Berichten van 1 april 2007 tot 30 april 2007
Spinnenweb (Cis-ka)

Het vermogen tot het produceren van spinsel zeer karakteristiek voor spinnen; ze kunnen het allemaal. Er zijn enige insecten en mijten die ook spinsel produceren, maar dan niet zoals de spinnen met aan het achterlijf gelegen spintepels . Ze schieten dan een lange draad die ze met de wind laten meedrijven tot bijvoorbeeld een hoge boom en daarop gaan ze dan verder met hun web, eerst drie andere stevige draden en dan al de zijdraden. Rupsen die spinsel produceren doen dit met klieren bij de kop. Sommige spinnen hebben vier of meer soorten spintepels voor spinrag geschikt voor verschillende doelen: stabiliteitsdraden voor het web, vangdraden met kleefstof en draden voor eicocons, en zelfs voor het maken van een spermapakket . Sommige spinnen schieten het spinsel, of zelfs het hele web, op de prooi af om deze te vangen. Volwassen hangmatspinnen kunnen zich zelfs over grote afstanden en kilometers hoog door de lucht laten zweven door het spinrag als vlieger te gebruiken. Het spinrag bestaat uit eiwitten die als vloeistof uit de spintepel komen en van vorm lijken te veranderen doordat er aan de draad getrokken wordt; de overgang van vloeibaar naar vast komt niet door inwerking van lucht. Spinrag is sterker dan de beste synthetische materialen die de mens kan maken, bij dezelfde dikte. Het web van een kruisspin weegt slechts ongeveer 0,1 tot 0,5 mg.
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Filmpje (Gwen)
Tyrannosaurus rex is verre verwant van de kip (Cis-ka)

De Tyrannosaurus rex is waarschijnlijk een verre voorouder van de kip. Dat blijkt uit onderzoek aan de North Carolina State University in Raleigh.
In wetenschappelijke kringen bestaat al langer de hypothese dat de vreeswekkende vleeseter een prehistorische voorloper van de moderne vogelsoorten is. Analyses van uitzonderlijk bewaard gebleven eiwitten uit een 68 miljoen jaar oud gefossiliseerd bot van een Tyrannosaurus rex hebben nu aangetoond dat dit eiwit, een collageensoort, een structuur heeft die lijkt op een eiwit dat in kippen wordt aangetroffen, aldus de onderzoekers in het tijdschrift Science.
Collageen is een vezelachtig, elastisch eiwit dat in de cosmetische industrie wordt gebruikt als huidverjonger. Het eiwit was bewaard gebleven in een bot dat in 2003 in de Amerikaanse staat Montana onder 1000 kubieke meter gesteente werd aangetroffen. De aminozuursequenties in het eiwit lijken op die van kippencollageen en doen ook denken aan bepaalde eiwitten in kikkers en watersalamanders, aldus de onderzoekers.
(GVA)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/ 
'Dag meikever, welkom aprilkever' (Cis-ka)

27/04 'Dag meikever, welkom aprilkever'
Begin april werden de eerste meikevers al gemeld bij de natuurorganisatie Natuurpunt. Deze soort was vanaf half april algemeen aanwezig in Vlaanderen. "Dag meikever, welkom aprilkever", aldus Natuurpunt vrijdag.
Het lijkt er op dat de meikever dit jaar zelfs haar belangrijkste vliegperiode in april zal hebben in plaats van in mei. Door de hoge temperaturen in april is de natuur volgens Natuurpunt van slag.
"Vaste waarden als meikever, meiklokje en meidoorn, die hun naam meekregen precies omdat ze klokvast in een beperkte periode in mei verschenen en bloeiden, weten het nu niet meer zo goed", aldus de organisatie.
Het meiklokje stond dit jaar al op veel plaatsen vanaf half april in bloei. "Nog een paar uitzonderlijk warme dagen en de vele mariabeeldjes zullen het dit jaar wellicht zonder bloeiende meiklokjes moeten stellen", aldus Natuurpunt. Ook de meidoorn bloeit normaal kort rond midden mei, maar nu staat op veel plaatsen al bijna twee weken in bloei.
(GVA)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/ 
Filmpje (Simone1)
Beestenhuisjes (Simone1)

Beestenhuisjes
Vogels nestelen, egels ontwaken uit hun winterslaap, vleermuizen zijn ’s nachts voortdurend onderweg en voor eekhoorns is het kraamtijd. Het is lente. Tijd om de beestjes in en rond de tuin bij te staan.

Voederhuis voor de egel. Foto: GPD
Wat de zin is van al deze dierenzorg? Roline Eikelboom van de landelijke zoogdiervereniging VZZ : „Het is geen levensvoorwaarde voor de dieren, maar je helpt ze er wel mee.” Daarom bestaan er voor egels woon- en voederhuizen en speciaal egelvoer, met alle voedingsstoffen die het dier nodig heeft: gedroogde insecten en garnalen, noten en fruit.
Ook voor eekhoorns bestaan dergelijke voorzieningen. Al zou het alleen maar zijn om te voorkomen dat een eekhoorn weer eens een voor vogels bedoelde voedersilo vernielt, tot grote ergernis van mensen.
Voor vleermuizen zijn er kasten te koop waar deze nachtdieren de dag kunnen doorbrengen. Ze zijn uitgevoerd in hout of houtbeton. „Het is vooral erg leuk om de dieren in de tuin te halen. Daarnaast krijgen ze het ook wat gemakkelijker”, zegt Eikelboom over het nut van deze voorzieningen. Ze plaatst daar wel enkele kanttekeningen bij. „Het heeft weinig zin een eekhoorn te helpen in een omgeving waar in geen velden of wegen bos te vinden is.”
Een ander advies: houd rekening met de leefwijze van de dieren. Een egel is een beetje schuw, dus is het goed zijn kast achterin de tuin te zetten. En voer geen melk, want daar krijgen egels onoverkomelijke gezondheidsproblemen door. Water is beter.
Vleermuizen komen veel meer voor dan mensen denken, vervolgt Eikelboom. Om deze fladderende zoogdieren te hulp te komen moeten de kastjes op tenminste 2,5 meter hoogte worden opgehangen.
Verrassend is het aanbod aan hulpmiddelen voor insecten. Er zijn kasten voor vlinders en lieveheersbeestjes, maar ook voor bijen, wespen en gaasvliegen. Het argument om insecten te helpen, spreekt aan: het zijn luizenbestrijders, dus de bloementuin zal er wel bij varen. In dit verband is het opmerkelijk te lezen wat de beweegreden is om vleermuizen bij te staan: ze ruimen namelijk insecten op. Veel vogels doen dat trouwens ook.
Een eenvoudig nestkastje ophangen kan de dieren al helpen. Harvey van Diek van onderzoeksinstituut Sovon benadrukt dat ’het geen frivool gekleurde bouwwerkjes met puntdaken’ moeten zijn. „Die zijn echt onzinnig”, aldus Van Diek.
Sommige kastjes zijn uitgesproken praktisch. Bijvoorbeeld het type in ruitvorm, met de punt naar beneden. Zo hoeft de vogel het kastje met minder nestmateriaal op te vullen. Dat scheelt de bewoner energie, die hij kan gebruiken voor de leg en het broeden. Vogelbescherming Nederland stelt dat tuin- en parkvogels het tegenwoordig erg moeilijk hebben, omdat heggen verdwijnen, tuinen worden betegeld en woningen steeds beter worden geïsoleerd. Dat kost broedgelegenheid in hagen, voedselaanbod in de grond en nestelmogelijkheden in kieren en gaten van huizen.
Daarom is het goed in stad of dorp kastjes voor mezen op te hangen. Aan de rand van de bebouwing komen ook verschillende soorten vliegenvangers en de gekraagde roodstaart op deze voorzieningen af. Voor uilen bestaan grotere kasten. „Zonder die voorzieningen had de kerkuil niet meer bestaan”, zegt Van Diek. Ook de steenuil is nu aan zo’n hulpactie toe.
Voor ransuilen zijn er speciale broedmanden op de markt, voor zwaluwen nestkommen. Voor huismussen zijn er zelfs ’rijtjeswoningen’. „Die zijn functioneel”, vindt Van Diek. „Want de mus is een koloniebroeder. Die wil dit graag.” Voor wie nog nestkastjes wil ophangen, heeft de Sovon-medewerker een advies: plaats de kasten het liefst met de opening op het noorden of noordoosten, in verband met regen en wind. Een hoogte van tenminste 2 meter is aanbevolen, om de katten op afstand te houden. Die dieren kunnen doorgaans wel zonder geroofde vogeltjes.
Mopje (Carpano180)

50 jaar later sterft de man en zoals beloofd,neemt hij contact op met zijn bedroefde vrouw
"coucou Irma,ik ben het."
"ah,zijt gij het Trifhon.Zeg mij,hoe gaat het met daar met u?"
Ik zal het u vertellen.s'morgens als ik wakker wordt,bedrijf ik de liefde,na het ontbijt herbegin ik.Na het middagmaal en een kleine siesta,bedrijf ik de liefde verschillende keren tot aan het avondmaal.En dan nog een of twee keer voor het slapen gaan.
"Maar...ben je dan in het paradijs?" "Nee,nee.Ik ben een konijn in de ardennen."

Nooit grappig (Ereli)

Chauffeur zijn op een collectebus is nooit grappigEen tor die kleine kevertjes lastigvalt, een torpedo noemen is nooit grappig
Een student die wiet verbouwt een teelbal noemen is nooit grappig
Een blinde die te diep in het glaasje heeft gekeken is nooit grappig
Voor een gesloten deur staan op de open dag van een gesloten inrichting is nooit grappig
Een mimespeler die schijndood is, is nooit grappig
Een textielbaron die zijn eigen kinderen van kant maakt is nooit grappig
Een matroos over de andere boeg gooien is nooit grappig
Een bordeelhoudster voor pijpleiding uitmaken is nooit grappig
Een tandarts die een kroon op zijn werk zet is nooit grappig
Sprinkhanen plagen is nooit grappig
Een allergische student naar zijn uitslag vragen is nooit grappig
Een smurf die een blauwtje loopt is nooit grappig
Een missionaris die zich geen houding weet te geven is nooit grappig
Een hoer die er gelikt uitziet, is nooit grappig
Een wegatlas die je niet kunt vinden is nooit grappig
Confetti kopen voor op je snipperdag is nooit grappig
Een porno-acteur die overal zijn neus insteekt is nooit grappig
Een houthakker die voor de bijl gaat is nooit grappig
Achterin de kerk roepen dat je de kogel hebt gevonden is nooit grappig
Een ongestelde vrouw die doet alsof haar neus bloedt is nooit grappig
In een antiekwinkel vragen of ze nog iets nieuws hebben, is nooit grappig
Een blaasorkest bij de alcoholcontrole is nooit grappig
Een stewardess die zwanger is van de automatische piloot is nooit grappig
Een schoppenboer van harte door een ruit schoppen is nooit grappig
Een boswachter die een uiltje knapt, is nooit grappig
Ereli en Knudde
grappige prenten (Ereli)




Ereli en Knudde
Knuffelig en vasthoudend (Yradja)

De koala plant zich traag voort ; slechts eens per twee jaar wordt er een jonge geboren. Het dier is vatbaar voor ziekten en heeft voor zijn grootte relatief kleine hersenen. Bovendien is de koala een kieskeurige eter. Hij eet ongever 1,5 kg boombladeren per dag en dan nog alleen van bepaalde soorten eucalyptus. Verder wordt zijn leefmilieu door de opdringerige mens steeds kleiner gemaakt. Ondanks al deze ogenschijnlijke nadelen, gedijt hij echter nog steeds.
Toen in 1788 de eerste Europeanen zich in Australië vestigeden, kregen ze nauwelijks koala's te zien omdat de aboriginals massaal jacht op ze hadden gemaakt om hun vlees. De nieuwe Australiërs aten echter geen koala's, zodat het dier in de gebieden langs de oostkust weer algemeen werd.
Omstreeks de eeuwwisseling werd de koala evenwel opnieuw bedreigd, nu doo de belangstelling van zijn zachte, zijdeachtige vacht. Jaarlijks werden honderdduizenden dieren afgeslacht ; alleen al in 1924 werden er twee miljoen koalahuiden naar Amerika en Europa vescheept. Kort daarna werd het door door beschermende maatregelen en herpopulatieprojecten nog net gered.
Daarmee leek het voortbestaan van de koala gewaarborgd, tot in de jaren tachtig zich opeens een epidemie van de geslachtsziekte chlamydiosis voordeed. De ziekte verbreidde zich zo snel dat onderzoekes al over uitsterven spraken.
Inmiddels is die vrees ongegrond gebleken. De meeste koala's kregen toch jongen en blijken de ziekte te hebben overwonnen. Zo is het nationale troeteldier van Australië opnieuw aan een zeker lijkende ondergang ontsnapt.
Brontekst : The Readers' Digest

Heel lief (Ereli en Knudde)


Grapjes (Ereli)

honden
Twee honden zijn verdwaald in de woestijn. Dan gromt een van hen: "Als we nou niet heel snel en boom tegenkomen, doe ik het in mijn broek."

sterk dier
Wat is het sterkste dier? De slak, want die draagt haar eigen huis

kip
Een kok is een kip aan het plukken. Hij stopt de kip in de pan, maar vergeet het vuur aan te steken. Na een kwartier komt de kip naar de kok gewandeld en zegt boos: "Zeg, nou geef je of mijn veren terug, of je steekt het vuur aan, want ik sterf van de kou!"

