dansend paard (Yane)


dansend paard (Yane)

Filmpje (Lann)
Kippen houden: verzorging tijdens het broeden. (Yradja)
In het voorjaar is er dan ook heel wat te beleven in het kippenhok. De hennen leggen terug verse eieren en binnenkort lopen de kuikentjes terug te pronken in het gras!
Zorg ervoor dat de vroeg broedende hennen alle nodige zorg krijgen die ze verlangen door extra veel stro in het nest te verwerken zodat de kans op afkoeling van de eieren gering blijft.
Ook heel belangrijk is de voeding van onze kippen. Een goede, sterke graanmengeling is dan ook aan te bevelen. De kippen moeten wat aansterken om de kans op ziektes te
vermijden. Geef ook af en toe voldoende groenvoer zoals ‘vogelmuur’ en diverse grassoorten. Ook een vitaminekuur kan wonderen doen bij kippen, … je ziet ze opvrolijken.
Kippen en broeden:
Kippen gaan over tot broeden omdat hun natuurlijk instinct dit verlangt. Zoals ieder levend wezen hebben zij ook de drang om zich voort te planten en voor nakomelingen te zorgen.
Wie een broedse hen heeft, houdt best rekening met volgende factoren.
Zorg ervoor dat je eieren van kleine krielkipjes niet laat uitbroeden door zware hoenderrassen. Er bestaat gevaar voor het vertrappen van de kleine kuikens.
Broeden:
Wanner u een ras hebt dat vrij gemakkelijk broeds wordt, kan u deze op vrij eenvoudige wijze natuurlijk laten uitbroeden. Indien een van uw hennen goed broeds is, en dus al een dag of 3 weinig of niet van het nest komt, kan u deze best van de rest afzonderen en er enkele eitjes onder leggen.
Het best zet je de hen op een donkere plaats.
Hier enkele kenmerken waaraan je kunt zien dat een hen broeds is:
Ze blijft op het nest zitten en pikt de verzorger als hij dichter komt.
Ze zet haar pluimen wijd open en maakt een klokkend geluid.
Als je haar een ei geeft, zal ze het onder haar verstoppen.
Vooral ook niet te veel eieren onder de hen schuiven, anders bestaat de kans dat er eieren wegrollen en afkoelen, waardoor het embryo zal afsterven.
Een broedse hen eet en drinkt minder, maar heeft toch elke dag vers water en een beetje graanvoer nodig. Als het hele broedproces goed verloopt dan zullen de kuikens 21 dagen na de start van het broeden uit hun ei breken.
Honden aan de lijn ? (Tante Lotte)
Verschenen in staatsblad | FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN | |||
| |||
De kleuren en patronen van katten! (Cis-ka)
De kleuren en patronen van katten!Volgens het NOK.
Andere naam voor gemarmerd (afbeelding A) : Blotched
Let wel!!De . Tabby', oftewel het . Patroon' van de kat slaat alleen op één van de drie bovenstaande modellen. Natuurlijk zijn er (in principe) ook nog geheel effen katten. In principe omdat ook geheel effen katten ook nog vaak, (hoewel bijna onzichtbaar), een patroon hebben wat slechts met bepaalde lichtval zichtbaar is. Vooral bij zwarte katten is dit vaak vrij duidelijk. Bij witte katten is het slechts heel zelden nog waarneembaar. Elk van de bovenstaande patronen kunnen voorkomen met wit hoewel dit niet noodzakelijk is.
Enkele voorbeelden van gemarmerde katten. | |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Een Bruin gemarmerde kat,(Brown Tabby Blotched) Witte kat, (White, al dan niet Bi-Colored Eyed) |
| Deze beschrijvingen over kleuren en patronen betreft alleen de "Tabby" van de Kat. Het zijn geen rasbeschrijvingen, hoewel deze kleuren en patronen ook bij veel Raskatten voorkomen. | |
http://www.dierenambulance.rotterdam.nl/snippers/20041024_01.htm

Moet men in België honden aan de lijn houden? (Martina1)
Moet men in België honden aan de lijn houden?
Voor alle poezen-liefhebbers en wie wat meer wil weten over de katten (Tante Lotte)
ABCDE |
E (vervolg)HJKLMNO |
O (vervolg)PRSTVWZ |
Hondenras (Tante Lotte)
Een hondenras is een groep honden met in uiterlijk en gedrag overeenkomstige eigenschappen. Een hondenras ontstaat doordat mensen selectief op deze kenmerken fokken (zie ook: domesticatie ).
Oorspronkelijk werden honden vooral geselecteerd op het vermogen om bepaalde taken uit te voeren, het hoeden van vee, het assisteren bij de jacht, de bewaking van huis en erf. Daarbij werd gelet op zowel mentale als fysieke eigenschappen, maar vooral op de eerste. Zo is een sterke jachtdrift belangrijk voor een jachthond, maar hetzelfde gedrag is voor een waakhond juist ongewenst.
