Naar de inhoud

mailgroep huisdieren

akke.beakke.be
Hallo bezoeker, welkom op het blog van de Mailgroep Huisdieren, een hechte groep Dierenvrienden-SeniorenNetters, die er zijn voor, door en met elkaar. Op dit blog kunnen jullie kennismaken met onze dieren, tips vinden over de verzorging en de gezondheid van de dieren, dierengedichten en dierenartikels lezen, werkjes in verband met dieren bekijken, enz. Veel kijk- en leesplezier!

Berichten van 1 maart 2008 tot 31 maart 2008

Van Aartsen moet Carolien helpen (Knudde1)

Van Aartsen moet Carolien helpen

DEN HAAG - De Haagse koe ontbreekt het niet aan mensen die zich haar lot aantrekken. In stadsboerderij ’t Waaijgat zouden de levensomstandigheden voor de beesten weer zijn verslechterd.
afbeelding vergroten Zo werden de koeien tot 2005 vastgelegd aan de kop. ARCHIEFFOTO AD
Jozias van Aartsen, de nieuwe burgervader van Den Haag, is door de vrienden van de Haagse koe al van de trieste feiten op de hoogte gesteld, en gevraagd zijn niet geringe invloed aan te wenden om haar lot te verbeteren.


De kwestie draait om de wijze waarop de koeien in de winterse stalling aan hun kop zijn vastgelegd. Dat gebeurt op zo’n manier dat de dieren niet vrijuit kunnen bewegen. Ook de staarten worden (weer) als vanouds opgeknoopt.


De vereniging Zorg voor dieren wist de kwestie door goed lobbywerk een paar jaar geleden op de agenda van de lokale politiek te krijgen. Sinds 2005 zou de zaak geregeld zijn.


Zorg voor dieren meldt nu echter dat de oude praktijk is teruggekeerd in ’t Waaijgat; de koeien liggen weer aan de ketting. Volgens de dierenvrienden krijgen de beesten soms ‘veertig uur geen beweging.’


Vooral de roodbonte koe Carolien schijnt onder de omstandigheden te lijden, houdt Zorg voor dieren de gemeente voor. De groep roept wethouder Baldewsingh ter verantwoording. Hij zou eerdere besluiten uit de raad niet zijn nagekomen.(ad.nl)




dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:40 Reageer op dit bericht

Roodborstjes met lentekriebels

Roodborstjes met lentekriebels

270px-Roodborstje_133362c.jpg   (trouw.nl)

Vorige week begon  de lente. Hoewel het nu vaak pijpenstelen regent, zie je als je goed om je heen kijkt dat sommige dieren echt al de lentekriebels hebben. De Amersfoorter Pep Degens vond zo een verliefd Roodborstpaartje in zijn fietsenstalling, dat op een wel heel bijzondere plek een nestje bouwden. Dat vertelde Degens aan dagblad De Gooi- en Eemlander . - Door Sandy Stevens

Bomen, struiken of houtstapels, er zijn meer dan genoeg plekken voor roodborstjes om fijne nestjes in te bouwen. Wat schetste daarom ook de verbazing van Pep Degens toen hij zijn fietsenstalling in liep: twee roodborstjes hadden er een nestje gebouwd in het zadel van zijn fiets! 'Hoe krijgen ze het voor elkaar',  vroeg hij zich af.

Eerst was hij nog verbaasd dat een hele stapel dorre bladeren zomaar onder zijn zadel was gewaaid, maar toen hij het eruit wilde trekken ,bedacht hij zich. Hij zag dat er twee vogeltjes bezig waren hun stulpje te bouwen. Pep Degens is een vogelliefhebber, want hij laat het gevleugelde liefdespaartje gewoon hun gang gaan: ze mogen in zijn zadel blijven wonen. Voorlopig gebruikt hij dan de fiets van zijn vrouw of zijn zoons. De vogelvriend vertelt dat hij de vogels wel goed in de gaten houdt: 'Natuurlijk! Ik ben razend benieuwd of er jonkies uit komen.' 


(kidsweek.nl

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 18:51 Reageer op dit bericht

Surfende muizen

Muizen hebben meer aanleg voor surfen dan je zou denken. Dat is te zien in een nieuw filmpje op Youtube dat al een miljoen keer is bekeken. - Door Dennis Rijnvis

Shane Wilmott uit Australië was al lang van plan om zijn huisdieren te laten surfen bij het strand in Queensland. Hij maakte daarom kleine plankjes van 25 centimeter speciaal voor de dieren. Daarna wachtte hij op een dag met weinig wind en liet hij de muizen los op zee. 'Er waren nauwelijks golven, de muizen liepen geen gevaar. Ze konden perfect hun evenwicht bewaren op de plankjes', aldus Shane

Cameraman Justin Gane maakte de videobeelden van de surfende dieren. Hij vindt het geweldig dat zijn filmpje al zo vaak is bekeken. 'We krijgen ook wel negatieve reacties. Sommige mensen vinden het wreed om muizen te laten surfen. Maar Shane zorgt heel goed voor zijn huisdieren. Als het water te koud is, laat hij ze niet surfen. De muizen zelf worden helemaal enthousiast als ze weer mogen surfen.'

Neen, niet zo muis.jpg   ga maar eens kijken op

http://www.kidsweek.nl/artikel/176306/

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 17:48 Reageer op dit bericht

Cartoons (Knudde1)


shirvanian


waarom hang je niet uit het raam als andere honden?
waarom hang je niet uit het raam zoals andere honden?
"ik heb een paar jaar geleden een doorn uit zijn poot gehaald..."

Ik heb een paar jaar geleden een doorn uit zijn poot gehaald


dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:11 Reageer op dit bericht

Veel dierenleed in vakantielanden (Knudde1)

Veel dierenleed in vakantielanden                                                                          

Nederland hoog op lijst met dierenleed

Voor het tiende jaar presenteert Stichting Dierenhulp Venezuela een lijst met landen waar dierenleed op grote schaal voorkomt. De lijst komt jaarlijks tot stand op basis van meldingen van toeristen, artsen en collega organisaties en eigen waarneming. Uiteraard geeft een dergelijke lijst nooit een exacte weergave van het dierenleed en de omgang met dieren in de betreffende landen. Maar het geeft een redelijke indicatie over hoe het in tal van landen gesteld is. Zoals Ghandi ooit schreef: 'De beschaving van een volk leest men af aan de omgang met dieren. 'Met het komende vakantie seizoen in aantocht zullen opnieuw veel landgenoten op hun vakantiebestemming geconfronteerd kunnen worden met soms zeer ernstige vormen van dierenleed en dierenmishandeling.

Bovenaan de lijst heeft Griekenland de eerste plek overgenomen van Spanje. Opvallend is de stijging van de Nederlandse Antillen die naar plek drie zijn gegaan. Als reden kan genoemd worden de aankoop van zes wilde dolfijnen vanuit Cuba voor het dolfinarium op Curaçao. Ondanks dat internationaal een verdrag op de vangst van dolfijnen getekend werd. Ook de incidenten op Curaçao met het dolfinarium heeft er geen goed aan gedaan. Verder zijn er in 2007 aanzienlijk meer meldingen binnengekomen van dierenmishandeling op straat. De hoge notering van de Antillen komt ook door het transport van wilde ezels die vanaf Bonaire vervoerd worden naar Curaçao om daar als voer in de dierentuin te dienen. De Nederlandse Antillen bezetten in 2006 plaats 4.

Nederland hoogste nieuwkomer In alle voorgaande jaren werd Nederland niet meegenomen. Voor het jaar 2007 werd besloten dit wel te doen. Mede omdat er diverse berichten in de diverse media verschenen over dierenleed. Na telling van al deze meldingen bleek Nederland met stip binnen te komen op plaats 10 van de lijst die 30 landen telt. Een hoge positie ondanks de aanwezigheid van tal van organisaties. Deze positie werd mede veroorzaakt door tal van meldingen als brute moord in kinderboerderijen tot het hebben van dierenseks toe. Maar ook ernstig verwaarloosde paarden en schapen. Tweede nieuwkomer is België op plaats 12 en Bulgarije is op plaats 20 de derde nieuwkomer in de lijst.

China zakte twee plaatsen, maar in de aanloop naar de Olympische Spelen zullen diverse media kennis maken met de houding ten aanzien van mens en dier en zal China waarschijnlijk volgend jaar hoger op de lijst komen. China heeft niet bepaald een goede reputatie met dieren. Hondenhaar voor de mode industrie en beren die ernstig gekweld worden voor de winning van gal van deze dieren. Egypte is ook fors gestegen. Stond dit land in 2006 nog op plaats 20, in de lijst over 2007 bezet men de 11 plaats.

Maatstaf
Onder dierenleed wordt verstaan het aantal zwerfdieren dat op tal van locaties leeft maar ook de houding van de lokale bevolking ten aanzien van deze dieren. Hierbij worden ook dieren als paarden, ezels, geiten, schapen etc gerekend. Stierenvechten wordt gezien als een ernstige vorm van dierenmishandeling.

Het aantal meldingen van dierenleed en mishandeling in 2007 nam ook toe met ruim 27%. Ten opzichte van 2006.

De top tien van landen ziet er als volgt uit.

1 Griekenland
2 Spanje
3 Nederlandse Antillen
4 Venezuela
5 Turkije
6 Roemenië
7 China
8 Portugal
9 Italië
10 NEDERLAND

Aanpak problemen
Stichting Dierenhulp is sinds 1996 actief in Venezuela en steunt daarnaast dierenprojecten in Griekenland, Spanje en de Nederlandse Antillen. Voornaamste werkzaamheden zijn het gratis steriliseren en castreren van zwerfdieren. Dit ter voorkoming van meer dieren die geboren worden. Dierenhulp Venezuela propageert niet het naar Nederland halen van zwerfdieren. Dit zou niet bijdragen aan de wezenlijke oplossing van het zwerfdieren probleem in de betreffende landen. Door in de landen zelf te werken met lokale artsen en vrijwilligers hoopt men meer begrip en draagvlak te creëren voor de problemen. De complete lijst is te zien op de pagina Laatste Nieuws op de website www.dierenhulp.nl

Dierenhulp Venezuela draait volledig op sponsoring en donateurs en vrijwilligers en ontvangt geen subsidie voor haar werk . In Venezuela werkt men vanuit drie dierenklinieken aan een beter en dierwaardig bestaan voor mens en dier.

Noot voor de redactie niet voor publicatie. Meer informatie op www.dierenhulp.nl



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Vis dreigt snel uit oceaan te verdwijnen (Knudde1)

Vis dreigt snel uit oceaan te verdwijnen

Gepubliceerd: 29 maart 2008 09:11 | Gewijzigd: 29 maart 2008 09:12

Door onze redacteur Sander Voormolen

Rotterdam, 29 maart. De vis in de oceanen verdwijnt veel sneller dan tot dusver werd aangenomen. Als er niet snel drastische maatregelen worden genomen, zwemmen er binnenkort alleen nog kwallen en plankton in zee.
De Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly.      (Foto Evelyne Jacq)
De Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly.
(Foto Evelyne Jacq)

Dat zegt de Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly, die eerder deze maand een eredoctoraat kreeg van de Wageningen Universiteit. Pauly bestudeerde kritisch de wereldwijde visvangstcijfers die de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, de FAO, jaarlijks publiceert en ontdekte een verborgen daling. Te hoge rapportage van China en sterk schommelende ansjovisvangsten, maskeerden het feit dat de mondiale visvangst vanaf eind jaren tachtig jaarlijks met 0,4 miljoen ton daalt. „Niet omdat er minder gevist wordt, integendeel, maar omdat de vis steeds schaarser wordt.”

Het zijn de voortekenen van het instorten van de visserij op wereldschaal, waarschuwt Pauly. Het is alarmerend dat er ondanks een toegenomen visserij-inspanning een mondiale trend bestaat van afnemende vangsten. Dat betekent dat visbestanden overal ter wereld zijn overbevist.

Consumenten hebben hiervan nog weinig gemerkt omdat vissers zijn uitgeweken naar andere soorten of andere gebieden. Vijftig procent van de vis wordt geconsumeerd op een ander continent dan waar het gevangen is, heeft Pauly berekend. De markt blijft zo voorzien, maar het is allesbehalve duurzaam. Volgens Pauly heeft de visserij de laatste grens bereikt: „Ze kan niet verder uitbreiden.”

Alleen radicale maatregelen kunnen nog soelaas bieden, zegt de bioloog. De visserijsubsidies zouden moeten worden afgeschaft en het visserijbeleid moet overschakelen van een soortgerichte op een ecologische benadering. Ook moet ten minste 20 procent van de wereldzeeën tot beschermde mariene zone verklaard worden waarbinnen niet mag worden gevist. „Alleen dan kunnen vispopulaties zich herstellen en kunnen we duurzaam oogsten uit zee.” ncr/nl.handelsblad

 
dog132.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 20:14 Reageer op dit bericht

Omstreden zeehondenjacht geopend in Canada (Knudde1)

28/03  Omstreden zeehondenjacht geopend in Canada

Canada heeft vrijdag zijn omstreden zeehondenjacht geopend, maar zware ijsgang speelt de jagers vooralsnog parten. Vrijdag voor dag en dauw zetten zestien schepen koers naar de ijsschotsen in het zuiden van de Golf van St. Lawrence, zei woordvoerder Phil Jenkins van het ministerie van visserij en oceanen. De jagers zijn nog niet in de buurt van een kudde gekomen en hebben door de slechte weersomstandigheden nog maar een paar zeehonden kunnen doden, zei hij.

De jagers en het ministerie zeggen dat de jacht duurzaam, humaan en goed georganiseerd is en een aanvulling vormt op het inkomen van geïsoleerde vissersdorpen die zwaar zijn getroffen door het verdwijnen van de kabeljauw. Milieuorganisaties denken daar anders over en verschillende landen, waaronder Nederland en België, verbieden de import van zeehondenproducten. In de Europese Unie geldt sinds 1983 een verbod op de import van de witte vachten van babyzeehonden en de EU overweegt de markt te sluiten voor alle zeehondenproducten.

Dierenbeschermers krijgen vergunning om toezicht te houden op de Canadese jacht en worden later vrijdag in het gebied verwacht. Zij noemen de jacht wreed en zeggen dat die wel degelijk schade toebrengt aan de zeehondenpopulatie.

De Canadese jagers mogen geen babyzeehonden doden die nog beschikken over het witte dons dat kenmerkend is voor de leeftijd van 10 tot 21 dagen. Ook zijn zij ditmaal verplicht de slagaders onder de vinnen van de zeehonden door te snijden om er zeker van te zijn dat de dieren dood zijn voor ze worden gevild, zoals de EU in een rapport heeft aanbevolen. Dat neemt de bewaren van de dierenbeschermers echter niet weg.

De toegestane vangst is dit jaar gesteld op 275 duizend zeehonden, iets meer dan de 270 duizend van vorig jaar. Twee jaar geleden bedroeg de toegestane vangst 335 duizend, maar dat werd vanwege de slechte conditie van het ijs verlaagd. De spek en de vacht van een zeehond levert 49 euro op. Met de vangst van 2006 werd ongeveer 15,8 miljoen euro verdiend. (gva)




dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 15:00 Reageer op dit bericht

Hoe slagen in de opvoeding van uw jonge hond ? (Yradja)

Hoe slagen in de opvoeding van uw jonge hond?

Indien u zich wil verzekeren van een aangename verstandhouding tussen u en uw hond, mag u niet aarzelen hem een aantal basisregels aan te leren zodra hij het huis van zijn nieuwe familie betreedt.

Gezin, pup: elk zijn plaats

Wil uw jonge hond zich goed voelen in zijn nieuwe familie, dan heeft hij daar nood aan een duidelijk afgebakende plaats. Ook in een hondenroedel bestaat er een duidelijke hiërarchie die het de groep mogelijk maakt om in harmonie met elkaar te leven. In een gezin is het belangrijk dat het dominante statuut in de relatie tussen de gezinsleden en de hond voorbehouden blijft aan de mensen. Is dat niet het geval, dan kunnen zich agressiviteitsproblemen voordoen. Soms is de hond ook verantwoordelijk voor vernielend gedrag in het huis. Dat zijn
gedragingen die noch voor de hond, noch voor de baasjes aangenaam zijn en die de onderlinge verstandhouding vertroebelen. Het is dus heel belangrijk om de pup , meteen na zijn aankomst in het gezin, met zachtheid maar toch met vaste hand op te voeden. Een slechte opvoeding en slechte gewoonten zijn zelden onomkeerbaar, maar zij zijn wel bijzonder moeilijk te corrigeren. Wat
de relatie betreft met andere honden die in het huis leven, laat u de pup best zelf ontdekken welke de hiërarchische verhoudingen zijn. Uw tussenkomst zou wellicht niet veel nut hebben.

De privileges van de leider

In een hondenroedel , behoudt de leider – de dominante hond – zijn statuut door  zich bepaalde gedragingen eigen te maken, o.a. in verband met voeding. Hij behoudt zich bijvoorbeeld het recht voor om als eerste te eten, zonder zich te haasten en terwijl zijn 'onderdanen' toekijken.
Wanneer hij gegeten heeft, mogen de andere honden de eventuele resten opeten. Ook op seksueel gebied moeten de hiërarchische regels gevolgd worden: de roedelleider is de enige die mag paren terwijl de andere honden erbij zijn. In aanwezigheid van de roedelleider moeten de
'onderdanen' zich onthouden. Fysieke contacten, zoals likken en zachtjes bijten, tussen de 'onderdanen' en de leider zijn onderworpen aan de goodwill van de dominante hond. Deze wordt snel agressief zodra hij geen zin meer heeft in de aanwezigheid van andere honden in zijn directe omgeving.

Word roedelleider !