Ereli en Knudde

Vissen
Alle 25.000 bekende soorten vissen leven in het water. Ze zijn in de regel koudbloedige gewervelde dieren, ademen met kieuwen en zwemmen met behulp van vinnen. Terwijl zoogdieren, reptielen en amfibieën elk een aparte klasse binnen het dierenrijk vormen, bestaan de vissen uit drie klassen die zich duidelijk van elkaar onderscheiden: de kaaklozen, de kraakbeenvissen en de beenvissen.
Kaaklozen zijn de meest oorspronkelijke vissen. Het zijn de laatste overlevenden van de eerste gewervelden die op aarde leefden. Ze hebben schubben noch kaken en zijn ongeveer 300 miljoen jaar geleden ontstaan. Vandaag de dag bestaan er nog slechts één orde.
De eerste kraakbeenvissen ontwikkelden zich ongeveer 100 miljoen jaar later. Dit waren de voorouders van het momenteel meest gevreesde zeeroofdier, de haai. Zoals hun naam al aangeeft bestaat hun skelet uit kraakbeen, een materiaal dat op stijve gelatine lijkt en minder hard is dan been. Hun lichaam is met harde schubben bedekt. Zij missen een orgaan dat de meeste beenvissen wel bezitten: de met gas gevulde zwemblaas, die de vis het voortbewegen in het water vergemakkelijkt.
De beenvissen ontwikkelden zich tegelijkertijd met de kraakbeenvissen. Ze bezitten een skelet uit beenderen en vormen met ongeveer 20.000 soorten de grootste en bekendste klasse van vissen.
| CYCLOSTOMATA Kaaklozen |
![]() |
| MYXINI en PETROMYZONES Blinde prikken en prikken |
| CHONDRICHTHYES Kraakbeenvissen | ||
![]() SELACHII Haaien |
![]() RAJIFORMES Roggen |
![]() HOLOCEPHALI Chimaera's of spookhaaitjes |
| OSTEICHTHYES Beenvissen | ||
![]() ANGUILLIFORMES Aalachtigen |
![]() CLUPEIFORMES Haringachtigen |
![]() SILURIFORMES Meervalachtigen |
![]() SALMONIFORMES Zalm- en karperachtigen |
![]() LOPHIIFORMES Vinarmigen (zeeduivel, voelsprietvis) |
![]() PLEURONESCTIFORMES Platvissen (schol, bot) |
![]() PERCIFORMES Baarsachtigen |
![]() GASTEROSTEIFORMES Stekelbaarsachtigen (stekelbaarzen, zeepaardjes) |
bron: dierenjungle.nl
Chlamydiose: kan de ogen van uw kat aantasten! (Ereli)

Groetjes
Ereli en Knudde
Reptielen en Amfibieen (Tante Lotte)

Reptielen en Amfibieën
Slangen en hagedissen, krokodillen en alligators, water- en landschildpadden vormen samen de klasse der reptielen, die nauw met de vogels en zoogdieren verwant zijn. Ze onderscheiden zich van hen in één belangrijk opzicht: ze zijn koudbloedig. Dat houdt in dat hun lichaamstemperatuur zich richt naar de omgevingstemperatuur. Daardoor zijn ze afhankelijk van de zon, die hen moet opwarmen zodat ze zich snel kunnen bewegen en hun normale lichaamsfuncties mogelijk zijn.
Reptielen zijn beter aan het leven op het droge land aangepast dan de amfibieën waarvan ze afstammen, doordat ze goed functionerende longen bezitten om te ademen. De voortplanting vindt plaats na een echte paring en de jongen ontwikkelen zich in eieren. Bij sommige soorten worden de eieren buiten het lichaam afgezet, terwijl ze zich bij andere, levendbarende soorten in de buik van het vrouwtje ontwikkelen. De huid van reptielen is dik en meestal voorzien van schubben en plaatjes, die glad of ruw kunnen zijn en waardoor ze tegen uitdroging beschermd worden. Reptielen bestaan al veel langer dan vogels en zoogdieren. De eerste verschenen ongeveer 300 miljoen jaar geleden. Terwijl vele soorten inmiddels uitgestorven zijn, hebben andere zich de laatste 200 miljoen jaar nauwelijks veranderd.
Amfibieën zoals kikkers, padden en salamanders behoren tot de minst ontwikkelde gewervelde dieren. Ze stammen van zeer sterk overeenkomstige wezens af die ongeveer 370 miljoen jaar geleden het land op kropen. Het woord 'amphibium ' betekent 'tweesoortig leven' en slaat op het feit dat deze dieren een deel van hun bestaan in het water en een deel op het land doorbrengen. Eieren worden in het water gelegd. Wanneer de jongen uit de eieren komen, hebben ze kieuwen om onder water mee te ademen. Eenmaal op het land gekomen, nemen longen de ademfunctie over. Amfibieën ademen ook dan nog altijd door de huid, wat verklaart waarom deze altijd vochtig moet zijn en aanzienlijk dunner en gladder is dan die van reptielen. Net als reptielen leggen amfibieën eieren. Bij de meeste soorten vindt echter de bevruchting buiten het lichaam plaats, waarbij eicellen en zaad samen uitgestoten worden.
| AMPHIBIA Amfibieën | ||
![]() GYMNOPHIONA Wormsalamanders |
![]() URODELA Salamanderachtigen |
![]() ANURA Kikvorsachtigen (kikkers en padden) |
| REPTILIA Reptielen | |||
![]() RHYNCHOCEPHALIA Brughagedissen |
![]() SQUAMATA Hagedissen en Slangen |
![]() CROCODILIA Krokodillen |
![]() CHELONIA Schildpadden (land- en waterschildpadden) |
Gedichtje (Tante Lotte)


bron : evoem
Angstig gedrag bij honden (Cis-ka)

|
Angstig gedrag bij honden kent velerlei oorzaken maar ook diverse verschijningsvormen. Bij een angstige hond denkt u wellicht in eerste instantie alleen of vooral aan een hond die zijn staart tussen de poten drukt, een lage houding aanneemt en/of probeert te vluchten. Veel angstige honden vertonen inderdaad dit soort gedrag; deze vormen komen voort uit zogenaamde passieve verdedigende reflexen. Dat wil zeggen dat de hond wanneer hij zich bedreigd voelt, probeert de bedreiging uit de weg te gaan door zich zo klein en onderdanig mogelijk te tonen en/of door te vluchten.Maar: angst of onzekerheid bij honden kan zich ook uiten door het tegenovergestelde gedrag (actieve verdedigende reflexen). In dat geval toont de hond zich, wanneer hij zich bedreigd voelt, juist heel stoer. Hij gromt en/of blaft, de haren op zijn rug komen overeind, zijn staart staat hoog en de hond maakt zich zo groot mogelijk. U kunt dit vergelijken met sommige mensen, die zich heel stoer voordoen om hun eigen verlegenheid te "overschreeuwen". Bij honden is er bij dit gedrag vaak sprake van "geconditioneerde (=aangeleerde) dominantie". De hond toont zich dus heel dominant, terwijl hij eigenlijk heel onzeker of zelfs angstig is. Dit kan het gevolg zijn van een leerproces; de hond heeft dan meermalen ervaren dat de "bedreiger" afdruipt wanneer de hond zich dominant voordoet, dreigt aan te vallen of zelfs daadwerkelijk aanvalt. Vaak zien we bij een hond die geconditioneerd dominant gedrag vertoont, tegenstrijdige signalen. Bijvoorbeeld: zijn nekharen komen overeind (groot maken = dominant/actief verdedigend), maar zijn staart wijst naar beneden (klein maken = onderdanig/passief verdedigend). Angst bij honden kan voortkomen onder andere uit (een combinatie van):
|
![]() |
Wanneer u een hond heeft die angstig gedrag vertoont, dan raden wij u aan de hulp van deskundige gedragsbegeleiders in te schakelen wanneer dit gedrag van uw hond gepaard gaat met een hoge mate van stress en/of agressie. In dit geval kan (goed bedoelde) verkeerde begeleiding van de hond namelijk al snel leiden tot verergering van het probleem en tot ongelukken! |
|
Wanneer uw hond wel eens ergens bang voor is, zonder dat er sprake is van regelmatig terugkerende grote stress en/of agressie, dan heeft u wellicht iets aan de volgende adviezen:
Of angstig gedrag kan worden afgeleerd is vooral afhankelijk van de oorzaak. Wanneer de basis van de angst een slechte inprenting / socialisatie is, dan is de kans op verbetering klein (maar niet onmogelijk). Is de angst op latere leeftijd ontstaan, dan is in de meeste gevallen verbetering of zelfs "genezing" mogelijk. In sommige gevallen is het raadzaam om in geval van angsten gedragstherapie te ondersteunen met medicijnen, al dan niet op natuurlijke basis. Bach Bloesem Remedies bijvoorbeeld, hebben ons al heel vaak bewezen zeer effectief te kunnen zijn tegen allerlei angsten! Aanbevolen boeken over hondengedrag / hondengedragsproblemen (click op de titel voor meer informatie):
|
dogweb.nl
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

mopjes (Martina1, Ereli)

Een motorrijder schuurt op zijn Yamaha TRX850 tegen 130 km per uur over een verlaten weg.
Plots ziet hij een piepklein vogeltje voor zich. Hij doet alles om het te ontwijken, maar helaas. Hij kijkt in zijn achteruitkijkspiegel en ziet het vogeltje over het asfalt kronkelen en met gespreide vleugels op zijn rug vallen. De motorrijder stopt, raapt het bewusteloze dier op, koopt een kooitje en installeert het vogeltje knusjes, met wat brood en een bordje water. De volgende dag wordt het vogeltje wakker. Het ziet de tralies, het stukje brood en de waterkom en schrikt zich een bult:
_ O nee, ik heb die otorrijder vermoord en nu zit ik in de gevangenis!!!
groetjes, Martine en abike

hoe doe je een olifant in de koelkast???
deurtje open olifant er in deurtje dicht
hoe doe je een muis in de koelkast ???
deurtje open olifant eruit deurtje dicht
hoe haal je een muis uit de koelkast
dood van de kou