Alleen in bijzondere gevallen, zoals bij trekhonden of poolhonden, werden ook hoge eisen aan de bouw en de vacht gesteld. Verder is één bepaalde groep honden, traditioneel aangeduid als schoothondjes , altijd al als gezelschapsdier gefokt.
Door de nadruk op het werkvermogen laten de traditionele rassen een grote mate van variabiliteit in het uiterlijk zien. Oude rassen worden daarom ook wel aangeduid als een slag of een type (zie: landras en hondentype ). Maar vanaf de 19e eeuw ontstaat er steeds meer belangstelling voor het uiterlijk van de honden. Er werden eerst enkele, later steeds meer, rassen erkend.
Dat betekende dat de eigenschappen werden beschreven in een rasstandaard en de afkomst van de rashonden werd geregistreerd in een stamboek . Men begon gericht te fokken op eenheid in exterieur en vaste vererving. Dat wil zeggen dat twee honden van hetzelfde ras uitsluitend jongen krijgen met hetzelfde uiterlijk als de ouders.
Van veel rassen wordt verondersteld dat ze zeer oud zijn, maar men moet zich wel realiseren dat ze doorgaans niet al te lang geleden bij de aanleg van het stamboek uit slechts enkele individuen gefokt zijn. Daarnaast zijn er echt nieuwe creaties, raszuiver uitgefokte kruisingen zoals de Dobermann .
Tegenwoordig zijn er meer dan 300 hondenrassen door een kennelclub erkend. In Nederland en België geldt de indeling die door de internationale federatie van kennelclubs, de FCI , is gemaakt (zie: Lijst van hondenrassen), maar met name in Groot-Brittannië en de Verenigde Staten worden andere rasindelingen gebruikt. Het aantal erkende rassen groeit nog steeds, waarbij opvalt dat naast de West-Europese rassen steeds meer rassen uit andere delen van de wereld een officiële status krijgen.
Rassen worden soms weer onderverdeeld in variëteiten. Bij de FCI is in feite de variëteitsgroep minstens zo belangrijk als het ras zelf, want er wordt alleen met honden uit dezelfde variëteitsgroep gefokt. Zo valt het ras Hollandse herder uiteen in de variëteitsgroepen Korthaar , Langhaar en Ruwhaar die niet onderling gekruist mogen worden.
Fokkers zijn vaak voorstander van een steeds verdere opsplitsing van de rassen. Dat heeft een technische reden, het zuiver fokken van de per ras vastgestelde eigenschappen. Maar het heeft ook te maken met het feit dat de kampioenschapsprijzen per variëteitsgroep beschikbaar gesteld worden: meer groepen, meer prijzen. De steeds verdergaande opsplitsing van soms toch al kleine populaties verergert echter het probleem van inteelt .
De dieren die het hoogst leven (Cis-ka)
|
Onderwerp: [Huisdieren] De dieren die het hoogst leven |
|
|

Teek onder het vergrootglas (Martina1)
Teek onder het vergrootglas
,,Het vrouwtje van de teek zuigt zich vol bloed. Het zijn altijd de dames - ook bij de muggen bijvoorbeeld - die bloed zuigen. Dat bloed hebben ze nodig in het kader van de voortplanting. Het volgezogen moederdier brengt haar eieren over op de eerste gastheer, bijv. knaagdieren en vogels. De teek die hiervan afvalt noemt men een larve . Deze larve ligt rustig te wachten tot er een tweede gastheer voorbijkomt om er zich letterlijk laten op te vallen. Ook deze gastheren zijn weer knaagdieren, vogels en eventueel herten. Dit zijn de gastheren van de tweede categorie. Ook bij hen blijft de teek niet lang hangen. De teek die van de tweede gastheer afvalt heet een nymf . Deze nymf gaat uiteindelijk op de mens, kat, hond, enz. vallen en transformeert zich na het bloedzuigen tot een volwassen teek'. (rvdc)
Help! Géén haai (Cis-ka)
Aan de Amerikaanse oostkust leven zo goed als geen grote haaien meer. Dat is geen goed nieuws, zegt een studie in het vakblad Science deze week. Het verdwijnen van de grote roofdieren brengt de voedselketen in de oceanen in de war.
De overbevissing op grote haaien als de tijgerhaai en de zwartpunthaai voor de oostkust van de Verenigde Staten veroorzaakt een kettingreactie. De grote haaien zijn de natuurlijke vijanden van roggen en kleine haaien, en daarvan zwemmen er nu veel te veel rond. Het aantal koeneusroggen bijvoorbeeld is sinds 1970 vertwintigvoudigd. Dat is dan weer slecht nieuws voor de prooien van de roggen, zoals de kammossels. Die zijn zo bedreigd dat de roggen intussen overschakelen op andere schelpdieren, zoals oesters.
