (Tante Lotte)

Mopje (Tante Lotte)


|
Lichaamstaal. de Gebarentaal van je kat Iedereen heeft dat wel, je kat ‘praat’ tegen je en je weet precies wat hij of zij bedoelt. De toonhoogtes en de manieren waarop een simpel ‘mauw’ naar buiten gebracht kunnen worden vullen waarschijnlijk een heel kattenwoordenboek. Met de vertaling zijn we nog wel even bezig, maar gelukkig hebben onze harige huisvrienden daar wat op gevonden: De lichaamstaal Eigenlijk is de kat wat lichaamstaal betreft helemaal geen ingewikkeld beest. Over het algemeen zal je Staart & Co Laten we eens beginnen aan de achterkant van ons geliefde huisdier. Daar zit (meestal) een staart. Die staart kunnen we het beste omschrijven als de ‘thermometer’ van de kat. Als de kat komt aanlopen steekt zijn fraaie staart parmantig omhoog. Maar let eens op het puntje. Komt de kat naar je toe rennen als je thuis komt, dan staat de hele staart recht omhoog en dat betekent: ik ben gewoon blij dat je er weer bent. Aai mij! Dat is dus een bevel. Als dat topje zachtjes heen en weer wiebelt, betekend het bij een relaxte kat dat ze zich lekker voelt, en bij een jagende kat dat hij volledig geconcentreerd op de prooi is. Pas echter op als dat puntje wat strakker en sneller heen en weer gaat. Dat betekent meestal dat de kat tamelijk geïrriteerd raakt van het gedrag van zijn medemens. Breidt het gezwaai van de punt zich uit tot de hele staart zoek dan dekking achter de bank, want je kat staat op ontploffen! Figuurlijk dan, maar hij is wel boos en gaat over tot aktie. Snorremansen & oogappels Van die grappige haartjes links en recht van het neusje van je kat kun je ook heel wat leren. Als ze gewoon naar buiten staan is er niks aan de hand. Steken ze wat neer voren dan is de kat alert en op speurtocht, staan ze naar achteren dan voelt hij zich bedreigd. Stel je je kat weer gerust dan gaan de snorharen weer in ‘ruststand’. Ook de ogen geven aan hoe relaxed een kat is. Kijk maar eens goed als je huiska Misverstanden De lichaamstaal cq. Kattentaal van de kat is op een aantal punten nogal verschillend van de van de hond en dat levert dan misverstanden op. Als de kat met de staart stijf recht omhoog vrolijk naar de hond toe rent krijgt de hond de schrik van z’n leven. Als namelijk een mede-hond hem met de staart stijf rechtop benaderd is dat een vreselijke bedreiging. En als de kat dreigend zijn staart heen en weer zwiept, zo van : ‘opzouten want ik heb een slecht humeur’, dan leest de hond de zwiepende staart als vrolijk kwispelen van zijn mede-hond en dus een uitnodiging om gezellig te spelen. Daarom is het belangrijk om kat en hond in het begin niet alleen te laten en let goed op hoe de hond reageert op de signalen van de kat. Beloon de hond uitvoerig als hij goed met de kat of het kitten om gaat, hij zal dan zijn goede gedrag met de kat of het kitten met de beloning verbinden met dat leuke kitten dat net nieuw is. Ben je niet thuis of ‘s nachts hou ze dan even apart. |
Gedichtje (Martina1)
Ik ben niet de eerste,
en zal ook zeker de laatste niet zijn,
was dat maar waar.
Nee, allemaal valse schijn,
en zeker geen groots gebaar.
Maar, de baas overheerste,
zijn wil is wet,
er was over gesproken tijdens de aanschaf,
het was allemaal al op papier gezet.
Nou, ik vind het alleen maar ontzettend laf.
Het gebeurt zo vaak...
Om mijn karakter wordt ik nog even geroemd.
Het is een spruit,
Ja, zo werd ik genoemd.
Maar dat veranderde niets aan het besluit.
Er wordt druk gediscussieerd,
de kinderen staan te huilen.
Maar het kan niet anders,
ja, ze gaan me gewoon inruilen.
Ik hoor het gemompel van enkele omstanders.
Elke andere oplossing wordt genegeerd,
het is nu echt de hoogste tijd.
Ik moet alleen achterblijven,
tot mijn grootste spijt.
Ik probeer nog even... langs een been te wrijven.
Ik moet in een hok,
verdrietig kijk ik iedereen na.
Hoe kun je dit nu toch doen,
van het vrouwtje krijg ik nog een dikke zoen,
speels trek ik nog aan haar rok.
Ze beloven dat er goed voor mij wordt gezorgd.
Dit wil echter nog niet zeggen dat ik het leuk vind,
maar er zijn viervoeters die slechter af zijn dan ik,
zij worden zonder enige schroom,
vastgebonden aan een boom.
jeetje, da's pas balen.
Denk nu niet, dit is niet helemaal pluis,
want over twee weken komen ze mij weer halen,
Ja, ik mag echt weer terug naar huis.
Snel nemen ze afscheid,
Het hoort er nu een maal bij,
.bij die vakantietijd....