Prettige zondag
Ereli en Knudde
tinamoes (Cis-ka)

tinamoes
| Andere namen | stuithoenders |
| Wetenschappelijk | Tinamiformes; Tinamidae |
| Engels | tinamous |
| Verspreiding | Zuid-Amerika |
| Voedsel | kleine dieren; vruchten |
| Aantal soorten | 45 |
Tinamoes hebben kleine, rond vleugels en een plomp lichaam. Hoewel deze Zuid-Amerkaanse vogels kunnen vliegen, gaat het ze niet makkelijk af en geven ze de voorkeur aan lopen. Hun uithoudingsvermogen is niet groot. Bij gevaar vertrouwen ze op hun schutkleur en drukken ze zich plat op de bodem. Ze nestelen op de grond. De mannetjes broeden en hebben daarom ook een betere schutkleur dan de vrouwtjes.
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Droge ogen ofwel KCS bij de hond en de kat (Tante Lotte)

|
Droge ogen ofwel keratoconjunctivitis sicca (= KCS) is een uitdroging van het hoornvlies KCS is een relatief veel voorkomende aandoening bij de oudere hond en mens. Hoewel de aandoening zowel bij kruisingen als bij rashonden en -katten wordt vastgesteld, zien we het vooral bij de kleine hondenrassen zoals de langharige Dashond, de West Highland White Terriër, de Yorkshire Terriër, de Cocker Spaniël, de Cavalier King Charles Spaniël, Pekinees, de Shih Tzu, de Lhasa apso, de Poedel en de Beagle. Tranen dienen vooral om het oog vochtig te houden. Bij elke knipperslag wordt het traanvocht in een dun laagje gelijkmatig over het oog verdeeld. Dit dunne laagje noemt men de traanfilm en dient het oog te beschermen tegen de buitenlucht. Sommige dieren produceren onvoldoende traanvocht om hun ogen voldoende vochtig te houden. Dit heeft tot gevolg dat de ogen gaan branden, jeuken of slijm afscheiden. Wat is de oorzaak van KCS? Zogenaamde droge ogen worden in ons leefklimaat zeer vaak veroorzaakt door het eigen lichaam van de hond of kat en door factoren van buitenaf. Door het ouder worden van de huid en slijmvliezen worden de ogen wat droger. Te droge lucht in huis, vervuilde lucht in de randstad en/of harde wind geven dan bij veel van de oudere dieren bovengenoemde klachten. Een andere belangrijke oorzaak bij de hond is een onvoldoende productie van tranen doordat de traanklieren worden vernietigd door het eigen lichaam. Overige oorzaken van droge ogen zijn
Hoe weet ik of mijn dier droge ogen heeft? Het hoornvlies heeft een dof aspect en de slijmvliezen van het oog en de oogleden zijn rood.
De dierenarts kan de hoeveelheid traanproductie meten door een strookje vloeipapier om het onderste ooglid te leggen. Wat is de behandeling van KCS?
Voor de behandeling van een ernstige KCS is meer nodig, dan alleen het vochtig houden van de ogen met oogdruppels. De pussige ooguitvloeiing moet met het slijmverdunnende middel acetylcysteïne en een steriele fysiologische zoutoplossing worden opgelost en uitgespoeld, waarna een zalf met antibioticum en vitamine A op de ogen wordt aangebracht. Bij katten en honden met totaal geen traanproductie of die slecht te hanteren zijn, kan een operatie worden overwogen, waarbij de speekselafvoerbuis wordt omgeleid naar het oog. Er dient dan echter wel een normale speekselproductie te bestaan. Deze "ductus parotis transpositie" zorgt dat het oog met speeksel wordt bevochtigd, waardoor de ogen niet vele malen daags gedruppeld hoeven te worden. Wat is de prognose van KCS? Zolang de ogen goed vochtig worden gehouden: goed. Bij een chronische KCS treedt vaak wel enig herstel van de traanproductie op, maar meestal geen volledig herstel. Dit betekent: levenslang 2 tot 8 maal daags medicatie en de ogen regelmatig door de dierenarts laten controleren. De kat heeft over het algemeen een betere prognose dan de hond |
Slapende dieren (Ereli)
| home vorige volgende zoeken vragen colofon |
| |||
| Homepage > Slapende dieren | ||||
Ieder dier dat ooit onderzocht is, slaapt, al hangt het er vanaf wat je precies onder slaap verstaat. In ieder geval kennen ze rustperioden die iedere dag op ongeveer dezelfde momenten terugkeren. Hoeveel ze slapen, en wanneer, verschilt van soort tot soort. De verschillen zijn groot, ook wanneer je verwante soorten bekijkt. Er zijn knaagdieren die kort slapen en er zijn ook langslapers bij. Hetzelfde geldt voor aapachtigen: sommige zijn slaapkoppen, anderen slapen juist heel weinig. Kleine dieren de grootste slapers De enige echte trend die we in het dierenrijk vinden is: hoe groter het dier, hoe minder slaap het nodig heeft. Olifanten en giraffen slapen maar een paar uur per dag. Katten en ratten zijn het grootste deel van de dag aan het slapen. De precieze reden hiervoor is onduidelijk, maar heeft misschien te maken met energiebesparing. Hoe kleiner een dier is, hoe meer energie het in verhouding nodig heeft om te functioneren. Tijdens de slaap vertraagt het metabolisme, waardoor het energieverbruik afneemt. Toch zegt grootte, zoals gezegd, ook niet alles. Er zijn veel uitzonderingen op de regel. Vaker per dag Mensen slapen één keer per etmaal, meestal ´s nachts, gedurende acht uur min of meer aaneengesloten. Bij de meeste dieren is het anders. Ze slapen wel overwegend ´s nachts (of bij nachtdieren: overdag), maar in kortere perioden. Ook doen ze overdag wel eens een kort dutje. Veel mensen doen trouwens ook wel eens een dutje overdag, dus misschien is het feit dat wij dat normaal niet doen meer een kwestie van cultuur dan natuur. Ook dieren dromen Wanneer ratten in een laboratorium worden uitgerust met electroden, kan worden aangetoond dat ze in hun dromen herbeleven wat ze overdag meemaken. Die electroden meten de activiteit van de hersenen dag en nacht. De ratten worden getraind om een parcours af te leggen, met aan het eind van de speurtocht een beloning in de vorm van een lekker hapje.s Nachts blijkt de hersenactiviteit tijdens de REM-slaap vaak precies hetzelfde patroon weer te geven als toen de rat de taak daadwerkelijk uitvoerde. Hij droomt s nachts van het parcours. Vrijwel alle warmbloedige dieren zoogdieren en vogels kennen de REM-slaap. Ze dromen dus misschien ook allemaal.
Jonge dieren Net als bij mensen blijken de meeste warmbloedige jonge dieren veel slaap nodig te hebben. In de loop van het leven neemt die behoefte langzaam af. Het verschil gaat net als bij mensen vooral ten koste van de REM-slaap. Kennelijk is deze slaaptoestand vooral voor dieren die nog groeien en waar de hersenen zich dus nog van ontwikkelen bijzonder belangrijk. | ||||
Nestelpokken (Cis-ka)

VEENENDAAL - Menigeen vraagt zich wellicht af wat daar nu toch aan de gevel hangt in de Veenendaalse wijk Dragonder - Oost.

Foto: Cord Otting
De kunstbollen zijn bedoeld als nestplaats voor de gierzwaluwen, die rond Koninginnedag na een barre tocht van ruim achtduizend kilometer terugkeren van hun winterverblijf in Zuidelijk Afrika. Het kunstwerk wordt vrijdagmiddag 27 april feestelijk opgeleverd.
Aardig is de speciale site van de vogelbescherming www.beleefdelente.nl voor wie iets meer wil weten over onder meer de gierzwaluwen.
(De Gelderlander)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Vogels (Cis-ka)


Vogels zijn net als zoogdieren warmbloedige gewervelde dieren met longen en een hart met twee boezems en twee kamers. Als lichaamsbeharing bezitten ze als enige groep in het dierenrijk een verenkleed. Alle vogels planten zich voort door het leggen van eieren.
Bijna alle vogels zijn aan het leven in de lucht aangepast. Ze hebben speciale lichaamsvoorzieningen, die het mogelijk maken om te vliegen. Daartoe behoort, dat ze in verhouding tot hun grootte een relatief gering gewicht bezitten, doordat hun beenderen dunwandig zijn en met lucht gevulde holle ruimten hebben. Tegelijkertijd zijn hun bovenste ledematen verlengd en tot vleugels omgevormd.
In plaats van zware kiezen en tanden in de kaak hebben ze een lichte snavel en hun snelle verteringssysteem zorgt ervoor dat het voedsel niet lang in het lichaam verblijft. De voorste ledematen hebben zich ontwikkeld tot vleugels en zijn bedekt met waterafstotende, lichte veren. Sterke vliegspieren, die aan het verlengde borstbeen hechten, dragen zorg voor voldoende kracht om te vliegen; deze alleen kunnen minstens 15% van het lichaamsgewicht uitmaken van een vogel die kan vliegen. De oudst bekende vogel leefde ongeveer 150 miljoen jaar geleden. Vogels stammen van reptielen af en hun veren hebben zich uit de typische reptielenschubben ontwikkeld. Er zijn overigens ook enkele wetenschappers die beweren dat vogels van dinosaurussen afstammen.
| AVES Vogels | ||||
![]() APTERYGIFORMES Kiwi's |
![]() STRUTHIONIFORMES Struisvogels |
![]() RHEIFORMES Nandoes |
![]() CASUARIIFORMES Casuarisvogels (casuarissen en emoe's) |
![]() TINAMIFORMES Stuithoenders |
![]() PODICIPEDIFORMES Futen |
![]() SPHENISCIFORMES Pinguins |
![]() GAVIIFORMES Zeeduikers |
![]() PICIFORMES Spechtvogels (spechten, baardvogels, toekans) |
![]() TROGONIFORMES Trogons |
![]() PELECANIFORMES Pelikaanachtigen (pelikanen, aalscholvers, fregatvogels) |
![]() CICONIIFORMES Waadvogels (ooievaars, reigers, falmingo's) |
![]() ANSERIFORMES Eendachtigen |
![]() CULUMBIFORMES Duifachtigen |
![]() FALCONIFORMES Roofvogels (adelaars, haviken, gieren, valken) |
![]() GALLIFORMES Hoendervogels en hoatzins |
![]() GRUIFORMES Kraanvogelachtigen |
![]() CHARADIFORMES Steltlopers, meeuwen en alken |
![]() CAPRIMULGIFORMES Nachtzwaluwachtigen (nachtzwaluwen en vetvogels) |
![]() COLIIFORMES Muisvogels |
![]() PROCELLARIIFORMES Stormvogelachtigen (albatrossen, stormvogels, pijlstormvogels) |
![]() PSITTACIFORMES Papegaaien |
![]() APODIFORMES Gierzwaluwachtigen (gierzwaluwen, kolibries) |
![]() CORACIIFORMES Scharrelaarvogels (ijsvogels, neushoornvogels, hoppen, scharrelaars) |
![]() CUCULIFORMES Koekoekvogels (koekoeken, toerako's) |
![]() STRIGIFORMES Uilen |
![]() PASSERIFORMES Zangvogels | |||
bron: Dierenjungle.nl
Wij moeten anders gaan leven (Tante Lotte)