Daar houden de problemen niet op, schrijven marinebiologen Ransom Myers en Charles Peterson in Science. Kammossels en andere schelpdieren filteren zeewater. Door hun achteruitgang gaat ook de waterkwaliteit erop achteruit.
"We hebben grote zeegrasbedden gezien die omgewoeld waren door hongerige roggen op zoek naar schelpdieren", zegt Peterson van het Instituut voor Marinebiologie aan de Universiteit van Noord-Carolina. Zeegrasbedden bevatten verschillende algensoorten en worden beschouwd als de kraamkamer van vele vissoorten.
Grote haaien staan als roofdier helemaal bovenaan de voedselpiramide, wat betekent dat zij eten en door niemand gegeten worden. Deze “toppredatoren” zijn belangrijk voor het evenwicht van een ecosysteem van de oceaan.
"We hebben letterlijk de top van het voedselweb in de oceaan gekapt en dat brengt het ecosysteem uit zijn evenwicht", zegt Julie Baum van de Dalhousie universiteit in Canada. "Er is weinig twijfel dat hetzelfde aan het gebeuren is in de andere kustgebieden van de planeet." Baum toonde al in 2003 aan dat meer dan negentig procent van alle grote predatoren in de wereldoceanen verdwenen waren, vooral door overbevissing.
Grote haaien zijn niet zo interessant voor hun vlees, maar wel voor hun vinnen en kraakbeen. Veel vissers vangen grote haaien in hun net, snijden de vinnen eraf en gooien de bloedende, stervende haai weer overboord. De vraag naar haaienvinnen, onder meer om er soep van te maken, stijgt met meer dan vijf procent per jaar.
Sommige rapporten schatten dat de markt voor haaienvinnen en haaienkraakbeen als alternatief geneesmiddel tegen gewrichtspijn jaarlijks een biljoen dollar waard is. In de VS verkoopt elke apotheek producten op basis van haaienkraakbeen, hoewel de effectiviteit nooit werd bewezen. Haaien worden pas na zo'n twintig jaar geslachtsrijp en hebben relatief weinig jongen, waardoor de populatie zich uiterst moeilijk herstelt.
De VS en Canada hebben het afsnijden van vinnen en weer overboord gooien van de vis in het begin van de jaren negentig verboden, net als zestig andere landen. Mexico sloot zich er deze maand bij aan. Maar de verboden zijn niet alleen moeilijk af te dwingen, ze leiden ertoe dat nu de hele vis wordt opgehaald en zorgen dus niet voor extra bescherming, zegt Baum.
Volgens marinebioloog Peterson zou het publiek er goed aan doen om geen haaienproducten meer te kopen. Daarnaast zou er een volledig verbod moeten komen op vangst van grote kusthaaien.
(IPS)
(GVA, net zoals het artikel in de vorige mail)


DE SPINNENDE KAT. (Yradja)
|
|

KINDEREN EN HONDEN : (Cis-ka)
KINDEREN EN HONDEN :
Een folder samengesteld door de VDWE.
INLEIDING
In België wordt de hondenpopulatie geschat op ongeveer 1,6 miljoen dieren. Deze leven samen met ongeveer 11
miljoen mensen. Eén op drie gezinnen heeft één of meerdere honden. Dat dit af en toe tot problemen kan leiden,
waaronder bijtincidenten, hoeft ons niet te verbazen
Een aantal beten doen zich voor op de openbare weg, het merendeel gebeurt gewoon thuis. Een onderzoek door
dierenartsen van VDWE uitgevoerd bij 40% van de ziekenhuizen in Vlaanderen, leert dat in 1999 ongeveer 1900
personen zich aanboden op de spoedopnames voor een bijtwonde door een hond. Hiervan moesten ongeveer
1000 slachtoffers gehecht te worden en ongeveer 30% van de slachtoffers waren kinderen.
Dergelijke ongevallen zijn dus niet zo zeldzaam als soms wordt beweerd.
Een ander onderzoek uit 2001 van de Gentse Universiteit, bij meer dan 5000 kinderen uit het derde leerjaar,
toont aan dat één op twintig kinderen het voorbije jaar gebeten werden door een hond. Het merendeel van de
beten werd toegebracht door een hond waarmee het kind vertrouwd was. Eén op zes van de kinderen werd
opnieuw gebeten datzelfde jaar. Dat toont aan dat er zeker nog heel wat werk aan de winkel is om hondenbeten
te voorkomen. Dit dient zo ruim mogelijk te worden opgevat zowel voor als na de eerste beet.
Deze folder vertelt u iets meer over de hond, het kind, de gevaren en de oplossingen.