(Hondengedichten.com)
Dierenweetjes Leuke weetjes over ezels (Martina1)
Dierenweetjes Leuke dingen over dieren (Martina1)|
Leuke dingen over dieren. Bloemen houden van insecten! Weet jij waarom bloemen zo mooi gekleurd zijn? Niet omdat wij dat zo leuk vinden! Maar om insecten te lokken! En insecten, dat weet je, zijn belangrijk voor bloemen. Want zij brengen het stuifmeel van de ene naar de andere bloem. Nu kunnen niet alle insecten dezelfde kleuren zien. Een bij is bijvoorbeeld blind voor rood, maar is wel gek op geel. Vlinders zien rood wel heel goed, daarom zie je vaak veel vlinders op een klaprozenveld!
Vogelconcert. Als je 's morgens eens heel vroeg wakker bent dan kun je er van genieten: van het vogelconcert. Want de meeste vogels beginnen al heel vroeg met zingen. De merel is een èchte vroege vogel: die begint al om vier uur 's ochtends. Als je goed luistert kun je op den duur de verschillende vogels aan hun zang herkennen. Het winterkoninkje schettert fel. En de lijster roept: "frederiek, frederiek, riek riek fie-ietje-fie-ietje twiet-twiet-twiet!" Spreeuwen kunnen zó in de Soundmixshow: ze zijn een kei in het nadoen van andere vogels. Het loopt en het heeft een heleboel pootjes.. . Wist je dat insecten de grootste dierengroep vormen op aarde? Er zijn ook zo veel verschillende soorten! Je kunt insecten herkennen aan hun poten; ze moeten er zes hebben! Spinnen zijn dus geen insecten, want zij hebben er acht. En een duizendpoot valt er natuurlijk helemaal buiten!
Wat een springer! Ze springen van tak naar tak, soms stoppen ze even om iets te knabbelen: eekhoorns. Ik wou dat ik zo goed kon springen! Een eekhoorn heeft een sierlijke pluimstaart die hem goed van pas komt bij het springen: want hij kan er mee sturen! Ze eten vooral boomzaden, zoals bijvoorbeeld eikels. Ook paddestoelen vinden ze heerlijk! Kijk maar eens goed of je er een ziet; eekhoorns leven in naaldbossen, beukenbossen en grote stadsparken.
Volg die staart... De ree komt overal in ons land voor. Je hebt de meeste kans ze te zien in de vroege morgen of tegen de avond, want dan komen ze uit hun schuilplaats. Een wijfjesree noem je 'rik' of 'geit'. De vacht van een ree is bruin, met onderaan de staart een witte vlek, de 'spiegel'. Deze vlek is goed te zien in het donker, als de reeën moeten vluchten kunnen ze elkaar zo goed volgen. Deze mooie, ranke en lenige dieren kunnen sprongen maken van wel zes meter ver.
Haasje repje Als een haas er vandoor... Deze uitdrukking bestaat niet voor niets. Want hazen zijn, net als leeuwen, razendsnelle sprinters. Ze zijn ook slim: als ze op de vlucht zijn veranderen ze razendsnel van richting om hun achtervolger te foppen. Hazen zijn altijd op hun hoede! Zelfs tijdens het eten staan ze rechtop om om zich heen te kunnen kijken. Ze slapen ook niet echt: ze maken korte hazeslaapjes van hooguit twee minuten. Doe ze dat maar eens na!
Ik zie ze vliegen! Zie je ze ook vliegen? Veel vogels hebben de duinen als hun leefgebied gekozen; bijvoorbeeld de Kiekendief en de Tapuit. Ze kwetteren er om het hardst! Ze leven er echt; ze broeden op deze plek en zoeken hier hun voedsel. Aan de rand van het water zie je weer andere vogels, zoals het grappige Drieteenstrandlopertje en de Wulp. Al met al is het een drukte van belang!
|
Dierenweetjes Meer vlinders in de tuin door het aanplanten van de juiste planten:
Vlinders zorgen voor dat extra beetje sfeer en leven in de tuin. Daarnaast zijn ze met hun mooie kleuren vaak ook nog een lust voor het oog. Wie meer vlinders in zijn tuin wil zien, kan best eens volgende lijstje met planten bekijken waarvan de bloemen druk door de kleurrijke fladderaars bezocht worden.
Naast het aanplanten van de juiste beplanting moet je ook rekening houden met het feit dat vlinders koudbloedige diertjes zijn. Dat wil zeggen dat hun lichaamstemperatuur sterk afhankelijk is van de omgevingstemperatuur. Dagvlinders hebben dan ook 20 °C nodig om goed te kunnen vliegen. Op een dag dat het nog niet zo warm is zullen ze zich dan ook eerst een beetje opwarmen op een windvrije plaats. Dat doen ze door hun vleugels wijd open te houden. De vleugels functioneren dan een beetje zoals zonnepanelen die de vlinder opladen om terug op kracht te komen. Ideale plaatsen voor vlinders om rustig op temperatuur te komen zijn dan ook in struiken of op muren die de wind tegen houden.

Dagpauwoog aan het opwarmen tegen een zonnige muur.
Een tuin vol vlinders kun je bekomen met volgende planten:
Vaste Planten / tweejarigen / eenjarigen:
Gewone margriet (Leucanthemum vulgare)
Lavendel (Lavendula angustifolia)
Struikhei (Calluna spec.)