Wij moeten anders gaan leven
Sinds de mens de heersende en meest succesvolle soort op aarde is geworden, is hij door dit succes begonnen het milieu te veranderen en daarmee ook de levensomstandigheden van andere levensvormen. Honderden jaren lang kapten we zorgeloos hier een boom, wierpen daar ons afval neer, lieten gevaarlijke gassen in de atmosfeer ontsnappen, jaagden en doodden wilde dieren, visten ze uit de zeeën weg en realiseerden ons geen moment dat onze wereld daardoor in één of andere vorm zou kunnen veranderen. Nu pas dringt het langzaam tot ons door, dat we bezig zijn de aarde en haar bewoners te vernietigen als we al deze dingen als voorheen blijven doen.
Inmiddels hebben we door onze levensstijl het natuurlijk evenwicht in aanzienlijke mate verstoord en zijn er processen in gang gezet, die mogelijk verwoestende gevolgen hebben voor het toekomstig leven op onze planeet. Pas nu beginnen we te begrijpen dat alles wat we doen wereldomvattende gevolgen kan hebben. Met de verbranding van fossiele stoffen zoals kolen, en het kappen van gigantische bosgebieden dragen we bij tot de opwarming van de aarde. De geringste stijging van de aardtemperatuur kan echter tot veel grotere extremen in de weersomstandigheden leiden dan we op dit moment kennen. Dit zou bijvoorbeeld gigantische overstromingen tot gevolg kunnen hebben door het smelten van de poolijskappen. Bovendien moeten we beseffen dat het meeste wat we weggooien in feite niet verdwijnt, of het nu afval in zee betreft of gassen in de atmosfeer. Vaak ontstaan op deze manier grote hoeveelheden andere giftige stoffen, die het natuurlijk evenwicht op een manier aantasten die we nog niet begrijpen.
Iedere verandering die we in één of ander deel van onze wereld teweegbrengen, heeft negatieve gevolgen voor de inheemse planten en dieren. Door de vernietiging van leefgebieden waarin specifieke dieren- en plantensoorten leven, bedreigen we deze onafwendbaar met uitsterven. Het is nog erger: we vernietigden - en doen het nog steeds - een hele reeks van diersoorten, doordat we ze gewetenloos gejaagd en gedood hebben enkel en alleen om ons zaken te verschaffen die we even makkelijk op een andere, minder destructieve wijze hadden kunnen verkrijgen. Als we deze destructieve manier van leven op willen geven, is het absoluut noodzakelijk om ten aanzien van de aarde en onze medebewoners daarop een totaal andere instelling te ontwikkelen.
bron dierenjungle.nl
ZOOGDIEREN (Tante Lotte)

ZOOGDIEREN
De groep zoogdieren vormt de bekendste klasse van het dierenrijk, in het bijzonder omdat wij er zelf toe behoren evenals de dieren waarmee we het meest vertrouwd zijn. De zoogdieren worden in drie subklassen onderverdeeld: hogere zoogdieren (Placentalia ), waarvan de jongen ver ontwikkeld ter wereld komen; buideldieren (Marsupialia ), waarvan de jongen in embryonale toestand geboren worden en die hun ontwikkeling in de buidel van de moeder voltooien; en eierleggende zoogdieren of snaveldieren (Monotremata ).
Zoogdieren zijn gewervelde dieren met borstklieren, lichaamsbeharing en vier ledematen, die bij de meeste zeezoogdieren tot vinnen zijn omgevormd. Ze ademen via de longen en zijn warmbloedig, dat wil zeggen dat hun lichaamstemperatuur min of meer constant blijft, onafhankelijk van de omgevingstemperatuur waarin ze zich bevinden. Ze bezitten een goed functionerende bloedsomloop en een hart met twee boezems en twee kamers.
Zoogdieren planten zich door bevruchting tussen mannetjes en vrouwtjes voort. Met uitzondering van de Monotremata ontwikkelen de jongen zich in de baarmoeder van het vrouwtje. De jongen leven van de moedermelk. Zoogdieren komen sinds ruim 200 miljoen jaar overal op aarde voor, waarbij de grootste diversiteit van soorten ongeveer 15 miljoen jaar geleden voorkwam. Tegenwoordig bestaan er ongeveer 4000 verschillende soorten, waarvan ongeveer de helft uit knaagdieren bestaat. De grootste dieren die momenteel op aarde leven, zoals de reusachtige walvissen en olifanten, zijn zoogdieren. De blauwe vinvis is het grootste dier dat ooit heeft geleefd.
EUTHERIA
Placentalia
HOGERE ZOOGDIEREN
![]() | |||
| INSECTIVORA Insekteneters |
DERMOPTERA Huidvliegers |
CHIROPTERA Vleermuizen |
PRIMATES Primaten |
![]() | |||
| PHOLIDOTA Schubdieren |
LAGOMORPHA Hazen en fluithazen |
RODENTIA Knaagdieren |
CARNIVORA Roofdieren |
![]() | ||||
| PROBOSCIDEA Slurfdieren |
HYRACOIDEA Klipdassen |
SIRENIA Zeekoeien |
PERISSODACTYLA Onevenhoevigen |
ARTIODACTYLA Evenhoevigen |
![]() | |||
| CETACEA Walvissen |
EDENTATA Tandarme dieren |
PINNIPEDIA Zeeroofdieren |
TUBULIDENTATA Aardvarkens |
| PROTOTHERIA Monotremata |
![]() |
| EIERLEGGENDE ZOOGDIEREN |
| METATHERIA Marsupialia |
![]() |
| BUIDELDIEREN |
bron dierenjungle
Weetjes (Tante Lotte)


lichaamstemperatuur
De lichaamstemperatuur van onze gezelschapsdieren kan onder diverse omstandigheden iets afwijken van bovenstaand staatje. Zo kunnen enkele dieren zich in de wachtkamer dusdanig opwinden dat de temperatuur hoger ligt. Bij hond en kat gaat men doorgaans pas echt van koorts uit als de temperatuur boven de 39 graden ligt (opnemen via de anus). Doorgaans ligt de temperatuur bij kleine rassen hoger dan bij grote. Let bij konijnen op dat zij niet in de felle zon staan: deze zijn gevoelig voor hitteslag, wat fataal kan blijken. Pas ook op met zon bij (gedeeltelijk) witte dieren; deze lopen gemakkelijk zonnebrand op.

levenscyclus
| levenscyclus | |||
|---|---|---|---|
| dier (soort) | geslachtsrijp (weken) | draagtijd (dagen) | levensduur (jaren) |
|
cavia
chinchilla
fret
gerbel
hamster
hond
kat
konijn
muis
rat |
9
20-25
24-36
9-12
4-7
25-50
25
20-42
6-7
6-10 |
60-75
105-115
42
24-26
15-17
64-66
61-69
30-35
19-24
18-23 |
6-8
15-20
6-9
3-5
2-3
6-17
13-22
5-9
2
2-3 |
Binnen een diersoort kunnen bovenstaande waarden per ras wat variëren. Zo leven grote honden doorgaans korter dan kleine. Bovendien zal bijvoorbeeld een fret in de natuur veel minder lang leven dan zijn soortgenoot als huisdier. Uitzonderingen zullen er altijd zijn: zo worden sommige mensen ook meer dan 100 jaar oud....
Hartwormen bij hond en kat (Tante Lotte)

|
Hartwormen bij hond en kat |
|
Hartvormen zijn, de naam zegt het inderdaad al, wormen die zich in het hart kunnen bevinden bij hond- en katachtigen. Levenscyclus van de hartworm Ziektebeeld Diagnose Voorkoming Behandeling dierenarts/parasitoloog Via Hofstadklanken Uit Over Dieren |
Uilen (Ereli)

Van Wikipedia
| Uilen | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ruigpootuil (Aegolius funereus ) | |||||||
| Taxonomische indeling | |||||||
| |||||||
| Orde | |||||||
| Strigiformes Wagler , 1830 |
- Voor de vlinderfamilie uilen (nachtuiltjes), zie Noctuidae .
De orde uilen (Strigiformes) bevat de volgende twee families:
Zij hebben een rond, afgeplat gezicht met grote naar voren gerichte ogen die vast in de schedel staan. Om dus in diverse richtingen te kunnen kijken moet de uil steeds de kop draaien, wat uilen dan ook zeer goed kunnen. Ze hebben een haaksnavel en krachtige klauwen aan hun poten, die vaak dicht bevederd zijn. Uilen hebben grote ogen die helpen een prooi in het donker te ontdekken. Zij vliegen vaak geruisloos door de nacht op zoek naar prooidieren, zoals muizen . Overdag wordt een slapende uil soms aangevallen door kleinere vogels, die hem proberen te verjagen. Uilen nestelen in een holle boom, op de grond of in gebouwen.
Inhoud[ verbergen ] |
[ bewerk ] Scherp gehoor
Uilen hebben een bijzonder goed gehoor. Ze zijn in staat om bij complete duisternis hun prooi te vinden. In een experiment wisten ze in 13 van de 17 gevallen een muis te vangen die in een compleet donkere kamer was losgelaten.
Bij een aantal geslachten van de uilen is er sprake van asymmetrie in de ooropeningen. De oren van uilen bestaan uit een ooropening, in sommige soorten bedekt met een oordeksel (operculum ). De oren moeten niet verward worden met de oorpluimen die uilen zoals de ransuil hebben, oorpluimen worden door veren gevormd, en zitten ook niet op de plaats waar de ooropeningen zitten.
De asymmetrie van de oren bij uilen bestaat eruit dat de ooropeningen links en rechts niet op dezelfde hoogte zitten. Ook de vorm van de ooropening (in de huid, maar ook in de schedel) en van het oordeksel kan links en rechts verschillen. De functie van deze asymmetrie is een betere bepaling van de richting waar geluiden vandaan komen voor de verticale component. Het mechanisme werkt vergelijkbaar met de horzontale plaatsbepaling: geluiden uit een bepaalde richting komen iets eerder aan bij het ene oor. Uilen kunnen een verschil tot 30 microseconden in aankomsttijd tussen beide oren waarnemen (een microseconde is een miljoenste seconde).
Om de informatie te verwerken is het deel van de hersenen wat met horen in verband staat bij uilen veel groter dan bij andere vogels. Uilen vormen een plattegrond van de omgeving op basis van geluidsinformatie, zoals mensen dat doen met visuele informatie. Uilen hebben een gebied in de middenhersenen met ongeveer 10.000 neuronen dat net zo georganiseerd als de visuele cortex . De activiteit van de neuronen in dat gebied is geassocieerd met geluid uit een specifieke richting.
Dieren met verticaal symmetrisch geplaatste oren zijn soms ook zeer goed in staat zijn om de bron van een geluid te bepalen, ook verticaal. Ze gebruiken dan echter een volstrekt ander mechanisme voor verticale plaatsbepaling.
[ bewerk ] Evolutie en systematiek
De oudst gevonden fossiele uilen zijn uit het Paleoceen (65 tot 56 miljoen jaar geleden, de periode na het massaal uitsterven als gevolg van de meteoriet van Chicxulub ). Berruornis is bekend uit Europa en Ogygoptynx 1 uit Noord-Amerika. Andere oude fossielen zijn enkele soorten uit de nu uitgestorven familie Protostrigidae , geslachten Protostrix en Eostrix .
Resultaten van genetisch onderzoek wijzen erop dat de uilen zich ongeveer 80 miljoen jaar geleden hebben afgesplitst van andere vogels. Ze hebben een gemeenschappelijke voorouder met de nachtzwaluwachtigen (Caprimulgiformes).
Het oudst gevonden fossiel van de kerkuilen (Tytonidae) dateert van 58 miljoen jaar geleden. De familie van kerkuilen lijkt eerder ontstaan te zijn dan de Strigidae , het oudst gevonden fossiel van deze familie dateert van 40 miljoen jaar geleden.
Op Cuba leefde tot 8-10 duizend jaar geleden een uil die bijna een meter groot was, Ornimegalonyx oteroi . Deze uil had lange poten, als een loopvogel, maar was waarschijnlijk nog wel in staat om te vliegen.
[ bewerk ] Evolutie van de asymmetrische oren
Uilen zijn de enige dieren waarbij asymmetrisch geplaatste oren zijn gevonden2. Omdat de asymmetrie bij verschillende geslachten zo verschilt, gaan onderzoekers ervan uit dat deze asymmetrie in de verschillende geslachten onafhankelijk van elkaar is geëvolueerd (zie ook convergente evolutie ). Er zijn ook uilen waarbij de oren wel symmetrisch zijn geplaatst, en het blijkt dat deze uilen niet graag in complete duisternis vliegen. Uilen met asymmetrische oren hebben daar geen problemen mee.
Asymmetrische oren komen voor bij alle soorten van de geslachten Tyto en Asio en bij enkele soorten van onder meer de geslachten Bubo , Strix en Aegolius . Het is denkbaar dat bij de "symmetrische" uilen de asymmetrie verloren is gegaan. De asymmetrie bij de verschillende groepen is echter zodanig verschillend dat wordt aangenomen dat het in elke groep onafhankelijk is ontstaan. Het opmerkelijke is dat dat dan minstens vier en maximaal zeven maal in gebeurd.
De auteurs van "Ecology and conservation of Owls" concluderen dat de asymmetrie in vijf fylogenetische lijnen onafhankelijk van elkaar is ontstaan.
[ bewerk ] Noten
1). De juiste naam van dit fossiel is Ogygoptynx wetmorei In sommige publicaties wordt echter ook Ogygopteryx wetmorei gebruikt.
2). Asymmetrische oren zijn ook gevonden bij de humboldt pinguin. Zie Martin en Young, The eye of the humboldt penguin, Spheniscus humboldti: visual fields and schematic optics. Proc. R. Soc. Lond. B 233, 197-222 (1984).
DE ZINTUIGEN DIE UILEN TOT ZULKE GOEDE NACHTJAGERS MAKEN (Yradja)