HONDENTAAL
Wij, mensen, drukken ons vooral uit met gesproken taal. Wanneer wij praten, begrijpt onze hond de betekenis
van de woorden niet echt. Hij begrijpt de klank (meestal maken ze geen onderscheid tussen bvb. “zit” en “pit” )
en de toon ( vriendelijk, kwaad).
Honden kunnen niet praten met woorden. Ze gebruiken o.a. hun lichaam om te ‘praten’. Men noemt dit
lichaamstaal . Een hond laat merken hoe hij zich voelt door:
- zijn gelaatsuitdrukking, mimiek ( ogen, oren, lippen, tanden)
- zijn lichaamshouding ( haren rechtop zetten, neergedrukte houding )
- de houding en beweging van zijn staart ( hoog gehouden staart, staart tussen de benen )
- zijn manier en zijn snelheid van bewegen
Honden drukken hun gevoelens ook uit door middel van geluiden, aanrakingen, geur…
Een paar voorbeelden van dergelijke lichaamstaal.
Aan wat ziet men dat een hond dreigt?
- haren recht over de ganse rug
- (voorste) tanden tonen, lip optrekken
- grommen, kwaad blaffen, bijten
Aan wat ziet men dat een hond bang is?
- lage houding ( zich zo klein mogelijk maken )
- staart naar beneden of tussen de benen
- oren naar achter
- beven
Wat zijn stresssignalen?
Men kan aan een hond zien dat hij zich niet op zijn gemak voelt, als hij bvb. het puntje van zijn tong uitsteekt en
weer intrekt, geeuwt, begint te hijgen, wegkijkt, plots aan de grond gaat snuffelen zonder aanleiding of kleine
plasjes begint te maken enz. …
CONFLICTEN
Conflicten zijn dikwijls het gevolg van een onaangepaste reactie op de lichaamstaal van de andere; de hond
begrijpt het kind niet, of omgekeerd.
Een hond kan op verschillende manieren op een conflict reageren. Hij kan het conflict negeren, vluchten,
verstijven van angst of vechten (agressie). Naar gelang zijn vroegere ervaringen zal een hond één van deze
strategieën kiezen.
Agressie is een normaal gedrag en behoort tot het normale communicatiepatroon van de hond. Agressie kan een
uiting zijn van angst, pijn, frustratie, prikkelbaarheid,… Het kan ook aangeleerd zijn ( moedwillig of niet ).
Wat een hond zal doen in een bepaalde situatie is afhankelijk van veel factoren:
- het karakter van de hond
- opvoeding, socialisatie
- eerdere ervaringen
- de sociale status binnen het gezin
- …
Zo zal een hond die bedreigd wordt, naargelang de omstandigheden:
- ofwel proberen te vluchten
- ofwel verstarren, verstijven, bevriezen
- ofwel dreigen ( dreigen is een waarschuwing )
- of zelfs bijten
Waarom bijten honden ?
Honden bijten niet alleen wanneer ze zich bedreigd voelen. Gewoonlijk hebben ze er wel een reden voor, maar
die is voor mensen niet altijd duidelijk.
Honden kunnen bijten :
- uit verdediging van hun voedsel, speelgoed, slaapplaats, …
- om hun pups of eigenaars te verdedigen
- wanneer men hen iets verbiedt
- wanneer men hen pijn doet
- wanneer ze iets niet leuk vinden
- wanneer ze bang zijn van iets ( cf. Lichaamstaal )
OPVOEDING
De aanschaf van de hond.
Het is belangrijk, voor de aankoop van de hond, eerst informatie in te winnen over het ras, de plaats van
aanschaf, de leeftijd en het geslacht.
Nadien is het onontbeerlijk om verder te zorgen voor een goede socialisatie en habituatie. Daarnaast is ook een
correcte opvoeding essentieel.
Socialisatie is het leren omgaan met andere levende wezens: mensen, honden en andere dieren. De pup moet
zoveel mogelijk positieve ervaringen opdoen in verschillende omgevingen.
Dit laatste wordt ook habituatie of gewenning genoemd. Opvoeden gebeurt van bij het prille begin en loopt
gedurend het leven van de hond verder.
Opvoeden betekent de pup een aantal begrippen bijbrengen (zit, kom, …) en hem leren wat mag en wat niet.
Een goede hondenschool kan hierbij helpen.
Het basisprincipe van een positieve opvoeding is: beloon goed gedrag en negeer ongewenst gedrag. Men beloont
een hond door middel van een vriendelijk woord, voedsel, spel en aandacht.
RISICOFACTOREN
Er is een essentieel verschil in het benaderen van een totaal vreemde hond of een hond waarmee men vertrouwd
is.