Zinnia Sierheesters / struiken:
Dagvlinders die je in ons land frequent kan waarnemen in de tuin:
Atalanta, bont zandoogje, boomblauwtje, bruin blauwtje, bruin zandoogje, citroentje , dagpauwoog, distelvlinder, gehakkelde aurelia, groot koolwitje, klein geaderd witje, klein koolwitje, kleine vos, koninginnepage, landkaartje, oranje zandoogje, zwartsprietdikkopje.
zie ook:
Auteur: Vossaert Kurt - www.tuinadvies.be
Vogels Parkieten: ziekten - deel 6
| ||||||
|


|


| ||||||
|
Vogels Parkieten : opvoeding - deel 3
| ![]() |
Buiten de kooi laten | Samengesteld door Dr. Hans De Wandeler |


| |||||||
|


| ||||||
|
Paarden Wat is een opfokstal? Meer hierover
Z omer:
In de zomer (1 Mei tot 1 Okt.) lopen de paarden dag en nacht buiten, op goed onderhouden, zeer ruime weidepercelen. Om de kwaliteit van het gras te behouden, worden de weiden gemaaid, gerold en gesleept en worden de paarden zonodig omgeweid. Er wordt regelmatig ontwormd (inbegrepen), de paarden worden 4 x per jaar bekapt door een zeer deskundige hoefsmid, die de stand van de benen van uw paard nauwlettend in de gaten houdt. Wij wonen op het bedrijf en daarom is er altijd (deskundig) toezicht. De paarden worden elke dag nagelopen en gecontroleerd op eventuele onregelmatigheden. Ze zijn aan dagelijks, menselijk contact gewend, zo blijven ze makkelijk in de hand. Uw veulen is onze zorg en wij zullen ons daar ook volledig voor inzetten.
Winter : In de winterperiode wo
rden de paarden gestald in groepen naar leeftijd en geslacht. De stallen zijn ruim en bieden plaats aan 6 tot max. 8 paarden, afhankelijk van de grote, leeftijd en dominantie verhoudingen. Door de openfront-voorwanden hebben de paarden, onbeperkt beschikking over zeer goede kwaliteit ruwvoer. Aan de achterzijde van elk groepsverblijf is een deur, die toegang biedt tot de paddocks. De paarden zullen in de winter dagelijks, geruime tijd buiten komen, in de grote goed gedraineerde zand-paddocks en/of, op de verharde buiten-voerplaats deze verharde bodem is goed voor het hoefmechanisme en de ontwikkeling van botten en pezen (ter voorkoming van OCD e.d.). De stallen zijn zeer goed geventileerd, waardoor er een fris en gezond stalklimaat heerst. Ook als de paarden niet buiten lopen kunnen ze toch lekker naar buiten kijken door de open deuren aan de achterkant van de stallen. De paarden komen dagelijks in de hand en zijn dan ook allemaal heel mak (ook in het weideseizoen)
Voordelen van een Loopstal:
Vissen Aquarium gezond houden is geen makkelijke klus
Aquarium gezond houden is geen makkelijke klus
Vissen zijn misschien wel de meest fragiele huisdieren. Veel lezers vragen zich af waarom hun visjes al na enkele dagen dood bovendrijven. Volgens dierendokter Rob Lückerath ligt dat veelal aan een ongezond aquarium. 'Een visbak is prachtig, een levend schilderij. Maar het onderhoud ervan is allesbehalve gemakkelijk.'
Hoe komt het dat het zo moeilijk is om een aquarium te onderhouden?
Gezondheid Tandenpoetsen bij de kat (Knudde1)
In het kader van de maand van het gebit (februari) brengen we het gebit van honden en katten meer onder de aandacht. Naar onze mening werd er eigenlijk te veel aandacht aan honden besteed en we hebben daaom het initiatief genomen om het tandenpoetsen bij katten beter uit te werken.
We hebben onze tandenpoets pagina's op de dierengebitsite uitgebreid. We adviseren om te poetsen en laten zelfs met een filmpje zien hoe je kunt poetsen. Als advies geven we om een gaasje te gebruiken, dit wordt beter geaccepteerd dan het poetsen met een tandenborstel. Indien het poetsen niet lukt zijn er zelfs speciale tandenpoetsbrokken om de kat het gebit schoon te houden.
Het is belangrijk dat het gebit in de gaten wordt gehouden door de eigenaar, zeker bij maine coons, noorse boskatten en oosterse katten waarbij we vaak en veel problemen zien. Deze hadden in veel gevallen door tandenpoetsen voorkomen kunnen worden.
Website: www.dierengebit.nl
DWP
DN 14/02/2008

GezondheidHoi Allemaal,
Naar aanleiding van een patient die ik van de week in de praktijk had leek het mij leuk om een aandoening te bespreken. Daar worden we allemaal wijzer van en ik hoop dat jullie het leuk vinden om zo iets bij te leren over aandoeningen die ik in de praktijk tegen kom.