Opdat uw pup zich goed zou voelen in zijn nieuwe familie, moet u zich houden aan een aantal regels om hem meteen zijn plaats in de familiale hiërarchie duidelijk te maken. Het is bijvoorbeeld aan te raden om de hond, meteen na zijn aankomst in het gezin, niet bij u te laten slapen.
Ondanks zijn eventuele klachten van de eerste dagen, is het van het grootste belang dat u niet toegeeft. Zo geeft u hem de kans om te leren alleen in slaap te vallen en u maakt hem duidelijk dat de slaapkamer en het bed voorbehouden zijn aan de dominante personen van het gezin. De slaapplaats van de pup (deken of mand) bevindt zich best in een hoekje van de keuken of de
woonkamer en niet op een plaats waar iedereen voorbijkomt en waar de hond het komen en gaan van iedereen zou kunnen volgen zoals dominante dieren dat doen. De maaltijden van de hond en die van het gezin moeten onafhankelijk van elkaar gehouden worden. Het is bovendien ten zeerste aan te raden tijdens de maaltijd van het gezin niets aan de hond te geven om hem niet tot bedelgedrag aan te moedigen. Na een halfuur neemt u de kom waaruit de
hond gegeten heeft, weg en u zet die pas weer terug bij de volgende maaltijd.

Tot slot, het initiatief om te spelen en te knuffelen moet van u komen en niet van de hond : u bent de baas, u moet dus de sociale contacten regelen. Hierdoor leert de pup ook zich alleen bezig te houden en een zekere onafhankelijkheid ten opzichte van u aan te nemen.

11/09/2007
Anne Pensis, dierenarts

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:35 Reageer op dit bericht

Puppy's (Yradja)

Puppy's
Vanaf wanneer kan een pup iets leren?
Honden leren door het opdoen van ervaringen. Er is natuurlijk instinctief gedrag, maar als ze daar een vervelende ervaring mee opdoen is de kans toch groot dat ze dit gedrag minder gaan vertonen. Zo is er ook ander gedrag, wat eigenlijk helemaal niet bij honden hoort, dat zulke plezierige consequenties heeft dat de hond dit gedrag graag herhaalt.
Zo leert een heel klein pupje al heel snel hoe hij zijn spiertjes moet gebruiken om niet meer waggelend maar op een gewone manier vooruit te komen.
Hierbij proberen ze hun pootjes op een bepaalde manier te bewegen en de manier die succes heeft slaan ze op in hun hersentjes. Ook alweer geleerd.
Zo leren jonge pupjes dus eigenlijk vanaf hun geboorte enorm veel en blijven ze ook veel leren. Ook als ze net bij u in huis zijn gekomen. Goede dingen, maar ook verkeerde dingen. Als een pupje per ongeluk leert dat als hij de vuilnisbak omgooit, er allerlei lekkers uitkomt dan zal hij die vuilnisbak reuze interessant blijven vinden. Ondanks het feit dat wij daar helemaal niet zo blij mee zijn. De opvoeding van pups begint dus vanaf het eerste moment dat de pup in huis is.
Controleren of aanleren?
Eigenlijk zijn wij als mensen soms een beetje raar. We gaan bij pups controleren of ze bepaalde dingen kunnen, zonder dat we ze die dingen eerst hebben aangeleerd. Het alleen blijven is hier een mooi voorbeeld van. We gaan 10 minuten weg en luisteren of hij al gaat janken of piepen. Dan gaan we 20 minuten weg, dan een half uur, een uur enzovoorts. Als hij toch gaat piepen gaan we er snel heen en geven hem op zijn kop. Eigenlijk een beetje vreemd. Veel verstandiger is het om de pup te leren dat als hij eventjes alleen is, wij altijd weer terugkomen. Hoe lang dat ook duurt. En dit is ook veel vaker te oefenen. In dat ene kwartier dat u gaat controleren of hij al zo lang alleen kan blijven, en waarbij u dus gewoon gokt dat hij het wel kan, kunt u ook 15 keer het terugkomen oefenen. De pup blijft 10 seconden alleen en u bent weer terug. Nu leert de pup. En deze tijd breidt u heel langzaam uit.
Als u bovendien terugkomt als hij blaft, leert hij dat dat blaffen werkt. U leert hem nu dus blaffen als hij wil dat u terugkomt. Een beetje de omgekeerde wereld...
Wordt deze pup een vechtersbaas?
Het is heel vervelend als je hond een vechtersbaas wordt. Vaak kom je er pas laat achter en is dit gedrag al een beetje ingesleten. De hond heeft regelmatig succes en overwint de andere honden uit de buurt. Deze plek is voor hem heel belangrijk en die wil hij graag handhaven. Als een volleerde “Rambo” stapt hij ook iedere wandeling met u de deur uit.

Dit wilt u natuurlijk voorkomen. U wilt helemaal niet dat uw hond gaat vechten. U heeft uw hond genomen omdat u dat leuk vond en omdat u er veel plezier mee wilde beleven.
U moet dan natuurlijk wel zelf zorgen dat uw hond u het allerbelangrijkste van de hele wereld gaat vinden. Hij moet niet strijdlustig de wandeling aanvangen maar hij moet vrolijk en blij zijn dat hij opnieuw met u mee mag. Met de baas die van iedere wandeling weer een feest weet te maken. Maling aan alle andere honden, wij hebben ons eigen roedeltje.
De baas moet het allerbelangrijkst worden
Dit gedrag moet u de pup al vanaf het eerste moment aanleren. Vaak zijn we geneigd om pups hun gang een beetje te laten gaan omdat ze de wereld tenslotte moeten ontdekken. Maar u kunt hier natuurlijk ook uitgebreid gebruik van maken. U bent tenslotte voor een groot deel die wereld en als u nu zorgt dat u veel leuker bent dan al die andere dingen die er om uw pupje heen gebeuren, dan bent u al een eind op de goede weg.
Variatie
U moet daarom ook zorgen dat u, juist in het begin, als de pup er net is, altijd met iets nieuws komt. De ene keer heeft u een balletje dat u weggooit voor hem als hij netjes heeft gereageerd op het roepen van zijn naam, de andere keer mag hij een snoepje komen halen. De keer daarop rent u hard weg en mag de pup u volgen, wat hij nu nog hartstikke leuk vindt, en u kunt u ook eens een keertje verstoppen. Balletjes of speeltjes verstoppen is ook een leuk trucje en u kunt natuurlijk al allerlei oefeningetjes doen. Als u die oefeningetjes weer enorm leuk maakt, leert u de pup dat er met u altijd plezier te beleven valt.
Spelen met andere honden
Natuurlijk mag uw pup ook wel met andere honden spelen. Op zich is dit goed voor hem, mits hij hier geen verkeerde dingen mee leert. Nu zijn er pups die het spelen met soortgenootjes wel erg serieus nemen. Tijdens ieder spelletje proberen ze alleen maar om de andere pup te onderwerpen. Ze doen hier erg fel in, ze weigeren om ook een keer onderop gelegd te worden en juist bij deze pups moet u zich afvragen of dit spelen nog wel zo leuk is. De kans bestaat namelijk dat deze pups nu leren vechten. Op dit moment, nu ze nog heel klein zijn, kunnen ze nog niet zo heel veel kwaad doen, naarmate ze ouder worden zal dit echter steeds minder plezierig verlopen en aflopen.
Juist deze pups moet u niet laten spelen met andere honden. Hier leren ze alleen maar verkeerde dingen van en u kunt er bijna van verzekerd zijn dat ze later nog steeds niet leuk kunnen spelen met andere honden.
Soms wordt bij deze pups wel eens het advies gegeven om ze een keer hun krachten te laten meten met een iets oudere of volwassen hond. Dit levert niet altijd iets op. Ze verliezen nu wellicht maar dat houdt niet automatisch in dat ze later niet opnieuw een krachtmeting aan zouden willen gaan.

Niet laten spelen met andere honden is dan de enige oplossing. Als u dan zorgt dat u tevens veel leuker bent dan al die andere honden loopt u, ook later, met veel meer plezier met uw hond te wandelen. En daar had u hem toch voor aangeschaft.

www.kynotrain.nl
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:33 Reageer op dit bericht

Leer uw hond alleen zijn

Leer uw hond alleen zijn

Hond15 Het is heel belangrijk dat u uw hond zonder problemen alleen kunt achterlaten in huis of auto, zonder dat hij angstig of onrustig wordt, schade aanricht of probeert uit te breken. Enkele nuttige tips van dierenarts Jim Evans uit zijn boek Wat als mijn hond...?

● Wen een pup er vanaf de leeftijd van 12-14 maanden aan dat hij wel eens alleen moet blijven. Bij een volwassen hond begint u hier binnen een week na de aanschaf mee.

● Uw hond moet zich prettig voelen in zijn mand in huis of op zijn kussen op de achterbank van de auto. Zijn mand mag eventueel in een kamerkennel staan als u die gebruikt.

● Zorg dat uw hond moe is en geen honger heeft, zodat hij geneigd is te gaan slapen, en dat hij kort voor uw vertrek nog uitgebreid is uitgelaten.

● Verricht altijd een aantal handelingen voordat u de hond alleen achterlaat. Zet bijvoorbeeld de radio zacht aan, doe een paar lampjes aan of geef uw vriend een favoriet stuk speelgoed dat speciaal voor deze gelegenheid gereserveerd blijft. Deze handelingen zijn voor de hond een duidelijke aanwijzing dat u na enige tijd absoluut weer terugkomt.

● Let er op dat uw hond water heeft, de kamer voldoende geventileerd is en hij het niet te warm of te koud gaat krijgen.

● Praat bij het weggaan met normale stem tegen uw hond en zeg bijvoorbeeld ‘Hij is braaf’ en ‘Het duurt niet lang’, waarna u hem een korte aai geeft. Hij verstaat weliswaar de woorden niet maar herkent de toon en de manier van praten, wat zijn besef dat u zult terugkeren versterkt. Breng geen variaties aan in wat u doet en zegt: consequentheid is heel belangrijk. Als u wilt, mag u uw hond gerust iets lekkers geven bij het vertrek.

● Begin met uw hond heel kort alleen te laten, hooguit 5 minuten, maar zorg wel dat hij de gekozen vaste handelingen heeft geregistreerd. Blijf in de buurt, uit het zicht, maar bij voorkeur binnen gehoorsafstand. Als na uw terugkomst alles in orde is en u uw hond niet hebt horen piepen of blaffen, beloont u hem met een lekkernij en prijst u hem uitbundig.

● Verleng de periode waarin u afwezig bent in de volgende 7 tot 14 dagen geleidelijk met 5-10 minuten per keer, tot een totale duur van 2 uur. In het begin is het verstandig te wachten buiten het zicht van de hond maar op een plek waar u hem nog kunt horen, zodat u direct terug kunt keren als hij begint te blaffen, of opgewonden geraakt. In dat geval gaat u naar binnen, negeert zijn gedrag en kalmeert hem. Vervolgens herhaalt u de gekozen procedure, waarbij u hem nog korter alleen laat en de periode van het alleen zijn nog geleidelijker verlengt.

● Als u hem in 3 of 4 dagen dagelijks een keer of acht op deze wijze hebt achtergelaten, zult u uw hond binnen een week minstens een uur alleen kunnen laten, vooropgesteld dat u onderweg geen fouten hebt begaan. Verwacht echter niet direct te veel want dan haast u zich misschien door de procedure. En vergeet niet dat sommige honden minder snel leren dan andere.(Nieuwsblad)


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:32 Reageer op dit bericht

Wie is er bang voor spinnen

Henk Lommers praat met psychotherapeute Jacqueline de Rond over angst voor spinnen, een verschijnsel waar verbazingwekkend veel mensen last van hebben, en wat je er aan kunt doen.


http://www.avro.nl/web/avro_dier_en_natuur/dntv/video_on_demand/wilde_dieren/Default.aspx?diergroep=wilde_dieren&diersoort=ongewerveld&movieid=146&trefwoord=&jumpto=ctl00_cphRechterkolom_dntv_diergroep_rechterkolom_ctl05_divDiersoort


(Avro - dier en natuur)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:43 Reageer op dit bericht

Nachtdieren in het tropisch regenwoud

Anniko van Santen maakt een nachtelijke wandeling door het tropisch regenwoud van Australi onder leiding van haar gids 'Piggy'.

http://www.avro.nl/web/avro_dier_en_natuur/dntv/video_on_demand/wilde_dieren/Default.aspx?diergroep=wilde_dieren&diersoort=ongewerveld&movieid=162&trefwoord=&jumpto=ctl00_cphRechterkolom_dntv_diergroep_rechterkolom_ctl05_divDiersoort

(uit Avro-Dier en natuur)
003.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 19:41 Reageer op dit bericht

Zo maak je een spinneweb !

Heb je ook al altijd willen weten hoe een spn zo'n web-kunstenaar is ?
Kijk dan maar even mee. Henk Lommers en Wybren Landman kijken hoe je een spinnenweb maakt en wat je er vervolgens mee kunt doen.


http://www.avro.nl/web/avro_dier_en_natuur/dntv/video_on_demand/wilde_dieren/Default.aspx?diergroep=wilde_dieren&diersoort=ongewerveld&movieid=144&trefwoord=&jumpto=ctl00_cphRechterkolom_dntv_diergroep_rechterkolom_ctl05_divDiersoort

(Avro - Dier en Natuur)


in011.gif

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 18:47 Reageer op dit bericht

Hanneke had een lammetje (Martina1)

Hanneke had een lammetje

Hanneke had een lammetje
met een sneeuwwitte vacht.
Hanneke hield van haar lammetje,
ze had het zelf grootgebracht.

Het lammetje volgde haar overal,
ook naar het leslokaal.
'Het is hier toch geen schapestal',
lachten de kinderen allemaal.

De meester stuurde het lammetje weg,
en wat denk jem, wat deed het lam?
Het bleef wachten aan de weg
tot Hanneke weer naar buiten kwam.

Hanneke had een lammetje
met een sneeuwwitte vacht.
het lammetje hield van Hanneke,
zij had het immers grootgebracht.
(onbekend)


schapen03.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:07 Reageer op dit bericht

Giftige planten voor hond en kat

Giftige planten voor hond en kat

         

Vergiftigingen bij huisdieren gebeuren nog vrij vaak.  Soms, en helaas, met voorbedachten rade, soms echt per ongeluk. Een voorbeeld van “vergiftiging  per ongeluk” is het opeten van giftige planten.  Poezen zijn wat dit betreft iets voorzichtiger dan honden, maar toch is poes ook vaak het slachtoffer van giftige planten.   Vooral de binnenlevende kat.  Een kat zal instinctief grassen knabbelen om bijvoorbeeld haarballen kwijt te geraken of wanneer ze ongesteld is aan het maagdarmstelsel.  Een binnenlevende kat zal dus noodgedwongen aan kamerplanten knabbelen en er zijn toch heel wat giftige kamerplanten.

Over het algemeen smaken giftige planten erg bitter, en zal hond of kat na de eerste hapjes de plant links laten liggen, maar tijdens het spel en het wroeten of graven in de tuin worden toch heel wat planten opgegeten.  De felgekleurde besjes die zo gezellig wegrollen, zijn geliefd  speel- en snoepmateriaal.

Wanneer u als eigenaar vermoedt dat uw huisdier een giftige plant heeft gegeten, moet u er zo nel mogelijk mee naar de dierenarts.  Vergeet niet volgende gegevens te vermelden, want de correcte behandeling (en dus de genezing) hangt hiervan af : de naam van de plant of neem de plant mee, welk deel van de plant is opgegeten (bijv. : blad, bloem, bes etc.), hoe is het contact geweest (bij. : door opeten of door contact met de huid), wanneer heeft het dier de plant opgegeten, welke symptomen zijn u opgevallen (bijvoorbeeld : speekselen, braken, diarree, zenuwsymptomen zoals trillen of lichte convulsies, etc.),breng eventueel geproduceerd braaksel of uitwerpselen mee.

Wat kan u als eigenaar als EHBO doen wanneer uw huisdier aan giftige planten heeft zitten knabbelen ?

Wanneer het dier de plant pas heeft opgegeten en niet in kramptoestand verkeert of bewusteloos is, kan u het dier doen braken door een lepel zout achter in de keel te gooien. Een bewusteloos dier mag u absoluut niet doen braken en geen vloeistof in de keel gieten, meteen naar de dierenarts is de boodschap.

Laxeren is niet in alle gevallen van plantvergiftiging goed, dus eerst advies inwinnen bij uw dierenarts.

Medicinale houtskoolpoeder toedienen daarentegen wel : houtskool absorbeert de giftige bestandsdelen in de darm.  Eens het gif opgenomen is in het bloed, zal de houtskool echter niets meer helpen.

Elk plantengif heeft zijn eigen specifieke werking op het organisme, bijvoorbeeld : op de rode bloedlichaampjes, op de celwand, de longen, de lever.  Daarom is het in het kader van de behandeling zo belangrijk om te weten over welk plantengif het gaat.  Indien men dat niet weet, bestaat de behandeling eruit de uiterlijke symptomen te behandelen, in de hoop dat het gif geen te erge ravage aanricht in het lichaam.

Giftige kamerplanten

De top drie van giftige kamerplanten is de volgende : dieffenbachia, philodendron en de tabaksierplant.  De eerste twee zijn vooral in trek bij poes, terwijl de tabaksierplant (nicotiana-soorten) meer in de smaak valt bij de hond.

De dieffenbachia is trouwens ook de kamerplant nummer één in een doorsnee belgisch gezin.  Zowel de bladeren als de stengel zijn giftig.  Het gif  tast de keelholte aan, het maagdarmstelsel (braken-diarree) en de ademhaling.

Het dier veel laten drinken (water) als eerste hulp is zeer nuttig.

De philodendron is die typische klimplant die rondom een stok wordt geleid.  Alle plantendelen hiervan zijn giftig.  Het gif tast vooral de nieren van het dier aan en sterfte is niet zeldzaam.  Als eerste hulp weerom het dier veel laten drinken.

De tabaksierplant is ook in zijn geheel giftig.  Het gif (nicotine) werkt vooral op de skeletspieren en het autonooom zenuwstelsel, zodat in ernstige gevallen sterfte door verstikking optreedt (de ademhalingspieren worden verlamd) Een opname van 5 tot 25 bladeren kan dodelijk zijn voor hond en kat.

De gatenplant (Monstera) is een zeer populaire kamerplant en ook giftig in blad en stengel.  Toch blijven poes en hond meestal van deze plant af.  Het gif is vergelijkbaar met de dieffenbachia.

De kerstster   in de volksmond foutief de kerstroos genoemd,  is ook giftig.  Deze plant zie je in de meeste huiskamers rond kerstmis verschijnen.  Het giftige aan de plant zit hem in het melksap van de bladeren of stengels en in de zaden.    Wanneer de huid in contact komt met dat melksap, moet die overvloedig gespoeld worden met water.  Het sap is erg gevaarlijk voor de ogen : kans op blindheid bestaat.