De kringen van veren rond de ogen van een uil dienen niet om het dier beter te laten zien, maar om scherper te horen. Aan de rand ervan zit een ring van dicht opeengepakte veertjes die geluiden van hoge frequentie, zoals het gepiep van een muis, naar de oren leiden, die achter de oogkringen liggen. In feite werken ze dus op een zelfde manier als de vlezige uitwendige oren van zoogdieren als konijnen en katten.
Met hun enorme ogen zijn uilen zeer goed uitgerust voor de jacht bij zwak licht. Maar ook hun formidabele gezichtsvermogen is niet voldoende om te kunnen zien in de absolute duisternis die 's nachts onder de bomen eerst. Daar moeten ze dan vertrouwen op hun extreem scherpe gehoor.
Uilen lokaliseren geluiden op dezelfde wij ze als wij. Een geluid dat van rechts komt, bereikt het rechteroor een fractie van een seconde eerder dan het linker. Dit minieme verschil is voor de hersenen voldoende om de richting van het geluid te bepalen. Op dezelfde wijze kunnen sommige soorten uilen ook de hoogte van een geluidsbron vaststellen, doordat een van hun oren hoger is geplaatst dan het andere. Ze draaien hun kop zodanig dat het geluid in beide oren in balans komt, zo kunnen ze in het donker precies vaststellen waar hun prooi zich bevindt.
Alsof dit nog niet genoeg is, hebben uilen ook nog eens bijzonder zachte veren, waardoor hun aanvalsvlucht bijna onhoorbaar is. Voor een muis in het kreupelhout is het een vrijwel hopeloze zaak om aan een uil te ontsnappen.
Bron : The Readers' Digest

ziet jou hond je als 'baas' of als kind? (Tante Lotte)
Volgens de visie van Jan ziet de hond de mens vaak als een kind waarvoor gezorgd moet worden. De hond gaat overal naar toe waar jij gaat. Hij volgt je overal. Klink mij in ieder geval al niet gek in de oren. En jou?
Om je te laten zien waar je naar toe moet, trekt hij aan de lijn, jij weet het volgens de hond anders niet…
Je kan je hond tiranniseren en met schreeuwen en intimidatie je wil opleggen.
De meeste problemen met honden beginnen volgens Jan bij het gebrek aan een van deze punten bij de omgang met de hond.
Tegen je opspringen = gebrek aan respect.
Trekken aan de lijn = ik neem de leiding.
Niet komen als je roept = Pf, jij moet mij volgen hoor!
- De leiding nemen. Zonder geweld, consequent, rustig en overtuigd de hond laten merken wat je wilt. Dit op een manier die voor hem meteen duidelijk is en waardoor hij je graag gehoorzaamt.
- De eerste test. Zo kan je zien of de communicatie met je hond de juiste is of aangepast moet worden zodat de relatie verbetert.
- Vaststellen wie de leider van de roedel is. Door het gedrag van een roedelleider te leren herkennen leer jij hoe je op de juiste manier je boodschap kan overbrengen en de hond jou als 'leider' gaat zien.
- Hoe je verlatingsangst moet aanpakken. Je hond raakt niet meer in paniek als je weg gaat.
- Wat je moet doen bij nerveuse agressie. Hier is het belangrijk dat je hond jouw leiderschap erkent. Het beschreven praktijkvoorbeeld zegt genoeg.
- Honden die bijten. Honden die bijten, bijten vaak niet echt. Ze geven je een waarschuwing. Jan laat zien hoe je ze kan laten zien dat je goede bedoelingen hebt.
- Overdreven beschermende honden. Laat je inzien dat je door bepaalde reactie het gedrag juist bevordert. Met de hulp van je buren, wat vrienden en het advies van Jan kom je een heel eind.
- Honden die tegen mensen opspringen. Leer je hond respect hebben voor mensen zodat je niet meer hoeft te betalen voor de stomerij omdat je hond weeral met modderpoten tegen je bezoek sprong.
- Hoe je hond meteen terug komt als je hem roept. Zonder angst de hond even vrij laten om zijn benen te strekken.
- De scherpte uit vechtpartijen halen. Leer agressieve neigingen te onderdrukken en je hond op een gezonde manier kennis maken met andere honden. Jane laat zien dat zaken zoals omgeving belangrijk zijn bij confrontaties.
- Angst voor geluiden. Eenvoudige principes die je helpen om de angst te verminderen.
- Een puppy in huis nemen. Tips die teleurstellingen voorkomen.
- Omgaan met probleempups. Opvoedingsmethode waarbij de pup spelenderwijs en met plezier belangrijke levenslessen opneemt.
- Onzindelijkheid. Hoe voorkom je plassen tegen meubels?
- De problemen van de samengestelde roedel. Meerdere honden in huis? Lees hoe je de orde bewaart.
- Honden met eetproblemen. Leer signalen herkennen die dit gedrag kunnen veroorzaken en wat je moet doen om de eetlust weer te bevorderen.
- Chaos in de auto aanpakken. Je hond kan eindelijk weer mee op reis.
- Voetknagers en staartbijters. Hoe je 'zenuwpezen' tot rust kan brengen.
- Asielhonden. Hoe je problemen kan aanpakken en samen kan genieten van het verdere leven.
- Spelen met je hond. Regels om via spel controle over je hond te bevestigen.
- ...
. Ik ben er trots op dat ik door mijn opvatting te volharden, heb geholpen om de wereld een betere plek voor paarden te maken en hopelijk ook voor mensen.
Ik hoop dat dit boek hetzelfde weet te bereiken voor een ander zeer bijzonder schepsel, de hond.
Monty Roberts, paardenfluisteraar
Over het product
Titel: De vrouw die naar honden luistert
Schrijfster: Jan Fennell
Jaar van uitgave: 2000 voor de eerste druk
Taal: Nederlands
Kaft: Paper back
Paperback | 191 Pagina's | Tirion Uitgevers | 2002
ISBN10: 9043903523 | ISBN13: 9789043903523
Yoga voor honden: ontspan u samen met uw hond! (Ereli)

|
Gezondheid Huisdieren |
||||||||
17/04/2007 | ||||||||
Groetjes
Ereli en Knudde
Koko van Bobine 55

Boundy Caprice Kiana en Queeny (van Bobine 55)

Is hondenpoep verleden tijd? (Cis-ka)

Is hondenpoep verleden tijd?
Een Nederlands bedrijf beweert het probleem van hondenpoep te hebben opgelost door een speciaal soort hondenvoeding te maken dat geen 'afval' achterlaat.
Uitvinders Jos van der Linden en Nanette Waldrop zeggen dat 90% van het voedsel, dat de naam 'Energiek' draagt, geabsorbeerd word in het lichaam van de hond. De overige 10% zou er achteraan reukloos uitkomen en kan makkelijk opgeraapt worden met een doekje.Uit een onderzoek van de Universiteit van Utrecht blijkt dat een hond normaal gezien drie keer per dag zijn behoeft moet doen. 'Energiek' zou er echter voor zorgen dat dat gereduceerd wordt tot één keer per dag.
Het echtpaar verkoopt het voedsel, dat helemaal op vlees is gebaseerd, zo snel als ze kunnen vanuit hun fabriek in Friesland. Gewoon hondenvoer bestaat slechts uit 15% vlees, de rest is gemaakt uit maïskroppen en water. ,,Het voedsel komt eruit zoals het erin ging, het probleem is dat hondendarmen niet gemaakt zijn voor maïskroppen'', aldus Van der Linden. ,,Het geheim achter het succes van 'Engergiek' is de eenvoudige benadering dat honden enkel vlees zouden eten als ze geen huisdieren waren.''
Het nieuwe product is verwelkomd als een belangrijke steun in het gevecht tegen het probleem van de hondenpoep in de straat. Enig minpunt is de prijs. 'Energiek' kost immers dubbel zo veel als gewoon hondenvoer. Dat heeft er echter niet verhinderd dat het bedrijf bestellingen krijgt uit de VS, Canada en Israel.
(DS)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Zwarte weduwe toch nog nuttig voor ...... (Cis-ka)

Israëlische onderzoekers die gespecialiseerd zijn in de behandeling van seksuele impotentie, onderzoeken de kracht van spinnengif om dit euvel te behandelen, schrijft de krant Yediot Aharonot.
Onder de spinachtigen is er de zwarte weduwe, een spin met dodelijk gif, net als twee andere insecten uit Afrika en Latijns-Amerika.
Aan de basis van de onderzoeken ligt de ondervinding van mannen die door spinnen werden geprikt en die daarna te maken hadden met "langdurige erecties", schrijft de Israëlische krant.
De lopende onderzoeken staan onder leiding van dokter Ilan Grinolad, van het departement urologie van het ziekenhuis Rambam in Haifa.
"Het gaat over de eerste onderzoeken van dit soort. Ze zijn bedoeld om een hulp te bieden aan een groot aantal mannen", verklaarde de arts aan de krant.
(GVA)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/ 
dansend paard (Yane)


Filmpje (Lann)
Kippen houden: verzorging tijdens het broeden. (Yradja)