Kinderen gaan meestal op een andere manier om met honden naargelang ze hen wel of niet kennen. Er zijn een
aantal factoren die in beide gevallen het risico op ongevallen mee zullen bepalen.
Hier volgen enkele risicofactoren:
- aantal aanwezige honden. Meer honden betekent meer gevaar, want in groep reageren honden anders
dan wanneer ze alleen zijn. Een hond alleen is misschien behoedzamer, maar kan toch bijten wanneer
hij zich ingesloten of bedreigd voelt.
- wegrennende kinderen
- gillende kinderen
- kinderen die met voorwerpen gooien of met de armen zwaaien
- in feite alle omstandigheden waarbij de opwinding van de hond(-en) én kind(-eren) geprikkeld wordt.
- de leeftijd van het kind. Jonge kinderen hebben meer kans op ernstige letsels dan volwassenen. Ze zijn
minder goed in staat, zeker als ze alleen zijn, om een aanval te voorkomen, af te weren of zich
succesvol terug te trekken. Ze bewegen minder op een gecoördineerde wijze of kunnen het gevaar niet
schatten.
- de onvoorspelbaarheid van kind én hond.
Ouders, maar zeker ook alle volwassenen zijn verantwoordelijk voor de veiligheid en de bescherming van kinderen.
Het voorkomen van hondenbeten moet deel uitmaken van de preventie van ongevallen als vergiftig inge n, verkeersongevallen, enz.
“Ongevallen” gebeuren zelden “per ongeluk”.
Het is daarom aan te raden om elke situatie te vermijden waarbij agressie kan uitgelokt worden.
ADVIEZEN
WAT DOEN WE PREVENTIEF ALS OUDERS / VOLWASSENEN?
- nooit kinderen zonder toezicht van de ouders laten spelen met honden; zelfs niet als het om de eigen
hond gaat.

Agressie bij honden (Cis-ka)
|
|
Agressie is een bedreiging of een fysieke inbreuk op de integriteit of de vrijheid van een ander individu.
Sommige vormen van agressie zijn normaal, andere zijn pathologisch. Beide vormen kunnen een gevaar zijn voor de omgeving, een gevaar dat moet ingeschat worden, door de mensen.
Het begrijpen van normale vormen van agressie is van belang bij het opvoeden van honden en mensen!
B Functie
Agressie is een communicatiemiddel, dus om een boodschap over te brengen aan de tegenpartij, zonder dat het noodzakelijk de bedoeling is deze lichamelijk te kwetsen.
Voor zover beide dieren elkaars signalen correct interpreteren volgt er geen gevecht, op voorwaarde dat beide dieren de boodschap aanvaarden. Zoniet ontstaat er wel een gevecht, dat op zijn beurt eindigt zonder veel bloedvergieten, op voorwaarde dat de boodschap bij de opponent nu wel wordt aanvaard.
Zoniet zal de aanval eindigen met de dood van de tegenpartij. Een hond die geen lichaamstaal kon lezen, noch de aanval correct heeft ingeschat, is niet op zijn plaats in een meute, met een sociale rangorde, waar communicatie een middel is om de relaties in de meute te begrijpen, en om gevechten tot een minimum te reduceren.
Bijten is dus een gedragselement, een element dat past in een gedragssysteem, vb bijten komt voor bij – agressiegedrag – spelgedrag – prooivangen.
Agressie is dus een gedragssysteem, die bestaat uit verschillende gedragselementen, om via deze agressie een communicatieve boodschap tot stand te brengen naar de tegenpartij.
Voorbeelden:
- grommen (waarschuwen)
- haren recht (irritatie, opgewonden, angst)
- stijve kwispel (fixeren)
- harde blaf (waarschuwing dat aanval kan volgen)
- ontbloten van snij- en hoektanden (zelfzekere dreiging)
- volledig ontbloten van de tanden (stelt zich zwak op)
- lachen (ambivalent gedrag)
Dus:
Één element van één gedragssysteem (zijnde agressie) bevat twee verschillende boodschappen, die info verschaffen over de motivatie en de hiërarchische positie.
Ambivalent gedrag: lachen
2 gedragssystemen die simultaan uitgevoerd worden:
- tanden tonen (agressie)
- vriendelijke lichaamstaal (kwispelen, onderdanig)
C Patronen
Een agressiesequentie wordt ingedeeld in drie fazen:
1. Een intimidatie of een dreiging met als bedoeling het waarschuwen van de tegenpartij. Indien de andere hond deze dreiging niet correct beantwoordt (dit is zich onderwerpt, zijn actie stopt) volgt er een aanval. De aanvankelijk intimiterende hond kan op zijn beurt eveneens onder de indruk komen van nog meer overtuigende of bedreigende lichaamstaal van de opponent en kan besluiten te vluchten of onderwerpen.