De echte kerstroos is een plant met een witte bloem.  Men ziet deze plant niet zo vaak als kamerplant, maar ook deze plant is giftig, en wel alle plantendelen.  Het gif heeft een erge uitwerking op het hart met eventueel sterfte als gevolg.

Het meiklokje (lelietje van dalen) is giftig : zowel het bloempje, als de bladeren en de stengel.    Het gif werkt in op het hart en kan dodelijk zijn.  Gelukkig wordt het gif traag opgenomen in het lichaam, zodat snelle interventie na consumptie veel kwaad kan voorkomen.

De hyacint en de narcis behoren ook tot de giftige planten.  Tegenwoordig is het erg in trek om kleine bolletjes hyacinten en narcissen in huis tot bloei te laten komen.  Zowel de bol als het zaad, als de bladeren en de bloemen zijn mild giftig. 

Wat de narcissen betreft : hun gif wordt ook vrijgegeven in het water van de vaas waarin de bloemen staan.  Katten hebben de vervelende gewoonte uit vazen te drinken en kunnen alzo het vergif binnen krijgen.  Ververs daarom het vaaswater van narcissen geregeld.

De slangenwortel is een plantje dat vaak in bloem- en plantenstukken wordt gebruikt.  Alle plantendelen zijn giftig.  Bij opname van de plant moet het dier overvloedig drinken om het gif via de nieren te laten verdwijnen.

De aronskelk is helemaal giftig, maar vooral de bessen zijn gevaarlijk.  Meestal zal de aronskelk in de huiskamer geen bessen ontwikkelen.  Na opname van deze plant is ook weer overvloedig drinken de boodschap.

Tuinplanten

De allergiftigste tuinplanten voor de hond zijn bolderik (een anjerachtige),doornappel, bitterzoet, eenbes, guichelheil, herfsttijloos, het palmboompje (buxusboompje), de taxushaag, hondspeterselie, honingklaversoorten, monnikskap, wegedoorn, wolfskers en het wonderboompje.

Voor de poes is vooral de taxushaag gevaarlijk, de beenbreek, de gouden- en blauwe regen en de wolfskers.

Bolderik wordt voornamelijk als sierplant gekweekt (bv : de bekende Milas Purple Queen) en geeft mooie paarse bloempjes.  Alle plantendelen zijn giftig.

Herfsttijloos is een populair plantje van de leliefamilie met mooie paarse krokusachtige bloemen in de late zomer.  Het gif is een zogenaamde stapelgif.    Effecten van het gif worden dus erger naarmate er vaker aan de plant wordt geknabbeld.

Guichelheil is een populaire bodembedekker met blauwe of rode bloempjes. Het lijkt een beetje op de zogenaamde muur (de vogelmuur) waar kippen zo dol op zijn.

Bitterzoet wordt als heester beschouwd en vooral de onrijpe bessen zijn erg giftig.

Het palmboompje is zeker het vermelden waard omdat dit struikje zeer populair is als echt haagje rond bloembedden en perken.  Alle delen van dit haagje zijn giftig.  Bij de hond leidt de opname van 0,8 gram buxine (het gif van deze heerster) tot de dood!....

Taxus of venijnboom is zeer populair als tuinafscheiding.  De plant blijft groen in de winter en draag rode schijnbesjes.  De bladeren (naalden), schors en zaden (bessen) zijn dodelijk giftig.  Enkel een zeer snelle interventie kan hond of poes redden.

Een kruid dat men meer in meer in tuinen begint te zien, is het vingerhoedskruid (digitalis).  Dit kruid draagt prachtige paarse bloemen.  Het gif (digitalis) werkt in op de hartspier.  Het gif wordt wel gebruikt in de geneeskunde voor hartpatiënten.

De hierna vermelde planten zijn wel giftig voor hond en kat, maar worden door hen zelden beknabbeld, door de vreemde geur of de echt bittere smaak.  Nogmaals : tijdens spel en door verveling kan er toch een opname van plantendelen gebeuren.  De meeste planten zijn goed gekend en hoeven dus geen aparte beschrijving.  Het gaat over : berenklauw, rhododendronstruik, kamperfoelie, de roos, boekweit, anemomen, de clematis, de cotoneaster (zeer populaire  bodembedekker met rode besjes), de hulst, de reukerwtbloempjes, de lupine en de acacia.

Beter dus bovenstaande planten, bloemen en struiken mijden in huis of op plaatsen waar hond of poes rondloopt.  Denk trouwens ook aan het feit dat de betrokken planten stuk voor stuk ook giftig zijn voor de mensen : kleine kinderen missen het dierlijk instinct om bepaalde planten met rust te laten en vaak kauwen ze blaadjes of eten ze die verleidelijk gekleurde besjes op.

Antigifcentrum België : 070/245.245

    Dr M. De Cleene


AA-katje-open-raam.gif     


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:04 Reageer op dit bericht

Katten (Martina1)

KATTEN
Heeft u te veel vrije tijd
en u wilt die liever kwijt?
Mijn advies is: Ga niet mokken,
Leg u toe op katten fokken!
Bent u een geboren wachter,
heeft u ogen voor en achter?
Wilt u rafels in uw matten?
Dan bent u geschikt voor katten!
Wilt u, aan de dis gezeten
u de kaas van 't brood doen eten?
Vindt u dat niet erg mevrouw
Neem een kat dan maar en gauw!
Vindt u 't leuk als ze uw kleren
en gordijnen ruïneren?
In uw melkkan pootje baden?
Dan kan ik een kat aanraden!
Omgevallen schemerlampen
zijn voor u geen grote rampen?
Trekt u niet wat witjes weg?
Ga dan katten houden zeg!
Klimt u graag eens op het dak
in uw nieuwe mantelpak?
Geeft dat fleur aan uw bestaan?
Schaft u dan eens katten aan!
Als u luchtig gaat voorbij
aan wat kleine averij,
of wat vlekken in uw kleed,
is een kat aan u besteed!
En als u er soms naar streeft,
dat men u steeds kopjes geeft
en u voor de voeten loopt,
't beste is dat u katten koopt!
U heeft nooit meer vrije tijd,
katten wilt u nooit meer kwijt!
Mijn advies blijft, ga niet mokken
en ga door met katten fokken!
Want de katten zijn niet vals,
vinden niets zo heerlijk als
om te spinnen met hun warm
kattenlijfje in uw arm!
En wat deren u uw matten
bij het spel van jonge katten,
die de moederpoes u gaf
Het geluk straalt van haar af!


(dingenvanlia.nl)

002%5B1%5D.gif
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:02 Reageer op dit bericht

Europese landschildpadden in serre of tuin. (Yradja)

Europese landschildpadden in serre of tuin.

europese landschildpadHet houden en verzorgen van nakweek EUROPESE landschildpadjes

Inleiding:
Omdat er in de fokkerij of handel weinig of geen halfwas of volwassen Griekse, Moorse of kloklandschildpadden (respectievelijk Testudo hermanni, Testudo graeca en Testudo marginata ) worden aangeboden die onmiddellijk in een buitenterrarium of serre kunnen worden gehuisvest, zullen we de opfok van babylandschildpadjes bespreken. 

landschildpadden aan het eten in de tuin

Huisvesting:
Jonge baby’s kunnen best in een oud aquarium, terrarium of caviabak ondergebracht worden op een minimum 10 cm dikke laag vochtige potgrond of cocopeat die men regelmatig dient te bevochtigen om de diertjes met een mooi glad schild te laten opgroeien.

In het terrarium kan men een ruwe platte steen plaatsen, enerzijds als decoratie anderzijds om de nageltjes van de diertjes af te laten slijten.

Temperatuur:
De omgevingstemperatuur in het terrarium mag 28° tot 30° C bedragen, dit zowel dag als nacht. Overdag mag het onder de spotlamp(en) zelfs meer zijn, 30° tot 35°C. De gloeilampen kan men monteren in lamphouders met knijpsysteem, zodoende kan men ze op willekeurige plaatsen aanbrengen. Bij voorkeur aan de ene zijde van de bak of terrarium zodat de temperatuur hier hoger is dan de andere zijde. Omdat het daar dan koeler blijft, hebben de diertjes de keuze in welk gedeelte zij willen verblijven. Schrik niet als de diertjes soms enkele dagen in de grond vertoeven. Zodra ze behoefte hebben aan voeding of drinken komen ze wel tevoorschijn.

Ideaal is de nakweek gedurende twee winters in het verwarmde terrarium te houden zonder winterslaap. Om de beste resultaten met uw nakweekdieren te verkrijgen raden wij aan om de baby’s bij goed weer vanaf 20°C buiten te laten genieten van het broodnodige zonlicht. Opgepast voor oververhitting! Onder het glas van een serre loopt de temperatuur hoog op en moet je de dieren bescherming bieden door hooi of stro op de grond te leggen. Vanaf half of eind mei kunnen de dieren buiten vertoeven. Ideaal is natuurlijk een (mini) serre: hierin wordt de temperatuur ruim 10° tot 30°C hoger dan buiten. Bij slecht weer of vanaf eind oktober kan het terrarium weer opgezocht worden.

Landschildpadjes moeten steeds de mogelijkheid hebben zich te beschermen tegen het (kunst)zonlicht, dit kan door middel van laagstruikgewas, een oude nokpan, stro, hooi in combinatie met takken enz. 

Gevaar:
Aandacht dient men ook te besteden wanneer men schildpadjes in de zomer buiten plaatst in de tuin. Eksters, kraaien, torenvalk, Vlaamse gaai, ratten, katten, honden,... kunnen gevaarlijke vijanden van uw lievelingsdieren worden.

Voeding
Bij het voeren van babylandschildpadjes dient men voldoende afwisseling aan te bieden zoals aardbei, radijs, komkommer, witloof, appel, peer, meloen, weegbree, melkdistel, klaver, paardebloem, bloemkolen, broccoli, andijvie,...

Ook sepiaschelp en gemalen eierschalen mogen niet ontbreken op het menu! Eenmaal per week kan men een geweekte katten- of hondenbrok verstrekken in een laag onderzetbordje gevuld met water. Zelf hebben we goede resultaten met Pedigree Mixer wat we lichtjes bestrooien met mineraalmengsel voor duiven (poeder). Ook dient men dagelijks vers fris drinkwater aan te bieden eveneens in een ondiep onderzetbordje.

europese landschildpadden die in ons land gekweekt werden

Groei:
schildpadden.jpgWanneer de baby’s goed verzorgd en verwarmd worden zullen zij de volgende lente na hun geboorte ruim 8 tot 11 cm groot zijn.

Opmerkelijk is dat vrouwelijke dieren van het laatste kweekjaar tussen 8 en 9 cm en mannelijke tussen 10 en 11 cm groot waren. (zie bijgevoegde foto’s )

Wist je dat dieren in gevangenschap bij goede verzorging zelfs ouder dan 80 à 90 jaar kunnen worden.

(Tuinadvies)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 17:00 Reageer op dit bericht

De herder (Martina1)

De herder

Op de grote, stille heide
dwaalt de herder eenzaam rond,
wijl de witgewolde kudde,
trouw bewaakt wordt door de hond.
En, al dwalend ginds en her,
denkt de herder:'Och, hoe ver,
hoe ver is mijn heide,
hoe ver is mijn heide, mijn heide!'

Op de grote, stille heide
bloeien bloempjes lief en teer,
pralend in de zonnestralen
als een bloemhof heinde'en veer.
En, tevreên met karig loon,
roept de herder:'O, hoe schoon,
hoe schoon is mijn heide,
hoe schoon is mijn heide, mijn heide!'

Op de grote, stille heide
rust het al bij maneschijn,
als de schaapjes en de bloemen
vredig ingeslapen zijn.
En, terugziende'op zijn  pad,
juicht de herder:'Welk een schat,
hoe rijk is mijn heide,
hoe rijk is mijn heide, mijn heide!'

P. Louwerse


herder06.gif




Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:59 Reageer op dit bericht

De tuimelaar (Knudde1)

De tuimelaar

tuimelaar.jpgOrde : Cetacea - familie : Delphinidae - geslacht : Tursiops - soort : Tursiops truncatus.
Dit slimme waterzoogdier heeft naar verluidt heel wat schipbreukelingen het leven gered en wordt beschouwd als een echte mensenvriend. De tuimelaar is de grootste dolfijn met een snuit, die bij hem kort en stomp is en op de bovenkant van een fles lijkt. Er wordt verondersteld dat tuimelaars erg intelligent zijn. Ze leven in sociale groepen, scholen genoemd, en ze communiceren met elkaar via typische fluittonen, klikgeluiden en lichaamstaal.
De belangrijkste paartijd is van maart tot april. Dolfijnen vormen kortstondig een paar zodra het mannetje voorkeur vertoont voor het gezelschap van een bepaald vrouwtje. Bij de balts kan het er wild aan toegaan, met veel krachtige kopstoten. In de Europese wateren worden de kalveren hartje zomer geboren en in Florida van februari tot mei. De band tussen moeder en kalf is heel sterk. Men heeft vrouwtjes dode kalveren naar het wateroppervlak zien ondersteunen, alsof ze ze wilden laten ademen.
Hoewel hij nog vrij algemeen voorkomt, is de tuimelaar her en der bijna uitgeroeid. In sommige gebieden wordt jacht op hem gemaakt vanwege zijn vlees en andere lichaamsdelen, en in de Grote Oceaan verdrinkt hij vaak in tonijnnetten, hoewel er steeds vaker met dolfijnvriendelijke netten wordt gevist. Onlangs ontstond ongerustheid over geluiden die mensen op zee maken (zoals sonar op schepen), die het vermogen van walvissen en dolfijnen om zich te voeden, te navigeren en te communiceren, verstoren.
Verwante tuimelaars trekken vaak samen op in kleine groepen van zo'n tien dieren aan de kust tot 25 op zee, al heeft men ook scholen van vijfhonderd dieren gezien. Binnen zo'n school gaan soortgenoten meestal met elkaar om. Soms zie je de tuimelaar in de boeggolf van een schip zwemmen en dan een paar meter uit het water springen, waarna hij een platte duik maakt. Hij slaapt zo'n acht uur per dag, zwemt twintig kilometer per uur, kan 300 meter diep duiken en kan twintig minuten onder water blijven. In de paartijd leveren de mannetjes felle gevechten om de vrouwtjes.
In het wild voeden tuimelaars zich dagelijks met zo'n acht tot vijftien kilo inktvis, garnalen, paling en andere vis. Vaak jagen ze in teamverband, waarbij ze kleine vissen voor zich uitdrijven en de afvallers eruit pikken. Soms volgen ze garnalenvissers om zich te goed te doen aan de restjes. De jachtmethode kan per gebied enorm verschillen. In de Golf van Mexico zijn tuimelaars waargenomen die vis bewusteloos slaan door ze met hun staartvinnen de lucht in te gooien en daarna van het water te plukken. Volgens sommige onderzoekers kunnen ze zelfs hun prooi verdoven door harde geluiden te produceren.

banner_website.gif



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:56 Reageer op dit bericht

De kathaai (Knudde1)


De kathaai

De kathaai of Scyliorhinus stellaris.

kathaai.jpg


Beschrijving

De kathaai of scyliorhinus stellaris heeft grijsbruine rug en flanken met grote, ronde, zwarte en witte vlekken en de buik is vuilwit.
De levenswijze is dezelfde als de hondshaai . De kathaai voedt zich voornamelijk met kreeftachtigen en inktvissen. De soort wordt groter dan de hondshaai en prefereert rotsachtige bodems. Hij kan in de Middellandse Zee tot op vierhonderd meter diepte voorkomen. De eikapsels van kathaaien worden zelden langs onze kust aangetroffen.
Lengte
De kathaai is groter dan de hondshaai, hij meet 165 cm.
Verspreiding
Zijn verspreidingsgebied is de Noordoost-Atlantische Oceaan en de Noordzee. Langs de Nederlandse kust zeldzaam. Onregelmatig worden ten westen van Texel jonge exemplaren gevangen.
banner_website.gif

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:55 Reageer op dit bericht

Diervriendelijke ingrepen (Yradja)

Diervriendelijke ingrepen                                                                                          

Hij kijkt me aan alsof hij het al weet. Ik weet niet of ik het wel over mijn diervriendelijke hart kan krijgen om te bellen. Hij was twee weken geleden al zes maanden oud en ik had mezelf voorgenomen om het dan te doen. Maar nu loop ik het dus al twee weken uit te stellen en moet het toch gebeuren, denk ik ...

'Ja goedemorgen, ik wil graag een afspraak maken voor mijn kat Jip ... ja, voor castratie ...'

Voordat ik de nodige moed had verzameld om te bellen, had ik op internet al wat informatie gezocht: 'Beide testikels worden onder algehele verdoving operatief verwijderd. De productie van het hormoon testosteron vindt hierdoor niet meer plaats. In de regel verdwijnt hierdoor ook het karakteristieke 'katergedrag'.'

Volgens dezelfde informatiebron op de website van dierennieuws, houdt dat katergedrag in dat katers hun territorium afbakenen en verdedigen. Hierdoor zullen ze regelmatig in een heftig gevecht met buurkaters verwikkeld zijn. De bekende schreeuwende krolse katers. Een nog vervelender gevolg van territoriumgedrag is het 'sproeien'. De kat plaatst geurvlaggen in de tuin en - nog vervelender - in huis door nogal sterk ruikende urine in het rond te sproeien.

Niet veel mensen worden blij van deze geurige gewoonten van hun huisdier. Ik dus ook niet. Toch zie ik er tegenop om de stap te nemen om mijn kleine Jip naar de dierenarts te brengen. Ik had wel eens een castratie van een kat meegemaakt. Dat zag er erg pijnlijk uit. Er wordt een sneetje in de huid van elke testikel gemaakt. Vervolgens wordt de zaadstreng en het bloedvat afgebonden. Het lossnijden van de testikel is de laatste handeling van de ingreep. De sneetjes blijven namelijk gewoon open en moeten tijdens het genezen vanzelf weer dichtgaan.