In het voorjaar is er dan ook heel wat te beleven in het kippenhok. De hennen leggen terug verse eieren en binnenkort lopen de kuikentjes terug te pronken in het gras!
Zorg ervoor dat de vroeg broedende hennen alle nodige zorg krijgen die ze verlangen door extra veel stro in het nest te verwerken zodat de kans op afkoeling van de eieren gering blijft.
Ook heel belangrijk is de voeding van onze kippen. Een goede, sterke graanmengeling is dan ook aan te bevelen. De kippen moeten wat aansterken om de kans op ziektes te
vermijden. Geef ook af en toe voldoende groenvoer zoals ‘vogelmuur’ en diverse grassoorten. Ook een vitaminekuur kan wonderen doen bij kippen, … je ziet ze opvrolijken.
Kippen en broeden:
Kippen gaan over tot broeden omdat hun natuurlijk instinct dit verlangt. Zoals ieder levend wezen hebben zij ook de drang om zich voort te planten en voor nakomelingen te zorgen.
Wie een broedse hen heeft, houdt best rekening met volgende factoren.
Zorg ervoor dat je eieren van kleine krielkipjes niet laat uitbroeden door zware hoenderrassen. Er bestaat gevaar voor het vertrappen van de kleine kuikens.
- Bij hoenders met pluimen op de poten gaan we deze afknippen om te voorkomen dat bij het verlaten van het nest de kloek de eieren stuk maakt.
- Bij hoenders zoals ‘Cochins’ en ‘Brahma’s’ moet soms dons geknipt worden rondom de cloaca ( aarsopening) om de bevruchting te bevorderen.
Broeden:
Wanner u een ras hebt dat vrij gemakkelijk broeds wordt, kan u deze op vrij eenvoudige wijze natuurlijk laten uitbroeden. Indien een van uw hennen goed broeds is, en dus al een dag of 3 weinig of niet van het nest komt, kan u deze best van de rest afzonderen en er enkele eitjes onder leggen.
Het best zet je de hen op een donkere plaats.
Hier enkele kenmerken waaraan je kunt zien dat een hen broeds is:
-
Ze blijft op het nest zitten en pikt de verzorger als hij dichter komt.
-
Ze zet haar pluimen wijd open en maakt een klokkend geluid.
-
Als je haar een ei geeft, zal ze het onder haar verstoppen.
Vooral ook niet te veel eieren onder de hen schuiven, anders bestaat de kans dat er eieren wegrollen en afkoelen, waardoor het embryo zal afsterven.
Een broedse hen eet en drinkt minder, maar heeft toch elke dag vers water en een beetje graanvoer nodig. Als het hele broedproces goed verloopt dan zullen de kuikens 21 dagen na de start van het broeden uit hun ei breken.
Brontekst : Tuinadvies
Honden aan de lijn ? (Tante Lotte)

Verschenen in staatsblad LINK= http://www.staatsbladclip.be/wetten/2005/01/20/wet-2005000006.html
| FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN | |||
| |||
e) Het laten baden van huisdieren in visvijvers of waters van openbare parken en plantsoenen of hen de sierdieren te laten beschadigen.
h) Het hinderen van het verkeer door een hond niet aan de lijn te houden
m) Het voeren van wilde of verwilderde dieren.
- Voor de eigenaars van honden : het opruien of niet in bedwang houden van de hond, wanneer deze voorbijgangers aanvalt of achtervolgt, zelfs indien dit geen kwaad of schade tot gevolg heeft.
Dus even navragen in uw gemeente wat is toegestaan !!!!
Persoonlijk vind ik dat het wettelijk verplicht zou moeten zijn = honden aan de leiband en enkel op voorziene plaatsen loslopen , vb loopweide.
VOOR UW EN ANDEREN HUN VEILIGHEID WIJ LIJNEN ONZE
TOSHI ALTIJD AAN. IN STAD EEN GEWONE LEIBAND EN DAAR WAAR MEER VRIJHEID KAN EEN FLEXI-LEIBAND. ( zo eentje dat een 2 tal meter lang is en in en uit kan rollen)
De kleuren en patronen van katten! (Cis-ka)

De kleuren en patronen van katten!Volgens het NOK.
Andere naam voor gemarmerd (afbeelding A) : Blotched
Let wel!!De . Tabby', oftewel het . Patroon' van de kat slaat alleen op één van de drie bovenstaande modellen. Natuurlijk zijn er (in principe) ook nog geheel effen katten. In principe omdat ook geheel effen katten ook nog vaak, (hoewel bijna onzichtbaar), een patroon hebben wat slechts met bepaalde lichtval zichtbaar is. Vooral bij zwarte katten is dit vaak vrij duidelijk. Bij witte katten is het slechts heel zelden nog waarneembaar. Elk van de bovenstaande patronen kunnen voorkomen met wit hoewel dit niet noodzakelijk is.
Enkele voorbeelden van gemarmerde katten. | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Een Bruin gemarmerde kat,(Brown Tabby Blotched) Witte kat, (White, al dan niet Bi-Colored Eyed) |
| Deze beschrijvingen over kleuren en patronen betreft alleen de "Tabby" van de Kat. Het zijn geen rasbeschrijvingen, hoewel deze kleuren en patronen ook bij veel Raskatten voorkomen. | |
http://www.dierenambulance.rotterdam.nl/snippers/20041024_01.htm
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Moet men in België honden aan de lijn houden? (Martina1)

Moet men in België honden aan de lijn houden?Er is inderdaad nog geen wet die bepaalt dat honden aan de lijn moeten worden gehouden, maar in de Senaat werd wel al een wetsvoorstel goedgekeurd dat een oplossing biedt voor dit probleem.
Daarin zijn heel wat bepalingen opgenomen die incidenten met honden moeten voorkomen.
Zoals het artikel dat bepaalt dat alle honden op openbare plaatsen aan de lijn moeten worden gehouden.
Eenzelfde verplichting wordt echter al in heel wat gemeentereglementen opgelegd. Doe maar eens navraag bij uw gemeente. Wie zich daar niet aan houdt, riskeert een boete. In theorie, want in de praktijk komt het pas zover als de overtreding in een proces-verbaal wordt vastgesteld, en daarvoor moet dan wel net op dat ogenblik een agent in de buurt zijn. Toch zal de overtreder niet altijd ontsnappen. Als iemand gewond raakt door een loslopende hond, kan dat op twee vlakken gevolgen hebben voor de eigenaar. Enerzijds riskeert hij een sanctie voor onopzettelijke slagen en verwondingen. Anderzijds is er de vergoeding van de opgelopen schade ( gescheurde kleren, medische verzorging, pijn, angst...) Als de eigenaar verzekerd is, zal hij die vergoeding wel niet zelf moeten ophoesten, maar is dat de verzekeringsmaatschappij.
Het zou alvast helpen indien eigenaars van honden een beetje begrip tonen voor hun medeburger met of zonder hond.
(Ivo Mechels van T-A)
Voor alle poezen-liefhebbers en wie wat meer wil weten over de katten (Tante Lotte)

Voor alle poezen-liefhebbers en wie wat meer wil weten over de katten
Artikelen in de categorie "Kat"
ABCDE |
E (vervolg)HJKLMNO |
O (vervolg)PRSTVWZ |
Hondenras (Tante Lotte)

Hondenras
Hondenras
Van Wikipedia
Een hondenras is een groep honden met in uiterlijk en gedrag overeenkomstige eigenschappen. Een hondenras ontstaat doordat mensen selectief op deze kenmerken fokken (zie ook: domesticatie ).
Oorspronkelijk werden honden vooral geselecteerd op het vermogen om bepaalde taken uit te voeren, het hoeden van vee, het assisteren bij de jacht, de bewaking van huis en erf. Daarbij werd gelet op zowel mentale als fysieke eigenschappen, maar vooral op de eerste. Zo is een sterke jachtdrift belangrijk voor een jachthond, maar hetzelfde gedrag is voor een waakhond juist ongewenst.
Alleen in bijzondere gevallen, zoals bij trekhonden of poolhonden, werden ook hoge eisen aan de bouw en de vacht gesteld. Verder is één bepaalde groep honden, traditioneel aangeduid als schoothondjes , altijd al als gezelschapsdier gefokt.
Door de nadruk op het werkvermogen laten de traditionele rassen een grote mate van variabiliteit in het uiterlijk zien. Oude rassen worden daarom ook wel aangeduid als een slag of een type (zie: landras en hondentype ). Maar vanaf de 19e eeuw ontstaat er steeds meer belangstelling voor het uiterlijk van de honden. Er werden eerst enkele, later steeds meer, rassen erkend.
Dat betekende dat de eigenschappen werden beschreven in een rasstandaard en de afkomst van de rashonden werd geregistreerd in een stamboek . Men begon gericht te fokken op eenheid in exterieur en vaste vererving. Dat wil zeggen dat twee honden van hetzelfde ras uitsluitend jongen krijgen met hetzelfde uiterlijk als de ouders.
Van veel rassen wordt verondersteld dat ze zeer oud zijn, maar men moet zich wel realiseren dat ze doorgaans niet al te lang geleden bij de aanleg van het stamboek uit slechts enkele individuen gefokt zijn. Daarnaast zijn er echt nieuwe creaties, raszuiver uitgefokte kruisingen zoals de Dobermann .
Tegenwoordig zijn er meer dan 300 hondenrassen door een kennelclub erkend. In Nederland en België geldt de indeling die door de internationale federatie van kennelclubs, de FCI , is gemaakt (zie: Lijst van hondenrassen), maar met name in Groot-Brittannië en de Verenigde Staten worden andere rasindelingen gebruikt. Het aantal erkende rassen groeit nog steeds, waarbij opvalt dat naast de West-Europese rassen steeds meer rassen uit andere delen van de wereld een officiële status krijgen.
Rassen worden soms weer onderverdeeld in variëteiten. Bij de FCI is in feite de variëteitsgroep minstens zo belangrijk als het ras zelf, want er wordt alleen met honden uit dezelfde variëteitsgroep gefokt. Zo valt het ras Hollandse herder uiteen in de variëteitsgroepen Korthaar , Langhaar en Ruwhaar die niet onderling gekruist mogen worden.
Fokkers zijn vaak voorstander van een steeds verdere opsplitsing van de rassen. Dat heeft een technische reden, het zuiver fokken van de per ras vastgestelde eigenschappen. Maar het heeft ook te maken met het feit dat de kampioenschapsprijzen per variëteitsgroep beschikbaar gesteld worden: meer groepen, meer prijzen. De steeds verdergaande opsplitsing van soms toch al kleine populaties verergert echter het probleem van inteelt .
De dieren die het hoogst leven (Cis-ka)

|
Onderwerp: [Huisdieren] De dieren die het hoogst leven |
|
|
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

Teek onder het vergrootglas (Martina1)

Teek onder het vergrootglas
,,Het vrouwtje van de teek zuigt zich vol bloed. Het zijn altijd de dames - ook bij de muggen bijvoorbeeld - die bloed zuigen. Dat bloed hebben ze nodig in het kader van de voortplanting. Het volgezogen moederdier brengt haar eieren over op de eerste gastheer, bijv. knaagdieren en vogels. De teek die hiervan afvalt noemt men een larve . Deze larve ligt rustig te wachten tot er een tweede gastheer voorbijkomt om er zich letterlijk laten op te vallen. Ook deze gastheren zijn weer knaagdieren, vogels en eventueel herten. Dit zijn de gastheren van de tweede categorie. Ook bij hen blijft de teek niet lang hangen. De teek die van de tweede gastheer afvalt heet een nymf . Deze nymf gaat uiteindelijk op de mens, kat, hond, enz. vallen en transformeert zich na het bloedzuigen tot een volwassen teek'. (rvdc)
Help! Géén haai (Cis-ka)