Vrijdag avond kwam er een cavalier king charles spaniel bij mij in de praktijk. Normaal komt hij altijd met z'n balletje in z'n bek de praktijk binnen lopen ,maar nu droeg zijn baasje hem. Foute boel dacht ik zo! De eigenaresse was dit met mij eens ,want als hij niet meer met z'n balletje speelt, dan is er echt iets met hem mis. Na het algemeen onderzoek te hebben gedaan kwamen we bij het linker oog van het hondje uit, dat was 2 keer zo groot als het rechter oog. Oh jee, gaucoom! Glaucoom of te wel groene staar is een aandoening aan het oog waarbij de oogboldruk sterk wordt verhoogd en het oog dus harder en groter. Normaal is er in het oog een evenwicht tussen aanmaak van oogvocht( oogkamer water, dus in de oogbol zelf) en de afvoer. Als er nu iets mis gaat in dit evenwicht, dus dat de aanmaak veel hoger wordt of de afvoer verstopt raakt, dan zwelt het oog letterlijk op. Dit is voor de hond zeer pijnlijk, want het voelt eigenlijk het zelfde als dat je op je nagel hebt geslagen. De druk onder de nagel kan niet weg en zo ook kan de druk in het oog niet weg. Het lijkt dus alsof het oog uit de oogkas puilt. De symptomen die je ziet is zeer veel rode vaatjes in het wit van het oog,vaatinjectie. Daarnaast een onregelmatige witte verkleuring van de voorkant(cornea) van het oog en mydriasis, wat wil zeggen een verwijde pupil, die niet op licht reageerd. Als je deze sympomen bij je hond ziet tezamen met een hond die sloom is en pijn heeft, bel dan direkt je dierenarts. DIT iS EEN SPOEDGEVAL! Als er niet snel iets aan gedaan wordt, dan betekend dit compleet gezichtsverlies in het oog en blijvend pijnlijk oog. De enige oplossing die ons als dierenartsen dan nog rest is het oog verwijderen zodat de hond geen pijn meer heeft.
Zo ook bij het hondje in de praktijk. We hebben z'n oog moeten verwijderen en na pathologie bleek dat er een tumor in het oog zat waardoor het oog zo erg groot was geworden ( de tumor belemmerde de afvoer van het kamer water). Het gaat nu erg goed met hem en speelt er lustig op los met z'n balletje met 1 oog minder.
Groetjes Liesbeth
(Dierenarts - Avro)
Vogels (Knudde1)
De alpensneeuwhoen of lagopus mutus
Een standvogel. Iets groter dan de patrijs. In de zomer bruin met witte (meestal alleen in de vlucht zichtbare) vleugels, witte onderkant en wit bevederde klauwen. In de winter zijn beide geslachten helemaal wit met een zwarte staart. De geslachten kunnen het best onderscheiden worden aan de rode verdikking boven de ogen (rozen), die bij het vrouwtje veel minder geprononceerd is. In de winter heeft alleen het mannetje een zwarte oogstreep. Bij de jongen zijn ook de vleugels en de hele staart bruin. Sterk overeenkomend met het Noordeuropese moerrassneeuwhoen.
Verspreiding en woongebied : Noord-Europa, Alpen en Pyreneëen. In de Alpen boven de kromhoutgrens in het rotsachtige gebied. Voortplanting : komvormig nest verborgen tussen stenen en kleine struikjes. De zes tot negen roomkleurige tot roodbruine eieren zijn bedekt met talloze kleine bruine en zwarte vlekjes; ze worden meestal in juni gelegd en aansluitend 20-24 dagen bebroed door het vrouwtje. De jongen verlaten al na één dag het nest en worden tot in de herfst door beide ouders gevoed. Voedsel : bijna uitsluitend vegetarisch : knoppen, bladen, zaden en bessen.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De kleine plevier of charadrius dubius
Trekvogel, eind maart tot oktober. Waadvogel met het formaat van een vink. Verschilt van de vergelijkbare bontbekplevier door de zwarte (niet oranje-gele)snavel; de grijzige tot vleeskleurige (niet oranje) poten en de citroengele oogring. In de vlucht geen witte band zichtbaar zoals hij de bontbekplevier. Verder is de stem zeer kenmerkend. Jonge vogels en vogels in rustkleed hebben geen zwarte tekening op de kop. Holt zoals alle plevieren met snelle dribbelpasjes en stopt plotseling. Verspreiding en woongebied : broedvogel in het ganse Europese binnenland, niet langs de kust, behalve in het hoge Noorden. bij ons verspreid voorkomend, maar nergens talrijk. Heeft een voorkeur voor vegetatie-arme vlakten in de buurt van water. Is door waterregulering afgenomen. Broedt nu in grindgroeves, maar ook in boerderijen ver van de bebouwing en steenbergen, waardoor het bestand weer enigszins hersteld en zelfs uitgebreid is. Voortplanting : vlak nest op de grond, vaak met kiezels. De vier kiezelkleurige eieren zijn lichtgrijs met donkere punten en worden tussen april en juni gelegd. In de regels slechts één legsel per jaar. Beide ouders broeden 22-28 dagen . De jongen kunnen met 25-30 dagen vliegen. Voedsel : insecten en andere kleine diertjes, die van de grond gepikt worden.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------De roerdomp of botaurus stellaris
Gedeeltelijke trekvogel. Plompe reiger met een dikke hals en dolkachtige snavel; groter dan de buizerd. Vrijwel helemaal goudbruin met opvallende donkerbruine en zwarte vlekken en strepen. Zwarte plek op het hoofd. Vliegt als een uil, met brede ronde vleugels. Verspreiding en woongebied : plaatselijk in heel Europa tot het westen van Spanje en het noordoosten van Europa. Overal echter zeldzaam en steeds minder voorkomend. Bewoont uitgestrekte rietlanden. In de winter ziet men roerdompen ook vaak op open vlakten, waarbij ze meestal schuw zijn en opvallen door hun langzame bewegingen. Zelfs in de koude winters worden roerdompen hier waargenomen. Vaak ook worden ze ernstig ondervoed, uitgeput of dood gevonden. Voortplanting : nest in dik, oud riet, meestal boven het water. Legtijd april en mei : één legsel - vijf tot zes olijfbruine, matte eieren. Het vrouwtje broedt 25-26 dagen . De jongen verlaten het nest na 15-20 dagen en zijn met 50-55 dagen in staat om te vliegen. Voedsel : kikkers, vissen, insecten en wormen.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De condor is een roofvogel die tot de familie van de gieren van de Nieuwe Wereld behoort. Hij heeft de opvallende kenmerken van de gieren: hij heeft namelijk een bijna naakte kop en hals, stompe klauwen en een zeer krachtige snavel. Hij voedt zich overwegend met aas.