'Helpen'

Mijn vader was laatst op bezoek en knuffelde met de kleine Jip, voorzover hij dat toelaat tenminste. Ik vertelde dat hij binnenkort 'geholpen' moest worden. Mijn vader trok een raar gezicht, keek naar het kleine tegenspartelende hoopje kat op zijn arm en zei: 'Helpen noemt ze dat, nou wat wordt jij geholpen zeg.' Ik vind het eigenlijk ook erg raar dat het zo genoemd wordt. Alsof je hem er echt mee helpt en problemen voor hem oplost. En dan is hij geholpen en dan durven we dat nog niet eens onder ogen te zien, dus dan is hij voor de rest van zijn leven een 'je-weet-wel' kater.

Nee, als er iemand geholpen wordt dan zijn het de baasjes die verlost zijn van de problemen van een krolse kat. Geen gesproei, geloei of ander krolse bezigheden. Maar voor de kat gaat er een wereld open bij zijn eerste door testosteron aangestuurde krolsheid. Hij gaat proberen indruk te maken op mooie lekker ruikende poezen en soms wordt dit ook nog beantwoord. Hij gaat vechten om zijn territorium en de meisjes, oftewel hij wordt een echte stoere man. Allemaal erg herkenbaar lijkt me; welke man wil er nou niet gewaardeerd worden om zijn kracht, zijn stem, zijn charmes, zijn potentie en het liefst een combinatie hiervan.

Maar nee onze katten laten we 'helpen' zodat ze niet zo groot worden, niet zoveel ruzie maken, niet zo'n lawaai maken 's nachts en vooral niet overal hun stinkende geurvlaggen achterlaten. Het gevolg is dat bijna alle thuis gehouden katers operatief worden gecastreerd. Stel dat we overlast zouden hebben van de zeer natuurlijke oergewoonten van onze 'huisdieren'. Het woord zegt het al, het zijn dieren die zich aan moeten passen aan het huis en zijn baasje.

Leeftijd

Er is veel discussie onder dierenartsen over de leeftijd waarop een kater gecastreerd mag worden. De meeste katers in Nederland worden rond 9 maanden gecastreerd. Het komt echter regelmatig voor dat katers al op een leeftijd van 6 maanden gecastreerd worden. Het voordeel hiervan is dat de kans op sproeien minder is dan bij een latere castratie. Als een kater eenmaal begonnen is met het uitzetten van deze geurvlaggen kan deze gewoonte nog wel eens blijven hangen. Dit is natuurlijk erg vervelend.

Bij een vroege castratie groeit de kater niet helemaal uit tot de theemutskater als in 'Jan, Jans en de kinderen' met de karakteristieke 'katerkop'. De kat houdt een kleinere, smallere kop en het skelet blijft ook kleiner. Dit heeft trouwens geen nadelige gevolgen voor de gezondheid van het lichaam of de ontwikkeling van het gedrag. Voor Jip heb ik dus gekozen voor een castratie op de leeftijd van 6 maanden. Dit is niet omdat ik niet zo'n enorme hoop karakteristieke kat op mijn bank wil hebben. Nee, het heeft te maken met mijn andere harige huisgenootje, de superlieve je-weet-wel kater Bo. Deze kater is nu ruim twee jaar oud en ook gecastreerd op de leeftijd van 6 maanden. Dit was tegelijk met zijn zusje Lin, die een half jaar later overleden is.

Toentertijd was ik nog niet zo bewust van de gevolgen van zo'n vroege castratie wat betreft de groei van de kat. Bo is nu dus geen grote kater met een echte 'katerkop'. Bo is een rank, lief en aanhankelijk beest. Hij is bijna altijd rustig, kalm en bedaard. Af en toe blaast hij tegen Jip als die hem weer zit te plagen. Maar hij vindt heel veel goed en hij kiest over het algemeen liever de aftocht dan de aanval.

Nee, dan Jip. Vanaf het moment dat hij bij ons kwam wonen, was hij door zijn brutaliteit en enthousiasme eigenlijk al de baas in huis. Hij pakt het eten voor Bo's neus weg en Bo laat het nog toe ook. Door hem nu te castreren hoop ik te voorkomen dat hij ook in grootte en lichaamsgewicht mijn andere kat gaat overheersen. Waarschijnlijk wordt hij sowieso wel groter, want zijn vader was een enorme witte kater. Echt de witte schrik van de buurt. Maar ik kan het misschien wel zo ver mogelijk inperken.

Toch vind ik het wel erg zielig. Het was ook zo'n koddig gezicht, zo'n grotendeels witte kater met gekleurde balletjes. Het is vooral erg goed zichtbaar als hij loopt op zijn eigen uiterst parmantige manier met de staart kaarsrecht omhoog. Je ziet dan een grijs-zwart gestreepte staart en daaronder een witte kat met oranje-grijs gekleurde balletjes, echt waar. Visite die de nieuwe aanwinst kwamen bewonderen vroegen al gauw, wat heeft hij daar toch ... Naarmate hij ouder werd ging het meer opvallen door de groei van deze private geslachtsdelen. Het leukste was nog dat mensen zich erover verbaasden en soms zelfs een beetje rood werden omdat ze zo'n rare vraag hadden gesteld.

Het bekende gezegde, 'wat de boer niet kent dat vreet ie niet', is misschien ook hier van toepassing. De geholpen katers kennen de geneugten van krolsheid niet en weten waarschijnlijk ook niet wat ze missen. Ze begrijpen niets van die rare capriolen van de krolse katten om hen heen. De daarvoor benodigde hormoontoevoer is al vroeg bij hen gestopt. Deze gedachte kan mij nog een beetje troosten. Als ik Jip nu niet laat 'helpen' dan wordt hij veel groter, sterker en dus nog meer overheersend over zijn lieve rustige huisgenootje. En ik weet niet of ik d  t wel over mijn diervriendelijke hart kan krijgen.

Wietske van Dalfsen
Stagiaire Dierennieuws

DN 12/11/2003
(Bron : Dierennieuws)

kat-014.gif




Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:54 Reageer op dit bericht

Beekprik (Knudde1)

BP.gif

BESCHRIJVING

In tegenstelling tot de rivierprik is de beekprik geen parasitaire vis. De vis leeft zo'n zes jaar als larve. In die tijd heeft de beekprik geen oogjes en leeft het nagenoeg geheel ingegraven in de zandige bodem van beekjes.
Na die zes jaar, de beekprik is dan ongeveer 12 centimeter lang, veranderd het beestje in een echte beekprik met ogen.
De vis leeft dan nog ongeveer vier tot acht maanden waarin ze zich niet voeden, maar alleen met de voortplanting bezighouden.

De beekprik heeft een bruinige rug en is verder grijs tot vuilwit van kleur. Ook deze prik heeft een zuigbek met een raspschijf met kleine tandjes. Aan beide zijden van de kop heeft de beekprik zeven kieuwopeningen.

De larve van de beekprik leeft in schone stromende beken. Het voedt zich met één- en meercelligen. Na de gedaanteverwisseling zoekt de volwassen beekprik sneller stromende gedeelten op om te paaien. Dit vindt plaats tussen maart en mei.

De beekprik komt in Nederland bijna niet meer voor. Met name verzuring/bemesting van de wateren en de barrières in de beken waar het visje in leeft zorgt ervoor dat het visje het moeilijk heeft in Nederland.

De beekprik, die maximaal zo'n 17,5 centimeter en zes a zeven jaar kan worden, is beschermd in de Natuurbeschermingswet
(worlwidebase)

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:50 Reageer op dit bericht

Meeuw eet merel (Knudde1)

Meeuw eet merel

TEXEL - Natuurfotograaf Renee de Kleijn was tijdens het paasweekend op Texel getuige van een bijzondere gebeurtenis. Op een van de weilanden trof ze een zilvermeeuw aan die bezig was een merel op te eten.
"We hebben er met verbazing naar gekeken. Het was verrassend om te zien hoe snel de merel naar binnen werd gewerkt."
De fotograaf weet niet of de zilvermeeuw de merel dood heeft gevonden of dat de meeuw de merel ook zelf heeft gedood. Van zilvermeeuwen is bekend dat het rovers zijn en dat ze regelmatig jonge vogels eten, maar het verorberen van een volwassen merel is andere koek.
(ANP) (hln)
dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:45 Reageer op dit bericht

Ganzen op hun paasbest (Knudde1)

Ganzen op hun paasbest
Sydney  -  In Australië hebben ze zo hun eigen tradities met Pasen. Ganzen krijgen kleren aan volgens de laatste 'duck fashion' en paraderen voor honderden toeschouwers op de catwalk.

De zogeheten Pied Piper Duck Parade is een vast onderdeel van de Royal Easter show in Sydney.

Buiten de catwalk doet een hond zijn best de dierlijke fashionista's te begeleiden door de stad.(telegraaf)

184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:07 Reageer op dit bericht

Kafferbuffel (Knudde1)

Kafferbuffel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie , zoeken

De kafferbuffel (Syncerus caffer ) of Afrikaanse buffel is een Afrikaans rund , de enige nog levende soort uit het geslacht Syncerus . Het dier maakt deel uit van de De Grote Vijf . De kafferbuffel heeft een slechte reputatie. Hij is onvoorspelbaar en kan gevaarlijk zijn voor jagers en mensen die te dichtbij komen, soms met de dood tot gevolg. Meestal loopt het dier echter weg bij gevaar. Er zijn twee vormen, de savannebuffel en de bosbuffel .

Inhoud

[ verbergen ]

[ bewerk ] Kenmerken

De kafferbuffel is een grote, sterke buffel met korte poten, een gespierde nek en een grote kop met een brede snuit en grote oren. Het is het grootste holhoornige hoefdier van Afrika. Hij heeft een korte vacht. Volwassen kafferbuffels zijn meestal rood tot donkergrijs of zwart. Jongere dieren zijn meestal roodachtig bruin van kleur. De onderzijde en de kin zijn lichter van kleur, tot roomwit. De staart is lang en eindigt in een zwarte kwast. De oren zijn groot, rond en met kwastjes. Zowel mannetjes als vrouwtjes hebben zware, zijwaarts krullende hoorns . De hoorns zijn goede wapens tegen predatoren . De grootte en vorm van de hoorns verschillen per regio, ondersoort, geslacht en leeftijd. Oude stieren hebben de grootste hoorns.

De kafferbuffel heeft een kop-romplengte van 170 tot 340 centimeter, een staartlengte van 50 tot 80 centimeter, een schofthoogte van 100 tot 170 centimeter en een lichaamsgewicht van 250 tot 850 kilogram.

Het zichtvermogen van de kafferbuffel is vrij slecht ontwikkeld, en het gehoor matig, maar het dier heeft een sterke reukzin . Doordat de soort niet afhankelijk is van hun zicht, kunnen ook blinde dieren hoge leeftijden bereiken.

[ bewerk ] Verspreiding en leefgebied

De kafferbuffel komt oorspronkelijk voor in het grootste deel van Afrika ten zuiden van de Sahara, zowel in dichte wouden als open grasvlakten, maar nooit verder dan twintig kilometer van een waterbron. Tegenwoordig is zijn leefgebied kleiner geworden door jacht, habitatverlies en ziekten. Vooral een runderpest epidemie in de jaren negentig van de negentiende eeuw heeft zuidelijke populaties een flinke klap gegeven. Tegenwoordig komt de soort nog algemeen voor, voornamelijk in natuurparken en reservaten .

[ bewerk ] Leefwijze

Kafferbuffel in Krugerpark
Kafferbuffel in Krugerpark

De kafferbuffel wentelt graag in modderpoelen om af te koelen. Waar mogelijk drinkt hij tientallen liters water per dag. Hij leeft voornamelijk van grassen , aangevuld met moerasplanten. In bosachtige streken eet hij ook bladeren en scheuten . De kafferbuffel is zowel overdag als 's nachts actief. Op het heetst van de dag zoekt de soort de schaduw op.

De kafferbuffel leeft in een gemengde kudde , bestaande uit gemiddeld twintig tot veertig dieren voor de savannebuffels en tot twaalf dieren voor de bosbuffels. Deze kudde heeft geen echte leider. De kudde is zeer hecht, en de dieren zullen andere groepsleden verdedigen als ze in gevaar zijn. Dit heeft tot gevolg dat gehandicapte buffels nog jaren kunnen leven en een volwaardig lid kunnen zijn van een groep. Soms voegen deze kudden zich samen tot grotere kudden, die in het geval van de savannebuffels uit meer dan tweeduizend dieren kunnen bestaan. Oudere dieren leven solitair of in "bejaardengroepen". De buffel wordt vaak vergezeld door ossenpikkers , spreeuwachtige vogels uit het geslacht Buphagus die teken en andere parasieten verwijderen van de huid van de buffel.

Mannetjes vechten vaak tegen andere mannetjes om hun plaats in de hiërarchie te bepalen en te veranderen. Ze stoten dan met hun hoorns tegen elkaar aan. Dit gaat met zo'n kracht gepaard, dat soms een buffel door de lucht vliegt na een klap.

Een bronstig vrouwtje trekt meerdere mannetjes aan. De stier dat het hoogst in de hiërarchie staat heeft over het algemeen het meeste recht om te paren, maar gevechten komen toch regelmatig voor. Één kalf wordt geboren na een draagtijd van elf maanden. De kafferbuffel kan een leeftijd van 26 jaar bereiken.

[ bewerk ] Ondersoorten

Er zijn verschillende ondersoorten van de kafferbuffel, verdeeld in twee groepen, de savannebuffels en de bosbuffels . Ze variëren niet alleen in grootte, maar ook in bouw, hoorns en vachtkleur.

Savannebuffels zijn grote, zware runderen die leven op meer open vlakten. De savannebuffels worden ingedeeld in drie ondersoorten:

De bosbuffel of woudbuffel (S.c. nanus ) is een andere ondersoort. Deze leeft niet in open vlakten maar in bossen, en ziet er anders uit: een stuk kleiner, met kleinere hoorns en een valere vacht. Sommige wetenschappers onderscheiden nog een vijfde ondersoort, de bergbuffel (S.c. mathewsi ).




184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:06 Reageer op dit bericht

Lentegedicht (Knudde1)

070330_070329_rivierenland_bloesem.jpg

LENTEGEDICHT

(de rol van Oma)

 

 

Hoe gelukkig kan een mens toch zijn

zittend op een houten bank

stil genietend van rust en vree

en wat de dag mij schenkt.

 

De poes naast mij ronkt als vanouds

en vredig graast een koe,

kinderen spelen, dartel, vrij

als veulens in de wei.

 

Ik geniet van ieder puur moment

zie alles als een Godsgeschenk,

hoe goed en machtig moet U toch zijn

mijn God, dat U mij deze rijkdom schenkt?

 

Ik sluit mijn ogen en voel intens

geen enkel moment laat ik nu gaan

alsof ik later – nu niet besef –

deze beelden nodig heb.

 

Mijn mijmering wordt wreed verstoord,

ik hoor een auto en gegil – dan stil;

mijn kleinkind ligt daar levenloos

de wereld staat plots stil.

 

In één tel is er alles weg,

geen kat of koe, neen, zelfs geen zon

en God die ik eerst zo aanbad

heeft mij nu verlaten.

 

Een stille traan rolt langzaam neer

Ik bid en kniel wanhopig

Mijn God, mijn Heer, zeg mij wanneer

vind ik het leven weer ?

 

 

- Innerchild -




184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:57 Reageer op dit bericht

Vrolijk Pasen

Een fijn Paasweekend voor al onze bezoeker, veel eitjes verstoppen en zoeken is de boodschap.


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 13:28 Reageer op dit bericht

Vogels zingen omdat ze moeten (Knudde1)

Gerrit Jansen: Vogels zingen omdat ze moeten

Door Gerrit Jansen. donderdag 20 maart 2008 | 15:52 | Laatst bijgewerkt op: vrijdag 21 maart 2008 | 10:10

Tekstgrootte tekst verkleinen tekst vergroten
Veel zanglijsters zingen al weer minder uitbundig dan twee weken geleden.  De territoriumgrenzen zijn afgebakend en een aantal zit al op eieren.   foto's Otto Faulhaber ;Torenvalken.

Veel zanglijsters zingen al weer minder uitbundig dan twee weken geleden. De territoriumgrenzen zijn afgebakend en een aantal zit al op eieren. foto's Otto Faulhaber ;Torenvalken.

Veel zanglijsters zingen al weer minder uitbundig dan twee weken geleden.   De territoriumgrenzen zijn afgebakend en een aantal zit al op eieren.   foto's Otto Faulhaber ;Torenvalken.

Veel zanglijsters zingen al weer minder uitbundig dan twee weken geleden. De territoriumgrenzen zijn afgebakend en een aantal zit al op eieren. foto's Otto Faulhaber ;Torenvalken.

Of vogels plezier aan het zingen beleven, is maar de vraag. Ze zingen omdat ze moeten. Wij mensen worden er vrolijk van, maar zij musiceren enkel om een partner te lokken en om de territoriumgrenzen af te bakenen.

Iedere vogel zingt zoals hij gebekt is en daarom verstaan alleen soortgenoten elkaar. Als een mens niet goed in zijn vel zit of alleen maar chagrijnig is, zal hij niet gauw een vrolijk lied ten gehore brengen.

Vogels zijn waarschijnlijk nooit chagrijnig, maar ook niet vrolijk. Ze zingen als het moet en als ze er tijd voor hebben. Toch vraag ik mij wel eens af hoe een boerenzwaluw zich 'voelt', als hij er net een reis van een paar duizend kilometer op heeft zitten. Ben je eindelijk thuis, dan word je op hagel en sneeuw getrakteerd. Logisch dat je dan even je snavel houdt. Toch weet zo'n vogel dat, wanneer hij eenmaal op de plaats van bestemming is aangekomen, hij zo gauw mogelijk moet laten horen dat hij er is.

Vogelzang heeft een duidelijke boodschap en moet daarom opgevat worden als een signaal.

Bij vogels die in vaste paren leven, zoals kauwen en eksters, stelt de zang, hoewel zij gezien de bouw van hun strottenhoofd wel zangvogels zijn, niet veel voor. Ook vogels met een opvallend verenkleed zijn minder gebekt dan de grauwe onopvallende soorten, zoals fitis, tuinfluiter, spotvogel en de nachtegaal niet te vergeten.

De gekleurde vogels hebben niet zo'n uitgebreid zangrepertoire omdat zij met hun bontgekleurde verenpak al voldoende opvallen. De wielewaal, wat kleuren betreft een plaatje, komt dan ook niet veel verder dan 'dudeldjo'. Mezen en kwikstaarten weten met hun kleuren ook voldoende te imponeren. Met een herhaald 'tjiet- jiepè' bij de koolmees en een kwetterend 'tsis-sit' van de kwikstaart houdt het bij deze twee zangvogels wel op.