De lichaamstaal die de hond tentoonstelt vertaalt dus de interne gevoelens. Dit geldt voor beide dieren en aan de hand van de verwachtingen wordt er besloten tot aanval of vlucht, of verstijfd blijven staan.
Deze fase is dus van zeer groot belang voor het overleven van beide dieren. Van lichamelijk letsel is er tot nu toe nog geen sprake. Het juist inschatten van de bedoelingen en vooral de capaciteiten van de opponent voorkomt zinloze en weinig productieve vechtpartijen.
2. De aanval komt er pas na duidelijke waarschuwingen. Dit geldt echter niet voor pathologische vormen van agressie. In de “normale” gevallen is de beet gecontroleerd en bestaat erin dat de opponent wordt genepen met de tanden, zonder te trekken of te scheuren. Deze beet laat enkel lichte blauwe plekken na.
In geval van vb pathologische agressie is de beet veel harder en doordringt de huid: verzorging is hierbij steeds nodig.
3. De kalmeringsfase. Deze fase van bedaren bestaat erin dat het dier terug komt tot een stabiele gemoedstoestand die hem in staat stelt over te gaan tot een ander gedragspatroon. Typisch voorbeeld is hierbij het likken van de hand van degene die gebeten wordt. Dit is geen uiting van verontschuldigingen doch een bevestiging voor de hond van het feit dat de beet gerechtvaardigd was en het juiste resultaat werd bekomen, namelijk winnen van het conflict, en krijgt via het likken een bevestiging van zijn hiërarchische positie .
Agressie is geen synoniem van dominantie.
Wanneer men spreekt over dominantie in mensentaal denkt men aan overheersen, de baas spelen enz… Men spreekt beter over zich laten eerbiedigen, en dit uit respect voor de status binnen de roedel.
Dominantie is iets wat men krijgt, niet iets wat men neemt. Diegenen die de “dominante” hond respecteren gaan zich voegen naar hem en zijn uitstraling in acht nemen. Ze gaan pas trachten zijn bevoorrechte positie te ondermijnen indien zij van oordeel zijn zelfrespect af te dwingen. Om dit te bekomen wordt er gebruik gemaakt van agressie en dan voornamelijk van de eerste fase in de gedragssequentie. Indien de dominante hond oordeelt dat de bevoorrechte positie toekomt aan een ander dier dan hijzelf (zijzelf) zal hij zich onderwerpen en de dominante rol als het ware overdragen aan de ander.
Wanneer het dominant dier ondervindt dat de andere leden van de roedel (dus ook mensen) zich niet houden aan de regels, die een logisch gevolg zijn van het niet respecteren door de andere leden van de bevoorrechte positie van de dominante hond, zal er agressief gedrag vertoont worden.
Het is dus logisch dat dominante dieren regelmatiger agressief gedrag vertonen dan onderdanige dieren. Dit is echter een gevolg van het feit dat zijn roedelgenoten (meestal mensen) geen zicht hebben op de relatie die ze met hun hond hebben. Volgens de hond zijn de eigenaars niet consequent en eigenen ze zich dingen toe waar ze geen recht op hebben. Een agressiesequentie is hier dus gerechtvaardigd vanuit het standpunt van de hond.
Frequente agressie naar soortgenoten is eveneens dikwijls een gevolg van het niet respecteren door de mens van de hiërarchische positie van de hond. (vb straffen van de overheersende hond en beschermen van de verliezer).
Een dominant dier heeft in principe geen agressief gedrag nodig om zijn positie te bevestigen.
E . Communicatie hond à hond – en hond à mens:
Een hond is een sociaal- en een roedeldier. Om die sociale rol waar te maken gebeurt de communicatie hoofdzakelijk non-verbaal, wat veel eigenaars van honden niet begrijpen.
Communicatie:
Mens à Hond: hoofdzakelijk verbaal en onbewust non-verbaal
Hond à Mens: hoofdzakelijk non-verbaal en veelal niet begrepen door mensen
Aandachtspunten van de non-verbale communicatie van de hond:
- slaapplaats: (bed, slaapkamer, zetel)
hond slaapt niet op zulke plaatsen: zoniet non-verbaal signaal van hoge hiërarchische positie, met alle gevolgen die eruit voort kunnen vloeien
- nemen van initiatief: hond neemt nooit initiatief in spel en in andere omstandigheden: zoniet signaal naar hond toe van zijn dominantie
- controle van de passage: hond slaapt in gang, voordeuropening
controleert binnen- en buitenkomen
- voeding: hond eet nooit vóór eigenaar en krijgt enkel per 15 minuten toegang tot voer
- seksueel gedrag: mag nooit getolereerd worden
- uitdagingen: in den beginne steeds terecht wijzen; worden deze regels niet gerespecteerd, dan ontvangt de hond signalen dat hij of zij dominant is, en waaruit in een challenge een agressie kan volgen.