Condors leven vaak in groepen. Wanneer één van hen met zijn scherpe ogen een prooi ontdekt laat hij zich in duikvlucht naar beneden vallen en de anderen volgen onmiddellijk. Met de krachtige haaksnavels wordt de huid van de prooi kapot getrokken, de klauwen zijn hiervoor te stomp. Het lievelingsvoedsel van de condor is de guanaco of de lama. Ze eten alleen kadavers.
De condor kan niet goed ruiken. Proeven hebben aangetoond dat de dieren eerder op een namaakkadaver afvliegen dan op een echt kadaver dat de onderzoekers hadden bedekt. De condor legt per dag honderden kilometers af op zijn zoektocht naar voedsel.
De condor is naast de reuzenalbatros de grootste vliegende vogel op aarde. De vleugels van de Andescondor, die helaas met uitsterven wordt bedreigd, hebben bijvoorbeeld een spanwijdte van meer dan drie meter.
Hierdoor kan de vogel bij gunstige weersomstandigheden en bij opstijgende luchtsstromen meerdere kilometers in de lucht glijden of zweven. De uiteinden van de slagveren, die hij kan openen en sluiten, worden samen met de brede staart gebruikt om te sturen.
De condor besteedt bijzonder veel tijd aan het grootbrengen van de jongen. Het vrouwtje legt maar één keer per twee jaar één enkel ei in een rotsspleet. De ouders broeden om de beurt 8 tot 9 weken op het ei.
Als het jong uit het ei komt heeft het een dik lichtbruin donskleed. Dit blijft in de nek en op de kop nog enige jaren zichtbaar. Na ongeveer een half jaar kan het jong vliegen, het wordt echter nog meer dan een jaar door de ouders verzorgd en gevoerd. De condor is pas geslachtsrijp als hij zes of zeven jaar oud is. Dan zoekt hij een partner voor het leven.
Condors kunnen maximaal 50 jaar oud worden.
(worldwidebase)

Dierenweetjes Hoe zien zoogdieren (Knudde1)
Hoe we de wereld om ons heen waarnemen wordt het meest bepaald
door ons gezichtsvermogen. Maar zien alle dieren wat wij zien en is het zien voor hen net zo belangrijk als voor ons?
Onafhankelijk van hun uiterlijk en grootte is het grondprincipe van de ogen bij alle dieren hetzelfde. Om te kunnen zien hebben alle zoogdieren licht nodig. Licht bestaat uit elektromagnetische golven. De dingen om ons heen nemen licht op en kaatsen licht terug. Onze ogen vangen uitgezonden of teruggekaatst licht op en zetten dit in de hersenen om in beeld en kleur. Dit proces noemen we 'zien'.
Hoe het oog werkt?
De opbouw van de ogen is in zijn grondvorm voor alle zoogdieren dezelfde. De functie en werking van de ogen van zoogdieren komt zodoende ook in grote lijnen met elkaar overeen. Aan de voorzijde heeft het oog een doorzichtig 'venster', het hoornvlies (comea ), dat het licht ongehinderd doorlaat, buigt of breekt om het zo op de juiste plaats te brengen. Achter het hoornvlies zit de iris met in het midden een gat, de pupil. De doorsnede van de pupil verandert met de lichtsterkte. Vlak achter de iris ligt de lens. De lens is omgeven door spiertjes die de lens vlakker of boller maken om er zodoende voor te zorgen dat de binnenkomende lichtstralen zo afgebogen worden, dat de voorwerpen scherp worden waargenomen. Het gebundelde licht komt tenslotte bij de achterwand van het oog, waar het netvlies (retina ) de lichtstralen opvangt. Het beeld op het netvlies is het omgekeerde beeld van het voorwerp waarvan de lichtstralen het oog zijn binnengegaan. Het netvlies bestaat uit zeer dicht op elkaar staande lichtgevoelige cellen die via de gezichtszenuw met de hersenen in verbinding staan. De lichtsignalen die deze lichtgevoelige cellen bereiken, worden via de gezichtszenuw naar de hersenen overgebracht. De hersenen nemen deze signalen op en vertalen ze in het beeld wat zich voor onze ogen afspeelt.