Elk voorjaar wil ik minstens één keer, voordat de vogels wakker worden, buiten zijn. Ik wil mijn oor te luisteren leggen bij de gevederde muzikanten in de bebouwde kom. Ruim voor zonsopkomst wordt het al licht. Daarom zette ik de wekker op half zes. De alarmroep van de merel onder ons slaapkamerraam vertelt mij om tien voor half zes dat dit rijkelijk laat is.

Om half zes sta ik dan ook buiten. Als eerste hoor ik het scherp krassende 'kraaa', viermaal herhaald. Dat komt van een zwarte kraai en daar kun je nu niet bepaald van zeggen dat hij de sterren van de hemel zingt.

Vijf minuten later hoor ik de eerste merel zingen. Ongelooflijk, binnen een paar minuten zingen alle merelmannen in de buurt en dat zijn er heel veel! Drie minuten later klinkt het gepingel van een ontwakende roodborst en de metaalachtige roep van de koolmees.

De roodborst had ik eigenlijk nog eerder verwacht, want onderzoek heeft uitgewezen dat hij met recht een vroege vogel is.

Gemiddeld begint hij drie kwartier voor zonsopkomst te zingen. Altijd nog even eerder dan de merel. Deze roodborst zingt bij de oprit van de dijk onder een lantaarnpaal; soms doet hij dat zelfs midden in de nacht. Hetzelfde onderzoek wees uit dat de koolmees en de tjiftjaf van uitslapen houden. Ik hoorde de laatste dan ook pas om zeven uur zijn eentonige liedje roepen en dan te weten dat hij pas twee dagen thuis is. Ik zeg bewust roepen, want een grote zangkunstenaar kun je de tjiftjaf niet noemen. Dat geldt wel voor de heggenmus; vanaf half zeven preludeert een drietal heggenmusmannen met grote overgave. Op een televisiemast jubelt een zanglijster. Het is er een met veel noten op zijn zang. Misschien is hij wel muzikaler dan zijn naaste neef, de merel. Op verschillende plaatsen hoor ik het gedempte 'koe-koe- roe.., koe-koe' van de houtduiven. De luide, vlugge triller van de groenling klinkt weinig ingetogen. Eén duidelijke stem heb ik tijdens mijn fietstochtje door het dorp gemist, maar als ik thuis de oprit weer oprijd blaast Klein Jantje, de winterkoning, vrolijk zijn deuntje mee.

Vroeg in de ochtend valt er meer vogelzang te beluisteren dan later op de dag. Rond het middaguur is het dikwijls uitgesproken stil, terwijl de avond weer een kleine opleving te horen geeft. Voor die stilte op de middag is wel een verklaring.

De meeste zangvogels voeden zich in het voorjaar en in de zomer met dierlijke, eiwitrijke hapjes. Insecten zijn wat hun activiteiten betreft afhankelijk van hoge temperaturen. Daarom moeten door onze zangvogels de vliegjes, kevertjes en spinnetjes voor het grootste deel rond het middaguur buit gemaakt worden.

Net voordat ik naar de koffie wil, dient het paartje torenvalken zich boven de nestkast aan. Het mannetje wisselt zijn zweefvlucht regelmatig af met snelle vleugelslagen, waarbij een vliegbeweging ontstaat alsof hij aan een touw wordt rondgedraaid. Als het vrouwtje in de nestkast landt, verdwijnt hij even uit beeld.

Een scherp ki-ki-ki maakt duidelijk dat hij weer in aantocht is. Torenvalken kunnen niet zingen, maar ook zij gebruiken hun stem om het territorium af te bakenen en een dame te lokken.

  • (gelderlander) 184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:10 Reageer op dit bericht

Chimpansees communiceren ook met linkerbrein (Knudde1)

Chimpansees communiceren ook met linkerbrein

Gepubliceerd: 22 maart 2008 10:29 | Gewijzigd: 22 maart 2008 10:32

Hendrik Spiering

De Zambiaanse chimp Toto vraagt om voedsel.  Als chimpansees communiceren is hun linker hersenhelft actief, net als bij mensen.        reuters
De Zambiaanse chimp Toto vraagt om voedsel. Als chimpansees communiceren is hun linker hersenhelft actief, net als bij mensen.
reuters

Als chimpansees intensief communiceren, met gebaren of geluiden, dan is in hun brein de linker inferieure frontale gyrus opvallend actief. En dat is precies de plek waar bij mensen het beroemde hersengebied van Broca ligt, een belangrijk taalcentrum.

Het is voor het eerst dat bij mensapen is vastgesteld welke hersengebieden actief zijn bij communicatie en de uitkomst bevestigt dat de interne organisatie sterk lijkt op die van mensen. Eerder was al vastgesteld dat bij makaken, die evolutionair veel verder van de mensen afstaan dan chimpansees, het Broca-gebied in de linkerhersenhelft groter is dan rechts, precies als bij mensen.

Het huidige onderzoek, dat op 11 maart gepubliceerd zal worden in Current Biology maakt vooral de diepe evolutionaire worteling van de mensentaal duidelijk. Het lijkt erop dat het chimpanseebrein klaar is voor taal, zegt de hoofdonderzoeker, Jared Tagliatella, in een toelichtend persbericht van Current Biology. De neurologische structuren die ten grondslag liggen aan taal zijn daarmee weer een stuk minder uniek menselijk dan gedacht en soms ook gehoopt wordt.

De breinactiviteit van communicerende chimpansees werd gemeten door drie mensapen een licht radioactieve marker te laten eten, vervolgens veertig minuten actief te laten zijn (in een communicatie-stimulerende omgeving met eten) en daarna een PET-scan af te nemen, waarin aan de verspreiding van de marker werd gezien welke hersendelen in de tijd actief waren geweest (vergeleken met een zelfde niet-communicatieve situatie). (ncr.nl)



184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 16:07 Reageer op dit bericht

Wateren rond Zuidpool vol enorme wezens (Knudde1)

ks_Aurelia.jpg


Wateren rond Zuidpool vol enorme wezens


WELLINGTON - Nieuw-Zeelandse en Amerikaanse onderzoekers hebben in de wateren bij de Zuidpool onverwacht veel groot leven aangetroffen.
ANP

De vorsers zijn vooral verbaasd over de omvang van sommige wezens, zoals kwallen met vier meter lange tentakels, enorme zeeslakken en grote, uitgestrekte velden vol zeelelies.

Het onderzoeksteam is ervan overtuigd dat er nieuwe diersoorten zitten in de totaal 30.000 monsters die uit de wateren zijn meegenomen.

Grootte

Volgens Nieuw-Zeelandse media deed het team onderzoek in de Rosszee, tot een diepte van 3500 meter. De grootte van de sommige dieren is mogelijk te verklaren uit de temperatuur en het hoge zuurstofgehalte van het water en de relatieve afwezigheid van grote roofdieren.

De wetenschappers zeggen nog jaren nodig te hebben om alle verzamelde informatie te ordenen en te bestuderen.

(c) ANP


184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:27 Reageer op dit bericht

Dialoog met hazen (Gedichtje) (Knudde1)

HBJ_02.jpg


Het gedicht Dialoog met Hazen


Men vroeg aan twee oude hazen
wat doen jullie zo met Pasen ?
ze wilde huppelend verder gaan
bleven even toch maar staan.

De ene spak; ach, weet je wat
we zijn het eigelijk met Pasen zat
en we kunnen niemand zeggen
dat wij Hazen geen eieren leggen.

De andere sprak nog wat verlegen
en in ons mooie stille bos
kom je weer duizene mensen tegen
en ze hebben de meeste pret aan hun

eieren van hun zelf daar neer gezet
met Pasen zijn wij Hazen de klos
wij oude Hazen zijn dan pas tevree
als het weer stil is in ons bos.



  Werner Noorda




184-K.jpg  184-N.jpg  184-U.jpg  184-D.jpg  184-D.jpg  184-E.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:15 Reageer op dit bericht

Lieveheersbeestkastje

Lieveheersbeestkastje            Lieveheersbeestkastje -

Lieveheersbeestjes zijn naast een genot om naar te kijken zeer nuttige gasten in uw tuin. Een volwassen lieveheersbeestje eet tot 100 bladluizen per dag. Een goede reden om het de lieveheersbeestjes in de tuin naar hun zin te maken. U kunt dit doen middels dit lichtgroene huisje dat onderdak en beschutting biedt. Lieveheersbeesten kruipen hierin wanneer het koud en nat is en in de winter. Het kastje is zo ontworpen dat lieveheersbeestjes hier gemakkelijk toegang tot hebben. Tevens worden veel concurrenten en roofdiertjes buiten gehouden. Lieveheersbeestjes overwinteren vaak in een groep bij elkaar.
Om het de biologische bladluizenbestrijders van het lieveheersbeestkastje helemaal naar hun zin te maken, is het raadzaam enkele losse bladeren of rolletjes golfkarton in het huisje te stoppen.

De afmetingen van het lieveheersbeestjeshuis zijn: 18 x 10 x 23 cm.

(tuinadvies.be)


Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door mailgroep om 23:56 Reageer op dit bericht

Het abc van eieren

Het abc van eieren

Over de productie
Alle eieren hebben vandaag een stempelcode. Dit laat toe het ei te traceren vanaf de boerderij (eventueel tot op stalniveau) tot op uw bord. De code geeft eveneens informatie over het houderijsysteem. De codes van het leghennenbedrijf worden gecentraliseerd bij het FAVV.

eieren van scharrelkippen in de legbak

De code in België ziet er bijvoorbeeld uit als volgt: 0 BE 1234-1

  • 0 : code voor het houderijsysteem

    • Wat houderijsystemen betreft bestaan er 4 categorieën:

      • 0: bio

      • 1: vrije uitloop

      • 2: scharrel

      • 3: kooi
         

  • BE : iso-code voor de lidstaat – BE = België
     

  • 1234: identificatienummer van het leghennenbedrijf
     

  • 1 : eventueel nummer van de stal

Toelichting bij de houderijsystemen:

BIO-EIEREN
Een ei is een bio-ei als de kip die dat ei legt op biologische wijze gekweekt wordt. Het voeder van de leghen moet minstens voor 80 % van biologische oorsprong zijn en er moet voldoende ruwvoer (zoals gras) voorzien worden.
Per stal mogen maximum 3000 dieren worden gehouden met maximum 6 dieren per m2. De vrije uitloop moet minstens 4 m2 per leghen bedragen.

EIEREN VAN HENNEN MET VRIJE UITLOOP
Deze eieren zijn afkomstig van leghennen gehouden in een stal te vergelijken met scharreleieren maar die bovendien de ganse dag over een vrije uitloop beschikken in open lucht. Deze uitloop moet grotendeels begroeid zijn (met gras bijvoorbeeld) en een oppervlakte van minstens 2,5 m2 per hen beslaan.

SCHARRELEIEREN
Deze eieren zijn afkomstig van scharrelkippen die in een stal worden gehouden met voldoende legnesten en zitstokken. Minstens 1/3 van de staloppervlakte is scharrelruimte en er zitten maximaal 9 hennen per m2 bruikbare staloppervlakte (oppervlakte van vloer + etages). In sommige gevallen kan men tot maximaal 12 hennen per m2 bruikbare vloeroppervlakte plaatsen (indien er geen etages zijn).

KOOI-EIEREN
Het overgrote deel van de eieren wordt in legbatterijen geproduceerd. In dit houderijsysteem zitten meestal vier à vijf hennen samen in een kooi. De Europese wetgeving bepaalt dat een oppervlakte van minstens 550 cm2 per hen moet worden voorzien. Daarnaast gelden een reeks bepalingen wat betreft de uitrusting van de kooi.
De pluimveehouders schakelen stilaan om naar grotere kooien met bijvoorbeeld 16, 24 of meer leghennen, waarbij 750 cm2 per leghen wordt voorzien. Deze kooien worden uitgerust met zitstokken, legnesten en scharrelplaatsen. Tegen 2012 wordt dit door Europa trouwens verplicht.

eieren9.jpg

Over de bewaring

  • Bewaar de eieren in de koelkast

  • Plaats eieren met de spitse kant naar beneden

  • Bewaar eieren niet naast citroen, gerookte vis of knoflook. Eieren kunnen door de poreuze schaal heen gemakkelijk geur en smaak van dergelijke producten overnemen.

  • Let op de houdbaarheidsdatum en verpakkingsdatum; verse eieren zijn tot 4 weken na de legdatum houdbaar in de koelkast. De uiterste houdbaarheidsdatum staat op het ei zelf. De legdatum van de eieren wordt vermeld op de doos.

  • Bewaar geen restjes van gerechten met rauwe eieren.

Over eieren en gezondheid
Eieren zijn klein van stuk, maar staan bol van voedingsstoffen die belangrijk zijn voor ons lichaam.

Rijk aan eiwitten, arm aan calorieën
Eieren zijn een goede bron van hoogwaardige eiwitten. Ze bevatten alle essentiële aminozuren in een goede verhouding. De eidooier is een goede bron van ijzer en tal van vitaminen. Eieren bevatten de antioxidanten die mogelijk bescherming bieden tegen ouderdomsgebonden oogziekten zoals cataract. Een gemiddeld gekookt ei (ong. 60 g) levert slechts 90 kcal.

Hoe zit het met de cholesterol ?
Het wit van ei is vrij van cholesterol, de eidooier bevat gemiddeld 200 mg cholesterol. Het ei heeft in vergelijking met andere bronnen van cholesterol het geluk relatief arm te zijn aan calorieën en verzadigde vetzuren. Deze laatste hebben een belangrijker effect op het bloedcholesterolgehalte dan cholesterol uit voeding.

Meer dan de helft van het vet in een ei is bovendien onverzadigd. Dat zijn goede vetten, die het cholesterolgehalte helpen verlagen in het bloed en mogelijk het risico op hart- en vaatziekten verminderen.

paasanimatie.gif

Over andere troeven van het ei

Niet duur
Een ei doet de portemonnee geen geweld aan. Kwaliteit voor weinig geld. Wat moeten we meer ?

Makkelijke bereiding
Je hoeft geen keukenpiet te zijn om met eieren aan de slag te gaan.

Gevarieerd en creatief
Met eieren kan je eindeloos variëren. Hardgekookt, zachtgekookt, gebakken, roerei, omelet, spiegelei, gepocheerd,...

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 23:50 Reageer op dit bericht

Kwalen van het paard (Yradja)

Kwalen van het paard

Het medisch onderzoek
Wanneer uw paard ziek of kreupel wordt, moet u altijd de veearts waarschuwen. Bovendien moet hij een aantal routinehandelingen verrichten om ziekte te voorkomen.
Een volledig onderzoek kunt u elk moment van het jaar laten doen. Na een inenting mag het paard echter vier of vijf dagen geen zwaar werk verrichten, voor het geval er neveneffecten zoals een stijve nek optreden. Geef hem een grondige poetsbeurt en krab zijn hoeven uit. Controleer, terwijl u dit doet, alvast zelf de huid, hoeven en benen, voor het geval u daar vragen over hebt. Het controleren van het gebit van een paard dat pas heeft gegeten, is riskant. Geef hem zijn voer een uur van tevoren en laat hem geen stro of hooi eten.
Tetanusspuit
Dit is een essentieel onderdeel van het jaarlijks onderzoek. Inenting, vooral tegen de ernsige ziekte tetanus, is een van de belangrijkste dingen die u voor de gezondheid van uw paard kan doen. Een paard kan gemakkelijk tetanus krijgen wanneer een wond met tetanusbacillen, die in de grond leven, besmet raakt. Paarden hebben een grotere kans op besmetting omdat deze bacteriën soms in hun darmen aanwezig zijn. Als de darmwand beschadigd wordt, kunnen de bacillen in het lichaam vrijkomen en tetanus veroorzaken. Een paard moet permanent tegen tetanus worden ingeënt: twee maandelijkse inentingen, gevolgd door een herhalingsinenting een jaar later, en vervolgens een inenting om de twee tot drie jaar. Een paard dat niet regelmatig wordt ingeënt, moet elke keer als hij een snijwond of diepe wond oploopt, het serum toegediend krijgen. Dit serum werkt onmiddellijk, maar niet langer dan drie tot vier weken.
 
Griep
hoest.gif
Dit is ook een vervelende ziekte die zeer snel epidemische vormen kan aannemen. Het paard kan er tevens een nare hoest aan overhouden die verscheidene maanden kan aanhouden. Het paard moet in eerste instantie twee maal worden ingeënt met een tussentijd van 21 tot 92 dagen, gevolgd door een herhalingsinenting een half jaar later, waarna hij elk jaar wordt ingeënt.
 
Het gebit
gebit.jpg
Het op een na belangrijkste onderdeel van het jaarlijks onderzoek is de gebitscontrole. Ideaal gesproken moeten de boven- en onderkiezen precies op elkaar passen, en door het constant vermalen van voedsel gelijkmatig afslijten. In werkelijkheid staan de bovenkiezen iets meer naar buiten dan de onderkiezen, waardoor de binnenste randen van de bovenkiezen en de buitenste randen van de onderkiezen meer slijten. De buitenste randen van de bovenkiezen blijven scherp en snijden in de wang, terwijl de binnenste randen van de onderkiezen in de tong snijden. Bovendien krijgt het paard alleen voldoende voedingsstoffen binnen als hij het voedsel goed kan kauwen. Anders wordt het maar half verteerd of valt het uit zijn mond. De veearts kan de scherpe randen bijvijlen en het maaloppervlak van de kiezen bijwerken.
 
Wormen en wormkuren
wormen.jpg
In het wild grazen paarden over uitgestrekte gebieden en hebben ze zelden last van wormen. De domesticatie van het paard en het beperken van zijn graasgebied heeft het wormprobleem doen ontstaan. Paarden moeten dan ook regelmatig een wormkuur hebben.

De wormen die in het lichaam van elk paard leven, zijn parasieten. Hoewel het moeilijk, zo niet onmogelijk is om worminfecties helemaal te laten verdwijnen, kunt u toch het een en ander doen om de gezondheidsproblemen die wormen veroorzaken te reduceren. Regelmatig ontwormen heeft twee voordelen:

  • u bevordert de gezondheid van het paard als u hem van schadelijke volwassen wormen en larven verlost
  • u verkleint de kans op besmetting in de wei

De wormkuur is slechts een onderdeel van de bestrijding van worminfecties. Door het weiland zo nu en dan te laten rusten, de mest enkele keren per week te verwijderen kunt u ook het risico voor paarden verkleinen.