Er bestaan verschillende vormen van agressie. Van belang zijn o.a.
- de sequentie van gedragspatronen: intimideren – aanvallen – bedaren
- omstandigheden waarin ze voorkomen
- de psychologische en emotionele status van de hond
1 Hiërarchische competititie
Wanneer een hond het hiërarchisch voorrecht van een ander dier in twijfel trekt of een poging onderneemt om dit voorrecht te verkrijgen spreekt men van
competitieve of hiërarchische agressie
voorbeelden controle over voedsel
controle over ruimte
controle over een slaapplaats (bed, zetel, mand…)
controle over een sociale of seksuele partner
verloop van de agressie intimidatie
gecontroleerde aanval
kalmering

Een dier dat agressief gedrag vertoont in het kader van afweer of verdediging kan zijn oorzaak vinden in verschillende prikkels.
a. irritatieagressie
voorbeelden gevoel van frustratie – vb loopse teef niet kunnen benaderen
honger of dorst – geen toegang krijgen
pijn – spuit van de arts
verloop intimidatie
gecontroleerde aanval
kalmering
b. angstagressie – vorm van verdedigingsagressie
voorbeelden de hond bevindt zich op een plaats of in een situatie die beangstigend is en van waar hij of zij niet kan ontsnappen
vb angstige hond strak aan leiband: wil vluchten doch geen
alternatief
verloop verkorte fase van intimidatie
quasi directe aanval met harde en repetitieve beten
GEEN fase van kalmering
c. territoriale agressie
voorbeelden om te voorkomen dat een individu het territorium van de
GROEP betreedt
verloop normaal
d. maternale agressie
voorbeelden wanneer een zogende teef haar pups of substitutiepups
verdedigt (nerveuze lactatie)
verloop normaal
3 Jacht
Bij de jacht op een prooi vertoont de hond eveneens normale vormen van agressie.
Het doel is hierbij het vangen, vervolgens doden en soms ook het verdelgen van de prooi:
jachtagressie.
voorbeelden bewegende voorwerpen of levende wezens waar het dier niet
mee vertrouwd is – jaagt ze achterna
vb snel bewegen is trigger om jachtgedrag uit te lokken
verloop typische jachtsequentie met harde beten
visueel – besluipen – jagen – bijten (vasthouden) en dan doden
en verscheuren – opeten
4 Hyperagressie
voorbeelden waarschuwingsfase weg: kalmeringsfase weg
verloop directe of quasi directe aanval met harde beten
via operante conditionering
5 Atypische agressie
verloop onvoorspelbaar uithalen met harde beten, ongecontroleerd
geen structuren in agressieve patronen
Signaal Omstandigheden van voorkomen
blaffen waarschuwing – aandacht vragen
grommen waarschuwing – proberen afstand te vergroten
janken puppy gedrag
huilen uitnodigen om sociaal contact – angstsituatie
staart en oren omhoog waakzaam, klaar om te inter ageren
aanstaren uitdagend, zelfzeker, proberen afstand te vergroten
heel ziek niet bedreigd
afgerichte blik vrees, verliezen, wil niet uitdagen – maar niet onderwerpend
tonen buik (ruglig) onderwerping – relaxatie
staart opgeplooid
tegen buik vrees, onderdanig
staart opgeplooid
+ urineverlies erge vrees, onderdanig
grimas maken (lachen) onderdanig, uitnodigend
haar recht opgewonden met angst – afstand vergrotend
haar recht nek of staart zelfzekere hond
stijve stand
(opgespannen ruggen
strekker) zelfzeker: intentie om te inter ageren (niet per definitie agressief)
staart hoger dan
horizontaal hoge status en zelfzeker
staart lager dan
horizontaal min zelfzeker, lagere status, onderwerping of angst
kwispelen bereidwillig om te participeren
Laatste spreuken en gezegden over dieren (Tante Lotte)
Goeden avond allen, hier zijn de laatste gezegden/ spreuken over dieren.
VOS

EEN VOS VERLIEST WEL ZIJN HAAR, MAAR NOOIT ZIJN STREKEN
als men ouder wordt, dan word men er niet knapper op, maar de aard verandert niet.
DE VOS VERANDERT WEL VAN BAARD,
MAAR NIET VAN AARD.
ALS DE VOS DE PASSIE PREEKT,
BOER,PAS OP JE GANZEN.
MEN MOET VOSSEN MET VOSSEN VANGEN
een slimmerd moet worden verschalkt door iemand, die
nog slimmer is; men moet dieven met dieven vangen,
want die weten, hoe een dief te werk gaat.
DIE DRUIVEN ZIJN ZUUR, ZEI DE VOS.