Nachtkijken
Hoe komt het dat veel zoogdieren 's nachts kunnen zien, terwijl toch het zicht afhankelijk is van de lichtsterkte? De opbouw van het oog van dieren die 's nachts actief zijn is praktisch gelijk aan de andere zoogdieren. Het verschil ligt hierin, dat de ogen groter en boller en ontvankelijker voor licht zijn. De zoogdieren die 's nachts actief zijn hebben bovendien een reflecterende laag achter het netvlies, die het invallende licht terugwerpt naar de lichtgevoelige staafjes, die zodoende nog een keer licht opvangen. Dit effect is goed te zien als er 's nachts licht op het oog valt van bijvoorbeeld een kat of vos. Door de reflectie lichten de ogen op. Ook heeft het netvlies relatief veel meer staafjes, waardoor het waarnemingsvermogen in de schemer verhoogd wordt. Dit brengt wel met zich mee, dat deze dieren het volle daglicht moeten mijden. Dit is ook de reden dat de pupillen bij een kat in het volle licht tot smalle streepjes vernauwd worden.
Kleuren zien.
Kleuren maken dat we de dingen om ons heen beter kunnen onderscheiden. Maar hoe onderkennen onze ogen kleuren en kunnen alle dieren verschillende kleuren evengoed waarnemen? De elektromagnetische golven uit het zichtbare gebied zijn van verschillende lengte. De langere golven worden door ons oog als rood en oranje waargenomen, de kortere als groen en blauw. De lichtgevoelige cellen van het netvlies bestaan uit twee typen, staafjes en kegeltjes. De staafjes kunnen geen kleur onderscheiden, maar zijn daarentegen lichtgevoelig en nemen ook zeer kleine lichtintensiteiten waar. De kegeltjes zetten de ontvangen golflengten wel in kleuren om. Enkele zoogdieren, met name de primaten, beschikken over drie verschillende soorten kegeltjes. De ene is gevoelig voor blauw, de tweede is gevoelig voor groen en het derde kegeltje is gevoelig voor geel groen en rood. De hersenen verwerken deze tot veelkleurige beelden. De kegeltjes kunnen alleen bij voldoende lichtsterkte de kleuren verwerken. Daarom ziet alles er 's nachts in grijstonen uit. Misschien komt het daardoor, dat lange tijd werd aangenomen dat dieren die 's nachts actief zijn, zoals bijvoorbeeld katten, geen kleuren zouden kunnen onderkennen. Inmiddels weten we, dat alle zoogdieren tot op zekere hoogte kleuren kunnen zien.
Verschillen in stand van de ogen.
De bouw van het oog is voor ieder zoogdier in principe gelijk, maar de plaats van de ogen in de kop bepaalt wat en hoeveel een dier kan zien. Succesvolle roofdieren, zoals bijvoorbeeld de kat, moeten hun ogen exact kunnen instellen op hun prooi en deze goed in de gaten kunnen houden. Doordat hun ogen recht naar voren gericht staan, wordt een bijzonder goede dieptescherpte bereikt. Zo kunnen zij uiterst nauwkeurig vaststellen waar precies zich een prooi of iets anders bevindt en hoe ver het van andere dingen verwijderd is.
Bij potentiële prooidieren zoals konijnen, muizen of herten bevinden de ogen zich echter aan beide zijden van de kop. Zij kunnen ieder oog apart gebruiken en zodoende tegelijkertijd een zeer wijd gebied afzoeken naar eventuele vijanden. Hun gezichtsveld is weliswaar veel ruimer; maar het gaat wel ten koste van de scherptediepte. Een konijn bijvoorbeeld heeft een gezichtsveld van 360 graden, zodat hij in feite alle gevaar, uit welke richting ook, direct opmerkt. Als wij recht vooruit kijken zonder het hoofd te draaien, hebben we een gezichtshoek van ongeveer 200 graden. De gezichtshoek van een kat is kleiner en bedraagt slechts ongeveer 185 graden.
Ook bij zoogdieren in open gebied, zoals de bewoners van de Afrikaanse wildernis, is aan de stand tussen de ogen te zien of ze prooi- of roofdier zijn. Zij moeten alle de omgeving of naar vijand of naar prooi makkelijk kunnen afzoeken. De ogen van de mens en de meeste primaten zijn ingesteld op een breed gezichtsveld, maar vooral ook op een verticaal gezichtsveld. De ogen van prooidieren zijn daarentegen meer ingesteld op een breder horizontaal gezichtsveld. (worldwidebase)

Dierenweetjes kunnen dieren spreken? (Knudde1)
Mensen hebben de neiging het brullen van leeuwen of het krijsen van chimpansees als 'woorden' van een dierentaal te beschouwen. Wat betekenen deze geluiden en gebruiken dieren ze werkelijk om te spreken?
Dieren communiceren op zeer verschillende manieren. Sommige gebruiken afstotende roepen, andere beschikken over zichtbaar opvallende baltsrituelen en weer andere nemen bepaalde houdingen aan voor de overdracht van informatie. Geluiden zijn echter de snelste manier van communicatie.
Echte taal
In principe is taal een hulpmiddel voor het uitwisselen van informatie. Om taal echter van andere communicatievormen te onderscheiden, neemt men aan dat een taal eerder aangeleerd is dan instinctief van aard, zoals bijvoorbeeld het geval is bij de afgrenzing met geuren van een territorium, of een lichaamshouding die dominantie of ondergeschiktheid aanduidt. Een echte taal moet een veelheid aan informatie kunnen overbrengen, die afhankelijk van de omstandigheden veranderen kan.