 
Koliek
koliek.jpg
Om koliek of ernstige buikpijn te voorkomen moet u uw paard regelmatig ontwormen, topkwaliteit voer geven, en hem niet zo hongerig laten worden dat hij zich overeet. Koliek kan diverse oorzaken hebben, en als u vermoedt dat uw paard aan deze pijnlijk kwaal lijdt, moet u de veearts waarschuwen.

Sommige vormen van koliek zijn ernstiger dan andere, maar de symptomen komen overeen. Het paard kijkt naar de buik en probeert er wellicht naar te bijten. Hij krabt met zijn voorhoeven, kreunt en begint te zweten. Hij gaat herhaaldelijk rollen, maar schudt zich niet wanneer hij weer opstaat. Een veearts zal allereerst de oorzaak proberen te achterhalen.

  • Spasmodische koliek komt het meeste voor. Deze wordt veroorzaakt door darmkramp. Als een paard ongeschikt voer eet, zich volpropt of ijskoud water drinkt, kan hij deze vorm van koliek krijgen.
  • Windkoliek wordt veroorzaakt door een opeenhoping van gas in de darmen en treedt vooral op na het eten van voedsel dat in de darmen gaat gisten. Te grote hoeveelheden suikerbietpulp kunnen dit effect hebben.
  • Consitipatie treedt op wanneer onverteerbaar voedsel zich in het lichaam ophoopt en de darmen blokkeert. Voedsel met een hoog gehalte houtachtige vezels of slech geprepareerd voer met zand en gruis kunnen de oorzaak zijn.
  • Obstructie treedt op wanneer de darm verdraaitd raakt. Obstructie kan uit andere vormen van koliek of andere ziektes volgen, of op zichzelf staan? Het is een zeer ernstige aandoening waarbij een chirurgische ingreep vaak noodzakelijk is.
  • Thrombotische embolie is een van de gecompliceerdste oorzaken van koliek. Het wordt veroorzaakt door larven die tot de bloedvaten van de darmen zijn doorgedrongen. Ze tasten de wanden van de bloedbaten aan, waardoor bloedproppen onstaan die de bloedtoevoer blokkeren. Deze aandoening kan vaak niet met medicijnen behandeld worden. Deze vorm van koliek kan echter vrij eenvoudig voorkomen worden door wormkuren.
 
Lamininitis
Laminitis.jpg
Laminitis is een van de meest voorkomende oorzaken van kreupelheid. Deze zeer pijnlijke ziekte treedt op als er iets mis is met de hoefstructuur. Laminitis is niet besmettelijk, en het is zelden het gevolg van voetproblemen. Het ontstaat doordat elders in het lichaam van de pony giftige stoffen vrijkomen die de bloedtoevoer naar de voet aantasten. Deze stoffen komen met name vrij in de darmen na het eten van te veel proteïnerijk voer. Het spijsverteringsstelsel van een pony is geschikt voor het verteren van kleine hoeveelheden vezelig, moeilijk te verteren boedsel. Grote hoeveelheden concentraten of mals, proteïnerijk voorjaarsgras kan een pony nier verwerken. De meest voorkomende oorzaak van laminitis is dus door het eten van te veel mals gras in het voorjaar of vroege zomer, vooral als de grond met kunstmest behandeld is.
 
Laminitis veroorzaakt veel pijn waardoor het paard weigert te staan of te lopen. Gaat hij wel staan of lopen, neemt hij een bepaalde houding aan, met de acherbenen onder zijn lichaam om zoveel mogelijk gewicht te kunnen dragen, en zijn voorbenen vooruit om het gewicht naar de hielen te verplaatsen. Hij loopt met korte passen op zijn hielen. De voeten voelen warm aan. Waarschijnlijk heeft hij koorts en een kloppende slagader aan de achterkant van de koot.
 
Het paard moet dadelijk door een veearts behandeld worden voordat de hoef te zeer vergroeid is. Hij zal een pijnstillende injectie geven en poeders achterlaten om de pijn te verzachten. Door het paard te laten lopen wordt de bloedtoevoer bevordert naar de voeten. De pijn zal verminderen terwijl hij beweegt.
 
Verrekkingen en spat
kreupel.jpg
Verwondingen aan de benen komen vaak bij paarden voor. Kreupelheid en andere problemen koen zich voor bij niet fitte paarden die te hard moeten werken.
Verrekkingen treden bij zware inspanning op. Als u een niet fit of moe paard laat galopperen, zijn de spieren niet meer soepel genoeg om stoten op te vangen. De meeste verrekkingen komen in de voorbenen voor. De beste manier om te voorkomen dat uw paard iets verrekt, is hem alleen te laten galloperen als hij fit is en niet te forceren als hij moe is.
Bron : de wondere wereld der paarden (Marianne Neven)



Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:49 Reageer op dit bericht

Laat jonge haasjes alleen zitten (Knudde1)


Laat jonge haasjes alleen zitten
AMSTERDAM  -  Pasgeboren haasjes die alleen in het veld zitten, moeten met rust gelaten worden. Dat zeggen dierenasielen die elk voorjaar massa's haasjes krijgen aangeboden door mensen die niks van de natuur begrijpen.
Haags Haasje
Foto: van leeuwen

Pasgeboren haasjes horen namelijk alleen te zitten. De moeder komt vanwege de veiligheid maar één keer per dag bij haar jong om het te voeren en verdwijnt dan meteen weer, zegt opvang de Fûgelhelling in Ureterp tegen de Leeuwarder Courant.

Ook reekalfjes en uilskuikens worden veel te snel meegenomen door overbezorgde dierenliefhebbers.

Vorig voorjaar werden alleen in Ureterp al dertig hazenjongen bij de opvang gebracht die geen hulp nodig hadden als de mens ze met rust had gelaten. Deze week kwamen al weer drie jonge hazen binnen, aldus de krant.

Mensen staan steeds verder van de natuur af en weten niet meer wat normaal is in de beestenwereld, zegt een woordvoerder van de opvang als verklaring voor de overbezorgdheid. (de telegraaf)



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:47 Reageer op dit bericht

Lieveheersbeestjes

Lieveheersbeestjes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Kop van het zevenstippelig lieveheersbeestje
Kop van het zevenstippelig lieveheersbeestje

Lieveheersbeestjes zijn leden van de tot de kevers behorende familie Coccinellidae.

Algemeen

Ze zijn gekenmerkt door een ronde, zelfs vaak halfbolvormige vorm met korte pootjes die net als de kleine antennen onder het dek- en nekschild kunnen worden teruggetrokken. Ze hebben vaak rode, gele, witte en zwarte kleuren en zijn vaak gestippeld.

De grootte van de Nederlandse soorten ligt tussen 2 en 10 mm; in Nederland komen een zestigtal soorten voor. De kevers en de larven zijn meestal predatoren van o.a. bladluizen (die vaak worden beschermd door mieren vanwege hun zoete afscheiding), maar er zijn ook lieveheersbeestjes met een plantaardig dieet.

Hoewel de meeste lieveheersbeestjes felle rovers zijn is het diertje zelf symbool van een aantal instellingen en verenigingen met een goed doel, o.a. de Vereniging Het Zonnehuis voor verpleging van langdurig zieken en de Landelijke Beweging Tegen Zinloos Geweld .

De meeste lieveheersbeestjes leven ongeveer een jaar. Het aantal stippen zegt dus niets over de leeftijd. De kleur en de vlekken op de dekschilden spelen wel een belangrijke rol bij het op naam brengen van de verschillende soorten lieveheersbeestjes.

Kenmerken

Net als de boktorren , de snuitkevers , de bladhaantjes en de loopkevers , maken de lieveheersbeestjes (Coccinellidae) deel uit van de orde van de kevers (Coleoptera). Deze insecten zijn te herkennen aan de aanwezigheid van dekschilden, een stevig en ondoorschijnend omhulsel dat ontstaan is door de omvorming van de voorvleugels, waaronder zich de vliesvleugels bevinden (coleos = etui).

Lieveheersbeestje kunnen soms sterk gelijken op andere kevers of zelfs op sommige wantsen. Het zorgvuldig kijken naar de 'extremiteiten' (poten, antennes, monddelen) kan nuttig zijn bij het vermijden van verwarring tussen lieveheersbeestjes en andere kevers met gevlekte en gekleurde dekschilden. Een voorbeeld van gelijkende kevers zijn de mierenzakkevers uit de familie bladhaantjes . De tarsen van lieveheersbeestjes zijn cryptotetrameer, wat betekent dat ze bestaan uit 3 goed zichtbare leden en een uiterst klein, vierde lid dat verborgen zit tussen de 2 lobben van het tweede lid. De antennen bestaan uit 8-11 leedjes en zijn verbreed tot een knots aan het uiteinde. Het laatste lid van de kaaktasters is bijlvormig.

De larven lijken van afstand op kleine rupsjes , maar hebben zes kleine looppootjes aan de voorzijde. Larven van veel soorten zijn stekel-achtig behaard en hebben felle gele en rode kleuren. De larven van verschillende soorten zien er vaak verschillend uit. De pop van een lieveheersbeestje lijkt een beetje op een druppel en is meer bruin van kleur.

Chemische afschrikking

Als je een lieveheersbeestje "pest" door zachtjes op hem te drukken dan produceert hij een gele vloeistof. Dit gedrag heet "reflexbloeden". De vloeistof (hemolymfe), die tevoorschijn komt bij het femoro-tibiale gewricht van de poten, heeft een kwalijk geurtje en smaakt erg bitter. Vogels die een lieveheersbeestje oppakken proeven dit bloed en laten hem dan soms snel vallen. Het rood met zwarte kleurpatroon is dan ook te beschouwen als een waarschuwing. Dit ziet men vaak bij insecten of andere dieren die hun giftigheid of vieze smaak adverteren door een felle kleur en wordt aposematische kleuring genoemd. De vieze smaak wordt veroorzaakt door een alkaloïde dat per lieveheersbeestje verschilt. Er is aangetoond dat deze vloeistof van het zevenstippelig lieveheersbeestje giftig is voor koolmeeskuikens. Die van het tweestippelig lieveheersbeestje niet.

Veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje

Het lijken verschillende soorten, maar zijn allemaal variaties van 1 soort, het veelkleurig lieveheersbeestje.
Het lijken verschillende soorten, maar zijn allemaal variaties van 1 soort, het veelkleurig lieveheersbeestje.

Lieveheersbeestjes worden o.a. gebruikt om bladluizen op een natuurlijke manier te bestrijden (bio-tuinbouw). Een om deze reden ingevoerde Aziatische soort, het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje (Harmonia axyridis (Pallas)) blijkt een invasieve soort die in Europa inmiddels vaste voet heeft gekregen en o.a. in Engeland (voor het eerst waargenomen in 2004), België en Nederland voorkomt. Ze hebben veel verschillende mogelijke tekeningen, van vrijwel oranje tot vrijwel zwart, maar zijn herkenbaar aan de zwarte 'M'-vormige tekening op het halsschild (pronotum ) en het van achteren vaak wat geplooide of gedeukte rugschild (elytrum ). De verspreiding wordt wetenschappelijk bestudeerd. Het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje is een agressieve predator en bij gebrek aan luizen worden ook andere soorten lieveheersbeestjes, rupsen en vlindereitjes opgegeten, waardoor ze een bedreiging vormen voor de inheemse soorten.

[ bewerk ] Etymologie

De naam lieveheersbeestje is een herinnering aan de tijd dat de Germanen in Europa gekerstend werden. De bestaande Germaanse naam voor het kevertje, Freyafugle , vogel van de godin Freya , werd verchristelijkt tot onzelievevrouwebeestje of lieveheersbeestje. De eerste vertaling leeft voort in het Duits (Marienkäfer ) en Engels (ladybird ); de tweede in het Nederlands en Frans (bête à bon Dieu , al is coccinelle gebruikelijker). De Franse naam is in het Iers verbasterd tot bóín Dé , wat ook Gods koetje kan betekenen.

[ bewerk ] Streeknamen

  • Nederlands : kapoentje , oliebeestje, Stippelbeestje
  • Brabants : boerinnetje, boterbeestje, fowieltje, hemelbeestje, hennetje, kezenmolletje, jezusjesbeestje, koffiekuikentje, liefhennetje, liefvrouwebeestje, liefvrouwemuisje, lieve marijtje, lieveheerhennetje, lieveheerspaardje, lievehereminnetje, lievelammetje, mariabeestje, poppennonnetje
  • Fries : krúpelhintsje, ingeltsje, earmpiekje
  • Limburgs : sjmautwurmke,(s)-levenierepaerdje, pimpernelletje, smoutwormpje, tierenhennetje, vliegmusje, onzelievevrouwpulletje, mulderinnetje, molentandje, muuëletêntje ( Weert ), moedergodssterretje, lieveherebolletje, kevelewormpje, kaevelebieësje ( Nederweert ), draaihennetje, goudbeestje, hemellammetje, oliebeestje, (s)-lievrouwbiske (Sint-Truiden), slivveniersbieske ( Maastricht )
  • Nedersaksisch : kukeluusjen, kukeluutjen ( Nunspeets ), kukelesaantje ( Bunschoten ), keukediefien, kukediefien ( Urkers ), mariabeestje, zönnekuukske ( Twents ), zönnekuuknje ( Rijssens ), kroontien, herenhoentien ( Stellingwerfs ), laiveneertiekje ( Gronings ), armmarmottie ( Drents )
  • Vlaams : (onze)lieveheer(s)(e)beestje, (onze)lievevrouw(e)beestje, piempampoentje, hemelbeestje, pieternel(letje), pieternellebeestje, piepauw(tje), piepebontje, pimpajoen(tje), pimpaljoen(tje), pimpompulletje
  • Zeeuws : kok'aentje, kok'aontje, lieve vrouwke, lie:vevrouwebêêstjen, pàpoe:nebêêsje, pampoe:ntje, piempampoe:ntje, pieternelleke, pimpampoe:ntje

Bron: Wikipedia
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:45 Reageer op dit bericht

Pasen!!! (Knudde1)


SLAZENGER-BEACH-SHORTS19185.jpg
Nieuwe kledij voor de Sint

1986_Inuït_vrouwen.jpg

Nieuwe kledij voor de paashaas
kerk_klokken.jpg
Voor de klokken verandert er niets, die hebben nu zelfs gratis koeling.
Vanaf nu een zonnige Sinterklaas en een witte Pasen
dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 23:42 Reageer op dit bericht



Animaux

Murenen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie , zoeken
Murenen

Gymnothorax polygonius
Taxonomische indeling
Rijk : Animalia (Dieren)
Stam : Chordata (Chordadieren)
Klasse : Actinopterygii (Straalvinnigen)
Orde : Anguilliformes (Palingachtigen)
Familie
Muraenidae

De murenen (Muraenidae ) of moeralen vormen een familie straalvinnige vissen uit de orde van palingachtigen (Anguilliformes). Er zijn circa 200 soorten, verdeeld over 15 geslachten. Murenen komen voor in zowel zee-, brak- als zoetwater en komen verspreid over de gehele wereld voor.

Inhoud

[ verbergen ]

[ bewerk ] Habitat

Moeralen komen vooral voor in tropische en subtropische wateren tot op dieptes van wel 200 meter. Zij brengen de meeste tijd door in holtes of rotspleten. Zij scheiden een beschermend slijm af dat hun schubloze huid bedekt, dat bij sommige soorten giftig kan zijn. De kleine ronde kieuwen, ver achter de bek op hun flanken gelegen, maken dat moeralen gapen om de ademhaling te vergemakkelijken.

[ bewerk ] Anatomie

Murenen kunnen een lengte van 1-2 meter bereiken. De rugvin strekt zich uit van net achter de kop over de rug waar hij naadloos aansluit op de staart- en aarsvin. De meeste soorten missen de borst en buikvinnen, wat bijdraagt tot hun slangachtig uiterlijk. Hun ogen zijn klein en moeralen zijn vooral afhankelijk van hun sterk ontwikkelde reukvermogen als zij in hun schuilplaats hun prooi afwachten. Soms kunnen zij ook hun schuilplaats verlaten om een reukspoor te volgen. Het lichaam is gevlekt tot in de bek toe, hetgeen een camouflerend effect heeft. Zij hebben brede kaken en een vooruitstekende snuit. Zij bezitten grote scherpe tanden waarmee zijn hun prooi in stukken scheuren alvorens deze te verorberen. Achterin hun keel hebben zij nog een stel kaken die naar voren komen om de prooi te verorberen. Zij kunnen ook aan mensen ernstige verwondingen toebrengen, bijvoorbeeld als deze hun hand in de schuilplaats steken.

[ bewerk ] Voedsel

De meeste soorten zijn vleesetend en voeden zich vooral met vis, koppotigen , schaal- en weekdieren. Zij wachten totdat hun prooi dicht genoeg is genaderd, en springen dan uit hun schuilplaats naar voren om hun prooi te grijpen. Vele soorten zijn vooral in de nacht actief. Zij vormen zelf alleen een prooi voor zeebaarzen , andere moeralen en barracuda ’s. Er wordt ook op hen gevist, maar sommige soorten kunnen de ciguatera voedselvergiftiging veroorzaken. Murenen worden soms door duikers met de hand dode vis gevoerd.

Gymnothorax mordax
Gymnothorax mordax
Reuze murene (Gymnothorax javanicus)
Reuze murene ( Gymnothorax javanicus )

[

dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   

Bron : Wikipedia
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 18:06 Reageer op dit bericht

Sociale hiërachie bij honden

Sociale hiërachie bij honden

Als onderdeel van de lange-termijn studie van Dr Beach naar de verschillen in endocrinologische gedrag tussen reuen en teven (uitgevoerd door de Universiteit van Californie, Berkley), onderzochten we de verschillen in sociale rang en agressiviteit * tussen de twee sexen. De resultaten waren zo goed dat voor bijna 10 jaar het onderzoek zich voornamelijk richtte op de sociale rangen.