'T IS KWAAD, OUDE VOSSEN TE VANGEN
oude mensen hebben te veel ondervinding,
die krijg men niet in de val ( Vlaams )
EEN OUDE VOS HEEFT MEER DAN EEN GAT
SLAPENDE VOSSEN VANGEN GEEN HENNEN ( Vlaams )
wie niet op zijn tellen past, bereikt zijn doel niet.
ZIET GIJ EEN VOS OMTRENT UW SLOT,
SLUIT DAN VRIJ UW HOENDERKOT ( Vlaams )
IK WIL DE WITTE HEN NIET, ZEI DE VOS OMDAT HIJ ZE NIET KRIJGEN KOST ( Vlaams )
GELUK IN ' T HUIS! ZEI DE VOS, EN HIJ STAK ZIJN HOOFT IN ' T HENNEKOT ( Gezelle )
de bedrieger komt met schone woorden.
HIJ MOET SLIM ZIJN, DIE VOS HEET ( Gezelle )
wie eenmaal de naam van slim te zijn, moet ook
doorlopend tonen, dat hij slim is, anders gelooft men ' tniet meer..
KLEINE VOSSEN BEDERVEN DE WIJNGAARD
van kleinigheden komt vaak groot verdriet.
EEN VOS VERLIEST WEL ZIJN HAAR, MAAR NOOIT ZIJN STREKEN
als men uoder wordt, dan word men er niet knapper op, maar de aard verandert niet.
DE VOS VERANDERT WEL VAN BAARD,
MAAR NIET VAN AARD.
ALS DE VOS DE PASSIE PREEKT,
BOER,PAS OP JE GANZEN.
MEN MOET VOSSEN MET VOSSEN VANGEN
een slimmerd moet worden verschalkt door iemand, die
nog slimmer is; men moet dieven met dieven vangen,
want die weten, hoe een dief te werk gaat.
'T IS KWAAD, OUDE VOSSEN TE VANGEN
oude mensen hebben te veel ondervinding,
die krijg men niet in de val ( Vlaams )
SLAPENDE VOSSEN VANGEN GEEN HENNEN ( Vlaams )
wie niet op zijn tellen past, bereikt zijn doel niet.
ZIET GIJ EEN VOS OMTRENT UW SLOT,
SLUIT DAN VRIJ UW HOENDERKOT ( Vlaams )
IK WIL DE WITTE HEN NIET, ZEI DE VOS OMDAT HIJ ZE NIET KRIJGEN KOST ( Vlaams )
GELUK IN ' T HUIS! ZEI DE VOS, EN HIJ STAK ZIJN HOOFT IN ' T HENNEKOT ( Gezelle )
de bedrieger komt met schone woorden.
HIJ MOET SLIM ZIJN, DIE VOS HEET ( Gezelle )
wie eenmaal de naam van slim te zijn, moet ook
doorlopend tonen, dat hij slim is, anders gelooft men ' tniet meer..
KLEINE VOSSEN BEDERVEN DE WIJNGAARD
van kleinigheden komt vaak groot verdriet.
zwaan
EEN ZWAAN HEEFT ZIJN VEREN EVENGOED NODIG ALS EEN MUS
wie een grote staat voort heeft ook zijn gehele inkomen nodig.
Zoals het Gron.spreekwoord zegt:
GROOT IS ' T HOF,
MAAR VEEL GAAT ER OF.
DAT WAS ZIJN ZWANEZANG
zijn laatste gedicht.
ZWIJN

' T IS EEN ZWIJN
een vuile, gemene, liederlijke vent.
Nog erger, met de Slavische uitgang,
' T IS EEN ZWIJNJAK.
HIJ IS TUSSEN ZWIJN EN BIG
EEN ZWIJNEVANGER
schertsend voor iemand met 0-benen. ( Gron. )
IEMAND EEN ZWIJN IN ' T IJS JAGEN ( Gron. )
hem een lelijk koopje leveren; een handeleling verrichten,
die hem tot grote schade strekt.
ALS MEN ZIJN ZWIJNTJE SLACHT, WORDT MEN KOZIJN GENOEMD ( Vlaams )
Om der wille van de smeer
Likt de kat de kandeleer.
Kozijn= neef
MEN KAN VAN EEN KROMME ZWIJNSSTREERT GEEN RECHTE PIJL MAKEN ( Gezelle )
alle hout is geen timmerhout.
Gorilla's gaven de mens schaamluizen (Cis-ka)

(hln)
We zijn er voor, door en met elkaar ! https://blog.seniorennet.be/mailgroephuisdieren/ 
Kookboeken voor honden en katten bestsellers in de VS (Cis-ka)


Mopje (Ereli)
Mopje Duitse herder (Little Joe)

HET LOKKENDE LICHT VAN EEN GLIMWORM (Yradja)