Sprekende dieren
In de dierenwereld wordt een grote verscheidenheid aan geluiden gebruikt, van het zingen van een vogel, het huilen van een wolf, het klikken en fluiten van een dolfijn tot het tevreden spinnen van een kat. Bij al deze geluiden zou men kunnen vermoeden dat het een soort 'taal' betreft, die uitsluitend dient ter informatie van soortgenoten. De vertaling van individuele diergeluiden blijkt in de praktijk echter buitengewoon moeilijk te zijn; het onderbrengen van dergelijke geluiden in één of ander soort taalconcept blijkt zelfs een vrijwel onmogelijke opgave.
De vocale communicatie bij groene meerkatten
De groene meerkat is één van de spraakzaamste dieren. De apen beschikken over drie of vier verschillende 'woorden', die ze gebruiken om de leden van de groep voor bepaalde rovers te waarschuwen.
Wanneer een wachtpost een arend opmerkt, produceert hij een bepaalde waarschuwingsroep, waarop de apen in de bomen zich onmiddellijk op de grond laten vallen terwijl de apen die zich daar reeds bevinden dekking zoeken. Een ander woord wordt voor luipaard gebruikt en heeft het tegenovergestelde effect, namelijk dat de apen razendsnel de boom inklimmen. Verder is er een 'woord' dat aangeeft dat er een python opgemerkt is, waarop de apen die dit horen de grond beginnen af te zoeken naar dit langzaam bewegende roofdier. Op basis van deze feiten neemt men aan dat dit soort woorden geleerd en niet erfelijk zijn, met name omdat in andere groepen andere geluiden gebruikt worden.
Woordenschat
Hoewel wij achter de verschillende diergeluiden vaak subtiele en gecompliceerde betekenissen vermoeden, blijkt bij objectieve beschouwing dat het grootste deel van de communicatie tussen dieren uitgesproken eenvoudig is. Het gaat daarbij meestal om zaken als het lokken van een partner, of het verdedigen van voedsel of een territorium tegen vijanden. Dergelijke boodschappen en hun wijze van overdracht zijn bijna altijd erfelijk en verschillen daarin van een echte taal. Hoewel het blaffen van elke hond anders klinkt, gebruikt het dier het vrijwel uitsluitend om een partner over zijn aanwezigheid te informeren of om rivalen en indringers te waarschuwen.
Slechts bij weinig dieren zijn er aanwijzingen voor een meer verfijnd gebruik van geluiden. Zo zijn er vogels die met hoge tonen voor een naderende roofvogel waarschuwen, maar duidelijk andere geluiden voortbrengen wanneer ze samen een minder gevaarlijk roofdier belagen. De in de Zuidafrikaanse woestijn levende stokstaartjes gebruiken eveneens verschillende roepen om onderscheid te maken tussen roofvogels en bodembewonende vijanden, die ze wel kunnen verdrijven.
Sprekende chimpansees
Hoewel de nauwste verwant van de mens over een rijk scala van gezichtsuitdrukkingen, kreten en houdingen beschikt, schijnen in het wild levende chimpansees de spraak niet zo te benutten als wij ons dat voorstellen. In de wetenschap heeft de vraag of chimpansees een taal gebruiken geleid tot experimenten, waarbij men hen tekens en symbolen aanleerde om te zien of de chimpansees deze ook onderling zouden gaan gebruiken.
De eerste en meest bekende 'sprekende' chimpansee was Washoe, die in de jaren '60 onder mensen opgroeide en geleerd werd zich met behulp van de Amerikaanse tekentaal (ASL) verstaanbaar te maken. Ze leerde vervolgens 160 verschillende woorden en bleek middels combinaties van woorden aan inhoudsrijke en originele ideeën uitdrukking te kunnen geven. Op een dag, toen ze verrast werd door de aanwezigheid van een speelgoedpop in haar tas, gaf ze haar beroemdste zin ten beste: 'baby in mijn drinken' ('baby in my drink').
Andere onderzoekers hebben in soortgelijke studies nieuwe kunstmatige talen gebruikt. Twee chimpansees, Austin en Sherman, werd Yerkish geleerd - een taal ontworpen voor de omgang met gehandicapte kinderen, waarin de woorden zijn vervangen door symbolen. Nadat de chimpansees was bijgebracht om voor de expressie van symbolen computertoetsen te benutten, leerden de dieren niet alleen om voedsel te vragen, maar bleken eveneens om werktuigen te kunnen vragen voor het openen van hun drankverpakkingen. Dat vormde het bewijs voor hun vermogen vooruit te kunnen denken.(worldwidebase)

Ddierenweetjes waarom dieren slapen (Knudde1)
Bijna alle dieren slapen, sommige maar een paar minuten, andere 20 uur per etmaal. Het is makkelijk genoeg vast te stellen dat een dier slaapt, maar het blijft vaak nog een raadsel waarom.
Men heeft ontdekt dat de slaap en de lengte daarvan door de hersenen geregeld wordt. Door de enorme verschillen in lengte van slaap tussen diersoorten, ligt het voor de hand dat slapen een levensbelangrijke functie vervult
Wat is slaap?
In principe is de slaap een periode van rust zonder veel beweging die een tijd lang kan voort duren. Een dier kan daarbij soms onrustig zijn en draaien en bewegen, maar hij blijft in feite op één plaats. Een slapend dier is min of meer blind voor zijn omgeving. Een slapende vis kan bijvoorbeeld uit het water getrokken worden voordat hij zich ertegen kan verzetten. Een slapend hert daarentegen zal bij het minste of geringste geluid, dat hij niet kan thuisbrengen, wakker worden en wegrennen. Er schijnen twee verschillende soorten slaap te bestaan: een diepe, rustige slaap en een actieve slaap. Bij zoogdieren en vogels kan men beide soorten slaap herkennen aan een karakteristiek patroon van een hersenactiviteit.