Sociale rang werd in het begin voornamelijk gebaseerd op de resultaten van het observeren van twee honden met 1 bot (dyadic bone tests) en door het observeren van de gehele roedel. Welke honden hadden het eerste toegang tot waardevolle en/of beperkte zaken zoals slaapplaatsen, voedsel, water, speelgoed enz.
De standaard "bot"testen bestond uit twee onderdelen:
- het eerste deel was de gelijke-kans test, waarin een bot (een grote vlezige ossestaart) tussen twee honden ingegooid werd. Voor 90 seconden werd de dan volgende interactie tussen de twee honden geobserveerd (bezit, toenadering, vocalizatie, bedreigingen, enz. enz.)
- daarna volgde de bevestigende test, waarbij het bot gegeven werd aan de 'underdog' voor 30 seconden, waarna een hond die hoger in rang stond los gelaten werd en er weer voor 90 seconden geobserveerd werd.

Gevestigde Hiërarchie

Reu - Reu

Een onderzoek naar de onderlinge verhoudingen bij reuen toonde een absoluut lineaire hiërarchie, met uiterst zeldzame variatie tijdens de bijna 10 jaar durende testen. Onafhankelijk van de situatie, werd het eigendom van het bot (of welke waardevolle goederen dan ook) van te voren al bepaald door de rang van de betrokken honden.

Teef - Teef

De teven hadden een gelijkwaardige lineaire hiërarchie, maar in vergelijking met de reuen varieerden de rangen van dag tot dag. Het succes van een teef hing vaak van de situatie af. Bijvoorbeeld, als beide teven eveneel kans hadden om het bot te pakken, werd het eigendom voornamelijk bepaald door rang. Maar als een teef al in het bezit  was van het bot, was het niet ongebruikelijk dat ze dit bot succesvol verdedigde tegenover teven die hoger in rang (en soms reuen hoger in rang) stonden.

Reu - Teef

Aangezien reuen meestal sterker en groter zijn dan teven, was het niet verwonderlijk dat de reuen meestal hoger in rang stonden en in bijna 80% van de testen het wonnen van de teven. Toch waren er ook teven die hoog in rang stonden en in sommige groepen was de 'top dog' een teef.

De groepsstructuur

Reuen en teven hadden verschillende, duidelijke hiërarchieën binnen de groepshiërarchie, een bijna vaste lineaire bij de reuen, een een meer flexibelere bij de teven.
Binnen de groep als geheel variëerden de hiërarchiën  van dag tot dag. Bijvoorbeeld: de twee top honden waren meestal Ken en Eddie, met Cassius en Joan die beiden voor de 3e plaats gingen. Toch waren er ook dagen dat de eerste drie posities door teven die hoog in de rangorde stonden werden ingenomen. Het was alsof de teven op die dagen tegen de reuen zeiden dat ze het niet moesten proberen... en dat deden ze dan ook niet.

Gewoonlijk liepen de sociale contacten binnen de groep gemakkelijk en het grootste gedeelte van meningsverschillen tussen de honden werd opgelost afhankelijk van de rangorde.
Lawaaierige en voortgezette ruzies kwamen vrijwel niet voor en als ze al voorkwamen dan alleen tussen de honden die in de rangorde ergens in het midden stonden.
Sterker nog, grommen, snauwen, uitvallen en vechten waren duidelijke vormen van onzekerheid en het gebrek aan zelfvertrouwen die hoorden bij de 'middelste' honden en dan voornamelijk de reuen.
Het is logisch dat reuen die hoog in de rangorde staan weinig reden hebben om te dreigen of te vechten, en honden die laag in de rang staan zouden niet echt slim zijn als ze zoiets zouden doen.

De 'middelste' honden verspillen een heleboel tijd met stoer doen, pronken en luidkeels hun bezit laten zien als ze een bot hebben.
Honden die hoog in de rangorde staan doen dit niet en beginnen gewoon met het belangrijkste, lekker kauwen op het bot.
Sterker nog, zelfverzekerde, hoog in de rang staande reuen deelden vaak hun bot met andere honden, hoewel het meestal de teven waren die daartoe bereid waren.
Maar als een reu besloot dat hij het lekkerste deel van het bot wilde, ging de teef vrijwillig aan de kant om aan het minder vlezige deel van het bot te knagen. Ook al wilden sommige teven graag het bot van een hoog in de rang staande reu delen, zelf waren ze niet zo happig om hun bot te delen met andere honden. Veel teven waren zelfs erg succesvol in het weghouden van hun bot, zelfs tegenover ranghogere reuen. Wanneer ze bijvoorbeeld benaderd werden door een 'midden' reu die met veel lawaai het bot op kwam eisen negeerden ze deze reu gewoon totdat hij door had dat zijn acties geen resultaat hadden en weg liep.

De tweezijdige verhoudingen vertegenwoordigen de bouwstenen voor groepsstructuur, maar observaties van de hele groep lieten vele variaties en complexiteiten zien, meestal in het voordeel van de honden die lager in rang staan.
Als het bot bijvoorbeeld in een groep van 20 honden werd gegooid lukte het de lagere honden vaak om een paar stukken vlees van het bot te bijten voordat een hogere hond het bot afpakte.
Ken, Joan en Doris hadden een interessante driehoeksverhouding. Doris was altijd de eerste bij het bot en nam een paar happen voordat Joan het bot afpakte om er op te gaan kauwen. Ken liep daarna naar Joan  en nam terloops bezit van het bot, waarop Joan de aftocht blies en Doris al kwispelend op haar goede vriend Ken afliep om samen het bot te delen.

Ook al geeft de sociale hiërarchie algemene richtlijnen betreffende de groepsinteractie, toch waren er veel unieke rangwisselingen, vooral tussen honden die goede vrienden waren.
Joe en Cassius waren een interessant stel, één week na elkaar geboren en altijd samen, ze aten samen, speelden samen, sliepen samen en... als er onenigheid in de roedel was, dan was het meestal Cassius die gromde en snauwde naar Joe. Joe reageerde bijna nooit op deze vertoningen en liep meestal weg zodat Cassius met zijn kleine pootjes in z'n eentje een kleine woedeaanval kon uiten. Ook al werd Cassius over het algemeen als hoger in rang beschouwd, het leek er verdacht veel op dat Joe gewoon te 'cool' was om zich iets aan te trekken van onzinnige dingen zoals bezit en als Cassius zich op ging winden over een onbelangrijk bot dan vond Joe het maar makkelijker om Cassius dan dat bot maar gewoon te geven. Trouwens, ik heb 2x gezien dat Joe Cassius in 1 klap stopte tijdens een uitbarsting door niets meer te doen dan een passerende blik te geven.

Een interessant punt in het onderzoek was toen de 'top dog' Ken stierf  van ouderdom. De rangorde paste zich toen zo aan dat de rang van de 5 top honden precies omgekeerd gelijk was aan hun gewicht.
De nummer 1 was de kleinste hond, de nummer twee was de op een na kleinste hond enz. enz. Whip, de grootste hond van de roedel was zelfs de 'underdog'. Onderzoeken naar gevestigde hiërarchieëen leveren soms verrassende resultaten op. Deze resultaten kunnen alleen maar succesvol geinterpreteerd worden als de ontwikkeling van de hiërarchie geanalyseerd wordt.

Het ontwikkelen van een hiërarchie

Wanneer een hongerige pasgeborene geconfronteerd wordt met een bezette tepel heeft hij een paar opties: de huidige voeder verdringen of op zoek gaan naar een tepel die nog niet bezet is.
Een analyse van het verdedigen van een tepel of het afpakken van een tepel laat zien dat er zo vroeg als twee weken al sprake is vaan rudimentaire hiërarchie. De rangen zijn dan voornamelijk gerelateerd aan het lichaamsgewicht, grotere pups waren in staat om andere pups van een tepel weg te duwen en kregen daardoor primaire toegang tot de melk, waardoor ze weer zwaarder werden. Verder was rangorde ook afhankelijk van sexe, reuen (vaak zwaarder) waren daarom hoger dan teven.

Pup - Pup relaties in het nest

'Dyadic bone tests' en groepstesten lieten zien dat binnen elk nest de 'top dog' en de 'underdog' zonder twijfel met 8 weken was vastgesteld. De honden die ver boven of onder in de rang staan hebben unieke social posities, omdat beide generaliserend kunnen zijn in hun sociale relaties. De 'top dog' neemt aan dat hij hoger in rank staat dan alle andere honden en de laagste hond leert dat alle honden hoger zijn dan hem. De pups die daar tussenin zitten hebben het daarentegen een stuk moeilijker, omdat sommige pups hoger dan ze zijn en sommige lager. De rangorde tussen deze pups werd pas duidelijk toen ze een maand of drie waren. Een stabiele lineaire hiërachie, waarbij de reutjes en/of grotere pups een hoge rang hadden.

Pup - Pup relaties buiten het nest

Elk nest groeide samen op met hun moeder in hun eigen ruimte, zowel binnen als buiten. Toen 3 van de nesten 10, 12 en 16 weken oud waren werden ze samen in een grote leefruimte gezet samen met 12 volwassen honden (waaronder de ouders).
De relaties tussen de nestgenoten bleven stabiel en in het begin had de onderlinge rangorde ook invloed op de rangorde tussen alledrie de nesten. De pups die in hun eigen nest hoog stonden, waren dit ook bij alle drie de nesten en hetzelfde gold voor de honden die laag stonden.
Voorbeeld hiervoor was dat de 'top dogs' van elk nest samen de drie hoogste pups van de nieuwe groep werden en de laagste pups van elk nest vormden samen ook de drie laagste pups van de gehele groep.
Toen de pups elkaar wat beter leerden kennen veranderde dit na ongeveer een week. De oudste pups die laag stonden kregen door dat ze in staat waren om boven de jongere 'top dogs' te staan, omdat ze groter en ouder waren.
Nadat de pups dus met andere pups van verschillende leeftijden gesocialiseerd werden waren de meest belangrijke eigenschappen van een 'top dog' leeftijd en geslacht, reutjes en dan vooral de oudere reutjes waren over het algemeen de hoogste in rang. Op deze leeftijd maakte zelfs een klein verschil in leeftijd een groot verschil in het voordeel van de oudste pup.

Pup - Volwassene relaties

Op een dag na het doen van tests zagen we dat de pups aan het  vechten waren  voor een bot.
De hoogste pup, James, won het bot, waarop alle andere honden om hem heen gingen staan en naar hem  keken terwijl hij op het bot kauwde.
Het was duidelijk dat geen van de andere pups de intentie had om het bot weg te pakken en het leek er ook op dat de volwassen honden ook die moeite niet wilden nemen.
Na een tijdje kroop Doris, een teefje, laag geklasseerd  op de ranglijst, maar zeer oppurtunistisch, dichter naar James toe en trok ze zachtjes aan het bot. James gromde, liet z'n tanden zien, viel uit en gaf uiteindelijk het bot af. 
Vanaf dat moment ging het bot snel van poot tot poot, van Doris naar Joan naar Cassius en uiteindelijk naar Eddie, de hoogste hond. Dit incident had als resultaat dat we twee jaar lang testen hebben gedaan tussen volwassenen en pups (van deze en andere nesten).

In de gelijke-kans testen waren het altijd de volwassen honden die het bot pakten en die nooit een pup dichtbij lieten komen.
Bij de bevestigende test daarentegen, waarin de twee maand oude puppies het bot kregen, namen volwassen teven nooit het bot af en volwassen reuen deden dit maar in 40% van de gevallen.
Toen de puppen eenmaal 6 maanden oud waren, pakten de teven in 60% van de gevallen wel het bot af en de reuen deden dit in alle gevallen.
Het was duidelijk dat volwassen honden, en dan voornamelijk teven, erg makkelijk waren tegenover jonge pups in sociale situaties.
Het einde van deze 'pup-toegeeflijkheid' wordt bepaald door het stijgen van het testosteron niveau in mannelijke pups als ze ongeveer 4 a 5 maanden oud zijn. Het testosteronniveau is het hoogst  op 10 maanden (4-5 ng/ml), waarna het weer daalt tot ze het volwassen niveau bereikt hebben (1-2 ng/ml).
Als de pups de  adolescentie (fase tussen kindertijd en volwassenheid) bereiken worden ze continu lastig gevallen door de volwassen honden.
De jonge reuen werden vooral lastig gevallen door de volwassen reuen.
Deze stressvolle fase van de  sociale ontwikkeling duurt maar kort, omdat de pups snel leren dat ze actief en overdreven onderdanige signalen moeten laten zien om het lastiggevallen worden af te wenden. 
Met andere woorden: de pups leren hun sociale plaats in het  leven voordat ze oud genoeg zijn om serieuze competitie te zijn voor de volwassenen.

Enkele mannelijke adolescenten, en dan vooral die hoog in rang staan, begonnen laag in rang staande teven uit te dagen.    Alle uitdagingen tegen volwassen reuen waren niet succesvol, ook al bleken de jonge reuen wanneer ze uitgegroeid waren, meestal groter te zijn dan de volwassen reuen.

De kans op wisseling van rangorde is groter bij gedomesticeerde honden, door het enorme grootte verschil tussen de rassen. Ook menselijke interventies  kunnen problemen geven, toch is het niet ongewoon dat een veel kleinere volwassen hond een hogere rang heeft dan een veel grotere jonge hond van een ander ras.

De relatieve grootte en kracht is het belangrijkste bepalende punt van de  rangorde in elk  fase van de ontwikkeling. Maar als de pups (van hetzelfde ras) eenmaal opgegroeid zijn en hun posities bepaald zijn binnen een gevestigde volwassen hiërarchie is er geen relatie meer tussen rangorde en volwassen gewicht.
Sociale hiërarchiën moeten altijd gezien worden  in een ontwikkelende context. De hiërarchie van de hierboven genoemde roedel werd niet bepaald door het volwassen gewicht, maar door de  leeftijd.
Cassius was als volwassen reu groter dan Eddie, maar in de eerste 6 maanden van zijn leven stelde hij niks voor in vergelijking met de drie jaar oude en zeer macho Eddie.


Dit artikel is gebaseerd op Dr. Dunbar's gedrags column in de uitgave van de American Kennel Gazette van Juli 89, vertaald met toestemming van de auteur.

Ian Dunbar PhD, BVetMed, MRCVS
copyright 1989 Ian Dunbar

(Honden-gedrag/Nederland)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:47 Reageer op dit bericht

Verhuizen.. en poes mag mee !!


Rustige kamer
Je bent druk bezig met  het inpakken van je spullen, hetgeen voor hem  een heel erg onrustige situatie oplevert.  Zet hem daarom tijdens de verhuizing in een ruimte, waar het rustig blijft zoals de  badkamer. Geef hem daar te eten, te drinken en zet een kattenbak neer. Pas als alles weg is uit je oude huis en de rust een beetje is weergekeerd,  doe je je kat in een kattenmandje en breng je hem naar  je nieuwe huis. Doe daar weer hetzelfde. Zet hem in een rustige kamer tot alles in je huis is gezet en het weer een beetje rustig is geworden.

Schuilgelegenheid
Geef hem vervolgens in één van de slaapkamers een schuilgelegenheid. Dat kan een dichte doos zijn, waarin aan de zijkant een gat geknipt is, zodat je kat er door kan. Of zet een bench neer. Dat is zijn veilige onderkomen voor de eerste weken. Sluit alle deuren en ramen, voordat je kat het huis mag verkennen. In de regel zal  hij ongeveer een week nodig hebben om aan het huis gewend te raken. Echter, een kat die erg aan zijn territorium (zijn oude huis) gehecht was, zal wel een maand nodig hebben om te wennen en tot rust te komen.

Boter
Smeer de eerste dagen een klein beetje boter onder zijn poten, voordat hij het huis mag verkennen.
Hij zal de boter er aflikken en zo speeksel onder zijn poten smeren. Als hij vervolgens door het huis gaat lopen, zal hij overal een klein beetje speeksel en dus zijn eigen geur verspreiden. Pas als de kat echt gewend is, mag hij naar buiten gaan. Blijf daar de eerste keren bij en roep of breng hem na ongeveer tien minuten weer naar binnen. Zo leert hij dat binnen zijn nieuwe, veilige terrein is. 
(AVRO : Dier en natuur)


39.gif


Dit zijn inderdaad heel goede tips..
Maar ik wil er nog dit aan toevoegen...verhuis zoveel mogelijk de geuren waar de katten aan gewend zijn....met andere woorden, maak bvb de bankstel waar ze steeds op liggen te slapen niet schoon, al hangen er katteharen op, was geen meubels af met een sopje...dat  doe je best pas na een paar weken ....de kattebak...niet leegmaken en uitgewassen verhuizen, maar neem hem mee zoals ie is...en voorzie in je nieuwe huis op verschillende plaatsen een kattebak waar je ook wat van de oude bak indoet...kwestie ook hier weer dezelfde geur te behouden en een vertrouwde geur te verspreiden....

als wij jaren geleden zijn verhuisd van Duitsland ( BSD ) naar Belgie, hebben we het precies zo gedaan...tijdens de verhuis zelf zaten de 3  katten apart in een bench in de wagen...eens in het nieuwe huis heb ik meteen een kamer voor hun gemaakt met de vertrouwde geurtjes...een deken die ik weken ervoor op de zetel had gelegd, ging hier over het nieuwe bed ( in duitsland hadden we slaapkamers van de leger, dus die moesten we achterlaten) en we hebben de katten in die kamer gelaten en de deur dicht gehouden tot alles binnen in huis stond.

Door die vertrouwde geurtjes was het wel eventjes aanpassen, maar binnen een dag waren ze al over hun stress heen. Ze gingen wel op voorzichtige kattevoetjes door het huis, maar ik kon goed zien dat ze de oudere  geurtjes herkenden en de nieuwere geurtjes waren precies niet zo schrikaanjagend.


groetjes van ienie
mijn 2 blogjes...
https://blog.seniorennet.be/ieniemieniemie/
en
https://blog.seniorennet.be/bobbieke/




Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 17:28 Reageer op dit bericht

Vuil is gezond

Vuil is gezond

Een te hygiënisch leven zou kanker een kans kunnen geven.

Het is bekend dat een onhygiënisch leven mensen vatbaar maakt voor allerhande ziektes. Maar het tegenovergestelde is evenzeer waar: een overhygiënisch leven maakt kwetsbaar, omdat een lichaam niet de kans krijgt zijn afweer scherp te stellen.