Aan de Amerikaanse oostkust leven zo goed als geen grote haaien meer. Dat is geen goed nieuws, zegt een studie in het vakblad Science deze week. Het verdwijnen van de grote roofdieren brengt de voedselketen in de oceanen in de war.
De overbevissing op grote haaien als de tijgerhaai en de zwartpunthaai voor de oostkust van de Verenigde Staten veroorzaakt een kettingreactie. De grote haaien zijn de natuurlijke vijanden van roggen en kleine haaien, en daarvan zwemmen er nu veel te veel rond. Het aantal koeneusroggen bijvoorbeeld is sinds 1970 vertwintigvoudigd. Dat is dan weer slecht nieuws voor de prooien van de roggen, zoals de kammossels. Die zijn zo bedreigd dat de roggen intussen overschakelen op andere schelpdieren, zoals oesters.
Daar houden de problemen niet op, schrijven marinebiologen Ransom Myers en Charles Peterson in Science. Kammossels en andere schelpdieren filteren zeewater. Door hun achteruitgang gaat ook de waterkwaliteit erop achteruit.
"We hebben grote zeegrasbedden gezien die omgewoeld waren door hongerige roggen op zoek naar schelpdieren", zegt Peterson van het Instituut voor Marinebiologie aan de Universiteit van Noord-Carolina. Zeegrasbedden bevatten verschillende algensoorten en worden beschouwd als de kraamkamer van vele vissoorten.
Grote haaien staan als roofdier helemaal bovenaan de voedselpiramide, wat betekent dat zij eten en door niemand gegeten worden. Deze “toppredatoren” zijn belangrijk voor het evenwicht van een ecosysteem van de oceaan.
"We hebben letterlijk de top van het voedselweb in de oceaan gekapt en dat brengt het ecosysteem uit zijn evenwicht", zegt Julie Baum van de Dalhousie universiteit in Canada. "Er is weinig twijfel dat hetzelfde aan het gebeuren is in de andere kustgebieden van de planeet." Baum toonde al in 2003 aan dat meer dan negentig procent van alle grote predatoren in de wereldoceanen verdwenen waren, vooral door overbevissing.
Grote haaien zijn niet zo interessant voor hun vlees, maar wel voor hun vinnen en kraakbeen. Veel vissers vangen grote haaien in hun net, snijden de vinnen eraf en gooien de bloedende, stervende haai weer overboord. De vraag naar haaienvinnen, onder meer om er soep van te maken, stijgt met meer dan vijf procent per jaar.
Sommige rapporten schatten dat de markt voor haaienvinnen en haaienkraakbeen als alternatief geneesmiddel tegen gewrichtspijn jaarlijks een biljoen dollar waard is. In de VS verkoopt elke apotheek producten op basis van haaienkraakbeen, hoewel de effectiviteit nooit werd bewezen. Haaien worden pas na zo'n twintig jaar geslachtsrijp en hebben relatief weinig jongen, waardoor de populatie zich uiterst moeilijk herstelt.
De VS en Canada hebben het afsnijden van vinnen en weer overboord gooien van de vis in het begin van de jaren negentig verboden, net als zestig andere landen. Mexico sloot zich er deze maand bij aan. Maar de verboden zijn niet alleen moeilijk af te dwingen, ze leiden ertoe dat nu de hele vis wordt opgehaald en zorgen dus niet voor extra bescherming, zegt Baum.
Volgens marinebioloog Peterson zou het publiek er goed aan doen om geen haaienproducten meer te kopen. Daarnaast zou er een volledig verbod moeten komen op vangst van grote kusthaaien.
(IPS)
(GVA, net zoals het artikel in de vorige mail)

We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/

DE SPINNENDE KAT. (Yradja)

|
|

Een van de meest vertrouwde dierengeluiden is het spinnen van katten, maar vreemd genoeg weet niemand precies hoe ze dit geluid maken. Zeker is in elk geval dat de kat zijn stembanden er niet voor gebruikt. De kat brengt met zijn stembanden de minder aangename klanken uit zijn repertoire voort : miauwen en krijsen.
Wanneer katten hun karakteristieke zachte en tevreden snorgeluid maken, kan men hun keel voelen trillen. In hun keel bezitten katten, naast hun echt stembanden, een paar zogeheten vestibulaire plooien of valse stembanden. Sommige onderzoeken nemen aan dat de kat deze met zijn ademhaling kan laten meetrillen. Spinnen kost de kat kennelijk erg weinig energie, want hij kan het eindeloos volhouden.
Volgens een andere theorie wordt het spinnen helemaal niet veroorzaakt door de valse stembanden, maar door turbulenties in de bloedstroom.
Als de kat zich prettig voelt, zou zijn bloed sneller stromen en in een uitzonderlijk dikke ader in de borst gaan wervelen, wanneer deze door de spieren er omheen wordt samengeknepen. Het door deze wervelingen veroorzaakte geluid zou versterkt worden door het middenrif en na het passeren van de luchtpijp nogmaals in de neusholten.
Voor pasgeboren katjes, die nog niet goed kunnen horen, is het geruststellende voelbare trillen van de moederbuik waarschijnlijk een belangrijker signaal dan het spingeluid zelf.
Overigens spinnen niet alleen huiskatten, maar ook de kleinere wilde soorten zoals de lynx en ze laten op deze wijze hun goede humeur blijken.
De grote katachtige, zoals leeuw, tijger en jaguar kunnen niet spinnen.
Brontekst : The Readers' Digest
KINDEREN EN HONDEN : (Cis-ka)

KINDEREN EN HONDEN :
Een folder samengesteld door de VDWE.
INLEIDING
In België wordt de hondenpopulatie geschat op ongeveer 1,6 miljoen dieren. Deze leven samen met ongeveer 11
miljoen mensen. Eén op drie gezinnen heeft één of meerdere honden. Dat dit af en toe tot problemen kan leiden,
waaronder bijtincidenten, hoeft ons niet te verbazen
Een aantal beten doen zich voor op de openbare weg, het merendeel gebeurt gewoon thuis. Een onderzoek door
dierenartsen van VDWE uitgevoerd bij 40% van de ziekenhuizen in Vlaanderen, leert dat in 1999 ongeveer 1900
personen zich aanboden op de spoedopnames voor een bijtwonde door een hond. Hiervan moesten ongeveer
1000 slachtoffers gehecht te worden en ongeveer 30% van de slachtoffers waren kinderen.
Dergelijke ongevallen zijn dus niet zo zeldzaam als soms wordt beweerd.
Een ander onderzoek uit 2001 van de Gentse Universiteit, bij meer dan 5000 kinderen uit het derde leerjaar,
toont aan dat één op twintig kinderen het voorbije jaar gebeten werden door een hond. Het merendeel van de
beten werd toegebracht door een hond waarmee het kind vertrouwd was. Eén op zes van de kinderen werd
opnieuw gebeten datzelfde jaar. Dat toont aan dat er zeker nog heel wat werk aan de winkel is om hondenbeten
te voorkomen. Dit dient zo ruim mogelijk te worden opgevat zowel voor als na de eerste beet.
Deze folder vertelt u iets meer over de hond, het kind, de gevaren en de oplossingen.
HONDENTAAL
Wij, mensen, drukken ons vooral uit met gesproken taal. Wanneer wij praten, begrijpt onze hond de betekenis
van de woorden niet echt. Hij begrijpt de klank (meestal maken ze geen onderscheid tussen bvb. “zit” en “pit” )
en de toon ( vriendelijk, kwaad).
Honden kunnen niet praten met woorden. Ze gebruiken o.a. hun lichaam om te ‘praten’. Men noemt dit
lichaamstaal . Een hond laat merken hoe hij zich voelt door:
- zijn gelaatsuitdrukking, mimiek ( ogen, oren, lippen, tanden)
- zijn lichaamshouding ( haren rechtop zetten, neergedrukte houding )
- de houding en beweging van zijn staart ( hoog gehouden staart, staart tussen de benen )
- zijn manier en zijn snelheid van bewegen
Honden drukken hun gevoelens ook uit door middel van geluiden, aanrakingen, geur…
Een paar voorbeelden van dergelijke lichaamstaal.
Aan wat ziet men dat een hond dreigt?
- haren recht over de ganse rug
- (voorste) tanden tonen, lip optrekken
- grommen, kwaad blaffen, bijten
Aan wat ziet men dat een hond bang is?
- lage houding ( zich zo klein mogelijk maken )
- staart naar beneden of tussen de benen
- oren naar achter
- beven
Wat zijn stresssignalen?
Men kan aan een hond zien dat hij zich niet op zijn gemak voelt, als hij bvb. het puntje van zijn tong uitsteekt en
weer intrekt, geeuwt, begint te hijgen, wegkijkt, plots aan de grond gaat snuffelen zonder aanleiding of kleine
plasjes begint te maken enz. …
CONFLICTEN
Conflicten zijn dikwijls het gevolg van een onaangepaste reactie op de lichaamstaal van de andere; de hond
begrijpt het kind niet, of omgekeerd.
Een hond kan op verschillende manieren op een conflict reageren. Hij kan het conflict negeren, vluchten,
verstijven van angst of vechten (agressie). Naar gelang zijn vroegere ervaringen zal een hond één van deze
strategieën kiezen.
Agressie is een normaal gedrag en behoort tot het normale communicatiepatroon van de hond. Agressie kan een
uiting zijn van angst, pijn, frustratie, prikkelbaarheid,… Het kan ook aangeleerd zijn ( moedwillig of niet ).
Wat een hond zal doen in een bepaalde situatie is afhankelijk van veel factoren:
- het karakter van de hond
- opvoeding, socialisatie
- eerdere ervaringen
- de sociale status binnen het gezin
- …
Zo zal een hond die bedreigd wordt, naargelang de omstandigheden:
- ofwel proberen te vluchten
- ofwel verstarren, verstijven, bevriezen
- ofwel dreigen ( dreigen is een waarschuwing )
- of zelfs bijten
Waarom bijten honden ?
Honden bijten niet alleen wanneer ze zich bedreigd voelen. Gewoonlijk hebben ze er wel een reden voor, maar
die is voor mensen niet altijd duidelijk.
Honden kunnen bijten :
- uit verdediging van hun voedsel, speelgoed, slaapplaats, …
- om hun pups of eigenaars te verdedigen
- wanneer men hen iets verbiedt
- wanneer men hen pijn doet
- wanneer ze iets niet leuk vinden
- wanneer ze bang zijn van iets ( cf. Lichaamstaal )
OPVOEDING
De aanschaf van de hond.
Het is belangrijk, voor de aankoop van de hond, eerst informatie in te winnen over het ras, de plaats van
aanschaf, de leeftijd en het geslacht.
Nadien is het onontbeerlijk om verder te zorgen voor een goede socialisatie en habituatie. Daarnaast is ook een
correcte opvoeding essentieel.
Socialisatie is het leren omgaan met andere levende wezens: mensen, honden en andere dieren. De pup moet
zoveel mogelijk positieve ervaringen opdoen in verschillende omgevingen.
Dit laatste wordt ook habituatie of gewenning genoemd. Opvoeden gebeurt van bij het prille begin en loopt
gedurend het leven van de hond verder.
Opvoeden betekent de pup een aantal begrippen bijbrengen (zit, kom, …) en hem leren wat mag en wat niet.
Een goede hondenschool kan hierbij helpen.
Het basisprincipe van een positieve opvoeding is: beloon goed gedrag en negeer ongewenst gedrag. Men beloont
een hond door middel van een vriendelijk woord, voedsel, spel en aandacht.
RISICOFACTOREN
Er is een essentieel verschil in het benaderen van een totaal vreemde hond of een hond waarmee men vertrouwd
is.
Kinderen gaan meestal op een andere manier om met honden naargelang ze hen wel of niet kennen. Er zijn een
aantal factoren die in beide gevallen het risico op ongevallen mee zullen bepalen.
Hier volgen enkele risicofactoren:
- aantal aanwezige honden. Meer honden betekent meer gevaar, want in groep reageren honden anders
dan wanneer ze alleen zijn. Een hond alleen is misschien behoedzamer, maar kan toch bijten wanneer
hij zich ingesloten of bedreigd voelt.
- wegrennende kinderen
- gillende kinderen
- kinderen die met voorwerpen gooien of met de armen zwaaien
- in feite alle omstandigheden waarbij de opwinding van de hond(-en) én kind(-eren) geprikkeld wordt.
- de leeftijd van het kind. Jonge kinderen hebben meer kans op ernstige letsels dan volwassenen. Ze zijn
minder goed in staat, zeker als ze alleen zijn, om een aanval te voorkomen, af te weren of zich
succesvol terug te trekken. Ze bewegen minder op een gecoördineerde wijze of kunnen het gevaar niet
schatten.
- de onvoorspelbaarheid van kind én hond.
Ouders, maar zeker ook alle volwassenen zijn verantwoordelijk voor de veiligheid en de bescherming van kinderen.
Het voorkomen van hondenbeten moet deel uitmaken van de preventie van ongevallen als vergiftig inge n, verkeersongevallen, enz.
“Ongevallen” gebeuren zelden “per ongeluk”.
Het is daarom aan te raden om elke situatie te vermijden waarbij agressie kan uitgelokt worden.
ADVIEZEN
WAT DOEN WE PREVENTIEF ALS OUDERS / VOLWASSENEN?
- nooit kinderen zonder toezicht van de ouders laten spelen met honden; zelfs niet als het om de eigen
hond gaat.