Het nut van de slaap
Lange tijd bijna roerloos uitrusten op een veilige plek kan voor dieren op allerlei manieren van nut zijn. In de eerste plaats is hij meestal veiliger voor roofdieren op zijn slaapplek dan wanneer hij hongerig op zoek is naar voedsel en misschien niet zo goed oplet. Daarom hebben dieren die weinig tijd nodig hebben om te eten, de neiging om lang te slapen en het veiligste moment van de dag afwachten om naar voedsel te zoeken. Een dier dat slaapt kan zo ook energie besparen of aan extreme kou of hitte ontsnappen.
Wanneer dieren slapen
Op welk moment een dier slaapt, hangt ervan af wanneer hij wakker moet zijn. Veel vogels kunnen alleen bij daglicht vliegen en zullen dus 's nachts slapen. Kleine zoogdieren zoals muizen proberen daarentegen overdag aan roofdieren te ontkomen en gaan liever 's nachts op zoek naar voedsel. Andere dieren zoals konijnen en vossen hebben een soort tussenoplossing gevonden en slapen zowel 's nachts als overdag een paar uur. Ze zoeken hun voedsel dan in de ochtend- of avondschemering. Hun bioritme is in elk geval afgestemd op de dagelijkse afwisseling van dag en nacht. Veel zeedieren, vooral die aan de kust leven, trekken zich niet zoveel van het daglicht aan, maar stellen hun bioklok in op de getijden.
Hoe dieren slapen
Hoe en waar een dier slaapt, hangt er vooral vanaf of het om een roof- of prooidier gaat, of hij alleen maar uitrust of dat hij zich tegen zijn omgeving moet beschermen. Zo slapen konijnen opgerold in hun hol. Vogels voelen zich hoog in een boom veiliger. Vleermuizen slapen in holtes met hun vlieghuid beschermend om zich heen getrokken. Dieren van de open vlakte, zoals herten en paarden voelen zich nergens veilig genoeg en slapen eerder staand. Als ze gaan liggen doen ze dat alleen als andere dieren waken.
Wist je dit?
* Nijlpaarden slapen staand in het water waar ze veilig zijn voor vijanden.
* Gierzwaluwen, die tot drie jaar ononderbroken in de lucht kunnen zijn, slapen vliegend.
* Waterhoentjes doen een dutje terwijl ze op het water rondjes zwemmen.
* Olifanten slapen vaak op een 'bed' van gedroogd gras of in een speciaal gegraven kuil die ook wel 'olifantenbed' heet.
* Veel vissen nemen tijdens hun slaap een andere kleur aan. Waarschijnlijk om er gevaarlijker uit te zien en op die manier vijanden af te schrikken.
* In de winter slapen spreeuwen liever in de stad, waar het warmer is dan het open veld.
* Giraffen slapen staand en leggen dan vaak hun kop te rusten op een boomtak.
|
Hoe lang slapen dieren |
|
(uren per dag) | ||||||||||||||||||||
|
Kleine tuimelaar |
|
|
minder dan 1 | |||||||||||||||||||
|
Spitsmuis |
|
|
minder dan 1 | |||||||||||||||||||
|
Giraf |
|
|
4 |
|
| |||||||||||||||||
|
Olifant |
|
|
4 |
|
| |||||||||||||||||
|
Paard |
|
|
5 |
|
|
| ||||||||||||||||
|
Grote tuimelaar |
|
|
5 |
|
|
| ||||||||||||||||
|
Schaap |
|
|
6 |
|
|
|
| |||||||||||||||
|
Cavia |
|
|
7 |
|
|
|
|
| ||||||||||||||
|
Rund |
|
|
7 |
|
|
|
|
| ||||||||||||||
|
Mens |
|
|
8 |
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|
Mol |
|
|
8 |
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|
Egel |
|
|
10 |
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||
|
Chimpansee |
|
|
10 |
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||
|
Konijn |
|
|
10 |
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||
|
Jaguar |
|
|
11 |
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||||||||||
|
Chinchilla |
|
|
12 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||
|
Rat |
|
|
13 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||||||||
|
Kat |
|
|
13 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||||||||
|
Muis |
|
|
13 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||||||||
|
Varken |
|
|
13 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||||||||
|
Hamster |
|
|
14 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||
|
Eekhoorn |
|
|
14 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||
|
Lemur |
|
|
16 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||
|
Gordeldier |
|
|
19 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||
|
Opossum |
|
|
19 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||
|
Vleermuis |
|
|
19 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| ||
|
Tweevingerige luiaard |
|
|
20 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
|
| ||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
dag | ||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
nacht / dag | ||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
nacht | ||||||||||||||||||
|
|
De tijd dat dieren slapen variëert aanzienlijk, van het 'dutje' van een paar minuten dat spitsmuizen doen tot de 20-uurige diepe slaap van een luiaard. De slaap wordt meestal over een periode van 24 uur gemeten, maar de meeste dieren verdelen hun slaap in kleinere slaapperiodes. Dit kan nodig zijn als een dier niet genoeg energie kan opslaan als wanneer het een langere tijd slaapt zonder te eten. | |||||||||||||||||||||