Kinderen die van hun ouders niet in de modder mogen springen en geen huisdieren mogen aaien met de handjes die ze vervolgens in hun mond steken, hebben meer kans om later met allerhande allergieën te maken te krijgen dan andere kindjes. De afweer, die gewend is om systematisch bestookt te worden, krijgt te weinig werk en valt het eigen lichaam aan.

Het vakblad New Scientist meldt dat er nu ook aanwijzingen zijn dat kinderen die als peuter in een crèche zaten minder kans zouden hebben om leukemie (een vorm van bloedkanker) te ontwikkelen dan andere kinderen.

Melkveehouders zouden vijf keer minder kans hebben op longkanker dan andere mensen - een mogelijk gevolg van het regelmatig inademen van piepkleine mestdeeltjes. De recente toename van bepaalde vormen van kanker zou dus misschien ook met onze overdreven zorg om hygiëne te maken kunnen hebben.

De European Journal of Cancer beschrijft de eerste resultaten van experimenten waarbij de overlevingskansen voor bepaalde vormen van longkanker beduidend verhoogd werden door patiënten in te spuiten met een afgezwakte vorm van een bacterie die verwant is aan degene die tuberculose veroorzaakt. De bacteriën stimuleren het afweersysteem, dat vervolgens ook de kankercellen aanvalt. Een spoor dat uiteraard nader onderzocht wordt.

Dirk Draulans
(Knack-Wetenschap)

vuil22.gif


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door mailgroep om 16:01 Reageer op dit bericht

De verzorging van klauwen en hoeven

De verzorging van klauwen en hoeven

De wereld van de hoefdieren wordt verdeeld in even- en onevenhoevigen. De evenhoevigen hebben aan iedere poot twee tenen die ieder een sterk uitgegroeide nagel hebben, die ook wel de klauw wordt genoemd. Tot deze groep behoren de koeien, schapen, geiten en vele wilde herkauwers zoals herten, impala's en hartebeesten. De onevenhoevigen daarentegen hebben door de eeuwen heen aan iedere poot slechts één teen overgehouden waaraan de nagel, de hoef genoemd, sterk ontwikkeld is. Tot deze groep behoren de paarden, ezels en zebra's. De hoeven en de klauwen van de dieren die door de mensen worden gehouden (paarden, koeien, geiten, ezels en schapen) en van de dieren die in de dierentuin worden gehouden, moeten regelmatig gecontroleerd worden. Er kunnen in die klauw of hoef namelijk allerlei afwijkingen ontstaan doordat het hoorn niet goed groeit of niet voldoende slijt. Bij de drie genoemde groepen dieren gaat het daarbij steeds om andere facetten van de verzorging van klauwen of hoeven.

Paarden en ezels

De verzorging van de hoef door de eigenaar moet gericht zijn op het zo schoon mogelijk houden van de zogenaamde straal van de hoef. Deze kan namelijk bij een slechte verzorging gaan ontsteken. Daarnaast dient door de hoefsmid regelmatig het overtollige hoorn weggesneden te worden zodat het zogenaamde hoefmechanisme van de hoef niet belemmerd wordt. Door een goed hoefmechanisme treedt een goed schokbrekend effect op tijdens de bewegingen en wordt de bloedafvoer uit de hoornschoen bevorderd. Het is de taak van een hoefsmid om zoveel overtollig hoorn weg te snijden dat de hoef weer een goede vorm krijgt en het hoefmechanisme goed blijft werken. Gebeurt dat niet, dan kunnen allerlei aandoeningen ontstaan zoals draagrandscheuren, kroonrandscheuren, een gekneusde hoefzool of veranderingen van de stand van het been waardoor in het ergste geval kreupelheid kan ontstaan. Het hoorn van de hoef is soms erg hard en dan moet de smid erg hard slaan om het overtollige hoorn weg te nemen.

Gehouden evenhoevigen (met name koeien)

Bij deze dieren zijn er twee hoornschoenen onder iedere poot aanwezig. Het probleem daarbij is dat deze in een aantal gevallen niet even snel hoorn vormen of even snel afslijten. Het is vooral de buitenklauw van de achterpoten die in veel gevallen te snel groeit of te weinig slijt. Het gevolg daarvan is dat deze buitenklauw op een gegeven ogenblik het gehele gewicht moet dragen en de binnenklauw er maar een beetje bij hangt. Het gevolg is dat er kneuzingen in het levende weefsel onder de hoornschoen kunnen ontstaan waardoor die kunnen gaan ontsteken. Er kan dan een zoolzweer ontstaan waardoor de koe kreupel wordt. Om dit te voorkomen moet regelmatig (eens per 4 tot 6 weken) bij alle of een aantal koeien (hangt af van het ras en de wijze van huisvesting) het overtollige hoorn van de buitenklauw verwijderd worden.
Is er al sprake van een zoolzweer dan kan er onder de binnenklauw (die meestal heel sterk is omdat die al enige tijd geen gewicht gedragen heeft) een klauwblokje geslagen, gelijmd of gebonden worden zodat de buitenklauw kan worden ontzien.

overgenomen uit Hart voor Dieren


koe-17.gif

auteur DA H. Lommers
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:41 Reageer op dit bericht

Het Falabella paardje (Knudde1)

Het Falabella paardje                                                                                                  

Geschiedenis

De Falabella is het kleinste paardenras ter wereld. Het is een uniek en zeldzaam paardje, want in heel Europa zijn momenteel maar 359 raszuivere Falabella's te vinden. De geschiedenis van dit ras gaat een heel eind terug in de tijd. De paarden komen van oorsprong uit Argentinië. Daar leven ze in de vrije natuur in kuddes. Spanjaarden namen in de zestiende eeuw hun Andalusische paarden mee naar Latijns-Amerika in hun strijd om dit gebied te veroveren. Toen de Spanjaarden uit Latijns-Amerika vertrokken, lieten ze hun paarden achter. De dieren moesten onder zware omstandigheden zien te overleven. Door de droogte bleven uiteindelijk de sterkste paarden over. Een genetische verandering maakte de paarden geleidelijk steeds kleiner.

In 1845 ontdekte de Ier Newtall een wilde kudde voorgangers van de Falabella's bij indianen in Argentinië. Hij kocht een aantal dieren en ging er mee fokken. Zijn schoonzoon (meneer Falabella) heeft het ras verbeterd en de dieren nog kleiner gemaakt. Hij gebruikte daar andere kleine paardenrassen voor, zoals Shetlanders en kleine Volbloeden. Zo is het paard ontstaan dat we nu kennen als het Falabella paard.

Uiterlijk

Een Falabella paard is slank en fijn gebouwd. Zeker vergeleken met de bekende Shetland pony, die gemiddeld maar 20 centimeter hoger is, maar heel wat forser.

Ook de benen van een Falabella zijn slank en daardoor lijken de paarden vaak hoger dan ze in werkelijkheid zijn.
De stokmaat van een Falabella ligt tussen de 80 en 86 centimeter, maar er zijn er ook die slechts 75 centimeter zijn. De kleinste versie is trouwens een stuk kostbaarder, omdat ze zo zeldzaam zijn.

Een Falabella is dus eigenlijk een miniatuurpaard. Toch zijn lang niet alle minipaarden Falabella's. Om te kunnen zien of een paard een echte Falabella is, heeft men een DNA-test ontwikkeld. Een laboratorium bepaalt het DNA via de haren van de manen. Elk paardje dat wordt ingeschreven in het Falabella stamboek moet zo'n DNA-test ondergaan. Zo blijft de Falabella raszuiver.

De vachtkleur van Falabella's is heel verschillend. Volgens het Argentijns stamboek is bruin/zwart de officiële kleur, maar ook andere kleurvarianten zijn toegestaan. De zwarte en witte Falabella's zijn over het algemeen kleiner dan de paarden met een andere vachtkleur.
In de zomer hebben Falabella's een gladde vacht, terwijl ze in de winter een dikke wintervacht krijgen.

Gedrag

Falabella paardjes zijn zeer rustig en vriendelijk. Bovendien zijn ze erg leergierig en intelligent. Je kunt daardoor uiteenlopende activiteiten met deze kleine paarden ondernemen. Door hun kleine afmetingen zijn Falabella's niet geschikt om op te rijden, maar er zijn genoeg alternatieven. Het onderdeel 'vrij springen' lijkt op het bekende concours hippique van grote paarden. De eigenaar loopt in dit geval naast het paard.
Ook worden Falabella's wel voor een wagentje gespannen. Verder doen Falabella paarden mee aan keuringen en shows.

Falabella's zijn van nature kuddedieren. Daarom hebben deze dieren graag gezelschap van een ander paard.

Verzorging

De Falabella paarden voelen zich het prettigst in de wei. 's Zomers kunnen ze dag en nacht buiten blijven. In een grote wei met veel gras is het verstandig delen af te rasteren.. De paarden eten zo niet in één keer al het gras op. Als ze te veel gras eten bestaat het gevaar van koliek of te dik worden.
Afzettingen in de wei bij voorkeur niet met prikkeldraad, in verband met verwondingen.
's Winters kunnen Falabella's overdag naar buiten. 's Avonds zet je ze dan weer op stal.
Voor op de grond is tarwe- of gerstestro ideaal. Let er wel op dat de paarden goed bij hun water en hooiruif kunnen. In de winter moet de stal niet onder de 10 graden zijn, voldoende frisse lucht hebben, maar vooral geen tocht.

Paarden die in het voorjaar en in de zomer in de wei staan, hoef je in principe niet bij te voeren. Het is voldoende om ze dagelijks een handje paardenmuesli te geven en zorg voor voldoende vers water.

In het najaar en in de winter is bijvoeren van de dieren dus wel nodig. Stem de hoeveelheid voer af op het gewicht van het paard. Een Falabella moet er goed gevoed uit zien, maar mag ook weer niet te dik zijn. Geef ze daarnaast nog een zout/mineraal blok.
Als tussendoortje kun je de dieren zonodig wat gras of een extra handje haver of muesli geven. Wortelen, appels, brood en suikerklontjes zijn ongeschikt en niet gezond voor deze paarden.

Falabella's worden één keer per jaar gevaccineerd tegen influenza en tetanus. Een veulen krijgt met zes maanden de eerste inenting. Daarnaast is het belangrijk het paardje ieder half jaar te ontwormen. Veulens in hun eerste levensmaanden moeten zelfs nog vaker ontwormd worden. Raadpleeg voor de vaccinaties en het ontwormen je dierenarts.

Voortplanting

De draagtijd van het Falabella paard is ongeveer 11 maanden en 5 dagen. Let er op dat de merrie tijdens haar zwangerschap voldoende eet en drinkt. Reinig en ontsmet de stal vlak voor de geboorte en let op tocht in de stal. De kans dat het veulen ziek wordt is dan het kleinst. Als de bevalling eenmaal begonnen is, komt het veulen binnen 10 minuten ter wereld.
Een Falabella veulen drinkt in vergelijking met andere paardenrassen erg lang bij de moeder.
Het veulen mag op zijn vroegst op een leeftijd van 5 maanden bij de moeder weggehaald worden.
Falabella's worden ongeveer 35 jaar oud.

Conclusie

Wie een paard zoekt om op te rijden is bij het Falabella paard dus aan het verkeerde adres. Maar door zijn vriendelijkheid en intelligentie is de Falabella uitermate geschikt voor mensen die een sterke band met hun paard willen opbouwen. Bovendien is het voor mensen met een groot gazon een fantastische grasmaaier.

Surf voor meer informatie over Falabella paarden naar www.falabella-europe.com

Suzanne de Lijser



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   


Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door mailgroep om 14:39 Reageer op dit bericht

Het stamboek van Reina voor het kleinste paardje ter wereld (Knudde1)

Het stamboek van Reina voor het kleinste paardje ter wereld                      

Net buiten het historische stadje Elburg liggen uitgestrekte weilanden. In dit rustige en landelijke gebied aan de noordelijke punt van het Veluwemeer staat een woonboerderij die dateert uit 1809. Afbeeldingen van paarden op het ijzeren hekwerk aan de rand van het erf verraden dat ik op het goede adres ben. Ik ga namelijk op bezoek bij het Falabella Stamboek Europa van Reina Knaap. Al dertien jaar zet zij zich in voor het kleinste paardenras ter wereld.

Reina neemt mij mee naar de stallen en het weiland waar haar acht minipaarden staan. Als we bij het hek van de wei aankomen, roept Reina de naam Mara. Vanuit de verte komt een zwart paardje op ons af gestapt. Als ze dichterbij komt, zie ik dat ze twee grappige witte vlekken op haar billen heeft. Mara is erg aanhankelijk wat kenmerkend is voor de Falabella.

Reina legt uit hoe haar liefde voor de Falabella's destijds ontstond: ¨In 1994 kocht ik mijn eerste Falabella paarden. Mijn man en ik zagen ooit een afbeelding van een minipaard in een tijdschrift. We wisten alleen niet waar we zo'n paardje konden kopen. Nu zoek je even op internet, maar dat bestond toen nog niet. Later kreeg ik via een kennis het adres van een fokster van deze minipaarden in Amerika. Toen we op een gegeven moment in Amerika waren, besloten we tijdens onze reis deze fokster op te zoeken. Uiteindelijk vonden we haar ergens in de middle of nowhere. Zij vroeg ons of we een minipaard of een Falabella paard wilden. We hoorden toen voor het eerst de naam Falabella. Ze waren een stuk zeldzamer en duurder dan andere minipaarden, maar we kozen uiteindelijk toch voor een Falabella. We kochten er toen zelfs meteen maar vier. Het lieve en rustige karakter van Falabella's spreekt mij ontzettend aan. Bovendien zijn ze heel intelligent.¨
Terwijl Reina haar verhaal vertelt, lopen we naar de stallen. Drie kleine, blaffende stalknechten begroeten mij enthousiast als we het gebouw binnengaan. Reina legt uit dat de hondjes en de paarden het prima met elkaar kunnen vinden.

In een hoek van de stal staat een kleine lichtgekleurde Falabella. Opvallend is dat het diertje, in tegenstelling tot Reina's andere paarden, een gladde vacht heeft. ¨Dat komt omdat deze hengst pas twee dagen geleden met het vliegtuig vanuit het warme Argentinië naar Nederland is gekomen. Hij heeft daarom geen wintervacht. Omdat hij een lange reis achter de rug heeft, mag hij op een rustig plekje aan zijn nieuwe omgeving wennen,¨ legt Reina uit.
Het paardje lijkt zich al aardig thuis te voelen. Als Reina de deur van zijn stal opent, loopt hij rechtstreeks naar de etensbakken van de honden. Hij heeft zichtbaar interesse in de hondenbrokjes.

In haar secretariaatsruimte vertelt Reina over het stamboek en haar stoeterij. Want naast het bijhouden van het stamboek fokt ze ook met de Falabella's. Ze legt uit wat het doel van haar stamboek is: ¨In 1995 ben ik officieel gestart met het Falabella stamboek. Mijn stamboek is een non-profit stichting. Ik wil voorkomen dat dit unieke ras uitsterft en het is daarom erg belangrijk dat deze minipaarden raszuiver blijven. Ik ga voor 100 procent raszuiverheid, niet voor 99,9 procent! Omdat het bijhouden van het stamboek erg veel tijd kost, komt mijn stoeterij voorlopig even op het tweede plan.¨

Reina geeft aan wat het stamboek precies inhoudt: ¨Ik registreer alle Falabella paarden en stoeterijen in Europa. Momenteel staan er 379 paarden in mijn computersysteem ingeschreven. Onlangs heb ik het hele stamboek geautomatiseerd. Ik kan nu alle gegevens gemakkelijk terugvinden in de computer. Zodra een Falabella geboren is, krijg ik een geboortebericht van de eigenaar. Voordat ik het paardje kan inschrijven moet eerst het DNA bepaald worden. Zo weet ik of de Falabella raszuiver is. Als uit de test blijkt dat het paardje een echte Falabella is, registreer ik het in mijn stamboek.¨

Maar het stamboek bestaat uit meer dan alleen de registratie van de paarden. Reina geeft ook voorlichting over het ras van de Falabella's. Mensen die geïnteresseerd zijn in een Falabella kunnen voor advies altijd bij haar aankloppen.
Ondanks de drukte werkt ze nagenoeg in haar eentje aan het stamboek. ¨Ik heb geen mensen in dienst. Wel helpen hier regelmatig stagiaires met het stamboek en de stoeterij. Ik ben namelijk een erkend leerbedrijf voor de groene sector. Daarnaast helpen twee meiden iedere zaterdag met het verzorgen van mijn paarden.¨
Naast haar stamboek heeft Reina gewoon een baan. ¨Voordat ik 's morgens naar mijn werk ga verzorg ik eerst de paarden. 's Middags, na mijn werk, houd ik mij bezig met het stamboek werk. Nu de veulentijd weer is begonnen, is het extra druk. Wel is het werk heel afwisselend. Zeker omdat ik ook nog deels met de stoeterij bezig ben¨.

Het Falabella Stamboek Europa heeft in Nederland momenteel 55 leden. Eigenaren van een raszuivere Falabella kunnen lid worden van het stamboek. Naast fokkers, zijn dit ook veel particulieren. ¨Sommige mensen willen één of twee paardjes op een groot gazon in de tuin. Door hun kleine hoefjes krijg je een prachtig egaal grasveldje. Ik vind het leuk dat niet iedereen alleen maar prestatiegericht is en dat velen zo'n paard puur als hobby nemen. Falabella's zijn door hun rustige en lieve karakter erg geschikt voor mensen die nog weinig ervaring met paarden hebben,¨ zegt Reina.

Na ons gesprek over het stamboek gaan we nog even terug naar deze kleine paarden om ze op de gevoelige plaat vast te leggen. Ondanks hun rustige karakter is dit nog niet zo eenvoudig. Een rood/bont paard heeft moeite met stilstaan en loopt iedere keer naar mij toe. Ze is al die media-aandacht kennelijk niet gewend. Hoewel haar naam Maxima anders zou doen vermoeden.

Als ik het erf van Reina af rijd, rennen haar stalknechten blaffend achter mijn auto aan. Bij het hekwerk met de afbeelding van paarden keren ze om. Want daar verlaat ik het Falabella Stamboek Europa en dus ook hun territorium.

Suzanne de Lijser

Website: www.falabella-europe.com



dog132.gif
  Groetjes Knudde 1   
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door mailgroep om 14:37 Reageer op dit bericht

Meer van mailgroep huisdieren

↑ Terug naar de berichten