Agressie bij honden (Cis-ka)

|
|
AGRESSIE : DEFINITIE EN FUNCTIE
A Definitie
Agressie is een bedreiging of een fysieke inbreuk op de integriteit of de vrijheid van een ander individu.
Sommige vormen van agressie zijn normaal, andere zijn pathologisch. Beide vormen kunnen een gevaar zijn voor de omgeving, een gevaar dat moet ingeschat worden, door de mensen.
Het begrijpen van normale vormen van agressie is van belang bij het opvoeden van honden en mensen!
B Functie
Agressie is een communicatiemiddel, dus om een boodschap over te brengen aan de tegenpartij, zonder dat het noodzakelijk de bedoeling is deze lichamelijk te kwetsen.
Voor zover beide dieren elkaars signalen correct interpreteren volgt er geen gevecht, op voorwaarde dat beide dieren de boodschap aanvaarden. Zoniet ontstaat er wel een gevecht, dat op zijn beurt eindigt zonder veel bloedvergieten, op voorwaarde dat de boodschap bij de opponent nu wel wordt aanvaard.
Zoniet zal de aanval eindigen met de dood van de tegenpartij. Een hond die geen lichaamstaal kon lezen, noch de aanval correct heeft ingeschat, is niet op zijn plaats in een meute, met een sociale rangorde, waar communicatie een middel is om de relaties in de meute te begrijpen, en om gevechten tot een minimum te reduceren.
Bijten is dus een gedragselement, een element dat past in een gedragssysteem, vb bijten komt voor bij – agressiegedrag – spelgedrag – prooivangen.
Agressie is dus een gedragssysteem, die bestaat uit verschillende gedragselementen, om via deze agressie een communicatieve boodschap tot stand te brengen naar de tegenpartij.
Voorbeelden:
- grommen (waarschuwen)
- haren recht (irritatie, opgewonden, angst)
- stijve kwispel (fixeren)
- harde blaf (waarschuwing dat aanval kan volgen)
- ontbloten van snij- en hoektanden (zelfzekere dreiging)
- volledig ontbloten van de tanden (stelt zich zwak op)
- lachen (ambivalent gedrag)
Dus:
Één element van één gedragssysteem (zijnde agressie) bevat twee verschillende boodschappen, die info verschaffen over de motivatie en de hiërarchische positie.
Ambivalent gedrag: lachen
2 gedragssystemen die simultaan uitgevoerd worden:
- tanden tonen (agressie)
- vriendelijke lichaamstaal (kwispelen, onderdanig)
C Patronen
Een agressiesequentie wordt ingedeeld in drie fazen:
1. Een intimidatie of een dreiging met als bedoeling het waarschuwen van de tegenpartij. Indien de andere hond deze dreiging niet correct beantwoordt (dit is zich onderwerpt, zijn actie stopt) volgt er een aanval. De aanvankelijk intimiterende hond kan op zijn beurt eveneens onder de indruk komen van nog meer overtuigende of bedreigende lichaamstaal van de opponent en kan besluiten te vluchten of onderwerpen.
De lichaamstaal die de hond tentoonstelt vertaalt dus de interne gevoelens. Dit geldt voor beide dieren en aan de hand van de verwachtingen wordt er besloten tot aanval of vlucht, of verstijfd blijven staan.
Deze fase is dus van zeer groot belang voor het overleven van beide dieren. Van lichamelijk letsel is er tot nu toe nog geen sprake. Het juist inschatten van de bedoelingen en vooral de capaciteiten van de opponent voorkomt zinloze en weinig productieve vechtpartijen.
2. De aanval komt er pas na duidelijke waarschuwingen. Dit geldt echter niet voor pathologische vormen van agressie. In de “normale” gevallen is de beet gecontroleerd en bestaat erin dat de opponent wordt genepen met de tanden, zonder te trekken of te scheuren. Deze beet laat enkel lichte blauwe plekken na.
In geval van vb pathologische agressie is de beet veel harder en doordringt de huid: verzorging is hierbij steeds nodig.
3. De kalmeringsfase. Deze fase van bedaren bestaat erin dat het dier terug komt tot een stabiele gemoedstoestand die hem in staat stelt over te gaan tot een ander gedragspatroon. Typisch voorbeeld is hierbij het likken van de hand van degene die gebeten wordt. Dit is geen uiting van verontschuldigingen doch een bevestiging voor de hond van het feit dat de beet gerechtvaardigd was en het juiste resultaat werd bekomen, namelijk winnen van het conflict, en krijgt via het likken een bevestiging van zijn hiërarchische positie .
D Dominantie en agressie
Agressie is geen synoniem van dominantie.
Wanneer men spreekt over dominantie in mensentaal denkt men aan overheersen, de baas spelen enz… Men spreekt beter over zich laten eerbiedigen, en dit uit respect voor de status binnen de roedel.
Dominantie is iets wat men krijgt, niet iets wat men neemt. Diegenen die de “dominante” hond respecteren gaan zich voegen naar hem en zijn uitstraling in acht nemen. Ze gaan pas trachten zijn bevoorrechte positie te ondermijnen indien zij van oordeel zijn zelfrespect af te dwingen. Om dit te bekomen wordt er gebruik gemaakt van agressie en dan voornamelijk van de eerste fase in de gedragssequentie. Indien de dominante hond oordeelt dat de bevoorrechte positie toekomt aan een ander dier dan hijzelf (zijzelf) zal hij zich onderwerpen en de dominante rol als het ware overdragen aan de ander.
Wanneer het dominant dier ondervindt dat de andere leden van de roedel (dus ook mensen) zich niet houden aan de regels, die een logisch gevolg zijn van het niet respecteren door de andere leden van de bevoorrechte positie van de dominante hond, zal er agressief gedrag vertoont worden.
Het is dus logisch dat dominante dieren regelmatiger agressief gedrag vertonen dan onderdanige dieren. Dit is echter een gevolg van het feit dat zijn roedelgenoten (meestal mensen) geen zicht hebben op de relatie die ze met hun hond hebben. Volgens de hond zijn de eigenaars niet consequent en eigenen ze zich dingen toe waar ze geen recht op hebben. Een agressiesequentie is hier dus gerechtvaardigd vanuit het standpunt van de hond.
Frequente agressie naar soortgenoten is eveneens dikwijls een gevolg van het niet respecteren door de mens van de hiërarchische positie van de hond. (vb straffen van de overheersende hond en beschermen van de verliezer).
Een dominant dier heeft in principe geen agressief gedrag nodig om zijn positie te bevestigen.
E . Communicatie hond à hond – en hond à mens:
Een hond is een sociaal- en een roedeldier. Om die sociale rol waar te maken gebeurt de communicatie hoofdzakelijk non-verbaal, wat veel eigenaars van honden niet begrijpen.
Communicatie:
Mens à Hond: hoofdzakelijk verbaal en onbewust non-verbaal
Hond à Mens: hoofdzakelijk non-verbaal en veelal niet begrepen door mensen
Aandachtspunten van de non-verbale communicatie van de hond:
- slaapplaats: (bed, slaapkamer, zetel)
hond slaapt niet op zulke plaatsen: zoniet non-verbaal signaal van hoge hiërarchische positie, met alle gevolgen die eruit voort kunnen vloeien
- nemen van initiatief: hond neemt nooit initiatief in spel en in andere omstandigheden: zoniet signaal naar hond toe van zijn dominantie
- controle van de passage: hond slaapt in gang, voordeuropening
controleert binnen- en buitenkomen
- voeding: hond eet nooit vóór eigenaar en krijgt enkel per 15 minuten toegang tot voer
- seksueel gedrag: mag nooit getolereerd worden
- uitdagingen: in den beginne steeds terecht wijzen; worden deze regels niet gerespecteerd, dan ontvangt de hond signalen dat hij of zij dominant is, en waaruit in een challenge een agressie kan volgen.
F Soorten agressie
Er bestaan verschillende vormen van agressie. Van belang zijn o.a.
- de sequentie van gedragspatronen: intimideren – aanvallen – bedaren
- omstandigheden waarin ze voorkomen
- de psychologische en emotionele status van de hond
1 Hiërarchische competititie
Wanneer een hond het hiërarchisch voorrecht van een ander dier in twijfel trekt of een poging onderneemt om dit voorrecht te verkrijgen spreekt men van
competitieve of hiërarchische agressie
voorbeelden controle over voedsel
controle over ruimte
controle over een slaapplaats (bed, zetel, mand…)
controle over een sociale of seksuele partner
verloop van de agressie intimidatie
gecontroleerde aanval
kalmering

2 Verdediging
Een dier dat agressief gedrag vertoont in het kader van afweer of verdediging kan zijn oorzaak vinden in verschillende prikkels.
a. irritatieagressie
voorbeelden gevoel van frustratie – vb loopse teef niet kunnen benaderen
honger of dorst – geen toegang krijgen
pijn – spuit van de arts
verloop intimidatie
gecontroleerde aanval
kalmering
b. angstagressie – vorm van verdedigingsagressie
voorbeelden de hond bevindt zich op een plaats of in een situatie die beangstigend is en van waar hij of zij niet kan ontsnappen
vb angstige hond strak aan leiband: wil vluchten doch geen
alternatief
verloop verkorte fase van intimidatie
quasi directe aanval met harde en repetitieve beten
GEEN fase van kalmering
c. territoriale agressie
voorbeelden om te voorkomen dat een individu het territorium van de
GROEP betreedt
verloop normaal
d. maternale agressie
voorbeelden wanneer een zogende teef haar pups of substitutiepups
verdedigt (nerveuze lactatie)
verloop normaal
3 Jacht
Bij de jacht op een prooi vertoont de hond eveneens normale vormen van agressie.
Het doel is hierbij het vangen, vervolgens doden en soms ook het verdelgen van de prooi:
jachtagressie.
voorbeelden bewegende voorwerpen of levende wezens waar het dier niet
mee vertrouwd is – jaagt ze achterna
vb snel bewegen is trigger om jachtgedrag uit te lokken
verloop typische jachtsequentie met harde beten
visueel – besluipen – jagen – bijten (vasthouden) en dan doden
en verscheuren – opeten
4 Hyperagressie
voorbeelden waarschuwingsfase weg: kalmeringsfase weg
verloop directe of quasi directe aanval met harde beten
via operante conditionering
5 Atypische agressie
verloop onvoorspelbaar uithalen met harde beten, ongecontroleerd
geen structuren in agressieve patronen
G Communicatie tussen honden
Signaal Omstandigheden van voorkomen
blaffen waarschuwing – aandacht vragen
grommen waarschuwing – proberen afstand te vergroten
janken puppy gedrag
huilen uitnodigen om sociaal contact – angstsituatie
staart en oren omhoog waakzaam, klaar om te inter ageren
aanstaren uitdagend, zelfzeker, proberen afstand te vergroten
heel ziek niet bedreigd
afgerichte blik vrees, verliezen, wil niet uitdagen – maar niet onderwerpend
tonen buik (ruglig) onderwerping – relaxatie
staart opgeplooid
tegen buik vrees, onderdanig
staart opgeplooid
+ urineverlies erge vrees, onderdanig
grimas maken (lachen) onderdanig, uitnodigend
haar recht opgewonden met angst – afstand vergrotend
haar recht nek of staart zelfzekere hond
stijve stand
(opgespannen ruggen
strekker) zelfzeker: intentie om te inter ageren (niet per definitie agressief)
staart hoger dan
horizontaal hoge status en zelfzeker
staart lager dan
horizontaal min zelfzeker, lagere status, onderwerping of angst
kwispelen bereidwillig om te participeren

































































